Regeling van de Minister van Economische Zaken van 9 juli 2007, nr. WJZ 7082050, houdende regels voor de verstrekking van subsidies voor maritieme haalbaarheids- en innovatieprojecten (Subsidieregeling maritieme haalbaarheids-, en innovatieprojecten module 2007 van de Experimentele kaderregeling subsidies innovatieprojecten)

Subsidieregeling maritieme haalbaarheids-, en innovatieprojecten module 2007 van de Experimentele kaderregeling subsidies innovatieprojecten

De Minister van Economische Zaken,

Besluit:

§

1

Algemene bepalingen

Artikel

1

§

2

Maritieme haalbaarheidsprojecten

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

§

3

Maritieme innovatieprojecten

Artikel

5

De Minister verstrekt op aanvraag een subsidie aan een maritiem innovatie-samenwerkingsverband dat voor gezamenlijke rekening en risico een maritiem innovatieproject uitvoert dat past binnen de kaders van bij deze regeling behorende bijlage 1.

Artikel

6

Artikel

8

Indien de subsidiabele kosten betrekking hebben op industrieel onderzoek, bedraagt, in afwijking van artikel 3, eerste lid, onderdeel b, van de kaderregeling, de subsidie voor een ondernemer 35 procent van de subsidiabele kosten. Dit percentage wordt met 10 procent verhoogd indien subsidie wordt verleend aan een MKB-ondernemer.

Artikel

9

Artikel

10

Artikel

11

Artikel

12

§

4

Formulieren

Artikel

13

Het formulier voor het indienen van een aanvraag om:

  • a.

    een subsidie is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 2;

  • b.

    een voorschot is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 3;

  • c.

    een subsidievaststelling is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 4.

§

5

Slotbepalingen

Artikel

14

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, met uitzondering van paragraaf 2 die in werking treedt op de eerste dag van de kalendermaand na bedoelde dagtekening.

Artikel

15

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling maritieme haalbaarheids-, en innovatieprojecten module 2007 van de Experimentele kaderregeling subsidies innovatieprojecten

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst, met uitzondering van de bijlagen 2, 3 en 4 die ter inzage worden gelegd bij SenterNovem, Juliana van Stolberglaan 3, te Den Haag.

Den Haag
De Minister van Economische Zaken, M.J.A. van derHoeven

Bijlage

1

1. Inleiding

Nederland heeft een sterke maritieme sector. Deze sector bestaat uit elf subsectoren, zoals de binnenvaart, havens en visserij. Een aantal belangrijke wereldspelers en een groot aantal kleine bedrijven uit de subsectoren maritieme maakindustrie, toeleveranciers, offshore en natte waterbouw heeft zich, samen met een aantal kennisinstituten, verenigd in de maritieme cluster. Dit cluster vormt een goed georganiseerd geheel waarin zowel wetenschappelijke, toepassingsgerichte als commerciële kennis van de wereldmarkt wordt verenigd. Het is een onderdeel van het zogenaamde sleutelgebied ‘Water’, zoals gedefinieerd door het Nederlandse Innovatieplatform.

Door de combinatie van een groeiende wereldhandel én een toenemende behoefte aan een meer betrouwbare en duurzame energievoorziening, is de huidige economische situatie voor de Nederlandse maritieme maak- en offshore industrie bijzonder goed. De verwachtingen voor de toekomst zijn vooral gunstig voor díe hoogwaardige nichemarkten waar de Nederlandse bedrijven, ondanks hun relatief hoge loonkostenniveaus, toch in staat zijn een toonaangevende positie te verwerven op het gebied van productleiderschap en regievoering.

Gezien de goede uitgangspositie willen de toonaangevende bedrijven, toeleverende MKB-bedrijven en publiek gefinancierde onderzoeksorganisaties in de offshore- en maritieme maakindustrie, met behulp van een extra (innovatieve) inspanning gedurende de komende vijf jaar, hun toonaangevende positie op het gebied van productleiderschap en regievoering verder versterken.

