Richtlijn voor strafvordering tarieven en feitomschrijvingen voor misdrijven, overtredingen en gedragingen als bedoeld in de wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften
Richtlijn voor strafvordering tarieven en feitomschrijvingen voor misdrijven, overtredingen en gedragingen als bedoeld in de wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften
Samenvatting
Deze richtlijn voor strafvordering bevat het transactie- en strafvorderingsbeleid van het OM inzake misdrijven, overtredingen en gedragingen als bedoeld in de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV), waarvoor feitomschrijvingen (feitcodes) zijn vastgesteld.
In deze richtlijn wordt de gefaseerde inwerkingtreding van de Wet OM-afdoening gevolgd. De OM-strafbeschikking is in de plaats getreden van de OM-transactie bij overtredingen van artikel 8 Wegenverkeerswet (WVW 1994). De OM-transactie voor de overige OM-feiten blijft vooralsnog overeind. De politiestrafbeschikking is vanaf 1 april 2010 – gefaseerd per arrondissement – in de plaats van de politietransactie getreden, waarbij wordt opgemerkt dat er vooralsnog onder meer geen politiestrafbeschikkingen worden uitgevaardigd aan militairen of minderjarigen en in geval van misdrijven of combinatie met beslag (zie voor de uitzonderingen de Aanwijzing OM-afdoening). De politietransactie (o.g.v. het Transactiebesluit 1994) vervalt op termijn geheel en wordt vervangen door de politiestrafbeschikking (op grond van het Besluit OM-afdoening). Deze richtlijn heeft betrekking op deze overgangsperiode en zal in de toekomst nogmaals worden aangepast.
Deze richtlijn omvat:
-
1.
Aanvullende aanwijzingen met betrekking tot de bijlage van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften;
-
2.
Het transactie- en strafvorderingsbeleid van het OM inzake misdrijven en overtredingen (bijlagen Transactiebesluit 1994 c.q. het Besluit OM-afdoening en de bijlage OM-feiten met tarieven), omvattende de volgende afdoeningsvormen:
-
a.
de politiestrafbeschikking
-
b.
de politietransactie
-
c.
de OM-strafbeschikking en
-
d.
de OM-transactie
-
a.
Ad 1
Veel feiten vallen onder de WAHV (de wet Mulder). In de richtlijn zijn deze feiten te herkennen aan een ‘m’ voor de feitcode. Bijvoorbeeld: m R 602, als weggebruiker niet stoppen voor rood licht bij een driekleurig verkeerslicht. Deze feiten worden vooralsnog alleen administratiefrechtelijk afgedaan (zie ook de Aanwijzing administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften).
Ad 2 onder a: de politiestrafbeschikking
De zaken ondergebracht in de bijlage van het Besluit OM-afdoening, worden via de strafbeschikking op grond van artikel 257b Sv afgedaan.
De feiten waarvoor de daartoe aangewezen opsporingsambtenaar strafbeschikkingsbevoegheid heeft, zijn te herkennen aan een ‘p’ voor de feitcode. Bijvoorbeeld: p D 530, zich in kennelijke staat van dronkenschap op de openbare weg bevinden. Het bijbehorende tarief wordt achter de omschrijving vermeld.
Er wordt geen politiestrafbeschikking uitgevaardigd, maar een politie transactie aangeboden (zie ad. 2 onder b) indien:
-
a.
de verdachte minderjarig is; of
-
b.
de verdachte militair is; of
-
c.
het feit een feitgecodeerd misdrijf is (feitcode G 100a en G100b); of
-
d.
er sprake is van een andere contra-indicatie (zie Aanwijzing OM-afdoening)
Ad 2 onder b: de politietransactie1De politietransactie wordt alleen in uitzonderingsgevallen aangeboden. De politiestrafbeschikking is het uitgangspunt.
De in de bijlage bij het Transactiebesluit 1994 vermelde zaken worden afgedaan door middel van een politietransactie (op grond van artikel 74c Sr). Deze bijlage is identiek is aan de bijlage bij het Besluit OM-afdoening, dus ook hier geldt dat de feiten waarvoor de daartoe aangewezen opsporingsambtenaar transactiebevoegdheid heeft, zijn te herkennen aan een ‘p’ voor de feitcode (bijvoorbeeld: p D 530) en dat het bijbehorende tarief achter de omschrijving wordt vermeld.
Ad 2 onder c: de OM-strafbeschikking
In een aantal gevallen zal de officier van justitie een strafbeschikking uitvaardigen. Het betreft hier vooralsnog alleen overtredingen van art. 8 WVW 1994. Daarbij geldt dat niet tevens een proces-verbaal wordt opgemaakt voor een ander feit. Het bijbehorende tarief wordt achter de omschrijving vermeld. In sommige gevallen wordt geen tarief vermeld. Dan is er een specifieke Richtlijn voor strafvordering van toepassing, dan wel kan er vanwege de specifieke omstandigheden van het geval geen tarief worden aangegeven.
De OM-strafbeschikking wordt, evenals de politiestrafbeschikking, vooralsnog niet uitgevaardigd aan minderjarigen en militairen.
Wanneer geen sprake is van een van de hierboven of in de Aanwijzing OM-afdoening benoemde contra-indicatie(s), wordt voor overtreding van dit feit een strafbeschikking uitgevaardigd. Is wel sprake van een dergelijke contra-indicatie, dan wordt getransigeerd of gedagvaard.
Ad 2 onder d: de OM-transactie2Er is in deze gevallen geen sprake van een WAHV-beschikking (ad 1), een politiestrafbeschikking (ad 2 onder a), een politietransactie (ad 2 onder b), noch een OM-transactie (ad 2 onder c).
Voor de feitgecodeerde zaken waarvoor de opsporingsambtenaar geen transactie- of strafbeschikkingsbevoegdheid heeft, de officier van justitie volgens de richtlijnen geen strafbeschikking mag uitvaardigen of voor zaken die eveneens niet zijn opgenomen in de bijlage bij de WAHV, kan de officier van justitie een (OM-)transactie aanbieden. Soms wordt, afhankelijk van de omstandigheden van het geval, meteen gedagvaard. De tarieven voor de OM-transactie of de eis ter zitting zijn in de bijlage bij deze richtlijn opgenomen. De feiten zijn te herkennen aan het symbool ‘*’ voor de feitcode. Bijvoorbeeld: * K 055, als bestuurder van een motorrijtuig rijden zonder rijbewijs voor de categorie waartoe dat motorrijtuig behoort. In sommige gevallen wordt geen tarief vermeld. Dan is er een specifieke Richtlijn voor strafvordering van toepassing, dan wel kan er vanwege de specifieke omstandigheden van het geval geen tarief worden aangegeven.
Op termijn zullen alle feiten waarvoor door de officier van justitie nog een transactie kan worden aangeboden, onder het bereik van de OM-strafbeschikking worden gebracht.
Opsporing/vervolging
1
Uitgangspunten
Om ongewenste cumulatie van sancties te voorkomen wordt per gebeurtenis tegen de verdachte/betrokkene voor ten hoogste drie overtredingen of gedragingen proces-verbaal opgemaakt, dan wel aan hem een politietransactie aangeboden, een aankondiging van strafbeschikking uitgereikt of een administratieve sanctie opgelegd.
Afdoening langs één traject is daarbij het uitgangspunt. Indien zowel de strafrechtelijke als de administratiefrechtelijke weg wordt bewandeld, moet in het proces-verbaal melding worden gemaakt van de opgelegde administratieve sanctie(s) en op de aankondiging van beschikking van het/de opgemaakte proces(sen)-verbaal.3 Ook in geval een strafbeschikking is uitgevaardigd.Van deze mogelijkheid dient slechts in uitzonderlijke gevallen gebruik te worden gemaakt.
Indien een proces-verbaal wordt opgemaakt ter zake van overtreding van artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994) is het niet toegestaan om daarnaast administratieve sancties op te leggen of transactievoorstellen te doen voor feiten die in relatie staan tot het gevaarlijke c.q. het belemmerende gedrag op de weg. Deze bepaling is opgenomen omdat in het geval dat een proces-verbaal wordt opgemaakt ter zake overtreding van artikel 5 WVW 1994 en daarnaast aan dat artikel gerelateerde administratieve sancties worden opgelegd of strafrechtelijke reacties4 Bijvoorbeeld een strafbeschikking of een transactie.volgen, de kans bestaat dat de officier van justitie niet meer kan vervolgen. Dit vloeit voort uit het in artikel 68 van het Wetboek van Strafrecht opgenomen (Sr) ne bis in idem-beginsel, dat bepaalt dat niemand andermaal kan worden vervolgd voor feiten waarover te zijnen aanzien bij gewijsde van de rechter onherroepelijk is beslist.
Het voldoen aan een transactievoorstel wordt op grond van artikel 74, eerste lid Sr gelijkgesteld met een onherroepelijke veroordeling, zodat hier het ne bis in idem-beginsel geldt.5Dit geldt uiteraard ook voor een strafbeschikking die is betaald.
Op grond van het arrest van de Hoge Raad van 23 juni 1998 (NJ 1999, 47) mag, indien voor een gedraging een administratieve sanctie is opgelegd, deze gedraging niet bij een vervolging wegens overtreding van artikel 5 WVW 1994 worden betrokken. Evenzeer is het volgens dit arrest zo, dat indien is vervolgd wegens overtreding van artikel 5 WVW 1994, niet nog eens een administratieve sanctie kan worden opgelegd voor zover deze gedraging in de vervolging was betrokken.
Als voorbeeld kan worden aangegeven het feit dat een bestuurder gevaarlijk rijgedrag vertoont (strafrechtelijk verwijt) en daarbij tevens een rood verkeerslicht negeert (Muldergedraging). Indien een beschikking wordt opgelegd voor het negeren van het rode verkeerslicht, dan zal dat feit geen onderdeel mogen uitmaken van de vervolging op grond van artikel 5 WVW 1994.
2
Tarieven
2.1
Administratief recht
2.1.1
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV)
De feiten (gedragingen) die in de bijlage van de WAHV zijn opgenomen, worden vooralsnog6Op grond van artikel 2, eerste lid WAHV kunnen ter zake van de in de bijlage van die wet omschreven gedragingen, administratieve sancties worden opgelegd. In tegenstelling tot de vorige redactie van dit artikel, wordt door de wetgever nu de mogelijkheid geopend de in de bijlage vermelde feiten in plaats van administratief, strafrechtelijk af te doen (zie Stb. 2006, 330). Door deze wijziging kunnen bijvoorbeeld recidivisten strafrechtelijk worden aangepakt. Uitgangspunt blijft echter vooralsnog, dat de feiten die in de bijlage bij de WAHV zijn opgenomen, ook volgens de WAHV worden afgedaan. In nadere beleidsregels zal op een later tijdstip worden uiteengezet voor welke feiten in welke gevallen voor de strafrechtelijke weg moet worden gekozen.via een beschikking administratiefrechtelijk afgedaan. De bij de gedragingen behorende tarieven staan vast en hiervan kan niet worden afgeweken.
Halvering tarieven minderjarigen
Op grond van artikel 2, lid 4 van de WAHV dienen de bedragen voor minderjarigen van 12 tot 16 jaar te worden gehalveerd. Deze afronding geschiedt op hele euro’s naar boven.Voor minderjarigen van 16 tot 18 jaar gelden in beginsel dezelfde tarieven als voor meerderjarigen.
2.2
Strafrecht
2.2.1
Misdrijven
Voor de feitcodes die gebaseerd zijn op misdrijven, uitgezonderd enkele op de overtreding van artikel 8 WVW 1994 betrekking hebbende feitcodes en de eenvoudige winkeldiefstal en -verduistering, is geen tarief opgenomen. Dit zijn zaken (OM-feiten), waarvoor specifieke strafvorderingsrichtlijnen zijn vastgesteld, dan wel waarvoor de specifieke omstandigheden van het geval maatwerk vereisen.
De in de kop van deze richtlijn genoemde Aanwijzing politietransactie inzake eenvoudige winkeldiefstal en -verduistering beschrijft de uitoefening van de transactiebevoegdheid door de politie en de controle hierop door het OM.
Deze richtlijn geeft bij het misdrijf eenvoudige winkeldiefstal/-verduistering (artikel 310/321 Sr), in de gevallen dat daarvoor feitcodes zijn vastgesteld, opeenvolgend:
-
–
het tarief van de politietransactie;
-
–
het tarief dat doorgaans moet worden betaald bij transactie door het OM;
-
–
de geldboete die het OM doorgaans voor de politietransigabele feiten ter terechtzitting vordert, indien geen transactie wordt aangeboden of het aangeboden transactievoorstel niet wordt betaald.7De strafmaatrichtlijn is opgenomen in BOS-polaris.
2.2.2
Overtredingen
Deze richtlijn geeft per overtreding en per categorie (bijvoorbeeld: een voetganger), opeenvolgend:
-
–
het tarief van de politietransactie/politiestrafbeschikking;
-
–
het tarief dat doorgaans moet worden betaald bij transactie door het OM;
-
–
de geldboete die het OM doorgaans ter terechtzitting vordert.
2.2.3
Afwijking van de in deze richtlijn aangegeven tarieven
Berekening van bepaalde transactie- en geldboetetarieven
Het transactievoorstel of de strafbeschikking behelst in beginsel slechts voldoening van een geldsom. De strafbeschikking in relatie tot artikel 8 WVW 1994 kan naast een (kale) geldboete ook een ontzegging van de rijbevoegdheid omvatten.8Andere straffen en/of maatregelen in combinatie met de OM-strafbeschikking zijn vooralsnog niet mogelijk. Zie verder de Aanwijzing OM-afdoening.In deze richtlijn zijn tarieven afhankelijk gesteld van de zwaarte van de overtreding. Verder zijn bijvoorbeeld voor de overtreding van de voorschriften ten aanzien van de remvertraging van motorvoertuigen tarieven vastgesteld naar de mate waarin deze voorschriften zijn overschreden. Voorts is in de bijlage met OM-feiten bij enkele overtredingen een minimumtarief vermeld. De ernst van de gepleegde overtreding kan dan tot uitdrukking worden gebracht met inachtneming van de bedoelde tarieven.
