Benelux-verdrag inzake de intellectuele eigendom (merken en tekeningen of modellen)

Benelux-verdrag inzake de intellectuele eigendom (merken en tekeningen of modellen)

Het Koninkrijk België,

Het Groothertogdom Luxemburg,

Het Koninkrijk der Nederlanden,

Bezield door de wens:

  • de verdragen, de eenvormige wetten en de wijzigingsprotocollen inzake Benelux merken en tekeningen of modellen te vervangen door een enkel verdrag waarin zowel het merkenrecht als het tekeningen- of modellenrecht systematisch en overzichtelijk geregeld worden;

  • snelle en efficiënte procedures in te voeren voor de aanpassing van de Benelux-regelgeving aan de Gemeenschapsregelgeving en reeds door de drie Hoge Verdragsluitende Partijen bekrachtigde internationale verdragen;

  • het Benelux-Merkenbureau en het Benelux-Bureau voor Tekeningen of Modellen te vervangen door de Benelux-Organisatie voor de Intellectuele Eigendom (merken, tekeningen of modellen) die door middel van beslissings- en uitvoeringsorganen met eigen en aanvullende bevoegdheden haar taak uitoefent;

  • de nieuwe Organisatie een structuur te geven die de huidige opvattingen inzake internationale organisaties weerspiegelt en de onafhankelijkheid ervan, met name door middel van een protocol inzake voorrechten en immuniteiten, garandeert;

  • de nieuwe Organisatie dichter bij het bedrijfsleven te brengen door de bevoegdheden ervan ten volle te benutten zodat ze nieuwe taken op het gebied van de intellectuele eigendom kan vervullen en decentrale bijkantoren kan oprichten;

  • aan de nieuwe Organisatie, op niet-exclusieve basis, een evaluatiebevoegdheid en initiatiefrecht toe te kennen bij de aanpassing van het Benelux-recht inzake merken en tekeningen- of modellen;

Hebben besloten te dien einde een verdrag te sluiten en hebben hiertoe als hun Gevolmachtigden aangewezen:

Zijne Excellentie de Heer K. DE GUCHT, Minister van Buitenlandse Zaken,

Zijne Excellentie de Heer B. R. BOT, Minister van Buitenlandse Zaken,

Zijne Excellentie de Heer J. ASSELBORN, Minister van Buitenlandse Zaken,

die, na hun in goede en behoorlijke vorm bevonden volmachten te hebben overgelegd, de volgende bepalingen zijn overeengekomen:

Titel

I

ALGEMENE EN INSTITUTIONELE BEPALINGEN

Artikel

1.1

Afkortingen

In dit verdrag wordt verstaan onder:

  • Verdrag van Parijs: het Verdrag van Parijs tot bescherming van de industriële eigendom van 20 maart 1883;

  • Overeenkomst van Madrid: de Overeenkomst van Madrid betreffende de internationale inschrijving van merken van 14 april 1891;

  • Protocol van Madrid: het Protocol bij de Overeenkomst van Madrid betreffende de internationale inschrijving van merken van 27 juni 1989;

  • Overeenkomst van Nice: de Overeenkomst van Nice van 15 juni 1957 betreffende de internationale classificatie van de waren en diensten ten behoeve van de inschrijving van merken;

  • Overeenkomst van 's-Gravenhage: de Overeenkomst van 's-Gravenhage betreffende het internationale depot van tekeningen of modellen van nijverheid van 6 november 1925;

  • Gemeenschapsmerkenverordening: de Verordening (EG) nr. 40/94 van de Raad van 20 december 1993 inzake het Gemeenschapsmerk;

  • Gemeenschapsmodellenverordening: de Verordening (EG) nr. 6/2002 van de Raad van 12 december 2001 betreffende Gemeenschapsmodellen;

  • TRIPS verdrag: de Overeenkomst inzake de handelsaspecten van de Intellectuele Eigendom van 15 april 1994; bijlage 1C bij de Overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie;

  • Internationaal Bureau: het Internationaal Bureau voor de intellectuele eigendom, zoals opgericht bij het Verdrag van 14 juli 1967 tot oprichting ven de Wereldorganisatie voor de intellectuele eigendom.

Artikel

1.2

Organisatie

Artikel

1.3

Doelstellingen

De Organisatie heeft tot taak:

  • a.

    de uitvoering van dit verdrag en het uitvoeringsreglement;

  • b.

    de bevordering van de bescherming van merken en tekeningen of modellen in de Benelux-landen;

  • c.

    de uitvoering van aanvullende taken op andere gebieden van het recht inzake de intellectuele eigendom, welke de Raad van Bestuur aanwijst;

  • d.

    voortdurende evaluatie en, indien nodig, aanpassing van het Benelux-recht inzake merken en tekeningen of modellen, in het licht onder meer van de internationale en communautaire ontwikkelingen.

Artikel

1.4

Rechtspersoonlijkheid

Artikel

1.5

Zetel

Artikel

1.6

Voorrechten en immuniteiten

Artikel

1.7

Bevoegdheden Comité van Ministers

Artikel

1.8

Samenstelling en werkwijze Raad van Bestuur

Artikel

1.9

Bevoegdheden Raad van Bestuur

Artikel

1.10

Directeur-Generaal

Artikel

1.11

Bevoegdheden Directeur-Generaal

Artikel

1.12

Financiën Organisatie

Artikel

1.13

Bemiddeling nationale diensten

Artikel

1.14

Erkenning rechterlijke beslissingen

Het gezag van rechterlijke beslissingen die in een van de drie staten met toepassing van dit verdrag worden gegeven, wordt in de beide andere staten erkend, en de door de rechter uitgesproken doorhaling wordt door het Bureau op verzoek van de meest gerede partij verricht, indien:

  • a.

    het van de beslissing overgelegd afschrift, naar de wetgeving van het land waar deze beslissing is gegeven, aan de voor de echtheid van het afschrift nodige voorwaarden voldoet;

  • b.

    de beslissing niet meer vatbaar is voor verzet, noch hoger beroep, noch voor voorziening in cassatie.

Artikel

1.16

Toepassing

De toepassing van dit verdrag is beperkt tot het grondgebied van het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden in Europa, hierna te noemen „het Benelux-gebied".

