Beleidsregels van de raad van bestuur van de Kansspelautoriteit inzake vergunningen voor het op afstand organiseren van kansspelen 2022 (Beleidsregels vergunning kansspelen op afstand 2022)

Beleidsregels vergunningverlening kansspelen op afstand 2022

Paragraaf

1

Definities en toepassing

Artikel

1.1

Definities

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

Artikel

1.2

Toepassing

Deze beleidsregels hebben betrekking op het indienen van een aanvraag na 1 mei 2022 voor het op afstand organiseren van kansspelen, op de beoordeling daarvan door de raad van bestuur en op voorschriften die aan de vergunning kunnen worden verbonden.

Paragraaf

2

Algemene bepalingen

Artikel

2.1

Aanvraag

De aanvraag wordt ingediend via het formulier op het speciaal daartoe bestemde gedeelte op de website van de Kansspelautoriteit.

Artikel

2.2

Taal

Paragraaf

3

Integriteitsbeoordeling

Artikel

3.1

Beoordeling

Artikel

3.2

LBB

De raad van bestuur kan in ieder geval advies vragen bij het LBB als:

  • a.

    relevante vragen blijven bestaan over de organisatie-, eigendoms- en zeggenschapsstructuur van de aanvrager of het concern waartoe de aanvrager behoort, ondanks de door de aanvrager verstrekte bescheiden of documenten;

  • b.

    relevante vragen blijven bestaan over de wijze van financiering, ondanks de door de aanvrager verstrekte bescheiden of documenten;

  • c.

    relevante vragen blijven bestaan over een (mogelijk) zakelijk samenwerkingsverband van de aanvrager, ondanks de door de aanvrager verstrekte bescheiden of documenten;

  • d.

    aanwijzingen naar voren zijn gekomen dat mogelijk sprake is van een mindere mate van gevaar of ernstig gevaar, als bedoeld in artikel 3 van de wet Bibob;

  • e.

    de officier van justitie de raad van bestuur heeft geadviseerd als bedoeld in artikel 26 van de Wet Bibob;

  • f.

    er feiten en omstandigheden zijn die erop wijzen of redelijkerwijs doen vermoeden dat ten behoeve van de aanvraag een strafbaar feit is gepleegd.

Artikel

3.3

Betrokken (rechts)personen

Artikel

3.4

Bronnen

Artikel

3.5

Antecedenten

Artikel

3.6

Ernstige antecedenten

Artikel

3.7

Voornemens en handelingen

Bij de integriteitsbeoordeling betrekt de raad van bestuur ook voornemens en handelingen.

Paragraaf

4

Integriteitsbeleid

Artikel

4.1

Integriteitsbeleid

Ten behoeve van de beoordeling of de aanvrager voldoende heeft gewaarborgd dat fraude met en misbruik van kansspelen wordt onderkend en wordt voorkomen en dat leidinggevenden, personen op sleutelposities en personen die bij het organiseren van kansspelen met spelers in aanraking komen betrouwbaar zijn, verstrekt de aanvrager bij zijn aanvraag een kopie van zijn integriteitsbeleid, waaruit in ieder geval blijkt:

  • a.

    dat de inventarisatie, analyse en evaluatie van integriteitsrisico’s voldoen aan de bij of krachtens de wet gestelde voorschriften; en

  • b.

    hoe het integriteitsbeleid intern wordt geïmplementeerd en toegepast.

Artikel

4.2

Beoordeling integriteitsbeleid

Bij de beoordeling van het in artikel 4.1 genoemde integriteitsbeleid betrekt de raad van bestuur in ieder geval de volgende aspecten:

  • a.

    de functies die de aanvrager heeft aangemerkt als integriteitsgevoelig;

  • b.

    de door de aanvrager gehanteerde procedures bij de beoordeling van de functies die hij heeft aangemerkt als integriteitsgevoelig;

  • c.

    de wijze waarop de aanvrager de betrouwbaarheid beoordeelt van de personen die de functies vervullen die de aanvrager heeft aangemerkt als integriteitsgevoelig; en

  • d.

    de maatregelen die de aanvrager treft met het oog op een integere bedrijfsvoering.

