Verordening van het Hoofdbedrijfschap Ambachten van 9 november 2005, houdende regels terzake van de aan de ondernemers die het bestratingsbedrijf uitoefenen op te leggen bestemmingsheffing voor het jaar 2006 (Verordening bestemmingsheffing bestratingsbedrijf 2006)

Verordening bestemmingsheffing bestratingsbedrijf 2006

Het bestuur van het Hoofdbedrijfschap Ambachten;
Gezien het advies van de Commissie bestratingsbedrijf;

Besluit:

§

1

Begripsbepaling en toepassingsgebied

Artikel

1

In de verordening wordt verstaan onder:

Artikel

2

Deze verordening is van toepassing op de ondernemers die een onderneming drijven waarin het bestratingsbedrijf wordt uitgeoefend.

§

2

De heffing

Artikel

3

Artikel

4

§

3

Vermindering van heffing

Artikel

5

De voorzitter vermindert de opgelegde heffing met 25% indien van de omzet in de onderneming over het jaar 2005, minder dan 25% is behaald bij de uitoefening van het bestratingsbedrijf.

Artikel

6

Artikel

7

Vermindering als bedoeld in artikel 5 of 6 wordt slechts verleend op aanvraag. De aanvrager toont ten genoegen van de voorzitter aan dat aan de in het betreffende artikel genoemde voorwaarden wordt voldaan. De voorzitter kan de ondernemer daartoe verzoeken een accountantsverklaring te overleggen.

§

4

Overige bepalingen

Artikel

9

De voorzitter neemt de krachtens deze verordening te nemen besluiten, met uitzondering van het besluit voortvloeiende uit artikel 4, vijfde lid.

Artikel

10

Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na die van afkondiging in het Verordeningenblad bedrijfsorganisatie.

Artikel

11

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening bestemmingsheffing bestratingsbedrijf 2006.

Den Haag
P. Kalle voorzitter
J.W. Nelson secretaris

Goedgekeurd door de Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad bij besluit van 23 december 2005 en door de Minister van Economische Zaken mede namens de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bij beschikking van 7 februari 2006, nr. EP/MW 6009899.