Wet van 18 februari 1966, inzake een arbeidsongeschiktheidsverzekering

Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering

Wij JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is regelen vast te stellen inzake een verplichte verzekering van loontrekkenden tegen geldelijke gevolgen van langdurige arbeidsongeschiktheid;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Hoofdstuk

I

Algemene bepalingen

§

1

Algemeen

Artikel

1

Artikel

2

Artikel

2a

Vervallen

Artikel

2b

Vervallen

§

2

De werknemer

Artikel

3

Artikel

3a

Zo nodig in afwijking van artikel 3 en de daarop berustende bepalingen:

  • a.

    wordt als werknemer beschouwd de persoon van wie de verzekering op grond van deze wet voortvloeit uit de toepassing van bepalingen van een verdrag of van een besluit van een volkenrechtelijke organisatie;

  • b.

    wordt niet als werknemer beschouwd de persoon op wie op grond van een verdrag of een besluit van een volkenrechtelijke organisatie de wetgeving van een andere mogendheid van toepassing is.

Artikel

4

Artikel

5

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regelen worden gesteld, ingevolge welke eveneens als dienstbetrekking wordt beschouwd de arbeidsverhouding van:

  • a.

    degene, die als thuiswerker arbeid verricht;

  • b.

    degene, die de onder a bedoelde persoon als hulp bij het verrichten van de arbeid bijstaat;

  • c.

    degene, die als musicus of anderszins als artiest optreedt dan wel als beroep een tak van sport beoefent;

  • d.

    degene, die tegen beloning persoonlijk arbeid verricht en wiens arbeidsverhouding niet reeds ingevolge de voorgaande bepalingen als dienstbetrekking wordt beschouwd, doch hiermede maatschappelijk gelijk kan worden gesteld.

Artikel

6

Artikel

6a

Vervallen

Artikel

7

Voor de toepassing van deze wet wordt als werknemer beschouwd:

  • a.

    degene, die krachtens de verplichte verzekering op grond van de Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) uitkering ontvangt;

  • b.

    in door Onze Minister aan te wijzen gevallen degene, die ten minste vijf of ten minste de helft van zijn arbeidsuren per kalenderweek heeft verloren als bedoeld in artikel 16, eerste lid, onderdeel a, van de Werkloosheidswet, doch aan wie geen uitkering wordt verleend op grond van enige bepaling van die wet of van het uitkeringsreglement werkloosheidsverzekeringen van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of van een regeling als bedoeld in onderdeel c;

  • c.

    degene, die wegens werkloosheid niet werkt en die ingevolge een door Onze Minister aan te wijzen, van overheidswege getroffen regeling uitkering ontvangt.

Artikel

7a

Voor de toepassing van deze wet wordt mede als werknemer beschouwd:

  • a.

    degene, die krachtens de verplichte verzekering ingevolge de Ziektewet ziekengeld ontvangt;

  • b.

    in door Onze Minister aan te wijzen gevallen degene, die wegens arbeidsongeschiktheid niet werkt, doch aan wie geen ziekengeld wordt verleend op grond van enige bepaling van de Ziektewet;

  • c.

    degene, die wegens arbeidsongeschiktheid niet werkt, doch aan wie geen ziekengeld wordt betaald op grond van artikel 29, eerste lid, van de Ziektewet maar wel een toeslag op grond van de Toeslagenwet.

Artikel

7b

Artikel

7c

Voor de toepassing van deze wet wordt mede als werknemer beschouwd:

§

3

De werkgever

Artikel

8

Werkgever is de overheidswerkgever onderscheidenlijk de natuurlijke persoon tot wie of het lichaam tot welk een of meer natuurlijke personen in dienstbetrekking staan.

