Beleidsregel van de raad van bestuur van de Kansspelautoriteit van 23 mei 2024 over verantwoord spelen (Beleidsregel verantwoord spelen 2024)

Beleidsregel verantwoord spelen 2024

Paragraaf

1

Definities en toepassing

Artikel

1.1

Definities

In deze beleidsregel worden de begripsbepalingen uit het Besluit werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen gebruikt. Voor het overige wordt verstaan onder:

Paragraaf

2

Wervings- en reclameactiviteiten

Artikel

2.1

Toepassing

Deze paragraaf heeft betrekking op de wervings- en reclameactiviteiten van vergunninghouders, tenzij anders is bepaald.

Artikel

2.2

Zorgvuldig en evenwichtig

Onder het op zorgvuldige en evenwichtige wijze vorm geven aan wervings- en reclameactiviteiten als bedoeld in artikel 4a van de wet verstaat de raad van bestuur in ieder geval dat de wervings- en reclameactiviteiten van een vergunninghouder:

  • a.

    passen binnen de kanalisatiedoelstelling van de wet door consumenten te leiden naar het legale aanbod van kansspelen en weg te houden bij het illegale aanbod van kansspelen;

  • b.

    terughoudend zijn wat betreft vorm, doelgroep, inhoud, strekking, aantal en soort kanalen waarop de wervings- en reclameactiviteiten worden vertoond of aangeboden; en

  • c.

    zich niet uitstrekken tot branchevreemde nevenactiviteiten.

Artikel

2.3

Onmatige deelneming aan kansspelen

Onder het aanzetten tot onmatige deelneming aan kansspelen als bedoeld in artikel 2, eerste lid, Besluit werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen verstaat de raad van bestuur in ieder geval dat de wervings- en reclameactiviteiten van een vergunninghouder:

  • a.

    consumenten overhalen tot het nemen van impulsieve beslissingen om deel te nemen aan kansspelen door middel van aanbiedingen, kortingsacties of bonussen die de kennelijke bedoeling hebben een sterk gevoel van urgentie bij de consument te creëren;

  • b.

    kansspelen aanprijzen als oplossing voor financiële of persoonlijke problemen;

  • c.

    gokken als leefstijl promoten; of

  • d.

    de gevolgen van onmatige deelneming bagatelliseren.

Artikel

2.4

Misleiding

Onder misleidende wervings- en reclameactiviteiten als bedoeld in artikel 4a, derde lid, van de wet verstaat de raad van bestuur in ieder geval dat in of aan de wervings- en reclameactiviteiten van een vergunninghouder:

  • a.

    een onrealistisch of incorrect beeld van een product of dienst wordt gegeven;

  • b.

    voorwaarden worden verbonden aan de (eenmalige) gratis deelneming aan een kansspel welke voorwaarden het gratis karakter van de deelname tenietdoen;

  • c.

    geen duidelijkheid wordt geboden over de duur van de deelneming aan een kansspel of dat de gratis deelneming aan een kansspel zonder toestemming van de consument automatisch overgaat in betaalde deelneming;

  • d.

    de indruk wordt gewekt dat de consument in het algemeen overwegende invloed kan uitoefenen op de uitkomsten van een door een vergunninghouder aangeboden kansspel;

  • e.

    de indruk wordt gewekt dat de consument in het algemeen overwegende invloed heeft op zijn spelresultaat door het volgen van een training, studie, of (online) cursus;

  • f.

    de indruk wordt gewekt dat de raad van bestuur de wervings- en reclameactiviteiten, de kansspelen of de vergunninghouder heeft goedgekeurd, anders dan de neutrale vermelding dat een vergunninghouder beschikt over een vergunning op grond van de wet; of

  • g.

    de indruk wordt gewekt dat de vergunninghouder beschikt over een Europese vergunning of onder Europees toezicht valt.