2. Doelstelling Maritiem Innovatie Programma

Het Maritiem Innovatie Programma heeft tot doel te bereiken dat de bedrijven en publiek gefinancierde onderzoeksorganisaties in de offshore en maritieme maakindustrie een toonaangevende positie van Nederland op het gebied van productleiderschap en regievoering behouden en versterken. Dit op basis van onderscheidende technologie en een concurrerend positie in prijs/kwaliteit verhouding gebaseerd op een sterke kennisbasis en een hechte samenwerking in de maritieme cluster, rekening houdend met de maatschappelijke randvoorwaarden.

3. Focus Maritiem Innovatie Programma

In het Visiedocument 2020 van juni 2006, schetst de maritieme cluster de innovatiekansen en knelpunten. Op basis van dit document is er in twee werkgroepen een strategische agenda opgesteld voor de Nederlandse offshore- en de maritieme maakindustrie. Het zal grote inspanningen vergen om enerzijds de kansen te benutten, en anderzijds de knelpunten die deze kansen in de weg staan, op te oplossen. Voor de maritieme maak- en de offshore industrie zijn deze uitdagingen in het Maritiem Innovatie Programma vastgelegd. De sleutelwoorden in dit programma zijn: innovatie en concurrentiekracht alsmede energie, milieu, veiligheid en transport.

De vier speerpunten waarop de maritieme cluster zijn positie wil versterken zijn:

  • 1.

    LNG supply chain;

    Toelichting: het aandeel van LNG (liquefied natural gas, vloeibaar aardgas) in de energievoorziening van de middenlange termijn zal sterk toenemen. De Nederlandse offshore bedrijven hebben de ambitie om daarbij een significante rol te spelen bij zowel de vaste als drijvende LNG-terminals in de leveringsketen;

  • 2.

    Olie en gaswinning onder extreme omstandigheden (zoals zeer diep water en ontoegankelijke omgeving);

    Toelichting: de groei van de wereldeconomie heeft de vraag naar olie en gas sterk doen toenemen, terwijl de makkelijk toegankelijke wingebieden uitgeput raken. Mondiaal worden daarom de exploratie en exploitatie activiteiten verlegd naar (zeer) diep water in belangrijke winningsgebieden zoals de Golf van Mexico;

  • 3.

    Complexe specials;

    Toelichting: Nederland excelleert in het bouwen van zogenaamde complexe specials, dat wil zeggen schepen met een gespecialiseerde en complexe functionaliteit, waaraan door de eindgebruiker hoge en specifieke kwaliteitseisen worden gesteld;

  • 4.

    Procesinnovatie;

    Toelichting: de Nederlandse maritieme maakindustrie moet het hebben van het slimmer en sneller maken van complexe producten. In een steeds ingewikkelder proces van integraal ontwerpen, international sourcing en intensieve samenwerking in de keten blijkt het bedrijfsleven in staat zijn positie te versterken d.m.v. innovatie van het voortbrengingsproces resulterend in o.a. kostenbeheersing.

4. De deelprogramma’s

Het Maritiem Innovatie Programma is opgebouwd uit vier deelprogramma’s die voortkomen uit de door de maritieme cluster geconstateerde specifieke knelpunten, waarbij met name de eerste twee deelprogramma’s nauw met elkaar samenhangen.

Die vier deelprogramma’s zijn:

  • A.

    Research voor bedrijfsoverschrijdende kennis en technologie;

    Toelichting: doorbraken en innovaties zijn noodzakelijk om in de maritieme maakindustrie en in de offshore dienstverlening de kennis en technologie tijdig beschikbaar te hebben. De steeds hogere eisen die gesteld worden ten aanzien van milieu, veiligheid en duurzaamheid moeten snel door nieuwe kennis en technologie kunnen worden ingevuld.

  • B.

    Samenwerking;

    Toelichting: dit deelprogramma richt zich op het intensiveren van de samenwerking en de kennisuitwisseling tussen het MKB, grotere bedrijven en publiek gefinancierde onderzoeksorganisaties en het stimuleren van innovatie binnen het MKB;

  • C.

    Verbeteren van de huidige en waarborgen van de toekomstige kennisbasis;

    Toelichting: dit deelprogramma richt zich op het versterken van de opleidingen, het onderwijs en de kennisbasis. Er is in de gehele maritieme cluster nu al een groot gebrek aan voldoende gekwalificeerd personeel;

  • D.

