Artikel
1
De in artikel VI, tweede lid, van de Wet van 26 februari 1996 tot wijziging van de Wet op de rechterlijke organisatie en andere wetten in verband met de opheffing van de functie van verkeersschout (Stb. 155) bedoelde zaken zijn zaken die uitsluitend betreffen feiten die bij of krachtens de Wegenverkeerswet, de Wegenverkeerswet 1994, de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen, artikel 80 van de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994 – voor zover het in gemeentelijke verordeningen strafbaar gesteld gebruik door motorrijtuigen van een weg als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994 betreft –, de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993, artikel 101 van de Wet Personenvervoer 2000, of de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften zijn strafbaar gesteld, en andere zaken betreffende de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften.