Regeling van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 12 november 2024, nr. 5869441, houdende regels inzake subsidie voor het beproeven en doorontwikkelen van de werkwijze Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming (Regeling subsidie proeftuinen Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming)

Regeling subsidie proeftuinen Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • Minister: Minister van Justitie en Veiligheid;

  • proeftuin: door de penvoerder van een regionaal verband aangewezen gebied waarin de werkwijze Toekomstscenario wordt ontwikkeld, beschreven en beproefd in de praktijk;

  • regionaal verband: groep van in regionaal verband samenwerkende organisaties, waaronder in ieder geval gemeenten, lokale teams, Veilig Thuis, een gecertificeerde instelling en de raad voor de kinderbescherming;

  • regionaal veiligheidsteam: een organisatievorm bestaande uit professionals:

    • a.

      die expertise biedt op het gebied van jeugdbescherming en onveiligheid in gezinnen en huishoudens;

    • b.

      die het lokale team ondersteunt bij complexe veiligheidsvraagstukken; en

    • c.

      waarbinnen een medewerker, indien noodzakelijk, de bevoegdheden kan inzetten die bij of krachtens de wet aan diens moederorganisatie zijn toebedeeld;

  • penvoerder: door de aan het regionaal verband deelnemende rechtspersonen schriftelijk gemachtigde functionaris van een gemeente;

  • volwassenen-ggz: geestelijke gezondheidszorg voor volwassenen die deels of geheel in aanmerking komt voor vergoeding op grond van de Zorgverzekeringswet;

  • werkwijze Toekomstscenario: de werkwijze, bedoeld in artikel 2, onder a.

Artikel

2

Subsidiabele activiteiten

Artikel

3

Subsidiabele kosten

Subsidiabele kosten zijn uitsluitend de volgende kosten, voor zover deze kosten worden gemaakt voor het verrichten van de activiteiten, bedoeld in artikel 2:

  • a.

    de loonkosten van een projectleider van de proeftuin;

  • b.

    de loonkosten van een teamleider voor een regionaal veiligheidsteam;

  • c.

    de kosten voor het aanpassen van de bestaande organisatie, personeel, systemen en werkwijzen volgens de contouren van een regionaal veiligheidsteam;

  • d.

    de kosten om inbreng vanuit de praktijk te leveren ten behoeve van mogelijk benodigde toekomstige wet- en regelgeving binnen het Toekomstscenario;

  • e.

    de kosten voor de extra inzet van deskundigen en professionals die nodig zijn voor de doorontwikkeling van de werkwijze Toekomstscenario;

  • f.

    de kosten voor technische aanpassingen en de inzet van privacy officers in verband met monitoring of dossiervorming bij het beproeven en doorontwikkelen.

Artikel

4

Subsidievoorwaarden met betrekking tot regionale verbanden

Om in aanmerking te komen voor subsidie op grond van deze regeling voorziet de penvoerder van het regionaal verband de aanvraag van voldoende onderbouwing dat in alle bij dat verband aangesloten gemeenten in 2024 respectievelijk 2025 aan de basis van de werkwijze Toekomstscenario is gewerkt en dat deze activiteiten en werkwijzen in 2025 respectievelijk 2026 in die gemeenten worden voortgezet. In ieder geval wordt schriftelijke informatie overlegd waaruit voldoende blijkt dat:

  • a.

    voor de voortzetting van de activiteiten en de werkwijze Toekomstscenario in 2025 respectievelijk 2026 bestuurlijk draagvlak bestaat onder en actieve betrokkenheid is door alle organisaties van het regionaal verband en dat zij actief deelnemen aan de proeftuin;

  • b.

    in alle aangesloten gemeenten sinds 2024 respectievelijk 2025 of eerder een doorontwikkeling van lokale teams is ingezet conform de landelijk vastgestelde vijf basisfuncties voor lokale teams en de leidraad over werken aan veiligheid voor lokale teams en gemeenten en dat deze doorontwikkeling wordt voortgezet in 2025 respectievelijk 2026;

  • c.

    samenwerking plaatsvindt op domeinoverstijgende volwassenenproblematiek, waarbij lokale teams en veiligheidspartners afspraken hebben gemaakt over de inzet van expertise vanuit de volwassenen-ggz binnen gezinnen en huishoudens;

  • d.

    het regionaal verband afspraken heeft gemaakt en eerste stappen zijn gezet om het leren door en tussen de partijen die deelnemen aan de proeftuin te bevorderen en te integreren in hun dagelijkse praktijk.

Artikel

5

Subsidievoorwaarden met betrekking tot de proeftuin

Artikel

6

Vereisten met betrekking tot lokale teams

De lokale teams, bedoeld in artikel 5, eerste lid, onder a:

  • a.

    werken volgens de vijf basisfuncties voor lokale teams en de leidraad over werken aan veiligheid voor lokale wijkteams en gemeenten;

  • b.

    richten zich op zowel minderjarigen, als volwassenen;

  • c.

    bieden zelf hulp;

  • d.

    handelen met een brede blik op het gehele gezin of huishouden en de context waarin het gezin of huishouden zich bevindt binnen alle leefdomeinen;

  • e.

    werken samen met de lokale voorzieningen, welzijn, opvang, onderwijs en volwassenen-ggz;

  • f.

    hebben een stevige samenwerkingsrelatie met het regionaal veiligheidsteam.

Artikel

7

Vereisten met betrekking tot het regionaal veiligheidsteam

In het regionaal veiligheidsteam, bedoeld in artikel 5, eerste lid, onder b:

  • a.

    werken de professionals aan een gezamenlijke opdracht;

  • b.

    voeren de professionals binnen de huidige wettelijke kaders geheel of deels de functionaliteiten en bevoegdheden van Veilig Thuis, de gecertificeerde instelling en de raad voor de kinderbescherming uit;

  • c.

    kunnen de professionals juridische maatregelen inzetten met betrekking tot volwassenen;

  • d.

    wordt in gevallen van onveiligheid hulp en bescherming geboden aan minderjarigen, volwassenen, gezinnen en huishoudens;

  • e.

    wordt de rechtsbescherming van jeugdigen en volwassenen geborgd;

  • f.

    worden jeugdigen en volwassenen geïnformeerd over:

    • 1°.

      De mogelijkheden om een klacht in te dienen;

    • 2°.

      De mogelijkheid om niet of niet langer deel te nemen aan de proeftuin;

  • g.

    zijn afspraken vastgelegd over gegevensuitwisseling en dossiervorming;

  • h.

    worden de professionals in ieder geval ondersteund door een gedragswetenschapper en voorts op afroep door een juridisch adviseur of een vertrouwensarts;

  • i.

    zijn voorbereidingen getroffen om vanaf 2025 respectievelijk 2026 de bouwstenen als beschreven in de eindrapportage ‘Onderzoek Inrichting Regionale Veiligheidsteams’ te beproeven binnen de huidige wettelijke kaders.

Artikel

8

Vereisten met betrekking tot de ervaringen met veiligheidsproblematiek

Artikel

9

Subsidieplafond

Artikel

10

Aanvraagtijdvak

Een subsidie op grond van artikel 2 kan worden aangevraagd vanaf het moment van inwerkingtreding van deze regeling tot 8 december 2025.

Artikel

11

Aanvraag

Artikel

12

Verplichtingen

Artikel

13

Verantwoording

Artikel

14

Hardheidsclausule

Artikel

15

Inwerkingtreding en uitwerkingtreding

Artikel

16

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling subsidie proeftuinen Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, T.H.D. Struycken