Kaderovereenkomst inzake een breed partnerschap en samenwerking tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Socialistische Republiek Vietnam, anderzijds

Kaderovereenkomst inzake een breed partnerschap en Samenwerking tussen de Europese Unie en haar Lid-Staten, enerzijds, en de Socialistische Republiek Vietnam, anderzijds

de Europese Unie,

hierna „de Unie” genoemd, en

het Koninkrijk België,

de Republiek Bulgarije,

de Tsjechische Republiek,

het Koninkrijk Denemarken,

de Bondsrepubliek Duitsland,

de Republiek Estland,

Ierland,

de Helleense Republiek,

het Koninkrijk Spanje,

de Franse Republiek,

de Italiaanse Republiek,

de Republiek Cyprus,

de Republiek Letland,

de Republiek Litouwen,

het Groothertogdom Luxemburg,

de Republiek Hongarije,

Malta,

het Koninkrijk der Nederlanden,

de Republiek Oostenrijk,

de Republiek Polen,

de Portugese Republiek,

Roemenië,

de Republiek Slovenië,

de Slowaakse Republiek,

de Republiek Finland,

het Koninkrijk Zweden,

het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland,

verdragsluitende partijen bij het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

hierna „de lidstaten” genoemd,

enerzijds, en

de Socialistische Republiek Vietnam,

hierna „Vietnam” genoemd,

anderzijds,

hierna gezamenlijk „de partijen” genoemd,

Gezien de traditionele vriendschapsbanden tussen de partijen en de nauwe historische, politieke en economische banden die hen verenigen,

Gezien het bijzondere belang dat de partijen hechten aan het alomvattende karakter van hun wederzijdse betrekkingen, zoals onder meer blijkt uit het Vietnamese masterplan voor de betrekkingen tussen Vietnam en de Europese Unie tot 2010 en richtsnoeren tot 2015, dat dateert uit 2005, en de daaruit volgende gesprekken tussen de partijen,

Overwegende dat de partijen van mening zijn dat deze overeenkomst deel uitmaakt van bredere en samenhangende betrekkingen tussen hen, die tot stand zijn gekomen door overeenkomsten waarbij beide zijden partij zijn,

Bevestigend dat de partijen gehecht zijn aan de algemene beginselen van het internationale recht en de doelstellingen en beginselen van het Handvest van de Verenigde Naties, alsook aan het respect voor de democratische beginselen en de mensenrechten,

Bevestigend dat de onafhankelijkheid, de soevereiniteit, de territoriale onschendbaarheid en de nationale eenheid van de Socialistische Republiek Vietnam worden geëerbiedigd,

Bevestigend het belang dat zij hechten aan de beginselen van goed bestuur en de bestrijding van corruptie,

Bevestigend de wens om de economische en sociale vooruitgang voor hun bevolking te bevorderen, daarbij rekening houdende met het beginsel van duurzame ontwikkeling en de vereisten van de bescherming van het milieu,

Overwegende dat het Internationaal Strafhof een belangrijke ontwikkeling voor vrede en internationale gerechtigheid is, waarmee wordt gestreefd naar effectieve vervolging van de ernstigste misdrijven die de internationale gemeenschap aangaan,

Overwegende dat de partijen de mening delen dat de verspreiding van massavernietigingswapens een ernstige bedreiging voor de internationale veiligheid vormt, en dat zij hun dialoog en samenwerking op dit gebied wensen te versterken. De door de gehele internationale gemeenschap aangegane verbintenis om de verspreiding van massavernietigingswapens te bestrijden ligt ten grondslag aan de aanneming, bij consensus, van Resolutie 1540 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties,

Erkennende de noodzaak om de verplichtingen van de partijen met betrekking tot zowel ontwapening als non-proliferatie binnen het internationale recht te versterken,

Zich verbindend tot een maximale inzet voor de bestrijding van alle vormen van terrorisme, overeenkomstig het internationale recht, onder meer op het gebied van mensenrechten en humanitair recht, en voor de ontwikkeling van effectieve internationale samenwerking en instrumenten om deze uit te bannen, en herinnerend aan de relevante resoluties van de VN-Veiligheidsraad,

