Artikel
1
Betekenis van uitdrukkingen
Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
-
a.
de minister: Onze minister van Defensie;
-
b.
militair ambtenaar: de militair ambtenaar in de zin van artikel 1 van de Militaire ambtenarenwet 1931;
-
c.
dienstplichtige: de dienstplichtige in de zin van artikel 1, onder b, ten 1° en 2° van de Wet rechtstoestand dienstplichtigen;
-
d.
klager: de militair ambtenaar bedoeld in artikel 9, eerste lid van de Militaire ambtenarenwet 1931 dan wel de dienstplichtige als bedoeld in artikel 4b, eerste lid van de Wet rechtstoestand dienstplichtigen;
-
e.
beklag: het schriftelijk beklag bedoeld in artikel 9, eerste lid van de Militaire ambtenarenwet 1931 dan wel artikel 4b, eerste lid van de Wet rechtstoestand dienstplichtigen;
-
f.
klaagschrift: het klaagschrift als bedoeld in artikel 9, derde lid van de Militaire ambtenarenwet 1931 dan wel artikel 4b, derde lid van de Wet rechtstoestand dienstplichtigen;
-
g.
beklagmeerdere: de tot straffen bevoegde militaire meerdere, als bedoeld in artikel 49 van de Wet militair tuchtrecht, onder wiens rechtstreeks bevel degene, tegen wie het klaagschrift is gericht, is gesteld dan wel een door de minister aangewezen functionaris;
-
h.
vertrouwensman: de vertrouwensman als bedoeld in artikel 57 van de Wet militair tuchtrecht.