Titel

II

MERKEN

HOOFDSTUK

1

INDIVIDUELE MERKEN

Artikel

2.1

Tekens die een Beneluxmerk kunnen vormen

Artikel

2.2

Verkrijging van het recht

Onverminderd het uit het Verdrag van Parijs of het TRIPS verdrag voortvloeiende recht van voorrang, wordt het uitsluitend recht op een merk verkregen door de inschrijving van het merk, waarvan het depot is verricht binnen het Benelux-gebied (Benelux-depot) of voortvloeiend uit een inschrijving bij het Internationaal Bureau (internationaal depot).

Artikel

2.3

Rangorde van het depot

Bij de beoordeling van de rangorde van het depot wordt rekening gehouden met de op het tijdstip van het depot bestaande en ten tijde van het geding gehandhaafde rechten op:

  • a.

    gelijke, voor dezelfde waren of diensten gedeponeerde merken;

  • b.

    gelijke of overeenstemmende, voor dezelfde of soortgelijke waren of diensten gedeponeerde merken, indien bij het publiek verwarring, inhoudende de mogelijkheid van associatie met het oudere merk, kan ontstaan;

  • c.

    overeenstemmende, voor niet-soortgelijke waren of diensten gedeponeerde merken, die bekendheid in het Benelux-gebied genieten, indien door het gebruik, zonder geldige reden, van het jongere merk ongerechtvaardigd voordeel wordt getrokken uit of afbreuk wordt gedaan aan het onderscheidend vermogen of de reputatie van het oudere merk.

Artikel

2.4

Restricties

Er wordt geen recht op een merk verkregen door:

  • a.

    de inschrijving van een merk dat, ongeacht het gebruik dat er van wordt gemaakt, in strijd is met de goede zeden of de openbare orde van één van de Benelux-landen, of ten aanzien waarvan artikel 6ter van het Verdrag van Parijs in weigering of nietigverklaring voorziet;

  • b.

    de inschrijving van een merk dat tot misleiding van het publiek kan leiden, bijvoorbeeld ten aanzien van aard, hoedanigheid of plaats van herkomst van de waren of diensten;

  • c.

    de inschrijving van een merk dat overeenstemt met een voor soortgelijke waren of diensten ingeschreven collectief merk waaraan een recht was verbonden dat is vervallen in de loop van de drie jaren voorafgaande aan het depot;

  • d.

    de inschrijving van een merk dat overeenstemt met een door een derde voor soortgelijke waren of diensten ingeschreven individueel merk, waaraan een recht was verbonden, dat in de loop van de twee jaren voorafgaande aan het depot vervallen is door het verstrijken van de geldigheidsduur van de inschrijving, tenzij die derde heeft toegestemd of overeenkomstig artikel 2.26, lid 2, sub a, geen gebruik van dit merk is gemaakt;

  • e.

    de inschrijving van een merk dat verwarring kan stichten met een algemeen bekend merk in de zin van artikel 6 bis van het Verdrag van Parijs dat toebehoort aan een derde die zijn toestemming niet heeft verleend;

  • f.

    de inschrijving van een merk, waarvan het depot te kwader trouw is verricht, met name:

    • 1°.

      het depot dat wordt verricht terwijl de deposant weet of behoort te weten, dat een derde binnen de laatste drie jaren in het Benelux-gebied een overeenstemmend merk voor soortgelijke waren of diensten te goeder trouw en op normale wijze heeft gebruikt, en die derde zijn toestemming niet heeft verleend;

    • 2°.

      het depot dat wordt verricht terwijl de deposant op grond van zijn rechtstreekse betrekking tot een derde weet, dat die derde binnen de laatste drie jaren buiten het Benelux-gebied een overeenstemmend merk voor soortgelijke waren of diensten te goeder trouw en op normale wijze heeft gebruikt, tenzij die derde zijn toestemming heeft verleend, of bedoelde wetenschap eerst is verkregen nadat de deposant een begin had gemaakt met het gebruik van het merk binnen het Benelux-gebied;

  • g.

    de inschrijving van merken voor wijnen die geografische aanduidingen ter benoeming van wijnen bevatten dan wel uit zulke aanduidingen bestaan, of de inschrijving van merken voor spiritualiën die geografische aanduidingen ter benoeming van spiritualiën bevatten dan wel uit zulke aanduidingen bestaan, met betrekking tot wijnen of spiritualiën die niet deze oorsprong hebben, tenzij het depot dat heeft geleid tot deze inschrijving te goeder trouw is verricht voor 1 januari 2000 of voordat de desbetreffende geografische aanduiding in het land van oorsprong of de Gemeenschap is beschermd.

HOOFDSTUK

2

DEPOT, INSCHRIJVING EN VERNIEUWING

Artikel

2.5

Depot

Artikel

2.6

Beroep op voorrang

Artikel

2.7

Onderzoek

Het Bureau verricht op verzoek een onderzoek naar eerdere inschrijvingen.

Artikel

2.8

Inschrijving

Artikel

2.9

Geldigheidsduur en vernieuwing

Artikel

2.10

Internationaal depot

HOOFDSTUK

3

TOETSING OP ABSOLUTE GRONDEN

Artikel

2.11

Weigering op absolute gronden

Artikel

2.12

Beroep tegen de weigering

Artikel

2.13

Weigering op absolute gronden van internationale depots

HOOFDSTUK

4

OPPOSITIE

Artikel

2.14

Instellen van de procedure

Artikel

2.15

Vertegenwoordiging bij oppositie

Artikel

2.16

Verloop van de procedure

Artikel

2.17

Beroep

Artikel

2.18

Oppositie tegen internationale depots

HOOFDSTUK

5

RECHTEN VAN DE HOUDER

Artikel

2.19

Registratieplicht

Artikel

2.20

Beschermingsomvang

Artikel

2.21

Schadevergoeding en andere vorderingen

Artikel

2.22

Nevenvorderingen

Artikel

2.23

Beperking van het uitsluitend recht

Artikel

2.24

Rechtsverwerking wegens gedogen en verzetten tegen gebruik

HOOFDSTUK

6

DOORHALING, VERVAL EN NIETIGHEID

Artikel

2.25

Doorhaling op verzoek

Artikel

2.26

Verval van het recht

Artikel

2.27

Inroepen van het verval

Artikel

2.28

Inroepen van de nietigheid

Artikel

2.29

Rechtsverwerking wegens gedogen en inroepen van nietigheid

De houder van een ouder merk die het gebruik van een ingeschreven jonger merk bewust heeft gedoogd gedurende vijf opeenvolgende jaren, kan niet meer op grond van zijn oudere recht de nietigheid van het jongere merk inroepen ingevolge artikel 2.28, lid 3, sub a, tenzij het te kwader trouw gedeponeerd is.