Erkennende het belang van de samenwerkingsovereenkomst van 7 maart 1980 tussen de Europese Economische Gemeenschap en Indonesië, Maleisië, de Filippijnen, Singapore en Thailand, lidstaten van de ASEAN (de Associatie van Zuidoost-Aziatische staten), die in 1999 is uitgebreid tot Vietnam, alsook van de samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de Socialistische Republiek Vietnam van 17 juli 1995,

Erkennende het belang van versterking van de bestaande betrekkingen tussen de partijen ter stimulering van de onderlinge samenwerking, alsook van hun gemeenschappelijke streven om de betrekkingen op gebieden van wederzijds belang te consolideren, te verdiepen en te diversifiëren, op basis van soevereiniteit, gelijkwaardigheid, non-discriminatie, inachtneming van het milieu en wederzijds voordeel,

Erkennende dat Vietnam een ontwikkelingsland is en rekening houdend met de respectieve ontwikkelingsstadia van de partijen,

Erkennende het uitzonderlijke belang van ontwikkelingssamenwerking voor de ontwikkelingslanden, speciaal de landen met een laag inkomen en met een lager gemiddeld inkomen, voor hun duurzame economische groei, duurzame ontwikkeling en tijdige en volledige verwezenlijking van de internationaal overeengekomen ontwikkelingsdoelen, met inbegrip van de millenniumdoelstellingen voor ontwikkeling van de Verenigde Naties,

Erkennende de vooruitgang van Vietnam met de verwezenlijking van de millenniumdoelstellingen voor ontwikkeling en met de tenuitvoerlegging van zijn strategie voor sociaaleconomische ontwikkeling, alsook zijn huidige ontwikkelingsniveau als een ontwikkelingsland met een laag inkomen,

Erkennende het bijzondere belang dat de partijen hechten aan de beginselen en regels die van toepassing zijn op de internationale handel, met name zoals deze zijn neergelegd in de Overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie (WTO), en de noodzaak deze transparant en zonder discriminatie uit te voeren,

Erkennende de belangrijke rol van handel voor de ontwikkeling en het belang van preferentiële handelsprogramma's,

Uitdrukking gevend aan hun engagement om duurzame ontwikkeling over de hele lijn te bevorderen, met inbegrip van milieubescherming en doeltreffende samenwerking voor de aanpak van de klimaatverandering, alsook de doeltreffende bevordering en tenuitvoerlegging van internationaal erkende arbeidsnormen die zijn goedgekeurd door de partijen,

Onderstrepend het belang van samenwerking inzake migratie,

Bevestigend dat de partijen ernaar streven om, in volledige overeenstemming met de in regionaal verband ondernomen activiteiten, de onderlinge samenwerking te verdiepen op grond van gemeenschappelijke waarden en tot wederzijds voordeel,

Opmerkende dat de bepalingen van deze overeenkomst die binnen de toepassingssfeer van deel III, titel V, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie vallen het Verenigd Koninkrijk en Ierland binden als afzonderlijke overeenkomstsluitende partijen of als deel van de Europese Unie, overeenkomstig Protocol (nr. 21) betreffende de positie van het Verenigd Koninkrijk en Ierland ten aanzien van de ruimte van vrijheid, veiligheid en recht, dat aan het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie is gehecht. Hetzelfde geldt voor Denemarken, overeenkomstig het Protocol (nr. 22) betreffende de positie van Denemarken dat aan die verdragen is gehecht,

Zijn als volgt overeengekomen:

TITEL

I

AARD EN TOEPASSINGSGEBIED

Artikel

1

Algemene beginselen

Artikel

2

Doel van de samenwerking

Met het oog op de versterking van hun bilaterale betrekkingen voeren de partijen een brede dialoog en stimuleren ze verdere samenwerking in alle sectoren van gezamenlijk belang. Hun inspanningen zijn met name gericht op:

  • a.

    het opzetten van bilaterale samenwerking in alle relevante internationale fora en organisaties;

  • b.

    het ontwikkelen van handel en investeringen tussen de partijen tot wederzijds voordeel;

  • c.

    het opzetten van samenwerking op alle handels- en investeringsgerelateerde gebieden van gezamenlijk belang, teneinde naast de lopende en toekomstige EU-ASEAN-initiatieven op consistente wijze duurzame handels- en investeringsstromen te vergemakkelijken en barrières voor handel en investeringen te voorkomen en weg te nemen;

  • d.

    via ontwikkelingssamenwerking streven naar de uitbanning van armoede, de bevordering van duurzame ontwikkeling, de bestrijding van opkomende problemen als klimaatverandering en overdraagbare ziekten, diepgaande economische hervormingen en integratie in de wereldeconomie;

  • e.

    het opzetten van samenwerking op het gebied van justitie en veiligheid, inclusief de rechtsstaat en gerechtelijke samenwerking, gegevensbescherming, migratie, de bestrijding van de georganiseerde misdaad, de bestrijding van het witwassen van geld en van drugs;

  • f.

    het bevorderen van samenwerking in andere sectoren van gezamenlijk belang, zoals mensenrechten; economisch beleid; financiële dienstverlening; belastingen; industriebeleid en midden- en kleinbedrijf; informatie- en communicatietechnologieën; wetenschap en technologie; energie; vervoer; stads- en regionale planning en ontwikkeling; toerisme; onderwijs en opleiding; cultuur; klimaatverandering; milieu en natuurlijke hulpbronnen; landbouw; bosbouw; veeteelt; visserij en plattelandsontwikkeling; gezondheid; statistiek; arbeid, werkgelegenheid en sociale zaken; hervorming van het openbare bestuur; verenigingen en niet-gouvernementele organisaties (NGO's); preventie en beheersing van natuurrampen; gelijke behandeling van mannen en vrouwen;

  • g.

    het verbeteren van bestaande en het bevorderen van nieuwe deelname van beide partijen aan regionale en subregionale samenwerkingsprogramma's die openstaan voor de andere partij;

  • h.

    het opzetten van samenwerking inzake de bestrijding van de verspreiding van massavernietigingswapens en hun overbrengingsmiddelen; de bestrijding van illegale handel in handvuurwapens en lichte wapens in al zijn aspecten; oorlogsresten;

  • i.

    het opzetten van samenwerking ter bestrijding van terrorisme;

  • j.

    het versterken van de rol en het profiel van de partijen in de regio van de andere partij, onder andere door middel van culturele uitwisselingen, het gebruik van informatietechnologie en onderwijs;

  • k.

    het bevorderen van het begrip tussen mensen onder meer door middel van samenwerking tussen verschillende entiteiten, zoals denktanks, wetenschappers, bedrijven en de media, in de vorm van seminars, conferenties, contacten tussen jongeren en andere activiteiten.

Artikel

3

Samenwerking in regionale en internationale organisaties

Artikel

4

Bilaterale en regionale samenwerking

TITEL

II

ONTWIKKELINGSSAMENWERKING

Artikel

5

Algemene beginselen

Artikel

6

Doel van de samenwerking

De strategieën voor ontwikkelingssamenwerking van de partijen richten zich onder andere op:

  • a.

    het bereiken van duurzame economische groei;

  • b.

    het bevorderen van menselijke en sociale ontwikkeling;

  • c.

    het bevorderen van institutionele hervormingen en ontwikkeling;

  • d.

    het bevorderen van de duurzaamheid en het herstel van het milieu, goede praktijken en het behoud van de natuurlijke hulpbronnen;

  • e.

    het voorkomen en beheersen van de gevolgen van klimaatverandering;

  • f.

    het steunen van beleid en instrumenten die een geleidelijke integratie in de wereldeconomie en -handel beogen.

