Regeling van de Minister voor Natuur en Stikstof van 24 juni 2024, nr. WJZ/ 59263981, houdende regels voor het verstrekken van eenmalige specifieke uitkeringen in verband met de uitvoering van het Uitvoeringsprogramma Natuur (Regeling specifieke uitkering Programma Natuur 2e fase)

Regeling specifieke uitkering Programma Natuur 2e fase

De Minister voor Natuur en Stikstof,

Besluit:

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • apparaatskosten: kosten van provincies en partners, die samenhangen met de regievoering van voorbereiding en uitvoering van het Provinciaal Uitvoeringsprogramma;

  • goede staat: staat van een natuurgebied waarin de condities aanwezig zijn voor een duurzaam behoud van de voornaamste kenmerken van de daarin gelegen habitattypen of leefgebieden van soorten, zodanig dat het natuurgebied bij kan dragen aan het bereiken of behouden van een gunstige staat van instandhouding voor een habitat of een soort als bedoeld in artikel 1, onder e en i, van Richtlijn 92/43/EEG van de Raad van 21 mei 1992 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna (PbEG 1992, L 372) of een niveau van instandhouding als bedoeld in artikel 2 van Richtlijn 2009/147/EG van het Europees Parlement en de Raad van 30 november 2009 inzake het behoud van de vogelstand (PbEU 2010, L 20);

  • herstelstrategie: pakket aan maatregelen dat ertoe moet leiden dat de instandhoudingsdoelstellingen van een Natura 2000-gebied op termijn worden gehaald;

  • minister: Minister voor Natuur en Stikstof;

  • Natura 2000-gebied: gebied als bedoeld in de bijlage bij artikel 1.1 van de Omgevingswet en waar stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden van soorten voorkomen;

  • natuurdoelanalyse: ecologische (ex ante) beoordeling op basis van beschikbare informatie met als doel te bepalen of de te verwachte stikstofreductie voor een specifiek natuurgebied in samenhang met de uit te voeren natuurherstelmaatregelen bijdraagt aan of leidt tot bereik van de instandhoudingsdoelstellingen van een Natura 2000-gebied of van een goede staat van een natuurgebied dat buiten een Natura 2000-gebied is gelegen;

  • natuurgebied: Natura 2000-gebied met stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden van soorten en een buiten een Natura 2000-gebied gelegen gebied behorende tot het Natuurnetwerk Nederland met stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden van soorten;

  • Natuurnetwerk Nederland: netwerk van gebieden als bedoeld in artikel 7.6, eerste lid, van het Besluit kwaliteit leefomgeving;

  • Natuurpact: Natuurpact ontwikkeling en beheer van de natuur in Nederland van 18 september 2013, (Kamerstukken II 2013/14, 33 576, nr. 6);

  • prioritaire opgave: opgave voor het verbeteren van natuurcondities in een natuurgebied, waar verslechtering van habitattypen of leefgebieden van soorten is geconstateerd of niet is uit te sluiten dan wel sprake is van een zeer ongunstige staat van instandhouding;

  • Provinciaal Uitvoeringsprogramma: programma van de provincie dat de gebiedsgerichte uitwerking bevat van het beleid om uitvoering te geven aan het Uitvoeringsprogramma Natuur, dat maatregelen bevat om de condities van stikstofgevoelige habitats in natuurgebieden te verbeteren en dat is geactualiseerd voor de periode 2024–2032;

  • sleutelhectares: te verwerven areaal in het Natuurnetwerk Nederland dat noodzakelijk is om in samenhang met reeds verworven areaal een gebied daadwerkelijk te kunnen inrichten voor de ontwikkeling van relevante natuurbeheertypen of te verwerven of in te richten areaal dat anderszins in belangrijke mate bij kan dragen aan de realisatie van beoogde natuurbeheertypen;

  • stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden van soorten: habitattypen en leefgebieden van soorten waarvoor Natura 2000-gebieden zijn aangewezen en waarvoor de kritische depositiewaarde lager is dan 34 kg N/ha/jaar of 2.400 mol/ha/jaar en waarvan de kritische depositiewaarde dreigt te worden overschreden;

  • Uitvoeringsprogramma Natuur: programma dat zich richt op natuurherstel in de overbelaste stikstofgevoelige natuurgebieden, zoals beschreven in de brief van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit aan de Tweede Kamer van 8 december 2020 (Kamerstukken II 2020/21, 33 576, nr. 216);

  • uitvoeringsactiviteiten: activiteiten van provincies en partners in het kader van het doel, de aanpak of de beoogde resultaten, beschreven in een Provinciaal Uitvoeringsprogramma, waaronder de aanleg van bos in het kader van boscompensatie voor bosgebied dat vanaf 1 januari 2017 is gekapt of dat vóór 2030 nog gekapt gaat worden voor het behalen van de instandhoudingsdoelstellingen in Natura 2000-gebieden, alsmede werkzaamheden in het kader van onderzoek en analyse, administratie en toezicht op die activiteiten.