    Programma voor de eliminatie van innovatiedrempels;

    Toelichting: dit deelprogramma is gericht op het slechten van belemmeringen voor innovatie in wet- en regelgeving en het bevorderen van innovatieve pilotprojecten waarmee een nieuwe werkwijze kan worden getoetst.

5. Activiteiten en instrumenten

In het eerste deelprogramma gaat het voornamelijk om de ontwikkeling van platformtechnologie, die sector breed kan worden ingezet. Hierin spelen publiek gefinancierde onderzoeksorganisaties en met name de grote bedrijven een belangrijke rol. Daarnaast is het de uitdrukkelijke bedoeling dat het MKB meer betrokken wordt bij deze ontwikkelingsactiviteiten. Hiervoor zullen samenwerkingsprojecten tussen grote bedrijven en toeleveranciers worden uitgevoerd. In het tweede deelprogramma zal de samenwerking tussen (MKB-) bedrijven onderling en tussen bedrijven en publiek gefinancierde onderzoeksorganisaties worden gestimuleerd. Hiervoor wordt in eerste instantie gedacht aan thematische netwerken, maar ook exportondersteuning voor het MKB en kennisoverdrachtsactiviteiten vallen hieronder. Voor 2007 zijn voor deze twee deelprogramma’s een tender voor onderzoek- en ontwikkelingsprojecten voorzien, maritieme innovatieprojecten geheten, en een subsidieregeling voor haalbaarheidsstudies. Voor de jaren hierna zal door de maritieme cluster een jaarwerkplan worden opgesteld in overleg met Economische Zaken, waarin de doelen, bijbehorende instrumenten en budgetten voor de vier deelprogramma’s zullen worden beschreven.

6. Prioriteiten

Gelet op de eerste en tweede speerpunten van de cluster zullen de research- en samenwerkingsactiviteiten onder de deelprogramma’s A en B voor de offshore dienstverlening bijdragen aan:

  • Nieuwe ontwerptechnologie, gericht op de ‘life cycle’ en veiligheid, en nieuwe omgevingscondities voor diep water en LNG systemen;

  • Kennis en predictie-gereedschap met betrekking tot het gedrag van LNG-carriers in zeegang en ondiep water, en de interactie tussen lading en carrier;

  • Kennis en productie technologie met betrekking tot cryogene systeemcomponenten;

  • Technologie voor industriële toepassing van simulatiemodellen ten behoeve van ontwerp, engineering en training; decision support modellen en risico beheerssystemen; remote control, sensing en plaatsbepaling; positioneringstechnologie voor korte en lange termijn toepassingen, en seismische en flow assurance technologie voor diepwater applicaties, en installatietechnologie voor diep water.

Gelet op de derde en vierde speerpunten van de cluster zullen de research- en samenwerkingsactiviteiten onder de deelprogramma’s A en B voor de maritieme maakindustrie bijdragen aan:

  • Nieuwe concepten voor schepen en systemen die beantwoorden aan de eisen van eindgebruikers en maatschappij;

  • Nieuwe voortstuwings- en energiesystemen die leiden tot gereduceerde emissies en lager brandstofgebruik;

  • Automatisering en robotisering leidend tot een hogere betrouwbaarheid en veiligheid;

  • Nieuwe materialen en verbindingstechnologie leidend tot betere, lichtere, goedkopere en duurzame constructies;

  • Optimalisatie van aanboord systemen leidend tot een snellere ladingsbehandeling, efficiëntere baggerprocessen en betere inzetbaarheid van launch en recovery van autonome systemen;

  • Het ontwerpen in cost performance termen op een hoog systeemniveau in sterke interactie met de klant en toeleveranciers leidend tot beter op de klantbehoefte afgestemde ontwerpen;

  • Automatisering, mechanisering en simulatie van processen leidend tot een kortere doorlooptijd van het bouwproces.

7. Monitoring

De werking van het programma zal worden gemonitored door de maritieme cluster en door Economische Zaken. De monitoring door de maritieme cluster is vooral gericht op het bereiken van de resultaten van het innovatieprogramma en de monitoring door Economische Zaken op de verantwoording van de financiële betrokkenheid van het departement.

Bijlage

2

Ligt ter inzage bij SenterNovem te Den Haag.

Bijlage

3

Ligt ter inzage bij SenterNovem te Den Haag.

Bijlage

4

Ligt ter inzage bij SenterNovem te Den Haag.