Artikel
1
Begrippen
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
-
Arbeidsmarktrelevant: De scholing draagt bij aan de invulling van de vraag naar arbeidskrachten op de arbeidsmarkt in loondienst of voorziet in het verwerven van een inkomen als zelfstandig ondernemer.
-
Bemiddelingsberoep of functie: het kansrijke beroep of functie waarnaar de uitkeringsgerechtigde bemiddeld wordt en dat past bij de vaardigheden en kwaliteiten van de uitkeringsgerechtigde.
-
CREBO: Centraal register Beroepsopleidingen; in dit register staan de door Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) erkende Mbo-opleidingen.
-
Certificaat of Diploma: Een bewijs waaruit blijkt dat de scholing:
-
–
Of is erkend door de Minister van OCW (CREBO, CROHO), afgegeven door een organisatie dat door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap erkend onderwijs verzorgt dan wel verband houdt met onderdelen van een door de Minister van OCW vastgesteld kwalificatiedossier, vastgestelde kwalificatie of een door de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie geaccrediteerde opleiding;
-
–
Of is afgegeven door het Nationaal Coördinatiepunt NLQF betreffende een ingeschaalde kwalificatie, die is opgenomen in het NLQF-register;
-
–
Of is afgegeven door een opleidingsinstituut, een trainingsbureau of een examenaanbieder die is opgenomen in het CRKBO-register of een vergelijkbaar keurmerk;
-
–
Of is erkend door een landelijke branchesector, dan wel verband houdt met branchestandaarden of branchekwalificaties die worden gebruikt binnen sectoren en branches om de eisen die aan vakbekwame medewerkers worden gesteld aan te geven.
Uit dit bewijs blijkt dat een persoon met goed gevolg heeft deelgenomen aan de scholing.
-
–
-
CROHO: Centraal register opleidingen Hoger Onderwijs; in dit register staan de door Minister van OCW erkende Hbo- en universitaire opleidingen.
-
Dienstbetrekking: Een arbeidsverhouding waarbij sprake is van een arbeidsovereenkomst in de zin van artikel 7:610 Burgerlijk Wetboek of die op grond van artikel 4 of 5 ZW/WW voor de verzekering voor de werknemersverzekeringen daarmee wordt gelijkgesteld.
-
Docent: een persoon die verantwoordelijk is voor het overdragen van kennis en (praktische) vaardigheden. Deze persoon voldoet aan de kwalificaties om als zodanig op te treden.
-
Hbo-instelling: een instelling dat Hoger beroepsonderwijs verzorgt.
-
Kansrijk beroep of functie: Een beroep of functie waarvan UWV heeft geoordeeld dat er voldoende tot goede kansen op werk zijn in het betreffende beroep/functie.
-
Mbo-instelling: een instelling dat Middelbaar beroepsonderwijs verzorgt.
-
Meerjarige scholing:
-
–
een scholing die een nominale studieduur van meer dan 12 maanden kent, én
-
–
waarbij er sprake is van verschillende – afzonderlijke – opleidingsjaren. Eerst dient een opleidingsjaar succesvol doorlopen te worden om in een volgende opleidingsjaar te kunnen instromen.
-
–
-
Nationaal Coördinatiepunt NLQF: de organisatie die zorgt voor invoering van het Nederlands Kwalificatieraamwerk NLQF. Het NLQF beschrijft de acht niveaus van kwalificaties (basis tot universitair); de daarbij behorende kennis, vaardigheden, de mate van verantwoordelijkheid en zelfstandigheid. Dit kwalificatieraamwerk biedt inzicht over het niveau van het behaalde diploma.
-
Relevante wetgeving: WAO: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
WAZ: Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen
Wajong: Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten
Wet WIA: Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen
Wet Suwi: Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen
WW: Werkloosheidswet
IOW: Wet inkomensvoorziening oudere werklozen
ZW: Ziektewet
-
Praktijkleren in het Mbo met een praktijkverklaring: een specifieke type scholing waarbij de uitkeringsgerechtigde (veelal eenvoudige) vaardigheden op de werkvloer krijgt aangeleerd door een docent of begeleider in de praktijk. Het praktijkleren in het Mbo wordt afgerond met een praktijkverklaring.
-
Praktijkverklaring: Een door een Mbo-school afgegeven verklaring waaruit blijkt dat de uitkeringsgerechtigde (veelal eenvoudige) werkzaamheden op de werkvloer heeft aangeleerd.
-
Scholing: Het systematisch verwerven van arbeidsmarktrelevante kennis en/of vaardigheden voor de uitoefening, het behoud of het verkrijgen van een taak, functie of beroep in dienstbetrekking dan wel als zelfstandig ondernemer waarbij het verwerven van de kennis en/of vaardigheden plaats vindt onder begeleiding van daartoe aangestelde docenten volgens een vooraf vastgesteld programma en de opgedane kennis en/of vaardigheden worden getoetst. De scholing leidt tot een certificaat, diploma of praktijkverklaring.
-
Schoolbaar: De uitkeringsgerechtigde is gemotiveerd en in staat om de beoogde scholing met goed gevolg af te ronden. De scholing – en de functie of het beroep waar de scholing voor opleidt in dienstbetrekking dan wel als zelfstandig ondernemer – sluit aan bij de cognitieve vaardigheden, de belastbaarheid en de persoonlijke omstandigheden van de uitkeringsgerechtigde.
-
Uitkeringsgerechtigde: Een persoon met recht op een (gedeeltelijke) uitkering op grond van de WAO, WAZ, Wajong, Wet WIA, WW, IOW en/of ZW én voor wie UWV re-integratieverantwoordelijke is.
-
UWV: Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, bedoeld in artikel 2 van de Wet Structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.
-
Werkverkenner: Een door UWV gehanteerd instrument dat een indicatie geeft omtrent de kans op werkhervatting van een uitkeringsgerechtigde.
-
Zelfstandig ondernemer: Een natuurlijk persoon die voor eigen rekening en risico deelneemt aan het economisch verkeer.