Het OM mag afwijken binnen de wettelijke strafmaxima van de tarieven van de OM-transactie, de OM-strafbeschikking en/of eis ter zitting. Dat kan zowel naar beneden als naar boven, al naar gelang de omstandigheden daartoe aanleiding geven.9In zaken waarin een strafbeschikking is uitgevaardigd, doch waarvan verdachte in verzet is gekomen, eist de officier van justitie dezelfde geldboete als initieel opgelegd. Zie tevens Aanwijzing OM-afdoening.
De feitomschrijvingen met bijhorende tarieven bij de zogeheten OM-feiten in de bijlage bij deze richtlijn, zien toe op strafbare feiten die voor afdoening via een OM-transactie of OM-strafbeschikking in aanmerking komen.
politiestrafbeschikking/politietransactie/OM-transactie/OM-strafbeschikking
Voor de feiten uit de bijlage bij het Besluit OM-afdoening c.q. het Transactiebesluit 1994 waarvoor de (buitengewoon) opsporingsambtenaar opsporingsbevoegdheid heeft, zijn de tarieven door het College van Procureurs-generaal vastgesteld. Het staat de opsporingsambtenaar derhalve niet vrij een ander transactievoorstel te doen of een ander tarief te hanteren in de aankondiging van de politiestrafbeschikking.
Cumulatie van overtredingen
Bij cumulatie van overtredingen verdient het aanbeveling bij de vaststelling van de tarieven rekening te houden met de draagkracht van de verdachte./bestrafte.
Minderjarigen
Hoewel de strafbeschikking het uitgangspunt is, wordt aan minderjarigen een transactie aangeboden. Parallel aan hetgeen in de WAHV is vastgelegd, geldt dat ten aanzien van minderjarigen van 12 tot 16 jaar de vastgestelde tarieven worden gehalveerd met een afronding op hele euro’s naar boven. Voor minderjarigen van 16 tot 18 jaar gelden in beginsel dezelfde tarieven als voor meerderjarigen. Voorts geldt dat de strafbeschikking kan (nog) niet aan een minderjarige worden uitgevaardigd.
Artikel 489, lid 1 aanhef en onder b Sv bepaalt dat bij het uitvaardigen van een strafbeschikking van meer dan € 115, aan de minderjarige verdachte een raadsman moet worden toegevoegd. Deze bepaling is gewijzigd bij inwerkingtreding van de Wet OM-afdoening, maar geldt voor transacties nog steeds zoals de bepaling luidde voor de Wet OM-afdoening.10Stb. 2008, nr. 160 artikel VIII (Wet OM-afdoening). Vooralsnog worden echter nog geen strafbeschikkingen aan minderjarigen uitgevaardigd.Om deze reden wordt – analoog aan artikel 489 lid 1, aanhef en onder b Sv – door het CJIB geen politie- of OM-transactie verzonden als het transactiebedrag meer dan € 115 bedraagt. Deze zaken worden voor beoordeling naar het betreffende parket verzonden.
Inbeslagneming
In de bijlage bij deze richtlijn is met de letters ‘m.a.’ (met afstand) aangegeven in welke gevallen – een enkele uitzondering daargelaten – als voorwaarde voor transactie door het OM moet worden gesteld dat afstand wordt gedaan van een inbeslaggenomen voorwerp overeenkomstig artikel 116 Sv. Indien geen transactie tot stand komt, moet het OM in deze gevallen, indien tussentijds, zoals voorgeschreven in de Aanwijzing inbeslagneming, geen beslissing is genomen omtrent het beslag, ter terechtzitting verbeurdverklaring (in de bijlage bij deze richtlijn aangegeven met ‘v.v.’) dan wel onttrekking aan het verkeer (‘o.a.v.’) van het voorwerp vorderen. Maar ook in andere daarvoor in aanmerking komende gevallen kan afstand als voorwaarde door het OM worden gesteld, respectievelijk verbeurdverklaring of onttrekking aan het verkeer worden gevorderd.
3
Begrenzing strafbeschikkings-/transactiebevoegdheid opsporingsambtenaren
In artikel 3.2 van het Besluit OM-afdoening zijn de opsporingsambtenaren aangewezen aan wie strafbeschikkingsbevoegdheid op grond van artikel 257b WvSv is verleend. Op grond van artikel 74c, Sr kan aan een opsporingsambtenaar transactiebevoegdheid worden verleend. In artikel 2 van het Transactiebesluit 1994 zijn de opsporingsambtenaren aangewezen aan wie transactiebevoegdheid is verleend.
In de identieke bijlagen van het Besluit OM-afdoening en het Transactiebesluit 1994 zijn de zaken aangewezen die voor een strafbeschikking dan wel voor een politietransactie in aanmerking komen. Opsporingsambtenaren met strafbeschikkings-/transactiebevoegdheid maken van die bevoegdheid gebruik volgens door het OM te geven richtlijnen (artikel 257b lid 3 Sv, artikel 74c lid 4 Sr).
In deze richtlijn wordt bepaald dat een politietransactie niet mag worden aangeboden indien:
-
a.
de opsporingsambtenaar of een van zijn naaste familieleden bij het feit of de gevolgen daarvan betrokken is;
-
b.
verschil van inzicht bestaat tussen de opsporingsambtenaar en de verdachte omtrent de feiten en/of de strafbaarheid;
-
c.
het feit schade ten gevolge heeft gehad of overigens te ernstig van aard is;
-
d.
inbeslagneming plaatsvindt, ongeacht of er afstand is gedaan;11De enige uitzondering hierop betreft het aanbieden van een politietransactie bij winkeldiefstal c.q. – verduistering. Voor een dergelijke transactie mag worden aangeboden dient het goed te zijn teruggegeven dan wel de schade te zijn vergoed (zie aanwijzing politietransactie inzake eenvoudige winkeldiefstal en – verduistering).
-
e.
de militaire rechter uitsluitend bevoegd is.
De hoofdofficier van justitie kan bepalen dat in bepaalde gebieden of op bepaalde openbare wegen binnen het arrondissement of in bepaalde categorieën zaken door de bevoegde ambtenaren geen gebruik wordt gemaakt van de transactiebevoegdheid (artikel 5 Transactiebesluit 1994) dan wel geen gebruik wordt gemaakt van de strafbeschikkingsbevoegdheid (artikel 3.5 Besluit OM-afdoening).
4
Bijzonderheden voor enkele soorten overtredingen
4.1.1
Recidiveregeling overtredingen artt. 30 en 34 Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (WAM)(uitgezonderd bromfietsen)
De recidiveregeling t.a.v. de overtredingen van artikelen 30 en 34 WAM luidt voor de met motorrijtuigen, uitgezonderd bromfietsen12 Onverzekerd rijden: zie in de bijlage de feitnummers A 914a t/m d, A 915, A 917a t/m c en A 918., gepleegde overtredingen als volgt:
|
Eerste overtreding: |
OM-transactie: € 440 Eis ter zitting: geldboete € 500 |
|
Tweede overtreding (binnen twee jaar na afdoening van de eerste overtreding): |
Geen transactie, eis ter zitting: geldboete € 600 en vier maanden ontzegging van de rijbevoegdheid onvoorwaardelijk |
|
Derde overtreding (binnen vier jaar na afdoening van de eerste overtreding): |
Geen transactie, eis ter zitting: twee weken hechtenis onvoorwaardelijk13Hechtenis kan in geval van een overtreding door een minderjarig niet worden geëist.en zes maanden ontzegging van de rijbevoegdheid onvoorwaardelijk; eventueel verbeurdverklaring van het inbeslaggenomen voertuig |
4.1.2
Recidiveregeling overtredingen artt. 30 en 34 WAM (bromfietsen)
Voor de met een bromfiets gepleegde overtreding van de artikelen 30 en 34 WAM (feitcodes A 901a t/m d, A 902, A 903a t/m c en A 904) geldt de volgende recidiveregeling:
|
Eerste overtreding: |
OM-transactie: € 310 Eis ter zitting: € 370 |
|
Tweede overtreding (binnen twee jaar na afdoening van de eerste overtreding): |
Geen transactie, eis ter zitting: geldboete € 440 en vier maanden ontzegging van de rijbevoegdheid onvoorwaardelijk |
|
Derde overtreding (binnen vier jaar na afdoening van de eerste overtreding): |
Geen transactie, eis ter zitting: tien dagen hechtenis onvoorwaardelijk en zes maanden ontzegging van de rijbevoegdheid onvoorwaardelijk; eventueel verbeurdverklaring van het inbeslaggenomen voertuig |
4.2
Recidiveregeling rijden zonder rijbewijs
De recidiveregeling voor het rijden zonder rijbewijs (overtreding van artikel 107 lid 1 WVW 1994) heeft betrekking op motorvoertuigen uit de voertuigcategorieën 1 tot en met 3 van categorie-indeling B. Tevens is deze recidiveregeling van toepassing op bestuurders van motorrijtuigen waarvan het rijbewijs zijn geldigheid heeft verloren door het verstrijken van de geldigheidsduur met meer dan één jaar (feitcode K 060f).
Voor de voertuigcategorieën 1 (bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen14 Aangezien het hier bepalingen uit de WVW 1994 betreft, wordt de bestuurder van de brommobiel hiervan uitgezonderd. Deze valt onder categorie 3.), 2 (bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen) en 3 (brom- en snorfietsers, inclusief bestuurders van brommobielen15 Aangezien het hier bepalingen uit de WVW 1994 betreft, valt ook de bestuurder van de brommobiel hieronder.) geldt onderstaande recidiveregeling:
|
Eerste overtreding: |
OM-transactie vast tarief feitcode K055 |
|
Tweede overtreding (binnen vier jaar na afdoening van de eerste overtreding: |
Dagvaarden, eis ter zitting: geldboete categorie 1 en 2 vanaf € 360 en categorie 3 vanaf € 250 en voor alle categorieën onvoorwaardelijke hechtenis16Hechtenis kan in geval van een overtreding door een minderjarig niet worden geëist.met een proeftijd van twee jaar |
|
Derde en volgende overtreding (binnen vier jaar na afdoening van de eerste overtreding): |
Dagvaarden, eis ter zitting: onvoorwaardelijke hechtenis17Zie noot 20. |
4.3.1
Recidiveregeling gedocumenteerde overtredingen maximumsnelheid RVV 1990 (weg)
Deze recidiveregeling wordt toegepast bij overtreding van de, in paragraaf 8, maximumsnelheid, van het RVV 1990 opgenomen, artikelen 19 (niet voldoende afstand houden, 20, 21 en 22 (overschrijding maximumsnelheid), voor zover deze overtredingen niet administratiefrechtelijk worden afgedaan.
De recidiveregeling luidt als volgt:
Van recidive is alleen sprake indien de overtreding wordt begaan binnen twee jaar na betaling van een transactie of na een onherroepelijke geworden strafbeschikking/veroordeling voor één eerdere gedocumenteerde overtreding van artikel 19, 20, 21 of 22 van het RVV 1990.
De categorie-indeling voor maximumsnelheid is ook van toepassing op de recidiveregeling snelheid.
Categorie-indeling C (maximumsnelheid)
-
1
Motorvoertuigen (uitgezonderd categorie 2: vrachtauto’s, autobussen, als bedrijfsauto aangemerkte kampeerauto’s met een toegestane maximum massa van meer dan 3500 kg en motorvoertuigen met aanhangwagen);
-
2
Vrachtauto’s, autobussen, als bedrijfsauto aangemerkte kampeerauto’s met een toegestane maximum massa van meer dan 3500 kg. en motorvoertuigen met aanhangwagen;
-
3
Bromfietsen, brommobielen, snorfietsen en gehandicaptenvoertuigen met motor;
-
4
Landbouwtrekkers en motorvoertuigen met beperkte snelheid.
NB Gelet op de bijlage 2 van de Aanwijzing inbeslagneming kan na overleg met de officier van justitie het motorvoertuig, waarmee de snelheidsovertreding is gepleegd, in beslag worden genomen, indien een overschrijding van de maximumsnelheid met meer dan 100% in samenhang met geconcretiseerde gevaarzetting is geconstateerd.
