Artikel
1
Begripsbepalingen
In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
Raad voor werk en inkomen;
de voorzitter, tevens lid van de RWI.
Besluit:
In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
Raad voor werk en inkomen;
de voorzitter, tevens lid van de RWI.
De voorzitter heeft per jaar recht op een vakantie-uitkering ten bedrage van 8% van de door hem genoten bruto bezoldiging, die eenmaal per jaar wordt uitgekeerd.
De voorzitter heeft recht op een vergoeding van reis- en verblijfkosten overeenkomstig het Reisbesluit binnenland en het Reisbesluit buitenland.
De voorzitter ontvangt een representatievergoeding overeenkomstig het Besluit vergoeding representatiekosten rijkspersoneel.
De voorzitter ontvangt een tegemoetkoming in de ziektekosten overeenkomstig het Besluit tegemoetkoming ziektekosten rijkspersoneel.
De voorzitter heeft aanspraak op de verloffaciliteiten die gelden voor de sector rijk.
In geval van ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte, gebreken, zwangerschap of bevalling zijn de bepalingen ten aanzien van doorbetaling van de bezoldiging van het Algemeen Rijksambtenarenreglement, alsmede de suppletieregeling gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid van de sector rijk, van overeenkomstige toepassing.
In geval van niet-herbenoeming of tussentijds ontslag, anders dan op eigen verzoek en anders dan ten gevolge van eigen schuld of toedoen, heeft de voorzitter aanspraak op een uitkering overeenkomstig de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers.
De uitkering wordt toegekend voor een periode gelijk aan het tijdvak waarin betrokkene zonder onderbreking als voorzitter benoemd is geweest, doch ten minste voor de duur van twee jaren en ten hoogste voor de duur van zes jaren, of indien dit eerder is, tot betrokkene de leeftijd van 65 jaar heeft bereikt of komt te overlijden.
De uitkering bedraagt gedurende het eerste jaar 80% en vervolgens 70% van de als voorzitter genoten bruto-bezoldiging, vermeerderd met de vakantie-uitkering.
De inkomsten die betrokkene geniet uit of in verband met arbeid of bedrijf die niet reeds werden genoten voor het ontslag worden met de uitkering verrekend. Deze verrekening geschiedt aldus dat de uitkering wordt verminderd met het bedrag waarmee de uitkering, vermeerderd met die inkomsten, de bruto-bezoldiging en de vakantie-uitkering, waarvan de uitkering is afgeleid, overschrijdt.
De voorzitter onthoudt zich van het openbaren van gedachten of gevoelens, indien daardoor de goede vervulling van zijn functie of het goede functioneren van de openbare dienst, voorzover deze in verband staat met zijn functievervulling, niet in redelijkheid zouden zijn verzekerd.
Deze regeling wordt aangehaald als: Rechtspositieregeling voorzitter RWI.
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2002.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.