Benelux-verdrag inzake de intellectuele eigendom (merken en tekeningen of modellen)

Benelux-verdrag inzake de intellectuele eigendom (merken en tekeningen of modellen)

Het Koninkrijk België,

Het Groothertogdom Luxemburg,

Het Koninkrijk der Nederlanden,

Bezield door de wens:

  • de verdragen, de eenvormige wetten en de wijzigingsprotocollen inzake Benelux merken en tekeningen of modellen te vervangen door een enkel verdrag waarin zowel het merkenrecht als het tekeningen- of modellenrecht systematisch en overzichtelijk geregeld worden;

  • snelle en efficiënte procedures in te voeren voor de aanpassing van de Benelux-regelgeving aan de Gemeenschapsregelgeving en reeds door de drie Hoge Verdragsluitende Partijen bekrachtigde internationale verdragen;

  • het Benelux-Merkenbureau en het Benelux-Bureau voor Tekeningen of Modellen te vervangen door de Benelux-Organisatie voor de Intellectuele Eigendom (merken, tekeningen of modellen) die door middel van beslissings- en uitvoeringsorganen met eigen en aanvullende bevoegdheden haar taak uitoefent;

  • de nieuwe Organisatie een structuur te geven die de huidige opvattingen inzake internationale organisaties weerspiegelt en de onafhankelijkheid ervan, met name door middel van een protocol inzake voorrechten en immuniteiten, garandeert;

  • de nieuwe Organisatie dichter bij het bedrijfsleven te brengen door de bevoegdheden ervan ten volle te benutten zodat ze nieuwe taken op het gebied van de intellectuele eigendom kan vervullen en decentrale bijkantoren kan oprichten;

  • aan de nieuwe Organisatie, op niet-exclusieve basis, een evaluatiebevoegdheid en initiatiefrecht toe te kennen bij de aanpassing van het Benelux-recht inzake merken en tekeningen- of modellen;

Hebben besloten te dien einde een verdrag te sluiten en hebben hiertoe als hun Gevolmachtigden aangewezen:

Zijne Excellentie de Heer K. DE GUCHT, Minister van Buitenlandse Zaken,

Zijne Excellentie de Heer B. R. BOT, Minister van Buitenlandse Zaken,

Zijne Excellentie de Heer J. ASSELBORN, Minister van Buitenlandse Zaken,

die, na hun in goede en behoorlijke vorm bevonden volmachten te hebben overgelegd, de volgende bepalingen zijn overeengekomen:

Titel

I

ALGEMENE EN INSTITUTIONELE BEPALINGEN

Artikel

1.1

Afkortingen

In dit verdrag wordt verstaan onder:

  • Verdrag van Parijs: het Verdrag van Parijs tot bescherming van de industriële eigendom van 20 maart 1883;

  • Overeenkomst van Madrid: de Overeenkomst van Madrid betreffende de internationale inschrijving van merken van 14 april 1891;

  • Protocol van Madrid: het Protocol bij de Overeenkomst van Madrid betreffende de internationale inschrijving van merken van 27 juni 1989;

  • Overeenkomst van Nice: de Overeenkomst van Nice van 15 juni 1957 betreffende de internationale classificatie van de waren en diensten ten behoeve van de inschrijving van merken;

  • Overeenkomst van 's-Gravenhage: de Overeenkomst van 's-Gravenhage betreffende het internationale depot van tekeningen of modellen van nijverheid van 6 november 1925;

  • Uniemerkenverordening: de Verordening (EU) 2017/1001 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 inzake het Uniemerk (codificatie);

  • Uniemerk: een merk van de Europese Unie zoals bedoeld in de Uniemerkenverordening;

  • Uniewetgeving: wetgeving van de Europese Unie;

  • Gemeenschapsmodellenverordening: de Verordening (EG) nr. 6/2002 van de Raad van 12 december 2001 betreffende Gemeenschapsmodellen;

  • TRIPS verdrag: de Overeenkomst inzake de handelsaspecten van de Intellectuele Eigendom van 15 april 1994; bijlage 1C bij de Overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie;

  • Internationaal Bureau: het Internationaal Bureau voor de intellectuele eigendom, zoals opgericht bij het Verdrag van 14 juli 1967 tot oprichting van de Wereldorganisatie voor de intellectuele eigendom.

Artikel

1.2

Organisatie

Artikel

1.3

Doelstellingen

De Organisatie heeft tot taak:

  • a.

    de uitvoering van dit verdrag en het uitvoeringsreglement;

  • b.

    de bevordering van de bescherming van merken en tekeningen of modellen in de Benelux-landen;

  • c.

    de uitvoering van aanvullende taken op andere gebieden van het recht inzake de intellectuele eigendom, welke de Raad van Bestuur aanwijst;

  • d.

    voortdurende evaluatie en, indien nodig, aanpassing van het Benelux-recht inzake merken en tekeningen of modellen, in het licht onder meer van de internationale en communautaire ontwikkelingen.

Artikel

1.4

Rechtspersoonlijkheid

Artikel

1.5

Zetel

Artikel

1.6

Voorrechten en immuniteiten

Artikel

1.7

Bevoegdheden Comité van Ministers

Artikel

1.8

Samenstelling en werkwijze Raad van Bestuur

Artikel

1.9

Bevoegdheden Raad van Bestuur

Artikel

1.10

Directeur-Generaal

Artikel

1.11

Bevoegdheden Directeur-Generaal

Artikel

1.12

Financiën Organisatie

Artikel

1.13

Bemiddeling nationale diensten

Artikel

1.14

Erkenning rechterlijke beslissingen

Het gezag van rechterlijke beslissingen die in een van de drie staten met toepassing van dit verdrag worden gegeven, wordt in de beide andere staten erkend, en de door de rechter uitgesproken doorhaling wordt door het Bureau op verzoek van de meest gerede partij verricht, indien:

  • a.

    het van de beslissing overgelegd afschrift, naar de wetgeving van het land waar deze beslissing is gegeven, aan de voor de echtheid van het afschrift nodige voorwaarden voldoet;

  • b.

    de beslissing niet meer vatbaar is voor verzet, noch hoger beroep, noch voor voorziening in cassatie.

Artikel

1.15bis

Beroep

Artikel

1.16

Toepassing

De toepassing van dit verdrag is beperkt tot het grondgebied van het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden in Europa, hierna te noemen „het Benelux-gebied".

Titel

II

MERKEN

HOOFDSTUK

1

Geldigheid van een merk

Artikel

2.1

Tekens die een merk kunnen vormen

Merken kunnen worden gevormd door alle tekens, in het bijzonder woorden, waaronder namen van personen, of tekeningen, letters, cijfers, kleuren, vormen van waren of verpakkingen van waren, of geluiden, mits deze:

  • a.

    de waren of diensten van een onderneming kunnen onderscheiden van die van andere ondernemingen, en

  • b.

    in het register kunnen worden weergegeven op een wijze die de bevoegde autoriteiten en het publiek in staat stelt het voorwerp van de aan de houder ervan verleende bescherming duidelijk en nauwkeurig vast te stellen.

