Het bedrag, bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel e, van de Regeling bekostiging financieel toezicht , voor de behandeling van een verzoek tot inschrijving in het register, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Wet inzake de geldtransactiekantoren , wordt vastgesteld op € 3.200.
Het bedrag, bedoeld in artikel 7, tweede lid, van de Regeling bekostiging financieel toezicht , waarmee het bedrag, bedoeld in het eerste lid van dat artikel , kan worden vermeerderd voor de toetsing van de betrouwbaarheid van de in het eerstgenoemde lid bedoelde personen, wordt vastgesteld op € 0.
Het bedrag, bedoeld in artikel 7, derde lid, onderdeel a, van de Regeling bekostiging financieel toezicht , voor een toetsing naar aanleiding van een melding als bedoeld in artikel 2, vijfde lid, van de Wet inzake de geldtransactiekantoren , wordt vastgesteld op € 800.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.