Artikel

7

Vormen van samenwerking

TITEL

III

VREDE EN VEILIGHEID

Artikel

8

Bestrijding van de verspreiding van massavernietigingswapens en overbrengingsmiddelen daarvoor

Artikel

9

Samenwerking op het gebied van de bestrijding van illegale handel in handvuurwapens en lichte wapens in al zijn aspecten

Artikel

10

Samenwerking ter bestrijding van terrorisme

De partijen bevestigen opnieuw het belang van de strijd tegen terrorisme, met volledige eerbiediging van de wet, inclusief het VN-handvest, de mensenrechten, de vluchtelingenwetgeving en het internationale humanitaire recht. Binnen dit kader en overeenkomstig de mondiale strategie voor terrorismebestrijding van de VN, zoals opgenomen in Resolutie 60/288 van de Algemene Vergadering van de VN, de gezamenlijke verklaring van de EU en de ASEAN over samenwerking ter bestrijding van terrorisme van 28 januari 2003, komen de partijen overeen hun samenwerking voor de preventie en bestrijding van terrorisme op te voeren.

De partijen doen dit in het bijzonder:

  • a.

    in het kader van de volledige tenuitvoerlegging van Resolutie 1373 van de VN-Veiligheidsraad en andere relevante VN-resoluties en door stappen te zetten voor ratificatie en volledige tenuitvoerlegging van de internationale overeenkomsten en instrumenten voor de bestrijding en voorkoming van terrorisme;

  • b.

    door in het kader van het gemengd comité regelmatig overleg te houden inzake samenwerking voor de bestrijding en voorkoming van terrorisme;

  • c.

    door informatie uit te wisselen over terreurgroeperingen en hun ondersteuningsnetwerken overeenkomstig de internationale en de nationale wetgeving, en, afhankelijk van de programma's en instrumenten van de partijen, door steun te verlenen voor capaciteitsopbouw voor de bestrijding en voorkoming van terrorisme;

  • d.

    door inzichten uit te wisselen over methoden om terrorisme en aansporing tot terreurdaden te bestrijden, onder meer op technisch gebied en wat betreft opleiding, en door ervaringen uit te wisselen met betrekking tot het voorkomen van terrorisme;

  • e.

    door de internationale consensus en het normatieve kader daarvoor over de strijd tegen terrorisme te vergroten en zo spoedig mogelijk overeenstemming te bereiken over het alomvattend verdrag inzake internationaal terrorisme, ter aanvulling op de bestaande VN-instrumenten voor de bestrijding van terrorisme;

  • f.

    door de samenwerking tussen VN-lidstaten bij de doeltreffende implementatie van de mondiale strategie voor terrorismebestrijding van de VN te bevorderen;

  • g.

    door optimale werkwijzen uit te wisselen betreffende de bescherming van de mensenrechten in het kader van de strijd tegen het terrorisme.

Artikel

11

Juridische samenwerking

TITEL

IV

SAMENWERKING INZAKE HANDEL EN INVESTERINGEN

Artikel

12

Algemene beginselen

Artikel

13

Handelsontwikkeling

Artikel

14

Sanitaire en fytosanitaire kwesties en dierenwelzijn

Artikel

15

Technische handelsbelemmeringen

Artikel

16

Samenwerking op het gebied van douane en handelsfacilitering

Artikel

17

Investeringen

De partijen stimuleren een grotere investeringsstroom door een aantrekkelijk en stabiel wederzijds investeringsklimaat tot stand te brengen met behulp van een consistente dialoog die gericht is op verbetering van wederzijds begrip en samenwerking op het gebied van investeringskwesties, onderzoek van administratieve mechanismen om investeringsstromen te vergemakkelijken, en stimulering van stabiele, transparante, open en niet-discriminerende investeringsregels.

Artikel

18

Mededingingsbeleid

Artikel

19

Diensten

De partijen gaan een regelmatige dialoog aan die met name gericht is op het uitwisselen van informatie over hun respectieve regelgeving teneinde optimale werkwijzen te identificeren, het stimuleren van de toegang tot elkaars markt, met inbegrip van e-commerce, het bevorderen van de toegang tot bronnen van kapitaal en technologie, en het stimuleren van de handel in diensten tussen beide regio's en op de markten van derde landen.