Artikel

2.2

Verkrijging van het recht

Onverminderd het uit het Verdrag van Parijs of het TRIPS verdrag voortvloeiende recht van voorrang, wordt het uitsluitend recht op een merk ingevolge dit verdrag verkregen door de inschrijving van het merk, waarvan de aanvraag is verricht binnen het Benelux-gebied (Beneluxmerk) of voortvloeiend uit een inschrijving bij het Internationaal Bureau waarvan de bescherming zich uitstrekt tot het Beneluxgebied (internationaal merk).

Artikel

2.2bis

Absolute gronden voor weigering of nietigheid

Artikel

2.2ter

Relatieve gronden voor weigering of nietigheid

Artikel

2.2quater

Gronden voor weigering of nietigverklaring voor slechts een deel van de waren of diensten

Indien een grond voor weigering van inschrijving of nietigverklaring van een merk slechts bestaat voor een deel van de waren of diensten waarvoor dit merk is gedeponeerd of ingeschreven, betreft de weigering van inschrijving of de nietigverklaring alleen die waren of diensten.

Artikel

2.3

Rangorde van het depot

Vervallen

Artikel

2.4

Restricties

Vervallen

HOOFDSTUK

2

AANVRAAG, INSCHRIJVING EN VERNIEUWING

Artikel

2.5

Aanvraag

Artikel

2.5bis

Aanduiding en classificatie van waren en diensten

Artikel

2.6

Beroep op voorrang

Artikel

2.7

Onderzoek

Artikel

2.8

Inschrijving

Artikel

2.9

Geldigheidsduur en vernieuwing

Artikel

2.10

Internationale aanvraag

HOOFDSTUK

3

TOETSING OP ABSOLUTE GRONDEN

Artikel

2.11

Weigering op absolute gronden

Artikel

2.12

Beroep tegen de weigering

Vervallen

Artikel

2.13

Weigering op absolute gronden van internationale aanvragen

HOOFDSTUK

4

OPPOSITIE

Artikel

2.14

Instellen van de procedure

Artikel

2.15

Vertegenwoordiging bij oppositie

Vervallen

Artikel

2.16

Verloop van de procedure

Artikel

2.16bis

Niet-gebruik als verweer in een oppositieprocedure

Artikel

2.17

Beroep

Vervallen

Artikel

2.18

Oppositie tegen internationale aanvragen

HOOFDSTUK

5

RECHTEN VAN DE HOUDER

Artikel

2.19

Registratieplicht

Artikel

2.20

Rechten verbonden aan het merk

Artikel

2.20bis

Weergave van merken in woordenboeken

Wanneer door de weergave van een merk in een woordenboek, een encyclopedie of een ander naslagwerk in gedrukte of elektronische vorm de indruk wordt gewekt dat het gaat om de soortnaam van de waren of diensten waarvoor het merk is ingeschreven, draagt de uitgever er op verzoek van de houder van het merk zorg voor dat de weergave van het merk onverwijld, en ingeval het een werk in gedrukte vorm betreft, uiterlijk bij de volgende uitgave van het werk, vergezeld gaat van de vermelding dat het een ingeschreven merk betreft.

Artikel

2.20ter

Verbod op het gebruik van een merk dat op naam van een gemachtigde of vertegenwoordiger is ingeschreven

Artikel

2.21

Schadevergoeding en andere vorderingen

Artikel

2.22

Nevenvorderingen

Artikel

2.23

Beperking van het uitsluitend recht

Artikel

2.23bis

Normaal gebruik van het merk

Artikel

2.23ter

Niet-gebruik als verweer in een inbreukprocedure

De houder van een merk kan het gebruik van een teken alleen verbieden voor zover de rechten van de houder niet op grond van artikel 2.27, lid 2 tot en met 5, vervallen kunnen worden verklaard op het tijdstip waarop de vordering wegens inbreuk wordt ingesteld. Indien de verweerder daarom verzoekt, levert de houder van het merk het bewijs dat gedurende de periode van vijf jaar voorafgaand aan de datum waarop de vordering wordt ingesteld, normaal gebruik van het merk is gemaakt als bedoeld in artikel 2.23bis, voor de waren of diensten waarvoor het is ingeschreven, en die ter rechtvaardiging van de vordering worden aangehaald, dan wel dat er geldige redenen voor het niet-gebruik bestonden, op voorwaarde dat de procedure van inschrijving van het merk op de datum waarop de vordering wordt ingesteld, reeds ten minste vijf jaar geleden is afgerond.

Artikel

2.23 quater

Recht van de houder van een later ingeschreven merk om tussen te komen als verweer in een inbreukprocedure

Artikel

2.24

Rechtsverwerking wegens gedogen en verzetten tegen gebruik

Vervallen

Hoofdstuk

6

Beëindiging van het recht

Artikel

2.25

Doorhaling op verzoek

Artikel

2.26

Verval van het recht

Het recht op het merk vervalt:

  • a.

    door de vrijwillige doorhaling of het verstrijken van de geldigheidsduur van de inschrijving van het merk;

  • b.

    door de doorhaling of het verstrijken van de geldigheidsduur van de internationale inschrijving of door afstand van de bescherming in het Benelux-gebied, of overeenkomstig het in artikel 6 van de Overeenkomst en het Protocol van Madrid bepaalde, door het feit dat het merk geen wettelijke bescherming meer geniet in het land van oorsprong.

Artikel

2.27

Vervallenverklaring van het recht

Hoofdstuk

6bis

Procedure tot nietigverklaring of vervallenverklaring bij de rechter

Artikel

2.28

Inroepen van nietigheid of verval bij de rechter

Artikel

2.29

Rechtsverwerking wegens gedogen en inroepen van nietigheid

Vervallen

Artikel

2.30

Reikwijdte van de nietig- en vervallenverklaring en vrijwillige doorhaling

Vervallen

Hoofdstuk

6ter

Procedure tot nietigverklaring of vervallenverklaring bij het Bureau

Artikel

2.30bis

Instellen van de vordering

Artikel

2.30ter

Verloop van de procedure

Artikel

2.30quater

Vordering tot nietigverklaring of vervallenverklaring van internationale aanvragen

Hoofdstuk

6quater

Verweermiddelen en reikwijdte van nietigheid en verval

Artikel

2.30quinquies

Niet-gebruik als verweer in een procedure tot nietigverklaring

Artikel

2.30sexies

Ontbreken van onderscheidend vermogen of van bekendheid van een ouder merk waardoor nietigverklaring van een ingeschreven merk is uitgesloten

Een vordering tot nietigverklaring op basis van een ouder merk moet op de datum van de vordering tot nietigverklaring worden afgewezen indien zij op de datum van indiening of voorrang van het jongere merk niet zou zijn geslaagd om een van de volgende redenen:

  • a.

    het oudere merk, dat nietig kan worden verklaard krachtens artikel 2.2bis, lid 1, sub b, c of d, had nog geen onderscheidend vermogen verkregen als bedoeld in artikel 2.2bis, lid 3;

  • b.

    de vordering tot nietigverklaring is gebaseerd op artikel 2.2ter, lid 1, sub b, en het oudere merk had nog niet voldoende onderscheidend vermogen verkregen om de conclusie te staven dat er verwarring kon ontstaan in de zin van artikel 2.2ter, lid 1, sub b;

  • c.

    de vordering tot nietigverklaring is gebaseerd op artikel 2.2ter, lid 3, sub a, en het oudere merk was nog niet voldoende bekend in de zin van artikel 2.2ter, lid 3, sub a.

