Regeling van de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening van 29 september 2022, nr. 2022-0000495213, houdende regels voor de subsidiëring van proefprojecten van ambassadeursnetwerken in het kader van de voorbereiding op de inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Subsidieregeling proefprojecten ANWkb 2022)

Subsidieregeling proefprojecten ANWkb 2022

Hoofdstuk

1

Algemene bepalingen

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • ambassadeursgemeente: gemeente waarmee de minister heeft afgesproken dat daar proefprojecten worden uitgevoerd;

  • ambassadeursnetwerk: netwerk van partijen die proefprojecten uitvoeren, waartoe in ieder geval ambassadeursgemeenten, kwaliteitsborgers en aannemers behoren;

  • Kaderbesluit: Kaderbesluit BZK-subsidies;

  • kwaliteitsborger: kwaliteitsborger als bedoeld in artikel 7aa, onder d, van de Woningwet zoals deze komt te luiden na inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Stb. 2019, 382);

  • minister: Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening;

  • proefproject: bouwproject dat door partijen binnen een ambassadeursnetwerk wordt uitgevoerd op de wijze beschreven bij of krachtens de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Stb. 2019, 382);

  • projectplan: rapport over een proefproject, opgesteld door de bij dat proefproject betrokken partijen, waarin staat wat er gebouwd zal worden, welke partijen hierbij betrokken zijn, en wat de planning is voor de bouw.

Artikel

2

Doel van de regeling

Deze regeling heeft tot doel dat proefprojecten worden gedaan waardoor sprake is van:

  • a.

    leereffecten, bijstelling van voorwaarden en uiteindelijk het beeld dat er geen onoverkomelijke knelpunten meer zijn om de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen in werking te laten treden; en

  • b.

    een inslijtend patroon van samenwerking in het stelsel van kwaliteitsborging voor het bouwen tussen de gemeente en de andere bij de proefprojecten betrokken partijen.

Artikel

3

Staatssteun

Een subsidie als bedoeld in deze paragraaf kan staatssteun bevatten en gerechtvaardigd worden door de de-minimisverordening.

Hoofdstuk

2

De subsidieverlening

Artikel

4

Aanvraag van de subsidie

Artikel

5

Aanvraagperiode en wijze van indienen

Artikel

6

Subsidieplafond en wijze van verdeling

Artikel

7

Hoogte van de subsidie en subsidiabele kosten

Artikel

8

Subsidieverplichtingen

De subsidieontvanger is verplicht:

  • a.

    diens activiteiten zoals beschreven in het projectplan, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onder a, uit te voeren;

  • b.

    deel te nemen aan de periodieke rapportages die binnen het ambassadeursnetwerk worden gedaan; en

  • c.

    de in het kader van de subsidieverlening gevoerde administratie te bewaren tot tien belastingjaren na de datum van de beschikking tot subsidievaststelling.

Artikel

9

Afwijzingsgronden

De minister beslist afwijzend op een aanvraag indiende kwaliteitsborger bij een ander proefproject niet heeft voldaan aan de subsidieverplichtingen uit artikel 8, behalve in het geval bedoeld in artikel 11.

Artikel

11

Intrekking van de subsidie

Wanneer redelijkerwijs niet van de subsidieontvanger gevergd kan worden dat deze voldoet aan diens verplichting in artikel 8, onderdeel a, kan de minister besluiten de verleende subsidie niet of ten dele in te trekken, indien deze al kosten heeft gemaakt voor het proefproject en de voortgang van dat proefproject significant heeft bijdragen aan de doelen, bedoeld in artikel 2.

Hoofdstuk

3

Slotbepalingen

Artikel

12

Horizonbepaling

Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2023, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op subsidies die op grond van deze regeling zijn verleend.

Artikel

13

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 juli 2022.

Artikel

14

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling proefprojecten ANWkb 2022.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, H.M. de Jonge