Hoofdstuk
1
Nabetaling over december 1998
De pensioenbedragen, bedoeld in artikel 31b van de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945 en in artikel 28b van de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers , zoals zij golden op 30 november 1998, worden voor een nabetaling over december 1998 verhoogd met 12,72%.
De percentages waarmede het peil der buitengewone pensioenen ingevolge de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945 en de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers wordt aangepast, worden voor een nabetaling over december 1998 vastgesteld als volgt:
A
B
pensioengrondslagen
welvaartstoeslag nabetaling december 1998
van
t/m
in %
+ f per %
2700
1.510,22
2701
2989
1.509,62
1.354,53
2990
3094
1.342,67
3,45
3095
3187
1.344,82
3,45
3188
4453
1.348,46
3,46
4454
4554
1.349,87
3,46
4555
4656
1.350,01
3,46
4657
4756
1.350,12
3,46
4757
4857
1.350,27
3,46
4858
4955
1.350,40
3,46
4956
5056
1.350,57
3,46
5057
5256
1.350,71
3,46
5257
5476
1.350,99
3,46
5477
5692
1.351,26
3,46
5693
5902
1.351,56
3,46
5903
1.354,14
3,46
5904
6007
1.354,41
3,46
6008
6111
1.354,55
3,48
6112
6214
1.354,99
3,48
6215
6319
1.355,14
3,48
6320
6422
1.355,58
3,48
6423
6525
1.355,71
3,48
6526
1.355,79
3,48
6527
6621
1.356,06
3,49
6622
6718
1.356,14
3,49
6719
6815
1.356,49
3,49
6816
6910
1.356,57
3,49
6911
1.356,86
3,49
6912
7007
1.356,93
3,49
7008
7102
1.357,00
3,49
7103
1.357,28
3,49
7104
7199
1.357,35
3,49
7200
7294
1.357,42
3,49
7295
7390
1.357,88
3,49
7391
7486
1.358,71
3,49
7487
7582
1.358,95
3,49
7583
7678
1.359,04
3,
7679
7774
1.359,42
3,49
7775
7870
1.359,50
3,49
7871
7966
1.359,87
3,49
7967
8062
1.359,98
3,49
8063
1.360,08
3,49
8064
8183
1.360,36
3,49
8184
8303
1.360,46
3,49
8304
8423
1.360,86
3,49
8424
1.362,01
3,49
8425
8544
1.362,17
3,49
8545
8664
1.362,42
3,49
8665
8784
1.362,53
3,49
8785
8904
1.362,94
3,49
8905
en hoger
1.363,06
3,49
De pensioengrondslagen, bedoeld in artikel 10, eerste, tweede en zesde lid, van de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet , zoals zij golden op 30 november 1998, worden voor een nabetaling over december 1998 verhoogd met 12,72%.
De bedragen, genoemd in artikel 10, achtste lid, onder a en b, van de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet , worden voor een nabetaling over december 1998 vastgesteld als volgt:
a.
het bedrag, genoemd in artikel 10, achtste lid, onder a , op f 43.476,-;
b.
de bedragen, genoemd in artikel 10, achtste lid, onder b , op achtereenvolgens:
f 90.671,-;
f 55.994,-;
f 29.468,-;
f 29.909,-;
f 29.550,-;
f 58.910,-.
De grondslagen, bedoeld in artikel 8, eerste, tweede en zesde lid, van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 , zoals zij golden op 30 november 1998, worden voor een nabetaling over december 1998 verhoogd met 12,72%.
De bedragen, genoemd in de artikelen 8, zevende lid, onder a en b , en 10, eerste lid, onder e en f, van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 , worden voor een nabetaling over december 1998 vastgesteld als volgt:
a.
het bedrag, genoemd in artikel 8, zevende lid, onder a , op f 3.623,-;
b.
het bedrag, genoemd in artikel 8, zevende lid, onder b , op f 7.521,-;
c.
het bedrag, genoemd in artikel 10, eerste lid, onder e , op f 4.915,-;
d.
het bedrag, genoemd in artikel 10, eerste lid, onder f , op f 4.572,-.
De grondslagen, bedoeld in artikel 10, eerste, tweede, zesde, zevende en negende lid, van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 , zoals zij golden op 30 november 1998, worden voor een nabetaling over december 1998 verhoogd met 12,72%.
De bedragen, genoemd in artikel 10, achtste lid, onder a en b, van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 , worden voor een nabetaling over december 1998 vastgesteld als volgt:
a.
het bedrag, genoemd in artikel 10, achtste lid, onder a , op f 3.623,-;
b.
het bedrag, genoemd in artikel 10, achtste lid, onder b , op f 7.521,-.