Artikel

20

Bescherming van intellectuele eigendomsrechten

Artikel

21

Grotere participatie van economische actoren

Artikel

22

Overleg

Ter bevordering van de zekerheid en voorspelbaarheid in hun bilaterale handelsrelaties komen de partijen overeen zo snel mogelijk met elkaar overleg te plegen, wanneer een partij daarom verzoekt, over alle geschilpunten die zich kunnen voordoen op het gebied van handel of handelsgerelateerde zaken in het kader van deze titel.

TITEL

V

SAMENWERKING OP HET GEBIED VAN JUSTITIE

Artikel

23

Bestrijding van de georganiseerde misdaad

De partijen komen overeen samen te werken bij de bestrijding van georganiseerde, economische en financiële misdaad, met inbegrip van corruptie. Die samenwerking is meer in het bijzonder gericht op de toepassing en bevordering van desbetreffende internationale normen en instrumenten, zoals het VN-Verdrag ter bestrijding van grensoverschrijdende georganiseerde criminaliteit en de aanvullende protocollen daarbij en het VN-Verdrag inzake bestrijding van corruptie.

Artikel

24

Bestrijding van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme

Artikel

25

Samenwerking op het gebied van drugsbestrijding

Artikel

26

Bescherming van persoonsgegevens

TITEL

VI

SOCIAALECONOMISCHE ONTWIKKELING EN ANDERE SAMENWERKINGSGEBIEDEN

Artikel

27

Samenwerking inzake migratie

Artikel

28

Onderwijs en opleiding

Artikel

29

Gezondheid

Artikel

30

Milieu en natuurlijke hulpbronnen

Artikel

31

Samenwerking inzake klimaatverandering

Artikel

32

Landbouw, bosbouw, veehouderij, visserij en plattelandsontwikkeling

Artikel

33

Samenwerking op het gebied van gendervraagstukken

Artikel

34

Samenwerking voor het opruimen van oorlogsresten

De partijen erkennen het belang van de samenwerking voor het ruimen van mijnen, bommen en andere niet-geëxplodeerde munitie en van de naleving van de internationale verdragen waarbij zij partij zijn, rekening houdend met andere relevante internationale instrumenten. De partijen komen daarom overeen samen te werken door:

  • a.

    het uitwisselen van ervaringen en dialoog, een verbeterde beheerscapaciteit, de opleiding van deskundigen, onderzoekers en specialisten, inclusief bijstand voor capaciteitsopbouw overeenkomstig de binnenlandse procedures inzake de genoemde kwesties;

  • b.

    communicatie en voorlichting over de preventie van ongelukken door bommen en mijnen, verzorging en herintegratie van slachtoffers van bommen en mijnen.

Artikel

35

Samenwerking inzake mensenrechten

Artikel

36

Hervorming van het openbare bestuur

Op basis van een in overleg uitgevoerde specifieke analyse van de behoeften komen de partijen overeen samen te werken voor de herstructurering en verbeterde doeltreffendheid van hun openbare bestuur, onder meer op de volgende terreinen:

  • a.

    verbetering van de organisatorische doelmatigheid, inclusief decentralisering;

  • b.

    verbetering van de effectiviteit van de dienstverlening door de instellingen;

  • c.

    verbetering van het beheer van de overheidsfinanciën en de verantwoordingsplicht overeenkomstig de respectieve wet- en regelgeving van de partijen;

  • d.

    verbetering van het juridische en institutionele kader;

  • e.

    opbouw van het vermogen om beleid te ontwikkelen en uit te voeren (openbare dienstverlening, opstelling en uitvoering van de begroting, corruptiebestrijding);

  • f.

    verbetering van de capaciteit voor wetshandhaving van de desbetreffende mechanismen en instanties;

  • g.

    hervorming van de openbare dienst, de agentschappen en de administratieve procedures;

  • h.

    capaciteitsopbouw voor de modernisering van de openbare dienst.