Overzicht weg
Recidiveregeling niet voldoende afstand houden
|
Recidiveregeling niet voldoende afstand houden Categorie 1: |
||||
|
Motorvoertuigen (uitgezonderd categorie 2: vrachtauto’s, autobussen, als bedrijfsauto aangemerkte kampeerauto’s met een toegestane maximum massa van meer dan 3500 kg en motorvoertuigen met aanhangwagen) |
||||
|
Categorie 2: |
||||
|
Vrachtauto’s, autobussen, als bedrijfsauto aangemerkte kampeerauto’s met een toegestane maximum massa van meer dan 3500 kg. en motorvoertuigen met aanhangwagen. |
||||
|
Categorie 3: |
||||
|
Bromfietsen, brommobielen, snorfietsen en gehandicaptenvoertuigen met motor; |
||||
|
Niet voldoende afstand houden bij een: |
||||
|
snelheid van 80 km/h–100 km/h |
snelheid van 100 km/h–120 km/h |
snelheid van meer dan 120 km/h |
||
|
volgafstand 3 m of meer of vanaf 0,5 sec t/m 0,2/0,1 sec en volgafstand < 3 m of < 0,2/0,1 sec |
ongeacht afstand of ≤ 0,5 sec |
|||
|
Eerste overtreding |
OM transactie |
vast tarief |
vast tarief |
nvt |
|
eis ter zitting |
vast tarief |
vast tarief |
dagv eis € 560(cat 1/2) /€ 360 (cat 3) |
|
|
+ 3 mnd OBM ovw |
||||
|
Tweede overtreding |
OM transactie |
nvt |
nvt |
nvt |
|
eis ter zitting |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% |
|
|
+ OBM 4 mnd ovw |
+ OBM 5 mnd ovw |
+ OBM 6 mnd ovw |
||
|
Derde overtreding |
OM transactie |
nvt |
nvt |
nvt |
|
eis ter zitting |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% |
|
|
+ OBM 6 mnd ovw |
+ OBM 8 mnd ovw |
+ OBM 10 mnd ovw |
||
|
Vierde overtreding |
OM transactie |
nvt |
nvt |
nvt |
|
eis ter zitting |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% |
|
|
+ OBM 8 mnd ovw |
+ OBM 10 mnd ovw |
+ OBM 12 mnd ovw |
Recidiveregeling snelheidsovertredingen (weg)
|
Recidiveregeling snelheidsovertredingen motorvoertuigen Categorie 1: Motorvoertuigen (uitgezonderd categorie 2: vrachtauto’s, autobussen, als bedrijfsauto aangemerkte kampeerauto’s met een toegestane maximum massa van meer dan 3500 kg en motorvoertuigen met aanhangwagen) Categorie 2: Vrachtauto’s, autobussen, als bedrijfsauto aangemerkte kampeerauto’s met een toegestane maximum massa van meer dan 3500 kg. en motorvoertuigen met aanhangwagen. |
|||||
|
Snelheidsovertredingen met een overschrijding van: |
|||||
|
31 t/m 49 km/h |
50 t/m 69 km/h |
70 t/m 99 km/h |
100 km/h of meer |
||
|
Eerste overtreding |
OM transactie |
vast tarief |
vast tarief |
nvt |
nvt |
|
eis ter zitting |
vast tarief |
vast tarief |
vast tarief + |
tarief 95 tot 100 km/h + € 200 per 5 km/h overschrijding + |
|
|
OBM 4 mnd ovw |
OBM 6 mnd ovw |
||||
|
Tweede overtreding |
OM transactie |
nvt |
nvt |
nvt |
nvt |
|
eis ter zitting |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% + |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% + |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% + |
recidivetarief 95 tot 100 km/h + € 200 per 5 km/h overschrijding + |
|
|
OBM 2 mnd ovw |
OBM 4 mnd ovw |
OBM 6 mnd ovw |
OBM 8 mnd ovw |
||
|
Derde overtreding |
OM transactie |
nvt |
nvt |
nvt |
nvt |
|
eis ter zitting |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% + |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% + |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% + |
recidivetarief 95 tot 100 km/h + € 200 per 5 km/h overschrijding + |
|
|
OBM 4 mnd ovw |
OBM 6 mnd ovw |
OBM 8 mnd ovw |
OBM 10 mnd ovw |
||
|
Vierde overtreding |
OM transactie |
nvt |
nvt |
nvt |
nvt |
|
eis ter zitting |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% + |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% + |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% + |
recidivetarief 95 tot 100 km/h + € 200 per 5 km/h overschrijding + |
|
|
OBM 6 mnd ovw |
OBM 8 mnd ovw |
OBM 10 mnd ovw |
OBM 12 mnd ovw |
|
Snelheidsovertredingen met een overschrijding van: |
|||||
|
30 t/m 49 km/h |
50 t/m 69 km/h |
70 t/m 99 km/h |
100 km/h of meer |
||
|
Eerste overtreding |
OM transactie |
nvt |
nvt |
nvt |
Nvt |
|
eis ter zitting |
vast tarief + |
vast tarief + |
vast tarief + |
tarief 95 tot 100 km/h + € 200 per 5 km/h overschrijding + |
|
|
OBM 2 mnd ovw |
OBM 4 mnd ovw |
+OBM 6 mnd ovw |
+ OBM 8 mnd ovw |
||
|
Tweede overtreding |
OM transactie |
nvt |
nvt |
nvt |
Nvt |
|
eis ter zitting |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% + |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% + |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% + |
recidivetarief 95 tot 100 km/h + € 200 per 5 km/h overschrijding + |
|
|
OBM 4 mnd ovw |
OBM 6 mnd ovw |
OBM 8 mnd ovw |
OBM 10 mnd ovw |
||
|
Derde en volgende overtreding |
OM transactie |
nvt |
nvt |
nvt |
Nvt |
|
eis ter zitting |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% + |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% + |
tarief eis ter zitting 1e overtreding + 20% + |
recidivetarief 95 tot 100 km/h + € 200 per 5 km/h overschrijding + |
|
|
OBM 6 mnd ovw |
OBM 8 mnd ovw |
OBM 10 mnd ovw |
OBM 12 mnd ovw |
Voorbeeld bepaling tarief/eis ter zitting:
Indien de bestuurder van een motorvoertuig uit categorie 1 voor de eerste maal de maximumsnelheid overschrijdt, bijvoorbeeld met 50 km/h binnen de bebouwde kom, dan wordt hem voor het in het voorbeeld genoemde geval een OM-transactie aangeboden van € 590 (zie de feitcodes * VA 055, * VB 055 of * VC 055). Dat is het vaste tarief dat bij deze overtreding behoort. De daarbij behorende eis ter zitting is volgens kolom 3 van de op JKS/OM-tranet opgenomen Tarieventabel snelheidsovertredingen een geldboete van € 700. Indien de eerste overtreding een overtreding van artikel 19 RVV 1990 (niet voldoende afstand houden) betreft dan dient dezelfde werkwijze te worden gehanteerd aan de hand van de hierop betrekking hebbende feitcodes S 005a t/m S026a.
-
a.
Begaat deze bestuurder vervolgens een tweede onder de recidiveregeling vallende snelheidsovertreding, bijvoorbeeld door overschrijding van de maximum snelheid binnen de bebouwde kom met 69 km/h (feitcode * VA 070, * VB 070 of * VC 070), dan dient tot dagvaarden te worden overgegaan (zie tabel 2). De geldboete die moet worden geëist, wordt afgeleid van de geldboete die zou worden geëist indien deze overtreding voor de eerste maal zou zijn begaan, vermeerderd met 20%. De eerste overtreding kent volgens de feitcodes * VA 070, * VB 070 en * VC 070 een OM-transactie van € 930. De daarbij behorende eis ter zitting is een geldboete van € 1110 (zie voornoemde tarieventabel, kolom 3). Nu de snelheidsovertreding in het voorbeeld reeds een tweede snelheidsovertreding betreft, wordt een eis ter zitting van € 1110 + 20% voorgeschreven. Voorts wordt een OBM van 4 maanden ovw geëist.
-
b.
Begaat deze bestuurder als tweede overtreding een overtreding van artikel 19 RVV 1990 (niet voldoende afstand houden) dan dient analoog aan het gestelde onder a gehandeld te worden waarbij de tabel 1 geraadpleegd dient te worden.
4.3.2
Recidiveregeling maximumconstructiesnelheid brom- en snorfietsen
Voor zover het ‘Muldergedragingen’ betreft zijn de tarieven en feitcodes voor het overtreden van artikel 5.6.8, lid 1, van de RV, zoals opgenomen in de geldende bijlage bij de Wet Administratiefrechtelijke Handhaving Verkeersvoorschriften, van toepassing. Dit betreft de feitcodes N 083 a/b. Het in de onderstaande tabel vermelde vaste tarief betreft de tarieven zoals deze zijn opgenomen in de Tekstenbundel voor misdrijven, overtredingen en Muldergedragingen bij de feitcodes N 083 c t/m f.
|
1e Eerste overtreding |
Transactie |
Vast tarief |
Vast tarief |
Vast tarief |
€ 240Vast tarief |
|
(minderjarigen € 115) |
(minderjarigen € 115) |
(minderjarigen € 115) |
|||
|
eis ter zitting |
€ 130 |
€ 190 |
€ 280 |
€ 380 |
|
|
2e Tweede overtreding |
Transactie |
nvt |
nvt |
nvt |
nvt |
|
eis ter zitting |
€ 170 /OBM 2 mnd ov |
€ 240 / OBM 2 mnd ov |
€ 330 / OBM 2 mnd ov |
€ 430 / OBM 2 mnd ov |
|
|
3e Derde en volgende overtreding(en) |
Transactie |
nvt |
nvt |
nvt |
nvt |
|
eis ter zitting |
€ 200 / OBM 4 mnd ov / OAV brom-/snorfiets |
€ 280 / OBM 4 mnd ov / OAV brom-/snorfiets |
€ 390 / OBM 4 mnd ov / OAV brom-/snorfiets |
€ 490 / OBM 4 mnd ov / OAV brom-/snorfiets |
ov : onvoorwaardelijke veroordeling
OBM : ontzegging van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen
OAV : onttrekking aan het verkeer
Recidive/herhaald plegen
Van recidive is alleen sprake indien de overtreding wordt begaan binnen twee jaar na afdoening21Afdoening houdt in: een onherroepelijke strafbeschikking, een onherroepelijk vonnis óf een betaalde transactie.van de vorige overtreding. Door het OM wordt via raadpleging van het Justitieel Documentatie Systeem (JDS) vastgesteld of sprake is van recidive.
Indien aan de voorwaarden m.b.t. inbeslagneming zoals genoemd in C 6 van de Aanwijzing maximumconstructiesnelheid brom- en snorfietsen is voldaan, wordt van dit ‘recidivebeginsel’ afgeweken en wordt de ‘recidive’ bepaald aan de hand van het aantal door de verdachte gepleegde identieke overtredingen. Hiervan is sprake indien door dezelfde verdachte voor de derde keer een onder strafrecht vallende overtreding van art. 5.6.8 RV binnen een tijdbestek van twee jaar is begaan en aan de verdachte is bij één van de voorgaande overtredingen een waarschuwingsbrief uitgereikt of toegezonden.
Minderjarigen
Voor minderjarigen wordt een aangepaste regeling getroffen. Ingevolge artikel 489, lid 1, aanhef en onder b van het Wetboek van strafvordering dient aan minderjarigen ambtshalve een raadsman te worden toegevoegd indien het OM een transactie wil aanbieden dan wel een strafbeschikking hoger dan € 115 wil aanbieden/uitvaardigen22 Voor zover het Mulderfeiten betreft is de toevoeging van een raadsman overbodig.. Aan minderjarigen wordt voor de 1e overtreding bij een overschrijding van de maximum constructiesnelheid met meer dan 250 km/h een aangepaste transactie, conform het in de bovenstaande tabel vermelde tarief, aangeboden. Voor de daaropvolgende overtredingen wordt de geldboete in de eis ter terechtzitting gehalveerd.
Inbeslagneming
Bij inbeslagneming van het voertuig zijn er de volgende mogelijkheden (zie ook de bijlage 2 bij de Aanwijzing inbeslagneming
-
1.
de eigenaar/houder doet vrijwillig afstand ter vernietiging;
-
2.
de eigenaar/houder voldoet aan het schikkingsvoorstel van de officier van justitie en doet daarmee afstand van het inbeslaggenomen voertuig. Het voertuig dient hierna te worden vernietigd;
-
3.
de officier vordert ter zitting de onttrekking aan het verkeer van het niet in Nederland toegelaten voertuig of de verbeurdverklaring van het in Nederland wel toegelaten voertuig. De officier van justitie bepaalt aan de hand van de vermelde waarde van het voertuig of van de hierboven genoemde standaardeis wordt afgeweken en een meer op de situatie toegesneden eis moet worden geformuleerd.
4.3.3
Recidiveregeling gedocumenteerde snelheidsovertredingen water
De recidiveregeling gedocumenteerde snelheidsovertredingen water wordt toegepast bij snelheidsovertredingen op het water, begaan door kleine schepen, bij overschrijding van de maximum toegestane snelheid vanaf 25 kilometer per uur. De recidiveregeling luidt als volgt:
Van recidive is alleen sprake indien de overtreding wordt begaan binnen twee jaar na betaling van een transactie, of als er sprake is van een onherroepelijke veroordeling voor één van de vorige gedocumenteerde snelheidsovertreding(en).
De recidiveregeling voor kleine schepen is weergegeven in het overzicht water.
De tarieven die in de overzichten zijn weergegeven hebben betrekking op de overschrijding van de maximum toegestane snelheid.
Overzicht water
|
eerste overtreding: |
OM-transactie |
Vast tarief |
Vast tarief |
Vast tarief |
|
eis ter zitting |
€ 270,– |
€ 420,– |
€ 600,– |
|
|
tweede overtreding: |
OM-transactie |
€ 270,– |
€ 420,– |
€ 600,– |
|
eis ter zitting |
€ 320,– |
€ 500,– |
€ 700,,– |
|
|
derde overtreding: |
OM-transactie |
Nvt |
Nvt |
Nvt |
|
eis ter zitting |
> € 390,– en voorwaardelijke hechtenis |
> € 600,– en voorwaardelijke hechtenis |
> € 800,- en voorwaardelijke hechtenis |
|
|
vierde overtreding: |
OM-transactie |
Nvt |
Nvt |
Nvt |
|
eis ter zitting |
> € 460,– en onvoorwaardelijke hechtenis |
> € 700,– en onvoorwaardelijke hechtenis |
> € 950,– en onvoorwaardelijke hechtenis |
5
Overtredingen begaan door militairen op militaire terreinen
5.1
Beperkte bevoegdheid
Op grond van het bepaalde in artikel 3 onder c van het Transactiebesluit 1994 is de transactiebevoegdheid in handen van de Koninklijke Marechaussee (KMAR) op militaire terreinen beperkt tot verdachten die militair zijn.24Zie tevens ad. 2 in de paragraaf ‘SAMENVATTING’.Voorts beperkt de transactiebevoegdheid zich tot uitsluitend die feiten die zijn opgenomen in de bijlage van het Transactiebesluit 1994. Met de inwerkingtreding van de WAHV zijn veel feiten vanuit de diverse Transactiebesluiten, waaronder het Besluit transactie Koninklijke Marechaussee ondergebracht in de bijlage van de WAHV. Deze bijlage is met uitzondering van de feitcodes K 035, K 040 a t/m e, K 075 t/m K 106, K 120, K 140, K 155 niet van toepassing op militaire terreinen. Voornoemde feitcodes zijn uitgezonderd, doordat het begrip ‘weg’ niet van toepassing is op deze codes.
