3.1
Verdeelsleutel
De financiële contributie voor ESRF is verdeeld volgens de sleutel:
Het Koninkrijk België: 50%
Het Koninkrijk der Nederlanden: 50%
In hetgeen volgt, wordt ervan uitgegaan dat BENESYNC voor 6% zal bijdragen in zowel de bouw als de exploitatie van ESRF.
3.2
Principe van de ,,juste retour”
Onverminderd hetgeen volgt, dienen de Overeenkomstsluitende Partijen de nodige maatregelen te treffen om hun onderlinge gelijkheid inzake „juste retour” aangaande industriële bestellingen en wetenschappelijk gebruik van ESRF, maximaal te verwezenlijken. Wanneer zich gemiddeld over de periode vanaf 16 december 1988 tot 31 december 1993, en daarna vanaf 1 januari 1994 tot 31 december 1998, een afwijking voordoet in de verhouding tussen de beide Overeenkomstsluitende Partijen van de „retour” in de vorm van industriële bestellingen ten opzichte van de 50%-50% verhouding bepaald in het eerste lid van dit artikel, dan zal, op voorwaarde dat één en slechts één Overeenkomstsluitende Partij een gemiddelde „retour” realiseert van meer dan 3%, een verrekening plaats hebben tussen beide Overeenkomstsluitende Partijen, als volgt:
die Overeenkomstsluitende Partij die gemiddeld over één van deze periodes de grootste „retour” realiseert, verhoogt in de drie jaren die volgen op de hogervermelde periodes telkens zijn bijdrage aan ESRF met één derde van 10% van het verschil tussen het percentage aan „retour” gerealiseerd door deze Overeenkomstsluitende Partij en 3% van de totale constructiekosten van ESRF over de desbetreffende periode;
De andere Overeenkomstsluitende Partij brengt in diezelfde drie jaren het overeenkomstige bedrag in mindering bij de betaling van zijn contributie aan ESRF.
Op dezelfde wijze zal ook een verrekening plaats hebben voor de effectieve „retour” aan gebruik van ESRF. De verrekening hiervoor zal plaatsvinden na elke periode van drie jaar, te beginnen vanaf 1 januari 1994. Het hogervermelde percentage van 10% wordt voor de verrekening van het gebruik van ESRF 33%, waarbij de verrekening plaatsvindt over de totale exploitatiekosten voor de desbetreffende periode. De effectieve betaling van de verrekening wordt opnieuw gelijkmatig over drie jaar gespreid.
De verrekening wordt begrensd zodanig dat een Overeenkomstsluitende Partij voor de periode waarover de verrekening plaatsvindt, gemiddeld nooit meer betaalt dan 3,3% voor de constructiekosten, en nooit meer dan 4% voor de exploitatiekosten. Verder wordt de verrekening ook nog begrensd zodanig dat ze nooit meer bedraagt dan het verschil tussen 3% en de gemiddelde „retour” gerealiseerd door de Overeenkomstsluitende Partij met de kleinste „retour”.
In geval de totale contributie van BENESYNC aan ESRF zou worden verhoogd of verlaagd bij toepassing van hetgeen bepaald is in het vierde lid van artikel 6 van het ESRF-Verdrag, zullen de Overeenkomstsluitende Partijen de hiervoor gestelde regels van verrekening toepassen met aan de verhoging of de verlaging proportioneel aangepaste percentages, met uitzondering van de vermelde percentages van 10 en 33%, die in die omstandigheid ongewijzigd worden toegepast.
Beide Overeenkomstsluitende Partijen kunnen overeenkomen om af te zien van hun recht op deze verrekening.
3.3
Mogelijkheid tot herziening
Onverminderd de bepalingen van het tweede lid van dit artikel, blijft de in het eerste lid van dit artikel bepaalde verdeling van toepassing tot 31 december 2007.
Deze verdeling wordt stilzwijgend verlengd na 31 december 2007, voor opeenvolgende periodes van drie jaar, behoudens wanneer één van beide Overeenkomstsluitende Partijen aan de andere Partij schriftelijk, tenminste één jaar voor 31 december 2007 of één jaar voor het aflopen van de navolgende periodes van drie jaar, de wens te kennen geeft om de verdeling te herzien.
Indien de Overeenkomstsluitende Partijen geen overeenstemming bereiken over de herziening van de verdeling, wordt de tot dan geldende verdeling ongewijzigd verlengd voor de volgende periode van drie jaar.
3.4
Initiële kosten bij gezamenlijke toetreding
Eventuele financiële bijdragen aan de Vennootschap bij de gezamenlijke toetreding, die voortvloeien uit reeds in het verleden door de Vennootschap gedane betalingen, worden vereffend op een 50%-50% basis. Bij de betaling hiervan worden eerder door het Koninkrijk België betaalde bijdragen op dezelfde basis verrekend in de respectieve contributies van de beide Overeenkomstsluitende Partijen.