Europees-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Democratische Republiek Algerije, anderzijds

Europees-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Democratische Republiek Algerije, anderzijds

Europees-mediterrane overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Democratische Volksrepubliek Algerije, anderzijds

Europees-mediterrane overeenkomst

Waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Democratische Volksrepubliek Algerije, anderzijds

het Koninkrijk België,

het Koninkrijk Denemarken,

de Bondsrepubliek Duitsland,

de Helleense Republiek,

het Koninkrijk Spanje,

de Franse Republiek,

Ierland,

de Italiaanse Republiek,

het Groothertogdom Luxemburg,

het Koninkrijk der Nederlanden,

de Republiek Oostenrijk,

de Portugese Republiek,

de Republiek Finland,

het Koninkrijk Zweden,

het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland,

Partijen bij het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

hierna „lidstaten" genoemd, en

De Europese Gemeenschap,

hierna „Gemeenschap" genoemd,

enerzijds, en

De Democratische Volksrepubliek Algerije,

hierna „Algerije" genoemd,

anderzijds,

Gelet op de nabijheid en de onderlinge afhankelijkheid van de Gemeenschap, haar lidstaten en Algerije, gegrondvest op hun historische banden en gemeenschappelijke waarden;

Overwegende dat de Gemeenschap, de lidstaten en Algerije deze banden wensen te versterken en duurzame betrekkingen op basis van wederkerigheid, solidariteit, partnerschap en gezamenlijke ontwikkeling tot stand wensen te brengen;

Gelet op het belang dat de partijen hechten aan de eerbiediging van de beginselen van het Handvest van de Verenigde Naties, en in het bijzonder aan de eerbiediging van de mensenrechten en de politieke en economische vrijheden waarop de associatie is gegrondvest;

Zich bewust van het belang van de betrekkingen in de algemene Europees-mediterrane context enerzijds en van de doelstelling van integratie van de landen van de Maghreb anderzijds;

Wensende de doelstellingen van hun associatie volledig te verwezenlijken door uitvoering van de desbetreffende bepalingen van deze overeenkomst en zo de niveaus van economische en sociale ontwikkeling van de Gemeenschap en van Algerije nader tot elkaar te brengen;

Zich bewust van het belang van deze overeenkomst, die gebaseerd is op wederzijdse belangen, wederzijdse concessies, samenwerking en dialoog;

Verlangende politiek overleg over bilaterale en internationale kwesties van wederzijds belang in te stellen en te verdiepen;

Zich bewust van de dreiging die het terrorisme en de internationale georganiseerde criminaliteit vormen voor de verwezenlijking van de doelstellingen van partnerschap en stabiliteit in de regio;

Gelet op de bereidheid van de Gemeenschap om Algerije aanzienlijke steun te verlenen in zijn streven naar hervorming en aanpassing op economisch vlak en naar sociale ontwikkeling;

Gelet op de keuze van zowel de Gemeenschap als Algerije voor vrijhandel in overeenstemming met de rechten en verplichtingen die voortvloeien uit de Algemene Overeenkomst betreffende tarieven en handel (GATT), zoals voortgekomen uit de Uruguay-ronde;

Verlangende samenwerking in te stellen die steunt op een regelmatige dialoog op economisch, wetenschappelijk, technologisch, sociaal, cultureel en audiovisueel gebied en op het gebied van het milieu, met het oog op beter wederzijds begrip;

Bevestigend dat de bepalingen van deze overeenkomst die binnen de toepassingssfeer van deel III, titel IV, van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap vallen, het Verenigd Koninkrijk en Ierland binden als afzonderlijke verdragsluitende partijen, en niet als deel van de Europese Gemeenschap, totdat het Verenigd Koninkrijk of Ierland (al naargelang van het geval) Algerije ervan in kennis stelt dat het Verenigd Koninkrijk of Ierland is gebonden als deel van de Europese Gemeenschap overeenkomstig het Protocol betreffende de positie van het Verenigd Koninkrijk en Ierland dat aan het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap is gehecht. Hetzelfde geldt voor Denemarken met betrekking tot het Protocol betreffende de positie van Denemarken dat aan die verdragen is gehecht;

Overtuigd dat deze overeenkomst een gunstig kader is voor de ontwikkeling van een partnerschap dat gebaseerd is op particulier initiatief en een gunstig klimaat zal scheppen voor de ontwikkeling van hun economische handels- en investeringsbetrekkingen, factoren die van doorslaggevend belang zijn voor de steun voor de economische herstructurering en de technologische modernisering,

Hebben overeenstemming bereikt omtrent de volgende bepalingen [Red: De oorspronkelijke Bijlagen bij de Overeenkomst en de Protocollen liggen ter inzage bij de Afdeling Verdragen van het Ministerie van Buitenlandse Zaken en zijn gepubliceerd in PbEU 2005, L 265.]:

Artikel

1

Artikel

2

Eerbiediging van de democratische beginselen en de mensenrechten, zoals deze zijn vastgelegd in de Universele Verklaring van de rechten van de mens, vormt de grondslag van het binnenlandse en buitenlandse beleid van de partijen en is een essentieel element van deze overeenkomst.

TITEL

I

POLITIEKE DIALOOG

Artikel

3

Artikel

4

De politieke dialoog heeft betrekking op alle onderwerpen van wederzijds belang en met name op de noodzakelijke voorwaarden voor het waarborgen van vrede, veiligheid en regionale ontwikkeling door het bevorderen van de samenwerking.

Artikel

5

In het kader van de politieke dialoog worden regelmatig en telkens wanneer nodig bijeenkomsten gehouden, met name:

  • a.

    op ministerieel niveau, voornamelijk in het kader van de Associatieraad;

  • b.

    op het niveau van hoge ambtenaren die enerzijds Algerije vertegenwoordigen en anderzijds het voorzitterschap van de Raad en de Commissie;

  • c.

    met optimale gebruikmaking van de diplomatieke kanalen, in het bijzonder door middel van regelmatige briefings, overleg ter gelegenheid van internationale vergaderingen en contacten tussen diplomatieke vertegenwoordigers in derde landen;

  • d.

    indien nodig met alle andere middelen die kunnen bijdragen tot de intensivering en doelmatigheid van deze dialoog.

TITEL

II

VRIJ VERKEER VAN GOEDEREN

Artikel

6

De Gemeenschap en Algerije brengen geleidelijk een vrijhandelszone tot stand in de loop van een overgangsperiode van ten hoogste twaalf jaar, te beginnen bij de inwerkingtreding van deze overeenkomst, overeenkomstig de hierna omschreven bepalingen en in overeenstemming met de bepalingen van de Algemene Overeenkomst betreffende tarieven en handel van 1994 en andere multilaterale overeenkomsten inzake de handel in goederen die opgenomen zijn in de bijlagen bij de overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelorganisatie (WTO), hierna „GATT" genoemd.

HOOFDSTUK

1

INDUSTRIEPRODUCTEN

Artikel

7

Het bepaalde in dit hoofdstuk is van toepassing op producten van oorsprong uit de Gemeenschap en uit Algerije, opgenomen in de hoofdstukken 25 tot en met 97 van de gecombineerde nomenclatuur en van het Algerijnse douanetarief, met uitzondering van de producten genoemd in bijlage 1.

Artikel

8

Producten van oorsprong uit Algerije worden bij invoer in de Gemeenschap toegelaten met vrijstelling van douanerechten en heffingen van gelijke werking.

Artikel

9

Artikel

10

De bepalingen betreffende de afschaffing van de douanerechten bij invoer zijn tevens van toepassing op douanerechten van fiscale aard.

Artikel

11

HOOFDSTUK

2

LANDBOUWPRODUCTEN, VISSERIJPRODUCTEN EN BEWERKTE LANDBOUWPRODUCTEN

Artikel

12

Het bepaalde in dit hoofdstuk is van toepassing op producten van oorsprong uit de Gemeenschap en uit Algerije, opgenomen in de hoofdstukken 1 tot en met 24 van de gecombineerde nomenclatuur en het Algerijnse douanetarief, alsmede op de producten genoemd in bijlage 1.

Artikel

13

De Gemeenschap en Algerije liberaliseren geleidelijk het onderlinge handelsverkeer in landbouwproducten, visserijproducten en bewerkte landbouwproducten die voor beide partijen van belang zijn.

Artikel

14

Artikel

15

Artikel

16

HOOFDSTUK

3

GEMEENSCHAPPELIJKE BEPALINGEN

Artikel

17

Artikel

18

Artikel

19

Voor producten van oorsprong uit Algerije geldt bij invoer in de Gemeenschap geen gunstiger regeling dan die welke tussen de lidstaten onderling geldt.

De bepalingen van deze overeenkomst zijn van toepassing onverminderd het bepaalde in Verordening (EEG) nr. 1911/91 van de Raad van 26 juni 1991 betreffende de toepassing van de bepalingen van het Gemeenschapsrecht op de Canarische Eilanden.

Artikel

20

Artikel

21

Artikel

22

Indien een der partijen constateert dat in het handelsverkeer met de andere partij dumping in de zin van artikel VI van de GATT 1994 plaatsvindt, kan zij passende maatregelen nemen tegen deze praktijk op grond van de WTO-overeenkomst betreffende de toepassing van artikel VI van de GATT 1994 en haar binnenlandse wetgeving op dit gebied en volgens de voorwaarden en procedures van artikel 26.

Artikel

24

Artikel

25

Indien als gevolg van de toepassing van artikel 17, lid 3,

  • i.

    goederen worden wederuitgevoerd naar een derde land ten aanzien waarvan de exporterende partij voor het betrokken product kwantitatieve uitvoerbeperkingen, uitvoerrechten of maatregelen van gelijke werking toepast, of

  • ii.

    een ernstig tekort aan producten die van wezenlijk belang zijn voor de exporterende partij ontstaat of dreigt te ontstaan,

en de bovenbedoelde situaties aanleiding geven of vermoedelijk zullen geven tot ernstige moeilijkheden voor de exporterende partij, kan deze partij passende maatregelen nemen volgens de voorwaarden en procedures van artikel 26. Deze maatregelen mogen geen discriminerend karakter hebben en dienen te worden ingetrokken zodra zij niet langer gerechtvaardigd zijn.

Artikel

26

Artikel

27

Deze overeenkomst vormt geen beletsel voor verboden of beperkingen op de invoer, uitvoer of doorvoer die gerechtvaardigd zijn uit hoofde van de bescherming van de openbare zedelijkheid, de openbare orde, de openbare veiligheid, de gezondheid en het leven van personen en dieren of het behoud van planten, de bescherming van het nationaal artistiek, historisch en archeologisch erfgoed, of de bescherming van intellectuele, industriële en commerciële eigendom, of voor voorschriften betreffende goud en zilver. Deze verboden of beperkingen mogen echter geen middel tot willekeurige discriminatie of een verkapte beperking van de handel tussen de partijen vormen.

Artikel

28

Het begrip „producten van oorsprong" voor de toepassing van deze titel en de regelingen voor administratieve samenwerking op dit gebied zijn gedefinieerd in protocol 6.

Artikel

29

Bij invoer in de Gemeenschap worden de goederen ingedeeld overeenkomstig de gecombineerde nomenclatuur. Bij invoer in Algerije worden de goederen ingedeeld overeenkomstig het Algerijnse douanetarief.

TITEL

III

HANDEL IN DIENSTEN

Artikel

30

Wederzijdse verbintenissen

Artikel

31

Grensoverschrijdende dienstverlening

Algerije kent aan dienstverleners uit de Gemeenschap die diensten verlenen op het grondgebied van Algerije, anders dan door middel van commerciële aanwezigheid of de aanwezigheid van natuurlijke personen als bedoeld in de artikelen 32 en 33, geen minder gunstige behandeling toe dan aan vennootschappen uit derde landen.

Artikel

32

Commerciële aanwezigheid

Artikel

33

Tijdelijke aanwezigheid van natuurlijke personen

Artikel

34

Vervoer

Artikel

35

Binnenlandse regelgeving

Artikel

36

Definities

In deze overeenkomst wordt verstaan onder:

  • a.

    „dienstverlener": een natuurlijke persoon of een rechtspersoon die een dienst verleent vanaf het grondgebied van een partij naar het grondgebied van de andere partij, op het grondgebied van een partij ten behoeve van de gebruiker van een dienst van de andere partij, door middel van commerciële aanwezigheid op het grondgebied van de andere partij en de aanwezigheid van natuurlijke personen op het grondgebied van de andere partij;

  • b.

    „vennootschap uit de Gemeenschap" respectievelijk „Algerijnse vennootschap": een volgens het recht van een lidstaat respectievelijk Algerije opgerichte vennootschap die haar statutaire zetel, centrale administratie of belangrijkste vestiging op het grondgebied van de Gemeenschap respectievelijk Algerije heeft.

    Indien een volgens het recht van de Gemeenschap respectievelijk Algerije opgerichte vennootschap uitsluitend haar statutaire zetel op het grondgebied van de Gemeenschap respectievelijk Algerije heeft, wordt deze vennootschap als vennootschap uit de Gemeenschap respectievelijk Algerijnse vennootschap beschouwd, indien uit haar transacties een werkelijke en permanente band met de economie van een van de lidstaten respectievelijk van Algerije blijkt;

  • c.