Artikel

2.30

Reikwijdte van de nietig- en vervallenverklaring en vrijwillige doorhaling

HOOFDSTUK

7

OVERGANG, LICENTIE EN ANDERE RECHTEN

Artikel

2.31

Overgang

Artikel

2.32

Licentie

Artikel

2.33

Derdenwerking

De overdracht of andere overgang of de licentie kan niet aan derden worden tegengeworpen dan na inschrijving van het depot van een uittreksel der akte, waaruit van die overgang of die licentie blijkt, of van een daarop betrekking hebbende, door de betrokken partijen ondertekende verklaring, mits dit depot is verricht met inachtneming van de bij uitvoeringsreglement gestelde vormvereisten en tegen betaling van de verschuldigde rechten. Het in de vorige volzin bepaalde is van overeenkomstige toepassing op pandrechten en beslagen.

HOOFDSTUK

8

COLLECTIEVE MERKEN

Artikel

2.34

Collectieve merken

Artikel

2.35

Overeenkomstige toepassing

Behoudens bepaling van het tegendeel zijn individuele en collectieve merken aan dezelfde regelen onderworpen.

Artikel

2.36

Depot

Artikel

2.37

Reglement op het gebruik en toezicht

Artikel

2.38

Uitzondering

Artikel 2.4, sub c, is niet van toepassing op de inschrijving van een collectief merk, dat door de vroegere houder van de inschrijving van een overeenstemmend collectief merk of door zijn rechtverkrijgende wordt verricht.

Artikel

2.39

Weigering van de inschrijving

Het Bureau mag het Benelux-depot van een collectief merk niet inschrijven, indien het bij dat merk behorende reglement op het gebruik en het toezicht niet volgens de in artikel 2.36 gestelde voorwaarden is gedeponeerd.

Artikel

2.40

Wijziging reglement op het gebruik en toezicht

Artikel

2.41

Personen die het merkrecht kunnen inroepen

Artikel

2.42

Inroepen van verval door belanghebbenden

Artikel

2.43

Inroepen van de nietigheid door het Openbaar Ministerie

Artikel

2.44

Gebruiksverbod

De collectieve merken, die zijn vervallen, nietig verklaard of doorgehaald, evenals die, ten aanzien waarvan vernieuwing niet is geschied en een herstel als bedoeld in artikel 2.38 is uitgebleven, mogen gedurende de drie jaren die volgen op de datum van de inschrijving van het verval, de nietigverklaring, de doorhaling of het verstrijken van de geldigheidsduur der niet vernieuwde inschrijving, onder geen beding worden gebruikt, behalve door degene die zich op een ouder recht op een individueel, overeenstemmend merk kan beroepen.

HOOFDSTUK

9

BEPALINGEN INZAKE GEMEENSCHAPSMERKEN

Artikel

2.45

Rangorde

Artikel 2.3 en artikel 2.28, lid 3, sub a, zijn van overeenkomstige toepassing in geval de inschrijving berust op een eerder depot van een Gemeenschapsmerk.

Artikel

2.46

Anciënniteit

Artikel 2.3 en artikel 2.28, lid 3, sub a, zijn eveneens van toepassing op Gemeenschapsmerken, waarvoor overeenkomstig de Gemeenschapsmerkenverordening op geldige wijze de anciënniteit voor het Benelux-gebied wordt ingeroepen, ook al is de aan de anciënniteit ten grondslag liggende Benelux- of internationale inschrijving vrijwillig doorgehaald of de geldigheidsduur daarvan verstreken.

Artikel

2.47

Inroepen van de nietigheid of het verval van het oudere recht

Indien voor een Gemeenschapsmerk de anciënniteit van een ouder merkrecht wordt ingeroepen, kan de nietigheid of het verval van dat ouder recht worden ingeroepen, zelfs indien dat recht reeds is vervallen door de vrijwillige doorhaling of het verstrijken van de geldigheidsduur van de inschrijving.

TITEL

III

TEKENINGEN OF MODELLEN

HOOFDSTUK

1

Tekeningen of modellen

Artikel

3.1

Tekeningen of modellen

Artikel

3.2

Uitzonderingen

Artikel

3.3

Nieuwheid en eigen karakter

Artikel

3.4

Onderdelen van samengestelde voortbrengselen

Artikel

3.5

Verkrijging van het recht

Artikel

3.6

Restricties

Binnen de in artikelen 3.23 en 3.24, lid 2, gestelde grenzen wordt geen recht op een tekening of model verkregen door de inschrijving indien:

  • a.

    de tekening of het model in strijd is met een oudere tekening die of ouder model dat na de datum van depot of na de datum van voorrang voor het publiek beschikbaar is gesteld en vanaf een aan deze datum voorafgaand tijdstip beschermd wordt door een uitsluitend recht dat voortvloeit uit een Gemeenschapsmodel, de inschrijving van een Benelux-depot dan wel door een internationaal depot;

  • b.

    in de tekening of het model gebruik gemaakt wordt van een ouder merk zonder toestemming van de houder van dit merk;

  • c.

    in de tekening of het model gebruik gemaakt wordt van een reeds bestaand auteursrechtelijk beschermd werk zonder toestemming van de houder van dit auteursrecht;

  • d.

    de tekening of het model oneigenlijk gebruik vormt van een van de in artikel 6ter van het Verdrag van Parijs genoemde zaken;

  • e.

    de tekening of het model in strijd is met de goede zeden of de openbare orde van één der Benelux-landen;

  • f.

    de kenmerkende eigenschappen van de tekening of het model onvoldoende uit het depot blijken.