Hoofdstuk
2
Aanpassingen per 1 januari 1999
De pensioenbedragen, bedoeld in artikel 31b van de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945 en in artikel 28b van de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers , zoals zij golden op 30 november 1998, worden per 1 januari 1999 verhoogd met 1,31%.
De percentages waarmede het peil der buitengewone pensioenen ingevolge de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945 en de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers wordt aangepast, worden per 1 januari 1999 vastgesteld als volgt:
A
B
pensioengrondslagen
welvaartstoeslag per 1 januari 1999
van
t/m
in %
+ f per %
2700
1.347,11
2701
2989
1.346,57
1.207,19
2990
3094
1.196,64
3,10
3095
3187
1.198,57
3,10
3188
4453
1.201,84
3,11
4454
4554
1.203,11
3,11
4555
4656
1.203,23
3,11
4657
4756
1.203,33
3,11
4757
4857
1.203,46
3,11
4858
4955
1.203,59
3,11
4956
5056
1.203,74
3,11
5057
5256
1.203,86
3,11
5257
5476
1.204,11
3,11
5477
5692
1.204,36
3,11
5693
5902
1.204,63
3,11
5903
1.206,95
3,11
5904
6007
1.207,19
3,11
6008
6111
1.207,31
3,12
6112
6214
1.207,71
3,12
6215
6319
1.207,84
3,12
6320
6422
1.208,24
3,12
6423
6525
1.208,36
3,12
6526
1.208,43
3,12
6527
6621
1.208,67
3,13
6622
6718
1.208,74
3,13
6719
6815
1.209,06
3,13
6816
6910
1.209,13
3,13
6911
1.209,39
3,13
6912
7007
1.209,45
3,13
7008
7102
1.209,51
3,13
7103
1.209,77
3,13
7104
7199
1.209,83
3,13
7200
7294
1.209,90
3,13
7295
7390
1.210,30
3,13
7391
7486
1.211,05
3,13
7487
7582
1.211,27
3,13
7583
7678
1.211,35
3,13
7679
7774
1.211,69
3,13
7775
7870
1.211,76
3,13
7871
7966
1.212,10
3,13
7967
8062
1.212,20
3,13
8063
1.212,29
3,13
8064
8183
1.212,53
3,13
8184
8303
1.212,62
3,13
8304
8423
1.212,99
3,13
8424
1.214,02
3,13
8425
8544
1.214,16
3,13
8545
8664
1.214,39
3,13
8665
8784
1.214,49
3,13
8785
8904
1.214,85
3,13
8905
en hoger
1.214,96
3,13
De pensioengrondslagen, bedoeld in artikel 10, eerste, tweede en zesde lid, van de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet , zoals zij golden op 30 november 1998, worden per 1 januari 1999 verhoogd met 1,31%.
De bedragen, genoemd in artikel 10, achtste lid, onder a en b, van de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet , worden per 1 januari 1999 vastgesteld als volgt:
a.
het bedrag, genoemd in artikel 10, achtste lid, onder a , op f 39.072,-;
b.
de bedragen, genoemd in artikel 10, achtste lid, onder b , op achtereenvolgens:
f 81.493,-;
f 50.326,-;
f 26.485,-;
f 26.882,-;
f 26.558,-;
f 52.947,-.
De grondslagen, bedoeld in artikel 8, eerste, tweede en zesde lid, van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 , zoals zij golden op 30 november 1998, worden per 1 januari 1999 verhoogd met 1,31%.
De bedragen, genoemd in de artikelen 8, zevende lid, onder a en b , en 10, eerste lid, onder e en f, van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 , worden per 1 januari 1999 vastgesteld als volgt:
a.
het bedrag, genoemd in artikel 8, zevende lid, onder a , op f 3.256,-;
b.
het bedrag, genoemd in artikel 8, zevende lid, onder b , op f 6.759,-;
c.
het bedrag, genoemd in artikel 10, eerste lid, onder e , op f 4.417,-;
d.
het bedrag, genoemd in artikel 10, eerste lid, onder f , op f 4.109,-.
De grondslagen, bedoeld in artikel 10, eerste, tweede, zesde, zevende en negende lid, van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 , zoals zij golden op 30 november 1998, worden per 1 januari 1999 verhoogd met 1,31%.
De bedragen, genoemd in artikel 10, achtste lid, onder a en b, van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 , worden per 1 januari 1999 vastgesteld als volgt:
a.
het bedrag, genoemd in artikel 10, achtste lid, onder a , op f 3.256,-;
b.
het bedrag, genoemd in artikel 10, achtste lid, onder b , op f 6.759,-.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 1999.