Artikel

2.5

Kwetsbare groepen van personen

Artikel

2.6

Afstemming reclame op verslavingsrisico

Onder onverantwoorde wervings- en reclameactiviteiten naar aanleiding van de uitkomsten van de risicoanalyse als bedoeld in artikel 3a van het Besluit werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen door een speelcasino, speelautomatenhal of online aanbieder, verstaat de raad van bestuur in ieder geval:

  • a.

    wervings- en reclameactiviteiten met een sterk wervend karakter voor een kansspel waarvan uit de risicoanalyse naar voren is gekomen dat het kansspel een hoog risicopotentieel heeft;

  • b.

    wervings- en reclameactiviteiten die een bij de risicoanalyse geconstateerde risicofactor van het kansspel versterken;

  • c.

    wervings- en reclameactiviteiten die spelers aanzetten tot doorspelen, terwijl uit de risicoanalyse naar voren is gekomen dat het kansspel een hoog risicopotentieel heeft; of

  • d.

    wervings- en reclameactiviteiten die een kansspel presenteren als een betrekkelijk ongevaarlijk kansspel, terwijl uit de risicoanalyse naar voren is gekomen dat het kansspel een hoog risicopotentieel heeft.

Artikel

2.7

Reclame kansspelen op afstand

Bij de beoordeling of wervings- en reclameactiviteiten van een houder van een andere vergunning op grond van de wet dan tot het organiseren van kansspelen op afstand, door vorm, context of doel sterke gelijkenis vertonen met wervings- en reclameactiviteiten voor kansspelen op afstand, bij het publiek redelijkerwijs de indruk geven dat zij kansspelen op afstand aanprijzen of mede aanprijzen, of op enigerlei andere wijze direct of indirect verwijzen naar kansspelen op afstand, als bedoeld in artikel 2ab, derde lid, van het Besluit werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen, kan de raad van bestuur in ieder geval en in onderlinge samenhang betrekken:

  • a.

    het doel, de inhoud, de vormgeving, de context, het medium en de locatie van de wervings- en reclameactiviteiten;

  • b.

    het product, de dienst, de persoon en de organisatie waarmee de wervings- en reclameactiviteiten worden verricht; en

  • c.

    het oordeel van onafhankelijke externe marketingpartijen over de wervings- en reclameactiviteiten.

Artikel

2.8

Rolmodellen

Onder het voor wervings- en reclamedoeleinden gebruik maken van individuele beroepssporters, een team bestaande uit beroepssporters en andere rolmodellen, als bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, van de Regeling werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen, verstaat de raad van bestuur in ieder geval:

  • a.

    het voor wervings- en reclamedoeleinden gebruik maken van afbeeldingen, video-opnames, geluidsopnames, de namen of de aanwezigheid van de rolmodellen, of een andere associatie met het rolmodel in een wervings- en reclameactiviteit; of

  • b.

    een verwijzing op een website of mediadienst op aanvraag van een vergunninghouder naar een website of mediadienst op aanvraag van de rolmodellen of andersom.

Paragraaf

3.1

Verslavingspreventie

Artikel

3.1.1

Toepassing

Deze paragraaf heeft betrekking op het verslavingspreventiebeleid en de uitvoering daarvan door speelcasino’s, speelautomatenhallen en online aanbieders, tenzij anders is bepaald.

Artikel

3.1.2

Personen

Onder personen die werkzaam zijn bij een vergunninghouder en die zijn belast met het toelaten van personen, met het toezicht op spelers en met de uitvoering van het verslavingspreventiebeleid, als bedoeld in artikel 6, tweede lid, van het Besluit werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen, verstaat de raad van bestuur in ieder geval personen die spelers aanmelden of inschrijven, personen die speelgedrag registreren of analyseren, personen die probleemgedrag van spelers onderzoeken, personen die werkzaam zijn bij de klantendienst, personen die klachten behandelen of personen die anderszins ten behoeve van hun werkzaamheden personen toelaten, toezicht houden op spelers of het verslavingspreventiebeleid uitvoeren.