    „dochteronderneming" van een vennootschap: een vennootschap die daadwerkelijk door de eerste vennootschap wordt bestuurd;

  • d.

    „filiaal" van een vennootschap: een handelszaak zonder rechtspersoonlijkheid die kennelijk een permanent karakter bezit, zoals een agentschap van een moedermaatschappij, een eigen management heeft en over de nodige materiële voorzieningen beschikt om zaken te doen met derden, zodanig dat laatstgenoemden, hoewel zij ervan op de hoogte zijn dat er indien nodig een rechtsverhouding is met de moedermaatschappij waarvan het hoofdkantoor zich in het buitenland bevindt, geen rechtstreeks contact behoeven te hebben met deze moedermaatschappij, maar hun transacties kunnen afhandelen met de handelszaak die het agentschap vormt;

  • e.

    „vestiging": het recht voor de onder b) gedefinieerde vennootschappen uit de Gemeenschap respectievelijk Algerijnse vennootschappen op toegang tot en uitoefening van economische activiteiten door oprichting van dochterondernemingen en filialen in Algerije respectievelijk de Gemeenschap;

  • f.

    „werkzaamheden": het verrichten van economische activiteiten;

  • g.

    „economische activiteiten": activiteiten met een industrieel of commercieel karakter of activiteiten van personen die een vrij beroep uitoefenen;

  • h.

    „onderdaan van de Gemeenschap" respectievelijk „Algerijnse onderdaan": een natuurlijke persoon die een onderdaan is van een lidstaat respectievelijk van Algerije. Wat het internationale vervoer over zee betreft, met inbegrip van het intermodale vervoer dat ten dele over zee plaatsvindt, zijn de bepalingen van deze titel eveneens van toepassing op buiten de Gemeenschap respectievelijk Algerije gevestigde onderdanen van de Gemeenschap respectievelijk Algerijnse onderdanen, en op buiten de Gemeenschap respectievelijk Algerije gevestigde scheepvaartondernemingen die worden bestuurd door onderdanen van een lidstaat respectievelijk Algerijnse onderdanen, indien hun vaartuigen in die lidstaat respectievelijk in Algerije in overeenstemming met de desbetreffende wetgeving zijn ingeschreven.

Artikel

37

Algemene bepalingen

TITEL

IV

BETALINGEN, KAPITAAL, CONCURRENTIE EN ANDERE ECONOMISCHE BEPALINGEN

HOOFDSTUK

1

BETALINGS- EN KAPITAALVERKEER

Artikel

38

Onder voorbehoud van het bepaalde in artikel 40 verbinden de partijen zich ertoe alle betaalverrichtingen in vrij convertibele valuta toe te staan die verband houden met lopende transacties.

Artikel

39

Artikel

40

Indien een of meer lidstaten van de Gemeenschap of Algerije in ernstige betalingsbalansproblemen verkeren of dreigen te geraken, kan de Gemeenschap respectievelijk Algerije, overeenkomstig de voorwaarden die zijn vastgesteld in het kader van de Algemene Overeenkomst betreffende tarieven en handel en de artikelen VIII en XIV van de statuten van het Internationaal Monetair Fonds, voor beperkte tijd beperkingen instellen ten aanzien van lopende transacties, die niet verder mogen reiken dan wat noodzakelijk is om de betalingsbalanssituatie te verbeteren. De Gemeenschap of Algerije, al naar gelang van het geval, licht de andere partij hierover onmiddellijk in en doet deze partij zo spoedig mogelijk een tijdschema toekomen voor de opheffing van de maatregelen.

HOOFDSTUK

2

BEPALINGEN INZAKE DE MEDEDINGING EN ANDERE ECONOMISCHE VRAAGSTUKKEN

Artikel

41

Artikel

42

De lidstaten en Algerije passen, zonder afbreuk te doen aan de in het kader van de GATT aangegane verplichtingen, alle staatsmonopolies van commerciële aard geleidelijk aan, zodanig dat uiterlijk vanaf het einde van het vijfde jaar na de inwerkingtreding van deze overeenkomst tussen onderdanen van de lidstaten en Algerijnse onderdanen geen discriminatie meer bestaat wat de voorwaarden voor aankoop en verkoop van goederen betreft. Het Associatiecomité wordt in kennis gesteld van de maatregelen die daartoe worden genomen.

Artikel

43

Met betrekking tot overheidsondernemingen en ondernemingen waaraan speciale of exclusieve rechten zijn toegekend, ziet de Associatieraad erop toe dat vanaf het vijfde jaar na de datum van inwerkingtreding van deze overeenkomst geen maatregelen die het handelsverkeer tussen de Gemeenschap en Algerije verstoren op een wijze die strijdig is met de belangen van de partijen, worden vastgesteld of gehandhaafd. Deze bepaling vormt geen beletsel voor de uitvoering de jure of de facto van bijzondere taken die aan deze ondernemingen zijn opgedragen.

Artikel

44

Artikel

45

De partijen verbinden zich ertoe de noodzakelijke maatregelen te nemen ter bescherming van persoonsgebonden gegevens, teneinde belemmeringen voor het vrije verkeer van dergelijke gegevens tussen de partijen op te heffen.

Artikel

46

TITEL

V

ECONOMISCHE SAMENWERKING

Artikel

47

Doelstellingen

Artikel

48

Toepassingsgebied

Artikel

49

Middelen en procedures

De economische samenwerking wordt met name verwezenlijkt door middel van:

  • a.

    een regelmatige economische dialoog tussen de partijen die alle terreinen van het macro-economisch beleid bestrijkt;

  • b.

    uitwisseling van informatie en bevordering van communicatie;

  • c.

    activiteiten op het gebied van adviesverlening, expertise en opleiding;

  • d.

    gezamenlijke activiteiten;

  • e.

    technische en administratieve bijstand en bijstand op het gebied van de regelgeving;

  • f.

    ondersteuning van partnerschap en directe investeringen van met name particuliere ondernemingen, alsmede van privatiseringsprogramma's.

Artikel

50

Regionale samenwerking

Met het oog op een optimale impact van deze overeenkomst, in het licht van de totstandkoming van het Europees-mediterrane partnerschap en op het niveau van de Maghreb, bevorderen de partijen alle activiteiten met een regionaal effect of waarbij andere derde landen betrokken zijn, met name op de volgende terreinen:

  • a.

    economische integratie;

  • b.

    ontwikkeling van de economische infrastructuur;

  • c.

    milieu;

  • d.

    wetenschappelijk en technologisch onderzoek;

  • e.

    onderwijs en opleiding;

  • f.

    cultuur;

  • g.

    douanezaken;

  • h.

    regionale instellingen en de uitvoering van gemeenschappelijke of geharmoniseerde programma's en beleid.

Artikel

51

Samenwerking op wetenschappelijk, technisch en technologisch gebied

De samenwerking is gericht op:

  • a.

    het bevorderen van duurzame banden tussen de wetenschappelijke gemeenschap van de twee partijen, met name door middel van:

    • openstelling van onderzoeks- en ontwikkelingsprogramma's van de Gemeenschap voor Algerije, overeenkomstig de bepalingen van de Gemeenschap inzake de deelname van derde landen;

    • deelname van Algerije aan netwerken voor gedecentraliseerde samenwerking;

    • bevordering van synergie tussen opleiding en onderzoek;

  • b.

    het versterken van de onderzoekscapaciteit in Algerije;

  • c.

    het stimuleren van technologische innovatie, uitwisselen van nieuwe technologieën en verspreiden van kennis, het uitvoeren van projecten voor onderzoek en technische ontwikkeling en het benutten van de resultaten van wetenschappelijk en technisch onderzoek;

  • d.

    het stimuleren van activiteiten die een regionale synergie teweegbrengen.

Artikel

52

Milieu

Artikel

53

Industriële samenwerking

De samenwerking is gericht op:

  • a.

    het bevorderen of ondersteunen van maatregelen om directe investeringen en partnerschap tussen ondernemingen in Algerije te stimuleren;

  • b.

    het bevorderen van rechtstreekse samenwerking tussen het bedrijfsleven van de partijen, ook in het kader van de toegang van Algerije tot communautaire netwerken voor samenwerking tussen bedrijven of tot gedecentraliseerde samenwerkingsnetwerken;

  • c.

    het steunen van de inspanningen van de Algerijnse openbare en particuliere sector ter modernisering en herstructurering van de industrie, met inbegrip van de agro-industrie;

  • d.

    het bevorderen van de ontwikkeling van het midden- en kleinbedrijf;

  • e.

    het bevorderen van de totstandkoming van een gunstig klimaat voor het particulier initiatief, teneinde de voor lokale en exportmarkten bestemde productie te stimuleren en te diversifiëren;

  • f.

    het optimaal benutten van het menselijk potentieel en het potentieel van de industrie van Algerije door betere toepassing van het beleid voor innovatie, onderzoek en technologische ontwikkeling;

  • g.

    het begeleiden van de herstructurering van de industriesector en het moderniseringsprogramma, teneinde met het oog op de instelling van de vrijhandelszone het concurrentievermogen van de producten te verbeteren;

  • h.

    het bijdragen tot de ontwikkeling van de uitvoer van Algerijnse industrieproducten.

Artikel

54

Bevordering en bescherming van investeringen

De samenwerking is gericht op het scheppen van gunstige omstandigheden voor investeringsstromen en wordt met name verwezenlijkt door middel van:

  • a.

    het instellen van geharmoniseerde en vereenvoudigde procedures, regelingen voor gezamenlijke investeringen (met name in het midden- en kleinbedrijf) en de identificatie van de informatie over investeringsmogelijkheden;

  • b.

    het instellen van een juridisch kader ter bevordering van investeringen, indien nodig door sluiting tussen Algerije en de lidstaten van overeenkomsten ter bescherming van investeringen en overeenkomsten ter vermijding van dubbele belastingheffing;

  • c.

    technische bijstand voor activiteiten op het gebied van promotie en garantie van nationale binnenlandse en buitenlandse investeringen.

Artikel

55

Normalisatie en conformiteitsbeoordeling

De samenwerking heeft ten doel de verschillen op het gebied van normen en certificatie te verkleinen. De samenwerking wordt met name verwezenlijkt door middel van:

  • bevordering van de toepassing van Europese normen en procedures en technieken voor conformiteitsbeoordeling;

  • modernisering van de Algerijnse instanties voor conformiteitsbeoordeling en metrologie, alsmede verlening van bijstand om de noodzakelijke voorwaarden te scheppen om te zijner tijd overeenkomsten inzake wederzijdse erkenning te kunnen sluiten;

  • samenwerking op het gebied van kwaliteitszorg;

  • verlening van bijstand aan de Algerijnse structuren op het gebied van normalisatie en kwaliteit en intellectuele, industriële en commerciële eigendom.

Artikel

56

Aanpassing van wetgeving

De samenwerking is gericht op aanpassing van de wetgeving van Algerije aan de wetgeving van de Gemeenschap op de door deze overeenkomst bestreken terreinen.

Artikel

57

Financiële diensten

De samenwerking heeft ten doel de financiële dienstverlening te verbeteren en te ontwikkelen.

Zij krijgt met name gestalte door:

  • uitwisseling van informatie over financiële regelgeving en praktijk en door opleidingsactiviteiten, met name ten aanzien van de oprichting van kleine en middelgrote ondernemingen;

  • ondersteuning van de hervorming van het bankwezen en het financiële stelsel in Algerije en de ontwikkeling van de effectenmarkt.

Artikel

58

Landbouw en visserij

De samenwerking is gericht op modernisering en herstructurering, waar dat nodig is, van de landbouw, de bosbouw en de visserij. De samenwerking is met name gericht op:

  • ondersteuning van het beleid voor ontwikkeling en diversificatie van de productie;

  • voedselzekerheid;

  • geïntegreerde rurale ontwikkeling, met name verbetering van basisdiensten en ontwikkeling van ondersteunende economische activiteiten;

  • bevordering van milieuvriendelijke landbouw en visserij;

  • beoordeling en rationeel beheer van de natuurlijke hulpbronnen;

  • totstandbrenging van nauwere banden, op basis van vrijwilligheid, tussen ondernemingen, consortia, beroepsorganisaties en bedrijfsschappen die de landbouw, de visserij en de agro-industrie vertegenwoordigen;

  • technische bijstand en opleiding;

  • harmonisatie van fytosanitaire en veterinaire normen en controle;

  • samenwerking tussen plattelandsregio's en uitwisseling van ervaring en kennis op het gebied van rurale ontwikkeling;

  • ondersteuning van de privatisering;

  • beoordeling en rationeel beheer van de visbestanden;

  • ondersteuning van onderzoeksprogramma's.

Artikel

59

Vervoer

Deze samenwerking heeft als doel:

  • ondersteuning van de herstructurering en modernisering van het vervoer;

  • verbetering van het verkeer van personen en goederen;

  • definitie en toepassing van exploitatienormen die vergelijkbaar zijn met die welke in de Gemeenschap gangbaar zijn.

