Skal-Reglement Certificatie en Toezicht

Dit reglement is door het bestuur van stichting Skal vastgesteld op, 26-11-2025

goedgekeurd door de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur op 9 december 2025 en treedt in werking met ingang van 1 januari 2026

Algemeen

De regelgeving voor biologische productie bestaat uit Europese verordeningen, Nederlandse regelgeving en reglementen van Stichting Skal (hierna Skal). Dit Reglement Certificatie en Toezicht van Skal is voor de toepassing van verordening (EU)2018/848 inzake de biologische productie en etikettering van biologische producten (hierna: basisverordening) het reglement, bedoeld in artikel 10, tweede lid, van de Landbouwkwaliteitswet. Dit reglement beschrijft hoe Skal als controleautoriteit in de zin van de Controleverordening (EU) 2017/625 en de basisverordening (EU) 2018/848 de regelgeving voor biologische productie en etikettering controleert en als controleautoriteit of als bevoegde autoriteit handhaaft. Ook leest u hoe Skal toezicht houdt op de gecertificeerde bedrijven en de sector in het algemeen.

De verschillende inspectietypes worden gedefinieerd. In bijlage 1 vindt u het overzicht van de maatregelen die Skal als controleautoriteit of als bevoegde autoriteit op basis van de basisverordening en controleverordening bevoegd is te nemen bij geconstateerde tekortkomingen in de naleving (zogenoemde non-conformiteiten) bij exploitanten van de regelgeving voor biologische productie.

Artikel

1

Voorwerp

In dit reglement worden de beginselen van de certificatie voor biologische productie vastgesteld alsmede registratie, productregistratie en controle. Ook het toezicht op de plantaardige productie, dierlijke productie en het bewerken, verwerken en verhandelen van biologische producten in Nederland valt onder dit reglement.

De grondslag voor de taken van Skal vormt de aanwijzing van Skal als controleautoriteit in de zin van de Controleverordening (EU) 2017/625 en de basisverordening (EU) 2018/848 in het Landbouwkwaliteitsbesluit. Skal is belast met alle taken die conform die verordeningen aan de controleautoriteit kunnen worden opgedragen en bevoegd tot het nemen van alle maatregelen die overeenkomstig die verordeningen door de controleautoriteit of bevoegde autoriteit aan ondernemers kunnen worden opgelegd bij niet-naleving. Die taken worden in de nationale regelgeving – te weten de regelgeving bij of krachtens de Landbouwkwaliteitswet en de Wet dieren – nader uitgewerkt. Skal ontvangt de melding, bedoeld in artikel 34, eerste lid, van de basisverordening.

Daarnaast is Skal geaccrediteerd conform de ISO/IEC 17065:2012 voor de borging van de kwaliteit van controle- en toezichtprocessen.

Artikel

2

Toepassingsgebied

Dit reglement is van toepassing op elke exploitant die, in elk stadium van de biologische productie, bereiding of distributie, betrokken is bij activiteiten met betrekking tot de in artikel 2 van Verordening (EU) 2018/848 genoemde producten.

In dit reglement Certificatie en Toezicht staan de regels ter uitvoering van de biologische certificatie door Skal. De verschillende inspectietypes worden gedefinieerd.

Artikel

3

Definities

Aanvullend op definities uit verordening 2018/848 heeft Skal de volgende begrippen toegelicht.

  • 1.

    Publiekrechtelijke wet- en regelgeving: verordening (EU) 2018/848 (basisverordening) en verordening (EG) nr. 2017/625 (controleverordening) en de daarop gebaseerde EU regelgeving, de Landbouwkwaliteitswet, het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007 en de Landbouwkwaliteitsregeling 2007. Specifiek voor de dierlijke productie geldt de volgende nationale regelgeving: Wet dieren, Besluit Diervoeders, Regeling Diervoeders 2012, Besluit Dierlijke producten, Regeling Dierlijke producten 2012.

  • 2.

    Toezicht: de werkzaamheden die door of in opdracht van Skal worden verricht om na te gaan of de exploitant (blijvend) aan de eisen van de biologische verordening heeft voldaan, bijvoorbeeld door middel van inspectie. Tevens het beslissen over en zo nodig het opleggen van maatregelen aan de exploitant indien hij niet aan deze eisen en/of voorschriften heeft voldaan.

  • 3.

    Inspectie: onderzoek of voldaan wordt aan eisen, bijvoorbeeld door middel van observatie, deskundige beoordeling en zo nodig door middel van meten en monsteronderzoek. Een inspectie kan zowel fysiek ter plaatse als op afstand digitaal (bijvoorbeeld vanuit kantoor van Skal) uitgevoerd worden.