Het is echter gewenst dat de afdoening van deze zaken zoveel mogelijk via de geautomatiseerde systemen bij de KMAR en het CJIB verloopt, waarna de zaakgegevens (bij niet betalen) elektronisch worden overgedragen aan het Openbaar Ministerie.
5.2
Specifieke werkwijze
Om de verwerking via de geautomatiseerde systemen mogelijk te maken wordt bij het opmaken van een mini proces-verbaal gebruik gemaakt van dezelfde feitcodes als in de bijlage bij de WAHV, onder toevoeging van de hoofdletter K. Bijv. De feitcode R 549a (niet stoppen bij een stopbord) wordt KR 549a. De verbaliserende ambtenaar van de KMAR maakt na het constateren van een overtreding een mini proces-verbaal op en reikt bij staandehouding een afschrift uit aan de verdachte. Vanwege het feit dat het een OM-transactie betreft wordt geen tarief ingevuld op het mini proces-verbaal.
Indien de verdachte niet (volledig) betaalt binnen de daarvoor gestelde termijn, wordt een proces-verbaal opgemaakt dat, met tussenkomst van het CJIB, via de gebruikelijke wijze aan het Openbaar Ministerie te Arnhem, unit militaire zaken, wordt aangeboden.
5.3
Artikel 3, onder c, van het Transactiebesluit 1994
Artikel 3, onder c, van het Transactiebesluit 1994 blijft van kracht omdat het voorziet in de mogelijke verwerking van enige strafbare feiten (bijvoorbeeld fout parkeren van een fiets, feitcode R 412) die niet als gedraging in de bijlage bij de WAHV zijn opgenomen.
Overgangsrecht
Deze richtlijn voor strafvordering is van toepassing op feiten gepleegd op en na 1 januari 2011.
Bijlagen
De OM-feiten en p-feiten met bijbehorende tarieven zijn niet als bijlage bij deze richtlijn voor strafvordering opgenomen, maar geïntegreerd opgenomen in de Tekstenbundel voor misdrijven, overtredingen en Muldergedragingen. In deze bundel worden de zaken die afkomstig zijn uit de bijlage met OM-feiten en tarieven worden voorafgegaan door een * (asterisk). De politietransigabele feiten/overtredingen waarvoor een politiestrafbeschikking kan worden uitgevaardigd, worden voorafgegaan door de (kleine) letter p.
Bijlage
bij het Besluit OM-afdoening/Transactiebesluit 1994 met tarieven
Afdeling
A
Verkeer te land
Categorie-indeling B:
1 – Bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brommobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft;
2 – Bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen;
3 – Bromfietsers en snorfietsers;
4 – Fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor;
5 – Voetgangers;
6 – Overige weggebruikers;
7 – Gezagvoerders/schippers;
8 – Een ieder.
NB De categorieën 1 tot en met 4 gelden in voorkomend geval mede voor bestuurders van één van de op die categorieën betrekking hebbende voertuigen, indien daarmee een aanhangwagen wordt voortbewogen
|
Nummers K 006 – K 175: Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994); Reglement Rijbewijzen (RR) |
||||||||||||
|
als bestuurder van een motorrijtuig rijden terwijl krachtens de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften |
9 lid 8 WVW 1994 |
|||||||||||
|
K |
006 |
a |
– het rijbewijs is ingenomen |
180 |
180 |
120 |
||||||
|
als bestuurder van een motorrijtuig rijden, terwijl het kentekenbewijs is ingevorderd |
36 lid 3 sub c WVW 1994 |
|||||||||||
|
K |
020 |
a |
– na deugdelijk herstel |
70 |
70 |
45 |
||||||
|
als bestuurder beneden de 16 jaar een motorrijtuig besturen, zijnde (de vermelde tarieven bij deze feitcodes dienen gehalveerd en op hele Euro’s naar boven afgerond te worden) |
110 lid 1 WVW 1994 jo. artikel 5 sub b RR |
|||||||||||
|
K |
070 |
a |
– een bromfiets |
180 |
||||||||
|
K |
070 |
b |
– een gehandicaptenvoertuig |
180 |
||||||||
|
K |
070 |
c |
– een landbouw- of bosbouwtrekker |
180 |
||||||||
|
K |
070 |
d |
– een motorrijtuig met beperkte snelheid (niet zijnde een stoom- of motorwals) |
180 |
||||||||
|
K |
071 |
als bestuurder optreden zonder te beschikken over een ingevolge de richtlijn vakbekwaamheid vereist geldig getuigschrift |
151c WVW 1994 |
500 |
||||||||
|
K |
145 |
b |
als bestuurder handelen in strijd met het aan de ontheffing verbonden voorschrift betreffende de begeleiding of vakbekwaamheid |
150 lid 2 WVW 1994 |
550 |
|||||||
|
K |
160 |
a |
als bestuurder, die in overtreding wordt bevonden van een bij of krachtens de WVW 1994 vastgesteld voorschrift, de gegeven bevelen niet opvolgen |
160 lid 6 WVW 1994 |
280 |
280 |
190 |
110 |
110 |
|||
|
K |
160 |
b |
als bestuurder van een voertuig die, in het kader van beroepsgoederenvervoer of personenvervoer, in overtreding wordt bevonden van een bij of krachtens de WVW 1994 vastgesteld voorschrift, betreffende het vervoer van lading of personen, de gegeven bevelen niet opvolgen |
160 lid 6 WVW 1994 |
550 |
Nummers R 301 – R 631: Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
Categorie-indeling B:
1 – Bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brommobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft;
2 – Bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen;
3 – Bromfietsers en snorfietsers;
4 – Fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor;
5 – Voetgangers;
6 – Overige weggebruikers;
7 – Schippers;
8 – Een ieder.
NB De categorieën 1 tot en met 4 gelden in voorkomend geval mede voor bestuurders van één van de op die categorieën betrekking hebbende voertuigen, indien daarmee een aanhangwagen wordt voortbewogen
|
XI. Het plaatsen van fietsen en bromfietsen |
||||||||||||
|
R |
412 |
een (brom)fiets plaatsen anders dan op het trottoir, voetpad, in de berm of door het bevoegde gezag aangewezen plaatsen |
27 RVV 1990 |
45 |
25 |
|||||||
|
Hoofdstuk 3. Verkeerstekens |
||||||||||||
|
II. Verkeersborden |
||||||||||||
|
R |
587 |
een (brom)fiets plaatsen in strijd met bord E3 (verbod (brom)fietsen te plaatsen) |
62 jo. bord E3 RVV 1990 |
45 |
25 |
|||||||
|
Hoofdstuk 4. Aanwijzingen |
||||||||||||
|
I. Verplichtingen weggebruikers |
||||||||||||
|
als weggebruiker niet stoppen voor een stopteken |
83 RVV 1990 |
|||||||||||
|
R |
628 |
c |
– gegeven met een aan voertuig van weginspecteurs van Rijkswaterstaat aangebracht verlicht transparant |
180 |
180 |
120 |
70 |
50 |
70 |
|||
|
als weggebruiker niet opvolgen van de in de bijlage II RVV 1990 vastgestelde aanwijzingen |
||||||||||||
|
R |
627 |
a |
– om te stoppen, gegeven door daartoe bevoegde en als zodanig kenbare verkeersbrigadier |
82 lid 1 jo. 82 lid 3 ivm Bijlage II RVV 1990 |
180 |
180 |
120 |
70 |
70 |
|||
|
R |
630 |
b |
– gegeven door daartoe bevoegde en als zodanig kenbare verkeersregelaar |
82 lid 1 ivm Bijlage II RVV 1990 |
180 |
180 |
120 |
70 |
50 |
70 |
||
|
als weggebruiker niet opvolgen van aanwijzingen gegeven door middel van verlichte transparant op personen-, bedrijfsauto of motorfiets van |
||||||||||||
|
R |
631 |
b |
– Rijkswaterstaat of bedrijfsauto van transportbegeleider |
82a jo. 41 a lid 1 onder a, sub 1 en 4 RVV 1990 |
180 |
180 |
120 |
70 |
50 |
70 |
||
|
Nummers K 805 – K 825: Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 (WRM 1993) |
||||||||||||
|
rijonderricht geven terwijl het certificaat |
||||||||||||
|
K |
810 |
a |
– niet geldig is voor het rijonderricht dat wordt gegeven |
7 lid 3 onder a WRM 1993 |
300 |
|||||||
|
als houder niet (tijdig) inleveren van een ongeldig verklaard certificaat voor het geven van rijonderricht |
||||||||||||
|
K |
815 |
a |
– na ongeldigverklaring door instituut dat certificaat heeft afgegeven |
15 lid 4 WRM 1993 |
210 |
|||||||
|
K |
815 |
b |
– na ongeldigverklaring door Onze minister |
22 lid 5 WRM 1993 |
210 |
|||||||
|
K |
820 |
het certificaat niet op eerste vordering behoorlijk ter inzage afgeven |
24 WRM 1993 |
70 |
||||||||
|
K |
825 |
het instructeurbewijs, dan wel het bewijs van ontheffing niet op eerste vordering behoorlijk ter inzage afgeven |
27 WRM 1993 |
70 |
||||||||
Nummers N 010 – P 600: Besluit voertuigen (BV) en Regeling voertuigen (RV)
Categorie-indeling A: (Besluit en Regeling voertuigen)
2 – personenauto's;
3 – bedrijfsauto's;
3a – bussen;
4 – motorfietsen;
5 – driewielige motorrijtuigen;
6 – bromfietsen;
7 – motorrijtuigen met beperkte snelheid;
8 – land- of bosbouwtrekkers;
9 – fietsen en gehandicaptenvoertuigen zonder motor (o.g.v. art. 5.1.4 RV m.u.v. afmetingen genoemd in 5.9.6 RV);
10 – gehandicaptenvoertuigen voorzien van een gesloten carrosserie en gehandicaptenvoertuigen die zijn uitgerust met een verbrandingsmotor en niet voorzien van een gesloten carrosserie en t.a.v. de afmetingen genoemd in 5.10.6 RV de gehandicaptenvoertuigen zonder motor;
11 – gehandicaptenvoertuigen, uitgerust met een elektromotor en niet voorzien van een gesloten carrosserie;
12 – aanhangwagens met een toegestane maximum massa van meer dan 750 kg achter personenauto's, bedrijfsauto's, bussen en driewielige motorrijtuigen;
13 – aanhangwagens met een toegestane maximum massa van niet meer dan 750 kg achter personenauto's, bedrijfsauto's, bussen en driewielige motorrijtuigen;
14 – aanhangwagens en verwisselbare getrokken machines achter landbouw- of bosbouwtrekkers en achter motorrijtuigen met beperkte snelheid;
15 – aanhangwagens achter motorfietsen (15a) of bromfietsen (15b);
16 – aanhangwagens achter fietsen op twee wielen;
17 – wagens.
Noot Regeling Voertuigen (RV):
-
–
De feiten met betrekking tot de Regeling Voertuigen zijn in 17 categorieën onderverdeeld en deze categorieën zijn genummerd van 2 t/m 17. Deze categorie-indeling komt overeen met de indeling van de Regeling Voertuigen.
-
–
Bij categorie 15 kan het trekkende voertuig verschillend zijn (motor of bromfiets). Voor deze voertuigen gelden verschillende tarieven. Achter de categorie-aanduiding moet daarom voor de motorfiets een A en voor de bromfiets een B worden vermeld.
categorie: 15A – motorfiets
categorie: 15B – bromfiets
-
–
Indien bij ‘artikel’ een ‘*’ staat vermeld, dan dient dit teken te worden vervangen door het nummer van de categorie waarop de feitcode betrekking heeft, om zo het op die categorie betrekking hebbende artikel van de Regeling Voertuigen te verkrijgen.
-
–
De feiten in deze afdeling die betrekking hebben op de massa of de last onder wiel of as gelden uitsluitend voor particulieren. Indien sprake is van beroepsmatig vervoer is de Wet op de economische delicten van toepassing. Zie hiervoor de feitcodeserie E 850 t/m E 856.
-
–
Op de kennisgeving/aankondiging moet een nadere toelichting op het feit worden vermeld, omdat de bepalingen van de Regeling Voertuigen in algemene feitomschrijvingen zijn weergegeven.