Bij de samenwerking genieten prioriteit:

  • het wegvervoer, mede inhoudende geleidelijke verbetering van het transitoverkeer;

  • het beheer van spoorwegen, havens en luchthavens, alsmede de samenwerking tussen de verantwoordelijke nationale instanties;

  • de modernisering van weg-, spoorweg-, haven- en luchthaveninfrastructuur die gekoppeld is aan de belangrijkste trans-Europese verbindingen van gemeenschappelijk belang en verkeersroutes van regionaal belang, alsmede van navigatiehulpmiddelen;

  • de vernieuwing van de technische installaties overeenkomstig de normen van de Gemeenschap voor wegvervoer en spoorwegvervoer, intermodaal vervoer, containerisatie en overslag;

  • technische bijstand en opleiding.

Artikel

60

Telecommunicatie en informatiemaatschappij

Specifiek richt de samenwerking in dit verband zich op de volgende terreinen:

  • een dialoog over vraagstukken die verband houden met de verschillende aspecten van de informatiemaatschappij, zoals het telecommunicatiebeleid;

  • uitwisseling van informatie en mogelijke technische bijstand op het gebied van regelgeving, normalisatie, conformiteitsbeoordeling en certificering in verband met informatietechnologieën en telecommunicatie;

  • verspreiding van geavanceerde informatie- en telecommunicatietechnologieën, onder meer satelliettechnologie en informatiediensten en -technologieën;

  • bevordering en uitvoering van gezamenlijke projecten voor onderzoek en technologische of industriële ontwikkeling op het gebied van informatietechnologieën, communicatie, telematica en de informatiemaatschappij;

  • de mogelijkheid van deelname van Algerijnse organisaties aan proefprojecten en Europese programma's op de betrokken gebieden, overeenkomstig hun specifieke procedures;

  • onderlinge koppeling en interoperabiliteit van netwerken en telematicadiensten in de Gemeenschap en in Algerije;

  • technische bijstand voor planning en beheer van het radiofrequentiespectrum met het oog op gecoördineerd en efficiënt gebruik van radiocommunicatie in de Europees-mediterrane regio.

Artikel

61

Energie en mijnbouw

De samenwerking op het gebied van energie en mijnbouw is gericht op:

  • a.

    institutionele modernisering en modernisering van wet- en regelgeving met het oog op het reglementeren van activiteiten en stimuleren van investeringen;

  • b.

    technische en technologische modernisering om energiebedrijven en mijnen voor te bereiden op de eisen van de markteconomie en hun concurrentievermogen te versterken;

  • c.

    ontwikkeling van partnerschap tussen Algerijnse en Europese ondernemingen met betrekking tot exploratie, productie, verwerking, distributie en diensten op het gebied van energie en mijnbouw.

Prioriteitsgebieden voor de samenwerking zijn daarom:

  • aanpassing van het institutionele kader en de wet- en regelgeving voor activiteiten in de sectoren energie en mijnbouw aan de regels van de markteconomie door middel van technische, administratieve en juridische bijstand;

  • ondersteuning van de herstructurering van overheidsbedrijven in de sectoren energie en mijnbouw;

  • ontwikkeling van partnerschap op het gebied van:

    de exploratie, productie en verwerking van olie en gas;

  • de productie van elektriciteit;

  • de distributie van olieproducten;

  • de productie van apparatuur en verlening van diensten ten behoeve van de productie van energieproducten

  • benutting en verwerking van mijnbouwproducten;

  • ontwikkeling van de distributie van gas, olie en elektriciteit;

  • ondersteuning van de inspanningen voor modernisering en ontwikkeling van energienetwerken en de koppeling ervan met de netwerken van de Europese Gemeenschap;

  • opzetten van gegevensbanken op het gebied van energie en mijnbouw;

  • ondersteuning en stimulering van particuliere investeringen in de sectoren energie en mijnbouw;

  • milieu, ontwikkeling van duurzame energiebronnen en efficiënt energiegebruik;

  • bevordering van de overdracht van technologie op het gebied van energie en mijnbouw.

Artikel

62

Toerisme en ambachtelijke productie

De samenwerking op dit gebied richt zich voornamelijk op:

  • intensivering van de uitwisseling van informatie over toeristisch verkeer en toerismebeleid, kuurtoerisme en ambachtelijke productie;

  • intensivering van opleidingsactiviteiten op het gebied van hoteladministratie en -management alsmede opleidingen voor andere toeristische beroepen en ambachten;

  • stimulering van de uitwisseling van ervaringen met het oog op de evenwichtige en duurzame ontwikkeling van het toerisme;

  • bevordering van het toerisme onder jongeren;

  • hulp aan Algerije om zijn potentieel op het gebied van toerisme, thermale baden en ambachten te ontwikkelen en het imago van zijn toeristische producten te verbeteren;

  • ondersteuning van de privatisering.

Artikel

63

Samenwerking op douanegebied

Artikel

64

Statistische samenwerking

De samenwerking op dit gebied dient zich met name te richten op de vergelijkbaarheid en het nuttig gebruik van statistieken over onder meer buitenlandse handel, overheidsfinanciën en betalingsbalans, bevolking, migratie, vervoer en communicatie, en in het algemeen alle terreinen waarop deze overeenkomst betrekking heeft. Daartoe dienen met name de door de partijen gebruikte methoden te worden geharmoniseerd. Indien nodig kan technische bijstand worden verleend.

Artikel

65

Samenwerking op het gebied van consumentenbescherming

Artikel

66

Rekening houdend met de bijzondere kenmerken van de Algerijnse economie stellen de partijen de procedures en uitvoeringsmethoden vast voor de economische samenwerking die in het kader van deze titel wordt overeengekomen, teneinde het moderniseringsproces van de Algerijnse economie te ondersteunen en de instelling van de vrijhandelszone te begeleiden.

Voor de vaststelling en beoordeling van de behoeften en de vaststelling van de procedures voor de tenuitvoerlegging van de economische samenwerkingsactiviteiten wordt een kader ingesteld overeenkomstig het bepaalde in artikel 98 van deze overeenkomst.

In het hierboven bedoelde kader komen de partijen overeen welke maatregelen met voorrang dienen te worden genomen.

TITEL

VI

SAMENWERKING OP SOCIAAL EN CULTUREEL GEBIED

HOOFDSTUK

1

BEPALINGEN INZAKE WERKNEMERS

Artikel

67

Artikel

68

Artikel

69

De bepalingen van dit hoofdstuk zijn van toepassing op onderdanen van een partij die legaal op het grondgebied van het gastland verblijven of werken.

Artikel

70

Artikel

71

De door de Associatieraad overeenkomstig artikel 70 vastgestelde bepalingen doen geen afbreuk aan rechten en verplichtingen welke voortvloeien uit de bilaterale overeenkomsten tussen Algerije en de lidstaten, indien deze voor Algerijnse onderdanen of onderdanen van de lidstaten een gunstiger regeling inhouden.

HOOFDSTUK

2

DIALOOG OP SOCIAAL GEBIED

Artikel

72

Artikel

73

De dialoog op sociaal gebied wordt gevoerd op dezelfde niveaus en volgens dezelfde procedures als die van titel I van deze overeenkomst, die tevens als kader ervoor kan dienen.

HOOFDSTUK

3

SAMENWERKING OP SOCIAAL GEBIED

Artikel

74

Artikel

75

De samenwerkingsactiviteiten kunnen worden uitgevoerd in samenwerking met de lidstaten en bevoegde internationale organisaties.

Artikel

76

De Associatieraad richt vóór het einde van het eerste jaar na de datum van inwerkingtreding van deze overeenkomst een werkgroep op. Deze wordt belast met de permanente en regelmatige evaluatie van de tenuitvoerlegging van de bepalingen van de hoofdstukken 1 tot en met 3.

HOOFDSTUK

4

SAMENWERKING OP HET GEBIED VAN CULTUUR EN ONDERWIJS

Artikel

77

De overeenkomst is gericht op bevordering van de uitwisseling van informatie en samenwerking op het gebied van cultuur, rekening houdend met de bilaterale activiteiten van de lidstaten. Deze samenwerking beoogt ondermeer een beter begrip en respect voor elkaars cultuur. Bijzondere aandacht wordt geschonken aan bevordering van gezamenlijke activiteiten op allerlei gebieden, zoals de pers en de audiovisuele sector, en aan stimulering van de uitwisseling van jongeren. De samenwerking kan de volgende terreinen bestrijken:

  • vertalingen van literaire werken;

  • behoud en herstel van historische en culturele monumenten;

  • opleiding van personen die in de cultuursector werkzaam zijn;

  • uitwisseling van kunstenaars en kunstwerken;

  • organisatie van culturele evenementen;

  • voorlichting en informatie over belangrijke culturele evenementen;

  • bevordering van de samenwerking op audiovisueel gebied, met name wat betreft opleiding en coproductie;

  • verspreiding van literaire, technische en wetenschappelijke periodieken en werken.

Artikel

78

De samenwerking op het gebied van onderwijs en opleiding is gericht op:

  • a.

    het verbeteren van het onderwijs- en opleidingsstelsel, waaronder de beroepsopleiding;

  • b.

    het bevorderen van met name de toegang van vrouwen tot het onderwijs, met inbegrip van het technisch en hoger onderwijs en beroepsopleidingen;

  • c.

    het ontwikkelen van het deskundigheidsniveau van leidinggevend personeel in de openbare en de particuliere sector;

  • d.

    het bevorderen van duurzame banden tussen gespecialiseerde instellingen van de partijen met het oog op de uitwisseling van ervaring en methoden.

TITEL

VII

FINANCIËLE SAMENWERKING

Artikel

79

Ter verwezenlijking van de doelstellingen van deze overeenkomst wordt Algerije financiële samenwerking geboden volgens de passende procedures en met de vereiste financiële middelen. De procedures worden vanaf de inwerkingtreding van de overeenkomst in overleg tussen de partijen vastgesteld met behulp van de meest geschikte instrumenten. Naast de in titel V en titel VI genoemde terreinen heeft deze samenwerking in het bijzonder betrekking op:

  • bevordering van hervormingen ter modernisering van de economie, mede inhoudende rurale ontwikkeling;

  • modernisering van de economische infrastructuur;

  • bevordering van particuliere investeringen en activiteiten die werkgelegenheid scheppen;

  • verwerking van de gevolgen voor de Algerijnse economie van de geleidelijke instelling van een vrijhandelszone, met name vanuit het oogpunt van de modernisering en omschakeling van de industrie;

  • begeleiding van het beleid in de sociale sectoren.

Artikel

80

In het kader van de communautaire instrumenten ter ondersteuning van de programma's voor structurele aanpassing in de landen van het Middellandse-Zeegebied streven de Gemeenschap en Algerije, met het oog op het herstellen van het algemene financiële evenwicht en het scheppen van een economisch klimaat dat gunstig is voor versnelling van de groei en verbetering van het welzijn van de Algerijnse bevolking, in nauwe samenwerking met de andere donoren, in het bijzonder de internationale financiële instellingen, naar aanpassing van de instrumenten ter begeleiding van het ontwikkelingsbeleid en het beleid om de Algerijnse economie te liberaliseren.

Artikel

81

Met het oog op een gecoördineerde benadering van uitzonderlijke macro-economische en financiële problemen die uit de tenuitvoerlegging van deze overeenkomst zouden kunnen voortvloeien, schenken de partijen bijzondere aandacht aan de ontwikkelingen in het handelsverkeer en de financiële betrekkingen tussen de Gemeenschap en Algerije in het kader van de krachtens titel V ingestelde regelmatige economische dialoog.

TITEL

VIII

SAMENWERKING OP HET GEBIED VAN JUSTITIE EN BINNENLANDSE ZAKEN

Artikel

82

Institutionele opbouw en versterking van de rechtsstaat

In het kader van de samenwerking op het gebied van justitie en binnenlandse zaken schenken de partijen bijzondere aandacht aan institutionele versterking met betrekking tot de toepassing van het recht en het functioneren van de justitie. Dit omvat mede de consolidatie van de rechtsstaat.

In dit kader zien de partijen er tevens op toe dat de rechten van de onderdanen van de twee partijen zonder enige vorm van discriminatie op het gebied van de andere partij worden geëerbiedigd.

De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing op verschillen in behandeling op grond van nationaliteit.

Artikel

83

Verkeer van personen

Teneinde het verkeer van personen tussen de partijen te vergemakkelijken, zien deze overeenkomstig de geldende communautaire en nationale wetgeving toe op welwillende toepassing en afhandeling van de formaliteiten voor de afgifte van visa, en komen zij overeen binnen het kader van hun bevoegdheden te onderzoeken of de procedures voor de afgifte van visa aan personen die aan de uitvoering van de overeenkomst deelnemen, kunnen worden vereenvoudigd en versneld. Het Associatiecomité onderzoekt periodiek de tenuitvoerlegging van dit artikel.