Artikel

37

Verenigingen en niet-gouvernementele organisaties

Artikel

38

Cultuur

Artikel

39

Wetenschappelijke en technologische samenwerking

Artikel

40

Samenwerking inzake informatie- en communicatietechnologieën

Artikel

41

Vervoer

Artikel

42

Energie

Artikel

43

Toerisme

Artikel

44

Industrieel beleid en samenwerking binnen het midden- en kleinbedrijf

De partijen komen overeen, rekening houdend met hun respectieve economische beleidsmaatregelen en doelstellingen, het industriële beleid op alle passend geachte terreinen te bevorderen met het oog op de verbetering van het concurrentievermogen van het midden- en kleinbedrijf, en wel door onder meer:

  • a.

    de uitwisseling van gegevens over en ervaringen met het scheppen van een wettelijk kader en een klimaat waarbinnen het midden- en kleinbedrijf zijn concurrentievermogen kan verbeteren;

  • b.

    het bevorderen van de contacten en uitwisselingen tussen economische actoren, het stimuleren van gemeenschappelijke investeringen en de totstandbrenging van joint ventures en informatienetwerken, met name via bestaande horizontale EU-programma's, waarbij met name de overdracht van zachte en harde technologie, inclusief nieuwe en geavanceerde technologieën, tussen de partners wordt gestimuleerd;

  • c.

    verstrekking van informatie en stimulering van innovatie en de uitwisseling van optimale werkwijzen met betrekking tot de toegang tot financiering en de markt, inclusief auditing en accounting, met name voor kleine en micro-ondernemingen;

  • d.

    bevordering en ondersteuning van de relevante activiteiten die aan weerszijden door de particuliere sector en de beroepsverenigingen worden ontwikkeld;

  • e.

    het bevorderen van maatschappelijk verantwoord ondernemen en verantwoordingsplicht, en het aanmoedigen van verantwoordelijke zakelijke praktijken, waaronder duurzame consumptie en productie. Deze samenwerking wordt aangevuld door een consumentenperspectief bijvoorbeeld inzake productinformatie en de rol van de consument op de markt;

  • f.

    gezamenlijke onderzoeksprojecten en technische bijstand, samenwerking met betrekking tot normen, technische regelingen en conformiteitsbeoordelingsprocedures op specifieke gebieden, in overleg vast te stellen.

Artikel

45

Dialoog inzake het economisch beleid

De partijen komen overeen samen te werken voor de bevordering van de uitwisseling van informatie over hun respectieve economische trends en beleidsmaatregelen, en de uitwisseling van ervaringen met de coördinatie van het economische beleid in de context van de regionale economische samenwerking en integratie via de bestaande bilaterale en multilaterale mechanismen op gebieden van wederzijds belang, met inbegrip van de uitwisseling van informatie over het proces van hervorming en omvorming van staatsbedrijven tot vennootschappen overeenkomstig de wet- en regelgeving van de partijen.

Artikel

46

Samenwerking op belastinggebied

Artikel

47

Samenwerking inzake financiële dienstverlening

De partijen komen overeen een dialoog te houden die met name is gericht op de uitwisseling van informatie en ervaringen inzake hun respectieve regelgevingscontext, en de samenwerking te versterken voor betere accounting-, auditing-, toezichts- en regelgevingssystemen in de banken- en verzekeringssector en andere onderdelen van de financiële sector, met inbegrip van programma's voor capaciteitsopbouw in zaken van wederzijds belang.

Artikel

48

Samenwerking inzake het voorkomen en beperken van natuurrampen

Artikel

49

Stads- en regionale planning en ontwikkeling

Artikel

50

Arbeid, werkgelegenheid en sociale zaken

Artikel

51

Statistiek

TITEL

VII

INSTITUTIONEEL KADER

Artikel

52

Gemengd Comité

TITEL

VIII

SLOTBEPALINGEN

Artikel

53

Middelen voor samenwerking

Artikel

54

Aanpassingsclausule

Artikel

55

Andere overeenkomsten

Artikel

56

Toepassing en interpretatie van de overeenkomst

Artikel

57

Voldoen aan verplichtingen

Artikel

58

Faciliteiten

Om de samenwerking in het kader van deze overeenkomst te vergemakkelijken, komen de partijen overeen de deskundigen en ambtenaren die betrokken zijn bij de uitvoering van de samenwerking de nodige faciliteiten te verlenen voor de uitoefening van hun taak, overeenkomstig hun respectieve interne regels en voorschriften.

