Regeling werkwijze Landinrichtingscommissie

Regeling werkwijze landinrichtingscommissie

De staatssecretaris van Landbouw en Visserij,
Gelet op artikel 32 van de Landinrichtingswet (Stb. 1985, 299);
Gehoord de Centrale Landinrichtingscommissie;

Besluit:

Titel

1

Algemeen

Artikel

1

Deze regeling neemt over de begrippen van de Landinrichtingswet en verstaat onder:

  • a.

    wet: Landinrichtingswet;

  • b.

    minister: Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;

  • c.

    Dienst Landelijk Gebied: Dienst Landelijk Gebied van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;

  • d.

    bureau beheer landbouwgronden: bureau beheer landbouwgronden, als bedoeld in artikel 28 van de Wet agrarisch grondverkeer;

  • e.

    commissie: landinrichtingscommissie als bedoeld in artikel 27, eerste lid, van de wet, dan wel, ingeval van een aanpassingsinrichting, een landinrichtingscommissie als bedoeld in artikel 99, eerste lid, van de wet;

  • f.

    directeur DLG: directeur van de Dienst Landelijk Gebied;

  • g.

    hoofd projecten DLG: hoofd projecten van de Dienst Landelijk Gebied;

  • h.

    kadaster: kadaster directie landinrichting;

  • i.

    teamhoofd inrichting DLG: teamhoofd inrichting van de Dienst Landelijk Gebied.

Artikel

1a

Deze regeling is, met uitzondering van de titels 5, 6 en 7, van overeenkomstige toepassing op de aanpassingsinrichting ‘Borssele’.

Artikel

2

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

De secretaris van de commissie legt in het verslag vast hetgeen in de vergadering is behandeld. Dit verslag maakt deel uit van de bij de agenda van de eerstvolgende vergadering behorende stukken.

Artikel

6

Artikel

7

De secretaris van de commissie draagt zorg voor de archiefvorming volgens de bepalingen en instructies opgesteld voor het archiefbeheer van de Dienst Landelijk Gebied.

Artikel

8

Vervallen

Titel

2

Subcommissies

Artikel

9

Indien de commissie op grond van artikel 29 van de wet een subcommissie instelt, wordt het secretariaat van de subcommissie vervuld door de secretaris van de commissie.

Artikel

10

De commissie stelt een instructie op voor iedere subcommissie.

Titel

3

Planning

Artikel

11

Artikel

12

Titel

4

Grondzaken

Artikel

13

Ter verwezenlijking van de taakstelling voor de grondverwerving, die nader wordt uitgewerkt in het landinrichtingsprogramma, het landinrichtingsplan of het aanpassingsplan, worden door het bureau beheer landbouwgronden gronden verworven op basis van een na overleg met de commissie vastgesteld aankoopbeleid. Over de resultaten wordt periodiek door het bureau beheer landbouwgronden schriftelijk verslag gedaan aan de commissie, die in de gelegenheid wordt gesteld het gevoerde beleid ter discussie te stellen.

Artikel

14

Vervallen

Artikel

15

Artikel

16

Bij verrekening van de voor overbedeling door het bureau beschikbaar gestelde gronden volgt de commissie de richtlijnen van de minister op.

Artikel

17

Artikel

18

Indien in een ruilverkaveling dan wel in een aanpassingsinrichting door het bureau verworven grond wordt gebruikt om door middel van een systematische overbedeling van de eigenaren korting als gevolg van de toepassing van respectievelijk artikel 142, eerste lid, aanhef en onderdelen b en c, van de wet en artikel 143, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de wet geheel of gedeeltelijk te compenseren, ontvangt het bureau door bemiddeling van de commissie, het volgens de door de minister gegeven richtlijnen bepaalde deel van het ingevolge artikel 147, eerste lid, van de wet met het openbaar lichaam overeengekomen bedrag.

Artikel

19

Artikel

20

De commissie geeft de in artikel 23, vierde lid, van de Beschikking grondbankstelsel (Stcrt. 1982, nr. 252) bedoelde schriftelijke verklaring af aan het hoofd projecten DLG. Hieruit dient te blijken hoe naar verwachting de verkaveling en de ligging van de grond van de aanvrager ten opzichte van de bedrijfsgebouwen zullen zijn na verwezenlijking van het plan van toedeling.