Artikel

84

Samenwerking op het gebied van de voorkoming en beheersing van illegale immigratie; overname

Artikel

85

Samenwerking op juridisch en justitieel gebied

Artikel

86

Voorkoming en bestrijding van georganiseerde criminaliteit

Artikel

87

Bestrijding van het witwassen van geld

Artikel

88

Bestrijding van racisme en vreemdelingenhaat

De partijen komen overeen passende maatregelen te nemen ter voorkoming en bestrijding van alle vormen en verschijningen van discriminatie op grond van ras, etnische origine en godsdienst, met name op het gebied van onderwijs en opleiding, werkgelegenheid en huisvesting.

Met het oog hierop zullen maatregelen op het gebied van voorlichting en educatie worden opgezet.

De partijen zien er in dit verband met name op toe dat juridische en/of administratieve procedures toegankelijk zijn voor iedereen die het slachtoffer meent te zijn van de hierboven bedoelde discriminatie.

De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing op verschillen in behandeling op grond van nationaliteit.

Artikel

89

Bestrijding van drugs en drugsverslaving

Artikel

90

Bestrijding van terrorisme

De partijen komen overeen, met inachtneming van de internationale overeenkomsten waarbij zij partij zijn en van hun respectieve wet- en regelgeving, met het oog op de voorkoming en bestraffing van terroristische daden samen te werken:

  • in het kader van de volledige tenuitvoerlegging van Resolutie 1373 van de Veiligheidsraad en andere relevante resoluties;

  • door uitwisseling van informatie over terroristische groeperingen en hen ondersteunende netwerken, in overeenstemming met het nationale en internationale recht;

  • door uitwisseling van ervaringen met middelen en methoden voor de bestrijding van het terrorisme en op het gebied van techniek en opleiding.

Artikel

91

Bestrijding van corruptie

TITEL

IX

INSTITUTIONELE, ALGEMENE EN SLOTBEPALINGEN

Artikel

92

Er wordt een Associatieraad opgericht, die indien mogelijk éénmaal per jaar op ministerieel niveau bijeenkomt op initiatief van zijn voorzitter, overeenkomstig het reglement van orde.

De Associatieraad behandelt alle belangrijke vraagstukken die zich in het kader van de overeenkomst voordoen en alle andere bilaterale of internationale vraagstukken van gemeenschappelijk belang.

Artikel

93

Artikel

94

De Associatieraad heeft, voor de verwezenlijking van de doelstellingen van de overeenkomst, in de in deze overeenkomst genoemde gevallen beslissingsbevoegdheid.

Deze besluiten zijn bindend voor de partijen, die de nodige maatregelen treffen voor de uitvoering ervan. De Associatieraad kan ook alle nuttige aanbevelingen doen.

De besluiten en aanbevelingen van de Associatieraad worden vastgesteld in onderlinge overeenstemming tussen partijen.

Artikel

95

Artikel

96

Artikel

97

Het Associatiecomité heeft beslissingsbevoegdheid inzake het beheer van deze overeenkomst en op de terreinen waarop de Associatieraad bevoegdheden aan het Associatiecomité heeft gedelegeerd.

Besluiten worden in overleg tussen de partijen genomen en zijn bindend voor de partijen, die gehouden zijn de maatregelen te nemen die voor de uitvoering ervan nodig zijn.

Artikel

98

De Associatieraad kan besluiten werkgroepen of lichamen in te stellen die voor de uitvoering van de overeenkomst nodig zijn.

Artikel

99

De Associatieraad kan alle nuttige maatregelen nemen ter bevordering van de samenwerking en de contacten tussen het Europees Parlement en de parlementaire instellingen van Algerije en tussen het Economisch en Sociaal Comité van de Gemeenschap en de gelijkwaardige instelling van Algerije.

Artikel

100

Artikel

101

Niets in de overeenkomst belet een overeenkomstsluitende partij maatregelen te nemen:

  • a.

    die zij nodig acht om de onthulling van informatie die tegen haar vitale veiligheidsbelangen indruist, te beletten;

  • b.

    die verband houden met de productie van of de handel in wapens, munitie of oorlogsmaterieel of met onderzoek, ontwikkeling of productie die vereist zijn voor defensiedoeleinden, mits deze maatregelen geen afbreuk doen aan de concurrentievoorwaarden voor producten die niet voor specifiek militaire doeleinden bestemd zijn;

  • c.

    die zij van vitaal belang acht voor haar veiligheid in geval van ernstige binnenlandse problemen die de openbare orde bedreigen, in tijden van oorlog of ernstige internationale spanningen die een oorlogsdreiging inhouden, of om verplichtingen na te komen die zij voor de bewaring van de vrede en de internationale veiligheid is aangegaan.

Artikel

102

Op de door deze overeenkomst bestreken terreinen en onverminderd eventueel daarin neergelegde bijzondere bepalingen, geldt het volgende:

  • de regelingen die Algerije ten opzichte van de Gemeenschap toepast, mogen geen aanleiding geven tot onderlinge discriminatie van de lidstaten, hun onderdanen of hun vennootschappen;

  • de regelingen die de Gemeenschap ten opzichte van Algerije toepast mogen geen aanleiding geven tot onderlinge discriminatie van Algerijnse onderdanen of vennootschappen.

Artikel

103

Geen van de bepalingen van de overeenkomst heeft tot gevolg dat:

  • de door een partij toegekende voordelen op fiscaal gebied in enige internationale overeenkomst of regeling waardoor deze partij gebonden is, worden uitgebreid;

  • de vaststelling of toepassing door een partij van maatregelen ter voorkoming van fraude of belastingontduiking wordt verhinderd;

  • afbreuk wordt gedaan aan het recht van een partij om de terzake doende bepalingen van haar fiscale wetgeving toe te passen op belastingplichtigen die zich niet in dezelfde situatie bevinden, onder andere ten aanzien van hun woonplaats.

Artikel

104

Artikel

105

De protocollen 1 tot en met 7 en de bijlagen 1 tot en met 6 vormen een integrerend onderdeel van de overeenkomst.

Artikel

106

Voor de toepassing van deze overeenkomst wordt onder „partijen" verstaan: enerzijds de Gemeenschap, dan wel de lidstaten, dan wel de Gemeenschap en de lidstaten, overeenkomstig hun respectieve bevoegdheden, en anderzijds Algerije.

Artikel

107

De overeenkomst wordt voor onbepaalde tijd gesloten.

Elk der partijen kan de overeenkomst door kennisgeving aan de andere partij opzeggen. Zes maanden na de datum van die kennisgeving houdt de overeenkomst op van toepassing te zijn.

Artikel

108

Deze overeenkomst is van toepassing op enerzijds het grondgebied waar het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap van toepassing is, onder de voorwaarden waarin dat verdrag voorziet, en anderzijds het grondgebied van Algerije.

Artikel

109

Deze overeenkomst is opgesteld in tweevoud in de Deense, de Duitse, de Engelse, de Finse, de Franse, de Griekse, de Italiaanse, de Nederlandse, de Portugese, de Spaanse, de Zweedse en de Arabische taal, zijnde alle teksten gelijkelijk authentiek.

Artikel

110

Protocol

1

betreffende de regeling die van toepassing is bij de invoer in de Gemeenschap van landbouwproducten

Artikel

1

Artikel

2

Voor het eerste toepassingsjaar wordt de omvang van de tariefcontingenten berekend in verhouding tot het basisvolume, rekening houdend met het gedeelte van de periode dat op de datum van inwerkingtreding van de overeenkomst reeds is verstreken.

Artikel

3

Artikel

4

Protocol

2

betreffende de regeling die van toepassing is bij de invoer in Algerije van landbouwproducten uit de Gemeenschap

Enig

artikel

Voor de in de bijlage vermelde producten van oorsprong uit de Gemeenschap zijn de douanerechten bij invoer in Algerije niet hoger dan de rechten vermeld in kolom (a) verlaagd volgens het percentage in kolom (b) en in het kader van de tariefcontingenten vermeld in kolom (c).

(a)

(b)

(c)

0102 10 00

Levende runderen, fokdieren van zuiver ras

5

100

50

0102 90

Levende runderen, andere dan fokdieren van zuiver ras

5

100

5 000

0105 11

Hanen en kippen (eendagskuikens)

5

100

20

0105 12

Kalkoenen (eendagskuikens)

5

100

100

0202 20 00

Vlees van runderen, bevroren, delen met been

30

20

200

0202 30 00

Vlees van runderen, bevroren, zonder been

30

20

11 000

0203

Vlees van varkens, vers, gekoeld of bevroren

30

100

200

0207 11 00 0207 12 00

Vlees van hanen en kippen, niet in stukken gesneden, vers of gekoeld of bevroren

30

50

2 500

0402 10

Melk en room, ingedikt of met toegevoegde suiker of andere zoetstoffen, in poeder, in korrels of in andere vaste vorm, met een vetgehalte van niet meer dan 1,5 gewichtspercent

5

100

30 000

0402 21

Melk en room, zonder toegevoegde suiker of andere zoetstoffen, in poeder, in korrels of in andere vaste vorm, met een vetgehalte van meer dan 1,5 gewichtspercent

5

100

40 000

0406 90 20

Kaas voor verwerking tot smeltkaas

30

50

2 500

0406 90 10

Andere zachte kazen, niet gekookt, of geperst halfhard of hard

30

100

800

0406 90 90

Andere (van het type italico of Goudse kaas)

30

100

0407 00 30

Eieren van vederwild

30

100

100

0602 20 00

Bomen en heesters, voor de teelt van eetbare vruchten, ook indien geënt

5

100

onbeperkt

0602 90 10 0

Fruitgewassen, niet veredeld (wildelingen)

5

100

onbeperkt

0602 90 20

Jonge planten voor de bosbouw

5

100

onbeperkt

0602 90 90

Andere: levende kamerplanten, groentegewassen en aardbeiplanten

5

100

onbeperkt

0701 10 00

Pootaardappelen, vers of gekoeld

5

100

45 000

ex 0713

Gedroogde zaden van peulgroenten, ook indien gepeld, andere dan voor zaaidoeleinden

5

100

3 000

0802 12 00

Amandelen, zonder dop

30

20

100

0805

Citrusvruchten, vers of gedroogd

30

20

100

0810 90 00

Ander fruit, vers

30

100

500

0813 20 00

Pruimen

0813 50 00

Mengsels van noten of gedroogde vruchten, bedoeld bij dit hoofdstuk

30

20

50

0904

Peper van het geslacht Piper; vruchten van de geslachten Capsicum of Pimenta, gedroogd, fijngemaakt of gemalen

30

100

50

0909 30

Komijnzaad, niet fijngemaakt en niet gemalen

30

100

50

0910 91 00 0910 99 00

Andere specerijen

30

100

50

1001 10 90

Harde tarwe, niet bestemd voor zaaidoeleinden

5

100

100 000

1001 90 90

Andere granen dan harde tarwe, niet voor zaaidoeleinden

5

100

300 000

1003 00 90

Gerst, niet voor zaaidoeleinden

15

50

200 000

1004 00 90

Haver, niet voor zaaidoeleinden

15

100

1 500

1005 90 00

Maïs, niet voor zaaidoeleinden

15

100

500

1006

Rijst

5

100

2 000

1008 30 90

Kanariezaad, niet voor zaaidoeleinden

30

100

500

1103 13

Gries en griesmeel, van maïs

30

50

1 000

1105 20 00

Vlokken, korrels en pellets, van aardappelen

30

20

100

1107 10

Mout, niet gebrand

30

100

1 500

1108 12 00

Maïszetmeel

30

20

1 000

1207 99 00

Andere oliehoudende zaden en vruchten, ook indien gebroken

5

100

100

1209 21 00

Zaad van voedergewassen, van luzerne

5

100

onbeperkt

1209 91 00

Groentezaad voor zaaidoeleinden

5

100

onbeperkt

1209 99 00

Andere dan groentezaad

5

100

onbeperkt

1210 20 00

Hopbellen, fijngemaakt, gemalen of in pellets; lupuline

5

100

onbeperkt

1211 90 00

Andere planten, plantendelen, zaden en vruchten, van de soort hoofdzakelijk gebruikt in de reukwerkindustrie, in de geneeskunde of voor insecten- of parasietenbestrijding of voor dergelijke doeleinden, vers of gedroogd, ook indien gesneden, gebroken of in poedervorm

5

100

onbeperkt

1212 30 90

Vruchtenpitten, ook indien in de steen en andere plantaardige producten hoofdzakelijk gebruikt voor menselijke consumptie, elders genoemd noch elders onder begrepen

30

100

onbeperkt

1507 10 10

Sojaolie, ruw, ook indien ontgomd

15

50

1 000

1507 90 00

Sojaolie, andere dan ruwe olie

30

20

1 000

1511 90 00

Palmolie en fracties daarvan, ook indien geraffineerd, doch niet chemisch gewijzigd, andere dan ruwe olie

30

100

250

1512 11 10

Zonnebloemzaad- en saffloerolie, alsmede fracties daarvan, ruw

15

50

25 000

1514 11 10

Koolzaad- en raapzaadolie, alsmede fracties daarvan, ruw

15

100

20 000

1514 91 11

Mosterdzaadolie, alsmede fracties daarvan, ruw

1514 19 00

Koolzaad- en raapzaadolie, andere dan ruwe olie

30

100

2 500

1514 91 19

Mosterdzaadolie, andere dan ruwe olie

1516 20

Plantaardige vetten en oliën, alsmede fracties daarvan (met uitzondering van producten van post 1516 20 10)