Artikel

3.7

Opeising van een depot

Artikel

3.8

Rechten van werk- en opdrachtgevers

HOOFDSTUK

2

DEPOT, INSCHRIJVING EN VERNIEUWING

Artikel

3.9

Depot

Artikel

3.10

Beroep op voorrang

Artikel

3.11

Inschrijving

Artikel

3.12

Opschorting publicatie op verzoek

Artikel

3.13

Strijd met openbare orde en goede zeden

Artikel

3.14

Geldigheidsduur en vernieuwing

HOOFDSTUK

3

RECHTEN VAN DE HOUDER

Artikel

3.16

Beschermingsomvang

Artikel

3.17

Schadevergoeding en andere vorderingen

Artikel

3.18

Nevenvorderingen

Artikel

3.19

Beperking van het uitsluitend recht

Artikel

3.20

Recht van voorgebruik

HOOFDSTUK

4

DOORHALING, VERVAL EN NIETIGHEID

Artikel

3.21

Doorhaling op verzoek

Artikel

3.22

Verval van het recht

Behoudens het bepaalde in artikel 3.7, lid 2, vervalt het uitsluitend recht op een tekening of model:

  • a.

    door vrijwillige doorhaling of door het verstrijken van de geldigheidsduur van de inschrijving van het Benelux-depot;

  • b.

    door het verstrijken van de geldigheidsduur van de inschrijving van het internationaal depot of door afstand van rechten, die voor het Benelux-gebied uit het internationaal depot voortvloeien of door ambtshalve doorhaling van het internationaal depot, bedoeld in artikel 6, vierde lid, onder c, van de Overeenkomst van 's-Gravenhage.

Artikel

3.23

Inroepen van de nietigheid

Artikel

3.24

Reikwijdte van de nietig- en vervallenverklaring en de vrijwillige doorhaling

HOOFDSTUK

5

OVERGANG, LICENTIE EN ANDERE RECHTEN

Artikel

3.25

Overgang

Artikel

3.26

Licentie

Artikel

3.27

Derdenwerking

De overdracht of andere overgang of de licentie kan niet aan derden worden tegengeworpen dan na inschrijving van het depot van een uittreksel van de akte, waaruit van die overgang of die licentie blijkt, of van een daarop betrekking hebbende door de betrokken partijen ondertekende verklaring, mits dit depot is verricht met inachtneming van de bij uitvoeringsreglement gestelde vormvereisten en tegen betaling van de verschuldigde rechten. Het in de vorige volzin bepaalde is van overeenkomstige toepassing op pandrechten en beslagen.

HOOFDSTUK

6

SAMENLOOP MET HET AUTEURSRECHT

Artikel

3.28

Samenloop

Artikel

3.29

Auteursrecht van werk- en opdrachtgevers

Wanneer een tekening of model onder de omstandigheden als bedoeld in artikel 3.8 werd ontworpen, komt het auteursrecht inzake bedoelde tekening of model toe aan degene die overeenkomstig het in dat artikel bepaalde als de ontwerper wordt beschouwd.

TITEL

IV

BEPALINGEN GEMEENSCHAPPELIJK AAN MERKEN EN TEKENINGEN OF MODELLEN

HOOFDSTUK

1

GEMACHTIGDENREGISTER

Artikel

4.1

Algemene bepalingen inzake het gemachtigdenregister

Artikel

4.2

Beroep tegen weigering tot inschrijving in het register of erkenning diploma

Artikel

4.3

Misbruik door niet-ingeschreven personen

Het is anderen dan degenen die in een register als bedoeld in artikel 4.1, lid 1, zijn ingeschreven, verboden zichzelf in het economisch verkeer aan te duiden alsof zij in bedoeld register zouden zijn ingeschreven. Bij uitvoeringsreglement worden nadere regels gesteld.

HOOFDSTUK

2

OVERIGE TAKEN VAN HET BUREAU

Artikel

4.4

Taken

Het Bureau is, behalve met de in de voorgaande titels opgedragen taken, belast met:

  • a.

    het aanbrengen van wijzigingen in de depots en inschrijvingen, hetzij op verzoek van de houder, hetzij op grond van kennisgevingen van het Internationaal Bureau of van rechterlijke beslissingen, alsmede het zonodig daarvan verwittigen van het Internationaal Bureau;

  • b.

    het publiceren van de inschrijvingen van de Benelux-depots van merken en tekeningen of modellen en alle andere vermeldingen voorgeschreven bij uitvoeringsreglement;

  • c.

    het verstrekken op verzoek van iedere belanghebbende van afschriften van inschrijvingen;

  • d.

    het aan eenieder op verzoek verstrekken van inlichtingen uit het register van merken- en tekeningen- of modellengemachtigden alsmede omtrent de bij of krachtens dit verdrag gegeven voorschriften ten aanzien van de registratie van merken- en tekeningen- of modellengemachtigden.

HOOFDSTUK

3

RECHTERLIJKE BEVOEGDHEID

Artikel

4.5

Geschillenbeslechting

Artikel

4.6

Territoriale bevoegdheid

HOOFDSTUK

4

OVERIGE BEPALINGEN

Artikel

4.7

Rechtstreekse werking

Onderdanen van Benelux-landen, alsmede onderdanen van landen welke geen deel uitmaken van de door het Verdrag van Parijs opgerichte Unie, die woonplaats hebben in het Benelux-gebied of aldaar een daadwerkelijke en wezenlijke nijverheids- of handelsonderneming hebben, kunnen ingevolge dit verdrag, voor dit gehele gebied, de toepassing te hunnen voordele inroepen van de bepalingen van het Verdrag van Parijs, van de Overeenkomst en het Protocol van Madrid, van de Overeenkomst van 's-Gravenhage en het TRIPS verdrag.

Artikel

4.9

Rechten en termijnen

TITEL

V

OVERGANGSBEPALINGEN

Artikel

5.1

De Organisatie rechtsopvolger van de Bureaus

Artikel

5.2

Beëindiging van de Benelux-verdragen inzake merken, tekeningen of modellen

Met ingang van de dag waarop dit verdrag in werking treedt, worden het Benelux-Verdrag inzake de warenmerken van 19 maart 1962 en het Benelux-Verdrag inzake tekeningen of modellen van 25 oktober 1966 beëindigd.

Artikel

5.3

Eerbiediging van de bestaande rechten

De rechten die onder de eenvormige Beneluxwet op de merken onderscheidenlijk de eenvormige Beneluxwet inzake tekeningen of modellen bestonden, worden gehandhaafd.

Artikel

5.4

Openstelling per klasse van de oppositieprocedure

Artikel III van het protocol van 11 december 2001 houdende wijziging van de eenvormige Beneluxwet op de merken blijft van toepassing.

Artikel

5.5

Eerste uitvoeringsreglement

In afwijking van het bepaalde in artikel 1.9, lid 2, zijn de Raad van Bestuur van het Benelux-Merkenbureau en de Raad van Bestuur van het Benelux-Bureau voor Tekeningen of Modellen bevoegd het eerste uitvoeringsreglement gezamenlijk vast te stellen.

