Wet van 5 juni 1913, tot regeling der arbeiders-ziekteverzekering

Ziektewet

Wij WILHELMINA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.
Allen, die deze zullen zien of hooren lezen, salut! doen te weten:
Alzoo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenschelijk is aan arbeiders een geldelijke uitkeering bij ziekte te verzekeren, en bepalingen te maken omtrent de voorziening tegen ziekte van arbeiders;

Zoo is het, dat Wij, den Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Eerste

afdeling

Algemene bepalingen

§

1

Algemeen

Artikel

1

Artikel

2

Artikel

2a

Vervallen

Artikel

2b

Vervallen

§

2

De werknemer

Artikel

3

Artikel

3a

Zo nodig in afwijking van artikel 3 en de daarop berustende bepalingen:

  • a.

    wordt als werknemer beschouwd de persoon van wie de verzekering op grond van deze wet voortvloeit uit de toepassing van bepalingen van een verdrag of van een besluit van een volkenrechtelijke organisatie;

  • b.

    wordt niet als werknemer beschouwd de persoon op wie op grond van een verdrag of een besluit van een volkenrechtelijke organisatie de wetgeving van een andere mogendheid van toepassing is.

Artikel

4

Artikel

5

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld, ingevolge welke eveneens als dienstbetrekking wordt beschouwd de arbeidsverhouding van:

  • a.

    degene, die als thuiswerker arbeid verricht;

  • b.

    degene, die de onderdeel a bedoelde persoon als hulp bij het verrichten van de arbeid bijstaat;

  • c.

    degene, die als musicus of anderszins als artiest optreedt dan wel als beroep een tak van sport beoefent;

  • d.

    degene, die tegen beloning persoonlijk arbeid verricht en wiens arbeidsverhouding niet reeds ingevolge de voorgaande bepalingen als dienstbetrekking wordt beschouwd, doch hiermede maatschappelijk gelijk kan worden gesteld.

Artikel

6

Artikel

6a

Vervallen

Artikel

7

Voor de toepassing van deze wet wordt als werknemer beschouwd:

  • a.

    degene, die krachtens de verplichte verzekering op grond van de Werkloosheidswet uitkering ontvangt;

  • b.

    in door Onze Minister aan te wijzen gevallen degene die:

    • in een kalenderweek ten minste vijf arbeidsuren minder heeft dan zijn gemiddeld aantal arbeidsuren per kalenderweek of een aantal arbeidsuren heeft dat ten hoogste gelijk is aan de helft van zijn gemiddeld aantal arbeidsuren per kalenderweek als bedoeld in artikel 16, eerste lid, onderdeel a, van de Werkloosheidswet, doch aan wie geen uitkering wordt verleend op grond van enige bepaling van die wet; of

    • als gevolg van de regels gesteld in de ministeriële regeling op grond van artikel 1a, tweede lid, van de Werkloosheidswet geen arbeidsuren minder heeft als bedoeld onder 1°.

Artikel

8

Voor de toepassing van deze wet wordt mede als werknemer beschouwd:

  • a.

    degene, die krachtens de verplichte verzekering ingevolge deze wet ziekengeld ontvangt;

  • b.

    in door Onze Minister aan te wijzen gevallen degene, die wegens ziekte niet werkt, doch aan wie geen ziekengeld wordt verleend op grond van enige bepaling van deze wet;

  • c.

    degene, die wegens ziekte niet werkt, doch aan wie geen ziekengeld wordt betaald op grond van artikel 29, eerste lid, maar wel een toeslag op grond van de Toeslagenwet.

Artikel

8b

Artikel

8c

Voor de toepassing van deze wet wordt mede als werknemer beschouwd:

§

3

De werkgever

Artikel

9

Werkgever is de overheidswerkgever onderscheidenlijk de natuurlijke persoon tot wie of het lichaam tot welk een of meer natuurlijke personen in dienstbetrekking staan.