30

100

2 000

1517 10 00 1517 90 00

Margarine, andere dan vloeibare margarine

30

100

2 000

Andere

30

1601 00 00

Worst van alle soorten, van vlees, van slachtafvallen of van bloed; bereidingen van deze producten, voor menselijke consumptie

30

20

20

1602 50

Andere bereidingen en conserven, van vlees, van slachtafvallen of van bloed, van runderen

30

20

20

1701 99 00

Rietsuiker en beetwortelsuiker, alsmede chemisch zuivere sacharose, andere dan ruwe suiker, gearomatiseerd of met toegevoegde kleurstoffen

30

100

150 000

1702 90

Andere suiker, invertsuiker daaronder begrepen en andere suiker en suikerstropen die in droge toestand 50 gewichtspercenten fructosebevatten

30

100

500

1703 90 00

Melasse verkregen bij de extractie of de raffinage van suiker, andere dan van rietsuiker

15

100

1 000

Andere groenten, op andere wijze bereid of verduurzaamd dan in azijn of azijnzuur, niet bevroren, andere dan producten van post 20 06

2005 40 00

Erwten (Pisum sativum)

30

100

200

2005 59 00

Bonen, niet gedopt

30

20

250

2005 60 00

Asperges

30

100

500

2005 90 00

Andere groenten en mengsels van groenten

30

20

200

2007 99 00

Jam, vruchtengelei, marmelade, vruchtenmoes en vruchtenpasta, door koken of stoven verkregen, met of zonder toegevoegde suiker of andere zoetstoffen

Niet gehomogeniseerde bereidingen, andere dan van citrusvruchten

30

20

100

2008 19 00

Vruchten en andere eetbare plantendelen, op andere wijze bereid of verduurzaamd, ook indien met toegevoegde suiker, andere zoetstoffen of alcohol, elders genoemd noch elders onder begrepen

Andere noten en zaden dan grondnoten, ook indien onderling vermengd

30

20

100

2008 20 00

Ananas, op andere wijze bereid of verduurzaamd, ook indien met toegevoegde suiker, andere zoetstoffen of alcohol, elders genoemd noch elders onder begrepen

30

100

100

2009 41 00

Ananassap

15

100

200

2009 80 10

Sap van andere vruchten of groenten

15

100

100

2204 10 00

Mousserende wijn

30

100

100 hl

Zemelen, slijpsel en andere resten van het zeven, van het malen of van andere bewerkingen van granen of van peulvruchten, ook indien in pellets:

2302 20 00

van rijst

30

100

1 000

2304 00 00

Perskoeken en andere vaste afvallen, verkregen bij de winning van sojaolie, ook indien fijngemaakt of in pellets

30

100

10 000

Perskoeken en andere vaste afvallen, verkregen bij de winning van plantaardige vetten of oliën, ook indien fijngemaakt of in pellets, andere dan die bedoeld bij post 2304 of 2305:

2306 30 00

van zonnebloempitten

30

100

1 000

2309 90 00

Bereidingen van de soort gebruikt voor het voederen van dieren, andere dan honden en katten

15

50

1 000

2401 10 00

Tabak, ongestript

15

100

8 500

2401 20 00

Geheel of gedeeltelijk gestripte tabak

15

100

1 000

5201 00

Katoen, ongekaard en ongekamd

5

100

onbeperkt

Protocol

3

betreffende de regeling die van toepassing is bij de invoer in de Gemeenschap van visserijproducten uit Algerije

Enig

artikel

De hieronder vermelde producten van oorsprong uit Algerije kunnen vrij van douanerechten in de Gemeenschap worden ingevoerd.

Hoofdstuk 3

Vis, schaaldieren, weekdieren en andere ongewervelde waterdieren

– – producten van vis, van schaaldieren, van weekdieren of van andere ongewervelde waterdieren; dode dieren van de soorten bedoeld bij hoofdstuk 3:

0511 91 10

– – – visafvallen

0511 91 90

– – – andere

Bereidingen en conserven van vis; kaviaar en kaviaarsurrogaten bereid uit kuit:

– vis, geheel of in stukken, doch niet fijngemaakt:

1604 11 00

– – zalm

1604 12

– – haring

– – sardines, sardinella's en sprot:

1604 13 90

– – – andere

1604 14

– – tonijn, boniet en bonito (Sarda spp.)

1604 15

– – makreel

1604 16 00

– – ansjovis

1604 19

– – andere

– andere bereidingen en conserven van vis:

1604 20 05

– – bereidingen van surimi

– – andere:

1604 20 10

– – – van zalm

1604 20 30

– – – van andere zalmvissen

1604 20 40

– – – van ansjovis

ex 1604 20 50

– – – van bonito (Sarda spp.), van makreel van de soorten Scomber scombrus en Scomber japonicus en van vis van de soort Orcynopsis unicolor

1604 20 70

– – – van tonijn, van boniet en van andere vis van het geslacht Euthynnus

1604 20 90

– – – van andere vissoorten

1604 30

– kaviaar en kaviaarsurrogaten:

1605

Bereidingen en conserven van schaaldieren, van weekdieren of van andere ongewervelde waterdieren:

Deegwaren, ook indien gekookt of gevuld (met vlees of andere zelfstandigheden) dan wel op andere wijze bereid, zoals spaghetti, macaroni, noedels, lasagne, gnocchi, ravioli en cannelloni; koeskoes, ook indien bereid:

– gevulde deegwaren (ook indien gekookt of op andere wijze bereid):

1902 20 10

– – bevattende meer dan 20 gewichtspercenten vis, schaal- of weekdieren of andere ongewervelde waterdieren

Meel, poeder en pellets van vlees, van slachtafvallen, van vis, van schaaldieren, van weekdieren of van andere ongewervelde waterdieren, ongeschikt voor menselijke consumptie; kanen:

2301 20 00

– meel, poeder en pellets, van vis, van schaaldieren, van weekdieren of van andere ongewervelde waterdieren

Protocol

4

betreffende de regeling die van toepassing is bij de invoer in Algerije van visserijproducten uit de Gemeenschap

Enig

artikel

De hieronder vermelde producten van oorsprong uit de Gemeenschap kunnen in Algerije worden ingevoerd op de aangegeven voorwaarden.

(1)

(2)

(3)

(4)

0301

Vis, levend

0301 99 10

– pootvis

5%

100%

0301 99 90

– andere

30%

100%

0302

Vis, vers of gekoeld, andere dan visfilets en ander visvlees bedoeld bij post 0304:

– zalmachtigen (Salmonidae), met uitzondering van levers, hom en kuit:

0302 11 00

– – forel (Salmo trutta, Oncorhynchus mykiss, Oncorhynchus clarki, Oncorhynchus aguabonita, Oncorhynchus gilae, Oncorhynchus apache en Oncorhynchus chrysogaster):

30%

100%

0302 12 00

– – Pacifische zalm (Oncorhynchus nerka, Oncorhynchus gorbuscha, Oncorhynchus keta, Oncorhynchus tschawytscha, Oncorhynchus kisutch, Oncorhynchus masou en Oncorhynchus rhodurus),Atlantische zalm (Salmo salar) en Donauzalm (Hucho hucho)

30%

100%

0302 19 00

– – andere

30%

100%

– platvis (Pleuronectidae, Bothidae, Cynoglossidae, Soleidae, Scophthalmidae en Citharidae), metuitzondering van levers, hom en kuit:

0302 21 00

– – heilbot (Reinhardtius hippoglossoides, Hippoglossus hippoglossus, Hippoglossus stenolepis):

30%

100%

0302 22 00

– – schol (Pleuronectes platessa)

30%

100%

0302 23 00

– – tong (Soleaspp.)

30%

25%

0302 29 00

– – andere

30%

100%

– tonijn (van het geslacht Thunnus) en boniet (Euthynnus (Katsuwonus) pelamis), met uitzondering van levers, hom en kuit:

0302 31 00

– – witte tonijn (Thunnus alalunga):

30%

25%

0302 32 00

– – geelvintonijn (Thunnus albacares):

30%

25%

0302 33 00

– – boniet:

30%

25%

0302 34 00

– – grootoogtonijn (Thunnus obesus)

30%

25%

0302 35 00

– – gewone of blauwvin tonijn (Thunnus thynnus)

30%

25%

0302 36 00

– – zuidelijke blauwvintonijn (Thunnus maccoyii)

30%

100%

0302 39 00

– – andere

30%

25%

0302 40 00

– haring (Clupea harengus, Clupea pallasii), met uitzondering van levers, hom en kuit

30%

100%

0302 50 00

– kabeljauw (Gadus morhua, Gadus ogac, Gadus macrocephalus),met uitzondering van levers, hom en kuit

30%

100%

– andere vis, met uitzondering van levers, hom en kuit

0302 61 00

– – sardines (Sardina pilchardus, Sardinops spp.), sardinella's (Sardinella spp.) en sprot (Sprattus sprattus)

30%

25%

0302 62 00

– – schelvis (Melanogrammus aeglefinus)

30%

100%

0302 63 00

– – koolvis (Pollachius virens)

30%

100%

0302 64 00

– – makreel (Scomber scombrus, Scomber australasicus, Scomber japonicus)

30%

25%

0302 65 00

– – haai

30%

25%

0302 69 00

– – andere

30%

25%

0302 70 00

– levers, hom en kuit

30%

25%

0303

Bevroren vis, andere dan visfilets en ander visvlees bedoeld bij post 0304:

– Pacifische zalm (Oncorhynchus nerka, Oncorhynchus gorbuscha, Oncorhynchus keta, Oncorhynchus tschawytscha, Oncorhynchus kisutch, Oncorhynchus masou en Oncorhynchus rhodurus), met uitzondering van levers, hom en kuit

0303 11 00

– – rode zalm (Oncorhynchus nerka)

30%

100%

0303 19 00

– – andere

30%

100%

– andere zalmachtigen (Salmonidae), met uitzondering van levers, hom en kuit:

0303 21 00

– – forel (Salmo trutta, Oncorhynchus mykiss, Oncorhynchus clarki, Oncorhynchus aguabonita, Oncorhynchus gilae, Oncorhynchus apache en Oncorhynchus chrysogaster)

30%

100%

0303 22 00

– – Atlantische zalm (Salmo salar) en Donauzalm (Hucho hucho)

30%

100%

0303 29 00

– – andere

30%

100%

– platvis (Pleuronectidae, Bothidae, Cynoglossidae, Soleidae, Scophthalmidae en Citharidae), met uitzondering van levers, hom en kuit:

0303 31 00

– – heilbot (Reinhardtius hippoglossoides, Hippoglossus hippoglossus, Hippoglossus stenolepis):

30%

100%

0303 32 00

– – schol (Pleuronectes platessa)

30%

100%

0303 33 00

– – tong (Solea spp.)

30%

25%

0303 39 00

– – andere

30%

100%

– tonijn (van het geslacht Thunnus) en boniet (Euthynnus (Katsuwonus) pelamis), met uitzondering van levers, hom en kuit:

0303 41 00

– – witte tonijn (Thunnus alalunga):

30%

25%

0303 42 00

– – geelvintonijn (Thunnus albacares):

30%

25%

0303 43 00

– – boniet:

30%

25%

0303 44 00

– – grootoogtonijn (Thunnus obesus)

30%

25%

0303 45 00

– – gewone of blauwvin tonijn (Thunnus thynnus)

30%

25%

0303 46 00

– – zuidelijke blauwvintonijn (Thunnus maccoyii)

30%

100%

0303 49 00

– – andere

30%

25%

0303 50 00

– haring (Clupea harengus, Clupea pallasii), met uitzondering van levers, hom en kuit

30%

100%

0303 60 00

– kabeljauw (Gadus morhua, Gadus ogac, Gadus macrocephalus), met uitzondering van levers, hom en kuit

30%

100%

– andere vis, met uitzondering van levers, hom en kuit

0303 71 00

– – sardines (Sardina pilchardus, Sardinops spp.), sardinella's (Sardinella spp.) en sprot (Sprattus sprattus)

30%

25%

0303 72 00

– – schelvis (Melanogrammus aeglefinus)

30%

100%

0303 73 00

– – koolvis (Pollachius virens)

30%

100%

0303 74 00

– – makreel (Scomber scombrus, Scomber australasicus, Scomber japonicus)

30%

25%

0303 75 00

– – haai

30%

25%

0303 77 00

– – zeebaars (Dicentrarchus labrax, Dicentrarchus punctatus)

30%

25%

0303 78 00

– – heek (Merluccius spp., Urophycis spp.)

