Besluit van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van PM 2023, nr. 2023-0000572393 houdende vaststelling van beleidsregels inzake de toepassing van de Wet normering topinkomens met ingang van 1 januari 2024 (Beleidsregels WNT 2024)

Beleidsregels WNT 2024

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, handelend in overeenstemming met de Ministers van Buitenlandse Zaken, van Defensie, van Economische Zaken en Klimaat, van Financiën, van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, van Infrastructuur en Waterstaat, van Justitie en Veiligheid, van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, van Natuur en Voedselkwaliteit, van Landbouw, voor Langdurige Zorg en Sport, voor Rechtsbescherming, voor Natuur en Stikstof, voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, voor Primair en Voortgezet Onderwijs, voor Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen, voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, voor Klimaat en Energie alsmede de Staatssecretarissen van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, van Justitie en Veiligheid, van Onderwijs Cultuur en Wetenschap, van Financiën, van Defensie, van Infrastructuur en Waterstaat, van Economische Zaken en Klimaat, Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Besluit:

Artikel

I

De als bijlage bij dit besluit gevoegde beleidsregels zijn voor het jaar 2024 van toepassing op de uitvoering van de Wet normering topinkomens berustende bepalingen, daaronder begrepen de uitvoering en handhaving door of namens de ministers van die wet en de daartoe door hen aangewezen ambtenaren.

Artikel

II

Dit besluit wordt aangehaald als: Beleidsregels WNT 2024.

Artikel

III

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2024.

Dit besluit zal met de bijlage en de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, A.C. van Huffelen

Bijlage

bij artikel I van de Beleidsregels WNT 2024

Beleidsregels WNT 2024

§

1

Algemeen

Artikel

1

Begripsbepalingen

De Wet normering topinkomens wordt in deze beleidsregels aangehaald met de afkorting ‘WNT’.

Artikel

2

Toepassingsgebied

Deze beleidsregels zijn met ingang van 1 januari 2024 van toepassing op de uitvoering van de WNT en de daarop berustende bepalingen, daaronder begrepen de uitvoering en handhaving door of namens de ministers en bij de uitoefening van toezicht op de naleving van de WNT en de daarop berustende bepalingen door de daartoe door hen aangewezen ambtenaren.

§

2

Reikwijdte van de WNT

Artikel

3

Overheidsverenigingen of -stichtingen

Van een rechtspersoon als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel b, van de WNT is onder meer sprake, indien een of meer krachtens publiekrecht ingestelde rechtspersonen (overheidsorganisaties genoemd in artikel 1.2 van de WNT) op grond van de statuten of ingevolge een mondelinge dan wel schriftelijke overeenkomst ten aanzien van een vereniging (inclusief bijzondere vormen van een vereniging, zoals de coöperatie) of stichting:

  • a.

    een of meer leden in het bestuur kunnen benoemen;

  • b.

    een of meer leden in het bestuur ter benoeming voordragen;

  • c.

    de benoeming van een of meer leden in het bestuur kunnen blokkeren;

  • d.

    een of meer leden met stemrecht in een toezichthoudend orgaan (raad van toezicht) benoemen of kunnen voordragen die alleen of samen een vijfde of meer van de stemmen in dat orgaan kunnen uitbrengen of doen uitbrengen of,

  • e.

    op een andere wijze invloed van betekenis hebben op het beheer of beleid, vergelijkbaar met de in de onderdelen a tot en met d bedoelde invloed.

Artikel

4

Topfunctionaris

Artikel

4a

Topfunctionaris na neerleggen van de functie als topfunctionaris als bedoeld in artikel 1.1, onderdeel b, onder 6°, van de WNT

Artikel

5

Toezichthoudende topfunctionaris

  • 1.

    De organisatiestructuur, zoals deze bijvoorbeeld is neergelegd in de statuten en/of een organogram, bepaalt primair wie toezichthoudende topfunctionaris is in de zin van de WNT. Degene die volgens de statuten en/of het organogram deel uitmaakt van het hoogste toezichthoudende orgaan wordt dus als toezichthoudende topfunctionaris aangemerkt. In elk geval worden als toezichthoudende topfunctionaris aangemerkt de leden van een raad van toezicht of raad van commissarissen.

    Indien een instelling niet beschikt over een raad van toezicht of raad van commissarissen, kan het (interne) toezicht zijn opgedragen aan een ander orgaan bestaande uit een of meer functionarissen. Omdat het begrip topfunctionaris materieel moet worden uitgelegd, wordt een topfunctionaris die -op het hoogste niveau- formeel of blijkens zijn feitelijke werkzaamheden uitsluitend belast is met het houden van toezicht op (leden van) het hoogste uitvoerende orgaan voor de toepassing van de WNT als toezichthouder aangemerkt.

