Artikel
1
In dit besluit wordt verstaan onder:
-
a.
ambt: voorzitterschap, plaatsvervangend voorzitterschap of zittingsvoorzitterschap van de huurcommissie;
-
b.
huurcommissie: commissie, genoemd in artikel 3a van de wet;
-
c.
Onze Minister: Onze Minister voor Wonen, Wijken en Integratie;
-
d.
plaatsvervangend voorzitter: plaatsvervangend voorzitter van de huurcommissie als bedoeld in artikel 3a, tweede lid, van de wet;
-
e.
voorzitter: voorzitter van de huurcommissie als bedoeld in artikel 3a, tweede lid, van de wet;
- f.
-
g.
zittingsvoorzitter: zittingsvoorzitter van de huurcommissie als bedoeld in artikel 3a, tweede lid, van de wet.