-
–
Voor feiten gebaseerd op de Regeling Voertuigen geldt dat deze feiten niet slechts op kenteken kunnen worden geconstateerd. (Dit volgt uit de voor de eerste feitcode geplaatste koptekst, geldend voor de gehele Regeling voertuigen: ’Als bestuurder rijden terwijl...’.)
|
Als bestuurder van een voertuig rijden (terwijl): |
||||||||||||||||||||||
|
4 – Krachtoverbrenging |
||||||||||||||||||||||
|
N |
150 |
b |
dan wel als eigenaar of houder doen of laten rijden terwijl de na 31-12-1987 in gebruik genomen bedrijfsauto, met een toegestane maximum massa van meer dan 12.000 kg niet is voorzien van een snelheidsbegrenzer |
5.3.15 lid 2 RV |
2200 |
|||||||||||||||||
|
N |
150 |
bb |
dan wel als eigenaar of houder doen of laten rijden terwijl de na 30-09-2001 doch voor 01-01-2005 in gebruik genomen bedrijfsauto met een dieselmotor, met een toegestane maximum massa van meer dan 3500 kg doch niet meer dan 12.000 kg, niet is voorzien van een snelheidsbegrenzer |
5.3.15 lid 2 RV |
2200 |
|||||||||||||||||
|
N |
150 |
d |
dan wel als eigenaar of houder doen of laten rijden terwijl de snelheidsbegrenzer niet aan de eisen voldoet. (bedrijfsauto bestemd voor het vervoer van goederen niet meer dan 90 km/h en een bus maximaal 100 km/h) |
5.*.15 lid 3 en 4 RV |
650 |
650 |
||||||||||||||||
|
8 – Reminrichting |
||||||||||||||||||||||
|
niet wordt voldaan aan de vereiste remvertraging (cat 12 toegestane maximum massa minder dan 3500 kg); de vermindering bedraagt |
5.*.38 RV |
|||||||||||||||||||||
|
N |
381 |
c |
– 1,01 t/m 1,5 m/s2 |
400 |
400 |
400 |
400 |
|||||||||||||||
|
N |
381 |
d |
– 1,51 t/m 2,0 m/s2 |
600 |
600 |
600 |
600 |
|||||||||||||||
|
N |
381 |
e |
– meer dan 2,0 m/s2 |
900 |
900 |
900 |
900 |
|||||||||||||||
|
niet wordt voldaan aan de vereiste remvertraging (cat 12 toegestane maximum massa 3500 kg of meer); de vermindering bedraagt |
5.*.38 RV |
|||||||||||||||||||||
|
N |
381 |
g |
– 0,51 t/m 1,0 m/s2 |
420 |
420 |
420 |
||||||||||||||||
|
N |
381 |
h |
– 1,01 t/m 1,5 m/s2 |
600 |
600 |
600 |
||||||||||||||||
|
N |
381 |
i |
– 1,51 t/m 2,0 m/s2 |
900 |
900 |
900 |
||||||||||||||||
|
N |
381 |
j |
– meer dan 2,0 m/s2 |
1400 |
1400 |
1400 |
||||||||||||||||
|
1 – Afmetingen en massa’s |
||||||||||||||||||||||
|
Noot afmetingen: Als bij ondeelbare lading meer dan één afmeting wordt overschreden, dan wordt uitsluitend proces-verbaal opgemaakt terzake de afmeting die het meest wordt overschreden. |
||||||||||||||||||||||
|
De overige overschrijdingen worden als bevinding eveneens in het proces-verbaal vermeld. |
||||||||||||||||||||||
|
Lengte samenstel (onbeladen), c.q. indien geen sprake is van uitstekende lading |
||||||||||||||||||||||
|
Noot: Lengte trekker met oplegger max. 16,50 m; bedrijfsauto/bus met aanhangwagen max.18,75 m; personenauto/ driewielig motorvoertuig met aanhangwagen max. 18 m; samenstel kermis– /circusvoertuigen max. 24 m; rijdend werktuig met aanhangwagen 20 m; land– bosbouwtrekker/motorrijtuig beperkte snelheid met één of meer aanhangwagens en/of verwisselbare getrokken machines 18 m |
||||||||||||||||||||||
|
de maximum toegestane lengte van het samenstel van voertuigen wordt overschreden, met een overschrijding |
5.18.11 en 5.18.20 RV |
|||||||||||||||||||||
|
P |
111 |
c |
– van meer dan 0,50 m en t/m 0,75 m |
310 |
310 |
310 |
310 |
310 |
310 |
|||||||||||||
|
P |
111 |
d |
– van meer dan 0,75 m en t/m 1,00 m |
470 |
470 |
470 |
470 |
470 |
470 |
|||||||||||||
|
Lengte deelbaar; uitstekende lading achterzijde |
||||||||||||||||||||||
|
de lading meer dan 1 m achter het voertuig en/of meer dan 5 m achter de achterste as van het voertuig uitsteekt en/of de vereiste stootbalk, voor het na 01-01-1996 in gebruik genomen voertuig, meer dan 0,60 m van de uiterste achterzijde is aangebracht, terwijl de afstand van de lading tot het wegdek meer bedraagt dan 0,55 m (categorie 12 bedrijfsmatig gebruik), een overschrijding |
5.18.12 RV |
|||||||||||||||||||||
|
P |
121 |
c |
– van meer dan 0,50 m en t/m 0,75 m |
450 |
450 |
|||||||||||||||||
|
P |
121 |
d |
– van meer dan 0,75 m en t/m 1,00 m |
650 |
650 |
|||||||||||||||||
|
een beladen samenstel van bedrijfsauto en aanhangwagen, niet zijnde een oplegger, dat is ingericht voor het vervoer van voertuigen, langer is dan 20,75 m, een overschrijding |
5.18.13 lid 2 RV |
|||||||||||||||||||||
|
P |
130 |
k |
– van meer dan 0,50 m en t/m 0,75 m |
450 |
450 |
|||||||||||||||||
|
P |
130 |
l |
– van meer dan 0,75 m en t/m 1,00 m |
650 |
650 |
|||||||||||||||||
|
Lengte; ondeelbare lading |
||||||||||||||||||||||
|
de in lengte ondeelbare lading aan de voorzijde van een bedrijfsauto met een toegestane maximum massa van meer dan 3500 kg, niet zijnde een kermis- of circusvoertuig, meer dan 4,30 m voor het hart van de voorste as uitsteekt, een overschrijding |
5.18.13 RV |
|||||||||||||||||||||
|
P |
130 |
p |
– van meer dan 0,50 m t/m 0,75 m |
450 |
||||||||||||||||||
|
P |
130 |
q |
– van meer dan 0,75 m t/m 1,00 m |
650 |
||||||||||||||||||
|
de uitsteek van de in lengte ondeelbare lading achter het hart van de achterste as meer dan 0,5 maal de lengte van een bedrijfsauto met een toegestane maximummassa van meer dan 3500 kg of een aanhangwagen bedraagt en/of meer dan 5 m bedraagt of bij een oplegger de uitsteek van de lading achter het hart van de achterste as meer bedraagt dan 0,5 maal de afstand van hart koppeling tot de achterzijde bedraagt en/of meer dan 5 m bedraagt (categorie 12 en 13 bedrijfsmatig gebruik), een overschrijding |
5.18.13 RV |
|||||||||||||||||||||
|
P |
131 |
c |
– van meer dan 0,50 m en t/m 0,75 m |
450 |
450 |
450 |
||||||||||||||||
|
P |
131 |
d |
– van meer dan 0,75 m en t/m 1,00 m |
650 |
650 |
650 |
||||||||||||||||
|
Breedte; ondeelbare lading |
||||||||||||||||||||||
|
het voertuig met inbegrip van de ondeelbare lading de maximum toegestane breedte overschrijdt, een overschrijding |
5.18.14 lid 2 RV |
|||||||||||||||||||||
|
P |
142 |
b |
– van meer dan 0,25 m en t/m 0,50 m |
500 |
500 |
500 |
||||||||||||||||
|
Massa |
||||||||||||||||||||||
|
Noot |
||||||||||||||||||||||
|
De feiten, die betrekking hebben op de massa of de last onder wiel of as, gelden uitsluitend voor particulieren. Indien er sprake is van beroepsmatig vervoer is de Wet op de economische delicten van toepassing. |
||||||||||||||||||||||
|
de som van de aslasten van de aangekoppelde middenasaanhangwagen met een toegestane maximum massa van meer dan 12.000 kg meer bedraagt dan 1,5 maal de som van aslasten van het trekkend motorvoertuig, een overschrijding met |
5.18.31 RV |
|||||||||||||||||||||
|
P |
310 |
c |
– meer dan 50 % t/m 75 % |
400 |
||||||||||||||||||
|
P |
310 |
d |
– meer dan 75 % |
600 |
||||||||||||||||||
|
3 – Reminrichting |
||||||||||||||||||||||
|
niet wordt voldaan aan de minimale remvertraging van de bedrijfsrem van het samenstel, de vermindering bedraagt |
5.18.35 lid 1 RV |
|||||||||||||||||||||
|
P |
350 |
c |
– 1,01 t/m 1,5 m/s2 |
400 |
400 |
400 |
||||||||||||||||
|
P |
350 |
d |
– 1,51 t/m 2,0 m/s2 |
600 |
600 |
600 |
||||||||||||||||
|
P |
350 |
e |
– meer dan 2,0 m/s2 |
900 |
900 |
900 |
||||||||||||||||
|
niet wordt voldaan aan de minimale remvertraging van de bedrijfsrem van het samenstel, de vermindering bedraagt |
5.18.35 lid 1 RV |
|||||||||||||||||||||
|
P |
350 |
g |
– 0,51 t/m 1,0 m/s2 |
420 |
420 |
|||||||||||||||||
|
P |
350 |
h |
– 1,01 t/m 1,5 m/s2 |
600 |
600 |
|||||||||||||||||
|
P |
350 |
i |
– 1,51 t/m 2,0 m/s2 |
900 |
900 |
|||||||||||||||||
|
P |
350 |
j |
– meer dan 2,0 m/s2 |
1400 |
1400 |
|||||||||||||||||
|
de remvertraging van het samenstel niet voldoet aan die van het trekkend voertuig, de vermindering bedraagt |
5.18.35 lid 2 RV |
|||||||||||||||||||||
|
P |
351 |
c |
– 1,01 t/m 1,5 m/s2 |
400 |
400 |
|||||||||||||||||
|
P |
351 |
d |
– 1,51 t/m 2,0 m/s2 |
600 |
600 |
|||||||||||||||||
|
P |
351 |
e |
– meer dan 2,0 m/s2 |
900 |
900 |
|||||||||||||||||
Afdeling
B
Verkeer te water
Categorie-indeling E (scheepvaartwetgeving)
1 – gezagvoerder/schipper;
2 – bestuurder;
3 – bemanningslid;
4 – waterskiër;
5 – werkgever;
6 – exploitant;
7 – eigenaar of houder;
8 – een ieder.