Artikel

2.30septies

Voorkoming van nietigverklaring wegens gedogen

Artikel

2.30octies

Inroepen van de nietigheid of het verval van een merk waarop anciënniteit voor een Uniemerk is gebaseerd

Wanneer de anciënniteit van een ingevolge dit verdrag ingeschreven merk, waarvan de houder afstand heeft gedaan of dat hij heeft laten vervallen, wordt ingeroepen voor een Uniemerk, kan de nietigheid of het verval van het merk dat de basis vormt voor het inroepen van de anciënniteit, achteraf worden vastgesteld, mits dit merk nietig of vervallen had kunnen worden verklaard op het tijdstip waarop de houder daarvan afstand heeft gedaan of het heeft laten vervallen.

Artikel

2.30nonies

Reikwijdte van nietigheid en verval

Hoofdstuk

7

Merken als onderdeel van het vermogen

Artikel

2.31

Overgang

Artikel

2.32

Licentie

Artikel

2.32bis

Zakelijke rechten en gedwongen tenuitvoerlegging

Artikel

2.33

Derdenwerking

De overdracht of andere overgang of de licentie kan niet aan derden worden tegengeworpen dan na inschrijving van het depot van een uittreksel der akte, waaruit van die overgang of die licentie blijkt, of van een daarop betrekking hebbende, door de betrokken partijen ondertekende verklaring, mits dit depot is verricht met inachtneming van de bij uitvoeringsreglement gestelde vormvereisten en tegen betaling van de verschuldigde taksen. Het in de vorige volzin bepaalde is van overeenkomstige toepassing op de in artikel 2.32bis bedoelde zakelijke rechten en gedwongen tenuitvoerlegging.

Hoofdstuk

8

Collectieve merken

Artikel

2.34bis

Collectieve merken

Artikel

2.34ter

Reglement inzake gebruik van een collectief merk

Artikel

2.34quater

Afwijzing van een aanvraag

Artikel

2.34quinquies

Gebruik van collectieve merken

Aan de vereisten van artikel 2.23bis wordt voldaan wanneer van een collectief merk overeenkomstig dat artikel normaal gebruik wordt gemaakt door iemand die daartoe bevoegd is.

Artikel

2.34sexies

Wijzigingen van het reglement inzake het gebruik van het collectieve merk

Artikel

2.34septies

Personen die bevoegd zijn een vordering wegens inbreuk in te stellen

Artikel

2.34octies

Aanvullende gronden voor vervallenverklaring

In aanvulling op de in artikel 2.27 vermelde gronden worden de rechten van de houder van een collectief merk vervallen verklaard op de volgende gronden:

  • a.

    de merkhouder neemt geen redelijke maatregelen om te voorkomen dat het merk wordt gebruikt op een wijze die niet verenigbaar is met de voorwaarden van het reglement, met inbegrip van in het register vermelde wijzigingen daarvan;

  • b.

    het publiek kan worden misleid in de zin van artikel 2.34quater, lid 2, door de wijze waarop bevoegde personen het merk hebben gebruikt;

  • c.

    een wijziging van het reglement is, in strijd met artikel 2.34sexies, lid 2, in het register vermeld, tenzij de merkhouder door een nieuwe wijziging van het reglement voldoet aan de in dat artikel gestelde eisen.

Artikel

2.34nonies

Aanvullende gronden voor nietigverklaring

In aanvulling op de gronden voor nietigverklaring in artikel 2.2bis, met uitzondering van artikel 2.2bis, lid 1, sub c, betreffende tekens of benamingen die in de handel kunnen dienen tot aanduiding van de plaats van herkomst van de waren of diensten, en in artikel 2.2ter, wordt een collectief merk nietig verklaard indien het in strijd met artikel 2.34quater is ingeschreven, tenzij de merkhouder door een wijziging van het reglement voldoet aan de in artikel 2.34quater gestelde eisen.

Hoofdstuk

8bis

Certificeringsmerken

Artikel

2.35bis

Certificeringsmerken

Artikel

2.35ter

Reglement voor het gebruik van het certificeringsmerk

Artikel

2.35quater

Afwijzing van de aanvraag

Artikel

2.35quinquies

Gebruik van het certificeringsmerk

Aan de vereisten van artikel 2.23bis wordt voldaan wanneer van een certificeringsmerk overeenkomstig dat artikel normaal gebruik wordt gemaakt door iemand die daartoe overeenkomstig het in artikel 2.35ter bedoelde gebruiksreglement bevoegd is.

Artikel

2.35sexies

Wijziging van het reglement voor gebruik van het merk

Artikel

2.35octies

Personen die een vordering wegens inbreuk kunnen instellen

Artikel

2.35nonies

Aanvullende gronden voor vervallenverklaring

In aanvulling op de in artikel 2.27 vermelde gronden worden de rechten van de houder van een certificeringsmerk vervallen verklaard op de volgende gronden:

  • a.

    de houder voldoet niet langer aan de vereisten van artikel 2.35bis, lid 2;

  • b.

    de houder neemt geen redelijke maatregelen om te voorkomen dat het merk wordt gebruikt op een wijze die niet verenigbaar is met de voorwaarden van het gebruiksreglement, met inbegrip van in het register vermelde wijzigingen daarvan;

  • c.

    het publiek kan worden misleid in de zin van artikel 2.35quater, lid 2, door de wijze waarop de merkhouder het merk heeft gebruikt;

  • d.

    een wijziging van het gebruiksreglement is, in strijd met artikel 2.35sexies, lid 2, in het register vermeld, tenzij de merkhouder door een nieuwe wijziging van het gebruiksreglement voldoet aan de in dat artikel gestelde eisen.

Artikel

2.35decies

Aanvullende gronden voor nietigverklaring

In aanvulling op de in de artikelen 2.2bisartikel 2.2ter bedoelde gronden voor nietigverklaring wordt een certificeringsmerk dat in strijd met artikel 2.35quater is ingeschreven nietig verklaard, tenzij de merkhouder door een wijziging van het gebruiksreglement voldoet aan de vereisten van artikel 2.35quater.