Artikel

9

Als werkgever wordt beschouwd:

  • 1°.

    in de gevallen, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder:

    a en b: de aanbesteder;

    c en d: degene, met wie de overeenkomst tot bemiddeling is gesloten;

    e: vervallen;

    f: de exploitant of mede-exploitant van het vaartuig;

    g: vervallen;

    h: de coöperatie;

  • 2°.

    in de gevallen, bedoeld in artikel 5, onder:

    a: de opdrachtgever;

    b: de thuiswerker;

    c: degene, met wie het optreden of de sportbeoefening is overeengekomen;

    d: degene, die bij de in artikel 5 bedoelde algemene maatregel van bestuur als werkgever wordt aangewezen;

  • 3°.

    de aangewezen inhoudingsplichtige, bedoeld in artikel 6, zesde lid, van de Wet op de loonbelasting 1964.

Artikel

10

Artikel

11

Onze Minister kan, in overeenstemming met Onze Minister van Financiën, in afwijking van het bepaalde in de artikelen 8 en 9 een ander dan de aldaar bedoelde personen aanwijzen als werkgever met betrekking tot:

  • a.

    degene, die krachtens overeenkomst met een ander tegen beloning geregeld zijn bemiddeling verleent tot het tot stand komen van overeenkomsten tussen daartoe door hem te bezoeken personen en een opdrachtgever van die ander;

  • b.

    degene, die een thuiswerker als hulp bij het verrichten van de arbeid bijstaat;

  • c.

    degene, die als musicus of anderszins als artiest optreedt dan wel als beroep een tak van sport beoefent.

Artikel

12

De werkgever is verplicht de verzekerde gelegenheid te geven tot het uitoefenen van de hem bij of krachtens deze wet toegekende bevoegdheden en tot het nakomen van de hem bij of krachtens deze wet opgelegde verplichtingen, voor zover de uitoefening van die bevoegdheden en de nakoming van die verplichtingen niet buiten de arbeidstijd kan geschieden.

§

4

Het loon

Artikel

13

Artikel

14

Artikel

15

§

5

Kring der verzekerden

Artikel

16

Artikel

17

Hoofdstuk

II

De verstrekkingen der verzekering

§

1

Het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering

Artikel

18

Artikel

19

Artikel

19aa

De verzekerde, bedoeld in artikel 19, heeft geen recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering, indien hij op de dag waarop het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering zou ingaan reeds recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft.

Artikel

19a

Artikel

19b

De verzekerde, bedoeld in artikel 19, heeft geen recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering indien en voor zolang hij zich onttrekt aan de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel.

Artikel

20

Artikel

21

Artikel

21a

De duur van de loondervingsuitkering is voor degene, die op de datum met ingang waarvan hem een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend:

58 jaar of ouder is zes jaar;

53 jaar of ouder is drie jaar;

48 jaar of ouder is twee jaar;

43 jaar of ouder is anderhalf jaar;

38 jaar of ouder is één jaar;

33 jaar of ouder is een half jaar, en

jonger is dan 33 jaar nihil.

Artikel

21b

Artikel

22

Een arbeidsongeschiktheidsuitkering, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van 80% of meer, wordt, indien de betrokkene in een althans voorlopig blijvende toestand van hulpbehoevendheid, welke geregeld oppassing en verzorging nodig maakt, verkeert, voor de duur van die hulpbehoevendheid tot ten hoogste 100/108 maal zijn dagloon of zijn vervolgdagloon verhoogd. Het bepaalde in de vorige volzin vindt geen toepassing, indien de betrokkene in een inrichting is opgenomen en de kosten van verblijf ten laste van een zorgverzekering of een verzekering inzake ziektekosten komen.

Artikel

23

Artikel

24

Artikel

25

Artikel

26

Opgeroepenen en, indien hun toestand geleide nodig maakt, mede hun geleiders, worden reiskosten, verblijfkosten en tijdverlies vergoed in de gevallen en volgens regels, door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen vast te stellen.

Artikel

27

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen is bevoegd controlevoorschriften vast te stellen. Deze voorschriften mogen niet verder gaan dan strikt noodzakelijk is voor een juiste uitvoering van deze wet.

Artikel

28

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen handelt overeenkomstig het bepaalde in artikel 25:

  • a.

    indien de belanghebbende de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of de door hem daartoe aangewezen deskundige krachtens artikel 24 in het belang van een behandeling of genezing of tot behoud, herstel of bevordering van de mogelijkheid tot het verrichten van arbeid en tot registratie als werkzoekende bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen gegeven voorschriften zonder deugdelijke grond niet opvolgt;

  • b.

    indien de belanghebbende zich niet, zolang als het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of de door hem daartoe aangewezen deskundige te kennen heeft gegeven dit noodzakelijk te achten, onder geneeskundige behandeling stelt of indien hij de voorschriften van de behandelende arts niet opvolgt;

  • c.

    indien de belanghebbende zich schuldig maakt aan gedragingen, waardoor zijn genezing wordt belemmerd of nalaat voldoende mede te werken om aanpassing aan zijn ziekte of gebrek te verkrijgen;

  • d.

    indien de belanghebbende de controlevoorschriften, bedoeld in artikel 27, of de verplichting bedoeld in artikel 55, tweede lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, niet of niet behoorlijk is nagekomen dan wel de verplichting bedoeld in artikel 80 niet binnen de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen daarvoor vastgestelde termijn is nagekomen;

  • e.

    indien de belanghebbende zijn arbeidsongeschiktheid opzettelijk heeft veroorzaakt;

  • f.

    indien belanghebbende zich niet houdt aan de voorschriften, bedoeld in artikel 34, derde lid, artikel 34a, eerste lid, of artikel 34a, vierde lid;

  • g.

    indien de belanghebbende zonder redelijke gronden niet meewerkt aan een scholing of opleiding die door zijn werkgever of het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen uit hoofde van de uitoefening van hun taak op grond van artikel 658a, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek respectievelijk artikel 30, eerste lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen wenselijk wordt geacht voor zijn inschakeling in de arbeid;

  • h.

    indien de belanghebbende zonder deugdelijke grond weigert of heeft geweigerd mee te werken aan door zijn werkgever of door een door die werkgever aangewezen deskundige gegeven redelijke voorschriften of getroffen maatregelen die erop gericht zijn om de belanghebbende in staat te stellen passende arbeid te verrichten dan wel indien bij de behandeling van de aanvraag, bedoeld in artikel 34, derde lid, en bij de beoordeling als bedoeld in artikel 34a, eerste lid, blijkt dat de belanghebbende zonder deugdelijke grond onvoldoende reïntegratie-inspanningen heeft verricht. Voor de toepassing van dit onderdeel wordt onder werkgever mede verstaan de eigenrisicodrager, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel h, van de Ziektewet;

  • i.

    indien de belanghebbende zonder redelijke gronden niet meewerkt aan het opstellen van de re-integratievisie, bedoeld in artikel 30a, vierde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, of het re-integratieplan, bedoeld in artikel 30a, zesde lid, van die wet;

  • j.

    indien de belanghebbende de verplichtingen die zijn opgenomen in de reïntegratievisie, bedoeld in artikel 30a, vierde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, of in het reïntegratieplan, bedoeld in artikel 30a, zesde lid, van die wet, niet of niet behoorlijk is nagekomen;

  • k.

    indien de belanghebbende die bij deelname aan een reïntegratietraject zijn reïntegratieverplichtingen niet naleeft, de reden daarvan niet onmiddellijk aan het reïntegratiebedrijf heeft medegedeeld;

  • l.

    indien de belanghebbende zich niet onthoudt van zeer ernstige misdragingen jegens de met de uitvoering van deze wet belaste personen en instanties tijdens het verrichten van hun werkzaamheden.

Artikel

29

Artikel

29a

Artikel

29b

Vervallen

Artikel

29c

Vervallen

Artikel

29d

Vervallen

Artikel

29e

Vervallen

Artikel

29f

Vervallen

Artikel

29g

Artikel

29h

Vervallen

Artikel

29i

Indien het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de verzekerde de uitkering op grond van deze wet tijdelijk of blijvend, geheel of gedeeltelijk heeft geweigerd dan wel hem een bestuurlijke boete heeft opgelegd, stelt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen het reïntegratiebedrijf dat ten behoeve van die verzekerde werkzaamheden gericht op vergroting van de mogelijkheden tot het verrichten van arbeid of op inschakeling in arbeid verricht, van die beschikking in kennis voorzover dat noodzakelijk is voor de uitvoering van de werkzaamheden door het reïntegratiebedrijf.

Artikel

30

Artikel

30a

Indien voor het vaststellen van het recht op uitkering op grond van deze wet, in het kader van een aanvraag voor de toekenning van een uitkering op grond van deze wet, naar het oordeel van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen een medisch onderzoek nodig is en de betrokkene niet meewerkt aan dat onderzoek, blijven eventuele uit deze wet voortvloeiende aanspraken op een uitkering op grond van deze wet buiten aanmerking, voor zolang het recht op uitkering niet kan worden vastgesteld.

Artikel

31

Zolang het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen ingevolge de artikelen 25, 28, 30, en 30a arbeidsongeschiktheid buiten aanmerking laat, vindt artikel 18, tweede lid, overeenkomstige toepassing met betrekking tot de door de betrokkene aan deze wet nog te ontlenen aanspraken, met dien verstande, dat voor de aanvang van de verzekering in de plaats treedt het tijdstip, met ingang waarvan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen arbeidsongeschiktheid buiten aanmerking laat.

Artikel

32

Vervallen

§

2

Toekenning, ingang, herziening, intrekking, heropening en betaling van de arbeidsongeschiktheidsuitkering

Artikel

34

Artikel

34a

Artikel

35

Artikel

36

Artikel

36a

Artikel

36b

Artikel

37

Artikel

38

Artikel

39

Artikel

39a

Artikel

39b

Indien als gevolg van de toeneming van de arbeidsongeschiktheid zowel recht op herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering bestaat of is ontstaan op grond van de artikelen 37, 38, 39, 39a en 39c, als op ziekengeld op grond van de Ziektewet, wordt het bedrag waarmee de arbeidsongeschiktheidsuitkering is of wordt verhoogd uitbetaald voor zover dit het ziekengeld overtreft, danwel zou overtreffen, indien het ziekengeld op grond van artikel 45 van de Ziektewet geheel of gedeeltelijk is geweigerd.

Artikel

39c

Artikel

40

Artikel

41

Artikel

42

Artikel

43

Artikel

43a

Artikel

43b

Artikel

43c

In de gevallen waarin artikel 43a toepassing vindt wordt het aan de toe te kennen arbeidsongeschiktheidsuitkering ten grondslag te leggen dagloon niet lager gesteld dan het dagloon dat voor de berekening van de laatstelijk ontvangen loondervingsuitkering in aanmerking werd genomen, dan wel het dagloon dat in aanmerking zou zijn genomen indien na het einde van de in artikel 19, bedoelde wachttijd recht zou hebben bestaan op een loondervingsuitkering, zoals dat sinds de beëindiging van de uitkering onderscheidenlijk sinds het einde van die wachttijd op grond van artikel 15 zou zijn herzien.

Artikel

43d

De arbeidsongeschiktheidsuitkering, onderscheidenlijk de verhoging van de arbeidsongeschiktheidsuitkering in geval van herziening van die uitkering op grond van de artikelen 37, 38, 3939a en 39c, wordt niet uitbetaald gedurende het verlengde tijdvak waarin recht bestaat op ziekengeld op grond van artikel 29, tiende lid, van de Ziektewet, op loon op grond van artikel 629 lid 11, onderdeel d, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, dan wel op bezoldiging op grond van artikel 76a, zesde lid, van de Ziektewet.

Artikel

44

Artikel

44a

Vervallen

Artikel

45

Vervallen

Artikel

46

Vervallen

Artikel

46a

Vervallen

Artikel

47

Artikel

47a

Artikel

47b

Artikel

47c

Artikel

47d

Artikel

48

Artikel

49

Artikel

50

Artikel

50a

Artikel

51

Voor zover betreft het in ontvangst nemen van een uitkering ingevolge deze wet en het verlenen van kwijting voor de betaling daarvan, wordt een minderjarige met een meerderjarige gelijkgesteld. Indien de wettelijke vertegenwoordiger zich tegen de betaling aan de minderjarige schriftelijk verzet bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen geschiedt de uitbetaling aan de wettelijke vertegenwoordiger.

Artikel

52

Artikel

53

Artikel

54

Artikel

55

Vervallen

Artikel

56

De termijnen van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, welke niet zijn ingevorderd binnen twee jaren na de dag der betaalbaarstelling, worden niet meer uitbetaald.

Artikel

57

Artikel

57a

Artikel

57b

Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze van tenuitvoerlegging van de beschikking waarbij is vastgesteld dat onverschuldigd is betaald.

Artikel

58

§

2a

Vakantie-uitkering

Artikel

59a

Degene, die recht heeft op arbeidsongeschiktheidsuitkering, heeft recht op een vakantie-uitkering.

Artikel

59b

Artikel

59c

Onze Minister kan nadere regelen stellen ter berekening van de vakantie-uitkering van degene, wiens arbeidsongeschiktheidsuitkering met toepassing van het bepaalde krachtens artikel 65 niet of niet ten volle wordt uitbetaald en die naast de uitkering ingevolge de wetgeving van een andere Mogendheid eveneens recht heeft op een vakantie-uitkering ingevolge die wetgeving.

Artikel

59d

Het bepaalde bij of krachtens de artikelen 50, 53, 54, 56, 57 en 80 vindt overeenkomstige toepassing ten aanzien van de vakantie-uitkering voor zover bij of krachtens deze paragraaf niet anders is bepaald.

Artikel

59e

Onze Minister kan met betrekking tot het bepaalde in deze paragraaf nadere regelen stellen.

Hoofdstuk

IIA

Garantieregeling voor oudere arbeidsongeschikten, samenloop, verstrekkingen die onvervreemdbaar zijn en verstrekkingen die niet vatbaar zijn voor beslag

Artikel

60

Vervallen

Artikel

61

Indien een persoon die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering en op of na de dag waarop hij de leeftijd van 45 jaar heeft bereikt inkomen gaat verdienen in verband waarmee zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt beëindigd, binnen vijf jaar na de datum van die beëindiging opnieuw recht heeft op toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering, wordt het aan die uitkering ten grondslag te leggen dagloon niet lager gesteld dan het dagloon of vervolgdagloon dat voor de berekening van de laatstelijk ontvangen loondervingsuitkering of vervolguitkering in aanmerking werd genomen, zoals dat vanaf de beëindiging tot aan de datum van de in dit artikel bedoelde toekenning op grond van artikel 15 van deze wet, al dan niet in verbinding met artikel 14 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, zou zijn herzien indien de arbeidsongeschiktheidsuitkering niet was beëindigd.

Artikel 62

Vervallen

Artikel

63

Vervallen

Artikel

64

Vervallen

Artikel

65

Artikel

65a

Artikel

65b

Niet vatbaar voor beslag zijn:

Hoofdstuk

IIB

Reïntegratie-instrumenten

Artikel

65c

Artikel

65d

Artikel

65e

Vervallen

Artikel

65f

De verzekerde die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, heeft recht op ondersteuning bij arbeidsinschakeling en, met inachtneming van de daarvoor geldende wettelijke bepalingen, op de naar het oordeel van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen noodzakelijk geachte voorziening gericht op arbeidsinschakeling.