TITEL

VI

SLOTBEPALINGEN

Artikel

6.1

Bekrachtiging

Dit verdrag zal worden bekrachtigd. De akten van bekrachtiging zullen worden nedergelegd bij de Regering van het Koninkrijk België.

Artikel

6.2

Inwerkingtreding

Artikel

6.3

Duur van het verdrag

Artikel

6.5

Uitvoeringsreglement

TEN BLIJKE WAARVAN de Gevolmachtigden dit verdrag hebben ondertekend en voorzien van hun zegel.

GEDAAN te Den Haag op 25 februari 2005, in drievoud, in de Nederlandse en in de Franse taal, zijnde beide teksten gelijkelijk authentiek.

Protocol inzake voorrechten en immuniteiten van de Benelux-Organisatie voor de intellectuele eigendom (merken en tekeningen of modellen)

De Hoge Verdragsluitende Partijen, wensende uitvoering te geven aan artikel 1.6, eerste lid, van het Benelux Verdrag inzake de intellectuele eigendom (merken en tekeningen of modellen) dat bepaalt dat de Hoge Verdragsluitende Partijen een protocol zullen sluiten waarin de voorrechten en immuniteiten worden vastgelegd welke nodig zijn voor de uitoefening van de taken en het bereiken van de doelstellingen van de Organisatie;

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel

1

Artikel

2

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

De vertegenwoordigers van de Hoge Verdragsluitende Partijen, hun plaatsvervangers, hun raadgevers of deskundigen genieten, bij de vergaderingen van de Raad van Bestuur of ieder orgaan dat door deze Raad is ingesteld alsmede op hun reizen naar de plaats van samenkomst en terug, de volgende voorrechten en immuniteiten:

  • a.

    immuniteit van arrestatie en gevangenhouding, alsmede inbeslagneming van hun persoonlijke bagage, behalve wanneer zij op heterdaad betrapt worden;

  • b.

    vrijstelling van rechtsvervolging, ook na beëindiging van hun missie, met betrekking tot handelingen, waaronder begrepen gesproken en geschreven woorden, door hen in de uitoefening van hun functie verricht; deze vrijstelling geldt evenwel niet in geval van een door een van de hierboven bedoelde personen begane verkeersovertreding of in geval van schade veroorzaakt door een motorvoertuig dat hem toebehoort of dat door hem wordt bestuurd;

  • c.

    onschendbaarheid van al hun officiële papieren en documenten;

  • d.

    het recht codes te gebruiken en documenten of correspondentie te ontvangen per speciale koerier of in een verzegelde tas;

  • e.

    vrijstelling voor henzelf, hun samenwonende echtgeno(o)t(e) of geregistreerde partner en inwonende kinderen ten laste van alle maatregelen die de binnenkomst van vreemdelingen beperken alsmede van de aan de registratie van vreemdelingen verbonden formaliteiten.

Artikel

7

De Directeur-generaal en de personeelsleden van de Organisatie:

  • a.

    genieten immuniteit van rechtsmacht voor handelingen verricht in de uitoefening van hun functie, met inbegrip van hetgeen zij hebben gezegd of geschreven, ook nadat zij niet langer hun functie uitoefenen; deze immuniteit geldt niet in geval van een door de Directeur-generaal of een personeelslid van de Organisatie begane verkeersovertreding, of in geval van schade veroorzaakt door een motorvoertuig dat hen toebehoort of dat door hen wordt bestuurd;

  • b.

    zijn vrijgesteld van elke verplichting inzake militaire dienstplicht;

  • c.

    genieten onschendbaarheid van al hun officiële papieren en documenten;

  • d.

    genieten voor henzelf, hun samenwonende echtgeno(o)t(e) of geregistreerde partner en inwonende kinderen ten laste van dezelfde uitzonderingen op de maatregelen inzake inreisbeperkingen en registratie van vreemdelingen, als deze die gewoonlijk worden toegekend aan personeelsleden van internationale organisaties;

  • e.

    ontvangen voor henzelf, hun samenwonende echtgeno(o)t(e) of geregistreerde partner en inwonende kinderen ten laste in tijden van internationale crisis dezelfde repatriëringfaciliteiten als personen die met een diplomatieke zending zijn belast.

Artikel

8

Artikel

9

Deskundigen die namens de Organisatie een functie uitoefenen of voor haar een zending uitvoeren genieten, ook tijdens de reizen die zij in de uitoefening van hun functie maken of tijdens deze zendingen, van de hierna vermelde voorrechten en immuniteiten, voor zover deze noodzakelijk zijn voor de uitoefening van hun functie:

  • a.

    immuniteit van rechtsmacht voor handelingen verricht in de uitoefening van hun functie, met inbegrip van hetgeen zij hebben gezegd of geschreven; deze immuniteit geldt niet in geval van een door een deskundige begane verkeersovertreding, of in geval van schade veroorzaakt door een motorvoertuig dat hem toebehoort of dat door hem wordt bestuurd; de deskundigen blijven van deze immuniteit genieten na het beëindigen van hun functie bij de Organisatie;

  • b.

    onschendbaarheid van al hun officiële papieren en documenten.

Artikel

10

Artikel

11

Artikel

12

Elke Hoge Verdragsluitende Partij behoudt zich het recht voor alle voorzorgen te treffen die nodig zijn in het belang van haar veiligheid.

Artikel

13

De Organisatie werkt voortdurend samen met de bevoegde autoriteiten van de Hoge Verdragsluitende Partijen ter bevordering van een goede rechtsbedeling, ter verzekering van de naleving van politievoorschriften en van voorschriften met betrekking tot de volksgezondheid, de arbeidsinspectie, of andere soortgelijke nationale wetten, alsmede ter voorkoming van misbruik van de in dit Protocol bedoelde voorrechten, immuniteiten en faciliteiten.