Artikel

21

Vervallen

Titel

5

Vereenvoudigde voorbereiding landinrichtingsplan

Paragraaf

1

Landinrichtingsprogramma

Artikel

22

Vervallen

Artikel

23

Artikel

24

Titel

6

Gefaseerde voorbereiding

Artikel

25

Vervallen

Artikel

26

Vervallen

Artikel

27

Titel

7

Overige bepalingen terzake het landinrichtingsplan

Artikel

28

Het voorontwerp van een landinrichtingsplan maakt met betrekking tot de financiële bijdragen van openbare lichamen voor wat betreft het landinrichtingsplan, bedoeld in artikel 23, melding van de overeenstemming als bedoeld in artikel 87, vierde lid, van de wet en voor wat betreft het landinrichtingsplan, bedoeld in artikel 27, melding van de overeenstemming als bedoeld in artikel 35, tweede lid, van de wet.

Artikel

30

Vervallen

Titel

8

Registratie van eigenaren en pachters

Titel

9

Uitvoering van werken

Artikel

32

De commissie werkt, op basis van het door Gedeputeerde Staten ingevolge artikel 80, eerste lid, van de wet onderscheidenlijk artikel 88 van de wet vastgestelde landinrichtingsplan dan wel op basis van het door gedeputeerde staten ingevolge artikel 101 onderscheidenlijk artikel 107 vastgestelde aanpassingsplan met inachtneming van het in artikel 12 bedoelde werkplan, in overleg met het teamhoofd DLG de voorzieningen nader uit en legt ze ter goedkeuring voor aan het hoofd projecten DLG.

Artikel

33

De commissie draagt er voor zorg dat de voor de uitvoering van werken in het kader van een landinrichtingsplan of een aanpassingsplan benodigde vergunningen worden verkregen.

Artikel

34

De commissie stelt nadat de in artikel 32 bedoelde goedkeuring is verkregen en na overleg met het teamhoofd projecten DLG, het tijdstip en tempo van de uitvoering vast.

Artikel

35

Artikel

36

Artikel

38

De commissie stelt richtsnoeren op met betrekking tot vergoeding van schade op grond van artikel 129, tweede lid, van de wet. Deze richtsnoeren behoeven goedkeuring van de minister.

Artikel

39

Titel

10

Registratie van pachtovereenkomsten

Artikel

40

Titel

11

De schattingen

Artikel

41

Vervallen

Artikel

44

Voor de werkzaamheden van de schatters stelt de minister vergoedingen vast, alsmede de voorwaarden waaronder deze worden verleend.

Titel

12

Het plan van tijdelijk gebruik

Artikel

45

De commissie volgt bij het opmaken van een ontwerp van een plan van tijdelijk gebruik als bedoeld in artikel 190, eerste lid, van de wet de door de minister verstrekte voorschriften op.

Titel

13

Begrenzingenplan en regeling eigendom, beheer en onderhoud van de daarin opgenomen voorzieningen

Titel

14

Het plan van toelichting

Artikel

47

Indien de commissie op grond van artikel 21 van de Regeling herverkaveling wenst af te wijken van de regels voor het plan van toedeling, dan doet zij hiertoe door tussenkomst van de directeur DLG een voorstel aan de minister.

Artikel

48

Nadat de wensen, bedoeld in artikel 198 van de wet, zijn uitgebracht, stelt de ingenieur van het kadaster op grondslag van de in artikel 195 van de wet bedoelde regels een ontwerp van het plan van toedeling op in overeenstemming met het hoofd projecten. Nadat overeenstemming is bereikt wordt het ontwerp ter verdere behandeling aangeboden aan de commissie.

Titel

15

Tijdelijk beheer van uitgevoerde en andere werken

Artikel

49

Titel

16

Slotbepalingen

Artikel

50

De commissie volgt bij de behandeling van de bezwaren tegen de lijst van rechthebbenden, de eerste schatting, het plan van tijdelijk gebruik, het plan van toedeling alsmede de lijst der geldelijke regelingen de voorschriften op welke ter zake door de minister zijn gegeven.

Artikel

51

De commissie maakt voor de vervulling van haar taak gebruik van de door de minister voorgeschreven modelformulieren.

Artikel

51a

Vervallen

Artikel

52

's-Gravenhage
De staatssecretaris van Landbouw en Visserij, A.Ploeg