Artikel
1
In dit besluit wordt verstaan onder buitengewoon opsporingsambtenaar: de opsporingsambtenaar als omschreven in artikel 2.
Besluit:
In dit besluit wordt verstaan onder buitengewoon opsporingsambtenaar: de opsporingsambtenaar als omschreven in artikel 2.
Maximaal 220 personen, werkzaam bij een waterschap en belast met de daadwerkelijke handhaving van de waterstaats- en milieuwetgeving, zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar.
De in artikel 2 bedoelde ambtenaren zijn bevoegd tot het opsporen van de strafbare feiten genoemd in domein II Milieu en Welzijn, van bijlage A-I van de Circulaire Buitengewoon opsporingsambtenaar, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken.
De directeur van de Unie van Waterschappen brengt jaarlijks, doch uiterlijk op 1 april, aan de Minister van Justitie verslag uit over het voorafgaande jaar en vermeldt in dit verslag in ieder geval:
het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren bij de waterschappen;
de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten;
de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van de buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurd examen en hoeveel personen in dat jaar voor het examen zijn geslaagd.
Ingetrokken wordt: het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Waterschappen 2004.
De op naam gestelde akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging en de overige benoemingsbescheiden, afgegeven mede op basis van het besluit van 17 juni 2009, nr. 5593499/Justis/09, worden geacht mede te zijn afgegeven op basis van het onderhavige besluit.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt vijf jaar na inwerkingtreding.
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Waterschappen 2009.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.