NB Categorie bemanningslid of een ieder geldt in voorkomend geval mede voor een bemanningslid of ieder ander persoon die tijdelijk zelfstandig koers en snelheid schip bepaalt (1.03 lid 3 BPR/RPR)
|
Nummers W 500 – W 530; W 065 – W 182: Binnenvaartpolitiereglement (BPR), Besluit administratieve bepalingen scheepvaartverkeer (BABS), Scheepvaartreglement Eemsmonding (SRE), Plaatselijk geldende verordeningen (Pl.V) |
||||||||||||
|
Snelle motorboten |
||||||||||||
|
als schipper van een snelle motorboot aan de scheepvaart deelnemen zonder dat, dan wel als eigenaar of houder er niet mede zorg voor hebben gedragen dat |
||||||||||||
|
W |
500 |
a |
– de snelle motorboot is geregistreerd |
8.01 lid 1 jo. 8.04 cq 1.02 lid 2 BPR |
100 |
100 |
||||||
|
W |
500 |
b |
– de snelle motorboot ten name van de huidige eigenaar is geregistreerd |
8.01 lid 1 jo. 8.04 cq 1.02 lid 2 BPR |
70 |
70 |
||||||
|
W |
500 |
c |
– het registratiebewijs aan boord van de snelle motorboot is |
8.01 lid 2 jo. 8.04 cq 1.02 lid 2 BPR |
70 |
70 |
||||||
|
W |
500 |
d |
– de snelle motorboot is voorzien van het registratieteken |
8.02 lid 1 jo. 8.04 cq 1.02 lid 2 BPR |
100 |
100 |
||||||
|
W |
500 |
e |
– het registratieteken op de voorgeschreven wijze op de snelle motorboot is aangebracht |
8.02 lid 1 jo. 8.04 cq 1.02 lid 2 BPR |
100 |
100 |
||||||
|
W |
500 |
f |
– de snelle motorboot is voorzien van het in verband met de constructie voorgeschreven registratieteken van 100 x 60 x 15 mm |
8.02 lid 2 jo. 8.04 cq 1.02 lid 2 BPR |
100 |
100 |
||||||
|
W |
500 |
g |
– de snelle motorboot op de juiste wijze is voorzien van het in verband met de constructie voorgeschreven registratieteken van 100 x 60 x 15 mm |
8.02 lid 2 jo. 8.04 cq 1.02 lid 2 BPR |
100 |
100 |
||||||
|
W |
500 |
h |
– bij de snelle motorboot de afgewerkte gassen door een behoorlijk geluiddempende voorziening worden afgevoerd |
8.03 aanhef en onder b jo. 8.04 cq 1.02 lid 2 BPR |
140 |
140 |
||||||
|
W |
500 |
i |
– de snelle motorboot is voorzien van een technische inrichting waardoor bij het onderbreken van de besturing de middelen tot voortbeweging onmiddellijk tot stilstand of nagenoeg tot stilstand komen (dodemansknop) |
8.03 aanhef en onder d jo. 8.04 cq 1.02 lid 2 BPR |
180 |
180 |
||||||
|
W |
500 |
j |
– aan boord van de snelle motorboot een deugdelijk brandblusapparaat is |
8.03 aanhef en onder f jo. 8.04 cq 1.02 lid 2 BPR |
100 |
100 |
||||||
|
als schipper van een snelle motorboot aan de scheepvaart deelnemen zonder dat, dan wel als eigenaar of houder er niet mede zorg voor hebben gedragen dat een reddingsvest onder handbereik is voor ieder der opvarenden aan boord van de snelle motorboot |
8.03 aanhef en onder e jo. 1.02 lid 2 en 8.04 BPR |
|||||||||||
|
W |
501 |
a |
– één ontbreekt |
35 |
35 |
|||||||
|
W |
501 |
b |
– twee ontbreken |
50 |
50 |
|||||||
|
W |
501 |
c |
– drie ontbreken |
75 |
75 |
|||||||
|
W |
501 |
d |
– vier ontbreken |
110 |
110 |
|||||||
|
W |
501 |
e |
– vijf of meer ontbreken |
170 |
170 |
|||||||
|
W |
514 |
als bestuurder van een snelle motorboot, die qua constructie niet veilig staande kan worden bestuurd, tijdens het varen niet zijn gezeten op de voor hem bestemde zitplaats |
8.05 lid 1 aanhef en onder a jo.8.05 lid 4 BPR |
100 |
||||||||
|
W |
516 |
als bestuurder van een snelle motorboot deze, niet vanaf een gesloten binnenbesturing, staande besturen zonder een reddingsvest te dragen |
8.05 lid 5 BPR |
70 |
||||||||
|
W |
518 |
als bestuurder van een snelle motorboot varen zonder gebruik te maken van de dodemansknop |
8.05 lid 1 aanhef en onder b jo. 8.03 onder d BPR |
180 |
||||||||
|
W |
528 |
waterskiën, doen waterskiën of op soortgelijke wijze van de vaarweg gebruik maken, waar c.q. wanneer dat verboden is |
8.06 lid 2 jo. 1.02 lid 2 BPR |
180 |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
529 |
a |
als bestuurder van een snelle motorboot zich zodanig gedragen dat hinder of gevaar voor andere gebruikers van het vaarwater wordt veroorzaakt |
8.05 lid 1 aanhef en onder c BPR |
180 |
|||||||
|
W |
529 |
b |
als waterskiër of persoon die op soortgelijke wijze van de vaarweg gebruik maakt, zich zodanig gedragen, dat gevaar of hinder voor andere gebruikers van de vaarweg kan worden veroorzaakt |
8.06 lid 4 BPR |
180 |
180 |
||||||
|
W |
530 |
als bestuurder van een snelle motorboot één of meer waterskiërs of personen, die op soortgelijke wijze van de vaarweg gebruik maken, voortbewegen zonder zich bij te laten staan door een medeopvarende van tenminste 15 jaar oud als uitkijk |
8.06 lid 3 BPR |
180 |
||||||||
|
Snelheidsovertredingen |
||||||||||||
|
als schipper van een snelle motorboot sneller varen dan 20 km/h, waar dat verboden is, met een overschrijding |
8.06 lid 1 BPR |
|||||||||||
|
W |
065 |
a |
– tot 6 km/h |
70 |
||||||||
|
W |
065 |
b |
– van 6 tot 15 km/h |
100 |
||||||||
|
W |
065 |
c |
– van 15 tot 25 km/h |
150 |
||||||||
|
als schipper van een klein schip sneller varen dan toegestaan, met een overschrijding |
5.01 BPR ivm verkeersteken B6 of bekendmaking 13 BABS |
|||||||||||
|
W |
075 |
a |
– tot 6 km/h |
70 |
||||||||
|
W |
075 |
b |
– van 6 tot 15 km/h |
100 |
||||||||
|
W |
075 |
c |
– van 15 tot 25 km/h |
150 |
||||||||
|
Overige |
||||||||||||
|
W |
150 |
als schipper van een in art. 1.09 lid 1 aanhef en onder b BPR bedoeld schip varen terwijl het sturen niet wordt verricht door een daartoe bekwaam en tenminste 16 jaar oud persoon |
1.09 lid 1 aanhef en onder b BPR |
150 |
||||||||
|
W |
152 |
als schipper van een snelle motorboot varen terwijl het sturen niet wordt verricht door een daartoe bekwaam en tenminste 18 jaar oud persoon |
1.09 lid 1 aanhef en onder a BPR |
150 |
||||||||
|
W |
156 |
geen bijgewerkt exemplaar van het Binnenvaartpolitiereglement aan boord aanwezig hebben |
1.11 lid 1 BPR |
35 |
||||||||
|
bij het meren of verhalen gebruik maken van |
||||||||||||
|
W |
158 |
a |
– verkeerstekens |
1.13 lid 1 jo. 1.02 lid 2 en/of 5 onder b BPR |
100 |
100 |
||||||
|
W |
158 |
b |
– andere voorwerpen dan die daarvoor bestemd zijn |
7.04 lid 3 jo. 1.02 lid 2 en/of 5 onder b BPR |
100 |
100 |
||||||
|
W |
160 |
a |
varen met een zeilplank op een voor de doorgaande vaart bestemd gedeelte van een in de bijlage 16 van het BPR opgenomen vaarweg |
9.05 lid 1 BPR |
180 |
180 |
||||||
|
W |
160 |
b |
varen met een door een vlieger voortbewogen zeilplank |
9.05 lid 2 BPR |
180 |
180 |
||||||
|
W |
162 |
als schipper van een zeilplank, daarmee varen in een gedeelte van de vaarweg waar dit verboden is |
PL.V |
180 |
||||||||
|
als schipper deelnemen aan de scheepvaart terwijl de voorgeschreven kentekens niet zijn aangebracht, te weten op een |
||||||||||||
|
W |
164 |
a |
– groot schip |
2.01 lid 1 jo. 1.02 lid 2 en/of 5 onder a BPR |
70 |
70 |
||||||
|
W |
164 |
b |
– klein schip |
2.02 lid 1 jo. 1.02 lid 2 en/of 5 onder a BPR |
70 |
70 |
||||||
|
als schipper deelnemen aan de scheepvaart terwijl de voorgeschreven kentekens niet op de voorgeschreven wijze zijn aangebracht, te weten op een |
||||||||||||
|
W |
166 |
a |
– groot schip |
2.01 lid 1 jo. 1.02 lid 2 en/of 5 onder a BPR |
70 |
70 |
||||||
|
W |
166 |
b |
– klein schip |
2.02 lid 1 jo. 1.02 lid 2 en/of 5 onder a BPR |
70 |
70 |
||||||
|
W |
170 |
als schipper varen in strijd met een duidelijk zichtbaar geplaatst en voor hem geldend verbodsteken als bedoeld onder A.1 van de bijlage 7 van het BPR |
6.08 aanhef en onder a BPR |
270 |
||||||||
|
W |
180 |
als persoon die zwemt dan wel die op andere wijze watersport zonder schip bedrijft niet voldoende afstand houden van een varend schip, varend drijvend voorwerp of drijvend werktuig in bedrijf |
8.08 lid 1 BPR |
100 |
||||||||
|
W |
181 |
a |
zwemmen, watersport zonder schip of onderwatersport bedrijven bij een wachtplaats, of in de onmiddellijke nabijheid van een brug, een sluis of een stuw |
8.08 lid 2 aanhef en onder a BPR |
100 |
|||||||
|
W |
181 |
b |
zwemmen, watersport zonder schip of onderwatersport bedrijven in een gedeelte van de vaarweg bestemd voor doorgaande scheepvaart |
8.08 lid 2 aanhef en onder b BPR |
100 |
|||||||
|
W |
181 |
c |
zwemmen, watersport zonder schip of onderwatersport bedrijven in de route van een veerpont |
8.08 lid 2 aanhef en onder c BPR |
100 |
|||||||
|
W |
181 |
d |
zwemmen, watersport zonder schip of onderwatersport bedrijven in een haven of nabij de ingang daarvan |
8.08 lid 2 aanhef en onder d BPR |
100 |
|||||||
|
W |
181 |
e |
zwemmen, watersport zonder schip of onderwatersport bedrijven in de nabijheid van een meergelegenheid |
8.08 lid 2 aanhef en onder e BPR |
100 |
|||||||
|
W |
181 |
f |
zwemmen, watersport zonder schip of onderwatersport bedrijven in gebied dat is aangewezen voor snelvaren of waterskiën |
8.08 lid 2 aanhef en onder f BPR |
100 |
|||||||
|
W |
181 |
g |
zwemmen, watersport zonder schip of onderwatersport bedrijven in een door een bevoegde autoriteit aangewezen verboden gebied |
8.08 lid 2 aanhef en onder g BPR |
100 |
|||||||
|
W |
182 |
a |
in het vaarwater van de Eemsmonding waterskiën of varen met waterscooter |
22 lid 1 SRE |
180 |
180 |
||||||
|
W |
182 |
b |
in de Eemsmonding varen met zeilplank in het vaarwater of buiten het vaarwater op de door de bevoegde autoriteit vastgestelde wateroppervlakken |
22 lid 3 SRE |
180 |
180 |
||||||
|
W |
182 |
c |
’s nachts, bij beperkt zicht of gedurende de door de bevoegde autoriteit vastgestelde tijd waterskiën of varen met waterscooter of zeilplank op de vrijgegeven wateroppervlakken van de Eemsmonding |
22 lid 4 SRE |
180 |
180 |
||||||
|
Nummers W 300 – W 310: Binnenvaartwet (BVW), Rijnvaartpolitiereglement 1995 (RPR), Binnenvaartpolitiereglement (BPR) |
||||||||||||
|
als schipper van een schip op binnenwateren varen zonder in het bezit te zijn van een geldig |
25 lid 4 BVW jo. 17 BVB |
|||||||||||
|
W |
300 |
b |
– klein vaarbewijs |
420 |
||||||||
|
niet op eerste vordering de vereiste bescheiden en documenten overleggen |
1.10 lid 4 RPR/BPR |
|||||||||||
|
W |
310 |
a |
– één document |
70 |
70 |
70 |
||||||
|
W |
310 |
b |
– twee documenten |
100 |
100 |
100 |
||||||
|
W |
310 |
c |
– drie documenten |
150 |
150 |
150 |
||||||
|
W |
310 |
d |
– vier documenten |
230 |
230 |
230 |
||||||
|
W |
310 |
e |
– vijf documenten |
350 |
350 |
350 |
||||||
|
Nummers W 601– W 619; W 701 – W 711: Binnenvaartpolitiereglement (BPR), Besluit administratieve bepalingen scheepvaartverkeer (BABS), Rijnvaartpolitiereglement 1995 (RPR), Scheepvaartreglement voor het kanaal van Gent naar Terneuzen (SRKGT), Scheepsvaartreglement Gemeenschappelijke Maas (SRGM), Scheepvaartreglement Westerschelde 1990 (SRW), Scheepvaartreglement Eemsmonding (SRE) |
||||||||||||
|
Verkeerstekens. Bijlage 7 BPR |
||||||||||||
|
A. Verbodstekens |
||||||||||||
|
W |
601 |
a |
met een schip in– uit- of doorvaren waar dat verboden is (verkeersteken A.1) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.1 cq bekendmaking 13 BABS |
270 |
270 |
270 |
|||||
|
W |
601 |
b |
met een schip varen waar dat verboden is (verkeersteken A.1 a) (uitgezonderd klein schip, zonder motor) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.1a cq bekendmaking 13 BABS |
100 |
100 |
100 |
|||||
|
W |
602 |
a |
met een groot schip het verbod voorbijlopen negeren (verkeersteken A.2) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.2 cq bekendmaking 13 BABS |
270 |
270 |
270 |
|||||
|
W |
602 |
b |
met een klein schip het verbod voorbijlopen negeren (verkeersteken A.2) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.2 cq bekendmaking 13 BABS |
150 |
150 |
150 |
|||||
|
W |
603 |
met een samenstel het verbod voorbijlopen voor samenstellen onderling negeren (verkeersteken A.3) (nvt als één van beide een duwstel is dat kleiner is dan 110 x 12 m) |
5.01 BPR/RPR en 51 SRKGT alle jo. verkeersteken A.3 cq bekendmaking 13 BABS |
270 |
270 |
270 |
||||||
|
W |
604 |
a |
met een groot schip het verbod ontmoeten en voorbijlopen bij engte negeren (verkeersteken A.4) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.4 cq bekendmaking 13 BABS |
270 |
270 |
270 |
|||||
|
W |
604 |
b |
met een klein schip het verbod ontmoeten en voorbijlopen bij engte negeren (verkeersteken A.4) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.4 cq bekendmaking 13 BABS |
150 |
150 |
150 |
|||||
|
W |
605 |
a |
met een schip het verbod ligplaats te nemen (ankeren en meren) aan de zijde van de vaarweg waar bord is geplaatst negeren (verkeersteken A.5) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.5 cq bekendmaking 13 BABS |
150 |
150 |
150 |
|||||
|
W |
605 |
b |
met een schip het verbod ligplaats te nemen (ankeren en meren) binnen de in meters aangegeven breedte te rekenen vanaf het bord negeren (verkeersteken A.5.1) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.5.1 cq bekendmaking 13 BABS |
150 |
150 |
150 |
|||||
|
W |
606 |
met een schip het verbod te ankeren negeren of negeren van het verbod ankers, kabels en kettingen laten slepen aan de zijde van de vaarweg waar het bord is geplaatst (verkeersteken A.6) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.6 cq bekendmaking 13 BABS |
270 |
270 |
270 |
||||||
|
W |
607 |