Artikel

3.1.3

Deskundigen op het gebied van verslavingszorg

Artikel

3.1.4

Ervaringsdeskundigen

Artikel

3.1.5

Organisaties met expertise op het gebied van voorkomen en behandelen van kansspelverslaving

Artikel

3.1.7

Samenwerking

Artikel

3.1.8

Aansluiting op het Nederlandse stelsel van verslavingszorg

De aansluiting op het Nederlandse stelsel van verslavingszorg, als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van het Besluit werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen, is onvoldoende geborgd indien het verslavingspreventiebeleid van de vergunninghouder of de uitvoering daarvan niet of onvoldoende aansluit bij de in Nederland aangeboden hulp of de behoeften van spelers in Nederland. Daarvan is in ieder geval sprake als de vergunninghouder:

Artikel

3.1.9

Risicoanalyse

Artikel

3.1.10

Bijzondere aandacht

Artikel

3.1.11

Rapportage

Onverminderd het bepaalde in artikel 14 van de Regeling werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen, bevat de rapportage van het door de vergunninghouder gevoerde verslavingspreventiebeleid als bedoeld in artikel 7, vierde lid, van het Besluit werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen, in ieder geval:

  • a.

    een overzicht van de risicoanalyses, waaronder in ieder geval wordt verstaan:

    • i.

      een overzicht van de kansspelen van de vergunninghouder waarvoor risicoanalyses zijn uitgevoerd;

    • ii.

      welk risicopotentiëlen aan de kansspelen van de vergunninghouder zijn toegekend;

    • iii.

      de methoden waarmee de risicofactoren en de risicopotentiëlen zijn vastgesteld; en

    • iv.

      wanneer en door wie de risicoanalyses zijn uitgevoerd;

  • b.

    adviezen van deskundigen op het gebied van verslavingszorg en ervaringsdeskundigen als bedoeld in artikel 3.1.7, die zijn opgesteld in de periode waarover wordt gerapporteerd;

  • c.

    de redenen om eventueel af te wijken van de onder b genoemde adviezen; en

  • d.

    de meest recente versie van het verslavingspreventiebeleid.

Artikel

3.1.12

Analyseren en registreren van het speelgedrag

Artikel

3.1.13

Interventies in het speelgedrag

Artikel

3.1.14

Persoonlijk onderhoud

Paragraaf

3.2

Vertegenwoordiging

Artikel

3.2.1

Toepassing

Deze paragraaf heeft betrekking op online aanbieders.

Artikel

3.2.2

Vertegenwoordigers

Paragraaf

3.3

Informatie en voorzieningen

Artikel

3.3.1

Toepassing

Deze paragraaf heeft betrekking op speelcasino’s en speelautomatenhallen.

Artikel

3.3.2

Informatie

Paragraaf

3.4

Rapportage

Artikel

3.4.1

Toepassing

Deze paragraaf heeft betrekking op houders van een vergunning die door de raad van bestuur is verleend op grond van artikel 3, eerste lid, van de wet, de houder van een vergunning tot het organiseren van de staatsloterij als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de wet, de houder van een vergunning tot het organiseren van de instantloterij als bedoeld in artikel 14a, eerste lid, van de wet, de houder van een vergunning tot het organiseren van sportweddenschappen als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de wet, de houder van een vergunning tot het organiseren van de totalisator als bedoeld in artikel 23, eerste lid, van de wet, en de houder van een vergunning tot het organiseren van de lotto als bedoeld in artikel 27a, van de wet. Deze paragraaf heeft geen betrekking op personen, werkzaam binnen de onderneming van de houder van een vergunning die door burgemeester en wethouders is verleend op grond van artikel 3, eerste lid, van de wet, personen, werkzaam binnen de onderneming van de houder van een vergunning die is verleend op grond van artikel 3, eerste lid, van de wet met een geldigheidsduur van maximaal zes maanden per jaar, en personen, werkzaam binnen de onderneming van de houder van een vergunning die is verleend op grond van Titel Ia van de wet.

Artikel

3.4.2

Rapportage

Onder een rapportage van de vergunninghouder als bedoeld in artikel 11, tweede lid, van de Regeling werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen, over de wijze waarop de kennisvereisten als bedoeld in artikel 6, derde lid, van het Besluit werving, reclame en verslavingspreventie kansspelen, zijn geborgd in zijn organisatie, verstaat de raad van bestuur in ieder geval een overzicht van welke functionarissen aan de kennisvereisten moeten voldoen en een beschrijving van hoe de vergunninghouder ervoor zorgt dat daaraan is voldaan.

Paragraaf

4

Slotbepalingen

Artikel

4.3

Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel verantwoord spelen 2024.

Deze beleidsregel zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag
De raad van bestuur van de Kansspelautoriteit, R.J.P. Jansen Voorzitter