Artikel
I
Wet inburgering
Wijzigt de Wet inburgering.
Zo is het dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Wijzigt de Wet inburgering.
Wijzigt de Vreemdelingenwet 2000.
Wijzigt de Participatiewet.
Wijzigt de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen.
Wijzigt de Wet op het onderwijstoezicht.
Artikel I, onderdelen A, C tot en met E, de onderdelen G en H en de onderdelen J tot en met N, artikel II, onderdelen A tot en met D, alsmede artikel III en artikel IV, zijn niet van toepassing op de inburgeringsplichtige, wiens inburgeringsplicht uiterlijk de dag voor de datum van inwerkingtreding van deze wet is gestart.
Artikel I, onderdeel I, is niet van toepassing op de inburgeringsplichtige die op de dag voor de datum van inwerkingtreding van deze wet is ingeschreven in de basisregistratie personen, met dien verstande dat indien hij rechtmatig verblijf heeft op grond van een verblijfsvergunning asiel bepaalde tijd als bedoeld in artikel 28 van de Vreemdelingenwet 2000, het gaat om de inschrijving in de gemeente waar hij op grond van artikel 28 van de Huisvestingswet 2014 is gehuisvest.
Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.