Artikel

2

Specifieke uitkering

Artikel

3

Hoogte van de uitkering

De specifieke uitkering bedraagt ten hoogste de som van het bedrag voor aanleg van bos in het kader van boscompensatie en het bedrag voor de kosten voor andere uitvoeringsactiviteiten, inclusief de BTW, opgenomen in bijlage 1 bij deze regeling.

Artikel

4

Aanvraag tot verlening

Artikel

5

Uitvoeringsactiviteiten

Artikel

6

Maximaal vergoedbare kosten buiten Natura 2000-gebieden

Artikel

7

Beslistermijn

De Minister beslist op de aanvraag om een specifieke uitkering binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag.

Artikel

8

Verplichtingen

Artikel

9

Voorschot

De Minister kan bij de verlening ambtshalve of op aanvraag besluiten tot het verstrekken van 100% voorschot voor de specifieke uitkering uit te betalen in meerdere betaaltermijnen.

Artikel

10

Verantwoording en terugvordering

Artikel

11

Inwerkingtreding

Artikel

12

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling specifieke uitkering Programma Natuur 2e fase.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

’s-Gravenhage
De Minister voor Natuur en Stikstof, C. van der Wal-Zeggelink

Bijlage

1

behorende bij artikel 3

Rijksbijdrage per jaar (2024–2027) per provincie voor gebiedsgerichte maatregelen

Groningen

4.380.000

4.160.000

3.780.000

3.670.000

1.820.000

1.820.000

2.510.000

Friesland

17.540.000

16.640.000

15.140.000

14.690.000

7.270.000

7.270.000

10.040.000

Drenthe

27.400.000

26.000.000

23.650.000

22.950.000

11.360.000

11.360.000

15.690.000

Overijssel

27.400.000

26.000.000

23.650.000

22.950.000

11.360.000

11.360.000

15.690.000

Gelderland

60.280.000

57.190.000

52.040.000

50.490.000

24.990.000

24.990.000

34.520.000

Flevoland

3.840.000

3.640.000

3.310.000

3.210.000

1.590.000

1.590.000

2.200.000

Utrecht

6.580.000

6.240.000

5.680.000

5.510.000

2.730.000

2.730.000

3.770.000

Noord-Holland

16.440.000

15.600.000

14.190.000

13.770.000

6.810.000

6.810.000

9.410.000

Zuid-Holland

10.960.000

10.400.000

9.460.000

9.180.000

4.540.000

4.540.000

6.280.000

Zeeland

7.670.000

7.280.000

6.620.000

6.430.000

3.180.000

3.180.000

4.390.000

Noord-Brabant

27.400.000

26.000.000

23.650.000

22.950.000

11.360.000

11.360.000

15.690.000

Limburg

24.110.000

22.880.000

20.810.000

20.200.000

10.000.000

10.000.000

13.810.000

Totaal

234.000.000

222.000.000

202.000.000

196.000.000

97.000.000

97.000.000

134.000.000

Rijksbijdrage per jaar (2024–2027) per provincie voor boscompensatie

Groningen

0

0

0

0

0

0

0

Friesland

0

0

0

0

0

0

0

Drenthe

1.380.938,29

1.380.938,29

1.380.938,29

1.380.938,29

1.380.938,29

1.380.938,29

1.438.477,38

Overijssel

9.914.429,71

9.914.429,71

9.914.429,71

9.914.429,71

9.914.429,71

9.914.429,71

10.327.530,95

Gelderland

4.305.694,86

4.305.694,86

4.305.694,86

4.305.694,86

4.305.694,86

4.305.694,86

4.485.098,81

Flevoland

0

0

0

0

0

0

0

Utrecht

368.250,29

368.250,29

368.250,29

368.250,29

368.250,29

368.250,29

383.594,05

Noord-Holland

1.097.668,57

1.097.668,57

1.097.668,57

1.097.668,57

1.097.668,57

1.097.668,57

1.143.404,76

Zuid-Holland

99.144,00

99.144,00

99.144,00

99.144,00

99.144,00

99.144,00

103.275,00

Zeeland

28.326,86

28.326,86

28.326,86

28.326,86

28.326,86

28.326,86

29.507,14

Noord-Brabant

5.743.286,86

5.743.286,86

5.743.286,86

5.743.286,86

5.743.286,86

5.743.286,86

5.982.590,48

Limburg

1.062.260,57

1.062.260,57

1.062.260,57

1.062.260,57

1.062.260,57

1.062.260,57

1.106.521,43

Totaal

24.000.000

24.000.000

24.000.000

24.000.000

24.000.000

24.000.000

25.000.000

Bijlage

2

behorende bij artikel 4

Aanvraagformat

Programma Natuur – algemeen format 2e fase

Gebaseerd op het spoorboekje

Provincie ............................

  • 1.

    Geef een overzicht van alle natuurgebieden (verdeeld naar Natura 2000-gebieden en buiten Natura 2000-gebied gelegen stikstofgevoelige gebieden behorende tot het Natuurnetwerk Nederland) waarvoor maatregelen worden genomen om stikstofgevoelige instandhoudingsdoelstellingen te realiseren.

...................................................................................................................................................................

  • 2.

    Geef de hoogte aan van de gevraagde specifieke uitkering en geef hierbij aan welk deel compensabele BTW betreft.

...................................................................................................................................................................

  • 3.

    Geef de totaalbegroting weer en geef hierbij aan welk deel de apparaatskosten betreft.

...................................................................................................................................................................

  • 4.

    Geef de oppervlakte bos aan in hectare en op kaart in GIS, die wordt aangelegd in het kader van boscompensatie voor bosgebied dat vanaf 1 januari 2017 is gekapt of vóór 2030 nog gekapt zal worden voor het behalen van de instandhoudingsdoelen in Natura2000-gebieden.

...................................................................................................................................................................

  • 5.

    Geef de omvang aan van het provinciaal aandeel van de landelijke opgave van 80.000 ha ingerichte nieuwe natuur en geef op kaart in GIS aan waar het is gelegen in de provincie.

...................................................................................................................................................................

Programma Natuur – format per natuurgebied 2e fase

Gebaseerd op het spoorboekje

  • 0.

    Definities:

    Natuurgebied zijnde: een ‘stikstofgevoelig Natura 2000-gebied’.

    Kaart: een GIS-bestand waarmee de gevraagde informatie zichtbaar is gemaakt.

...................................................................................................................................................................

Provincie ............................

Dit format invullen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied.

  • 1.

    Geef aan voor welk natuurgebied maatregelen worden genomen om stikstofgevoelige instandhoudingsdoelstellingen te realiseren.

...................................................................................................................................................................

  • 2.

    Geef aan:

    • a.

      de prioritaire opgave: doelstellingen volgens aanwijzingsbesluit en Staat van Instandhouding (SVI) volgens de uitkomsten van de Natuurdoelanalyse (NDA) en de beheerplannen Natura 2000.

    • b.

      voor welke soorten en/of habitattypen oppervlakte verbetering van natuurcondities zal plaatsvinden (habitattype kaart met oppervlaktes bijvoegen).

...................................................................................................................................................................

  • 3.

    Geef aan:

    • a.

      welke drukfactoren worden benoemd in de NDA’s.

    • b.

      welke maatregelen worden – passend binnen de kaders van de ‘Herstelstrategieën stikstofgevoelige habitattypen’ – genomen.

    • c.

      of deze maatregelen de drukfactoren onder a. volledig wegnemen en zo nee voor welk percentage (gemotiveerde inschatting).

    • d.

      in welke mate deze maatregelen los van bronmaatregelen bijdragen aan stikstofemissiereductie in kg stikstof (gemotiveerde inschatting).

    • e.

      of deze maatregelen worden genomen in combinatie met maatregelen voor of ten behoeve van een (overig) natuurgebied in een aangrenzende provincie of een aangrenzend buitenland. Zo ja, geef aan op welke wijze.

    • f.

      de kosten van de maatregelen.

...................................................................................................................................................................

  • 4.

    Geef op kaart aan:

    • a.

      waar de begrenzing van het natuurgebied ligt.

    • b.

      waar het provinciaal aandeel in de landelijke opgave van 80.000 ha in en rond het natuurgebied ligt.

    • c.

      waar de maatregelen worden getroffen (aangeven op kaart die alle maatregelen voor het betreffende natuurgebied omvat).

...................................................................................................................................................................

  • 5.

    Indien de te realiseren maatregelen binnen NNN gebied vallen, geef dan per NNN-gebied aan:

    • a.

      welke inrichtingsmaatregelen waren beoogd in dit gebied en onderbouw dit zo mogelijk met formele documenten (bijvoorbeeld een bestuurlijk vastgesteld inrichtingsplan).

    • b.

      een onderbouwing waarom de te realiseren maatregelen additioneel zijn aan de inrichtingsopgave uit het natuurpact.

...................................................................................................................................................................

  • 6.

    Indien wordt ingezet op versnelling verwerving en/of inrichting NNN, geef per NNN-gebied aan waar de versnelling uit bestaat en waarom sprake is van sleutelhectares.

...................................................................................................................................................................

Ja/nee*) *) doorhalen wat niet van toepassing is

Zo ja, welke maatregelen?

...................................................................................................................................................................

Programma Natuur – format per overig natuurgebied 2e fase

Gebaseerd op het spoorboekje

  • 0.

    Definities:

Natuurgebied zijnde: een buiten een Natura 2000-gebied gelegen stikstofgevoelig gebied behorende tot het Natuurnetwerk Nederland

Kaart: een GIS-bestand waarmee de gevraagde informatie zichtbaar is gemaakt.

..........................................................................................................................................

Provincie ............................

Dit format invullen per natuurgebied.

  • 1.

    Geef aan voor welk natuurgebied (gelegen buiten een Natura 2000-gebied) maatregelen worden genomen om stikstofgevoelige habitattypen of leefgebieden te realiseren.

...................................................................................................................................................................

  • 2.

    Geef aan:

    • a.

      voor welke soorten en/of habitattypen oppervlakte verbetering van natuurcondities zal plaatsvinden (kaart met oppervlaktes bijvoegen).

    • b.

      de prioritaire opgave: geef aan in welke mate dit bijdraagt aan de gunstige Staat van Instandhouding.

................................................................................................................................................................

  • 3.

    Geef aan:

    • a.

      welke drukfactoren worden benoemd.

    • b.

      welke maatregelen worden genomen.

    • c.

      of deze maatregelen de drukfactoren onder a. volledig wegnemen en zo nee voor welk percentage (gemotiveerde inschatting).

    • d.

      in welke mate deze maatregelen los van bronmaatregelen bijdragen aan stikstofemissiereductie in kg stikstof (gemotiveerde inschatting).

    • e.

      of deze maatregelen worden genomen in combinatie met maatregelen voor of ten behoeve van een (overig) natuurgebied in een aangrenzende provincie of een aangrenzend buitenland. Zo ja, geef aan op welke wijze.

    • f.

      de kosten van de maatregelen.

...................................................................................................................................................................

  • 4.

    Geef op kaart aan:

    • a.

      waar de begrenzing van het overige natuurgebied ligt.

    • b.

      waar het provinciaal aandeel in de landelijke opgave van 80.000 ha in en rond het overige natuurgebied ligt.

    • c.

      waar de maatregelen worden getroffen (aangeven op kaart die alle maatregelen voor het betreffende natuurgebied omvat).

...................................................................................................................................................................

  • 5.

    Indien de te realiseren maatregelen binnen NNN gebied vallen, geef dan per NNN-gebied aan:

    • a.

      welke inrichtingsmaatregelen waren beoogd in dit gebied en onderbouw dit zo mogelijk met formele documenten (bijvoorbeeld een bestuurlijk vastgesteld inrichtingsplan).

    • b.

      een onderbouwing waarom de te realiseren maatregelen additioneel zijn aan de inrichtingsopgave uit het natuurpact.

...................................................................................................................................................................

  • 6.

    Indien wordt ingezet op versnelling verwerving en/of inrichting NNN, geef per NNN-gebied aan waar de versnelling uit bestaat en waarom sprake is van sleutelhectares.

...................................................................................................................................................................

  • 7.

    Voert de provincie maatregelen op, die zijn goedgekeurd in het kader van de SPUK-regeling voor de eerste fase van het Programma Natuur?

    Ja/nee*) *) doorhalen wat niet van toepassing is

    Zo ja, welke maatregelen?

    .........................................................................................................................................................