  • 4.

    Monstername en -analyse: uitvoering van technische handelingen ter bepaling van een of meer eigenschappen van een product volgens een gespecificeerde procedure.

  • 5.

    Non Conformiteit (NC): een niet-naleving en/of tekortkoming van de biologische regelgeving door een exploitant.

  • 6.

    Maatregelen: maatregelen en/of acties van Skal naar aanleiding van NC's, aan een exploitant opgelegd, die moeten worden opgevolgd op aanwijzing van Skal. Met deze maatregelen wordt de eerlijke concurrentie tussen exploitanten bevorderd, alsmede de goede werking van de interne markt. Daarnaast wordt het vertrouwen van de consument in biologisch aangeduide producten behouden.

  • 7.

    Kwaliteitsplan: een beschrijving van de door de exploitant uit te voeren controle- en voorzorgsmaatregelen, alsmede alle noodzakelijke administratieve handelingen om zeker te stellen dat gecertificeerde producten bij voortduring aan de certificatievoorwaarden voldoen.

  • 8.

    Aangemeld: exploitant waarmee Skal een overeenkomst voor certificatie en/of toezicht heeft gesloten, of natuurlijk persoon, rechtspersoon of onderdeel van een rechtspersoon die een overeenkomst voor certificatie en/of toezicht heeft afgesloten met Skal. Een aangemelde is niet per definitie gecertificeerd.

  • 9.

    Onderaannemer: exploitanten aan wie activiteiten worden uitbesteed en op wie volledig dan wel deels de verantwoordelijkheid voor de biologische productie schriftelijk is overgedragen.

Artikel

4

Certificatievoorwaarden

Artikel

5

Overeenkomst tussen exploitant en Skal

Voor de uitvoering van de aanmelding en/of het afgeven van een bio-certificaat en het toezicht sluiten de exploitant en Skal een overeenkomst. De overeenkomst komt tot stand nadat Skal een volledig ingevuld en ondertekend aanmeldingsformulier inclusief bijbehorende bijlagen heeft ontvangen, en Skal de aanmelding aan de exploitant schriftelijk heeft bevestigd.

Artikel

6

Certificaathouder

Artikel

7

bio-certificaat

Artikel

8

Etikettering van biologische producten

Artikel

9

Vergoedingen

Van de tariefvergoeding die de exploitant verplicht is te betalen (bijdrage) aan Skal, zijn de aard, de hoogte en de overige voorwaarden geregeld in:

  • het Skal-Reglement bijdrage (R15);

  • het jaarlijks vastgestelde Skal-Tarievenblad (R16).

Artikel

10

Openbaarmaking

Het verstrekken van een bio-certificaat

Artikel

11

Procedure

Artikel

12

Toelatingsonderzoek

Artikel

13

Besluit op de certificatieaanvraag

Skal beslist over de aanvraag binnen een maand nadat het onderzoek en de rapportage daarover zijn afgerond. Het certificatiebesluit wordt meegedeeld aan de exploitant.

  • Bij een positief besluit stelt Skal het bio-certificaat digitaal beschikbaar aan de exploitant.

  • Bij een negatief certificatiebesluit wijst Skal de aanvraag af onder vermelding van de redenen die tot dit besluit hebben geleid. Hiermee vervalt de met de exploitant gesloten in artikel 5 van dit reglement bedoelde overeenkomst en wordt de exploitant uitgeschreven tenzij er nog een in artikel 5 van dit reglement bedoelde overeenkomst voor een ander product of activiteiten bestaat of wanneer de exploitant wel onder de aanmeldplicht valt.

Artikel

14

Beëindiging van de aanvraag

Artikel

15

Registratie van een product

Om een product op het biologische certificaat te laten vermelden kan de exploitant een productregistratie aanvragen bij Skal.

  • Productregistratie verloopt via het digitale loket op Mijn.Skal.nl.

  • Nadat de productregistratie door Skal is gecontroleerd en een goedkeuring is verleend zal het product op de bijlage van het bio-certificaat van de exploitant worden vermeld.

  • De exploitant heeft de plicht om een biologische aanduiding aan te brengen, zoals vermeld in artikel 8 in dit reglement, op de etikettering van producten die onder zijn bio-certificaat als biologisch in de handel worden gebracht.

  • Producten die niet voldoen aan of die niet zijn voortgebracht volgens de gestelde eisen, mogen niet worden voorzien van een biologische aanduiding. De exploitant is verplicht om hierop toe te zien en eventueel reeds aangebrachte foutieve biologische aanduidingen te verwijderen.

