Artikel
1
Begripsbepalingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
-
bevoegd gezag: bevoegd gezag als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 1 van de Wet op de expertisecentra of artikel 1.1 van de Wet voortgezet onderwijs 2020;
-
coalitie: coalitie als bedoeld in artikel 4;
-
digitaal afstandsonderwijs: vorm van onderwijs waarbij de leerling niet fysiek naar school gaat, maar het onderwijs via digitale wijze op afstand volgt;
-
digitale schoolvoorziening: voorziening binnen een school die erop is gericht thuiszittende jeugdigen een passend onderwijstraject met digitaal afstandsonderwijs te bieden;
-
minister: Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs;
-
penvoerder: bevoegd gezag van een school in een coalitie, dat voor de coalitie als penvoerder optreedt bij de aanvraag en verantwoording van subsidie op grond van deze regeling;
-
leerlingen in het primair onderwijs: leerlingen op vestigingen van de scholen binnen het samenwerkingsverband, bedoeld in artikel 18a, tweede of vijftiende lid, van de Wet op het primair onderwijs;
-
samenwerkingsverband: samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 18a, tweede of vijftiende lid, van de Wet op het primair onderwijs of artikel 2.47, tweede of achttiende lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020;
-
school: school als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 1 van de Wet op de expertisecentra of artikel 1.1 van de Wet voortgezet onderwijs 2020;
-
thuiszittende jeugdige: jeugdige in de leeftijd van vijf tot en met achttien jaar die niet is ingeschreven op een school in de zin van artikel 1, onderdeel b, van de Leerplichtwet 1969, of die school niet geregeld bezoekt;
-
leerlingen in het voortgezet onderwijs: leerlingen op de vestigingen van de scholen binnen het samenwerkingsverband, bedoeld in artikel 2.47, tweede of achttiende lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020.