met een schip het verbod te meren negeren aan de zijde van de vaarweg waar het bord is geplaatst (verkeersteken A.7) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.7 cq bekendmaking 13 BABS |
150 |
150 |
150 |
||||||
|
W |
608 |
met een schip het verbod te keren negeren (verkeersteken A.8) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.8 cq bekendmaking 13 BABS |
270 |
270 |
270 |
||||||
|
W |
609 |
met een schip het verbod hinderlijke waterbeweging te veroorzaken negeren (verkeersteken A.9) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.9 cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
||||||
|
W |
610 |
met een schip het verbod buiten de aangegeven begrenzing te varen negeren (verkeersteken A.10) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.10 cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
||||||
|
W |
611 |
a |
met een schip het verbod in-, uit- of doorvaren negeren (wordt aanstonds toegestaan) (verkeersteken A.11) |
5.01 BPR/RPR en 51 SRKGT alle jo. verkeersteken A.11 cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
611 |
b |
met een schip het verbod doorvaren negeren, terwijl stilhouden redelijkerwijs mogelijk was (verkeersteken A.11.1) |
5.01 BPR/RPR en 51 SRKGT alle jo. verkeersteken A.11.1 cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
612 |
met een motorschip het verbod voor motorschepen negeren (verkeersteken A.12) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.12 cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
||||||
|
W |
613 |
met een klein schip het verbod voor kleine schepen negeren (verkeersteken A.13) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.13 cq bekendmaking 13 BABS |
100 |
100 |
100 |
||||||
|
W |
614 |
met een schip het verbod te waterskiën negeren (verkeersteken A.14) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.14 cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
||||||
|
W |
615 |
met een zeilschip het verbod voor zeilschepen negeren (verkeersteken A.15) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.15 cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
||||||
|
W |
616 |
met een door spierkracht voortbewogen schip het verbod voor door spierkracht voortbewogen schepen negeren (verkeersteken A.16) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.16 cq bekendmaking 13 BABS |
70 |
70 |
70 |
||||||
|
W |
617 |
met een zeilplank het verbod voor zeilplanken negeren (verkeersteken A.17) |
5.01 BPR/RPR/SRGM en 51SRKGT alle jo. verkeersteken A.17 cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
||||||
|
W |
618 |
met een snelle motorboot het verbod einde van het vaarweggedeelte waar door snelle motorboten zonder beperking van de snelheid mag worden gevaren negeren (verkeersteken A.18) |
5.01 BPR/ SRGM beide jo. verkeersteken A.18 cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
||||||
|
W |
619 |
met een waterscooter het verbod voor waterscooters negeren (verkeersteken A.19) |
5.01 BPR/ RPR beide jo. verkeersteken A.19 cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
|||||||
|
B. Gebodstekens en -regels |
||||||||||||
|
W |
701 |
a |
met een schip de verplichting te varen in de richting aangegeven door de pijl negeren (verkeersteken B.1a) |
6.12/5.01 BPR/ RPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM alle jo. verkeersteken B.1a cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
701 |
b |
met een schip de verplichting te varen in de richting aangegeven door de pijl negeren (verkeersteken B.1b) |
6.12/5.01 BPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM alle jo. verkeersteken B.1b cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
702 |
a |
met een groot schip de verplichting zich naar de bakboordszijde van het vaarwater te begeven negeren (verkeersteken B.2a) |
6.12/5.01 BPR/RPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM alle jo. verkeersteken B. 2a cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
702 |
b |
met een groot schip de verplichting zich naar de stuurboordszijde van het vaarwater te begeven negeren (verkeersteken B.2b) |
6.12/5.01 BPR/RPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM alle jo. verkeersteken B. 2b cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
702 |
c |
met een klein schip de verplichting zich naar de bakboordszijde van het vaarwater te begeven negeren (verkeersteken B.2a) |
6.12/5.01 BPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM alle jo. verkeersteken B. 2a cq bekendmaking 13 BABS |
100 |
100 |
100 |
|||||
|
W |
702 |
d |
met een klein schip de verplichting zich naar de stuurboordszijde van het vaarwater te begeven negeren (verkeersteken B.2b) |
6.12/5.01 BPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM alle jo. verkeersteken B. 2b cq bekendmaking 13 BABS |
100 |
100 |
100 |
|||||
|
W |
703 |
a |
met een groot schip de verplichting de bakboordszijde van het vaarwater te houden negeren (verkeersteken B.3a) |
6.12/5.01 BPR/RPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM alle jo. verkeersteken B. 3a cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
703 |
b |
met een groot schip de verplichting de stuurboordszijde van het vaarwater te houden negeren (verkeersteken B.3b) |
6.12/5.01 BPR/RPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM alle jo. verkeersteken B. 3b cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
703 |
c |
met een klein schip de verplichting de bakboordszijde van het vaarwater te houden negeren (verkeersteken B.3a) |
6.12/5.01 BPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM alle jo. verkeersteken B. 3a cq bekendmaking 13 BABS |
100 |
100 |
100 |
|||||
|
W |
703 |
d |
met een klein schip de verplichting de stuurboordszijde van het vaarwater te houden negeren (verkeersteken B.3b) |
6.12/5.01 BPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM alle jo. verkeersteken B. 3b cq bekendmaking 13 BABS |
100 |
100 |
100 |
|||||
|
W |
703 |
e |
met een schip bij slecht zicht niet zo veel mogelijk aan de stuurboordszijde van het vaarwater varen |
6.30 lid 2 BPR, 9.11 RPR, 6.30 lid 6 SRGM |
270 |
270 |
270 |
|||||
|
W |
703 |
f |
met een klein schip niet zoveel mogelijk aan stuurboordszijde van het vaarwater varen op een aangegeven vaarweg van bijlage 15 onder a BPR |
9.04 lid 2 jo. bijlage 15 onder a BPR |
100 |
100 |
100 |
|||||
|
W |
703 |
g |
met een afvarend schip vóór het invaren van het boventoeleidingskanaal van de sluizen bij Grave en Limmel niet zo dicht mogelijk langs de rechteroever varen |
11.01 lid 1 tweede volzin BPR |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
703 |
h |
met een afvarend schip vóór het invaren van de boventoeleidingskanalen van de sluizen bij Roermond, Belfeld en Sambeek alsmede bij het bevaren van het boventoeleidingskanaal van de sluizen bij Roermond niet zo dicht mogelijk langs de linkeroever varen |
11.01 lid 1 eerste volzin BPR |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
703 |
i |
met een schip dat in het kanaal van Gent naar Terneuzen vaart en de richting ervan volgt, niet zo dicht als veilig en uitvoerbaar is, de oever van het kanaal aan stuurboordszijde houden |
9 lid 1 SRKGT |
180 |
|||||||
|
W |
703 |
k |
met een schip dat in een vaargeul vaart en de richting ervan volgt niet, zo dicht als veilig en uitvoerbaar is, de rand van de vaargeul aan stuurboordszijde houden (Westerschelde) |
9 lid 1 SRW |
180 |
|||||||
|
W |
703 |
l |
met een schip met een lengte van 12 m of meer dat stroomopwaarts van het Oude Hoofd van Walsoorden buiten de vaargeul vaart en de richting ervan volgt niet, zo dicht als veilig en uitvoerbaar is, stuurboordswal houden |
9 lid 2 SRW |
180 |
|||||||
|
W |
703 |
m |
zich met een schip met een lengte van minder dan 12 m, niet uit de hoofdvaargeul verwijderd houden, terwijl dit veilig en uitvoerbaar is (stroomopwaarts van het Oude Hoofd van Walsoorden of in de Sardijngeul en het Oostgat tussen de parallel van het licht ’Noorderhoofd’ en de parallel van het licht ’Leugenaar’) |
9 lid 3 SRW |
100 |
|||||||
|
W |
703 |
o |
met een schip in het vaarwater van de Eemsmonding niet zoveel mogelijk aan de rechterzijde varen |
15 lid 1 SRE |
180 |
|||||||
|
W |
704 |
a |
met een groot schip de verplichting het vaarwater over te steken naar bakboord negeren (verkeersteken B.4a) |
6.12/5.01 BPR/RPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGMT jo. verkeersteken B.4a cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
704 |
b |
met een groot schip de verplichting het vaarwater over te steken naar stuurboord negeren (verkeersteken B.4b) |
6.12/5.01 BPR/RPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGMT jo. verkeersteken B.4b cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
704 |
c |
met een klein schip de verplichting het vaarwater over te steken naar bakboord negeren (verkeersteken B.4a) |
6.12/5.01 BPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM jo. verkeersteken B.4a cq bekendmaking 13 BABS |
100 |
100 |
100 |
|||||
|
W |
704 |
d |
met een klein schip de verplichting het vaarwater over te steken naar stuurboord negeren (verkeersteken B.4b) |
6.12/5.01 BPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM jo. verkeersteken B.4b cq bekendmaking 13 BABS |
100 |
100 |
100 |
|||||
|
W |
705 |
met een schip de verplichting vóór het bord stil te houden onder bepaalde omstandigheden negeren (verkeersteken B.5) |
6.12/5.01 BPR/RPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM jo. verkeersteken B.5 cq bekendmaking 13 BABS |
100 |
100 |
100 |
||||||
|
met een groot schip geen gevolg geven aan de verplichting om de vaarsnelheid te beperken zoals is aangegeven door middel van verkeersteken B.6 (in km/h); overschrijding |
6.12/5.01 BPR/RPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM jo. verkeersteken B.6 |
|||||||||||
|
W |
706 |
a |
– tot 2 km/h |
200 |
200 |
200 |
||||||
|
W |
706 |
b |
– van 2 tot 3 km/h |
300 |
300 |
300 |
||||||
|
W |
706 |
c |
– van 3 tot 4 km/h |
450 |
450 |
450 |
||||||
|
W |
706 |
d |
– van 4 tot 5 km/h |
650 |
650 |
650 |
||||||
|
W |
706 |
e |
– met meer dan 5 km/h |
1000 |
1000 |
1000 |
||||||
|
met een groot schip geen gevolg geven aan de verplichting de vaarsnelheid te beperken zoals is aangegeven (in km/h); overschrijding |
5.01 BPR/RPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM alle ivm bekendmaking 13 BABS |
|||||||||||
|
W |
706 |
g |
– tot 2 km/h |
200 |
200 |
200 |
||||||
|
W |
706 |
h |
– van 2 tot 3 km/h |
300 |
300 |
300 |
||||||
|
W |
706 |
i |
– van 3 tot 4 km/h |
450 |
450 |
450 |
||||||
|
W |
706 |
k |
– van 4 tot 5 km/h |
650 |
650 |
650 |
||||||
|
W |
706 |
l |
– met meer dan 5 km/h |
1000 |
1000 |
1000 |
||||||
|
W |
707 |
met een schip de verplichting een geluidssein te geven negeren (verkeersteken B.7) |
6.12/5.01 BPR/RPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM jo. verkeersteken B.7 cq bekendmaking 13 BABS |
100 |
100 |
100 |
||||||
|
W |
708 |
met een schip de verplichting bijzonder op te letten negeren (verkeersteken B.8) |
6.12/5.01 BPR/RPR, 51 SRKGT, 5.01 SRGM jo. verkeersteken B.8 cq bekendmaking 13 BABS |
100 |
100 |
100 |
||||||
|
W |
709 |
a |
met een schip in strijd met verkeersteken B. 9a het hoofdvaarwater opvaren of oversteken, waardoor schepen op het hoofdvaarwater worden genoodzaakt hun koers of snelheid te wijzigen |
5.01 BPR, 51 SRKGT beide jo. verkeersteken B.9a cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
709 |
b |
met een schip in strijd met verkeersteken B. 9b het hoofdvaarwater opvaren of oversteken, waardoor schepen op het hoofdvaarwater worden genoodzaakt hun koers of snelheid te wijzigen |
5.01 BPR, 51 SRKGT beide jo. verkeersteken B.9b cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
709 |
c |
met een schip in strijd met verkeersteken B. 9a het hoofdvaarwater opvaren of oversteken, waardoor schepen op het hoofdvaarwater worden genoodzaakt hun koers of snelheid te wijzigen (NB 6.02 RPR: geldt niet voor grote schepen t.o.v. kleine schepen of slepen en gekoppelde samenstellen die uit kleine schepen bestaan) |
6.16/5.01 RPR jo. verkeersteken B.9 a |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
709 |
d |
met een schip in strijd met verkeersteken B. 9b het hoofdvaarwater opvaren of oversteken, waardoor schepen op het hoofdvaarwater worden genoodzaakt hun koers of snelheid te wijzigen (NB 6.02 RPR: geldt niet voor grote schepen t.o.v. kleine schepen of slepen en gekoppelde samenstellen die uit kleine schepen bestaan) |
6.16/5.01 RPR jo. verkeersteken B.9b |
180 |
180 |
180 |
|||||
|
W |
711 |
met een schip de verplichting gebruik te maken van marifoon overeenkomstig de daartoe bij algemene regeling vastgestelde voorschriften negeren (verkeersteken B.11(a/b)) |
5.01 BPR/ RPR, 51 SRKGT alle jo. verkeersteken B.11(a/b) cq bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
180 |
Afdeling
C
Milieu
Categorie-indeling B:
1 – Bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brommobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft;
2 – Bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen;
3 – Bromfietsers en snorfietsers;
4 – Fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor;
5 – Voetgangers;
6 – Overige weggebruikers;
7 – Gezagvoerders/schippers;
8 – Een ieder.
