Regeling van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 26 juni 2013, nr. 2013-0000349785, houdende regels vertrouwenspersonen integriteit en ongewenste omgangsvormen en de Klachtencommissie ongewenste omgangsvormen BZK

Regeling vertrouwenspersonen integriteit en ongewenste omgangsvormen en Klachtencommissie ongewenste omgangsvormen BZK

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Besluit:

§

1

Algemene bepalingen

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    de minister: de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

  • b.

    het ministerie: het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

  • c.

    de AIVD: de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst;

  • d.

    medewerker: degene die werkzaamheden verricht of heeft verricht bij het ministerie, ingeval van het melden van het vermoeden van een misstand als ambtenaar in de zin van het Algemeen Rijksambtenarenreglement;

  • e.

    het Besluit: het Besluit melden vermoeden van misstand bij Rijk en Politie;

  • f.

    ongewenste omgangsvormen: factoren van direct of indirect onderscheid in de arbeidssituatie die stress teweeg brengen, met inbegrip van intimidatie, seksuele intimidatie, agressie, geweld en pesten;

  • g.

    de melding: het zich wenden tot de vertrouwenspersoon in verband met ongewenste omgangsvormen;

  • h.

    de melder: de medewerker die zich in verband met ongewenste omgangsvormen tot de vertrouwenspersoon heeft gewend;

  • i.

    klacht: schriftelijke klacht over ongewenste omgangsvormen;

  • j.

    klachtencommissie: de in artikel 8 bedoelde commissie.

§

2

Werkingsgebied

Artikel

2

§

3

Vertrouwenspersoon integriteit en ongewenste omgangsvormen

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

6

De vertrouwenspersoon heeft op het gebied van ongewenste omgangsvormen in ieder geval de volgende taken en bevoegdheden:

  • a.

    het opvangen, begeleiden en van advies dienen van de melder en het zo nodig doorverwijzen naar een professionele hulpverlenende instantie of hulpverlener;

  • b.

    het inwinnen van inlichtingen die noodzakelijk zijn om tot een goed inzicht te komen over de melding en de mogelijkheden om te komen tot een oplossing;

  • c.

    het door middel van het inschakelen van een deskundige, bemiddelaar of mediator trachten tot een oplossing te komen;

  • d.

    het adviseren over eventueel verder te nemen stappen en het behulpzaam zijn van de melder bij eventueel verder te nemen stappen;

  • e.

    het ondersteunen en begeleiden van de melder bij het indienen van een klacht bij de klachtencommissie en bij het horen door die commissie;

  • f.

    het verlenen van nazorg aan de melder;

  • g.

    het signaleren van knelpunten in de uitvoering van het beleid, het verstrekken van inlichtingen over de mogelijkheden tot voorkoming en bestrijding van ongewenste omgangsvormen in de organisatie en het geven van gevraagd of ongevraagd advies op dit gebied aan de secretaris-generaal respectievelijk aan het hoofd van de AIVD als het die dienst betreft;

  • h.

    het geven van voorlichting op het gebied van ongewenste omgangsvormen.

Artikel

7

§

4

Klachtencommissie ongewenste omgangsvormen BZK

Artikel

8

Er is een Klachtencommissie ongewenste omgangsvormen BZK.

Artikel

9

Artikel

10

Artikel

11

De commissie wordt bijgestaan door een secretaris die wordt aangewezen door de Manager van het Cluster Advies van het Expertisecentrum Organisatie en Personeel van de Werkmaatschappij.

Artikel

12

Artikel

13

De commissie kan van de minister en van het hoofd van de AIVD de medewerking verlangen die zij nodig acht voor de behandeling van de klacht.

Artikel

14

Artikel

15

§

5

Rechtspositie

Artikel

16

§

6

Overgangs- en slotbepalingen

Artikel

17

Voor de eerste maal worden als vertrouwenspersonen en commissieleden aangewezen de personen die als zodanig waren aangewezen ingevolge de in artikel 18 genoemde regelingen en besluiten.

Artikel

18

Ingetrokken worden:

Artikel

19

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatcourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel

20

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling vertrouwenspersonen integriteit en ongewenste omgangsvormen en Klachtencommissie ongewenste omgangsvormen BZK.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,R.H.A.Plasterk