Artikel

10

Als werkgever wordt beschouwd:

  • a.

    in de gevallen, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel:

    a en b: de aanbesteder;

    c en d: degene, met wie de overeenkomst tot bemiddeling is gesloten;

    e: de vennootschap;

    f: de exploitant of mede-exploitant van het vaartuig;

    g: degene, bij wie de werkzaamheden worden verricht of de opleiding wordt genoten;

    h: de coöperatie;

    i: Onze Minister van Defensie onderscheidenlijk Onze Minister;

    j: Onze Minister van Defensie.

  • b.

    in de gevallen, bedoeld in artikel 5, onderdeel:

    a: de opdrachtgever;

    b: de thuiswerker;

    c: degene, met wie het optreden of de sportbeoefening is overeengekomen;

    d: degene, die bij de in artikel 5 bedoelde algemene maatregel van bestuur als werkgever wordt aangewezen.

  • c.

    de aangewezen inhoudingsplichtige, bedoeld in artikel 6, zesde lid, van de Wet op de loonbelasting 1964.

Artikel

11

Artikel

11a

Vervallen

Artikel

12

Onze Minister kan, in overeenstemming met Onze Minister van Financiën, in afwijking van het bepaalde in de artikelen 9 en 10 een ander dan de aldaar bedoelde personen aanwijzen als werkgever met betrekking tot:

  • a.

    degene, die krachtens overeenkomst met een ander tegen beloning geregeld zijn bemiddeling verleent tot het tot stand komen van overeenkomsten tussen daartoe door hem te bezoeken personen en een opdrachtgever van die ander;

  • b.

    degene, die een thuiswerker als hulp bij het verrichten van de arbeid bijstaat;

  • c.

    degene, die als musicus of anderszins als artiest optreedt dan wel als beroep een tak van sport beoefent.

Artikel

13

De werkgever is verplicht de werknemer gelegenheid te geven tot het uitoefenen van de hem bij of krachtens deze wet toegekende bevoegdheden en tot het nakomen van de hem bij of krachtens deze wet opgelegde verplichtingen, voor zover de uitoefening van die bevoegdheden en de nakoming van die verplichtingen niet buiten de arbeidstijd kan geschieden.

§

4

Het loon

Artikel

14

Artikel

15

Artikel

16

Artikel

17

Vervallen

Artikel

18

Vervallen

Tweede

afdeling

Van de verzekering van uitkering van ziekengeld

Artikel

19

Artikel

19aa

Artikel

19ab

Artikel

19a

Artikel

19b

Artikel

19c

Artikel

19d

Geen recht op ziekengeld heeft de verzekerde die geen werkgever heeft jegens wie hij bij ongeschiktheid tot het verrichten van arbeid wegens ziekte, zwangerschap of bevalling, recht heeft op loon als bedoeld in artikel 629 van Boek 7 van het Burgerlijk wetboek dan wel aanspraak heeft op bezoldiging op grond van artikel 76a, eerste lid, van deze wet en die recht heeft op een uitkering op grond van hoofdstuk 6 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen en ten aanzien van wie het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen een verkorte wachttijd heeft vastgesteld als bedoeld in artikel 23, zesde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.

Artikel

19e

Hoofdstuk

I

Van de verzekerden

Artikel

20

De werknemers in de zin van deze wet zijn verzekerd.

Artikel

22

Vervallen

Artikel

23

Vervallen

Artikel

24

Vervallen

Artikel

25

Vervallen

Artikel

26

Vervallen

Artikel

26a

Vervallen

Artikel

27

Vervallen

Artikel

28

Hoofdstuk

II

Van het ziekengeld

Artikel

29

Artikel

29a

Artikel

29b

Artikel

29c

Indien ten aanzien van een werknemer als bedoeld in de artikelen 29b en 90 van deze wet bij aanvang van het dienstverband wordt vastgesteld dat hij lijdt aan een ziekte of een gebrek die respectievelijk dat maakt dat hij binnen de in artikel 29b, eerste en vierde lid, van deze wet bedoelde termijn van vijf jaren na aanvang van de dienstbetrekking respectievelijk na vaststelling van het recht op uitkering een aanzienlijk verhoogd risico heeft op ernstige gezondheidsklachten, wordt die termijn van vijf jaar voor afloop daarvan verlengd, indien op dat moment de ziekte of het gebrek dan wel het verhoogde risico op ernstige gezondheidsklachten naar het oordeel van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen nog bestaat.