Artikel

65g

Artikel

65h

Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de aanvraag van loonsuppletie, bedoeld in artikel 65c, van inkomenssuppletie, bedoeld in artikel 65d, de termijn waarbinnen die aanvraag wordt ingediend, alsmede omtrent de rechtsgevolgen die aan overschrijding van die termijn zijn verbonden, en met betrekking tot de aanvraag en van toestemming als bedoeld in artikel 65g.

Artikel

65i

Vervallen

Artikel

65j

Vervallen

Artikel

65k

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan de verzekerde, die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, en voor wie de kans op inschakeling in het arbeidsproces gering is en die daardoor vooralsnog niet bemiddelbaar is op de arbeidsmarkt, onbeloonde additionele werkzaamheden laten verrichten gedurende maximaal twee jaar. Artikel 10a, tweede tot en met tiende lid, van de Participatiewet is van overeenkomstige toepassing.

Hoofdstuk

IIC

Tegemoetkoming arbeidsongeschikten

Artikel

65l

Hoofdstuk

III

De uitvoering der verzekering

§

1

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen

Artikel

66

De verzekerde is verzekerd bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.

Artikel

67

Voor de toepassing van deze wet gelden aaneensluitende verzekeringen bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen als één verzekering.

Artikel

68

Vervallen

Artikel

69

Vervallen

Artikel

70

Vervallen

Artikel

71

Vervallen

Artikel

71a

Artikel

71b

§

2

Arbeidsongeschiktheidsfonds en arbeidsongeschiktheidskas

Artikel

72

Vervallen

Artikel

72a

Vervallen

Artikel

73

Vervallen

Artikel 73a

Vervallen

Artikel 74

Vervallen

Hoofdstuk

IIIA

Eigen risico dragen door de werkgever

Artikel

75

Vervallen

Artikel

75a

Vervallen

Artikel

75b

Vervallen

Artikel

75c

Vervallen

Artikel

75d

Vervallen

Artikel

75e

Vervallen

Artikel

75f

Vervallen

Artikel

75g

Vervallen

Artikel

75h

Vervallen

Hoofdstuk

IV

Financiering

§

1

Middelen tot dekking van de uitgaven

Artikel

76

Vervallen

Artikel

76a

Vervallen

Artikel

76b

Vervallen

Artikel

76c

Vervallen

Artikel

76d

Vervallen

Artikel

76e

Vervallen

Artikel

76f

Vervallen

Artikel

76g

Vervallen

§

2

De basispremie

Artikel

77

Vervallen

Artikel

77a

Vervallen

Artikel

77b

Vervallen

Artikel

77c

Vervallen

Artikel

77d

Vervallen

Artikel

77e

Vervallen

§

3

De gedifferentieerde premie

Artikel

78

Vervallen

Artikel

78a

Vervallen

Artikel

79

Vervallen

§

4

Premiekorting

Artikel

79a

Vervallen

Artikel

79b

Vervallen

Hoofdstuk

V

Het verstrekken van inlichtingen

Artikel

80

Artikel

80a

Vervallen

Hoofdstuk

VI

De vrijwillige verzekering

Artikel

81

Artikel

82

Vervallen

Artikel

83

Artikel

83a

Vervallen

Artikel

83b

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen beëindigt de vrijwillige verzekering:

  • a.

    op verzoek van de vrijwillig verzekerde met ingang van een door hem te bepalen datum;

  • b.

    met ingang van de dag waarop de vrijwillig verzekerde op grond van deze wet als werknemer wordt beschouwd;

  • c.

    indien de verschuldigde premie over een periode van twee volle kalendermaanden niet, niet volledig of niet tijdig wordt betaald; of

  • d.

    indien niet langer wordt voldaan aan de vereisten, bedoeld in artikel 81.

Artikel

84

Artikel

84a

Vervallen

Artikel

85

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt nadere regels met betrekking tot de vrijwillige verzekering. Deze regels bevatten in ieder geval bepalingen met betrekking tot:

  • a.

    de toelating tot de vrijwillige verzekering;

  • b.

    het einde van de vrijwillige verzekering; en

  • c.

    het dagloon, bedoeld in artikel 84, eerste lid.

Artikel

86

Met betrekking tot het bepaalde bij of krachtens dit hoofdstuk zijn, met inachtneming van de wijzigingen, welke de aard van het onderwerp vordert, de bepalingen van de overige hoofdstukken en de ter uitvoering van die bepalingen genomen besluiten, voor zoveel nodig, van overeenkomstige toepassing, voor zover daarvan in het bij of krachtens dit hoofdstuk bepaalde niet is afgeweken.

Hoofdstuk

VII

Bepalingen in verband met de Algemene wet bestuursrecht en beroep in cassatie

§

1

Algemeen

Artikel

86b

Indien in verband met het geven van een beschikking een in het buitenland wonende persoon is opgeroepen en om die reden de beschikking niet binnen de redelijke termijn, bedoeld in artikel 4:13, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, gegeven kan worden, wordt die termijn verlengd met ten hoogste zes maanden en wordt de aanvrager van deze verlenging schriftelijk in kennis gesteld.

Artikel

87

Artikel

87a

Vervallen

Artikel

87b

Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld ten aanzien van de behandeling van bezwaarschriften tegen beschikkingen waaraan een medische of arbeidskundige beoordeling ten grondslag ligt.

Artikel

87d

Artikel

87f

Artikel

87g

Vervallen

§

2

Medische beschikkingen

Artikel

88

Voor de toepassing van deze paragraaf wordt verstaan onder:

  • a.

    medische beschikking: een beschikking waaraan een beoordeling van medische gegevens ten grondslag ligt;

  • b.

    werknemer: de persoon op wiens medische gegevens de beoordeling betrekking heeft;

  • c.

    werkgever: de belanghebbende bij een medische beschikking, die niet de werknemer is.

Artikel

88a

Artikel

88b

Artikel

88c

Artikel

88d

Bij de bekendmaking van een medische beschikking wordt gewezen op de artikelen 88a, 88b, 88c en 88e.

Artikel

88f

Artikel

88g

Artikel 88f is van overeenkomstige toepassing bij de behandeling van het hoger beroep en bij de behandeling van een verzoek om een voorlopige voorziening.

Hoofdstuk

VIII

De invloed van de verzekering op het burgerlijk recht

Artikel

89

Bij de vaststelling van de schadevergoeding, waarop de verzekerde naar burgerlijk recht aanspraak kan maken ter zake van zijn arbeidsongeschiktheid, houdt de rechter rekening met de aanspraken, die hij krachtens deze wet heeft.

Artikel

90

Artikel

91

Hoofdstuk

VIIIA

Overgangsbepalingen

Artikel

91a

Artikel

91b

Artikel

91c

Zo nodig in afwijking van de overige artikelen van dit hoofdstuk blijven de artikelen 75a, derde lid, en 76f, vijfde lid, zoals deze luidden op de dag voor inwerkingtreding van de Wet van 28 april 2005 tot wijziging van de Wet arbeid en zorg en enige andere wetten in verband met het tot stand brengen van een recht op langdurend zorgverlof en het aanbrengen van enkele verbeteringen (Stb. 274) van toepassing voor de duur van de periode waarin op grond van artikel IXa van die wet recht bestaat op een financiële tegemoetkoming op grond van hoofdstuk 7 van de Wet arbeid en zorg.

Artikel

91d

Artikel

91e

Artikel

91f

Artikel

91g

Vervallen

Artikel

91h

In gedingen aangevangen voor het van toepassing worden van artikel 90, vierde lid, bepaalt de rechter op verzoek van een van de partijen of ambtshalve een termijn waarbinnen partijen de gelegenheid wordt geboden hun stellingen en conclusies voor zover nodig aan te passen aan artikel 90, vierde lid. Stelt de rechter partijen tot een zodanige aanpassing in de gelegenheid, dan staat tegen die beslissing geen rechtsmiddel open; wijst de rechter een daartoe strekkend verzoek af, dan staat een rechtsmiddel daartegen slechts gelijktijdig met de einduitspraak open.

