Privacyreglement landelijk politieregister OPS

Reglement landelijk politieregister OPS

De Minister van Justitie, handelend als korpsbeheerder van het Korps landelijke politiediensten,
handelend na overleg met het bevoegd gezag;
gezien het advies van de Registratiekamer ingevolge artikel 5, derde lid, en artikel 21, derde lid, van de Wet politieregisters;

Besluit:

vast te stellen het privacyreglement voor het landelijk politieregister OPS.

Artikel

1

Begripsbepalingen

a.
de Wpolr:
b.
het Bpolr:
c.
beheerder:

de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties, korpsbeheerder van het Korps landelijke politiediensten;

d.
registerbeheerder:

de korpschef van het Korps landelijke politiediensten;

e.
functioneel registerbeheerder:

het hoofd van de divisie Centrale Recherche Informatie;

f.
gegeven:

een gegeven dat herleidbaar is tot een individuele natuurlijke persoon;

g.
verstrekken van gegevens:

het bekend maken of ter beschikking stellen van gegevens, voor zover zulks geheel of grotendeels steunt op gegevens die in het register zijn opgenomen, of die door verwerking daarvan, al dan niet in verband met andere gegevens, zijn verkregen;

h.
gegevensbeheer:

de verantwoordelijkheid voor de juistheid van de ingevoerde gegevens, alsmede voor het bewaren, verwijderen en verstrekken van gegevens;

i.
signalering:

een in verband met de uitvoering van de politietaak noodzakelijke kennisgeving over een persoon of goed;

j.
muteren:

het invoeren, toevoegen, wijzigen, voorlopig of definitief verwijderen van een signalering;

k.
signalerende instanties:

de instanties die in de bijlage, onder 1, van dit reglement zijn genoemd als bevoegd tot het signaleren van personen en/of goederen;

l.
deelnemende instanties:

de instanties die bevoegd zijn tot het langs geautomatiseerde weg rechtstreekse toegang hebben tot het register;

m.
het register:

het landelijk politieregister OPS.

Artikel

2

Doel

Artikel

3

Werking

Artikel

4

Beheer

Artikel

5

Inhoud van het register; categorieën personen

In het register worden gegevens opgenomen betreffende de volgende categorieën van personen:

  • 1.

    personen ten aanzien van wie door een signalerende instantie een verzoek tot opsporing, dan wel opsporing en aanhouding, is gedaan:

    • a.

      wegens verdenking van enig strafbaar feit;

    • b.

      in verband met een onderzoek naar enig strafbaar feit;

    • c.

      ter fine van uitlevering;

    • d.

      ter uitvoering van een rechterlijke beslissing;

    • e.

      ter inning van een onherroepelijk geworden administratieve sanctie, opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Stb. 1989, 300);

    • f.

      ter uitreiking van een gerechtelijk schrijven;

    • g.

      voor terugbrenging onder het wettig over hen gestelde gezag of toezicht;

    • h.

      voor terugbrenging in de inrichting waarin zij krachtens een rechterlijke beslissing zijn geplaatst;

    • i.

      wegens vermissing;

    • j.

      wegens het niet nakomen van een krachtens rechterlijke uitspraak op hen rustende onderhoudsplicht;

    • k.

      ter inhouding van hun paspoort;

    • l.

      ter inning van een voor toepassing van dwangmiddelen vatbare vordering van het Centraal bureau motorrijtuigenbelasting.

  • 2.

    personen die als verdachte betrokken zijn, of naar redelijkerwijs kan worden vermoed betrokken zullen zijn bij misdrijven die gezien hun ernst of frequentie dan wel het georganiseerde verband waarin zij worden gepleegd een ernstige inbreuk op de rechtsorde opleveren, met vermelding van het doel van de signalering.

Artikel

6

Inhoud van het register; soorten gegevens

In afwijking van het gestelde in de vorige leden worden omtrent de in artikel 5, eerste lid, aanhef en onder 1, genoemde personen uitsluitend de volgende gegevens opgenomen: de blijkens het Kentekenregister op hun naam gestelde voertuigkentekens.

