Wet van 17 april 2019, houdende aanpassing van wetten in verband met de invoering van de normalisering van de rechtspositie van ambtenaren (Aanpassingswet Wnra)

Aanpassingswet Wnra

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het ter invoering van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren wenselijk is diverse wetten aan te passen;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Hoofdstuk

1

Ministerie van Algemene Zaken

Hoofdstuk

2

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Artikel

2.21

[Vervallen]

Vervallen.

Hoofdstuk

3

Ministerie van Defensie

Hoofdstuk

4

Ministerie van Financiën

Hoofdstuk

5

Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Artikel

5.2

Waterwet

Wijzigt de Waterwet.

Hoofdstuk

6

Ministerie van Justitie en Veiligheid

Artikel

6.2a

Wijzigt het Burgerlijk Wetboek.

Artikel

6.4a

Wijzigt de Penitentiaire beginselenwet.

Hoofdstuk

7

Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

Hoofdstuk

8

Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Hoofdstuk

9

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Hoofdstuk

10

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Hoofdstuk

11

Slotbepalingen

Artikel

11.1

Overgangsrecht met betrekking tot leden van zelfstandige bestuursorganen en adviescolleges

Artikel

11.1a

Artikel

11.2

Overgangsrecht veiligheidsregio’s

Artikel

11.2a

Artikel

11.3

Overgangsrecht reorganisaties

Artikel

11.4

Samenloop

Wijzigt deze wet.

Artikel

11.6

Deze wet wordt aangehaald als: Aanpassingswet Wnra.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te

’s-Gravenhage
Willem-Alexander
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, K.H. Ollongren
De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus