Beleidsregels van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, de voorzitter van het CAK, de Directeur-Generaal Dienst Uitvoering Onderwijs, de Inspecteur-Generaal Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, de Inspecteur-generaal van de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur, de Directeur-Generaal van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en de Raad van Bestuur van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen, van 1 november 2024, nr. 5846942, betreffende betalingsregelingen bij rijksincassovorderingen (Beleidsregels betalingsregelingen Rijk 2025)

Beleidsregels betalingsregelingen Rijk 2025

De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, de voorzitter van het CAK, de Directeur-Generaal Dienst Uitvoering Onderwijs, de Inspecteur-Generaal Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, de Inspecteur-generaal van de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur, de Directeur-Generaal van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en de Raad van Bestuur van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen,

Besluiten:

Paragraaf

1

Algemene bepalingen

Artikel

1:1

Begripsbepalingen

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

  • administratieve sanctie: administratieve sanctie als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften;

  • betalingsplichtige: persoon die één of meerdere vorderingen als bedoeld in artikel 1:3 moet voldoen;

  • betalingsregeling: afspraak tussen het CJIB en de betalingsplichtige tot verlening van uitstel van betaling of het toestaan van betaling in termijnen met betrekking tot één vordering als bedoeld in artikel 1:3, onder a, b of c, d, e, f of g, dan wel een combinatie van vorderingen als bedoeld in artikel 1:3;

  • CAK: CAK als bedoeld in artikel 6.1.1 van de Wet langdurige zorg;

  • CJIB: Centraal Justitieel Incassobureau, onderdeel van het Ministerie van Justitie en Veiligheid;

  • DUO: Dienst Uitvoering Onderwijs, onderdeel van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en organisatie die in opdracht van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid taken uitvoert op het terrein van inburgering;

  • NVWA: Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, onderdeel van het Ministerie van Landbouw, Visserij, en Voedselzekerheid en Natuur die in opdracht van dat ministerie en het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport toezicht houdt op het gebied van voedselveiligheid, productveiligheid, tabaks- en alcoholontmoediging, diergezondheid, dierenwelzijn, plantgezondheid en natuur;

  • RDI: Rijksinspectie Digitale Infrastructuur, onderdeel van het Ministerie van Economische Zaken, die in opdracht van dat ministerie toezicht houdt op wet- en regelgeving op het gebied van telecommunicatie;

  • RDW: Dienst Wegverkeer als bedoeld in artikel 4a, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994, die ter uitvoering van de Wet tijdelijke tolheffing Blankenburgverbinding en ViA15 mandaat, volmacht en machtiging heeft ontvangen van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat;

  • RVO: Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, onderdeel van het Ministerie van Economische Zaken;

  • UWV: Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen, genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.

Artikel

1:2

Reikwijdte

Artikel

1:3

Relevante vorderingen

Het CJIB kan betalingsregelingen treffen met betrekking tot:

Paragraaf

2

Verzoeken om betalingsregelingen

Artikel

2:1

Indiening

Artikel

2:2

Medewerking

Bij de behandeling van een verzoek om een betalingsregeling kan het CJIB van de betalingsplichtige verlangen dat hij gegevens overlegt met betrekking tot diens inkomen of vermogen ter onderbouwing van diens betalingsonmacht of diens betalingscapaciteit.

Artikel

2:3

Beoordeling

Bij de beoordeling van een verzoek om een betalingsregeling betrekt het CJIB zo veel mogelijk alle openstaande vorderingen als bedoeld in artikel 1:3. Het CJIB betrekt in de beoordeling tevens welke vorm als betalingsregeling het meest geschikt is en ten aanzien van welke vorderingen de betalingsregeling zal gelden.

Artikel

2:4

Weigeringsgronden

Artikel

2:5

Voorwaarden

Bij het toestaan van een betalingsregeling kunnen in ieder geval als voorwaarden worden gesteld dat:

  • a.

    betalingen via een machtiging tot automatische incasso worden gedaan;

  • b.

    de betalingsplichtige een bankrekeningnummer doorgeeft;

  • c.

    de betalingsplichtige een adres heeft in de Basisregistratie Personen of de Kamer van Koophandel, dan wel een ander betrouwbaar adres waarop hij kan worden bereikt;

  • d.

    de betalingsplichtige iedere wijziging in diens financiële situatie onverwijld meldt.

Artikel

2:6

Ambtshalve voorstel

Paragraaf

3

Uitvoering en naleving

Artikel

3:1

Opschorting andere innings- en incassomiddelen

De inning en incasso door middel van de inzet van andere middelen door het CJIB voor de vorderingen waarvoor de betalingsregeling is getroffen, wordt opgeschort voor de duur van die betalingsregeling.