Toezicht

Artikel

17

Risicoclassificatie

Voor de uitvoering van officiële controles en andere officiële activiteiten om de naleving van de eisen van verordening (EU) 2018/848 na te gaan, ter waarborging van de biologische status in alle stadia van de productie, bereiding en distributie, zijn er in de verordeningen controleregels opgesteld.

Voor de invulling van de controles vereist Verordening (EU) 2018/848, artikel 38 dat een risicoanalyse/ risicoclassificatie wordt gemaakt van de gecertificeerde exploitanten. Op basis van deze risicoclassificatie worden de exploitanten ingedeeld. Op basis van de indeling wordt een exploitant meer, minder vaak geïnspecteerd.

Artikel

17 bis

Risicomodel

Op basis van de minimale verplichte punten uit de verordening en aanvullende punten wordt er jaarlijks door Skal op basis van een risicomodel een risicoclassificatie gemaakt. De uitgangspunten van het risicomodel zijn te vinden op de website van Skal. De uitkomst van de berekening door het risicomodel geeft een rangschikking van de gecertificeerde exploitanten. Exploitanten die rechtstreeks aan consumenten verkopen vallen in de categorie “Verkoop aan consumenten”.

Artikel

17 ter

Risico hoog, normaal en laag

Verordening (EU) 2018/848 artikel 38 beschrijft dat de verschillende risicoclassificaties een verschillende hoeveelheid inspecties per periode kunnen krijgen. Lid 3 beschrijft dat alle exploitanten minimaal éénmaal per jaar geïnspecteerd moeten worden. Wanneer aan specifiek beschreven voorwaarden is voldaan mag volgens lid 3 een exploitant éénmaal per 24 maanden geïnspecteerd worden. Skal zal dat aangeven als laag risico. Lid 4 geeft aan dat hoog risico exploitanten extra controles moeten krijgen. Skal hanteert als hoog risico de bovenste 10% van de ranking uit het risicomodel. Deze exploitanten zullen in het toezichtarrangement ‘Hoog risico’ ingedeeld worden en jaarlijks een tweede inspectie krijgen. De overige exploitanten die niet in het risico laag of hoog vallen worden ingedeeld in de categorie normaal risico.

Artikel

18

Toezichtarrangementen

Om het risico gebaseerde toezicht in te richten is een model gemaakt waarin de exploitanten worden ingedeeld. Dit model bestaat uit vijf categorieën. De categorieën die gelden zijn:

  • De categorie hoog risico. Deze categorie bevat exploitanten die volgens het risicomodel in de top 10% vallen.

  • De categorie normaal risico. Deze categorie bevat exploitanten die niet in de top 10% van het risicomodel vallen en ook niet voldoen aan de vereisten om als laag risico geclassificeerd te worden.

  • De categorie laag risico. Deze categorie wordt ingedeeld op basis van de vereisten uit de verordening. Deze categorie hoeft niet jaarlijks maar kan eens per 24 maanden geïnspecteerd worden.

  • De categorie Verkoop aan consumenten. Deze categorie is ingesteld om de keten van biologische producten tot in de winkel te waarborgen.

  • De categorie niet aangemeld of gecertificeerd. Deze categorie betreft het toezicht dat Skal houdt op de gehele markt in Nederland op het gebruik van biologische aanduidingen.

Artikel

19

Inspecties

Artikel

20

Oneigenlijk gebruik van biocertificaten en -aanduidingen

Catalogus van maatregelen

Artikel

21

Algemeen

Maatregelen bij non-conformiteiten:

  • 1.

    Wanneer bij het toelatingsonderzoek of de inspectie non-conformiteiten worden vastgesteld, zullen door Skal maatregelen worden opgelegd aan de exploitant overeenkomstig de in bijlage 1 vermelde “Tabel – Maatregelen bij NC’s”. In de “Lijst van maatregelen” zijn per specifiek geval van non-conformiteit de bijbehorende maatregelen opgenomen. Deze lijst is voor geregistreerde exploitanten te raadplegen op Mijnskal.nl.

  • 2.

    Overtreding van een of meer voorschriften gebaseerd op het Landbouwkwaliteitsbesluit 2007, is aan tuchtrecht onderworpen en kan worden voorgelegd aan het Tuchtgerecht dat is ingesteld op grond van de Landbouwkwaliteitswet artikel 13.

  • 3.

    Onverminderd het voorgaande zal Skal, wanneer een overtreding wordt vastgesteld die als overtreding van de Landbouwkwaliteitswet of de Wet dieren juncto artikel 2 lid 4 van de Wet op de economische delicten wordt aangemerkt, deze overtreding via de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA-IOD) of de Officier van Justitie melden voor strafrechtelijke vervolging.

  • 4.

    Skal stelt de exploitant schriftelijk op de hoogte van haar beslissing omtrent de getroffen maatregel.

  • 5.

    De kosten van door Skal opgelegde gerichte dan wel herinspectie(s), of van door het Tuchtgerecht opgelegde verscherpte toezichtmaatregelen worden aan de exploitant in rekening gebracht volgens het geldende tarievenblad. Wanneer de maatregel extra monstername inhoudt, zullen de daaraan verbonden kosten separaat in rekening worden gebracht.

  • 6.

    Bij intrekking of opschorting van een bio-certificaat moet de exploitant zijn afnemers hierover informeren op de wijze die Skal voorschrijft. Skal behoudt zich echter het recht voor om zelf, op kosten van de exploitant, de afnemer(s) van de betreffende exploitant te informeren. De exploitant is verplicht Skal op verzoek te voorzien van een volledige lijst van afnemers.

  • 7.

    Skal publiceert bij intrekking van het bio-certificaat of de registratie, conform artikel 10 lid 4 van dit reglement, informatie met betrekking tot de intrekking op haar website.

Artikel

22

Opmerking en indeling van NC’s in categorieën

Artikel

22 bis

Herstel non-conformiteiten (NC’s)

Een NC wordt, afhankelijk van de ernst, op onderstaande wijze afgehandeld.

  • 1.

    De exploitant moet elke NC zo snel mogelijk aantoonbaar corrigeren, uiterlijk binnen de door Skal gestelde herstelperiode. Skal kan een kortere periode opleggen waarbinnen de NC gecorrigeerd moet zijn.

    Een NC wordt opgeheven indien de exploitant de NC afdoende heeft gecorrigeerd (door middel van een corrigerende maatregel en zo mogelijk correctie) en dit door Skal is geverifieerd en akkoord bevonden.

    In een individueel geval kan bij zeer bijzondere omstandigheden de opgelegde termijn om een NC te corrigeren door Skal worden verlengd.

  • 2.

    Bij een NC kan de verplichting worden opgelegd de biologische aanduidingen te verwijderen van of deze niet aan te brengen op de afwijkende producten.

  • 3.

    Skal kan bij een ernstige of kritieke NC overwegen een Tuchtrechtelijke Verklaring (TV) aan te zeggen, zie artikel 25 in dit reglement.

  • 4.

    Skal kan een herinspectie uitvoeren ter verificatie van de opgelegde verplichting aanduidingen te verwijderen en/of ter verificatie van de naleving of opvolging van de maatregel en/of correctie.

  • 5.

    Indien binnen 24 maanden na constatering van de eerste, een tweede of dezelfde kritieke NC wordt geconstateerd, kan Skal het bio-certificaat van de exploitant opschorten of intrekken, conform artikel 23 en 24 van dit reglement, en/of een aanvraag voor het verstrekken of uitbreiden van bio-certificaat afwijzen dan wel gedurende een maximumtermijn van 24 maanden buiten behandeling stellen. Dit geldt ook indien tegelijkertijd twee kritieke NC’s worden geconstateerd. Skal zal, nadat het besluit tot intrekking van het bio-certificaat onherroepelijk is geworden, de informatie met betrekking tot de intrekking actief publiceren op haar website.

  • 6.

    Een bio-certificaat wordt slechts verstrekt c.q. uitgebreid, indien bij het toelatingsonderzoek is vastgesteld dat geen NC’s (meer) aanwezig zijn. Indien bij het toelatingsonderzoek een NC wordt geconstateerd zal dus geen bio-certificaat worden verstrekt of uitgebreid, totdat deze NC is opgeheven.

Artikel

22 ter

Verwijdering biologische aanduiding

Bij een kritieke NC op productniveau moet elke verwijzing naar de biologische productiemethode van de betreffende producten verwijderd worden. Bij andere NC’s kan de verplichting worden opgelegd de biologisch aanduiding(en) te verwijderen van of deze niet aan te brengen op de betreffende producten.

Artikel

22 quater

Verscherpt toezicht

Verscherpt toezicht bestaat uit gerichte en herinspectie(s) die bij de exploitant in rekening worden gebracht volgens het geldende tarievenblad en is gericht op het structurele herstel van vastgestelde NC's.