TITEL

III

TEKENINGEN OF MODELLEN

HOOFDSTUK

1

Tekeningen of modellen

Artikel

3.1

Tekeningen of modellen

Artikel

3.2

Uitzonderingen

Artikel

3.3

Nieuwheid en eigen karakter

Artikel

3.4

Onderdelen van samengestelde voortbrengselen

Artikel

3.5

Verkrijging van het recht

Artikel

3.6

Restricties

Binnen de in artikelen 3.23 en 3.24, lid 2, gestelde grenzen wordt geen recht op een tekening of model verkregen door de inschrijving indien:

  • a.

    de tekening of het model in strijd is met een oudere tekening die of ouder model dat na de datum van depot of na de datum van voorrang voor het publiek beschikbaar is gesteld en vanaf een aan deze datum voorafgaand tijdstip beschermd wordt door een uitsluitend recht dat voortvloeit uit een Gemeenschapsmodel, de inschrijving van een Benelux-depot dan wel door een internationaal depot;

  • b.

    in de tekening of het model gebruik gemaakt wordt van een ouder merk zonder toestemming van de houder van dit merk;

  • c.

    in de tekening of het model gebruik gemaakt wordt van een reeds bestaand auteursrechtelijk beschermd werk zonder toestemming van de houder van dit auteursrecht;

  • d.

    de tekening of het model oneigenlijk gebruik vormt van een van de in artikel 6ter van het Verdrag van Parijs genoemde zaken;

  • e.

    de tekening of het model in strijd is met de goede zeden of de openbare orde van één der Benelux-landen;

  • f.

    de kenmerkende eigenschappen van de tekening of het model onvoldoende uit het depot blijken.

Artikel

3.7

Opeising van een depot

Artikel

3.8

Rechten van werk- en opdrachtgevers

HOOFDSTUK

2

DEPOT, INSCHRIJVING EN VERNIEUWING

Artikel

3.9

Depot

Artikel

3.10

Beroep op voorrang

Artikel

3.11

Inschrijving

Artikel

3.12

Opschorting publicatie op verzoek

Artikel

3.13

Strijd met openbare orde en goede zeden

Artikel

3.14

Geldigheidsduur en vernieuwing

HOOFDSTUK

3

RECHTEN VAN DE HOUDER

Artikel

3.16

Beschermingsomvang

Artikel

3.17

Schadevergoeding en andere vorderingen

Artikel

3.18

Nevenvorderingen

Artikel

3.19

Beperking van het uitsluitend recht

Artikel

3.20

Recht van voorgebruik

HOOFDSTUK

4

DOORHALING, VERVAL EN NIETIGHEID

Artikel

3.21

Doorhaling op verzoek

Artikel

3.22

Verval van het recht

Behoudens het bepaalde in artikel 3.7, lid 2, vervalt het uitsluitend recht op een tekening of model:

  • a.

    door vrijwillige doorhaling of door het verstrijken van de geldigheidsduur van de inschrijving van het Benelux-depot;

  • b.

    door het verstrijken van de geldigheidsduur van de inschrijving van het internationaal depot of door afstand van rechten, die voor het Benelux-gebied uit het internationaal depot voortvloeien of door ambtshalve doorhaling van het internationaal depot, bedoeld in artikel 6, vierde lid, onder c, van de Overeenkomst van 's-Gravenhage.

Artikel

3.23

Inroepen van de nietigheid

Artikel

3.24

Reikwijdte van de nietig- en vervallenverklaring en de vrijwillige doorhaling

HOOFDSTUK

5

OVERGANG, LICENTIE EN ANDERE RECHTEN

Artikel

3.25

Overgang

Artikel

3.26

Licentie

Artikel

3.27

Derdenwerking

De overdracht of andere overgang of de licentie kan niet aan derden worden tegengeworpen dan na inschrijving van het depot van een uittreksel van de akte, waaruit van die overgang of die licentie blijkt, of van een daarop betrekking hebbende door de betrokken partijen ondertekende verklaring, mits dit depot is verricht met inachtneming van de bij uitvoeringsreglement gestelde vormvereisten en tegen betaling van de verschuldigde taksen. Het in de vorige volzin bepaalde is van overeenkomstige toepassing op pandrechten en beslagen.

HOOFDSTUK

6

SAMENLOOP MET HET AUTEURSRECHT

Artikel

3.28

Samenloop

Artikel

3.29

Auteursrecht van werk- en opdrachtgevers

Wanneer een tekening of model onder de omstandigheden als bedoeld in artikel 3.8 werd ontworpen, komt het auteursrecht inzake bedoelde tekening of model toe aan degene die overeenkomstig het in dat artikel bepaalde als de ontwerper wordt beschouwd.

TITEL

IV

OVERIGE BEPALINGEN

HOOFDSTUK

1

GEMACHTIGDENREGISTER

Artikel

4.1

Algemene bepalingen inzake het gemachtigdenregister

Vervallen

Artikel

4.2

Beroep tegen weigering tot inschrijving in het register of erkenning diploma

Vervallen

Artikel

4.3

Misbruik door niet-ingeschreven personen

Vervallen

HOOFDSTUK

2

OVERIGE TAKEN VAN HET BUREAU

Artikel

4.4

Taken

Het Bureau is, behalve met de in de voorgaande titels opgedragen taken, belast met:

  • a.

    het aanbrengen van wijzigingen in de depots en inschrijvingen, hetzij op verzoek van de houder, hetzij op grond van kennisgevingen van het Internationaal Bureau of van rechterlijke beslissingen, alsmede het zonodig daarvan verwittigen van het Internationaal Bureau;

  • b.

    het publiceren van de inschrijvingen van de Benelux-depots van merken en tekeningen of modellen en alle andere vermeldingen voorgeschreven bij uitvoeringsreglement;

  • c.

    het verstrekken op verzoek van iedere belanghebbende van afschriften van inschrijvingen.

Artikel

4.4bis

i-DEPOT

HOOFDSTUK

3

RECHTERLIJKE BEVOEGDHEID

Artikel

4.5

Geschillenbeslechting

Artikel

4.6

Territoriale bevoegdheid

HOOFDSTUK

4

OVERIGE BEPALINGEN

Artikel

4.7

Rechtstreekse werking

Onderdanen van Benelux-landen, alsmede onderdanen van landen welke geen deel uitmaken van de door het Verdrag van Parijs opgerichte Unie, die woonplaats hebben in het Benelux-gebied of aldaar een daadwerkelijke en wezenlijke nijverheids- of handelsonderneming hebben, kunnen ingevolge dit verdrag, voor dit gehele gebied, de toepassing te hunnen voordele inroepen van de bepalingen van het Verdrag van Parijs, van de Overeenkomst en het Protocol van Madrid, van de Overeenkomst van 's-Gravenhage en het TRIPS verdrag.

Artikel

4.8bis

Toepasselijk recht op merken en tekeningen of modellen als vermogensbestanddeel

Artikel

4.9

Taksen en termijnen

TITEL

V

OVERGANGSBEPALINGEN

Artikel

5.1

De Organisatie rechtsopvolger van de Bureaus

Artikel

5.2

Beëindiging van de Benelux-verdragen inzake merken, tekeningen of modellen

Met ingang van de dag waarop dit verdrag in werking treedt, worden het Benelux-Verdrag inzake de warenmerken van 19 maart 1962 en het Benelux-Verdrag inzake tekeningen of modellen van 25 oktober 1966 beëindigd.

Artikel

5.3

Eerbiediging van de bestaande rechten

De rechten die onder de eenvormige Beneluxwet op de merken onderscheidenlijk de eenvormige Beneluxwet inzake tekeningen of modellen bestonden, worden gehandhaafd.

Artikel

5.4

Openstelling per klasse van de oppositieprocedure

Artikel III van het protocol van 11 december 2001 houdende wijziging van de eenvormige Beneluxwet op de merken blijft van toepassing.

