Regeling van de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening houdende regels voor het verstrekken van specifieke uitkeringen aan gemeenten voor de realisatie van woonruimten voor aandachtsgroepen (Meerjarige regeling specifieke uitkeringen aandachtsgroepen)

Meerjarige regeling specifieke uitkeringen voor huisvesting aandachtsgroepen

De Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening,

Besluit:

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • aandachtsgroepen: dak- en thuisloze mensen, mensen met sociale of medische urgentie, statushouders, mensen die uitstromen uit een intramurale situatie, arbeidsmigranten, ontheemden uit Oekraïne in de zin van artikel 5 van Richtlijn 2001/55/EG, woonwagenbewoners en uitwonende studenten;

  • bijlage: bijlage bij deze regeling;

  • college: college van burgemeester en wethouders;

  • minister: Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening;

  • woonruimte: ruimte die ter bewoning voor verhuur wordt aangeboden tegen een prijs:

Artikel

2

Activiteiten waarvoor een uitkering kan worden verstrekt

Artikel

3

Uitkeringsplafond

Artikel

4

De aanvraag

Artikel

5

De rangschikking van de aanvragen

Artikel

6

Verplichtingen

Artikel

7

Afwijzingsgronden

Artikel

8

De verlening

Artikel

9

Bevoorschotting en uitbetaling

De minister verleent bij het besluit tot verlening van de specifieke uitkering, bedoeld in artikel 8, eerste lid, een voorschot van 100% en betaalt dat voorschot in één keer uit.

Artikel

10

Verantwoording, vaststelling, wijziging en terugvordering

Artikel

11

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel

12

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Meerjarige regeling specifieke uitkeringen voor huisvesting aandachtsgroepen.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, H.M. de Jonge

Bijlage

bij de artikelen 2, eerste lid, 3, eerste lid, en 4, eerste lid

  • 1.

    Het bedrag per woonruimte, bedoeld in artikel 2, eerste lid, bedraagt ten hoogste € 9.000 inclusief BTW-compensatie per te realiseren woonruimte.

  • 2.

    Het uitkeringsplafond, bedoeld in artikel 3, eerste lid, bedraagt € 30.000.000 voor uitwonende studenten en € 30.000.000 voor dak- en thuisloze mensen, mensen met sociale of medische urgentie, statushouders, mensen die uitstromen uit een intramurale situatie, arbeidsmigranten, ontheemden uit Oekraïne in de zin van artikel 5 van Richtlijn 2001/55/EG, en woonwagenbewoners, met dien verstande dat per gemeente in totaal ten hoogste een bedrag van € 5.000.000 wordt verstrekt.

  • 3.

    De aanvraagperiode, bedoeld in artikel 4, eerste lid, loopt van 10 juni 2025, 09:00 uur tot 19 september 2025, 17:00 uur.