Artikel

59

Verklaringen

De verklaringen bij deze overeenkomst vormen een integrerend deel van deze overeenkomst.

Artikel

60

Territoriaal toepassingsgebied

Deze overeenkomst is van toepassing op het grondgebied waar het Verdrag betreffende de Europese Unie van toepassing is, op de in dat Verdrag neergelegde voorwaarden, enerzijds, en het grondgebied van de Socialistische Republiek Vietnam, anderzijds.

Artikel

61

Definitie van de partijen

Voor de toepassing van deze overeenkomst wordt met de term „partijen” bedoeld de Unie, of haar lidstaten, of de Unie en haar lidstaten, overeenkomstig hun respectieve bevoegdheden, enerzijds, en de Socialistische Republiek Vietnam, anderzijds.

Artikel

62

Nationale veiligheid en openbaarmaking van informatie

Niets in deze overeenkomst mag zodanig worden uitgelegd dat een partij verplicht wordt informatie te verstrekken waarvan zij de openbaarmaking in strijd acht met haar wezenlijke veiligheidsbelangen.

Artikel

63

Inwerkingtreding en duur

Artikel

64

Kennisgevingen

De in artikel 63 bedoelde kennisgevingen worden toegezonden aan het secretariaat-generaal van de Raad van de Europese Unie respectievelijk het ministerie van Buitenlandse Zaken van Vietnam.

Artikel

65

Authentieke tekst

Deze overeenkomst wordt opgesteld in tweevoud in de Bulgaarse, de Deense, de Duitse, de Engelse, de Estse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Hongaarse, de Italiaanse, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Nederlandse, de Poolse, de Portugese, de Roemeense, de Sloveense, de Slowaakse, de Spaanse, de Tsjechische, de Zweedse en de Vietnamese taal, zijnde alle teksten gelijkelijk authentiek.

GEDAAN te Brussel, de zevenentwintigste juni tweeduizend twaalf.

Gemeenschappelijke verklaring inzake de status van markteconomie

De partijen bevorderen de samenwerking om zo spoedig mogelijk te komen tot de erkenning van Vietnam als een markteconomie, met inachtneming van de daarvoor geldende procedures.

Eenzijdige verklaring van de Europese Unie inzake het Stelsel van Algemene Preferenties (SAP)

De Europese Unie erkent het uitzonderlijke belang van het stelsel van algemene preferenties (SAP) voor de ontwikkeling van de handel en werkt ter zake verder samen onder meer door dialoog, uitwisselingen en capaciteitsopbouwactiviteiten, om te waarborgen dat Vietnam optimaal gebruik maakt van het stelsel overeenkomstig de desbetreffende procedures van de partijen en het zich ontwikkelende handelsbeleid van de EU.

Gemeenschappelijke verklaring inzake Artikel 24 (samenwerking ter bestrijding van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme)

De partijen komen overeen dat het gemengd comité een lijst opstelt van bevoegde autoriteiten voor de uitwisseling van relevante informatie in verband met dit artikel.

Gemeenschappelijke verklaring inzake Artikel 57 (naleving van verplichtingen)

De partijen komen overeen dat met het oog op de juiste interpretatie en de praktische toepassing van deze overeenkomst met de term „materiële schending van de overeenkomst” in artikel 57, lid 3, overeenkomstig artikel 60, lid 3, van het Verdrag van Wenen inzake het verdragenrecht van 1969 (Verdrag van Wenen), wordt bedoeld:

In geval van een materiële schending van de overeenkomst wordt de maatregel onmiddellijk ter kennis gebracht van de andere partij. Op verzoek van de andere partij houdt het gemengd comité binnen een termijn van uiterlijk 30 dagen spoedoverleg voor een grondig onderzoek van alle aspecten van, of de grondslag voor de maatregel, met het oog op een oplossing die aanvaardbaar is voor de partijen.