Artikel

14

Uitvoeringsreglement van het Benelux-verdrag inzake de intellectuele eigendom (merken en tekeningen of modellen)

De Raad van Bestuur van het Benelux-Merkenbureau en de Raad van Bestuur van het Benelux-Bureau voor Tekeningen of Modellen,

gelet op de artikelen 5.5 en 6.2 van het Benelux-verdrag inzake de intellectuele eigendom (merken en tekeningen of modellen),

stellen hierbij, op 1 juni 2006, het volgende reglement vast:

Artikel

I

Het uitvoeringsreglement van het Benelux-verdrag inzake de intellectuele eigendom (merken en tekeningen of modellen) luidt als volgt:

TITEL

I

MERKEN

HOOFDSTUK

1

HET BENELUX MERK

Regel

1.1

Depotvereisten

Regel

1.2

Collectief merk

Regel

1.3

Vaststellen depotdatum; Regularisatie

Regel

1.4

Prioriteit

Regel

1.5

Publicatie depot

Regel

1.6

Inschrijving

Regel

1.7

Spoedinschrijving

Regel

1.8

Internationaal depot

Regel

1.9

Vernieuwing

Regel

1.10

Regularisatie vernieuwing

Regel

1.11

Inschrijving vernieuwing

HOOFDSTUK

2

AANVRAAG OM INTERNATIONALE INSCHRIJVING EN OM VERNIEUWING VAN DE INTERNATIONALE INSCHRIJVING

Regel

1.12

Internationale aanvragen en vernieuwingen

Regel

1.13

Taalgebruik voor aanvragen gebaseerd op het Protocol van Madrid

In afwijking van het bepaalde in regel 3.3 kunnen de in dit hoofdstuk bedoelde aanvragen en verzoeken ingevolge het Protocol van Madrid ook worden gesteld in het Engels.

HOOFDSTUK

3

WEIGERING EN OPPOSITIE

Regel

1.15

Bezwaartermijn weigering

Regel

1.16

Oppositiegegevens

Regel

1.17

Verloop procedure

Regel

1.18

Ontvankelijkheidsvereisten

Regel

1.19

Regularisatie oppositie

Regel

1.20

Proceduretaal

Regel

1.21

Vertaling

Regel

1.22

Gebruik van het Engels

Regel

1.23

Wijziging taalkeuze

Regel

1.24

Taal stukken ter ondersteuning argumenten of gebruik

Het bepaalde in de regels 1.20 tot en met 1.23 laat onverlet dat stukken die dienen ter ondersteuning van argumenten of om gebruik van een merk aan te tonen, in hun oorspronkelijke taal kunnen worden ingediend. De stukken worden slechts in aanmerking genomen indien het Bureau oordeelt dat deze, gezien de reden van indiening, voldoende begrijpelijk zijn.

Regel

1.25

Beginsel van hoor en wederhoor

De inachtneming van het beginsel van hoor en wederhoor als bedoeld in artikel 2.16, lid 1, van het Verdrag houdt met name in dat:

  • a.

    een afschrift van elk relevant stuk dat bij het Bureau door een partij wordt ingediend naar de andere partij wordt verzonden, ook indien de oppositie niet ontvankelijk is. Indien ingediende argumenten ingevolge het bepaalde in regel 1.21 door het Bureau worden vertaald zal doorzending plaatsvinden tezamen met deze vertaling;

  • b.

    een afschrift van elk relevant stuk dat het Bureau aan een partij zendt tevens aan de andere partij wordt gezonden;

  • c.

    de oppositiebeslissing slechts kan worden genomen op gronden waartegen de partijen verweer hebben kunnen voeren;

  • d.

    feiten waarop de wederpartij niet heeft gereageerd als niet betwist worden beschouwd;

  • e.

    het oppositieonderzoek beperkt is tot de door partijen aangevoerde argumenten, feiten en bewijsmiddelen;

  • f.

    de oppositiebeslissing schriftelijk opgesteld, gemotiveerd en naar partijen gestuurd wordt.

Regel

1.26

Opschorting

Regel

1.27

Mondelinge behandeling

Regel

1.28

Meer opposities

Regel

1.29

Bewijzen van gebruik

Regel

1.30

Openbaarheid oppositiebeslissing

De akte van oppositie en de oppositiebeslissing zijn openbaar. De argumenten en overige stukken van de partijen, ongeacht of ze mondeling dan wel schriftelijk worden aangevoerd, zijn slechts toegankelijk voor derden met de instemming van de partijen.

Regel

1.31

Inhoud oppositiebeslissing

Een oppositiebeslissing bevat de volgende gegevens:

  • a.

    het nummer van de oppositie;

  • b.

    de datum van de beslissing;

  • c.

    de namen van de partijen en in voorkomend geval hun gemachtigden;

  • d.

    gegevens van de bij de oppositieprocedure betrokken merken;

  • e.

    een samenvatting van de feiten en het verloop van de procedure;

  • f.

    in voorkomend geval een analyse van de gebruiksbewijzen;

  • g.

    een vergelijking van de merken en de waren of diensten waarop deze betrekking hebben;

  • h.

    de beslissing van het Bureau;

  • i.

    de beslissing met betrekking tot de kosten;

  • j.

    de namen van de rapporteur van de oppositieafdeling en van de overige twee leden die aan de besluitvorming hebben deelgenomen;

  • k.

    de naam van de administratieve behandelaar van het dossier.

Regel

1.32

Kostenbepaling oppositie

Regel

1.33

Beroep

Het Bureau geeft onverwijld uitvoering aan de in artikel 2.17, lid 1 van het Verdrag bedoelde rechterlijke beslissingen zodra zij niet meer vatbaar zijn voor verzet of voor voorziening in cassatie.

HOOFDSTUK

4

CONVERSIES VAN GEMEENSCHAPSMERKEN

Regel

1.34

Conversies

TITEL

II

TEKENINGEN OF MODELLEN

Regel

2.1

Depotvereisten

Regel

2.2

Meervoudig depot

Een Beneluxdepot kan verscheidene tekeningen of modellen bevatten tot ten hoogste 50. In zodanig geval is het bepaalde in regel 2.1, lid 1, sub b, c en d, lid 2 en 4, ten aanzien van iedere tekening of model van toepassing. Iedere tekening of model dient aangeduid te worden met een verschillend nummer.

Regel

2.3

Vaststellen depotdatum en termijn regularisatie

Regel

2.4

Prioriteit

Regel

2.5

Opschorting publicatie

Regel

2.6

Verzoek tweede publicatie

De termijn bedoeld in artikel 3.11, lid 3, van het Verdrag, gedurende welke de deposant aan het Bureau een tweede publicatie van de tekening of het model kan vragen, bedraagt drie maanden te rekenen van de datum van de eerste publicatie.

