Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 31 mei 2021, nr. 2021-0000136391, houdende vaststelling van regels voor het verstrekken van subsidie aan gebouweigenaren in het aardbevingsgebied in de provincie Groningen ten behoeve van verduurzaming, onderhoud en verbetering van het gebouw (Subsidieregeling verduurzaming, onderhoud en verbetering gebouwen aardbevingsgebied Groningen)

Subsidieregeling verduurzaming, onderhoud en verbetering gebouwen aardbevingsgebied Groningen

Artikel

1

Begripsomschrijvingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • adres: adres als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, van de Wet basisregistratie adressen en gebouwen;

  • batch 1.588: door de Nationaal Coördinator Groningen benoemde batch van 1.588 gebouwen waarvoor versterkingsadviezen zijn opgesteld, als bedoeld in de Regeling van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 17 juni 2019, nr. WJZ/19138916, houdende een specifieke uitkering voor de gemeenten Appingedam, Delfzijl, Midden-Groningen en Groningen in verband met de versterking van de gebouwen in batch 1.588;

  • beoordeling: bouwkundige berekening of een gebouw voldoet aan de veiligheidsnorm, genoemd in artikel 52d, tweede lid, onderdeel a, van de Mijnbouwwet;

  • clustering door gemeenten in het versterkingsprogramma aangewezen gebouwen waarvoor maatwerk wordt toegepast om te voorkomen dat door het hanteren van beoordelingen op basis van nieuwste inzichten moeilijk uitlegbare verschillen binnen straten, dorpen of wijken ontstaan;

  • eigenaar: eigenaar, erfpachter, opstalhouder of beklemde meier van een gebouw;

  • gebouw: bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke overdekte geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;

  • Kaderbesluit: Kaderbesluit BZK-subsidies;

  • lokaal energieproject: project gericht op energiebesparing of opwekking van duurzame energie ten behoeve van het eigen gebouw, dat wordt uitgevoerd in de omgeving van het gebouw;

  • maatwerkadviesrapport: maatwerkadviesrapport als bedoeld in de door de Stichting Kwaliteit voor Installaties Nederland bindend verklaarde Nationale Beoordelingsrichtlijn 9500, deel 02, zoals vastgesteld op 31 augustus 2011, inclusief latere wijzigingen, opgesteld door een persoon die voldoet aan de eisen van vakbekwaamheid van ‘EPA’-adviseur conform bijlage 2 van deze beoordelingsrichtlijn;

  • meldcode: code, beschikbaar gesteld door de minister per type en merk installatie voor de productie van duurzame energie;

  • minister: Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

  • typologie: bij regeling van de Minister van Economische Zaken en Klimaat vastgestelde verzameling gebouwen met dusdanig vergelijkbare constructieve kenmerken dat hun gedrag bij en weerstand tegen aardbevingen zich op een vergelijkbare wijze laat beschrijven;

  • verduurzamingsmaatregel: maatregel als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel c, een maatwerkadviesrapport of deelname aan een lokaal energieproject;

  • versterkingsprogramma: bouwkundig versterkingsprogramma als gevolg van de gaswinning in het Groningenveld.

Artikel

2

Subsidieverstrekking

Artikel

3

De aanvraag

In plaats van de gegevens en bescheiden, bedoeld in artikel 11, derde lid, van het Kaderbesluit, bevat een aanvraag voor subsidie als bedoeld in artikel 2, eerste, tweede of derde lid, ten minste:

  • a.

    het adres van het gebouw ten behoeve waarvan subsidie wordt aangevraagd;

  • b.

    het bankrekeningnummer waarop het subsidiebedrag dient te worden overgemaakt;

  • c.

    een door de aanvrager:

    • 1°.

      opgestelde begroting van voorgenomen maatregelen, die dient te bestaan uit realistische prijsopgaven voor de betreffende maatregelen, gelet op marktprijzen en hetgeen anderszins volgens verkeersopvattingen redelijk is; of

    • 2°.

      ondertekende offerte of een opdrachtbevestiging van de aannemer of leverancier met daarop vermeld de datum van aanvang van de werkzaamheden of, indien van toepassing, de datum van levering van de installatie voorzien van het merk en type, of – indien beschikbaar – de meldcode, van ten hoogste twee maanden oud, respectievelijk een factuur en het daarbij behorende betalingsbewijs;

  • d.

    indien van toepassing, een door de aanvrager aanvaardde offerte of opdrachtbevestiging van een gecertificeerd adviseur met daarop vermeld de datum van oplevering van een maatwerkadviesrapport, respectievelijk een factuur en het daarbij behorende betalingsbewijs;

  • e.

    als subsidie wordt aangevraagd voor reeds getroffen activiteiten, een factuur en het daarbij behorende betalingsbewijs voor die activiteiten;

  • f.

    indien van toepassing, een afschrift van de besluiten tot verstrekking van andere subsidies op grond van deze regeling dan wel van de aanvragen tot verstrekking van deze andere subsidies.

