Regeling van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, van 16 november 2023, nr. IENW/BSK-2023/60021, houdende regels voor toekenning van specifieke uitkeringen in verband met specifieke afspraken voor slim, veilig, doelmatig en duurzaam gebruik van infrastructuur (Tijdelijke stimuleringsregeling slim, veilig, doelmatig en duurzaam gebruik van mobiliteitsinfrastructuur 2023–2027)

Tijdelijke stimuleringsregeling slim, veilig, doelmatig en duurzaam gebruik van mobiliteitsinfrastructuur 2023–2027

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • afsprakenlijst: lijst van afspraken, gemaakt in een Bestuurlijk Overleg, dat heeft plaatsgevonden in de jaren 2022 tot en met 2027 over de financiering van maatregelen of maatregelenpakketten met betrekking tot activiteiten als bedoeld in artikel 3, eerste lid, die door de Minister is aangeboden aan de Tweede Kamer;

  • Bestuurlijk Overleg: Bestuurlijk Overleg MIRT of Bestuurlijk Overleg Leefomgeving;

  • Bestuurlijk Overleg MIRT: Bestuurlijk Overleg MIRT Noord-Nederland, Bestuurlijk Overleg MIRT Oost-Nederland, Bestuurlijk Overleg MIRT Zuid-Nederland, Bestuurlijk Overleg MIRT Zuidwest-Nederland, Bestuurlijk Overleg MIRT Noordwest-Nederland of Bestuurlijk Overleg goederenvervoercorridors;

  • Bestuurlijk overleg Leefomgeving: Bestuurlijk Overleg Leefomgeving Noord-Nederland, Bestuurlijk Overleg Leefomgeving Oost-Nederland, Bestuurlijk Overleg Leefomgeving Zuid-Nederland, Bestuurlijk Overleg Leefomgeving Zuidwest-Nederland of Bestuurlijk Overleg Leefomgeving Noordwest-Nederland;

  • minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat;

  • MIRT: Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport;

  • specifieke uitkering: uitkering als bedoeld in artikel 3.

Artikel

2

Doel van de regeling

Deze regeling heeft tot doel het stimuleren van het nemen van maatregelen die slimmer, veiliger, doelmatiger en duurzamer gebruik van mobiliteitsinfrastructuur beogen te bevorderen.

Artikel

3

Activiteiten waarvoor een specifieke uitkering kan worden verstrekt

Artikel

4

Kosten die in aanmerking komen voor een specifieke uitkering

Artikel

5

Kosten die niet in aanmerking komen voor een specifieke uitkering

Voor een specifieke uitkering komen niet in aanmerking:

  • a.

    omzetbelasting die in aftrek kan worden gebracht of in aanmerking komt voor compensatie op grond van de Wet op het BTW-compensatiefonds;

  • b.

    kosten van een maatregel of maatregelenpakket waarvoor reeds eerder op basis van deze regeling een bijdrage vanuit het Rijk is verstrekt of kosten waarvoor langs een andere weg een bijdrage vanuit het Rijk is of wordt verstrekt;

  • c.

    kosten die zijn gemaakt vóór een Bestuurlijk Overleg tijdens welke de betreffende afspraak is gemaakt, tenzij in het Bestuurlijk Overleg is afgesproken dat deze kosten wel in aanmerking voor een specifieke uitkering komen.

Artikel

6

Uitkeringsplafond en wijze van verdelen

Artikel

7

Hoogte specifieke uitkering

Artikel

9

Aanvraag tot verlening specifieke uitkering

Artikel

10

Afwijzingsgronden

De minister beslist afwijzend op een aanvraag tot verlening van een specifieke uitkering indien:

  • a.

    de aanvraag niet voldoet aan deze regeling;

  • b.

    de activiteiten onvoldoende bijdragen aan het doel van deze regeling;

  • c.

    onvoldoende zekerheid bestaat over de cofinanciering zoals opgenomen in de betreffende afsprakenlijst;

  • d.

    het bedrag waarvoor de specifieke uitkering wordt aangevraagd niet aannemelijk of redelijk is.

Artikel

11

Verlening specifieke uitkering

Artikel

12

Voorschotverlening

Artikel

13

Verplichtingen ontvanger

Artikel

15

Vaststelling specifieke uitkering

De minister stelt de specifieke uitkering vast uiterlijk op 31 december van het jaar waarin de activiteiten waarvoor de uitkering is verleend, volledig zijn uitgevoerd, de laatste verantwoording, bedoeld in artikel 14, heeft plaatsgevonden en volledig is voldaan aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 13.

Artikel

16

Terugvordering

De minister kan onverschuldigd betaalde uitkeringsbedragen of voorschotten terugvorderen voor zover na de dag waarop de beschikking waarin de uitkering is vastgesteld is bekendgemaakt nog geen vijf jaren zijn verstreken.

Artikel

17

Evaluatie

De minister publiceert voor 31 december 2028 een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van de specifieke uitkering in de praktijk.

Artikel

18

Inwerkingtreding en vervaldatum

Artikel

19

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke stimuleringsregeling slim, veilig, doelmatig en duurzaam gebruik van mobiliteitsinfrastructuur 2023–2027.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, M.G.J. Harbers