Artikel

5.5

Eerste uitvoeringsreglement

In afwijking van het bepaalde in artikel 1.9, lid 2, zijn de Raad van Bestuur van het Benelux-Merkenbureau en de Raad van Bestuur van het Benelux-Bureau voor Tekeningen of Modellen bevoegd het eerste uitvoeringsreglement gezamenlijk vast te stellen.

TITEL

VI

SLOTBEPALINGEN

Artikel

6.1

Bekrachtiging

Dit verdrag zal worden bekrachtigd. De akten van bekrachtiging zullen worden nedergelegd bij de Regering van het Koninkrijk België.

Artikel

6.2

Inwerkingtreding

Artikel

6.3

Duur van het verdrag

Artikel

6.5

Uitvoeringsreglement

TEN BLIJKE WAARVAN de Gevolmachtigden dit verdrag hebben ondertekend en voorzien van hun zegel.

GEDAAN te Den Haag op 25 februari 2005, in drievoud, in de Nederlandse en in de Franse taal, zijnde beide teksten gelijkelijk authentiek.

Protocol inzake voorrechten en immuniteiten van de Benelux-Organisatie voor de intellectuele eigendom (merken en tekeningen of modellen)

De Hoge Verdragsluitende Partijen, wensende uitvoering te geven aan artikel 1.6, eerste lid, van het Benelux Verdrag inzake de intellectuele eigendom (merken en tekeningen of modellen) dat bepaalt dat de Hoge Verdragsluitende Partijen een protocol zullen sluiten waarin de voorrechten en immuniteiten worden vastgelegd welke nodig zijn voor de uitoefening van de taken en het bereiken van de doelstellingen van de Organisatie;

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel

1

Artikel

2

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

De vertegenwoordigers van de Hoge Verdragsluitende Partijen, hun plaatsvervangers, hun raadgevers of deskundigen genieten, bij de vergaderingen van de Raad van Bestuur of ieder orgaan dat door deze Raad is ingesteld alsmede op hun reizen naar de plaats van samenkomst en terug, de volgende voorrechten en immuniteiten:

  • a.

    immuniteit van arrestatie en gevangenhouding, alsmede inbeslagneming van hun persoonlijke bagage, behalve wanneer zij op heterdaad betrapt worden;

  • b.

    vrijstelling van rechtsvervolging, ook na beëindiging van hun missie, met betrekking tot handelingen, waaronder begrepen gesproken en geschreven woorden, door hen in de uitoefening van hun functie verricht; deze vrijstelling geldt evenwel niet in geval van een door een van de hierboven bedoelde personen begane verkeersovertreding of in geval van schade veroorzaakt door een motorvoertuig dat hem toebehoort of dat door hem wordt bestuurd;

  • c.

    onschendbaarheid van al hun officiële papieren en documenten;

  • d.

    het recht codes te gebruiken en documenten of correspondentie te ontvangen per speciale koerier of in een verzegelde tas;

  • e.

    vrijstelling voor henzelf, hun samenwonende echtgeno(o)t(e) of geregistreerde partner en inwonende kinderen ten laste van alle maatregelen die de binnenkomst van vreemdelingen beperken alsmede van de aan de registratie van vreemdelingen verbonden formaliteiten.

Artikel

7

De Directeur-generaal en de personeelsleden van de Organisatie:

  • a.

    genieten immuniteit van rechtsmacht voor handelingen verricht in de uitoefening van hun functie, met inbegrip van hetgeen zij hebben gezegd of geschreven, ook nadat zij niet langer hun functie uitoefenen; deze immuniteit geldt niet in geval van een door de Directeur-generaal of een personeelslid van de Organisatie begane verkeersovertreding, of in geval van schade veroorzaakt door een motorvoertuig dat hen toebehoort of dat door hen wordt bestuurd;

  • b.

    zijn vrijgesteld van elke verplichting inzake militaire dienstplicht;

  • c.

    genieten onschendbaarheid van al hun officiële papieren en documenten;

  • d.

    genieten voor henzelf, hun samenwonende echtgeno(o)t(e) of geregistreerde partner en inwonende kinderen ten laste van dezelfde uitzonderingen op de maatregelen inzake inreisbeperkingen en registratie van vreemdelingen, als deze die gewoonlijk worden toegekend aan personeelsleden van internationale organisaties;

  • e.

    ontvangen voor henzelf, hun samenwonende echtgeno(o)t(e) of geregistreerde partner en inwonende kinderen ten laste in tijden van internationale crisis dezelfde repatriëringfaciliteiten als personen die met een diplomatieke zending zijn belast.

Artikel

8

Artikel

9

Deskundigen die namens de Organisatie een functie uitoefenen of voor haar een zending uitvoeren genieten, ook tijdens de reizen die zij in de uitoefening van hun functie maken of tijdens deze zendingen, van de hierna vermelde voorrechten en immuniteiten, voor zover deze noodzakelijk zijn voor de uitoefening van hun functie:

  • a.

    immuniteit van rechtsmacht voor handelingen verricht in de uitoefening van hun functie, met inbegrip van hetgeen zij hebben gezegd of geschreven; deze immuniteit geldt niet in geval van een door een deskundige begane verkeersovertreding, of in geval van schade veroorzaakt door een motorvoertuig dat hem toebehoort of dat door hem wordt bestuurd; de deskundigen blijven van deze immuniteit genieten na het beëindigen van hun functie bij de Organisatie;

  • b.

    onschendbaarheid van al hun officiële papieren en documenten.

Artikel

10

Artikel

11

Artikel

12

Elke Hoge Verdragsluitende Partij behoudt zich het recht voor alle voorzorgen te treffen die nodig zijn in het belang van haar veiligheid.

Artikel

13

De Organisatie werkt voortdurend samen met de bevoegde autoriteiten van de Hoge Verdragsluitende Partijen ter bevordering van een goede rechtsbedeling, ter verzekering van de naleving van politievoorschriften en van voorschriften met betrekking tot de volksgezondheid, de arbeidsinspectie, of andere soortgelijke nationale wetten, alsmede ter voorkoming van misbruik van de in dit Protocol bedoelde voorrechten, immuniteiten en faciliteiten.