Artikel

23

Opschorting van het bio-certificaat of deel/scope daarvan

Artikel

24

Intrekking van het bio-certificaat of deel/scope daarvan

Artikel

24 bis

Beëindiging van de aanmelding/registratie en/of de overeenkomst

Artikel

25

Tuchtrecht

Klachten, bezwaar en beroep

Artikel

26

Klachten

Artikel

27

Bezwaar

Artikel

28

Beroep

Overige bepalingen

Artikel

29

Arbeidsomstandigheden

De exploitant dient er zorg voor te dragen dat de arbeidsomstandigheden in zijn bedrijf en op plaatsen waar de werkzaamheden worden uitgevoerd zodanig zijn dat geen gevaar bestaat voor de veiligheid en de gezondheid van medewerkers van Skal en de door Skal ingeschakelde derden als bedoeld in artikel 4 lid 3 van dit Reglement bij de uitvoering van hun werkzaamheden. Zo nodig dient de exploitant veiligheidsmiddelen ter beschikking te stellen met de daarbij behorende instructie.

Artikel

30

Geheimhouding

Artikel

31

Wijziging van dit reglement

1. Skal informeert exploitanten tijdig over een te verwachten wijziging van dit reglement, de datum van inwerkingtreding en de eventuele overgangstermijn. Wanneer de exploitant niet akkoord gaat met de wijzigingen moet hij dit binnen een door Skal gestelde termijn schriftelijk melden. In dat geval zal op de datum waarop het gewijzigde reglement in werking treedt:

  • de aanmelding bij Skal zijn beëindigd,

  • de in artikel 5 van dit reglement bedoelde overeenkomst tussen Skal en de exploitant zijn beëindigd, en

  • de geldigheid van het bio-certificaat zijn vervallen.

Artikel

32

Aansprakelijkheid

Artikel

33

Slotbepalingen

Bijlage

1

Tabel – Maatregelen bij NC’s

Opmerking

Een bindende aanwijzing binnen een (bedrijfs-) proces schriftelijk geconstateerd door de inspecteur. Dit proces en de procedure zijn op hoofdlijn door de exploitant onder controle. Deze opmerking heeft geen effect op de biologische status van het proces of product, maar moet wel opgevolgd worden ter voorkoming van een NC.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

lichte NC (Minor NC)

1. een kleine NC die niet direct van invloed is op het product.

2. Een kleine NC in het kader van een toelatingsonderzoek.

12 maanden

nee

nee

nee

Maatregelen:

1. Bio-certificaat behoudt geldigheid, NC wordt verhoogd naar ernstig.

Afwijzen of het max 24 maanden buiten behandeling stellen van aanvraag voor verstrekken of uitbreiding bio-certificaat.

ernstige NC (Major NC)

1. Een grote NC in het biologische bedrijfsproces. De biostatus van de producten is niet in het geding.

2. een niet binnen de gestelde termijn opgeloste lichte NC.

3. een lichte NC die binnen 24 maanden na de inspectiedatum waarop de NC is vastgesteld opnieuw geconstateerd wordt.

3 maanden

ja

ja

ja

Maatregelen:

1. t/m 3. Bio-certificaat behoudt geldigheid. NC wordt verhoogd naar kritiek.

Afwijzen of het max 24 maanden buiten behandeling stellen van aanvraag voor verstrekken of uitbreiding bio-certificaat.

Kritieke NC (Critical NC)

1. Het product of (bedrijfs)proces voldoet niet aan de eisen. De basisprincipes van de biologische (landbouw)productie worden geschonden. Het product/ perceel verliest de biostatus.

2. een niet binnen de gestelde termijn opgeloste ernstige NC of een ernstige NC die binnen 24 maanden na de inspectiedatum waarop de NC is vastgesteld opnieuw geconstateerd wordt.

3. Bij één of meerdere kritieke NC’s kunnen bepaalde activiteiten/scopes van het bio-certificaat of het hele bio-certificaat van de betrokken exploitant worden opgeschort of ingetrokken.

4. indien binnen 24 maanden na constatering van de eerste, een tweede kritieke NC wordt geconstateerd, zal Skal de certificatie van de exploitant intrekken en alle lopende aanvragen voor het verstrekken of uitbreiden van een bio-certificaat afwijzen.

0 maanden

ja

ja

ja

Maatregelen:

1. Bio-certificaat van de exploitant wordt ingetrokken.

2. Bio-certificaat van de exploitant wordt opgeschort of ingetrokken.

3 en 4 nvt