Het Koninkrijk België, vertegenwoordigd door:
-
–
De Federale Regering,
-
–
De Vlaamse Regering,
-
–
De Regering van de Franse Gemeenschap,
-
–
De Waalse Regering,
-
–
De Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest,
-
–
De Regering van de Duitstalige Gemeenschap,
Het Groothertogdom Luxemburg,
Het Koninkrijk der Nederlanden,
hierna te noemen: „de Verdragsluitende Partijen”,
Geleid door de wens de nauwe grensoverschrijdende samenwerking tussen de drie landen van de Benelux Unie inzake de bestrijding van grensoverschrijdende sociale fraude en sociale dumping te verbeteren en te versterken,
Vanuit het perspectief van het garanderen van het vrije verkeer en de rechten van sociaal verzekerden,
Verlangend onjuistheden en misbruik te vermijden en grensoverschrijdende sociale fraude en sociale dumping te bestrijden,
Overwegende dat sociale fraude in haar vele facetten zoals sociale dumping, schijnconstructies, detacheringsfraude, premie- en uitkeringsfraude, frauduleuze uitzendkantoren, illegale arbeid en zwartwerk dan wel bedrieglijk gemeld werk, een groeiend maatschappelijk probleem vormt en steeds vaker een georganiseerd karakter vertoont,
Overwegende dat moet worden gezorgd voor een efficiënte bescherming van de werkgelegenheid, de veiligheid, de gezondheid en de hygiëne op het werk, alsmede voor fatsoenlijke en billijke arbeidsomstandigheden en -voorwaarden, met name voor werkenden die zich in een kwetsbare situatie bevinden,
Overwegende dat de controle- en inspectiediensten worden geconfronteerd met juridische, administratieve, praktische en territoriale beperkingen,
Gelet op artikel 6, lid 2, onder f), van het Verdrag tot instelling van de Benelux Unie, ondertekend te ’s-Gravenhage op 17 juni 2008,
Gezien het Verdrag tussen het Koninkrijk België en het Koninkrijk der Nederlanden voor de ontwikkeling van de samenwerking en van de wederzijdse administratieve bijstand op het gebied van de sociale zekerheid, ondertekend te Brussel op 6 december 2010, en de Overeenkomst tussen het Koninkrijk België en het Groothertogdom Luxemburg betreffende de samenwerking en de wederzijdse administratieve bijstand op het gebied van de sociale zekerheid, ondertekend te Brussel op 5 februari 2015,
Gezien het IAO-Verdrag nr. 81 van 1947 betreffende de arbeidsinspectie in de industrie en handel en Aanbeveling nr. 81 betreffende de arbeidsinspectie,
Overwegende het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie en met name artikel 15 met betrekking tot de vrijheid van beroep en het recht om te werken op het grondgebied van de lidstaten, artikel 31 met betrekking tot rechtvaardige en billijke arbeidsomstandigheden en -voorwaarden en artikel 34 met betrekking tot de sociale zekerheid en sociale bijstand, alsmede hoofdstuk II en III van de Europese Pijler van sociale rechten,
Rekening houdend met de samenwerking en de uitwisseling van informatie overeenkomstig de verscheidene Europese bepalingen die op dit gebied van toepassing zijn, waaronder:
-
–
Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels,
-
–
Verordening (EG) nr. 987/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 tot vaststelling van de wijze van toepassing van verordening (EG) nr. 883/2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels,
-
–
Verordening (EU) nr. 1231/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot uitbreiding van verordening (EG) nr. 883/2004 en verordening (EG) nr. 987/2009 tot onderdanen van derde landen die enkel door hun nationaliteit nog niet onder deze verordeningen vallen,
-
–
Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming),
-
–
Verordening (EU) 2019/1149 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 tot oprichting van een Europese Arbeidsautoriteit, tot wijziging van de verordeningen (EG) nr. 883/2004, (EU) 492/2011 en (EU) 2016/589, en tot intrekking van besluit (EU) 2016/344,
-
–
Richtlijn 96/71/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 1996 betreffende de terbeschikkingstelling van werknemers met het oog op het verrichten van diensten,
-
–
Richtlijn 2014/67/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 inzake de handhaving van richtlijn 96/71/EG betreffende de terbeschikkingstelling van werknemers met het oog op het verrichten van diensten en tot wijziging van verordening (EU) nr. 1024/2012 betreffende de administratieve samenwerking via het informatiesysteem interne markt („de IMI-verordening”),
-
–
Richtlijn (EU) 2016/680 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door bevoegde autoriteiten met het oog op de voorkoming, het onderzoek, de opsporing en de vervolging van strafbare feiten of de tenuitvoerlegging van straffen, en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van kaderbesluit 2008/977/JBZ van de Raad,
-
–
Richtlijn (EU) 2019/1152 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 betreffende transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden in de Europese Unie,
-
–
Richtlijn (EU) 2020/1057 van het Europees Parlement en de Raad van 15 juli 2020 tot vaststelling van specifieke regels met betrekking tot richtlijn 96/71/EG en richtlijn 2014/67/EU wat betreft de detachering van bestuurders in de wegvervoersector en tot wijziging van richtlijn 2006/22/EG wat betreft de handhavingsvoorschriften en verordening (EU) nr. 1024/2012,
-
–
Overeenkomst krachtens artikel 16, eerste lid, van verordening (EG) nr. 883/2004 betreffende de vaststelling van de op Rijnvarenden toepasselijke wetgeving,
-
–
Kaderovereenkomst inzake de toepassing van artikel 16, lid 1, van verordening (EG) nr. 883/2004 in geval van gewoonlijk grensoverschrijdend telewerk,
Overwegende het geheel aan besluiten, beschikkingen, aanbevelingen, verklaringen, resoluties en verschillende administratieve schikkingen, gemeenschappelijke werkprogramma’s en andere instrumenten voor fatsoenlijke en billijke arbeidsomstandigheden en -voorwaarden, alsmede ter bestrijding van sociale fraude, die zowel binnen de Benelux als binnen de Europese Unie zijn aangenomen,