  • 2.

    Binnen één orgaan van een rechtspersoon of instelling kunnen zowel leidinggevende topfunctionarissen als toezichthoudende topfunctionarissen zitten. Om te bepalen wie binnen dat orgaan leidinggevende topfunctionaris is en wie toezichthoudende topfunctionaris, is de formele dan wel feitelijke bevoegdheidsverdeling van belang. Daarbij wordt uitgegaan van wat er in de statuten en/of reglementen staat. Indien de statuten geen uitsluitsel geven over de bevoegdheidsverdeling, bepaalt de instelling op basis van de feitelijke werkzaamheden of er sprake is van een toezichthoudende of leidinggevende topfunctionaris.

§

3

Bezoldigingsmaximum

Artikel

7

Bezoldigingsmaximum en deeltijdwerken

Artikel

7a

Het bezoldigingsmaximum voor een topfunctionaris zonder dienstbetrekking (met ingang van 1 januari 2016) als bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit WNT.

Artikel

8

Meerdere functies of nevenfuncties als bedoeld in artikel 2.1, vijfde lid, van de WNT

§

4

Non-activiteit

Artikel

10

Bezoldiging over een periode waarin de topfunctionaris vooruitlopend op de beëindiging van het dienstverband geen taken meer vervult.

§

5a

Contractovername door mobiliteitsbureaus

Artikel

10a

Contractovername door mobiliteitsbureaus

Bij de toepassing van artikel 4, tweede lid van de Uitvoeringsregeling WNT worden tot de uitkeringen wegens beëindiging van het dienstverband niet gerekend: uitkeringen in de vorm van betalingen van een bedrag ineens of in termijnen aan een mobiliteitsbureau uit hoofde van contractovername ter vervanging van uitkeringen, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de Uitvoeringsregeling WNT, voor zover deze vervangende uitkeringen in totaliteit niet hoger zijn dan de aanspraken die in totaliteit zouden bestaan bij onvrijwillige beëindiging van het dienstverband.

§

5b

Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband

Artikel

10b

Transitievergoeding op grond van artikel 673 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek.

De transitievergoeding waarop de topfunctionaris recht heeft op grond van artikel 673 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, wordt aangemerkt als een uitkering wegens beëindiging van het dienstverband die voortvloeit uit een wettelijk voorschrift als bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de Uitvoeringsregeling WNT. Dit betekent dat slechts voor zover de transitievergoeding rechtstreeks, dwingend en eenduidig voortvloeit uit artikel 673, eerste en tweede lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, deze uitkering is uitgezonderd van de normering.

Artikel

10c

Afkoop van opgebouwde uitkeringsrechten in verband met werkloosheid

§

6

Overgangsrecht

Artikel

11

Overgangsrecht bij verhoging

Artikel

11a

Startpunt afbouw overgangsrecht bij vrijwillige wijzigingen van de bezoldiging

Artikel

12

Overgangsrecht bij herbenoeming en interne promotie

Artikel

13

Overgangsrecht bij fusies en overgang van onderneming

Bij een juridische fusie gaan alle rechten en verplichtingen van rechtswege over op de verkrijgende rechtspersoon. Dit geldt ook voor de aanstellingen, arbeidsovereenkomsten en overeenkomsten van opdracht; deze blijven in dat geval in stand. Datzelfde geldt bij arbeidsovereenkomsten bij overgang van een onderneming waarop titel 10, afdeling 8, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek van toepassing is. Als een topfunctionaris bij instelling A door een juridische fusie of overgang van rechtswege topfunctionaris wordt bij instelling B blijft het eventueel toepasselijke overgangsrecht van toepassing. Indien met de topfunctionaris bij of na de fusie of overgang nieuwe bezoldigingsafspraken worden gemaakt, gaat het overgangsrecht verloren.

§

7

Overig

Artikel

15

Toepassing van de Uitvoeringsregeling WNT

Constructies in de toepassing van de werkkostenregeling die het ontwijken of ontduiken van de WNT beogen, zoals oneigenlijk gebruik van individualiseerbare ongebruikelijke eindheffingsbestanddelen, zijn niet toegestaan. Zie tevens de toelichting bij de Uitvoeringsregeling WNT en de beantwoording van Kamervragen over dit onderwerp (Aanhangsel Handelingen II 2014/15, nr. 106).

Artikel

16

Wetsuitleg en handreikingen op topinkomens.nl

Artikel

17

Overgangsbepaling

Artikel

18

Citeertitel

Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels WNT 2024.