Artikel

29d

Artikel

29e

Dit artikel treedt niet meer in werking. Het artikel is ingetrokken door Stb. 2014/216.

Artikel

29f

Dit artikel treedt niet meer in werking. Het artikel is ingetrokken door Stb. 2014/216.

Artikel

29g

Artikel

29h

Artikel

30

Artikel

30aa

Artikel

30a

Artikel

30b

Artikel

31

Artikel

32

Vervallen

Artikel

32a

Vervallen

Artikel

33

Artikel

33a

Artikel

33b

Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze van tenuitvoerlegging van de beschikking waarbij is vastgesteld dat onverschuldigd is betaald.

Artikel

34

Artikel

35

Artikel

36

Artikel

37

Artikel

38

Artikel

38a

Artikel

38aa

Artikel

38ab

Artikel

38b

Artikel

39

Artikel

39a

Artikel

39b

Artikel

39d

Vervallen

Artikel

40

Artikel

41

Artikel

42

Artikel

44

Vervallen

Artikel

45

Artikel

45a

Artikel

45b

Vervallen

Artikel

45c

Vervallen

Artikel

45d

Vervallen

Artikel

45e

Vervallen

Artikel

45f

Vervallen

Artikel

45g

Artikel

45h

Vervallen

Artikel

45i

Indien het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de verzekerde de uitkering van ziekengeld op grond van deze wet tijdelijk of blijvend, geheel of gedeeltelijk heeft geweigerd dan wel hem een bestuurlijke boete heeft opgelegd, stelt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen het reïntegratiebedrijf dat ten behoeve van die verzekerde werkzaamheden gericht op vergroting van de mogelijkheden tot het verrichten van arbeid of op inschakeling in de arbeid verricht, van die beschikking in kennis voorzover dat noodzakelijk is voor de uitvoering van de werkzaamheden door het reïntegratiebedrijf.

Artikel

45j

Indien voor het vaststellen van het recht op ziekengeld op grond van deze wet, in het kader van een ziekmelding voor de toekenning van ziekengeld op grond van deze wet, naar het oordeel van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen een medisch onderzoek nodig is en de betrokkene niet meewerkt aan dat onderzoek, blijven eventuele uit deze wet voortvloeiende aanspraken op ziekengeld op grond van deze wet buiten beschouwing, voor zolang het recht op ziekengeld niet kan worden vastgesteld.

Artikel

46

Artikel

47

Vervallen

Artikel

47a

Artikel

48

Voor zover betreft het in ontvangst nemen van een uitkering ingevolge deze wet en het verlenen van kwijting voor de betaling daarvan, wordt een minderjarige met een meerderjarige gelijkgesteld. Indien de wettelijke vertegenwoordiger zich tegen de betaling aan de minderjarige schriftelijk verzet bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, geschiedt de uitbetaling aan de wettelijke vertegenwoordiger.

Artikel

49

De verzekerde is verplicht aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op zijn verzoek of onverwijld uit eigen beweging alle feiten en omstandigheden mee te delen, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht op of de hoogte van een door hem aangevraagde of aan hem toegekende ziekengelduitkering. Deze verplichting geldt niet indien die feiten en omstandigheden door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kunnen worden vastgesteld op grond van bij wettelijk voorschrift als authentiek aangemerkte gegevens of kunnen worden verkregen uit bij ministeriële regeling aan te wijzen administraties. Bij ministeriële regeling wordt bepaald voor welke gegevens de tweede zin van toepassing is.

Artikel

50

Artikel

51

Het Rijk is niet aansprakelijk voor het doen van uitkeringen of de verstrekking van bijdragen als bedoeld in artikel 59.