Artikel

3:2

Duur en vorm

Artikel

3:3

Standaardregeling

Artikel

3:4

Maatwerkregeling

Artikel

3:5

Uitstel van betaling

Artikel

3:6

Voegen van andere vorderingen

In bijzondere gevallen kunnen vorderingen als bedoeld in artikel 1:3 na het tot stand komen van een betalingsregeling in die betalingsregeling worden gevoegd.

Paragraaf

4

Informeren

Artikel

4:1

Informatie bij het toestaan van de betalingsregeling

Bij het toestaan van een betalingsregeling wordt de betalingsplichtige geïnformeerd over:

  • a.

    de vorderingen die onderdeel vormen van de betalingsregeling;

  • b.

    de ingangsdatum, termijnen en termijnbedragen;

  • c.

    de voorwaarden onder welke de betalingsregeling wordt toegestaan;

  • d.

    de gevolgen indien de voorwaarden niet worden nageleefd;

  • e.

    betalingsherinneringen bij niet tijdige voldoening van termijnbedragen.

Artikel

4:2

Betalingsherinneringen

Indien de betalingsplichtige het termijnbedrag van een betalingsregeling niet binnen de gestelde termijn betaalt, stuurt het CJIB eenmalig een betalingsherinnering met het verzoek het termijnbedrag alsnog te voldoen. In de betalingsherinnering wordt aangegeven dat het CJIB binnen de eerstvolgende termijn zowel het alsdan te betalen termijnbedrag, als het bedrag dat eerder niet is betaald, moet hebben ontvangen.

Artikel

4:3

Doorverwijzing naar het CJIB

Ten aanzien van vorderingen als bedoeld in artikel 1:3 waarvan de inning of incasso dan wel beiden aan het CJIB is overgedragen verwijzen de DUO, het CAK, de NVWA, de RDI, de RVO, het UWV en de RDW de betalingsplichtige naar het CJIB voor informatie over het treffen van een betalingsregeling. Zij verwijzen eveneens naar het CJIB bij vragen dan wel klachten over betalingsregelingen die de betalingsplichtige heeft lopen bij het CJIB of over verzoeken om betalingsregelingen die zijn afgewezen door het CJIB.

Paragraaf

5

Verdeling en bestemming van betalingen

Artikel

5:1

Verdeling

Indien een betalingsregeling betrekking heeft op vorderingen van meerdere partijen als bedoeld in artikel 1:3, verdeelt het CJIB de van de betalingsplichtige ontvangen bedragen telkens over deze partijen naar evenredigheid van het totaalbedrag aan bij hen openstaande vorderingen.

Artikel

5:2

Bestemvolgorde

Artikel

5:3

Afwijken van verdeling en bestemvolgorde

Het CJIB kan bij de verdeling en bestemming van ontvangen bedragen afwijken van de artikelen 5:1 en 5:2, indien bijzondere omstandigheden daartoe aanleiding geven.

Paragraaf

6

Einde van betalingsregelingen

Artikel

6:1

Voortijdige beëindiging betalingsregeling

Artikel

6:2

Gevolg voortijdige beëindiging betalingsregeling

Indien de betalingsregeling voortijdig wordt beëindigd, wordt de betalingsplichtige in de gelegenheid gesteld om binnen 30 dagen het totaal openstaande bedrag aan vorderingen in één keer te voldoen, tenzij:

  • a.

    sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 6:1, eerste lid, onder d of e; of

  • b.

    het CJIB vaststelt dat de betalingsplichtige over zodanig vermogen beschikt dat dit redelijkerwijs geen aanleiding geeft voor het verlenen van verder uitstel.

Artikel

6:3

Van rechtswege eindigen van de betalingsregeling

De betalingsregeling eindigt van rechtswege indien alle openstaande vorderingen zijn voldaan binnen de gestelde termijn of deeltermijnen.

Paragraaf

7

Slotbepalingen

Artikel

7:2

Inwerkingtreding

Deze beleidsregels treden in werking met ingang van 1 januari 2025.

Artikel

7:3

Citeertitel

Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels betalingsregelingen Rijk 2025.

Deze beleidsregels zullen met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, I. Coenradie
De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, B. Madlener
De voorzitter van het CAK, J.H. Ouwehand
De Directeur-Generaal Dienst Uitvoering Onderwijs DUO, H.A. Harmsma
De Inspecteur-Generaal Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, G.J.C.M. Bakker
De Directeur-Generaal Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, A. Choho
De voorzitter van de Raad van Bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, M.R.P.M. Camps
De Inspecteur-generaal van de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur, A.T.A.J. van Dijk