Regeling van de Minister voor Klimaat en energie van 14 november 2023, nr. WJZ/ 38873651, tot vaststelling van een tijdelijke subsidieregeling voor hernieuwbare warmteprojecten ter tegemoetkoming van gestegen energieprijzen als gevolg van de oorlog in Oekraïne (Tijdelijke subsidieregeling hernieuwbare warmteprojecten)

Tijdelijke subsidieregeling hernieuwbare warmteprojecten

De Minister voor Klimaat en Energie,

Besluit:

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • aantal geproduceerde megawattuur hernieuwbare warmte: het aantal megawattuur waarvoor garanties van oorsprong zijn verstrekt die aantonen dat de onderneming met zijn productie-installatie voor hernieuwbare warmte een hoeveelheid hernieuwbare warmte heeft geproduceerd;

  • actief in de primaire landbouwproductie: indien meer dan 50% van de omzet of productiewaarde van de onderneming of groep wordt gegenereerd uit de primaire productie van landbouwproducten;

  • algemene de-minimisverordening: verordening (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU 2013, L 352);

  • biomassa: vaste biomassa als bedoeld in de NTA 8003:2017, met uitzondering van biomassa als bedoeld in de nummers 100, 150, 170 tot en met 179;

  • de-minimisverordening voor de landbouwsector: verordening (EU) nr. 1408/2013 van de commissie van 18 december 2013 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun in de landbouwsector (PbEU 2013, L 352);

  • doublet: combinatie van naast elkaar liggende diepboringen die ten minste bestaat uit één productieput en één injectieput;

  • ean-code: uniek 18-cijferig nummer dat dient om een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit, hernieuwbare warmte of hernieuwbaar gas of een aansluiting van een productie-installatie of een productie-eenheid op het net te identificeren;

  • garantie van oorsprong: een garantie van oorsprong voor thermische energie uit hernieuwbare bronnen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Warmtewet of een garantie van oorsprong voor warmte uit hernieuwbare energiebronnen;

  • geothermie: een productie-installatie, bestaande uit één of meer doubletten, waarmee hernieuwbare warmte wordt geproduceerd uitsluitend door middel van één of meer geothermische bronnen met een diepte van minimaal 500 meter;

  • groep: twee of meer in Nederland gevestigde ondernemingen die met elkaar verbonden zijn doordat zij een van de banden met elkaar onderhouden als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de algemene de-minimisverordening;

  • hernieuwbare warmte: warmte die blijkens een garantie van oorsprong is opgewekt in een productie-installatie die gebruik maakt van zonthermie, geothermie of biomassa;

  • ketel: installatie waarin brandstof wordt verstookt waarbij de verbrandingswarmte met een warmtewisselaar wordt overgedragen aan een vloeistof;

  • landbouwproduct: product als bedoeld in bijlage I bij het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, met uitzondering van een visserijproduct of een aquacultuurproduct vermeld in bijlage I bij Verordening (EU) nr. 1379/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 houdende een gemeenschappelijke marktordening voor visserijproducten en aquacultuurproducten, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1184/2006 en (EG) nr. 1224/2009 van de Raad en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 104/2000 van de Raad (PbEU 2013, L 354);

  • landbouwvrijstellingsverordening: verordening (EU) nr. 702/2014 van de commissie van 25 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun in de landbouw- en de bosbouwsector en in plattelandsgebieden op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard (PbEU 2014, L 193);

  • minister: de Minister voor Klimaat en Energie;

  • nominaal thermisch vermogen: maximale vermogen van een productie-installatie dat onder nominale condities benut kan worden voor de productie van hernieuwbare warmte;

  • nominaal elektrisch vermogen: maximale vermogen van een productie-installatie dat onder nominale condities benut kan worden voor de productie van elektriciteit;

  • NTA 8003:2017: Nederlandse Technische Afspraak 8003, Classificatie van biomassa voor energietoepassing, uitgegeven door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut, zoals deze luidde op 30 november 2017;

  • onderneming: iedere eenheid, ongeacht haar rechtsvorm of wijze van financiering, die een economische activiteit uitoefent;

  • productie-installatie: een samenstel van voorzieningen waarmee overwegend hernieuwbare warmte wordt geproduceerd, en het nominaal elektrisch vermogen niet groter is dan 5 megawatt, waarbij onder een samenstel van voorzieningen wordt verstaan alle aanwezige middelen die onderling met elkaar zijn verbonden voor de productie van hernieuwbare warmte;

  • tijdelijk crisiskader: mededeling van de Europese Commissie van 17 maart 2023 betreffende het Tijdelijk crisis- en transitiekader voor staatssteunmaatregelen ter ondersteuning van de economie na de Russische agressie tegen Oekraïne (PbEU 2023, C 101/03);

  • zonthermie: de productie van hernieuwbare warmte uit zonne-energie, waarbij uitsluitend gebruik wordt gemaakt van afgedekte collectoren voorzien van een transparante isolerende laag en met een totale apertuuroppervlakte groter dan of gelijk aan 200 m².

Artikel

2

Subsidieverstrekking

Artikel

3

Hoogte subsidie

Artikel

4

Subsidieaanvraag

Artikel

5

Subsidieplafond

Artikel

6

Beslissing op de aanvraag

Artikel

7

Afwijzingsgronden

De minister beslist afwijzend op een aanvraag, voor zover:

  • a.

    de aanvraag niet voldoet aan de bij deze regeling gestelde regels;

  • b.

    de totale door de onderneming, of de groep, ontvangen steun die wordt gerechtvaardigd door paragraaf 2.1 van het tijdelijk crisiskader, na toepassing van deze regeling, en waarbij uit wordt gegaan van brutobedragen, meer bedraagt dan:

    • 1°.

      € 2.000.000; of

    • 2°.

      € 250.000, indien de indien de onderneming actief is in de primaire productie van landbouwproducten als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de de-minimisverordening voor de landbouwsector;

  • c.

    in de subsidieaanvraag niet alle in een groep verbonden ondernemingen worden vermeld;

  • d.

    indien de onderneming tot de sector kredietinstellingen en financiële instellingen behoort;

  • e.

    de subsidie is bestemd voor:

    • 1°.

      Een onderneming tegen wie een bevel tot terugvordering uitstaat als bedoeld in het toepasselijke Europese steunkader;

    • 2°.

      Een onderneming in moeilijkheden als bedoeld in het toepasselijke Europese steunkader, tenzij het op grond van het toepasselijke Europese steunkader is toegestaan aan een onderneming in moeilijkheden subsidie te verlenen.

Artikel

8

Informatieverplichtingen

Artikel

9

Verplichtingen van de subsidieontvanger

Artikel

10

Voorschot

Na verlening van de subsidie wordt binnen vier weken een eenmalig voorschot verstrekt van 60% van de maximale hoogte van de subsidie.

Artikel

11

Aanvraag subsidievaststelling

Artikel

12

Cumulatie

Indien reeds subsidie is verstrekt voor dezelfde subsidiabele kosten of een deel daarvan, wordt slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt dat het totale bedrag aan subsidies niet meer bedraagt dan het bedrag dat op grond van deze regeling kan worden verstrekt noch meer bedraagt dan toegestaan volgens de toepasselijke Europese steunkaders.

Artikel

13

Staatssteun

Artikel

14

Inwerkingtreding en vervaldatum

Artikel

15

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke subsidieregeling hernieuwbare warmteprojecten.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage
De Minister voor Klimaat en Energie, R.A.A. Jetten