Artikel

52

Bij de vaststelling van de schadevergoeding, waarop de verzekerde naar burgerlijk recht aanspraak kan maken ter zake van zijn ongeschiktheid tot werken wegens ziekte, houdt de rechter rekening met de aanspraken, die hij krachtens deze wet heeft.

Artikel

52a

Artikel

52b

Artikel

52c

Hoofdstuk

IIA

Reïntegratie-instrumenten

Artikel

52e

Proefplaatsing

Artikel

52f

Nadere regels m.b.t. aanvraag proefplaatsing

Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de aanvraag van toestemming als bedoeld in artikel 52e.

Hoofdstuk

III

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen

Artikel

53

In de uitvoering van deze wet wordt voorzien door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.

Artikel

54

Artikel

55

Artikel

56

Vervallen

Artikel

57

Vervallen

Artikel

58

Vervallen

Artikel

59

Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald, dat in bij die maatregel aan te wijzen gevallen aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de bevoegdheid wordt verleend, te bepalen, dat aan een of meer bij hem verzekerde groepen van werknemers, met inachtneming van bij die maatregel te stellen regels, behalve het in deze wet geregelde ziekengeld andere uitkeringen worden gedaan of bijdragen worden verstrekt voor een of meer sociale fondsen.

Artikel

61

Artikel

62

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verstrekt, volgens nadere bij ministeriële regeling vast te stellen regels, uit de door dit instituut gevoerde administratie aan een daartoe door Onze Minister aangewezen onder hem ressorterende ambtenaar, gegevens omtrent het ziekteverzuim van werknemers.

Hoofdstuk

IIIA

Eigenrisicodragen door de werkgever

Artikel

63

Vervallen

Artikel

63a

Artikel

63b

Artikel

63c

Artikel

63d

Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt de ongeschiktheid tot werken geacht niet te zijn onderbroken, indien de tijdvakken van ongeschiktheid tot werken elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen of indien zij direct voorafgaan aan en aansluiten op een periode waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond van artikel 3:7, eerste lid, 3:8 of 3:10, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg wordt genoten, tenzij de ongeschiktheid redelijkerwijs niet geacht kan worden voort te vloeien uit dezelfde oorzaak.

Hoofdstuk

IIIb

Verhaal ziekengeld aan AOW-gerechtigde werknemer

Artikel

63e

Artikel

63f

Hoofdstuk

IV

De vrijwillige verzekering

Artikel

64

Artikel

65

Artikel

66

Artikel

67

Vervallen

Artikel

67a

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen beëindigt de vrijwillige verzekering:

  • a.

    op verzoek van de vrijwillig verzekerde met ingang van een door hem te bepalen datum;

  • b.

    met ingang van de dag, waarop de termijn van vijf jaar, bedoeld in artikel 64, tweede lid, onderdeel a, is verstreken;

  • c.

    met ingang van de dag, waarop de werkzaamheden bedoeld in artikel 64, tweede lid, worden beëindigd en de vrijwillige verzekerde niet langer geacht kan worden inkomsten te verkrijgen wegens eindiging van die werkzaamheden dan wel inkomsten te derven in geval van ziekte

  • d.

    met ingang van de dag, waarop de vrijwillig verzekerde verplicht verzekerd wordt ingevolge deze wet;

  • e.

    indien de verschuldigde premie over een periode van twee volle kalendermaanden niet, niet volledig of niet tijdig wordt betaald; of

  • f.

    indien niet langer wordt voldaan aan andere vereisten voor toelating tot de vrijwillige verzekering, bedoeld in artikel 64, tweede lid.

Artikel

68

Artikel

69

Artikel

70

Artikel

71

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt nadere regels met betrekking tot de vrijwillige verzekering. Deze regels bevatten in ieder geval bepalingen met betrekking tot:

  • a.

    de toelating tot de vrijwillige verzekering;

  • b.

    het einde van de vrijwillige verzekering; en

  • c.

    het dagloon, bedoeld in artikel 68, eerste lid.

Artikel

72

Met betrekking tot het bepaalde bij of krachtens dit hoofdstuk zijn, met inachtneming van de wijzigingen, welke de aard van het onderwerp vordert, de overige bepalingen van deze wet en de ter uitvoering van die bepalingen genomen besluiten, voor zoveel nodig, van overeenkomstige toepassing, voor zover daarvan in het bij of krachtens dit hoofdstuk bepaalde niet is afgeweken.

Derde

afdeling

Bepalingen in verband met de Algemene wet bestuursrecht en het beroep in cassatie

§

1

Algemeen

Artikel

72b

Vervallen

Artikel

72c

Artikel

72d

Vervallen

Artikel

73

Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de behandeling van bezwaarschriften tegen besluiten, waaraan een medische beoordeling ten grondslag ligt.

Artikel

73a

§

2

Medische besluiten

Artikel

75

Voor de toepassing van deze paragraaf wordt verstaan onder:

  • a.

    medische beschikking: een beschikking waaraan een beoordeling van medische gegevens ten grondslag ligt;

  • b.

    werknemer: de persoon op wiens medische gegevens de beoordeling betrekking heeft;

  • c.

    werkgever: de belanghebbende bij een medische beschikking, die niet de werknemer is.

Artikel

75a

Artikel

75b

Artikel

75c

Artikel

75d

Bij de bekendmaking van een medische beschikking wordt gewezen op de artikelen 75a, 75b, 75c en 75e.

Artikel

75f

Artikel

75g

Artikel 75f is van overeenkomstige toepassing bij de behandeling van het hoger beroep en bij de behandeling van een verzoek om een voorlopige voorziening.

§

3

Geschillen van geneeskundige aard

Artikel

75j

Deze paragraaf is van toepassing op geschillen van geneeskundige aard over het al dan niet bestaan of voortbestaan van ongeschiktheid tot werken.

Artikel

75l

§

4

Beroep in cassatie

Artikel

75m

Vierde

afdeling

Aanspraak op bezoldiging en reïntegratieverplichtingen overheidspersoneel

Artikel

76

Deze afdeling is van toepassing op personen die:

  • a.

    anders dan op grond van een arbeidsovereenkomst in dienst zijn van staat, provincie, gemeente, waterschap of enig ander publiekrechtelijk lichaam; en

  • b.

    op grond van de Kaderwet dienstplicht de militaire dienst vervullen dan wel die op grond van de Wet gewetensbezwaren militaire dienst zijn verplicht tot het verrichten van vervangende dienst.

Artikel

76a

Artikel

76b

Artikel

76c

De aanspraak, bedoeld in artikel 76a, eerste lid, wordt verminderd met:

  • a.

    het bedrag van de vergoeding of uitkering welke betrokkene ontvangt krachtens een wettelijk voorgeschreven verzekering;

  • b.

    het bedrag van bezoldiging of het loon, door betrokkene in of buiten dienstbetrekking genoten voor werkzaamheden die hij heeft verricht gedurende de tijd dat hij zijn dienst had kunnen verrichten of zijn ambt had kunnen vervullen, zo hij daartoe wegens ziekte niet verhinderd was geweest.

Artikel

76d

Indien betrokkene voor de aanvang van zijn dienstbetrekking of ambtsvervulling een overeenkomst had gesloten tot verzekering van de geldelijke gevolgen van verhindering tot werken wegens ziekte, mag hij die overeenkomst voorzover hij daaraan rechten kan ontlenen die gelijkwaardig zijn aan die welke voor hem uit deze afdeling voortvloeien, voor het vervolg, echter niet eerder dan met ingang van de aanvang van de dienstbetrekking of ambtvervulling opzeggen. De door betrokkene vooruitbetaalde premie wordt door de verzekeraar naar gelang van het opgezegde gedeelte van de overeenkomst terugbetaald, onder aftrek van ten hoogste 25% van het terug te betalen bedrag voor administratiekosten.

