Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 9 juli 2012, nr. AV/AR/2012/9243 tot vervanging van de Regeling beëindiging arbeidsovereenkomsten BES (Regeling beëindiging arbeidsovereenkomsten BES 2012)

Regeling beëindiging arbeidsovereenkomsten BES 2012

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Besluit:

Paragraaf

1

Begripsbepalingen

Artikel

1.1

Definities

In deze regeling wordt verstaan onder:

Paragraaf

2

Instelling, werkwijze en vergoeding ontslagadviescommissie

Artikel

2.1

Instelling

Er is een ontslagadviescommissie beëindiging arbeidsovereenkomsten BES voor:

  • a.

    Bonaire; en

  • b.

    Sint Eustatius en Saba.

Artikel

2.2

Benoeming en termijn

Artikel

2.3

Onafhankelijkheid

Artikel

2.4

Vergoeding

Artikel

2.5

Secretariaat

Artikel

2.6

Vernietiging afschriften dossiers

Na behandeling in een ontslagadviescommissie van een verzoek worden de aan de leden toegezonden afschriften van de dossiers betreffende het verzoek bij de secretaris ingeleverd en door hem vernietigd.

Artikel

2.7

Vergaderingen

Paragraaf

3

Procedure

Artikel

3.1

Mogelijkheid voor werkgever tot aanvulling informatie

Indien de door de werkgever bij het verzoek tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst verstrekte gegevens en bescheiden onvoldoende zijn voor de beoordeling van het verzoek, heeft de werkgever de gelegenheid het verzoek binnen acht dagen na mededeling hiervan door de minister aan te vullen. Deze termijn kan door de minister worden verlengd indien bijzondere omstandigheden dit noodzakelijk maken.

Artikel

3.2

Verzoek werkgever tot beëindiging arbeidsovereenkomst

Artikel

3.4

Verzending verzoek aan ontslagadviescommissie

Na ontvangst van het in artikel 3.2, eerste lid, bedoelde verweer van de werknemer dan wel nadat de werkgever en werknemer hun zienswijze krachtens artikel 3.2, derde lid, naar voren hebben gebracht, zendt de minister zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen 28 dagen een afschrift van het verzoek om toestemming en van de daarop betrekking hebbende gegevens en bescheiden, waaronder een verslag van het in artikel 3.2, eerste lid, bedoelde verweer, voor advies aan de ontslagadviescommissie.

Artikel

3.5

Kennisgeving collectief ontslag

Indien een kennisgeving als bedoeld in artikel 5 van de wet is gedaan, zendt de minister de daarop betrekking hebbende stukken alsmede het afvloeiingsplan, bedoeld in dat artikel, uiterlijk binnen twintig dagen na ontvangst van het afvloeiingsplan aan de ontslagadviescommissie.

Artikel

3.6

Uitbrenging advies door ontslagadviescommissie

Artikel

3.7

Termijn en voorwaarden toestemming

Paragraaf

4

Toetsing ontslag

Artikel

4.1

Redelijkheid ontslag

Paragraaf

5

Ontslag wegens bedrijfseconomische redenen

Artikel

5.1

Ontslag wegens bedrijfseconomische redenen

Artikel

5.2

Selectiecriterium bij individueel ontslag

Bij het vervallen van meer dan een arbeidsplaats, zonder dat sprake is van een collectief ontslag als bedoeld in artikel 5 van de wet, geldt dat binnen een categorie van uitwisselbare functies bij een bedrijfsvestiging, de werknemer met het kortste dienstverband als eerste voor ontslag wordt voorgedragen.

Artikel

5.3

Selectiecriteria bij collectief ontslag

Artikel

5.4

Afwijkingsmogelijkheid selectiecriteria op verzoek werkgever

De werkgever kan van de in artikel 5.2 of 5.3 omschreven selectiecriteria afwijken, indien:

  • a.

    bij een individueel of collectief ontslag sprake is van een duidelijk aantoonbaar en aanmerkelijk verschil in kwalitatieve geschiktheid voor de functie tussen de werknemer die voor ontslag in aanmerking komt op grond van artikel 5.2 of 5.3 en een andere werknemer die door de werkgever in plaats van die werknemer wordt voorgedragen;

  • b.

    bij een individueel ontslag toepassing van het in artikel 5.2 omschreven beginsel zou leiden tot een onevenwichtige leeftijdsopbouw binnen het bedrijf van de werkgever; of

  • c.

    er andere redenen zijn waardoor toepassing van de in de aanhef genoemde selectiecriteria voor het functioneren van de bedrijfsvestiging te bezwaarlijk zijn.

Artikel

5.5

Afwijkingsmogelijkheid selectiecriteria in het belang van werknemer

De minister kan ten aanzien van een werknemer die overeenkomstig de artikelen 5.2, 5.3 of 5.4 voor ontslag in aanmerking komt toestemming weigeren, indien deze werknemer een zwakke arbeidsmarktpositie heeft, en dit niet het geval is met de werknemer die alsdan voor ontslag in aanmerking komt.

Artikel

5.6

Bescherming werknemers met arbeidshandicap

Artikel

5.7

Voorwaarde bij beëindiging wegens bedrijfseconomische redenen

Indien de minister toestemming voor de beëindiging van de arbeidsovereenkomst wegens bedrijfseconomische redenen verleent, kan hij aan zijn toestemming de voorwaarde verbinden dat de werkgever binnen 26 weken na de bekendmaking van die toestemming geen werknemer in dienst zal nemen voor het verrichten van werkzaamheden van dezelfde aard, dan nadat hij degene voor wie de toestemming tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst wordt verleend, in de gelegenheid heeft gesteld zijn vroegere werkzaamheden op de bij de werkgever gebruikelijke voorwaarden te hervatten.

Artikel

5.8

Melding collectief ontslag

Paragraaf

6

Beëindiging wegens andere dan bedrijfseconomische redenen

Artikel

6.1

Beëindiging wegens ongeschiktheid en andere redenen

Artikel

6.2

Beëindiging wegens ziekte of gebreken

Indien de werkgever als grond voor beëindiging van de arbeidsovereenkomst aanvoert dat de werknemer tengevolge van ziekte of gebreken gedurende ten minste een jaar onafgebroken arbeidsongeschikt is geweest dan wel regelmatig heeft verzuimd wegens arbeidsongeschiktheid en niet meer of in onvoldoende mate in staat is aan de gestelde functie-eisen te voldoen, wordt de toestemming voor beëindiging van de arbeidsovereenkomst verleend indien de werkgever:

  • a.

    deze ongeschiktheid aannemelijk heeft gemaakt en aannemelijk is dat binnen dertien weken geen herstel zal optreden, en

  • b.

    aannemelijk heeft gemaakt dat hij redelijkerwijs niet de mogelijkheid heeft de werknemer binnen dertien weken, indien nodig door middel van scholing, te herplaatsen in een aangepaste dan wel andere functie binnen de onderneming, welke voor die werknemer als passend kan worden beschouwd.

Paragraaf

7

Overige bepalingen

Artikel

7.1

Tegengaan discriminatie

Bij de toepassing van de artikelen 5.1 tot en met 6.2 besteedt de minister extra aandacht aan het tegengaan van discriminatie.

Paragraaf

8

Slotbepalingen

Artikel

8.2

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt voor zover het betreft de artikelen 2.1, 2.2 en 2.4, eerste lid, terug tot en met 10 oktober 2010.

Artikel

8.3

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling beëindiging arbeidsovereenkomsten BES 2012.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,H.G.J.Kamp