Artikel

14

Uitvoeringsreglement van het Benelux-verdrag inzake de intellectuele eigendom (merken en tekeningen of modellen)

De Raad van Bestuur van het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom (merken en tekeningen of modellen),

Gelet op zijn bevoegdheid ex artikel 1.9, lid 2, van het Benelux-verdrag inzake de intellectuele eigendom (merken en tekeningen of modellen) (BVIE),

Overeenkomstig het voorstel van de Directeur-Generaal ex artikel 1.11, lid 1 BVIE,

Verlangend in het uitvoeringsreglement op een aantal punten wijzigingen aan te brengen, met name verband houdende met het Protocol van 11 december 2017 houdende wijziging van het BVIE, in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2015/2436,

Heeft tijdens zijn achtentwintigste vergadering op 5 en 6 juli 2018 besloten om het uitvoeringsreglement in te trekken en te vervangen door het onderhavige reglement:

TITEL

I

: MERKEN

HOOFDSTUK

1

HET BENELUX MERK

Regel

1.1

Depotvereisten

Regel

1.2

Collectieve merken en certificeringsmerken

Regel

1.3

Vaststellen depotdatum; Regularisatie

Regel

1.4

Prioriteit

Regel

1.5

Publicatie aanvraag

Regel

1.6

Inschrijving

Regel

1.7

Spoedinschrijving

Regel

1.8

Internationale aanvraag met aanduiding van de Benelux

Regel

1.9

Vernieuwing

HOOFDSTUK

2

INTERNATIONALE AANVRAAG GEBASEERD OP EEN BENELUXMERK

Regel

1.10

Aanvraag, vernieuwing en wijziging

HOOFDSTUK

3

WEIGERING EN OPPOSITIE

Regel

1.12

Bezwaartermijn weigering

Regel

1.13

Oppositiegegevens

Regel

1.14

Verloop procedure

Regel

1.15

Ontvankelijkheidsvereisten

Regel

1.16

Regularisatie oppositie

Regel

1.17

Proceduretaal

Regel

1.18

Vertaling

Regel

1.19

Wijziging taalkeuze

Regel

1.20

Taal stukken ter ondersteuning argumenten of gebruik

Het bepaalde in de regels 1.17 tot en met 1.19 laat onverlet dat stukken die dienen ter ondersteuning van argumenten of om gebruik van een merk aan te tonen, in hun oorspronkelijke taal kunnen worden ingediend. De stukken worden slechts in aanmerking genomen indien het Bureau oordeelt dat deze, gezien de reden van indiening, voldoende begrijpelijk zijn.

Regel

1.21

Beginsel van hoor en wederhoor

De inachtneming van het beginsel van hoor en wederhoor als bedoeld in artikel 2.16, lid 1, BVIE houdt met name in dat:

  • a.

    een afschrift van elk relevant stuk dat bij het Bureau door een partij wordt ingediend naar de andere partij wordt verzonden, ook indien de oppositie niet ontvankelijk is. Indien ingediende argumenten ingevolge het bepaalde in regel 1.18 door het Bureau worden vertaald zal doorzending plaatsvinden tezamen met deze vertaling;

  • b.

    een afschrift van elk relevant stuk dat het Bureau aan een partij zendt tevens aan de andere partij wordt gezonden;

  • c.

    de oppositiebeslissing slechts kan worden genomen op gronden waartegen de partijen verweer hebben kunnen voeren;

  • d.

    feiten waarop de wederpartij niet heeft gereageerd als niet betwist worden beschouwd;

  • e.

    het oppositieonderzoek beperkt is tot de door partijen aangevoerde argumenten, feiten en bewijsmiddelen;

  • f.

    de oppositiebeslissing schriftelijk opgesteld, gemotiveerd en naar partijen gestuurd wordt.

Regel

1.22

Opschorting

Regel

1.23

Mondelinge behandeling

Regel

1.24

Meer opposities

Regel

1.25

Bewijzen van gebruik

Regel

1.26

Openbaarheid oppositie

De akte van oppositie en de oppositiebeslissing zijn openbaar. De argumenten en overige stukken van de partijen, ongeacht of ze mondeling dan wel schriftelijk worden aangevoerd, zijn slechts toegankelijk voor derden met de instemming van de partijen.

Regel

1.27

Inhoud oppositiebeslissing

Een oppositiebeslissing bevat de volgende gegevens:

  • a.

    het nummer van de oppositie;

  • b.

    de datum van de beslissing;

  • c.

    de namen van de partijen en in voorkomend geval hun gemachtigden;

  • d.

    gegevens van de bij de oppositieprocedure betrokken merken of andere rechten;

  • e.

    een samenvatting van de feiten en het verloop van de procedure;

  • f.

    in voorkomend geval een analyse van de gebruiksbewijzen;

  • g.

    in voorkomend geval een vergelijking van de merken en de waren of diensten waarop deze betrekking hebben;

  • h.

    de beslissing van het Bureau;

  • i.

    de beslissing met betrekking tot de kosten;

  • j.

    de namen van de rapporteur en de overige twee personen die aan de besluitvorming hebben deelgenomen;

  • k.

    de naam van de administratieve behandelaar van het dossier.

Regel

1.28

Kostenbepaling oppositie

Regel

1.29

Verzoek om de beslissing niet ten uitvoer te leggen

Na de in artikel 2.16, lid 4, BVIE bedoelde beslissing en uiterlijk totdat deze definitief wordt, kunnen partijen het Bureau gezamenlijk verzoeken de beslissing niet ten uitvoer te leggen.

HOOFDSTUK

4

PROCEDURE TOT NIETIGVERKLARING OF VERVALLENVERKLARING BIJ HET BUREAU

Regel

1.30

Indiening van de vordering tot nietigverklaring of vervallenverklaring

Regel

1.31

Verloop procedure

Regel

1.32

Ontvankelijkheidsvereisten

Regel

1.33

Regularisatie vordering tot nietigverklaring of vervallenverklaring

Regel

1.34

Proceduretaal

Regel

1.35

Vertaling

Regel

1.36

Taal stukken ter ondersteuning argumenten of gebruik

Regel 1.20 is van overeenkomstige toepassing op de procedure tot nietigverklaring of vervallenverklaring.

Regel

1.38

Opschorting

Regel

1.40

Meer vorderingen tot nietigverklaring of vervallenverklaring

Indien verscheidene vorderingen tot nietigverklaring of vervallenverklaring van een merk zijn ingediend, is regel 1.24 van overeenkomstige toepassing.

Regel

1.41

Bewijzen van gebruik

Op de ingevolge regel 1.31, lid 1, door verzoeker, dan wel ingevolge regel 1.31, lid 2, door verweerder in te dienen stukken om het gebruik van het merk aan te tonen is regel 1.25 van overeenkomstige toepassing.

Regel

1.42

Openbaarheid procedure

Regel 1.26 is van overeenkomstige toepassing op de procedure tot nietigverklaring of vervallenverklaring.

Regel

1.43

Inhoud beslissing

Regel 1.27 is van overeenkomstige toepassing op de beslissing tot nietigverklaring of vervallenverklaring.

Regel

1.44

Kostenbepaling vordering tot nietigverklaring of vervallenverklaring

Regel

1.45

Verzoek om de beslissing niet ten uitvoer te leggen

Na de in artikel 2.30ter, lid 4, BVIE bedoelde beslissing en uiterlijk totdat deze definitief wordt, kunnen partijen het Bureau gezamenlijk verzoeken de beslissing niet ten uitvoer te leggen.

HOOFDSTUK

5

CONVERSIES VAN UNIEMERKEN

Regel

1.46

Conversies

TITEL

II

: TEKENINGEN OF MODELLEN

Regel

2.1

Depotvereisten

Regel

2.2

Meervoudig depot

Een Benelux-depot kan verscheidene tekeningen of modellen bevatten tot ten hoogste vijftig. In zodanig geval is het bepaalde in regel 2.1, lid 1, sub b, c en d, lid 2 en 4, ten aanzien van iedere tekening of model van toepassing. Iedere tekening of model dient aangeduid te worden met een verschillend nummer.