Paragraaf

5

Continuïteit

Artikel

5.1

Verklaringen

Artikel

5.2

Bevestiging

Paragraaf

6

Betalingstransacties

Paragraaf

7

Voorziening spelerstegoeden

Artikel

7.1

Voorzieningen

Artikel

7.2

Aantonen bestaan maatregelen

Artikel

7.3

Documentatievereisten aantonen bestaan van de voorziening

Artikel

7.4

Documentatievereisten aantonen opzet van de voorziening

De aanvrager toont de opzet van de door hem te treffen voorziening voor het waarborgen van de tegoeden van spelers aan door bij de aanvraag het volgende over te leggen:

  • a.

    een beschrijving van de maatregelen die hij zal gaan treffen voor het waarborgen van de tegoeden van spelers, welke gepaard gaat met eventueel reeds aanwezige documenten die het gestelde onderbouwen; en

  • b.

    het ingevulde ‘Formulier Spelerstegoeden’ dat daartoe ter beschikking is gesteld op www.kansspelautoriteit.nl/formulier-spelerstegoeden.

Artikel

7.5

Bankgarantie

Ten behoeve van de beoordeling of een verzekering in de vorm van een in artikel 7.1, eerste lid, onderdeel a, bedoelde bankgarantie voldoende waarborgen biedt dat de tegoeden van de spelers voldoende zijn verzekerd, verstrekt de aanvrager in ieder geval:

  • a.

    een digitaal exemplaar van de volledige en ondertekende overeenkomst tussen de aanvrager en de bank die de bankgarantie verleent, waaruit in ieder geval blijkt:

    • i.

      voor welk doel de bankgarantie is verleend;

    • ii.

      wie de begunstigde van de bankgarantie is;

    • iii.

      welke partijen betrokken zijn bij de bankgarantie;

    • iv.

      welke partijen zekerheden verlenen;

    • v.

      onder welke voorwaarden de bankgarantie is verleend;

    • vi.

      welke looptijd de bankgarantie heeft; en

    • vii.

      voor welk bedrag, uitgedrukt in euro’s, de bankgarantie wordt afgesloten.

  • b.

    een document waaruit blijkt dat de bankgarantie is afgegeven door een financiële onderneming die ingevolge de Wet op het financieel toezicht in Nederland het bedrijf van bank mag uitoefenen en die in ieder geval is geverifieerd aan de hand van gegevens uit de openbare registers van De Nederlandsche Bank.

Artikel

7.6

Nederlandse stichting derdengelden

Ten behoeve van de beoordeling of gebruikmaking van een in artikel 7.1, eerste lid, onderdeel b, genoemde Nederlandse stichting derdengelden voldoende waarborgen biedt dat de tegoeden van de spelers voldoende zijn afgescheiden van ander vermogen, verstrekt de aanvrager in ieder geval:

  • a.

    de oprichtingsakte of de statuten van de stichting, waaruit blijkt dat de stichting tot doel heeft de afscheiding en het beheer van spelerstegoeden van een of meerdere vergunninghouders;

  • b.

    een uittreksel uit het handelsregister van de stichting, niet ouder dan zestig dagen voorafgaand aan de dag waarop de aanvraag is ingediend;

  • c.

    een volledige en ondertekende overeenkomst tussen de aanvrager en de stichting, waaruit volgt dat de stichting voldoet aan de in het eerste lid en onderdeel b, c en d, van het vierde lid, van artikel 3.19 van de Regeling kansspelen op afstand opgenomen vereisten;

  • d.

    uit de overeenkomst blijkt tevens hoe de uitkering van tegoeden aan spelers door de stichting is gewaarborgd in het geval van financiële problemen bij de aanvrager, waaronder in ieder geval van faillissement of liquidatie van de aanvrager en na verlening van surseance van betaling aan de aanvrager; en

  • e.

    verklaringen omtrent het gedrag of buitenlandse equivalenten daarvan, van de bestuurders van de stichting en de leden van de raad van toezicht van de stichting, waaruit blijkt dat de aanvrager zich heeft vergewist van de betrouwbaarheid van de bestuurders van de stichting en de leden van de raad van toezicht van de stichting.

Artikel

7.7

Derdengeldenrekening

Ten behoeve van de beoordeling of gebruikmaking van een in artikel 7.1, eerste lid, onderdeel c, genoemde derdengeldenrekening voldoende waarborgen biedt dat de tegoeden van de spelers voldoende zijn afgescheiden van ander vermogen, verstrekt de aanvrager:

  • a.

    een volledige en ondertekende overeenkomst tussen de aanvrager en de derde bij wie de rekening wordt aangehouden, waaruit in ieder geval volgt:

    • i.

      wie de rekeninghouder is en op wiens naam de rekening gesteld is;

    • ii.

      wie de derdengeldenrekening beheert;

    • iii.

      dat de rekening enkel bestemd is om de spelerstegoeden te beheren die de aanvrager aan de derde heeft toevertrouwd;

    • iv.

      dat de spelerstegoeden door de derde bij wie de rekening wordt aangehouden enkel kunnen worden gebruikt voor het verrichten van betalingstransacties overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens de wet;

    • v.

      dat de derde die de spelerstegoeden namens de aanvrager beheert de bij of krachtens de wet gestelde voorschriften naleeft en de werkzaamheden zodanig uitvoert dat het toezicht op de naleving van de wet en de gestelde voorschriften niet wordt belemmerd;

    • vi.

      de derde de speler van wie het tegoed wordt beheerd onverwijld de bedragen betaalt die die speler toekomt nadat het verzoek daartoe door of namens die speler is gedaan;

    • vii.

      dat de aanvrager jegens de derde uitsluitend aanspraak maakt op betaling van gelden die namens hem worden beheerd;

    • viii.

      welke maatregelen de derde neemt om onrechtmatige transacties met de tegoeden van de spelers tegen te gaan;

    • ix.

      een overzicht waaruit blijkt welke functionaris of functionarissen bevoegd is of zijn om de derdengeldenrekening te muteren en in te zien;

    • x.

      hoe wordt gewaarborgd dat duidelijk is welke speler recht heeft op welk bedrag;

    • xi.

      hoe spelers geïnformeerd worden over de manier waarop hun tegoeden zijn gewaarborgd en worden uitgekeerd ingeval van financiële problemen van de aanvrager; en

    • xii.

      welke maatregelen zijn genomen om de tegoeden van de spelers uit keren of te doen uitkeren aan de rechthebbende spelers in het geval de samenwerking tussen de aanvrager en de beheerder van die tegoeden van de spelers wordt beëindigd.

  • b.

    een document waaruit blijkt dat de derdengeldenrekening is geopend bij een financiële onderneming die ingevolge de Wet op het financieel toezicht in Nederland het bedrijf van bank mag uitoefenen en die in ieder geval is geverifieerd aan de hand van gegevens uit de openbare registers van De Nederlandsche Bank.

Artikel

7.8

Overige voorzieningen

Ten behoeve van de beoordeling of een voorziening als bedoeld in artikel 7.1, tweede lid, voldoende waarborgen biedt dat de tegoeden van de spelers voldoende zijn afgescheiden van ander vermogen, verstrekt de aanvrager:

  • a.

    een beschrijving van de door hem getroffen maatregelen, die gepaard gaat met documenten die het gestelde onderbouwen; uit de beschrijving blijkt in ieder geval:

    • i.

      hoe de tegoeden van de spelers worden verzekerd of worden afgescheiden van het andere vermogen;

    • ii.

      wie de beheerder is, dat wil zeggen: door wie de tegoeden van de spelers namens de aanvrager worden beheerd;

    • iii.

      namens wie de tegoeden van de speler worden beheerd;

    • iv.

      dat de beheerder de spelerstegoeden enkel kan gebruiken voor het verrichten van betalingstransacties overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens de wet;

    • v.

      dat de beheerder zijn werkzaamheden onafhankelijk van de aanvrager en niet onder diens verantwoordelijkheid verricht;

    • vi.

      dat de beheerder de bij of krachtens de wet gestelde voorschriften naleeft en zijn werkzaamheden zodanig uitvoert dat het toezicht op de naleving van de wet en de gestelde voorschriften niet wordt belemmerd;

    • vii.

      de beheerder de speler van wie het tegoed wordt beheerd, onverwijld de bedragen betaalt die die speler toekomen nadat het verzoek daartoe door of namens die speler is gedaan;

    • viii.

      dat de beheerder de spelerstegoeden enkel aanwendt voor het verrichten van betalingstransacties overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens de wet;

    • ix.

      dat de aanvrager jegens de beheerder uitsluitend aanspraak maakt op betaling van gelden die namens hem worden beheerd;

    • x.

      welke maatregelen de beheerder neemt om onrechtmatige transacties met de tegoeden van de spelers tegen te gaan;

    • xi.