Regel

2.7

Inschrijving

Regel

2.8

Datum inschrijving internationale depots

Als datum van inschrijving van internationale depots van tekeningen of modellen waarbij de Benelux werd aangeduid geldt de datum van de in artikel 3.11, lid 1, van het Verdrag bedoelde publicatie.

Regel

2.9

Inschrijving handhaving gewijzigde vorm

Een verzoek tot inschrijving van de in artikel 3.24, lid 3, van het Verdrag bedoelde verklaring van de houder of rechterlijke beslissing dient te worden ingediend bij het Bureau en dient te bevatten de naam en het adres van de houder, zijn handtekening of die van zijn gemachtigde, in voorkomend geval naam en adres van de gemachtigde of het correspondentieadres als bedoeld in regel 3.6, alsmede het nummer van de inschrijving.

Regel

2.10

Inschrijving vordering tot opeising en doorhaling van deze inschrijving

Regel

2.11

Vernieuwing

De vernieuwing van de inschrijving geschiedt door betaling aan het Bureau van het daartoe verschuldigde recht. Indien de houder van een meervoudig depot gebruik wil maken van de mogelijkheid die wordt geopend door artikel 3.14, lid 4, van het Verdrag, dient hij de nummers te vermelden van de tekeningen of modellen waarvan hij de vernieuwing van de inschrijving wenst.

Regel

2.12

Inschrijving vernieuwing

TITEL

III

BEPALINGEN GEMEENSCHAPPELIJK AAN MERKEN EN TEKENINGEN OF MODELLEN

HOOFDSTUK

1

AANPASSINGEN VAN INSCHRIJVINGEN

Regel

3.1

Wijzigingen in het register

HOOFDSTUK

2

INTERNATIONALE DEPOTS

Regel

3.2

Internationale depots met geldigheid in de Benelux

HOOFDSTUK

3

ADMINISTRATIEVE BEPALINGEN

Regel

3.3

Talen Bureau

Regel

3.4

Indiening van stukken

Regel

3.5

Elektronische indiening

Regel

3.6

Aanstelling gemachtigde

Regel

3.7

Volmachten

Regel

3.8

Bevestiging ontvangst van stukken

Regel

3.9

Termijnen en sluitingsdagen

Regel

3.10

Inlichtingen en afschriften

Regel

3.11

Ter beschikking stellen formulieren

Het Bureau en de nationale diensten stellen formulieren beschikbaar voor het verrichten van internationale en Benelux depots, het aantekenen van wijzigingen in het register en het verzoeken van vernieuwingen en voor opposities. De Directeur-Generaal stelt het model van deze formulieren vast. Deze worden gepubliceerd op de website van het Bureau.

Regel

3.12

Benelux-register

Regel

3.13

Publicatie

Het Bureau publiceert, conform het bepaalde in artikel 4.4, sub b, van het Verdrag uitsluitend in de taal waarin de inschrijving plaatsgevonden heeft:

  • a.

    alle ingeschreven gegevens betreffende Beneluxdepots, bedoeld in de regels 1.5, 1.6, 1.7, 1.11, 2.7, 2.12 en 3.1. Bij een beperkte vernieuwing van de inschrijving van een meervoudig depot van een tekening of model zal de publicatie van de vernieuwing de nummers van de gehandhaafde tekeningen of modellen vermelden;

  • b.

    alle ingeschreven gegevens betreffende internationale merkdepots, bedoeld in regel 1.8 lid 2;

  • c.

    alle ingeschreven gegevens betreffende internationale depots van tekeningen of modellen bedoeld in regel 3.2 lid 3;

  • d.

    de inschrijving van de verklaring of de rechterlijke beslissing bedoeld in regel 2.9;

  • e.

    het feit van de inschrijving van de vordering tot opeising bedoeld in regel 2.10.

Regel

3.14

Nadere regels

De Directeur-Generaal kan nadere regels voor het indienen van stukken bij het Bureau vaststellen. Deze worden gepubliceerd.

TITEL

IV

RECHTEN EN VERGOEDINGEN

HOOFDSTUK

1

ALGEMEEN

Regel

4.1

Vaststelling tarieven

Regel

4.2

Betaling

Regel

4.3

Vergoedingen incidentele handelingen

HOOFDSTUK

2

MERKEN

Regel

4.4

Rechten depot, vernieuwing, wijzigingen

1. Depot van een merk:

a.basisrecht individueel merk, tot drie klassen (regel 1.1)

240

b. basisrecht collectief merk, tot drie klassen (regel 1.2)

373

c. aanvullend recht voor iedere klasse boven de derde

37

d. aanvullend recht voor spoedinschrijving, tot drie klassen (regel 1.7)

193

e. aanvullend recht voor spoedinschrijving per klasse boven de derde

30

f. aanvullend recht voor de beschrijving van onderscheidende elementen (regel 1.1, lid 2)

39

g. inschrijving verklaring van een recht van voorrang (regel 1.4, lid 2)

15

2. Oppositie (regel 1.16 e.v.):

a. basisrecht oppositie

1.000

b. aanvullend recht per ingeroepen recht boven het derde

100

c. opschorting op verzoek en verlenging daarvan voor aanvang procedure (maximaal een jaar) (regel 1.26)

gratis

d. opschorting op verzoek en verlenging daarvan in overige gevallen, per twee maanden (regel 1.26)

100

e. vertaling van argumenten (regel 1.21)

eerste vier pagina’s** pagina: maximaal 30 regels met maximaal 80 karakters.

iedere pagina* * pagina: maximaal 30 regels met maximaal 80 karakters.of deel daarvan, boven de vierde

gratis

55

f. vertaling van beslissing, per pagina* of deel daarvan (regel 1.21)

45

3. Vernieuwing van merken (regel 1.9):

a. basisrecht individueel merk, tot drie klassen

260

b. basisrecht collectief merk, tot drie klassen

474

c. aanvullend recht voor iedere klasse boven de derde

46

d. extra-recht voor vernieuwing binnen zes maanden na vervaldatum (artikel 2.9 lid 4 Verdrag)

