Besluit van 8 december 2011, houdende vaststelling Besluit registers kinderopvang en peuterspeelzaalwerk

Besluit landelijk register kinderopvang, register buitenlandse kinderopvang en personenregister kinderopvang

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 21 september 2011, nr. KO/2011/16167, gedaan mede namens de Staatssecretaris van Financiën en in overeenstemming met Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 20 oktober 2011, No. W12.11.0388/III);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 5 december 2011, nr, KO/2011/19253, uitgebracht mede namens de Staatssecretaris van Financiën;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Hoofdstuk

1

Algemene bepalingen

Artikel

1

Begripsbepalingen

Artikel

2

Vorm en doel van het landelijk register kinderopvang, het register buitenlandse kinderopvang en het personenregister kinderopvang

Artikel

3

Verwerkingsverantwoordelijken

Artikel

4

Beheer van het landelijk register kinderopvang en het register buitenlandse kinderopvang

Artikel

4a

Beheer van het personenregister kinderopvang

Hoofdstuk

2

Landelijk register kinderopvang

Artikel

5

De aanvraag

Artikel

6

In het landelijk register kinderopvang op te nemen gegevens

Artikel

7

Wijziging gegevens

Artikel

8

Verwijdering uit het landelijk register kinderopvang

Artikel

9

Verstrekking gegevens uit het landelijk register kinderopvang

Artikel

9a

Opname gegevens handhavingsbesluiten in het landelijk register kinderopvang

De gegevens, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel l, kunnen door een ieder worden geraadpleegd gedurende een periode van drie jaar na de datum van vermelding in het landelijk register kinderopvang.

Artikel

10

Bewaartermijn gegevens in het landelijk register kinderopvang

De gegevens van een kinderopvangvoorziening in het landelijk register kinderopvang worden door Onze Minister bewaard tot zeven jaren nadat zij zijn gewijzigd of nadat de kinderopvangvoorziening uit het landelijk register kinderopvang is verwijderd.

Hoofdstuk

2a

Register buitenlandse kinderopvang

Artikel

10a

De aanvraag

Artikel

10b

In het register buitenlandse kinderopvang op te nemen gegevens

Artikel

10c

Wijziging verstrekte gegevens

Artikel

10d

Verwijdering uit het register buitenlandse kinderopvang

Artikel

10e

De ingangs- en einddatum van de inschrijving in het register buitenlandse kinderopvang

Artikel

10f

Verstrekking gegevens uit het register buitenlandse kinderopvang

Artikel

10g

Bewaartermijn gegevens in het register buitenlandse kinderopvang

De gegevens van een voorziening als bedoeld in artikel 1.48, eerste of tweede lid, van de wet, in het register buitenlandse kinderopvang worden door Onze Minister bewaard tot zeven jaar nadat zij zijn gewijzigd of nadat de voorziening uit dit register is verwijderd.

Hoofdstuk

3

Personenregister kinderopvang

Artikel

11

Toegang tot het personenregister kinderopvang

Het personenregister kinderopvang kan worden geraadpleegd door:

Artikel

12

In het personenregister kinderopvang op te nemen gegevens

De volgende gegevens of categorieën van gegevens worden in het personenregister kinderopvang opgenomen:

  • a.

    van een ingeschrevene:

    • 1°.

      de persoonsgegevens zoals die zijn opgenomen in de basisregistratie personen: het burgerservicenummer, de namen en informatie over het naamgebruik, de geboortedatum, datum overlijden, de woon- of verblijfplaats en adresgegevens;

    • 2°.

      de gegevens van de verklaring omtrent het gedrag;

    • 3°.

      de vermelding van de wijze waarop de ingeschrevene bereikbaar is;

    • 4°.

      de gegevens van houders in verband met de koppelingen;

    • 5°.

      de gegevens over de betaling van de kostenvergoeding in verband met de inschrijving; en

    • 6°.

      de status van de inschrijving.

  • b.

    van een houder van een kindercentrum of van een gastouderbureau:

Artikel

13

De start van de continue screening

Na inschrijving in het personenregister kinderopvang start de continue screening van de ingeschrevene.

Artikel

14

De houder van een kindercentrum of van een gastouderbureau als bewerker

Artikel

15

Het leggen en beëindigen van de koppeling

Artikel

16

De kosten voor de inschrijving

Bij ministeriële regeling wordt de hoogte van de vergoeding van de kosten voor de inschrijving vastgesteld, waarbij rekening wordt gehouden met de werkelijk gemaakte kosten.

Artikel

16a

Het uitwisselen van gegevens met Onze Minister van Justitie en Veiligheid

De gegevens uit het personenregister kinderopvang worden uitgewisseld met Onze Minister van Justitie en Veiligheid ten behoeve van:

  • a.

    de controle van de gegevens met betrekking tot de afgegeven verklaring omtrent het gedrag; en

  • b.

    de continue screening van de ingeschrevenen.

Artikel

16b

Bewaartermijn gegevens in het personenregister kinderopvang

Hoofdstuk

4

Slotbepalingen

Artikel

18a

Overgangsbepaling met betrekking tot de overgang van continue screening fase 1 naar het personenregister kinderopvang

De artikelen 9a en 9b zoals die luidden op 28 februari 2018 blijven ten aanzien van de personen die op die datum continu gescreend worden gedurende de periode van 1 maart 2018 tot 1 juli 2018 van toepassing tot het tijdstip waarop deze personen, voor zover daartoe verplicht op grond van de artikelen 1.50, derde lid, 1.56, derde lid, en 1.56b, derde lid, van de wet, zijn ingeschreven in het personenregister kinderopvang.

Artikel

19

Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2012.

Artikel

20

Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit landelijk register kinderopvang, register buitenlandse kinderopvang en personenregister kinderopvang.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage
Beatrix
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, H. G. J. Kamp
De Staatssecretaris van Financiën, F. H. H. Weekers
De Minister van Veiligheid en Justitie, I. W. Opstelten