De pensioenbedragen, bedoeld in artikel 31b, eerste lid, onder a, van de Wet buitengewoon pensioen 1940–1945 en in artikel 28b, eerste lid, onder a, van de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers , zoals zij golden op 1 juli 2025, worden met ingang van 1 januari 2026 verhoogd met 2,16%.
De factoren waarmee het peil der buitengewone pensioenen ingevolge de Wet buitengewoon pensioen 1940–1945 en de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers wordt aangepast, worden met ingang van 1 januari 2026 vastgesteld als volgt:
van
tot en met
1.225,21
1.356,79
37.910,40 minus pensioengrondslag
van
tot en met
pensioengrondslag maal
plus extra bedrag in euro
1.356,80
1.404,44
26,7328
299,00
1.404,45
1.446,64
26,7738
299,00
1.446,65
2.021,13
26,8441
299,00
2.021,14
2.066,96
26,8710
299,00
2.066,97
2.113,24
26,8736
299,00
2.113,25
2.158,62
26,8755
299,00
2.158,63
2.204,45
26,8790
299,00
2.204,46
2.248,92
26,8816
299,00
2.248,93
2.294,76
26,8840
299,00
2.294,77
2.385,51
26,8869
299,00
2.385,52
2.485,34
26,8927
299,00
2.485,35
2.583,36
26,8975
299,00
2.583,37
2.678,65
26,9033
299,00
2.678,66
2.679,11
26,9530
299,00
2.679,12
2.726,30
26,9583
299,00
2.726,31
2.773,49
26,9613
299,00
2.773,50
2.820,23
26,9694
299,00
2.820,24
2.867,88
26,9715
299,00
2.867,89
2.914,62
26,9807
299,00
2.914,63
2.961,36
26,9836
299,00
2.961,37
2.961,81
26,9846
299,00
2.961,82
3.004,92
26,9899
300,00
3.004,93
3.048,94
26,9918
300,00
3.048,95
3.092,96
26,9981
300,00
3.092,97
3.136,07
26,9994
300,00
3.136,08
3.136,52
27,0052
300,00
3.136,53
3.180,08
27,0067
300,00
3.180,09
3.223,19
27,0080
300,00
3.223,20
3.223,64
27,0134
300,00
3.223,65
3.267,21
27,0147
300,00
3.267,22
3.310,32
27,0157
300,00
3.310,33
3.353,88
27,0242
300,00
3.353,89
3.397,44
27,0412
300,00
3.397,45
3.441,01
27,0454
300,00
3.441,02
3.484,57
27,0474
300,00
3.484,58
3.528,13
27,0547
300,00
3.528,14
3.571,69
27,0558
300,00
3.571,70
3.615,26
27,0640
300,00
3.615,27
3.658,82
27,0657
300,00
3.658,83
3.659,27
27,0673
300,00
3.659,28
3.713,73
27,0723
300,00
3.713,74
3.768,18
27,0739
300,00
3.768,19
3.822,63
27,0819
300,00
3.822,64
3.823,09
27,1048
300,00
3.823,10
3.877,54
27,1072
300,00
3.877,55
3.932,00
27,1124
300,00
3.932,01
3.986,45
27,1146
300,00
3.986,46
4.040,90
27,1221
300,00
4.040,91
4.084,02
27,1246
300,00
De pensioengrondslagen, bedoeld in artikel 10, eerste, tweede en zesde lid, van de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet , zoals zij golden op 1 juli 2025, worden met ingang van 1 januari 2026 verhoogd met 2,16%.
Wijzigt de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet.
De grondslagen, bedoeld in artikel 8, eerste, tweede en zesde lid, van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940–1945 , zoals zij golden op 1 juli 2025, worden met ingang van 1 januari 2026 verhoogd met 2,16%.
Wijzigt de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945.
De grondslagen, bedoeld in artikel 10, eerste, tweede, zesde, zevende en negende lid, van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940–1945 , zoals zij golden op 1 juli 2025, worden met ingang van 1 januari 2026 verhoogd met 2,16%.
Wijzigt de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945.
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.