Artikel
1
In deze Verordening en de daarop berustende besluiten wordt verstaan onder:
pluimvee en eieren
|
1 |
kalkoenen |
: |
pluimvee van de soort meleagris gallopavo, dat wordt opgefokt of gehouden voor de productie van broedeieren of vlees; |
|
2 |
vermeerderingskalkoenen |
: |
kalkoenen van 72 uur en ouder bestemd voor de productie van broedeieren die zijn bestemd voor de productie van vleeskalkoenen; |
|
3 |
fokkalkoenen |
: |
kalkoenen van 72 uur en ouder bestemd voor de productie van broedeieren die zijn bestemd voor de productie van fokkalkoenen of vermeerderingskalkoenen; |
|
4 |
vleeskalkoenen |
: |
kalkoenen van 72 uur en ouder die worden gehouden voor de productie van vlees; |
|
5 |
broedeieren |
: |
eieren afkomstig van kalkoenen, bestemd om te worden bebroed; |
|
6 |
stalkoppel |
: |
alle kalkoenen met dezelfde gezondheidsstatus die in dezelfde stal of binnen dezelfde uitloopruimte worden geplaatst of gehouden en die een epidemiologische eenheid vormen; |
soort bedrijf
|
7 |
kalkoenbedrijf |
: |
inrichting die wordt gebruikt voor het opfokken, fokken of houden van fokkalkoenen of vleeskalkoenen; |
|
8 |
fokbedrijf |
: |
kalkoenbedrijf dat zich toelegt op de productie van broedeieren, bestemd voor de productie van fokkalkoenen of vermeerderingskalkoenen; |
|
9 |
vermeerderingsbedrijf |
: |
kalkoenbedrijf dat zich toelegt op de productie van broedeieren, bestemd voor de productie van vleeskalkoenen; |
|
10 |
opfokbedrijf |
: |
kalkoenbedrijf dat zich toelegt op het opfokken van fokkalkoenen of vermeerderingskalkoenen tot het voortplantingsstadium; |
|
11 |
vleeskalkoenbedrijf |
: |
kalkoenbedrijf dat zich toelegt op het houden van vleeskalkoenen; |
|
12 |
kalkoenkuikenbroederij |
: |
inrichting die wordt gebruikt voor het inleggen en uitbroeden van broedeieren onderscheidenlijk inrichting waarin één of meerdere vorengenoemde handelingen worden verricht; |
overige bepalingen
|
13 |
ondernemer |
: |
een natuurlijk persoon of rechtspersoon die een kalkoenbedrijf of een kalkoenkuikenbroederij uitoefent; |
|
14 |
bedrijfsgebouw |
: |
het gebouw waarin kalkoenen worden gehouden of broedeieren zijn ingelegd en de tot het gebouw behorende voorruimte, stallen en lokalen en, in voorkomend geval, de vrije uitloopruimte; |
|
15 |
stal |
: |
een afgesloten ruimte met eigen ventilatievoorziening bedoeld om kalkoenen te houden; Voor kalkoenbedrijven met vrije uitloop zijn openingen noodzakelijk voor de vrije uitloop toegestaan; |
|
16 |
hygiëneonderzoek |
: |
een onderzoek uitgevoerd door GD of de ondernemer die een kalkoenkuikenbroederij uitoefent naar de hygiënestatus van een kalkoenkuikenbroederij nadat deze is gereinigd en ontsmet; |
|
17 |
ruimen |
: |
het op last van de voorzitter verwijderen van kalkoenen van het kalkoenbedrijf of de kalkoenkuikenbroederij en het vervolgens laten doden en vernietigen dan wel verwerken van kalkoenen(vlees); |
|
18 |
verwerken |
: |
het zodanig behandelen van broedeieren van een met Salmonella besmet stalkoppel dat de uitschakeling van Salmonella is gewaarborgd overeenkomstig de communautaire wetgeving inzake levensmiddelenhygiëne. |
Voor het overige worden de begripsbepalingen van de Verordening hygiënemaatregelen en bestrijding zoönosen in pluimveebedrijven en kuikenbroederijen (PPE) 2011 overgenomen.