Artikel
1
|
a. |
wet: |
|
|
b. |
bedrijfslichaam: |
een bedrijfslichaam als bedoeld in artikel 66, vierde lid, van de wet; |
|
c. |
Raad: |
Sociaal-Economische Raad; |
|
d. |
Bestuurskamer: |
commissie ex artikel 3 van de Verordening bestuurlijke taken SER; |
|
e. |
Toezichtkamer: |
commissie ex artikel 7 van de Verordening bestuurlijke taken SER; |
|
f. |
bestemmingsheffing: |
een heffing als bedoeld in artikel 126, vierde lid, van de wet; |
|
g. |
algemene heffing: |
een heffing op grond van artikel 126, eerste lid, van de wet, niet zijnde een bestemmingsheffing; |
|
h. |
retributie: |
een retributie als bedoeld in artikel 126, tweede lid, van de wet; |
|
i. |
eigen vermogen: |
de som van de algemene reserve, de bestemmingsreserve en de bestemmingsfondsen; |
|
j. |
bestemmingsreserve: |
een reserve met een bijzondere bestemming, bepaald door het bestuur; |
|
k. |
bestemmingsfonds: |
een reserve met een bijzondere bestemming, waarbij een bestedingsbeperking is aangebracht door derden. |
2
Deze verordening is mede van toepassing op voorzieningen ter gemeenschappelijke behartiging van belangen als bedoeld in artikel 109 en verder van de wet.