129

4. Wijzigingen (regel 3.1):

a. overdracht of overgang, licentie, pandrecht of beslag

eerste merk

54

tweede tot en met vijfde merk

27

elk volgend merk

gratis

b. aantekening waren- en dienstenbeperking

44

c. wijziging van gemachtigde, inbegrepen diens aanwijzing na inschrijving van het depot

eerste merk

22

tweede tot en met vijfde merk

11

elk volgend merk

gratis

d. wijziging naam en/of adres van een merkhouder, gemachtigde of licentiehouder

gratis

e. herstel van aan de houder te wijten schrijffouten na inschrijving

eerste merk

18

elk volgend merk

9

Regel

4.5

Overige vergoedingen (merken)

1. Onderzoek naar eerdere inschrijvingen:

a. basisvergoeding onderzoek, tot 3 klassen

150

b. aanvullende vergoeding voor iedere klasse boven de derde

20

2. Abonnement op latere merken (per jaar):

a. basisvergoeding abonnement, tot 3 klassen

50

b. aanvullende vergoeding voor iedere klasse boven de derde

8

3. Afschriften

a. niet gewaarmerkt, per inschrijving

4

b. niet gewaarmerkt, overige per bladzijde

5

c. gewaarmerkt, per inschrijving

15

d. gewaarmerkt, overige per bladzijde

17

e. bewijzen van voorrang (regel 3.10)

15

4. Inlichtingen

a. minder dan een uur

23

b. langer dan een uur, per uur

55

Regel

4.6

Doorzending internationale en gemeenschapsmerken

1. Internationaal merk; indiening aanvraag inschrijving of vernieuwing

80

2. Gemeenschapsmerk (artikel 25 lid 2 Gemeenschapsmerkenverordening):

a. indiening aanvraag

80

b. indien de verzendkosten meer dan € 25,– bedragen

verzendkosten

Regel

4.7

Individuele rechten internationale merken

Het bedrag van de individuele rechten zoals bedoeld in artikel 8, 7), a) van het Protocol van Madrid is als volgt:

1. Internationaal depot:

a. basisrecht individueel merk, tot drie klassen

159

b. basisrecht collectief merk, tot drie klassen

227

c. aanvullend recht voor iedere klasse boven de derde

16

2. Vernieuwing van de internationale inschrijving:

a. basisrecht individueel merk, tot drie klassen

260

b. basisrecht collectief merk, tot drie klassen

474

c. aanvullend recht voor iedere klasse boven de derde

46

HOOFDSTUK

3

TEKENINGEN OF MODELLEN

Regel

4.8

Rechten depot, vernieuwing, wijzigingen

1. Enkelvoudig depot van een tekening of model (regel 2.1):

a. enkelvoudig depot

108

b. publicatie per afbeelding

10

c. publicatie beschrijving kenmerkende eigenschappen

40

2. Meervoudig depot (regel 2.2):

a. depot eerste tekening of model

108

b. 2e t/m 10e tekening of model, per tekening of model

54

c. 11e t/m 20e tekening of model, per tekening of model

27

d. 21e t/m 50e tekening of model, per tekening of model

22

e. publicatie per afbeelding

10

f. publicatie beschrijving kenmerkende eigenschappen, per tekening of model

40

3. Opschorting publicatie (regel 2.5)

39

4. Inschrijving verklaring recht van voorrang (regel 2.4 lid 2)

12

5. Vernieuwing enkelvoudige inschrijving (regel 2.11)

95

6. Vernieuwing meervoudige inschrijving (regel 2.11):

a. vernieuwing eerste tekening of model

95

b. 2e t/m 10e tekening of model, per tekening of model

48

c. 11e t/m 20e tekening of model, per tekening of model

24

d. 21e t/m 50e tekening of model, per tekening of model

20

7. Extra-recht voor vernieuwing binnen zes maanden na vervaldatum (artikel 3.14 lid 3 Verdrag)

12

8. Wijzigingen (regel 3.1):

a. overdracht of overgang, licentie, pandrecht of beslag

eerste tekening of model

24

elke volgende tekening of model

12

b. wijziging van gemachtigde, inbegrepen diens aanwijzing na inschrijving van het depot

eerste tekening of model

9

elke volgende tekening of model

5

c. wijziging naam en/of adres van een modelhouder, gemachtigde of licentiehouder

gratis

d. herstel van aan de houder te wijten schrijffouten na inschrijving

eerste tekening of model

9

elke volgende tekening of model

5

e. inschrijving vordering tot opeising (regel 2.10)

12

Regel

4.9

Overige vergoedingen (tekeningen of modellen)

1. Afschriften:

a. niet gewaarmerkt, per inschrijving

4

b. niet gewaarmerkt, overige per bladzijde

2

c. gewaarmerkt, per inschrijving

18

d. gewaarmerkt, overige per bladzijde

5

e. bewijzen van voorrang (regel 3.10)

12

2. Inlichtingen:

minder dan een uur

17

langer dan een uur, per uur

30

3. Benelux-Modellenblad (uitgave op cd-rom):

binnen het Beneluxgebied, losse aflevering

8

binnen het Beneluxgebied, jaarjabonnement

79

buiten het Beneluxgebied, losse aflevering

9

buiten het Beneluxgebied, jaarjabonnement

87

Regel

4.10

Wijzigingen internationale modellen

Aantekening licentie, pandrecht of beslag internationale modellen

a. eerste tekening of model

24

b. elke volgende tekening of model

12

Regel

4.11

Doorzending gemeenschapsmodel

Gemeenschapsmodel:

a. indiening aanvraag (artikel 35 lid 2 Gemeenschapsmodellenverordening)

71

b. indien de verzendkosten meer dan € 25,– bedragen

verzendkosten

HOOFDSTUK

4

OVERIGE DIENSTEN

Regel

4.12

I-depot

I-depot envelop:

a. vijf jaar bewaartermijn

45

b. tien jaar bewaartermijn

65

c. vijf jaar verlenging bewaartermijn

45

Artikel

II

Het aanvullend recht bedoeld in regel 4.4, lid 1, sub e, is verschuldigd per 1 januari 2007.

Artikel

III

Het toepassingsreglement van de Eenvormige Beneluxwet op de merken en het Toepassingsreglement van de Eenvormige Beneluxwet inzake tekeningen of modellen worden ingetrokken.

Artikel

IV

Dit reglement treedt in werking op dezelfde datum als het Benelux-verdrag inzake de intellectuele eigendom (merken en tekeningen of modellen). Dit reglement vervangt het Uitvoeringsreglement van de Eenvormige Beneluxwet op de merken en het Uitvoeringsreglement van de Eenvormige Beneluxwet inzake tekeningen of modellen.