30%

25%

0303 79 00

– – andere

30%

25%

– levers, hom en kuit:

0303 80 10

– – van tonijn

30%

25%

0303 80 90

– – andere

30%

25%

0304

Visfilets en ander visvlees (ook indien fijngemaakt), vers, gekoeld of bevroren

– vers of gekoeld:

0304 10 10

– – van tonijn

30%

25%

0304 10 90

– – andere

30%

25%

– filets, bevroren:

0304 20 10

– – van tonijn

30%

25%

0304 20 90

– – andere

30%

25%

0304 90 00

– andere

30%

25%

0305

Vis, gedroogd, gezouten of gepekeld; gerookte vis, ook indien voor of tijdens het roken gekookt; meel, poeder en pellets, van vis, geschikt voor menselijke consumptie

0305 10 00

– meel, poeder en pellets, van vis, geschikt voor menselijke consumptie

30%

100%

0305 20 00

– vislevers, hom en kuit, gedroogd, gerookt, gezouten of gepekeld

30%

100%

0305 30 00

– visfilets, gedroogd, gezouten of gepekeld, doch ongerookt

30%

25%

– gerookte vis, filets daaronder begrepen:

0305 41 00

– – Pacifische zalm (Oncorhynchus nerka, Oncorhynchus gorbuscha, Oncorhynchus keta, Oncorhynchus tschawytscha, Oncorhynchus kisutch, Oncorhynchus masou en Oncorhynchus rhodurus), Atlantische zalm (Salmo salar) en Donauzalm (Hucho hucho)

30%

100%

0305 42 00

– – haring (Clupea harengus, Clupea pallasii)

30%

100%

0305 49 00

– – andere

30%

25%

– gedroogde vis, ook indien gezouten, doch niet gerookt:

0305 51 00

– – kabeljauw (Gadus morhua, Gadus ogac, Gadus macrocephalus)

30%

100%

0305 59 00

– – andere

30%

25%

– vis, gezouten, doch niet gedroogdof gerookt, alsmede gepekelde vis:

0305 61 00

– – haring (Clupea harengus, Clupea pallasii)

30%

100%

0305 62 00

– – kabeljauw (Gadus morhua, Gadus ogac, Gadus macrocephalus)

30%

100%

0305 69 00

– – andere

30%

25%

0306

Schaaldieren, ook indien ontdaan van de schaal, levend, vers, gekoeld, bevroren, gedroogd, gezouten of gepekeld; schaaldieren in de schaal, gestoomd of in water gekookt, ook indien gekoeld, bevroren, gedroogd, gezouten of gepekeld; meel, poeder en pellets, van schaaldieren, geschikt voor menselijke consumptie

– bevroren:

0306 11 00

– – langoesten (Palinurus spp., Panulirus spp., Jasus spp.)

30%

25%

0306 12 00

– – zeekreeften (Homarus spp.)

30%

25%

0306 13 00

– – garnalen

30%

25%

0306 14 00

– – krab

30%

25%

0306 19 00

– – andere, daaronder begrepen meel, poeder en pellets, van schaaldieren, geschikt voor menselijke consumptie

30%

100%

0307

Weekdieren, ook indien ontdaan van de schelp, levend, vers, gekoeld, bevroren, gedroogd, gezouten of gepekeld; ongewervelde waterdieren, andere dan schaal- en weekdieren, levend, vers, gekoeld, bevroren, gedroogd, gezouten of gepekeld; meel, poeder en pellets, van ongewervelde waterdieren, andere dan schaaldieren, geschikt voor menselijke consumptie

– oesters:

0307 10 10

– – oesterzaad

5%

100%

0307 10 90

– – andere

30%

100%

– mosselen (Mytilus spp., Perna spp.):

0307 31 10

– – mosselzaad

5%

100%

0307 31 90

– – andere

30%

100%

– inktvissen (Sepia officinalis, Rossia macrosoma, Sepiola spp.); pijlinktvissen (Ommastrephes spp., Loligo spp., Nototodarus spp., Sepioteuthis spp.):

0307 41 00

– – levend, vers of gekoeld

30%

25%

0307 49 00

– – andere

30%

25%

– achtarmige inktvissen (Octopus spp.):

0307 51 00

– – levend, vers of gekoeld

30%

25%

0307 59 00

– – andere

30%

25%

0307 60 00

– eetbare slakken, andere dan zeeslakken

30%

25%

– andere, daaronder begrepen meel, poeder en pellets, van ongewervelde waterdieren, andere dan schaaldieren, geschikt voor menselijke consumptie:

0307 91 00

– – levend, vers of gekoeld

30%

25%

0307 99 00

– – andere

30%

25%

0511

Producten van dierlijke oorsprong, elders genoemd noch elders onder begrepen; dode dieren van de soorten bedoeld bij hoofdstuk 1 of 3, niet geschikt voor menselijke consumptie:

0511 91 00

– – producten van vis, van schaaldieren, van weekdieren of van andere ongewervelde waterdieren; dode dieren van de soorten bedoeld bij hoofdstuk 3:

30%

25%

2301

Meel, poeder en pellets van vlees, van slachtafvallen, van vis, van schaaldieren, van weekdieren of van andere ongewervelde waterdieren, ongeschikt voor menselijke consumptie; kanen:

2301 10 00

– meel, poeder en pellets, van vlees of van slachtafvallen; kanen

30%

25%

Protocol

5

inzake de handel in bewerkte landbouwproducten tussen Algerije en de Europese Gemeenschap

Artikel

1

Bij de invoer in de Gemeenschap van bewerkte landbouwproducten van oorsprong uit Algerije worden de in bijlage 1 vermelde douanerechten en heffingen met gelijke werking geheven.

Artikel

2

Bij de invoer in Algerije van bewerkte landbouwproducten van oorsprong uit de Gemeenschap worden de in bijlage 2 vermelde douanerechten en heffingen met gelijke werking geheven.

Artikel

3

De in de bijlagen 1 en 2 vermelde rechtenverlagingen worden vanaf de inwerkingtreding van de overeenkomst toegepast op het basisrecht zoals dat is vastgesteld in artikel 18 van de overeenkomst.

Artikel

4

De overeenkomstig de leden 1 en 2 toegepaste douanerechten kunnen worden verlaagd wanneer in het handelsverkeer tussen de Gemeenschap en Algerije de heffingen op basislandbouwproducten verlaagd worden of wanneer deze verlagingen het gevolg zijn van wederzijdse concessies op het gebied van bewerkte landbouwproducten. De in lid 1 bedoelde verlaging, de lijst van betrokken producten en in voorkomend geval de tariefcontingenten waarvoor de verlagingen gelden, worden door de Associatieraad vastgesteld.

Artikel

5

De Europese Gemeenschap en Algerije stellen elkaar in kennis van de administratieve regelingen die zijn vastgesteld voor de onder dit protocol vallende producten.

Deze regelingen dienen een gelijke behandeling van alle betrokken partijen te waarborgen en dienen zo eenvoudig en flexibel mogelijk te zijn.

Protocol

6

betreffende de definitie van het begrip „producten van oorsprong" en regelingen voor administratieve samenwerking

INHOUD

TITEL I

ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1

Definities

TITEL II

OMSCHRIJVING VAN HET BEGRIP „PRODUCTEN VAN OORSPRONG"

Artikel 2

Algemene voorwaarden

Artikel 3

Bilaterale cumulatie van de oorsprong

Artikel 4

Cumulatie met materialen van oorsprong uit Marokko of Tunesië

Artikel 5

Cumulatie van be- of verwerkingen

Artikel 6

Geheel en al verkregen producten

Artikel 7

Toereikende bewerking of verwerking

Artikel 8

Ontoereikende bewerking of verwerking

Artikel 9

Determinerende eenheid

Artikel 10

Accessoires, vervangingsonderdelen en gereedschappen

Artikel 11

Stellen en assortimenten

Artikel 12

Neutrale elementen

TITEL III

TERRITORIALE VOORWAARDEN

Artikel 13

Territorialiteitsbeginsel

Artikel 14

Rechtstreeks vervoer

Artikel 15

Tentoonstellingen

TITEL IV

TERUGGAVE OF VRIJSTELLING VAN RECHTEN

Artikel 16

Verbod op teruggave of vrijstelling van douanerechten

TITEL V

BEWIJS VAN OORSPRONG

Artikel 17

Algemene voorwaarden

Artikel 18

Procedure voor de afgifte van certificaten inzake goederenverkeer EUR.1

Artikel 19

Afgifte achteraf van certificaten inzake goederenverkeer EUR.1

Artikel 20

Afgifte van duplicaten van certificaten inzake goederenverkeer EUR.1

Artikel 21

Afgifte van certificaten inzake goederenverkeer EUR.1 aan de hand van eerder opgestelde of afgegeven bewijzen van oorsprong

Artikel 22

Voorwaarden voor het opstellen van factuurverklaringen

Artikel 23

Toegelaten exporteurs

Artikel 24

Geldigheid van bewijzen van oorsprong

Artikel 25

Overlegging van bewijzen van oorsprong

Artikel 26

Invoer in deelzendingen

Artikel 27

Vrijstelling van bewijs van oorsprong

Artikel 28

Leveranciersverklaring en inlichtingenblad

Artikel 29

Bewijsstukken

Artikel 30

Bewaring van bewijs van oorsprong en bewijsstukken

Artikel 31

Verschillen en vormfouten

Artikel 32

In euro uitgedrukte bedragen

TITEL VI

REGELINGEN VOOR ADMINISTRATIEVE SAMENWERKING

Artikel 33

Wederzijdse bijstand

Artikel 34

Controle van bewijzen van oorsprong

Artikel 35

Beslechting van geschillen

Artikel 36

Sancties

Artikel 37

Vrije zones

TITEL VII

CEUTA EN MELILLA

Artikel 38

Toepassing van het protocol

Artikel 39

Bijzondere voorwaarden

TITEL VIII

SLOTBEPALINGEN

Artikel 40

Wijziging van het protocol

Artikel 41

Comité Douanesamenwerking

Artikel 42

Tenuitvoerlegging van het protocol

Artikel 43

Regelingen met Marokko en Tunesië

Artikel 44

Goederen in doorvoer of in opslag

BIJLAGEN

Bijlage I

Aantekeningen bij de lijst in Bijlage II

Bijlage II

Lijst van oorsprongverlenende be- of verwerkingen

Bijlage III

Certificaat inzake goederenverkeer EUR.1 en aanvraag van een certificaat inzake goederenverkeer EUR.1

Bijlage IV

Factuurverklaring

Bijlage V

Leveranciersverklaring

Bijlage VI

Inlichtingenblad

Bijlage VII

Gemeenschappelijke verklaringen

TITEL

I

ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel

1

Definities

Voor de toepassing van dit protocol wordt verstaan onder:

  • a.

    „vervaardiging": elke soort be- of verwerking, met inbegrip van assemblage of speciale behandelingen;

  • b.

    „materiaal": alle ingrediënten, grondstoffen, componenten, delen en dergelijke die bij de vervaardiging van het product worden gebruikt;

  • c.

    „product": het verkregen product, ook indien het bestemd is om later bij de vervaardiging van een ander product te worden gebruikt;

  • d.

    „goederen": zowel materialen als producten;

  • e.

    „douanewaarde": de waarde zoals bepaald volgens de Overeenkomst inzake de toepassing van artikel VII van de Algemene Overeenkomst betreffende tarieven en handel van 1994 (Overeenkomst inzake de douanewaarde van de WTO);

  • f.

    „prijs af fabriek": de prijs die voor het product af fabriek is betaald aan de fabrikant in de Gemeenschap of in Algerije in wiens onderneming de laatste be- of verwerking is verricht, mits in die prijs de waarde van alle gebruikte materialen is inbegrepen, verminderd met alle binnenlandse belastingen die worden of kunnen worden terugbetaald wanneer het verkregen product wordt uitgevoerd;

  • g.

    „waarde van de materialen": de douanewaarde ten tijde van de invoer van de gebruikte materialen die niet van oorsprong zijn, of, indien deze niet bekend is en niet kan worden vastgesteld, de eerste controleerbare prijs die voor de materialen in de Gemeenschap of in Algerije is betaald;

  • h.

    „waarde van de materialen van oorsprong": de waarde van deze materialen als omschreven onder g), welke omschrijving van dienovereenkomstige toepassing is;

  • i.

    „toegevoegde waarde": de prijs af fabriek van de producten, verminderd met de douanewaarde van alle gebruikte materialen van oorsprong uit andere landen dan die waarin die producten zijn verkregen;

  • j.

    „hoofdstukken" en „posten": de hoofdstukken en posten (viercijfercodes) van de nomenclatuur die het geharmoniseerde systeem inzake de omschrijving en codering van goederen vormt, in dit protocol „geharmoniseerd systeem" of „GS" genoemd;

  • k.

    „ingedeeld": de indeling van een product of materiaal onder een bepaalde post;

  • l.

    „zending": producten die gelijktijdig door een exporteur naar dezelfde geadresseerde worden verzonden of die vergezeld gaan van één vervoersdocument dat de verzending van de exporteur naar de geadresseerde dekt, of bij gebreke daarvan, één factuur;

  • m.

    „gebieden": ook de territoriale wateren.