Artikel

76e

Vijfde

afdeling

Straf-, overgangs- en slotbepalingen

Hoofdstuk

I

Strafbepalingen

Artikel

78

Vervallen

Artikel

79

Vervallen

Artikel

80

Vervallen

Artikel

81

Vervallen

Artikel

82

Vervallen

Artikel

83

De bij of krachtens deze wet strafbaar gestelde feiten zijn overtredingen.

Artikel

84

Vervallen

Hoofdstuk

II

Overgangs- en slotbepalingen

Artikel

85

De termijnen van het ziekengeld, welke niet zijn ingevorderd binnen twee jaren na de dag der betaalbaarstelling, worden niet meer uitbetaald.

Artikel

86

Vervallen

Artikel

86a

Ten aanzien van de verzekerde wiens eerste dag van ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte is gelegen voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel IX, onderdelen A en B, van de Wet wijziging WW-stelsel, blijven de artikelen 29, tweede lid, onderdeel d, en 36, eerste lid, van toepassing zoals deze luidden op of voor dat tijdstip, en blijft artikel 29, twaalfde lid, buiten toepassing.

Artikel

86b

De artikelen 19a, derde lid, 19b, tweede lid, 33, eerste lid, 44 en 47a, tweede lid, onderdeel c, zoals die luidden op de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Wet harmonisatie en vereenvoudiging socialezekerheidswetgeving, blijven van toepassing op de persoon wiens eerste werkdag waarop door hem wegens ziekte niet is gewerkt of het werken tijdens de werktijd is gestaakt, is gelegen voor of op die dag.

Artikel

86c

Vervallen

Artikel

87a

Artikel

87b

Vervallen

Artikel

87c

Artikel

88

Artikel

90

Artikel

91

Artikel 29b, zoals dat luidde op de dag voor de inwerkingtreding van artikel 1.4, onderdeel G, van de Wet Invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, blijft van toepassing op de werknemer die op of voor die dag recht had op ziekengeld op grond van dat artikel. Het ziekengeld, bedoeld in de eerste volzin, wordt niet betaald na de periode waarover de werknemer op grond van artikel 29b, zoals dat luidde op de dag voor de inwerkingtreding van artikel 1.4, onderdeel G, van de Wet Invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, recht had.

Artikel

91a

Overgangsrecht no risk polis i.v.m. gewijzigd loonsanctiesysteem

Vervallen

Artikel

93

Artikel

94

In gedingen aangevangen voor het van toepassing worden van artikel 52a, derde lid, bepaalt de rechter op verzoek van een van de partijen of ambtshalve een termijn waarbinnen partijen de gelegenheid wordt geboden hun stellingen en conclusies voor zover nodig aan te passen aan artikel 52a, derde lid. Stelt de rechter partijen tot een zodanige aanpassing in de gelegenheid, dan staat tegen die beslissing geen rechtsmiddel open; wijst de rechter een daartoe strekkend verzoek af, dan staat een rechtsmiddel daartegen slechts gelijktijdig met de einduitspraak open.

Artikel

95

Vervallen

Artikel

96

Vervallen

Artikel

97

Ten aanzien van verzekerden die aanspraak maken op ziekengeld op grond van artikel 29, tweede lid, onderdeel e, f of g, wier eerste dag van ongeschiktheid tot het verrichten van hun arbeid wegens ziekte is gelegen voor de dag van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel C, onder 2, van de Wet wijziging verrekening inkomsten met ziekengeld en de werkgevers van die verzekerden is artikel 38, vierde lid, zoals dat luidde op de dag voor inwerkingtreding van artikel II, onderdeel C, onder 2, van de Wet wijziging verrekening inkomsten met ziekengeld, van toepassing.

Artikel

98

Vervallen

Artikel

99

Vervallen

Artikel

100

Artikel

102

Artikel

104

Artikel

105

Artikel

108

Deze wet wordt aangehaald als: Ziektewet.

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven op het Loo
WILHELMINA.
De Minister van Landbouw, Nijverheid en Handel, A. S. TALMA.
De Minister van Justitie ad interim, HEEMSKERK.