Regeling Co-creatie Instellingen

Het bestuur van stichting Fonds voor Cultuurparticipatie,
gelet op artikel 10, vierde lid, van de Wet op het specifiek cultuurbeleid;
gelet op artikel 4:23, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht;
gelet op het Algemeen Subsidiereglement van het Fonds voor Cultuurparticipatie;
met goedkeuring van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 10 augustus 2021; en voor de gewijzigde versie op 27 maart 2023

besluit:

Hoofdstuk

1

Algemene bepalingen

Artikel

1.1

Gebruikte begrippen

In deze regeling worden onderstaande begrippen gebruikt.

  • a.

    Fonds: Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie.

  • b.

    Website van het Fonds: www.cultuurparticipatie.nl.

  • c.

    Ministerie van OCW: Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

  • d.

    Algemeen Subsidiereglement: Algemeen Subsidiereglement Fonds voor Cultuurparticipatie 2021.

  • e.

    Culturele Codes: Code Diversiteit & Inclusie, Fair Practice Code, Governance Code Cultuur.

  • f.

    Koninkrijk der Nederlanden: Aruba, Curaçao, Sint Maarten en Nederland, inclusief de drie openbare lichamen: Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

  • g.

    Europees deel van Nederland: Nederland, zonder het Caribisch deel van het Koninkrijk.

  • h.

    Caribisch deel van het Koninkrijk: Aruba, Curaçao en Sint Maarten en de drie openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

  • i.

    Co-creatie: (de sector die zich kenmerkt door) de methoden en benaderingen waarbij individuen, groepen of gemeenschappen actief en gelijkwaardig betrokken zijn bij besluitvorming, beleidsvorming of projectuitvoering, met als resultaat de vorming en evolutie van de cultuur van een samenleving, inclusief de taal, tradities, kunst, debat en andere culturele aspecten. Het betreft hier per definitie geen amateurkunst.

  • j.

    Cultuurbeoefening: het actief beoefenen van of betrokken zijn bij het maken van cultuur in de vrije tijd, door cultuureducatie, co-creatie of amateurkunst.

  • k.

    Cultureel professional: een natuurlijk persoon die zich inzet binnen de cultuursector en die (1) ten minste een part-time aanstelling bij een organisatie heeft, (2) vakbekwaam is door afgestudeerd te zijn aan een erkende opleiding, (3) als zelfstandige minimaal drie jaar als ondernemer ingeschreven staat bij de Belastingdienst en Kamer van Koophandel, of een vergelijkbare organisatie en/of (4) financiering ontvangt van op professionals gerichte instanties zoals rijkscultuurfondsen.

  • l.

    Culturele instelling: een rechtspersoon die zich inzet binnen de cultuursector en ook zo staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel of vergelijkbare organisatie.

  • m.

    Adviescommissie: een interne of externe adviescommissie zoals bedoeld in het Huishoudelijk Reglement van Stichting Fonds voor Cultuurparticipatie.

  • n.

    Materiële investeringen: aanschaf van materialen voor een project die aanvrager na dat project nog langere tijd kan gebruiken.

  • o.

    Materiaalkosten: kosten voor aanschaf van materialen zonder welke het project niet kan worden uitgevoerd.

  • p.

    Subsidieplafond: het totaalbedrag binnen een regeling of hoofdstuk dat het Fonds beschikbaar heeft om toe te kennen aan aanvragers.

Artikel

1.2

Doel van de regeling

Met deze regeling stimuleert het Fonds projecten over cultuurbeoefening in co-creatie tussen instellingen en deelnemers. Dit versterkt de lokale betrokkenheid en bevordert maatschappelijke verandering.

Cultuurbeoefening kan ook erfgoedbeoefening of internationale samenwerking betreffen.

Indien van toepassing is in elk van de volgende hoofdstukken het doel voor dat hoofdstuk in bijzonder beschreven.

Artikel

1.3

Subsidieplafond en flexibiliteit

Artikel

1.4

Algemene weigeringsgronden

Artikel

1.5

Voorwaarden

Artikel

1.6

Verplichtingen

Artikel

1.7

Indieningsvereisten

Artikel

1.8

Beoordelen aanvragen

Artikel

1.9

Voorschotten

Artikel

1.10

Verantwoording en vaststelling

Hoofdstuk

2

Instellingen

Op grond van dit hoofdstuk kan subsidie worden aangevraagd voor een project op het gebied van co-creatie door een instelling met een podiumprogrammering of doorlopende presentatiefunctie. Het doel is om in gelijkwaardige samenwerking met de lokale omgeving de plek te ontwikkelen zodat lokale beoefenaars en deelnemers gaan programmeren, (zichzelf) presenteren, kunst maken, hun talenten ontwikkelen of produceren. De instelling transformeert van aanbodgerichte bepaler tot facilitator. Dat kost tijd. Daarom is er een paragraaf voor ‘groeien’ en voor ‘verdiepen’ opgenomen in dit hoofdstuk.

