Regeling studiefinanciering 2000

Hoofdstuk

1

Algemene bepalingen

Hoofdstuk

2

Regeling omtrent aanvraag

Artikel

2.1

Formulieren

Gegevens die nodig zijn voor de toekenning van de studiefinanciering, worden door de studerende, diens partner of diens ouders uitsluitend verstrekt door invulling en inlevering van daartoe bestemde door de IB-Groep te verstrekken formulieren.

Artikel

2.2

De studentenchipkaart

In afwijking van artikel 2.1 kan een studerende die in het bezit is van een studentenchipkaart gegevens betreffende de einddatum van zijn aanspraak op studiefinanciering of de wijziging van zijn woonplaats, aan de IB-Groep doorgeven via de aan hem verstrekte studentenchipkaart.

Artikel

2.3

Aanvraagprocedure

In de aanvraag om toekenning van studiefinanciering worden de basisbeurs, de aanvullende beurs, de basislening of de aanvullende lening aangevraagd. De aanvrager doet daarbij opgave van het sociaal-fiscaal nummer waaronder hijzelf is geregistreerd bij de rijksbelastingdienst.

Artikel

2.4

Volledige opleiding buiten Nederland: aanvraag OV-studenten-kaart

De studerende, bedoeld in artikel 3.25 van de wet, die als reisvoorziening een OV-studentenkaart wenst te ontvangen, dient daartoe een aanvraag in bij de IB-Groep uiterlijk 8 weken voor de datum waarop de kaart moet ingaan.

Artikel

2.5

Deel opleiding buiten Nederland: aanvraag voorziening in geld

Hoofdstuk

3

Aanwijzing opleidingen in het buitenland

Artikel

3.1

Hoger onderwijs in EER-landen

Voor een lening gedurende ten hoogste 36 maanden als bedoeld in artikel 2.12 van de wet kan een student in aanmerking komen die onderwijs volgt aan een in bijlage 1 genoemde opleiding.

Artikel

3.2

Buitenlandse opleidingen

Voor studiefinanciering kan een student als bedoeld in artikel 2.14 van de wet in aanmerking komen die is ingeschreven voor het volgen van onderwijs aan een in bijlage 2 genoemde opleiding.

Hoofdstuk

4

Reisvoorziening

Artikel

4.1

Vorm van de reisvoorziening

De reisvoorziening wordt toegekend in de vorm van een OV-studentenkaart.

Artikel

4.2

Geldigheidsduur van de OV-studentenkaart

De OV-studentenkaart heeft een geldigheidsduur die ten hoogste de periode van 1 januari tot en met 31 december van een kalenderjaar beslaat.

Artikel

4.3

Geen verlenging geldigheidsduur

De periode waarvoor de OV-studentenkaart geldig is, kan niet worden verlengd. De OV-studentenkaart wordt jaarlijks per 1 januari vervangen door een nieuwe kaart, tenzij op het moment van vervanging van de kaart geen recht op de reisvoorziening bestaat.

Artikel

4.4

Wijze van verkrijgen van een nieuwe OV-studentenkaart

De studerende die recht heeft op de OV-studentenkaart, ontvangt van de IB-Groep jaarlijks tijdig voor 1 januari, of voor de maand waarin recht op de reisvoorziening ontstaat, bericht over de plaats waar, de periode waarin en de wijze waarop de nieuwe OV-studentenkaart kan worden afgehaald.

Artikel

4.5

De keuze van de OV-studentenkaart

Artikel

4.6

Herziening van de keuze van de OV-studentenkaart; beslistermijn

Op de aanvraag om herziening van de keuze, bedoeld in artikel 3.26, tweede lid, van de wet, wordt besloten uiterlijk op de tiende werkdag nadat de aanvraag bij de IB-Groep is ontvangen. Indien de aanvraag wordt toegekend, kan de kaart vanaf de datum van het besluit worden afgehaald.

Artikel

4.7

Kosten van het herzien van de keuze van de OV-studentenkaart

Indien een studerende de gemaakte kaartkeuze herziet, is hij daarvoor aan de IB-Groep € 13,61 verschuldigd.

Artikel

4.8

OV-studentenkaart is strikt persoonlijk

De studerende die in het bezit is van een kaart als bedoeld in artikel 4.5, eerste lid, heeft uitsluitend voor zichzelf recht op kosteloos openbaar vervoer of korting op de vervoerprijs.

Artikel

4.9

Eigendom van de OV-studentenkaart

De kaart die aan een studerende is verstrekt, blijft eigendom van de IB-Groep. De IB-Groep bezit het auteursrecht op de OV-studentenkaart.

Artikel

4.10

Uitzondering op de plicht om de OV-studentenkaart in te leveren

Artikel

4.11

Wijze waarop en voorwaarden waaronder een duplicaat van de OV-studentenkaart kan worden verstrekt

Artikel

4.12

Voorziening in geld

Hoofdstuk

5

Terugbetaling studieschuld

Artikel

5.1

Wijzen van terugbetaling

Hoofdstuk

6

Herziening

Artikel

6.1

Verrekening en terugbetaling

Hoofdstuk

7

Overgangsbepalingen

Artikel

7.6

Vastgestelde bedragen

Daar waar in ministeriële regelingen bedragen zijn vastgesteld voor het jaar 2000, worden deze bedragen vanaf 1 september 2000 geacht te zijn vastgesteld op grond van de wet.

Hoofdstuk

8

Slotbepalingen

Artikel

8.1

Intrekking

De Regeling aanleveren gegevens voor studiefinanciering bij duale opleidingen wordt ingetrokken.

Artikel

8.2

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt terug tot en met 1 september 2000.

Artikel

8.3

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling studiefinanciering 2000.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst, met uitzondering van de bijlagen die ter inzage worden gelegd in de bibliotheek van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen en bij de IB-Groep.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, L.M.L.H.A.Hermans

Bijlage

1

Ligt ter inzage bij het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Bijlage

2

Ligt ter inzage bij het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.