Regeling van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 3 oktober 2022, nr. WJZ/ 21320612, houdende regels betreffende subsidie voor in 2022 te houden evenementen bij een evenementenverbod in verband met COVID-19 (Tijdelijke subsidieregeling evenementen 2022)

Tijdelijke subsidieregeling evenementen 2022

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • evenement: projectmatig georganiseerde, één- of meerdaagse fysieke en voor het publiek toegankelijke gebeurtenis, bijgewoond door een verzameling personen, en die plaatsvindt gedurende een periode van ten hoogste 14 dagen, op een andere plaats dan:

    • a.

      in een woning of op een daarbij behorend erf;

    • b.

      in een gebouw of op een plaats als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de Grondwet; of

    • c.

      in een gebouw, of buitenruimte, bestemd voor de presentatie van podiumkunsten op basis van reguliere podiumprogrammering;

  • evenementenverbod: bij ministeriële regeling op grond van artikel 58i van de Wet publieke gezondheid vastgesteld verbod tot het organiseren van evenementen;

  • Kaderbesluit: Kaderbesluit nationale EZK- en LNV-subsidies;

  • Minister: Minister van Economische Zaken en Klimaat;

  • organisator: een in het handelsregister ingeschreven natuurlijke persoon, rechtspersoon of een vennootschap, niet zijnde een publiekrechtelijke rechtspersoon of een bestuursorgaan, die verantwoordelijk is voor het organiseren van een evenement en het financiële risico daarvan draagt;

  • projectkosten: vóór de vaststelling en aankondiging van het evenementenverbod in redelijkheid daadwerkelijk gemaakte en betaalde kosten en aangegane betalingsverplichtingen die verbonden zijn aan het organiseren van het evenement, exclusief vaste lasten van de organisator en licentiekosten, en kosten voor het opstellen van een controleverklaring of verklaring van een deskundige derde als bedoeld in artikel 10, vijfde respectievelijk zesde lid;

  • vaste lasten:

    • a.

      afschrijvingen op vaste activa; en

    • b.

      overige vaste bedrijfskosten, niet zijnde

      • 1°.

        kosten bestaande uit lonen van werknemers, inclusief direct loon en bijzondere beloningen; en

      • 2°.

        ten laste van de werkgever komende sociale premies.

Artikel

2

Reikwijdte

Artikel

3

Subsidieverstrekking

Artikel

4

Subsidieaanvraag

Een aanvraag voor subsidie wordt ingediend:

  • a.

    ten minste drie weken voor de geplande startdatum van het evenement, of

  • b.

    indien deze regeling in werking treedt na, of minder dan 6 weken voor, de geplande startdatum van het evenement: binnen twaalf weken na inwerkingtreding van deze regeling.

Artikel

5

Hoogte subsidie

Artikel

6

Subsidiabele kosten

Artikel

7

Verdeling subsidieplafond

Artikel

8

Afwijzingsgronden

Artikel

9

Subsidievoorwaarden

De subsidie wordt verleend onder de opschortende voorwaarden dat:

  • a.

    indien voor het evenement een evenementenvergunning is vereist: die vergunning voorafgaand aan het tijdstip van vaststelling van het evenementenverbod als gevolg waarvan het evenement moet worden geannuleerd, is verleend of door het voor de vergunningverlening bevoegde gezag schriftelijk het voornemen tot verlening van die vergunning is bevestigd;

  • b.

    indien het evenement gemeld moet worden bij het lokaal bevoegd gezag: deze melding voorafgaand aan het tijdstip van vaststelling van het evenementenverbod als gevolg waarvan het evenement moet worden geannuleerd is bevestigd, of door het lokaal bevoegd gezag schriftelijk is verklaard dat zij geen bezwaar zou hebben gehad tegen de organisatie van het evenement wanneer er geen evenementenverbod was vastgesteld of aangekondigd;

  • c.

    indien sprake is van een terugbetalingsverplichting en de subsidieontvanger onderdeel uitmaakt van een groep, maar niet de hoogste in Nederland gevestigde onderneming binnen die groep is:

    • 1°.

      bij de aanvraag tot subsidievaststelling een borgstellingsovereenkomst, overeenkomstig een door de Minister beschikbaar gesteld middel, wordt overgelegd waarin de hoogste in Nederland gevestigde onderneming binnen de groep zich borg stelt voor het door de subsidieontvanger terug te betalen bedrag; of

    • 2°.

      bij de aanvraag tot subsidievaststelling een verklaring als bedoeld in artikel 403, eerste lid, onderdeel f, van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek wordt overgelegd die tenminste dezelfde mate van zekerheid ten aanzien van de terugbetalingsverplichting biedt als de borgstelling, bedoeld in subonderdeel 1°.

Artikel

10

Verplichtingen van de subsidieontvanger

Artikel

11

Informatieverplichtingen

Artikel

12

Voorschotten

Artikel

13

Subsidievaststelling

Artikel

14

Staatssteun

Artikel

15

Inwerkingtreding

Artikel

16

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke subsidieregeling evenementen 2022.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage
De Minister van Economische Zaken en Klimaat, M.A.M. Adriaansens