Artikel

7

Verwijdering en vernietiging van gegevens

Artikel

8

Verstrekking van gegevens

Verstrekking van gegevens vindt plaats in overeenstemming met de Wpolr en het Bpolr.

Artikel

9

Rechtstreekse toegang tot het register

Artikel

10

Protocol

Artikel

11

Rechten van de geregistreerde; kennisneming

Artikel

12

Rechten van de geregistreerde; correctie

Artikel

13

Verbanden met andere gegevensverzamelingen.

Het register heeft verbanden met de gegevensverzameling van het Centraal Justitieel Incasso Bureau, bestaande uit een stelselmatige uitwisseling van signaleringsgegevens.

Artikel

14

Slotbepaling

Zoetermeer
De Minister van Justitie,
Namens de Minister,
de korpschef van het Korps landelijke politiediensten,
voor deze,
Het hoofd van de divisie Centrale Recherche Informatie (wnd.),
W.M. van Gemert

Bijlage

  • 1.

    De instanties als bedoeld in artikel 1 onder k., van het reglement landelijke politieregister OPS, die bevoegd zijn tot het signaleren van personen zijn:

    • a.

      het Ministerie van Justitie:

      • de divisie Centrale Recherche Informatie in de functie van Nationaal Centraal Bureau Interpol;

      • het Centraal Justitieel Incassobureau;

      • het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen;

    • b.

      het Openbaar Ministerie;

    • c.

      de regionale politiekorpsen, als bedoeld in artikel 21 Politiewet 1993;

    • d.

      het Korps landelijke politiediensten, als bedoeld in artikel 38 Politiewet 1993;

    • e.

      de Koninklijke marechaussee;

    • f.

      de Rijksrecherche;

    • g.

      het NS Korps Spoorwegpolitie;

    • h.

      het Ministerie van Financiën:

      • de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst;

      • het Centraal bureau motorrijtuigenbelasting.

    • i.

      het Ministerie van Economische Zaken:

      • de Economische Controledienst;

    • j.

      het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ter zake de paspoortsignaleringen.

  • 2.

    De instanties als bedoeld in artikel 3, derde lid, van het reglement landelijk politieregister OPS, die bevoegd zijn tot het rechtstreeks langs geautomatiseerde weg toegang hebben tot het register met het oog op het muteren van personen zijn:

    • a.

      het Ministerie van Justitie:

      • De divisie Centrale Recherche Informatie in de functie van Nationaal Centraal Bureau Interpol;

      • het Centraal Justitieel Incassobureau.

    • b.

      de regionale politiekorpsen, als bedoeld in artikel 21 Politiewet 1993;

    • c.

      het Korps landelijke politiediensten, als bedoeld in artikel 38 Politiewet 1993;

    • d.

      de Koninklijke marechaussee;

    • e.

      het NS Korps Spoorwegpolitie.

  • 3.

    De instanties als bedoeld in artikel 3, vierde lid, van het reglement landelijk politieregister OPS, die bevoegd zijn tot het rechtstreeks langs geautomatiseerde weg toegang hebben tot het register met het oog op raadpleging daarvan, zijn:

  • a.

    a. het Ministerie van Justitie:

    • het Centraal Justitieel Incassobureau;

    • de divisie Centrale Recherche Informatie in de functie van Nationaal Centraal Bureau Interpol;

  • b.

    de regionale politiekorpsen, als bedoeld in artikel 21 Politiewet 1993;

  • c.

    het Korps landelijke politiediensten, als bedoeld in artikel 38 Politiewet 1993;

  • d.

    de Koninklijke marechaussee;

  • e.

    de Rijksrecherche;

  • f.

    het NS Korps Spoorwegpolitie;

  • g.

    het ministerie van Financiën:

    • de Belastingdienst/Directie Douane.