1
De Autoriteit Consument en Markt is ter handhaving van de artikelen 3, 4, eerste, tweede, vierde, vijfde, zesde, zevende, achtste, negende, tiende, elfde, dertiende en veertiende lid, 5, eerste, derde, vierde, vijfde, zesde, negende, tiende en elfde lid, 6, eerste lid, voor zover het niet de verwerking van persoonsgegevens betreft, en tweede lid, onderdelen a, c, d, e, f, g en h, 8, eerste, derde en vierde lid, 9, eerste, tweede, vierde en zevende lid, 10, derde lid, 11, eerste, tweede en vijfde lid, 20, eerste en tweede lid, 23, 25, eerste lid, tweede volzin, en vierde lid, 26, 27, 28, 29, eerste, tweede, derde, vierde, vijfde en zesde lid, 30, eerste, tweede, derde, vierde en vijfde lid, 31, derde lid, 32, eerste, derde, vierde en vijfde lid, 33, eerste lid, 34, tweede lid, 36, eerste en tweede lid, en 37, twaalfde lid, bevoegd tot oplegging van:
-
a.
een last onder bestuursdwang; of
-
b.
een bestuurlijke boete van ten hoogste het bedrag dat is vastgesteld voor de zesde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht of, indien dat meer is, 10% van de jaaromzet van de overtreder in het voorgaande boekjaar in de Europese Unie.
2
De Autoriteit persoonsgegevens is ter handhaving van de artikelen 4, twaalfde lid, 5, zevende en achtste lid, 6, eerste lid, voor zover het de verwerking van persoonsgegevens betreft, en tweede lid, onderdeel b, 14, 17, tweede lid, derde lid, eerste volzin, en vierde lid, laatste twee volzinnen, 18, eerste en vierde lid, 19, 21, tweede, derde, vierde en vijfde lid, en 22, tweede lid, bevoegd tot oplegging van:
-
a.
een last onder bestuursdwang; of
-
b.
een bestuurlijke boete van ten hoogste het bedrag, genoemd in artikel 40, vierde lid, van de dataverordening.