Artikel

4

Subsidiabele kosten bij verduurzaming

De subsidiabele kosten voor een verduurzamingsmaatregel zijn de kosten voor de volgende verduurzamingsmaatregelen in of aan het gebouw en voor zover relevant, met inbegrip van bijgebouwen op het erf van de aanvrager:

  • a.

    een maatwerkadviesrapport;

  • b.

    deelname aan een lokaal energieproject;

  • c.

    het aanschaffen van materiaal en de kosten van de installatie voor zover de installatie wordt uitgevoerd door een onderneming, voor het aanbrengen of installeren van de navolgende energiebesparingsmaatregelen:

    • 1°.

      dakisolatie in de thermische schil of isolatie van de zolder- of vlieringvloer, indien de zolder of vliering onverwarmd is, met een minimale Rd-waarde van 3,5 [m2K/W], of isolatie voor een monument;

    • 2°.

      vloer- of bodemisolatie in de thermische schil met een minimale Rd-waarde van 3,5 [m2K/W], of isolatie voor een monument;

    • 3°.

      gevelisolatie van de binnen- en buitengevel met een minimale Rd-waarde van 3,5 [m2K/W], of isolatie voor een monument;

    • 4°.

      spouwmuurisolatie in de thermische schil met een minimale Rd-waarde van 1,1 [m2K/W], of isolatie voor een monument;

    • 5°.

      HR++ glas met een maximale U-waarde van 1,2 [W/m2K], of triple-glas met een maximale U-waarde van 0,8 [W/m2K] in de thermische schil, of isolerend glas voor een monument;

    • 6°.

      kozijn vereist voor HR++ of triple-glas met een maximale U-waarde van 1,5 [W/m2K], of kozijn vereist voor het isoleren van glas voor een monument;

    • 7°.

      technieken voor warmteterugwinning (wtw), bestaande uit een systeem voor balansventilatie met wtw met een rendement van ten minste 90%, een verticaal systeem om douchewater voor te verwarmen met afvalwater (douchepijp wtw) met een rendement van ten minste 45%, of een systeem om douchewater voor te verwarmen met afvalwater (douchegoot wtw of douchebak wtw) met een rendement van ten minste 45%;

    • 8°.

      isolerende deur in de gevel met een maximale U-waarde van 2,0 [W/m2K];

    • 9°.

      isolerende gevelpanelen met een maximale U-waarde van 0,7 [W/m2K];

    • 10°.

      ruimteverwarmingstoestel of waterverwarmingstoestel met warmtepomp als bedoeld in artikel 4.5.1. juncto artikel 4.5.4. van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies;

    • 11°.

      zonneboiler als bedoeld in artikel 4.5.5. van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies;

    • 12°.

      zonnepanelen;

    • 13°.

      infraroodpanelen;

    • 14°.

      warmte-koudeopslag;

    • 15°.

      lage temperatuurverwarming voor woonkamer en keuken;

    • 16°.

      energiezuinige verwarmingspomp;

    • 17°.

      technieken voor de opwekking van windenergie.

Artikel

5

Subsidiabele kosten voor onderhoud

De subsidiabele kosten voor onderhoud zijn de kosten voor onderhoud in of aan het gebouw en voor zover relevant, met inbegrip van bijgebouwen op het erf van de aanvrager.

Artikel

6

Subsidiabele kosten voor verbetering

De subsidiabele kosten voor verbetering van het gebouw zijn de kosten voor verbeteringen in of aan een gebouw en voor zover relevant, met inbegrip van bijgebouwen op het erf van de aanvrager, die niet tot de inboedel behoren.

Artikel

8

Hoogte van de subsidie

Artikel

10

Afwijzingsgronden

Onverminderd het bepaalde in de artikelen 12 en 13 van het Kaderbesluit, wijst de minister een aanvraag gedeeltelijk af, indien de toe te kennen subsidie samen met andere subsidies die de aanvrager heeft ontvangen of nog zal ontvangen het maximum van 100% van de subsidiabele kosten van de betreffende activiteit overstijgt.

Artikel

11

Subsidieplafonds

Artikel

12

Verplichtingen van de subsidieontvanger

Artikel

13

Vervallen eerdere subsidieregeling

Artikel

14

Horizonbepaling

Deze regeling vervalt met ingang van 1 juni 2026, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op aanvragen om subsidies die voor deze datum zijn ingediend.

Artikel

15

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juni 2021.

Artikel

16

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling verduurzaming, onderhoud en verbetering gebouwen aardbevingsgebied Groningen.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, K.H. Ollongren