TITEL

II

OMSCHRIJVING VAN HET BEGRIP „PRODUCTEN VAN OORSPRONG"

Artikel

2

Algemene voorwaarden

Artikel

3

Bilaterale cumulatie van de oorsprong

Artikel

4

Cumulatie met materialen van oorsprong uit Marokko of Tunesië

Artikel

5

Cumulatie van be- of verwerkingen

Artikel

6

Geheel en al verkregen producten

Artikel

7

Toereikende bewerking of verwerking

Deze voorwaarden geven voor alle onder de overeenkomst vallende producten aan welke be- of verwerkingen niet van oorsprong zijnde materialen bij de vervaardiging van deze producten moeten ondergaan en zijn slechts op deze materialen van toepassing. Dit betekent dat indien een product dat de oorsprong heeft verkregen doordat het aan de voorwaarden in die lijst voor dat product heeft voldaan, als materiaal gebruikt wordt bij de vervaardiging van een ander product, de voorwaarden die van toepassing zijn op het product waarin het wordt verwerkt daarvoor niet gelden. Er wordt dan geen rekening gehouden met niet van oorsprong zijnde materialen die bij de vervaardiging ervan zijn gebruikt.

Dit lid is niet van toepassing op producten die zijn ingedeeld onder de hoofdstukken 50 tot en met 63 van het geharmoniseerd systeem.

Artikel

8

Ontoereikende bewerking of verwerking

Artikel

9

Determinerende eenheid

Artikel

10

Accessoires, vervangingsonderdelen en gereedschappen

Accessoires, vervangingsonderdelen en gereedschappen die samen met materieel, machines, apparaten of voertuigen worden geleverd en deel uitmaken van de normale uitrusting daarvan en in de prijs daarvan zijn inbegrepen of niet afzonderlijk in rekening worden gebracht, worden geacht één geheel te vormen met het materieel en de machines, apparaten of voertuigen in kwestie.

Artikel

11

Stellen en assortimenten

Stellen en assortimenten in de zin van algemene regel 3 voor de interpretatie van het geharmoniseerde systeem worden als van oorsprong beschouwd indien alle samenstellende delen van oorsprong zijn. Een stel of assortiment bestaande uit producten van oorsprong en producten die niet van oorsprong zijn, wordt evenwel als van oorsprong beschouwd indien de waarde van de producten die niet van oorsprong zijn niet meer dan 15 procent van de prijs af fabriek van het stel of assortiment bedraagt.

Artikel

12

Neutrale elementen

Om de oorsprong van een product te bepalen behoeft niet te worden nagegaan wat de oorsprong is van bij de vervaardiging van dat product gebruikte:

  • a.

    energie en brandstof;

  • b.

    fabrieksuitrusting;

  • c.

    machines en werktuigen;

  • d.

    goederen die in de uiteindelijke samenstelling van het product niet voorkomen en ook niet bedoeld waren daarin voor te komen.

TITEL

III

TERRITORIALE VOORWAARDEN

Artikel

13

Territorialiteitsbeginsel

Artikel

14

Rechtstreeks vervoer

Producten van oorsprong mogen via een pijpleiding door een ander grondgebied dan dat van de Gemeenschap of van Algerije worden vervoerd.

Artikel

15

Tentoonstellingen

TITEL

IV

TERUGGAVE EN VRIJSTELLING VAN RECHTEN

Artikel

16

Verbod op teruggave of vrijstelling van douanerechten

Voor het einde van de overgangsperiode bedoeld in artikel 6 van de overeenkomst wordt de toepassing van de bepalingen van dit artikel geevalueerd.

TITEL

V

BEWIJS VAN OORSPRONG

Artikel

17

Algemene voorwaarden

Artikel

18

Procedure voor de afgifte van certificaten inzake goederenverkeer EUR.1

Artikel

19

Afgifte achteraf van certificaten inzake goederenverkeer EUR.1

ES „EXPEDIDO A POSTERIORI"

DA „UDSTEDT EFTERFØLGENDE"

DE „NACHTRÄGLICH AUSGESTELLT"

EL „ΕΚΔΩΓΘΕΝ ΕΚ ΤΟΝ ϒΣΤΕΡΟΝ"

EN „ISSUED RETROSPECTIVELY"

FR „DÉLIVRÉ A POSTERIORI"

IT „RILASCIATO A POSTERIORI"

NL „AFGEGEVEN A POSTERIORI"

PT „EMITIDO A POSTERIORI"

FI „ANNETTU JÄLKIKÄTEEN"

SV „UTFÄRDAT I EFTERHAND"

DZ „ "

Artikel

20

Afgifte van duplicaten van certificaten inzake goederenverkeer EUR.1

ES „DUPLICADO"

DA „DUPLIKAT"

DE „DUPLIKAT"

EL „ΑΝΤΙΓΡΑΦΩ'

EN „DUPLICATE"

FR „DUPLICATA"

IT „DUPLICATO"

NL „DUPLICAAT"

PT „SEGUNDA VIA"

FI „KAKSOISKAPPALE"

SV „DUPLIKAT"

DZ „ "

Artikel

21

Afgifte van certificaten inzake goederenverkeer EUR.1 aan de hand van eerder opgestelde of afgegeven bewijzen van oorsprong

Voor producten van oorsprong die in de Gemeenschap of in Algerije onder toezicht van een douanekantoor zijn geplaatst, kan het oorspronkelijke bewijs van oorsprong door een of meer certificaten inzake goederenverkeer EUR.1 worden vervangen bij verzending van deze producten of een gedeelte daarvan naar een andere plaats in de Gemeenschap of in Algerije. Deze vervangingscertificaten worden afgegeven door het douanekantoor dat toezicht houdt op de goederen.

Artikel

22

Voorwaarden voor het opstellen van factuurverklaringen

Artikel

23

Toegelaten exporteurs

Artikel

24

Geldigheid van bewijzen van oorsprong

Artikel

25

Overlegging van bewijzen van oorsprong

Bewijzen van oorsprong worden bij de douaneautoriteiten van het land van invoer ingediend overeenkomstig de aldaar geldende procedures. Deze autoriteiten kunnen eisen dat het bewijs van oorsprong wordt vertaald. Zij kunnen voorts eisen dat de aangifte ten invoer vergezeld gaat van een verklaring van de importeur dat de producten aan de voorwaarden voor de toepassing van de overeenkomst voldoen.

Artikel

26

Invoer in deelzendingen

Wanneer, op verzoek van de importeur en op de door de douaneautoriteiten van het land van invoer vastgestelde voorwaarden, gedemonteerde of niet-gemonteerde producten als bedoeld in algemene regel 2 a) voor de interpretatie van het geharmoniseerd systeem, vallende onder de afdelingen XVI en XVII of de posten 7308 en 9406 van het geharmoniseerd systeem, in deelzendingen worden ingevoerd, wordt één enkel bewijs van oorsprong bij de douaneautoriteiten ingediend bij de invoer van de eerste deelzending.

Artikel

27

Vrijstelling van bewijs van oorsprong

Artikel

28

Leveranciersverklaring en inlichtingenblad

Artikel

29

Bewijsstukken

De in artikel 18, lid 3, en artikel 22, lid 3, bedoelde documenten aan de hand waarvan wordt aangetoond dat producten die door een certificaat inzake goederenverkeer EUR.1 of een factuurverklaring worden gedekt, producten van oorsprong zijn uit de Gemeenschap, Algerije of een van de andere in de artikelen 4 en 5 genoemde landen en aan de andere voorwaarden van dit protocol voldoen, kunnen onder meer de volgende zijn:

  • a.

    een rechtstreeks bewijs, bijvoorbeeld aan de hand van de boekhouding of de interne administratie van de exporteur of leverancier, van de door deze uitgevoerde be- of verwerkingen om de goederen te verkrijgen;

  • b.

    in de Gemeenschap of in Algerije afgegeven of opgestelde en volgens het nationale recht gebruikte documenten waaruit de oorsprong van de gebruikte materialen blijkt;

  • c.

    in de Gemeenschap of in Algerije afgegeven of opgestelde en volgens het nationale recht gebruikte documenten waaruit be- of verwerking in de Gemeenschap of in Algerije blijkt;

  • d.

    certificaten inzake goederenverkeer EUR.1 of factuurverklaringen waaruit de oorsprong van de gebruikte materialen blijkt, die overeenkomstig dit protocol in de Gemeenschap of in Algerije zijn afgegeven of opgesteld, of die in een van de in de artikelen 4 en 5 genoemde landen zijn opgesteld overeenkomstig oorsprongsregels die gelijk zijn aan de oorsprongsregels van dit protocol;

  • e.

    leveranciersverklaringen en inlichtingenbladen waaruit blijkt welke be- of verwerkingen de bij de vervaardiging van de betrokken goederen gebruikte materialen hebben ondergaan, die in de landen bedoeld in artikel 4 overeenkomstig het bepaalde in dit protocol zijn opgesteld.

Artikel

30

Bewaring van bewijs van oorsprong en bewijsstukken

Artikel

31

Verschillen en vormfouten

Artikel

32

In euro uitgedrukte bedragen

TITEL

VI

REGELINGEN VOOR ADMINISTRATIEVE SAMENWERKING

Artikel

33

Wederzijdse bijstand

Artikel

34

Controle van bewijzen van oorsprong

Artikel

35

Beslechting van geschillen

Geschillen ten aanzien van de in artikel 34 bedoelde controles die de douaneautoriteiten die de controle hebben aangevraagd en de douaneautoriteiten die met deze controle zijn belast niet onderling kunnen regelen, en problemen in verband met de interpretatie van dit protocol worden aan het Comité Douanesamenwerking voorgelegd. Op de regeling van geschillen tussen de importeur en de douaneautoriteiten van de staat van invoer is in alle gevallen de wetgeving van de staat van invoer van toepassing.

Artikel

36

Sancties

Sancties worden getroffen tegen ieder die een document met onjuiste gegevens opstelt of laat opstellen met het doel goederen onder de preferentiële regeling te doen vallen.

Artikel

37

Vrije zones

TITEL

VII

CEUTA EN MELILLA

Artikel

38

Toepassing van het protocol

Artikel

39

Bijzondere voorwaarden

TITEL

VIII

SLOTBEPALINGEN

Artikel

40

Wijziging van het protocol

De Associatieraad kan besluiten de toepassing van de bepalingen van dit protocol te wijzigen op verzoek van een van beide partijen of van het Comité Douanesamenwerking.

Artikel

41

Comité Douanesamenwerking

Artikel

42

Tenuitvoerlegging van het protocol

De Gemeenschap en Algerije nemen ieder voor zich de maatregelen die nodig zijn voor de tenuitvoerlegging van dit protocol.

Artikel

43

Regelingen met Marokko en Tunesië

De partijen bij deze overeenkomst nemen de nodige maatregelen om met Marokko en Tunesië regelingen met het oog op de toepassing van dit protocol te treffen. Zij stellen elkaar van deze maatregelen in kennis.

Artikel

44

Goederen in doorvoer of in opslag

De overeenkomst kan worden toegepast op goederen die aan de bepalingen van dit protocol voldoen en die op de datum van inwerkingtreding van de overeenkomst onderweg zijn, of in de Gemeenschap of in Algerije of tijdelijk zijn opgeslagen of zich daar in een douane-entrepot of vrije zone bevinden, mits binnen vier maanden na die datum een certificaat inzake goederenverkeer EUR.1 bij de douaneautoriteiten van de staat van invoer wordt ingediend dat achteraf door de bevoegde instanties van de staat van uitvoer is opgesteld, tezamen met de documenten waaruit blijkt dat de goederen rechtstreeks zijn vervoerd.

Bijlage

I

Aantekeningen bij de lijst in Bijlage II

De Nederlandse tekst van Bijlage I is gepubliceerd in Pb EU L 265, 10-10-2005, p. 2 e.v.

Protocol

7

Wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken

Artikel

1

Definities

Voor de toepassing van dit protocol wordt verstaan onder:

  • a.

    „douanewetgeving": de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen die op het grondgebied van de partijen van toepassing zijn op de invoer, de uitvoer en de doorvoer van goederen en de plaatsing daarvan onder andere douaneregelingen of -procedures, met inbegrip van verbods-, beperkings- en controlemaatregelen;

  • b.

    „verzoekende autoriteit": een bevoegde administratieve autoriteit die door een der partijen is aangewezen en die een verzoek om bijstand op grond van dit protocol indient;

  • c.

    „aangezochte autoriteit": een bevoegde administratieve autoriteit die door een der partijen is aangewezen en die een verzoek om bijstand op grond van dit protocol ontvangt;

  • d.

    „persoonsgegevens": alle gegevens betreffende een natuurlijke persoon van wie de identiteit bekend is of kan worden vastgesteld;

  • e.

    „met de douanewetgeving strijdige handeling": elke overtreding of poging tot overtreding van de douanewetgeving.