Wezenlijk onderdeel van het project is dat in de instelling een proces doorgemaakt wordt of gaande is waarin de medewerkers van de instelling leren op een andere manier naar hun werk te kijken en zich te verbinden aan de actieve inbreng van de beoefenaars en deelnemers op lange(re) termijn.

De artikelen in dit hoofdstuk zijn verbijzonderde bepalingen ten aanzien van de artikelen in hoofdstuk 1. Bij meerdere artikelen is in de toelichting een aanvullende uitleg gegeven.

Paragraaf

1

Algemeen

Artikel

2.1

Doel en effecten

Artikel

2.2

Wie kan aanvragen?

Subsidie op grond van dit hoofdstuk kan uitsluitend worden aangevraagd door een in het Koninkrijk der Nederlanden gevestigde culturele instelling met een podiumprogrammering of doorlopende presentatiefunctie die gelijkwaardig samenwerkt met de lokale gemeenschap waarmee het project wordt aangegaan.

Artikel

2.3

Indieningstermijnen

Artikel

2.4

Beoordelingscriteria

Aanvragen worden beoordeeld aan de hand van de volgende criteria, waarvan in de toelichting is uiteengezet op welke wijze die worden getoetst:

  • 1.

    inhoudelijke kwaliteit; en

  • 2.

    organisatorische kwaliteit.

Paragraaf

2

Groeien

Artikel

2.5

Waarvoor kan worden aangevraagd

Subsidie in paragraaf 2 kan worden aangevraagd:

  • 1.

    Voor de uitvoering van een co-creatief project waarin aan het bereiken van in elk geval één van de in artikel 2.1 genoemde effecten wordt gewerkt.

  • 2.

    Een project in paragraaf 2 heeft een looptijd van negen tot maximaal 18 maanden.

Artikel

2.6

Hoogte van de subsidie

Voor een project paragraaf 2:

  • 1.

    kan minimaal € 25.001 en maximaal € 35.000 worden aangevraagd; en

  • 2.

    bedraagt de subsidie maximaal 80% van de totale projectkosten als de aanvrager in Europees Nederland gevestigd is en maximaal 100% van de totale projectkosten als de aanvrager in het Caribisch deel van het Koninkrijk gevestigd is.

Artikel

2.7

Subsidieplafond

Het subsidieplafond voor projecten in paragraaf 2 is € 191.013 per kalenderjaar.

Paragraaf

3

Verdiepen

Artikel

2.8

Waarvoor kan worden aangevraagd?

Subsidie in paragraaf 3 kan worden aangevraagd

  • 1.

    Voor de uitvoering van een co-creatief project waarin aan het bereiken van de drie in artikel 2.1 genoemde effecten wordt gewerkt als vervolg op een eerder ingezet proces.

  • 2.

    Een project in paragraaf 3 heeft een looptijd van twaalf tot 24 maanden.

  • 3.

    Een aanvrager kan na de looptijd van een project in paragraaf 2 een aanvraag doen in paragraaf 3 van dit hoofdstuk.

Artikel

2.9

Hoogte van de subsidie

Voor een project in paragraaf 3:

  • 1.

    wordt minimaal € 50.000 en maximaal € 100.000 aangevraagd; en

  • 2.

    bedraagt de subsidie maximaal 50% van de totale projectkosten als de aanvrager is gevestigd in het Europees deel van Nederland; voor een aanvrager die gevestigd is in het Caribisch deel van het Koninkrijk is dat maximaal 80%.

Artikel

2.10

Subsidieplafond

Het subsidieplafond voor projecten in paragraaf 3 is € 733.541 per kalenderjaar.

Hoofdstuk

3

Slotbepalingen

Artikel

3.1

Hardheidsclausule

Het Fonds kan afwijken van de rechten en plichten in deze regeling. Dat kan alleen in het voordeel van de aanvrager en in bijzondere gevallen die een onredelijke uitwerking hebben waarmee geen rekening is gehouden bij het opstellen van deze regeling.

Artikel

3.2

Inwerkingtreding en vervaldatum

Artikel

3.3

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling Co-creatie Instellingen.

Namens het bestuur van stichting Fonds voor Cultuurparticipatie, directeur-bestuurder