      dat het door de derde voor de aanvrager verzekerde bedrag of aangehouden saldo voldoende is om de tegoeden van de spelers volledig te dekken;

    • xii.

      welke maatregelen zijn genomen om de tegoeden van de spelers uit keren of te doen uitkeren aan de rechthebbende spelers in het geval de samenwerking tussen de aanvrager en de beheerder van die tegoeden van de spelers wordt beëindigd; en

  • b.

    indien de verzekering of afscheiding van de spelerstegoeden plaatsvindt via een financiële onderneming, een document waaruit blijkt dat die financiële onderneming ingevolge de Wet op het financieel toezicht in Nederland het bedrijf van bank mag uitoefenen en die in ieder geval is geverifieerd aan de hand van gegevens uit de openbare registers van De Nederlandsche Bank; en

  • c.

    een toelichting waarin de aanvrager motiveert waarom de door hem gekozen voorziening minimaal dezelfde juridische waarborgen biedt als de in de artikelen 7.5 tot en met 7.7 beschreven voorzieningen. Indien de aanvrager gebruik maakt van een voorziening waarop wettelijke voorschriften van een andere jurisdictie dan Nederland van toepassing zijn, bevat de toelichting mede een beschrijving van de relevante wettelijke voorschriften van de betreffende jurisdictie met betrekking tot die voorziening.

Paragraaf

8

Financiële zekerheidstelling

Artikel

8.1

Financiële zekerheid

Paragraaf

9

Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme

Artikel

9.1

Antiwitwasbeleid

Artikel

9.2

Cliëntenonderzoek

Paragraaf

10

Sanctiewet 1977

Artikel

10.1

Verklaring

Ten behoeve van de beoordeling of voldoende is gewaarborgd dat de kansspelen op afstand overeenkomstig de bij of krachtens de Sanctiewet 1977 gestelde voorschriften zullen worden georganiseerd en dat het toezicht op naleving en de handhaving van de Sanctiewet 1977 doelmatig en doeltreffend kan worden uitgeoefend, als bedoeld in artikel 31c, eerste lid, van de wet, verklaart de aanvrager bij zijn aanvraag in ieder geval dat hij de kansspelen op afstand overeenkomstig de bij of krachtens de Sanctiewet 1977 gestelde voorschriften organiseert.

Paragraaf

11

Uitbestedingen

Artikel

11.1

Uitbesteding

Artikel

11.2

Beoordeling uitbestedingsbeleid

Paragraaf

12

Cruks

Artikel

12.1

Aansluiting CRUKS

Paragraaf

13

Ontheffing vestigingsvereiste

Paragraaf

14

Intern toezicht

Artikel

14.1

Stelsel van intern toezicht

Ten behoeve van de beoordeling of de aanvrager zorg draagt voor een stelsel van intern toezicht, als bedoeld in artikel 3.6 van het Besluit kansspelen op afstand, verstrekt hij een overzicht hoe het stelsel van intern toezicht is ingericht en welke functionarissen dit toezicht uitoefenen, dan wel een plan hoe hij voornemens is het stelsel van intern toezicht in te richten en welke functionarissen dit toezicht gaan uitoefenen, zodra de vergunning is verleend.

Paragraaf

15

Controledatabank

Artikel

15.1

Beoordeling van de controledatabank

Artikel

15.2

Testprogramma

Paragraaf

16

Spelsysteem

Artikel

16.1

Keuring

Paragraaf

17

Reclamebeleid

Artikel

17.1

Reclamebeleid

Ten behoeve van de beoordeling of de aanvrager voldoende heeft gewaarborgd dat zijn wervings- en reclameactiviteiten voldoen aan de bij of krachtens de wet gestelde voorschriften en of de aanvrager voldoende maatregelen heeft getroffen om de naleving daarvan te verankeren in systemen, procedures en afspraken, zowel intern als extern, verstrekt de aanvrager bij zijn aanvraag een kopie van zijn reclamebeleid, waaruit in ieder geval blijkt:

  • a.

    dat voldoende is gewaarborgd dat de wervings- en reclameactiviteiten zullen voldoen aan de bij of krachtens de wet gestelde voorschriften; en

  • b.

    hoe het reclamebeleid wordt geïmplementeerd en toegepast.

Artikel

17.2

Zorgvuldige en evenwichtige vormgeving

Bij de beoordeling van het in artikel 17.1 genoemde reclamebeleid betrekt de raad van bestuur in ieder geval de volgende aspecten:

Artikel

17.3

Kwetsbare groepen van personen

Bij de beoordeling van het in artikel 17.1 genoemde reclamebeleid betrekt de raad van bestuur in ieder geval hoe wordt gewaarborgd dat:

  • a.

    de wervings- en reclameactiviteiten niet gericht zijn op minderjarigen; en

  • b.

    de wervings- en reclameactiviteiten niet gericht zijn op jongvolwassenen tussen de 18 en 24 jaar; en

  • c.

    de wervings- en reclameactiviteiten niet gericht zijn op personen die kenmerken van risicovol spelgedrag vertonen; en

  • d.

    de wervings- en reclameactiviteiten van de aanvrager niet gericht zijn op personen die zich hebben uitgesloten van deelname aan de door hem georganiseerde kansspelen.

Artikel

17.4

Interne implementatie en toepassing

Bij de beoordeling van de implementatie en toepassing van het reclamebeleid, als bedoeld in artikel 17.1, onderdeel b, betrekt de raad van bestuur in ieder geval de volgende aspecten:

  • a.

    hoe de implementatie en effectieve toepassing van het reclamebeleid binnen de organisatie van de aanvrager is gewaarborgd;

  • b.

    welke functionaris binnen de organisatie van de aanvrager verantwoordelijk is voor het implementeren, evalueren en actualiseren van het reclamebeleid en of daarmee deze functie gedegen is ingericht en ingebed in de organisatie;

  • c.

    welke functionaris binnen de organisatie van de aanvrager verantwoordelijk is voor reclamecampagnes en of daarmee deze functie gedegen is ingericht en ingebed in de organisatie;

  • d.

    hoe de aanvrager in samenwerking met derden bij wervings- en reclameactiviteiten waarborgt dat de wettelijke verplichtingen worden nageleefd; en

  • e.

    hoe het reclamebeleid past binnen het algemene compliancebeleid van de aanvrager.

Paragraaf

18

Verslavingspreventie

Artikel

18.1

Verslavingspreventiebeleid en andere documenten

Ten behoeve van de beoordeling of de aanvrager voldoende heeft geborgd dat de bij of krachtens de wet gestelde eisen met betrekking tot verslavingspreventie worden nageleefd, verstrekt de aanvrager bij zijn aanvraag in ieder geval:

Paragraaf

19

Aanvullende voorschriften

Artikel

19.1

Voorschriften

De raad van bestuur verbindt in ieder geval de volgende voorschriften aan de vergunning:

  • a.

    De vergunninghouder meldt, voordat hij start met het aanbieden van kansspelen, en daarna bij elke wijziging, bij de Kansspelautoriteit alle merknamen, domeinnamen en applicatienamen die hij gebruikt bij het aanbieden van kansspelen onder deze vergunning. De melding gebeurt volgens de bij beleidsregels [...] voorgeschreven wijze;

  • b.

    Onverlet het bepaalde in artikel 4a tweede lid, van de Wet op de kansspelen maakt de vergunninghouder bij wervings- en reclameactiviteiten voor kansspelen in ieder geval geen gebruik van persoonsgegevens waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat ze zijn verkregen in het kader van deelname van die personen aan een kansspel waarvoor de raad van bestuur geen vergunning heeft verleend als bedoeld in deze wet; en

  • c.

    Bij de inschrijving als bedoeld in artikel 4.11 van het Besluit kansspelen op afstand, maakt de vergunninghouder geen gebruik van gegevens met betrekking tot spelers, waarover hij reeds beschikte voordat hem een vergunning is verleend op grond van de Wet op de kansspelen. Bij deze inschrijving maakt de vergunninghouder evenmin gebruik van gegevens met betrekking tot spelers, waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat deze zijn verworven door een andere aanbieder van kansspelen die ten tijde van die verwerving niet beschikte over een vergunning die is verleend op grond van de Wet op de kansspelen.

Paragraaf

20

Slotbepalingen

Artikel

20.1

Inwerkingtreding

Deze beleidsregels worden met de toelichting gepubliceerd in de Staatscourant en treden in werking op 1 december 2022.

Artikel

20.3

Citeertitel

Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels vergunningverlening kansspelen op afstand 2022.

Den Haag
De raad van bestuur van de Kansspelautoriteit, R.J.P. Jansen Voorzitter