Artikel
1
In dit besluit wordt verstaan onder:
-
a.
Onze Minister: Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
-
b.
jaarlijkse bezoldiging: het twaalfvoud van de bezoldiging in de zin van artikel 1, eerste lid, van de Wet rechtspositie ministers en staatssecretarissen, vermeerderd met de aanspraak op de vakantie-uitkering;
-
c.
gezinsleden: de echtgenoot, levenspartner of geregistreerde partner van een minister of staatssecretaris en de kinderen, stief- en pleegkinderen van hemzelf, zijn echtgenoot, levenspartner of geregistreerde partner, voor zover zij met hem samenwonen;
-
d.
ministerie: ministerie waar een minister of staatssecretaris werkzaam is;
-
e.
BTW: belasting over de toegevoegde waarde (omzetbelasting);
-
f.
BPM: belasting van personenauto's en motorrijwielen;
-
g.
ROB: prijs van reparatie, onderhoud en banden.