Regel

2.3

Vaststellen depotdatum en termijn regularisatie

Regel

2.4

Prioriteit

Regel

2.5

Opschorting publicatie

Regel

2.6

Verzoek tweede publicatie

De termijn bedoeld in artikel 3.11, lid 3, BVIE, gedurende welke de deposant aan het Bureau een tweede publicatie van de tekening of het model kan vragen, bedraagt drie maanden te rekenen van de datum van de eerste publicatie.

Regel

2.7

Inschrijving

Regel

2.8

Datum inschrijving internationale aanvraag

Als datum van inschrijving van internationale depots van tekeningen of modellen waarbij de Benelux werd aangeduid geldt de datum van de in artikel 3.11, lid 1, BVIE bedoelde publicatie.

Regel

2.9

Inschrijving handhaving gewijzigde vorm

Een verzoek tot inschrijving van de in artikel 3.24, lid 3, BVIE bedoelde verklaring van de houder of rechterlijke beslissing dient te worden ingediend bij het Bureau en dient te bevatten de naam en het adres van de houder, zijn handtekening of die van zijn gemachtigde, in voorkomend geval naam en adres van de gemachtigde of het correspondentieadres als bedoeld in regel 3.6, alsmede het nummer van de inschrijving.

Regel

2.10

Inschrijving vordering tot opeising en doorhaling van deze inschrijving

Regel

2.11

Vernieuwing

TITEL

III

: BEPALINGEN GEMEENSCHAPPELIJK AAN MERKEN EN TEKENINGEN OF MODELLEN

HOOFDSTUK

1

AANPASSINGEN VAN INSCHRIJVINGEN

Regel

3.1

Wijzigingen in het register

HOOFDSTUK

2

INTERNATIONALE AANVRAGEN

Regel

3.2

Internationale aanvragen met geldigheid in de Benelux

HOOFDSTUK

3

ADMINISTRATIEVE BEPALINGEN

Regel

3.3

Talen Bureau

Regel

3.4

Indiening van stukken

Regel

3.5

Ondertekening van stukken

Indien enig stuk, overgelegd ter inschrijving in het Benelux-register of in het register van internationale inschrijvingen gehouden bij het Internationaal Bureau, is ondertekend namens een rechtspersoon, dient daarbij de naam en de hoedanigheid van de ondertekenaar te zijn vermeld.

Regel

3.6

Aanstelling gemachtigde

Regel

3.7

Volmachten

Regel

3.8

Bevestiging ontvangst van stukken

Regel

3.9

Termijnen en sluitingsdagen

Regel

3.10

Inlichtingen en afschriften

Regel

3.11

Ter beschikking stellen formulieren

Het Bureau stelt formulieren beschikbaar voor het verrichten van die handelingen die langs niet-elektronische weg kunnen worden verricht. De Directeur-Generaal stelt het model van deze formulieren vast. Deze worden gepubliceerd op de website van het Bureau.

Regel

3.12

Benelux-register

Regel

3.13

Publicatie

Het Bureau publiceert, conform het bepaalde in artikel 4.4, sub b, BVIE uitsluitend in de taal waarin de inschrijving plaatsgevonden heeft:

  • a.

    alle ingeschreven gegevens betreffende Benelux-aanvragen, bedoeld in de regels 1.5, 1.6, 1.7, 1.9, 2.7, 2.11 en 3.1;

  • b.

    alle ingeschreven gegevens betreffende internationale merkaanvragen, bedoeld in regel 1.8 lid 2;

  • c.

    alle ingeschreven gegevens betreffende internationale depots van tekeningen of modellen bedoeld in regel 3.2 lid 3;

  • d.

    de inschrijving van de verklaring of de rechterlijke beslissing bedoeld in regel 2.9;

  • e.

    het feit van de inschrijving van de vordering tot opeising bedoeld in regel 2.10.

Regel

3.14

Nadere regels

De in regel 3.4 bedoelde nadere regels van de Directeur-Generaal voor het indienen van stukken worden op de website van het Bureau gepubliceerd.

TITEL

IV

: I-DEPOT

Regel

4.1

Soorten i-DEPOT

Het in artikel 4.4bis BVIE genoemde i-DEPOT bestaat in een fysieke variant („i-DEPOT enveloppe”) en in een elektronische variant („online i-DEPOT”).

Regel

4.2

Indiening i-DEPOT enveloppe

Regel

4.3

Bewaring i-DEPOT enveloppe

Regel

4.4

i-DEPOT enveloppe bewijs

Zowel het door het Bureau retour gezonden compartiment van de i-DEPOT enveloppe als het door het Bureau bewaarde compartiment van de i-DEPOT enveloppe vormen bewijs in de zin van artikel 4.4bis BVIE.

Regel

4.5

Indiening online i-DEPOT

Regel

4.6

Online i-DEPOT bewijs

Het elektronisch bestand bedoeld in regel 4.5 vormt bewijs in de zin van artikel 4.4bis BVIE.

Regel

4.7

Bewaring online i-DEPOT

Regel

4.8

Handelingen betrekking hebbend op het online i-DEPOT

De handelingen betrekking hebbende op een online i-DEPOT kunnen uitsluitend worden verricht door gebruikmaking van het daartoe door de Directeur-Generaal aangeduide middel dat op de website van het Bureau beschikbaar wordt gesteld.

Regel

4.9

Termijnen

Op de in de regels 4.3 en 4.7 bedoelde termijnen is regel 3.9 van overeenkomstige toepassing.

Regel

4.10

Openbaar i-DEPOT

Regel

4.11

Bezwaar tegen een openbaar i-DEPOT

TITEL

V

: TAKSEN EN VERGOEDINGEN

Regel

5.1

Vaststelling tarieven

Regel

5.2

Betaling

Regel

5.3

Vergoedingen incidentele handelingen

Bijlage

Tarievenlijst per juli 2021

MERKEN

Aanvraag

• basistaks individueel merk, inclusief één klasse (1.1)1

€ 244

– tweede klasse

€ 27

– per klasse vanaf de derde

€ 81

• basistaks collectief merk of certificeringsmerk, inclusief één klasse (1.2)

€ 379

– tweede klasse

€ 42

– per klasse vanaf de derde

€ 126

• aanvullende taks voor spoedinschrijving (1.7)

€ 196

– tweede klasse

€ 21

– per klasse vanaf de derde

€ 63

• beschrijving van onderscheidende elementen (1.1, lid 2)

€ 41

• inschrijving verklaring van een recht van voorrang (1.4, lid 2)

€ 15

Vernieuwing (1.9)

• individueel merk, eerste klasse

€ 263

– tweede klasse

€ 29

– iedere klasse vanaf de derde

€ 87

• collectief merk of certificeringsmerk, eerste klasse

€ 480

– tweede klasse

€ 54

– iedere klasse vanaf de derde

€ 162

• extra-taks voor vernieuwing binnen zes maanden na vervaldatum (artikel 2.9 lid 4 BVIE)

€ 135

Oppositie (1.13 e.v.)

• basistaks instellen oppositie

€ 1.045

• aanvullende taks per ingeroepen recht boven het derde

€ 105

• opschorting op verzoek en verlenging daarvan (1.22)

– voor aanvang procedure (max. driemaal)

gratis

– in overige gevallen, per vier maanden

€ 152

Vordering tot nietigverklaring of vervallenverklaring (1.30 e.v.)

• basistaks vordering

€ 1.420

• aanvullende taks per ingeroepen grond boven de derde (1.30, lid 1, sub d)

€ 142

• aanvullende taks per ingeroepen recht boven het derde (1.30, lid 2, sub a)

€ 142

• opschorting op verzoek gedurende de eerste drie opeenvolgende periodes (1.38)

gratis

• opschorting op verzoek en verlenging daarvan in overige gevallen, per vier maanden (1.38)

€ 152

Vertaling in oppositie-, verval- of nietigheidsprocedures (1.18 en 1.35)

• vertaling van argumenten

– eerste vier pagina’s2

gratis

– iedere pagina2 of deel daarvan, boven de vierde

€ 58

• vertaling van beslissing, per pagina2 of deel daarvan

€ 47

Onderzoeksdiensten

• BOIP Trademark Alert (per jaar)

€ 53

• BOIP Trademark Alert Actietarief3 (eenmalig, drie maanden)

gratis

1 (Getallen) tussen haakjes verwijzen, tenzij anders aangeven, naar de betreffende regel van het Uitvoeringsreglement BVIE. De regelnummers corresponderen met de geldende nummering ten tijde van het besluit van de Raad van Bestuur.

2 Eén pagina maximaal 30 regels met maximaal 80 karakters.

3 De Directeur-Generaal van BOIP kan besluiten dit tarief aan te bieden aan afnemers die deze dienst niet eerder hebben gebruikt voor hetzelfde merk. Hij publiceert hiertoe een mededeling op de website van BOIP.

TEKENINGEN OF MODELLEN

Aanvraag

• enkelvoudige aanvraag (2.1)

€ 150

• meervoudige aanvraag (2.2)

– eerste tekening of model

€ 150

– tweede t/m tiende tekening of model, per tekening of model

€ 75

– elfde t/m twintigste tekening of model, per tekening of model

€ 38

– eenentwintigste t/m vijftigste tekening of model, per tekening of model

€ 32

• publicatie beschrijving kenmerkende eigenschappen, per tekening of model

€ 42

• opschorting publicatie (2.5)

€ 40

• inschrijving verklaring recht van voorrang (2.4 lid 2)

€ 12

Vernieuwing

• enkelvoudige inschrijving (2.11)

€ 102

• meervoudige inschrijving (2.11)

– vernieuwing eerste tekening of model

€ 102

– tweede t/m tiende tekening of model, per tekening of model

€ 51

– elfde t/m twintigste tekening of model, per tekening of model

€ 25

– eenentwintigste t/m vijftigste tekening of model, per tekening of model

€ 21

• extra-taks voor vernieuwing binnen zes maanden na vervaldatum (artikel 3.14 lid 3 BVIE)

€ 12

MERKEN EN TEKENINGEN OF MODELLEN

Wijzigingen1 (3.1)

• overdracht of overgang, licentie, pandrecht of beslag

– eerste recht

€ 56

– tweede tot en met vijfde recht

€ 28

– elk volgend recht

gratis

• wijziging van gemachtigde, inbegrepen diens aanwijzing

– eerste recht

€ 24

– tweede tot en met vijfde recht van dezelfde houder

€ 12

– elk volgend recht van dezelfde houder

gratis

– tweede tot en met vijfde recht van verschillende houders

€ 12

– elk volgend recht van verschillende houders

€ 2

• wijziging naam en/of adres van een houder, gemachtigde of licentiehouder

gratis

• herstel van aan de houder te wijten schrijffouten na inschrijving

– eerste recht

€ 20

– elk volgend recht

€ 10

• waren- en dienstenbeperking van een merk

€ 46

• inschrijving vordering tot opeising van een tekening of model (2.10)

€ 12

Afschriften

• gewaarmerkt, per inschrijving

€ 19

• kopieën van stukken, niet gewaarmerkt, per bladzijde

€ 5

• kopieën van stukken, gewaarmerkt, per bladzijde

€ 18

• bewijzen van voorrang (3.10, lid 3)

€ 15

Overige

• inlichtingen

– minder dan een uur

€ 24

– langer dan een uur, per uur

€ 58

• vertaling van een openbare aanvraag of inschrijving vanuit het Engels naar een officiële taal (3.3, lid 5)

€ 0,22/woord

1 Voor betaalde wijzigingen geldt dat een wijzigingsverzoek voor meer dan één recht alleen als één enkel verzoek wordt opgevat indien het betrekking heeft op dezelfde soort rechten. Een verzoek dat betrekking heeft op zowel merk- als modelrechten wordt gesplitst in twee verzoeken.

i-DEPOT

Enveloppe

• vijf jaar bewaartermijn

€ 47

• tien jaar bewaartermijn

€ 68

• vijf jaar verlenging bewaartermijn

€ 47

Online

• indiening en bewaartermijn van vijf jaar

€ 37

• indiening en bewaartermijn van tien jaar

€ 53

• geheimhoudingsovereenkomst

€ 15

• vijf jaar verlenging bewaartermijn

€ 26

• openbaarmaking

€ 21

• instellen NTD procedure op basis van regel 4.11, lid 1, sub b

€ 78

Creditaccount

• activeren creditaccount

€ 209

• 20 credits

€ 262

• 50 credits

€ 523

online i-DEPOT in credits (enkel voor creditaccounts)

• indiening en bewaartermijn van vijf jaar

1 credit

• indiening en bewaartermijn van tien jaar

2 credits

• geheimhoudingsovereenkomst

1 credit

• vijf jaar verlenging bewaartermijn

1 credit

• openbaarmaking

1 credit

INTERNATIONAAL EN EU

Internationale merken

• indiening aanvraag of vernieuwing

CHF 100

Individuele taksen internationale merken (artikel 8, 7), a) van het Protocol van Madrid)

Aanvraag

• basistaks individueel merk, inclusief één klasse

€ 235

– tweede klasse

€ 26

– per klasse vanaf de derde

€ 79

• basistaks collectief merk of certificeringsmerk, inclusief één klasse

€ 365

– tweede klasse

€ 41

– per klasse vanaf de derde

€ 123

Vernieuwing

• individueel merk, eerste klasse

€ 254

– tweede klasse

€ 28

– iedere klasse vanaf de derde

€ 86

• collectief merk of certificeringsmerk, eerste klasse

€ 463

– tweede klasse

€ 52

– iedere klasse vanaf de derde

€ 156

Wijzigingen internationale tekeningen of modellen

• aantekening licentie, pandrecht of beslag

– eerste tekening of model

€ 26

– elke volgende tekening of model

€ 13

Doorzending Gemeenschapsmodel

• indiening aanvraag (artikel 35 lid 2 Gemeenschapsmodellenverordening)

€ 74

• indien de verzendkosten meer dan € 25 bedragen

verzendkosten