Artikel

2

Toepassingsgebied

Artikel

3

Bijstand op verzoek

Artikel

4

Bijstand op eigen initiatief

De partijen verlenen elkaar, in overeenstemming met hun wet- en regelgeving, op eigen initiatief bijstand indien zij dit noodzakelijk achten voor de juiste toepassing van de douanewetgeving, in het bijzonder indien zij informatie hebben verkregen over:

  • activiteiten die met deze wetgeving in strijd zijn of lijken te zijn en die voor een andere partij van belang zouden kunnen zijn;

  • nieuwe middelen of methoden die worden gebruikt bij overtredingen van de douanewetgeving;

  • goederen die het voorwerp vormen van handelingen in strijd met de douanewetgeving;

  • natuurlijke personen of rechtspersonen ten aanzien van wie redelijkerwijze kan worden vermoed dat zij handelingen verrichten of hebben verricht die met de douanewetgeving in strijd zijn;

  • middelen van vervoer waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat zij gebruikt zijn of kunnen worden om handelingen te verrichten die met de douanewetgeving in strijd zijn.

Artikel

5

Toezending van documenten en kennisgeving van besluiten

Op aanvraag van de verzoekende autoriteit neemt de aangezochte autoriteit overeenkomstig haar wet- en regelgeving alle maatregelen die nodig zijn voor:

  • verstrekking van documenten of

  • kennisgeving van besluiten

die van de verzoekende autoriteit uitgaan en onder het toepassingsgebied van dit protocol vallen, aan een geadresseerde die op het grondgebied van de aangezochte autoriteit verblijft of gevestigd is.

Verzoeken om verstrekking van documenten of kennisgeving van besluiten worden schriftelijk aan de aangezochte autoriteit gericht in een officiële taal van die autoriteit of in een voor die autoriteit aanvaardbare taal.

Artikel

6

Vorm en inhoud van verzoeken om bijstand

Artikel

7

Behandeling van verzoeken

Artikel

8

Vorm waarin de informatie dient te worden verstrekt

Artikel

9

Gevallen waarin geen bijstand behoeft te worden verleend

Artikel

10

Uitwisseling van informatie en geheimhouding

Artikel

11

Deskundigen en getuigen

Een onder een aangezochte autoriteit ressorterende ambtenaar kan worden gemachtigd om binnen de grenzen van de hem verleende machtiging als getuige of deskundige op te treden in gerechtelijke of administratieve procedures die betrekking hebben op aangelegenheden waarop dit protocol van toepassing is, en daarbij de voor deze procedures noodzakelijke voorwerpen, bescheiden of gewaarmerkte kopieën over te leggen. In de convocatie dient uitdrukkelijk te worden vermeld over welke aangelegenheid en in welke functie of hoedanigheid de betrokken ambtenaar zal worden ondervraagd.

Artikel

12

Kosten van de bijstand

De partijen brengen elkaar geen kosten in rekening voor uitgaven die ter uitvoering van dit protocol zijn gemaakt, met uitzondering, in voorkomend geval, van de uitgaven voor deskundigen, getuigen, tolken en vertalers die niet in overheidsdienst zijn.

Artikel

13

Tenuitvoerlegging

Artikel

14

Andere overeenkomsten

Slotakte

De gevolmachtigden van:

het Koninkrijk België,

het Koninkrijk Denemarken,

de Bondsrepubliek Duitsland,

de Helleense Republiek,

het Koninkrijk Spanje,

de Franse Republiek,

Ierland,

de Italiaanse Republiek,

het Groothertogdom Luxemburg,

het Koninkrijk der Nederlanden,

de Republiek Oostenrijk,

de Portugese Republiek,

de Republiek Finland,

het Koninkrijk Zweden,

het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland,

partijen bij het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap en het Verdrag betreffende de Europese Unie,

hierna „lidstaten" genoemd, en van

De Europese Gemeenschap,

hierna „de Gemeenschap" genoemd,

enerzijds, en

de gevolmachtigden van de Democratische Volksrepubliek Algerije,

anderzijds,

bijeengekomen te Valencia op 22 april 2002, voor de ondertekening van de Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Democratische Volksrepubliek Algerije, anderzijds, hierna „de overeenkomst" genoemd,

hebben bij de ondertekening de volgende teksten aangenomen:

de overeenkomst,

de hierna genoemde bijlagen 1 tot en met 6:

Bijlage 1 Landbouwproducten en verwerkte landbouwproducten van de hoofdstukken 25 tot en met 97 van het geharmoniseerd systeem, bedoeld in de artikelen 7 en 14

Bijlage 2 Producten bedoeld in artikel 9, lid 1

Bijlage 3 Producten bedoeld in artikel 9, lid 2

Bijlage 4 Producten waarvoor een voorlopig aanvullend recht geldt, bedoeld in artikel 17, lid 4

Bijlage 5 Uitvoeringsbepalingen voor artikel 41

Bijlage 6 Intellectuele, industriële en commerciële eigendom: overeenkomsten bedoeld in artikel 44

en de hierna genoemde protocollen 1 tot en met 7:

Protocol 1 Landbouwproducten van oorsprong uit Algerije (artikel 14, lid 1)

Protocol 2 Landbouwproducten van oorsprong uit de Gemeenschap (artikel 14, lid 2)

Protocol 3 Visserijproducten van oorsprong uit Algerije (artikel 14, lid 3)

Protocol 4 Visserijproducten van oorsprong uit de Gemeenschap (artikel 14, lid 4)

Protocol 5 Bewerkte landbouwproducten (artikel 14, lid 5)

Protocol 6 Oorsprongsregels (artikel 28)

Protocol 7 Wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken (artikel 63)

De gevolmachtigden van de lidstaten en van de Gemeenschap en de gevolmachtigden van Algerije hebben de volgende gemeenschappelijke verklaringen aangenomen, die aan deze slotakte zijn gehecht:

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN

Gemeenschappelijke verklaring betreffende artikel 44 van de overeenkomst

Gemeenschappelijke verklaring betreffende het verkeer van personen

Gemeenschappelijke verklaring betreffende artikel 104 van de overeenkomst

Gemeenschappelijke verklaring betreffende artikel 110 van de overeenkomst

VERKLARINGEN VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAP

Verklaring van de Europese Gemeenschap betreffende Turkije

Verklaring van de Europese Gemeenschap betreffende de toetreding van Algerije tot de WTO

Verklaring van de Europese Gemeenschap betreffende artikel 41

Verklaring van de Europese Gemeenschap betreffende het begrip „onderdanen" in verband met de toepassing van het Gemeenschapsrecht (artikel 84)

Verklaring van de Europese Gemeenschap betreffende artikel 88 (racisme en vreemdelingenhaat)

VERKLARING VAN ALGERIJE

Verklaring van Algerije betreffende artikel 9

Verklaring van Algerije betreffende de douane-unie tussen de Europese Gemeenschap en Turkije

Verklaring van Algerije betreffende artikel 41

Verklaring van Algerije betreffende artikel 84 (overname)

Gedaan te Brussel,

Voor de Raad De voorzitter

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN

Gemeenschappelijke verklaring betreffende artikel 44 van de overeenkomst

De partijen komen overeen dat in het kader van de overeenkomst intellectuele, industriële en commerciële eigendom inzonderheid het volgende omvat: auteursrechten, met inbegrip van de auteursrechten op computerprogramma's, en naburige rechten, rechten met betrekking tot gegevensbanken, fabrieks- en handelsmerken, geografische aanduidingen, met inbegrip van benamingen van oorsprong, industriële tekeningen en modellen, octrooien, schema's (topografieën) van geïntegreerde schakelingen, alsmede bescherming van niet-openbaargemaakte informatie en bescherming tegen oneerlijke mededinging als bedoeld in artikel 10 bis van het Verdrag van Parijs voor de bescherming van industriële eigendom (Akte van Stockholm 1967), alsmede de bescherming van vertrouwelijke gegevens inzake knowhow.

Gemeenschappelijke verklaring betreffende het verkeer van personen

De partijen onderzoeken de opportuniteit van de totstandkoming van overeenkomsten inzake het uitzenden van Algerijnse werknemers om een tijdelijke arbeidsplaats te vervullen.

Gemeenschappelijke verklaring betreffende artikel 84 van de overeenkomst

De partijen verklaren dat het begrip „onderdanen van derde landen die rechtstreeks van het grondgebied van een der partijen afkomstig zijn" nader zal worden uitgewerkt in het kader van de overeenkomsten bedoeld in artikel 84, lid 2.

Gemeenschappelijke verklaring betreffende artikel 104 van de overeenkomst

1. Voor de interpretatie en de praktische tenuitvoerlegging van de overeenkomst komen de partijen overeen dat „bijzonder dringende gevallen", als bedoeld in artikel 104 van de overeenkomst, gevallen zijn van wezenlijke inbreuk op de overeenkomst door een van de partijen. Wezenlijke inbreuk op de overeenkomst houdt in:

  • -

    verbreking van de overeenkomst in strijd met de algemene regels van het internationale recht;

  • -

    schending van de essentiële elementen van de overeenkomst bedoeld in artikel 2.

2. De partijen komen overeen dat de maatregelen bedoeld in artikel 104 van de overeenkomst maatregelen zijn die in overeenstemming zijn met het internationale recht. Indien een partij een maatregel neemt in een bijzonder dringend geval als bedoeld in artikel 104, kan de andere partij een beroep doen op de procedure voor geschillenbeslechting.

Gemeenschappelijke verklaring betreffende artikel 110 van de overeenkomst

In deze overeenkomst is rekening gehouden met de voordelen die voor Algerije voortvloeien uit de regelingen die Frankrijk toekent op grond van het aan het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap gehechte protocol betreffende goederen van oorsprong en van herkomst uit bepaalde landen, waarop bij invoer in de lidstaten een bijzondere regeling van toepassing is. Deze bijzondere regeling dient derhalve bij de inwerkingtreding van de overeenkomst als ingetrokken te worden beschouwd.

VERKLARINGEN VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAP

Verklaring van de Europese Gemeenschap betreffende Turkije

De Gemeenschap wijst erop dat Turkije, overeenkomstig de douane-unie die tussen de Gemeenschap en Turkije is ingesteld, verplicht is zich ten aanzien van landen die geen lid zijn van de Gemeenschap aan te passen aan het gemeenschappelijk douanetarief, en geleidelijk ook aan het stelsel van douanepreferenties van de Gemeenschap, door de noodzakelijke maatregelen te nemen en met de betrokken landen overeenkomsten te sluiten op basis van wederzijds voordeel. De Gemeenschap verzoekt Algerije daarom zo snel mogelijk onderhandelingen met Turkije te openen.

Verklaring van de Europese Gemeenschap betreffende de toetreding van Algerije tot de WTO

De Europese Gemeenschap en haar lidstaten uiten hun steun voor de snelle toetreding van Algerije tot de WTO en komen overeen daartoe alle nodige bijstand te verlenen.

Verklaring van de Europese Gemeenschap betreffende artikel 41 van de overeenkomst

De Gemeenschap verklaart dat zij in het kader van de interpretatie van artikel 41, lid 1, alle met dat artikel strijdige praktijken zal beoordelen aan de hand van de criteria die voortvloeien uit de regels van de artikelen 81 en 82 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap en de afgeleide wetgeving.

Verklaring van de Europese Gemeenschap betreffende artikel 84, lid 1, eerste streepje, van de overeenkomst

Wat de lidstaten van de Europese Unie betreft zijn de verplichtingen van artikel 84, lid 1, eerste streepje, uitsluitend van toepassing op personen die voor de toepassing van het Gemeenschapsrecht geacht worden hun onderdanen te zijn.

Verklaring van de Europese Gemeenschap betreffende artikel 88 van de overeenkomst (racisme en vreemdelingenhaat)

De bepalingen van artikel 88 zijn van toepassing zonder afbreuk te doen aan de bepalingen en voorwaarden betreffende de toelating tot het grondgebied van de lidstaten van de Europese Unie en het verblijf op dat grondgebied van onderdanen van derde landen en stateloze personen, of aan de behandeling die verbonden is aan de juridische status van de betrokken onderdanen van derde landen en stateloze personen.

VERKLARINGEN VAN ALGERIJE

Verklaring van Algerije betreffende artikel 9 van de overeenkomst

Algerije is van oordeel dat toename van de Europese rechtstreekse investeringen in Algerije een van de wezenlijke doelstellingen van de associatieovereenkomst is. Algerije verzoekt de Gemeenschap en haar lidstaten steun te verlenen aan de concrete verwezenlijking van deze doelstelling, met name in het kader van de liberalisering van het handelsverkeer en de afschaffing van de douanerechten. De Associatieraad onderzoekt dit vraagstuk indien daaraan behoefte is.

Verklaring van Algerije betreffende de douane-unie tussen de Europese Gemeenschap en Turkije

Algerije neemt nota van de Verklaring van de Europese Gemeenschap betreffende Turkije. Algerije merkt op dat deze verklaring voortvloeit uit het bestaan van een douane-unie tussen die twee partijen en zal dit vraagstuk te zijner tijd in overweging nemen.

Verklaring van Algerije betreffende artikel 41 van de overeenkomst

Bij de toepassing van zijn concurrentiewetgeving zal Algerije zich inspireren op de richtsnoeren van het concurrentiebeleid zoals die door de Europese Unie zijn ontwikkeld.

Verklaring van Algerije betreffende artikel 91 van de overeenkomst

Algerije is van oordeel dat opheffing van het bankgeheim een wezenlijk onderdeel is van de bestrijding van corruptie.