Besluit van de Minister van Justitie d.d. 22 december 2003, kenmerk 5262127/503/CBK, houdende aanwijzing van medewerkers bij de Dienst Vervoer & Ondersteuning als buitengewoon opsporingsambtenaar

Besluit buitengewoon opsporingsambtenaren Dienst Vervoer & Ondersteuning 2004

De Minister van Justitie,
Overwegende dat het voor de goede uitoefening van de taken waarmee de Dienst Vervoer & Ondersteuning is belast, noodzakelijk is dat medewerkers van voornoemde dienst over opsporingsbevoegdheid beschikken, bevoegd zijn geweld te gebruiken, de veiligheidsfouillering toe te passen en bewapend te zijn;

Besluit:

Artikel

1

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • a.

    buitengewoon opsporingsambtenaar: de buitengewoon opsporingsambtenaar, bedoeld in artikel 2;

  • b.

    DV&O: de Dienst Vervoer en Ondersteuning van het Ministerie van Justitie.

Artikel

2

De personen die werkzaam zijn bij de DV&O bij:

  • a.

    de Landelijke Bijzondere Bijstandsverlening (LBB);

  • b.

    het Bijzonder Ondersteuningsteam (BOT);

  • c.

    de Tijdelijke Executieve Ondersteuning (TEO),

zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar.

Artikel

3

Artikel

5

Artikel

6

Op grond van dit besluit kunnen maximaal 275 personen worden beëdigd als buitengewoon opsporingsambtenaar.

Artikel

7

Artikel

8

De directeur van DV&O brengt jaarlijks met betrekking tot de bij de dienst werkzame buitengewoon opsporingsambtenaren aan de Minister van Justitie verslag uit over:

  • a.

    het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren binnen de dienst;

  • b.

    de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten;

  • c.

    de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van de buitengewoon opsporingsambtenaren, waarin in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het examen van de Citogroep en hoeveel personen in het verslagjaar voor dat examen zijn geslaagd;

  • d.

    de stand van zaken met betrekking tot de training en de bekwaamheid in de omgang met de geweldsbevoegdheden en de geweldsmiddelen van die buitengewoon opsporingsambtenaren.

Artikel

9

Het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaren Dienst Vervoer & Ondersteuning 1998 wordt ingetrokken.

Artikel

10

De op naam gestelde akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging, de legitimatiebewijzen en de overige benoemingsbescheiden, afgegeven mede op basis van het in artikel 9 genoemde besluit worden voor de duur van hun geldigheid, geacht te zijn akten, legitimatiebewijzen en overige benoemingsbescheiden afgegeven mede op basis van het onderhavige besluit.

Artikel

11

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2004 en vervalt op 1 januari 2009.

Artikel

12

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaren Dienst Vervoer & Ondersteuning 2004.

Dit besluit zal worden gepubliceerd in de Staatscourant.

Den Haag
De Minister van Justitie,
namens deze:
hoofd Bureau Juridische en Beleidsondersteunende Aangelegenheden, H.Ph.Mayer