Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 19 maart 2009, nr. PO&I/P&I/2009/240, houdende vaststelling van een regeling opvang en klachtenprocedure ongewenste omgangsvormen voor het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Regeling opvang en klachtenprocedure ongewenste omgangsvormen SZW)

Regeling opvang en klachtenprocedure ongewenste omgangsvormen SZW

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Besluit:

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    klager: de medewerker die zich wendt tot een vertrouwenspersoon, dan wel een klacht over enige vorm van ongewenst gedrag in de zin van deze regeling bij de klachtencommissie indient;

  • b.

    beklaagde: de medewerker, werkzaam binnen het gezagsbereik van de minister, tegen wie de klacht is gericht;

  • c.

    klaagschrift: een door klager ondertekend en gedagtekend geschrift waarin een omschrijving van de klacht is opgenomen en dat dient als uitgangspunt voor de klachtenprocedure;

  • d.

    medewerker: degene die bij het ministerie is aangesteld op grond van het Algemeen Rijksambtenarenreglement of op een andere titel werkzaam is bij het ministerie;

  • e.

    de klachtencommissie: de commissie, ingesteld op grond van artikel 6, die de ingediende schriftelijke klachten onderzoekt en daarover aan de Secretaris-Generaal rapporteert en adviseert;

  • f.

    de minister: de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

  • g.

    het ministerie: het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

  • h.

    het bevoegd gezag: de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

  • i.

    vertrouwenspersoon: een op grond van artikel 3 aangewezen medewerker die fungeert als eerste aanspreekpunt voor degenen die menen met ongewenst gedrag te zijn geconfronteerd;

  • j.

    ongewenste omgangsvormen: de factoren (seksuele) intimidatie, agressie en geweld, stalking, pesten, treiteren, discriminatie en extremisme;

  • k.

    (seksuele) intimidatie: enige vorm van verbaal, non-verbaal of fysiek gedrag met een seksuele connotatie dat als doel of gevolg heeft dat de waardigheid van een persoon wordt aangetast, in het bijzonder wanneer een bedreigende, vijandige, beledigende, vernederende of kwetsende situatie wordt gecreëerd;

  • l.

    agressie en geweld: voorvallen waarbij een werknemer psychisch of fysiek wordt lastig gevallen, bedreigd of aangevallen onder omstandigheden die rechtstreeks verband houden met het verrichten van arbeid;

  • m.

    discriminatie: het onderscheid tussen mensen wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook als bedoeld in artikel 1 van de Grondwet;

  • n.

    extremisme: het op een gewelddadige manier achtervolgen van personen en/of groeperingen vanwege hun geloof of afkomst welke als bedreiging voor de eigen cultuur, waarden en normen worden gezien;

  • o.

    stalking: het bij voortduring bespieden, besluipen, achtervolgen of, al dan niet telefonisch, lastigvallen van een andere persoon;

  • p.

    pesten of treiteren: alle vormen van intimiderend gedrag met een structureel karakter, van een of meerdere werknemers (collega’s, leidinggevenden) gericht tegen een werknemer of een groep van werknemers die zich niet kan of kunnen verdedigen tegen dit gedag.

Artikel

2

Reikwijdte

Deze regeling is van toepassing op alle medewerkers.

Artikel

3

Vertrouwenspersoon

Artikel

4

Bemiddeling via de vertrouwenspersoon

Artikel

5

De klachtencommissie

Artikel

6

Indienen van een klacht

Artikel

7

Faciliteiten

Artikel

8

Werkwijze van de klachtencommissie

Artikel

9

Advies door de klachtencommissie

Artikel

10

Beslissing van het bevoegd gezag

Artikel

11

Rechtsbescherming

Artikel

12

Geheimhoudingsplicht

Alle betrokkenen zullen uiterste zorg besteden aan de vertrouwelijkheid van gegevens die hen ter kennis komen. Vermelding van namen van personen in het advies of anderszins geschiedt slechts als dit naar de mening van de klachtencommissie noodzakelijk is.

Artikel

13

Jaarverslag

De commissie brengt jaarlijks aan de Secretaris-Generaal een vertrouwelijk rapport uit over het aantal ontvangen klachten, de aard daarvan en de daaromtrent door de klachtencommissie gegeven adviezen. De departementale ondernemingsraad krijgt dit jaarverslag geanonimiseerd ter informatie toegestuurd.

Artikel

14

Periodiek overleg

Minimaal eenmaal per jaar wordt op initiatief van de klachtencommissie een functioneel overleg georganiseerd. Bij dit functioneel overleg zijn betrokken: de (plaatsvervangende)leden van de klachtencommissie, de vertrouwenspersonen, de Raadsman SZW de bedrijfsmaatschappelijk werkers en de bedrijfsartsen.

Artikel

16

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij is geplaatst.

Artikel

17

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling opvang en klachtenprocedure ongewenste omgangsvormen SZW.

Den Haag
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
namens deze:
de Secretaris-Generaal,J.F. deLeeuw