Artikel

91i

Artikel

91i*

Met betrekking tot de afwikkeling van zaken die verband houden met het zijn van eigenrisicodrager gelegen voor de datum van inwerkingtreding van de artikelen IV en V van de Wet harmonisatie en vereenvoudiging socialezekerheidswetgeving, blijven de artikelen 1, onderdeel f, 65i, eerste lid, 71, 87e, 90 en 91e en hoofdstuk IIIA alsmede de artikelen 40 en 122e van de Wet financiering sociale verzekeringen zoals deze artikelen en dat hoofdstuk luidden op de dag voor de inwerkingtreding van de artikelen IV en V van de Wet harmonisatie en vereenvoudiging socialezekerheidswetgeving, van toepassing.

Hoofdstuk

IX

Strafbepalingen

Artikel

92

Hij die niet voldoet aan de verplichting, omschreven in artikel 12, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van de tweede categorie.

Artikel

93

Vervallen

Artikel

94

Vervallen

Artikel

95

Vervallen

Artikel

96

Een gedraging die in strijd is met een krachtens deze wet uitgevaardigde algemene maatregel van bestuur, voor zover uitdrukkelijk als strafbaar feit in de zin van dit artikel aangeduid, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van de tweede categorie.

Artikel

97

Vervallen

Artikel

98

De in artikelen 92 en 96 bedoelde strafbare feiten zijn overtredingen.

Hoofdstuk

X

Slotbepalingen

Artikel

98a

Artikel

98c

Onze Minister kan ter bevordering van de veiligheid van de arbeid van verzekerden alsmede van de gezondheid van verzekerden bij de arbeid, regelen stellen inzake het door de werkgever vastleggen van gegevens en het verstrekken van inlichtingen door de werkgever aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en een bij die regelen aan te wijzen instelling omtrent bedrijfsongevallen en beroepsziekten.

Artikel

98d

Artikel 14 en de daarop berustende bepalingen, zoals die luidden op de dag voorafgaand aan de dag van inwerkingtreding van artikel V, onderdeel A, van de Wet administratieve lastenverlichting en vereenvoudiging in socialeverzekeringswetten, blijven van toepassing op de persoon wiens recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering is ontstaan voor de datum van inwerkingtreding van dat artikel, met betrekking tot die arbeidsongeschiktheidsuitkering. Met betrekking tot de artikelen 40, eerste lid, en 48, derde lid, is de eerste zin niet van toepassing.

Artikel

98e

Arbeidsongeschiktheidsuitkeringen die zijn toegekend voor de inwerkingtreding van de Wet wijziging systematiek herbeoordelingen arbeidsongeschiktheidswetten, dan wel daarna met toepassing van artikel 91b, worden geacht te zijn toegekend voor onbepaalde tijd.

Artikel

98f

Vervallen

Artikel

99

Hetgeen nog ter uitvoering van deze wet nodig is, wordt door Onze Minister geregeld.

Artikel

99a

Vervallen

Artikel

100

Deze wet kan worden aangehaald onder de titel "Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering".

Artikel

100a

Na de plaatsing van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering in het Staatsblad wordt de tekst van die wet, zo nodig, door de zorg van Onze Minister van Justitie, opnieuw in het Staatsblad geplaatst, waarbij vernummeringen en daarmede verband houdende wijzigingen in aanhalingen worden aangebracht.

Artikel

101

De artikelen van deze wet treden in werking met ingang van een door Ons te bepalen tijdstip, dat voor de onderscheidene artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden gesteld.

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministeriële Departementen, Autoriteiten, Colleges en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven ten Paleize Soestdijk
JULIANA.
De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, G. M. J. VELDKAMP.
De Minister van Justitie, SAMKALDEN.