NB De categorieën 1 tot en met 4 gelden in voorkomend geval mede voor bestuurders van één van de op die categorieën betrekking hebbende voertuigen, indien daarmee een aanhangwagen wordt voortbewogen
|
Nummers H 002 – H 110: Wet Milieubeheer (Wm), Wet Bodembescherming (WBB), Wet verontreiniging oppervlakte wateren (WVO), de Model-Algemene plaatselijke verordening of Modelafvalstoffenverordening (Pl. V) |
||||||||||||
|
Afvalstoffen |
||||||||||||
|
Aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen |
||||||||||||
|
H |
002 |
huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aanbieden, terwijl men geen gebruiker van het perceel is |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
70 |
||||||||
|
H |
003 |
a |
de aangewezen categorieën huishoudelijke afvalstoffen aanbieden aan anderen dan de aangewezen inzameldienst of inzamelaar |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
70 |
|||||||
|
H |
004 |
huishoudelijke afvalstoffen anders aanbieden dan via het aangewezen of verstrekte inzamelmiddel |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
70 |
||||||||
|
H |
005 |
andere categorieën huishoudelijke afvalstoffen via inzamelmiddel aanbieden, dan waarvoor het is bestemd |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
70 |
||||||||
|
H |
006 |
huishoudelijke afvalstoffen niet op de voorgeschreven wijze aanbieden |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
70 |
||||||||
|
H |
007 |
afvalstoffen via het voor dat perceel toegewezen inzamelmiddel aanbieden, terwijl men niet de gebruiker van dat perceel is |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
70 |
||||||||
|
H |
008 |
via een inzamelvoorziening voor groep percelen of op wijkniveau andere categorieën huishoudelijke afvalstoffen aanbieden, dan de categorie waarvoor de inzamelvoorziening bestemd is |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
70 |
||||||||
|
H |
009 |
huishoudelijke afvalstoffen niet op de voorgeschreven wijzen via een inzamelvoorziening voor groep percelen of op wijkniveau aanbieden |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
70 |
||||||||
|
H |
010 |
via een brengdepot op lokaal of regionaal niveau andere categorieën huishoudelijke afvalstoffen aanbieden, dan de categorie waarvoor het brengdepot bestemd is |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
70 |
||||||||
|
H |
011 |
huishoudelijke afvalstoffen niet op de voorgeschreven wijzen via brengdepot op lokaal of regionaal niveau aanbieden |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
70 |
||||||||
|
H |
012 |
categorieën huishoudelijke afvalstoffen, die zonder inzamelmiddel moeten worden aangeboden, niet op de voorgeschreven wijze ter inzameling aanbieden |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
70 |
||||||||
|
H |
013 |
huishoudelijke afvalstoffen op andere dan de vastgestelde dagen en tijden ter inzameling aanbieden |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
70 |
||||||||
|
Aanbieden van andere dan huishoudelijke afvalstoffen |
||||||||||||
|
H |
014 |
andere categorieën van afvalstoffen dan huishoudelijke afvalstoffen aan de inzameldienst aanbieden |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
70 |
||||||||
|
H |
015 |
de door het College aangewezen categorieën van afvalstoffen, niet zijnde huishoudelijke afvalstoffen, niet op de voorgeschreven wijze ter inzameling aanbieden |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
70 |
||||||||
|
Doorzoeken van afvalstoffen |
||||||||||||
|
H |
016 |
afvalstoffen die ter inzameling gereed staan doorzoeken en verspreiden |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
100 |
||||||||
|
Handelingen verrichten waardoor zwerfafval kan ontstaan (door een particulier) |
||||||||||||
|
H |
017 |
andere afvalstoffen dan straatafval achterlaten in daartoe van gemeentewege geplaatste of voorgeschreven bakken, manden of soortgelijke voorwerpen |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
100 |
||||||||
|
H |
020 |
afvalstoffen, stoffen of voorwerpen laden, lossen, vervoeren of andere werkzaamheden verrichten, zodanig dat de weg wordt verontreinigd of het milieu nadelig kan worden beïnvloed |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
100 |
||||||||
|
H |
022 |
straatafval achterlaten in de openbare ruimte zonder gebruik te maken van de van gemeentewege of anderszins geplaatste of voorgeschreven bakken, manden of soortgelijke voorwerpen |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
100 |
||||||||
|
H |
096 |
als particulier een afvalstof, stof of voorwerp buiten een daarvoor bestemde plaats en buiten een inrichting in de zin van de Wet Milieubeheer op of in de bodem houden, achterlaten of anderszins plaatsen op een zodanige wijze die aanleiding kan geven tot hinder of nadelige beïnvloeding van het milieu |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
180 |
||||||||
|
Afvalstoffen storten of op of in bodem brengen (buiten een inrichting) |
||||||||||||
|
H |
025 |
als particulier zich van een afvalstof ontdoen door deze buiten een inrichting te storten, op of in de bodem te brengen of te verbranden (betreft kleine hoeveelheden afvalstoffen zoals klein consumptieafval, papier, peuken etc.) |
10.2 Wm |
180 |
||||||||
|
Afvalstoffen verbranden op bedekte bodem (buiten een inrichting) |
||||||||||||
|
H |
101 |
als particulier verbranden van afval waardoor de bodem kan worden verontreinigd of aangetast, zonder maatregelen te nemen die verontreiniging of aantasting voorkomen, beperken of ongedaan maken |
13 WBB en 10.2 Wm |
360 |
||||||||
|
Huishoudelijke afvalstoffen in riolering |
||||||||||||
|
H |
099 |
als particulier zich van afvalwater of afvalstoffen ontdoen door deze anders dan vanuit een inrichting te laten weglopen in een rioolput |
10.30 lid 1 Wm |
360 |
||||||||
|
Huishoudelijk afval in oppervlaktewateren door particulier (in niet kwetsbaar gebied) |
||||||||||||
|
H |
098 |
als particulier een stof in een oppervlaktewaterlichaam brengen |
6.2 lid 1 Waterwet |
100 |
||||||||
|
opslaan van afvalstoffen buiten een inrichting |
||||||||||||
|
H |
019 |
afvalstoffen op voor het publiek zichtbare plaats in de open lucht en buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer opslaan of opgeslagen hebben |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
180 |
||||||||
|
Wrakken |
||||||||||||
|
H |
107 |
een voertuigwrak plaatsen of aanwezig hebben op de weg |
Pl.V |
180 |
||||||||
|
H |
109 |
zich als eigenaar of kentekenhouder ontdoen van een autowrak, dat afkomstig is van een huishouden, anders dan door afgifte aan inrichtingen, genoemd in artikel 6 van het Besluit Beheer Autowrakken |
Pl.V jo. 10.23 lid 1 Wm |
270 |
||||||||
|
Handelingen verrichten met betrekking tot een voertuig waardoor de bodem kan worden verontreinigd |
||||||||||||
|
H |
100 |
als particulier handelingen verrichten, met betrekking tot een voertuig, waardoor de bodem wordt/kan worden verontreinigd of aangetast zonder maatregelen te nemen die verontreiniging of aantasting te voorkomen, te beperken of ongedaan te maken |
13 WBB |
360 |
||||||||
|
H |
103 |
niet voldoen aan de lozingsvoorschriften gesteld bij of krachtens het lozingsbesluit open teelt en veehouderij |
4, 5 en 19 LBOTV |
340 |
||||||||
|
niet voldoen aan de lozingsvoorschriften gesteld bij of krachtens |
||||||||||||
|
H |
528 |
a |
15 LWVOBP |
1050 |
||||||||
|
H |
528 |
c |
– lozingsbesluit vaste objecten |
14 t/m 24 en 28 LBVO |
340 |
|||||||
|
Nummers H 631 – H 670: Visserijwet 1963 (ViW), Besluit verbod gebruik van levende aasvis (BLVA), Reglement voor de Binnenvisserij 1985 (RB) en Reglement minimummaten en gesloten tijden 1985 (RMGT) |
||||||||||||
|
Noot: De op de visserijwetgeving betrekking hebbende feitcodes zijn uitsluitend van toepassing op door particulieren gepleegde overtredingen. Indien sprake is van beroepsmatig handelen dan moet proces-verbaal worden opgemaakt |
||||||||||||
|
Kustvisserij |
||||||||||||
|
Documenten |
||||||||||||
|
de kustvisserij uitoefenen zonder schriftelijke toestemming van de rechthebbende op het visrecht van dat water, met |
7 lid 1 ViW |
|||||||||||
|
H |
631 |
a |
– meer dan twee hengels |
70 |
||||||||
|
de kustvisserij uitoefenen of plegen uit te oefenen en niet op eerste vordering van een opsporingsambtenaar ter inzage afgeven |
55 lid 1 sub b ViW |
|||||||||||
|
H |
633 |
a |
– de schriftelijke toestemming (meer dan twee hengels) |
70 |
||||||||
|
H |
633 |
b |
– de schriftelijke toestemming (bij overige toegestane vistuigen) |
390 |
||||||||
|
Binnenvisserij |
||||||||||||
|
Documenten |
||||||||||||
|
de binnenvisserij uitoefenen met vistuigen, anders dan een of meer hengels of een of meer peuren, zonder een geldige akte te kunnen tonen, met |
10 lid 1 ViW |
|||||||||||
|
H |
643 |
a |
– één vistuig |
150 |
||||||||
|
H |
643 |
b |
– twee of meer vistuigen |
230 |
||||||||
|
de binnenvisserij uitoefenen zonder schriftelijke toestemming van de rechthebbende op het visrecht van dat water, met |
21 lid 1 ViW |
|||||||||||
|
H |
645 |
a |
– één of twee hengels |
100 |
||||||||
|
H |
645 |
b |
– één peur |
150 |
||||||||
|
H |
645 |
c |
– meer dan twee hengels |
230 |
||||||||
|
H |
645 |
d |
– twee of meer peuren of met andere toegestane vistuigen |
230 |
||||||||
|
de binnenvisserij uitoefenen of plegen uit te oefenen en niet op eerste vordering van een opsporingsambtenaar ter inzage afgeven |
55 lid 1 sub b ViW |
|||||||||||
|
H |
647 |
a |
– een geldige akte en/of schriftelijke toestemming (bij vistuigen, anders dan één of meer hengels of peuren) |
70 |
||||||||
|
H |
647 |
b |
– een schriftelijke toestemming (bij één of meer hengels of peuren) |
70 |
||||||||
|
H |
647 |
c |
– de huurovereenkomsten en andere bescheiden |
70 |
||||||||
|
Vistuigen |
||||||||||||
|
vissen met een toegestaan vistuig dat niet aan de vereiste voorwaarden voldoet, bij |
4 RB |
|||||||||||
|
H |
650 |
a |
– 1 of 2 toegestane vistuigen |
200 |
||||||||
|
Gesloten tijden (visserij) |
||||||||||||
|
vissen in de periode van 1 april tot en met 31 mei met |
||||||||||||
|
H |
652 |
a |
– een hengel geaasd met in die periode verboden aas |
6 lid 1 a RB |
70 |
|||||||
|
H |
652 |
b |
– een staand net |
6 lid 1 e RB |
200 |
|||||||
|
H |
654 |
vissen tijdens de door de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij vastgestelde periode, in een door hem aangewezen water |
6 lid 3 RB |
70 |
||||||||
|
H |
656 |
vissen tussen twee uur na zonsondergang en één uur voor zonsopgang |
7 RB |
70 |
||||||||
|
Stuw/vispassage |
||||||||||||
|
H |
660 |
vissen in de Neder-Rijn, de Maas, de Lek of de Overijsselsche Vecht binnen een afstand van 75 m stroomafwaarts van een stuw, in een bij een stuw aangebrachte vispassage of binnen een straal van 25 m voor de bovenmond van deze vispassage |
9 RB |
100 |
||||||||
|
Voorhanden hebben |
||||||||||||
|
een vistuig voorhanden hebben op of in de nabijheid van enig binnenwater |
10 lid 1 RB |
|||||||||||
|
H |
662 |
a |
– terwijl het gebruik van dat vistuig in het betrokken water of op dat moment verboden is |
70 |
||||||||
|
H |
662 |
b |
– te weten één of twee hengel(s), terwijl men niet bevoegd of gerechtigd is in dat water te vissen |
70 |
||||||||
|
H |
662 |
c |
– te weten één peur of meer dan twee hengels, terwijl men niet bevoegd of gerechtigd is in dat water te vissen |
100 |
||||||||
|
H |
662 |
d |
– te weten een ander toegestaan vistuig, terwijl men niet bevoegd of gerechtigd is in dat water te vissen |
200 |
||||||||
|
Levend aas |
||||||||||||
|
H |
664 |
bij het vissen in kust- of binnenwater levende vis als aas gebruiken |
2c lid 2 ViW jo 2 BVLA |
180 |
||||||||
|
Geluidhinder |
||||||||||||
|
Nummers H 200 – H 205: Wetboek van strafrecht (WvSr), Plaatselijke verordeningen (Pl.V) |
||||||||||||
|
H |
200 |
rumoer of burengerucht verwekken waardoor de nachtrust kan worden verstoord |
431 WvSr |
100 |
||||||||
|
H |
205 |
als particulier met toestellen of geluidsapparaten dan wel op andere wijze handelingen verrichten, waardoor voor een omwonende of overigens voor de omgeving geluidhinder wordt veroorzaakt, of toelaten dat deze handelingen worden verricht |
Pl.V |
100 |
||||||||
|
Nummers H 300 – H 325c: Plaatselijke verordeningen (Pl.V) |
||||||||||||
|
H |
300 |
zonder daartoe bevoegd te zijn zich bevinden buiten wegen of paden, die liggen in/op voor publiek toegankelijke parken, wandelplaatsen, plantsoenen, groenstroken of grasperken dan wel in/tussen aanplantingen, bloemperken, heester- of struikgewassen, die op of aan de weg liggen |
Pl.V |
35 |
||||||||
|
H |
305 |
zonder daartoe bevoegd te zijn schade toebrengen aan bomen, heesters, bloemen of grasperken in een park, een bos of op andere dergelijke plaatsen |
Pl.V |
100 |
||||||||
|
H |
310 |
met een voertuig rijden door een park/plantsoen of op een niet van de weg deel uitmakende, van gemeentewege aangelegde beplanting of groenstrook |
Pl.V |
100 |
100 |
70 |
40 |
40 |
||||
|
H |
311 |
met een voertuig rijden (crossen) door een park/ plantsoen of op een niet van de weg deel uitmakende, van gemeentewege aangelegde beplanting of groenstrook |
Pl.V |
180 |
180 |
120 |
70 |
70 |
||||
|
H |
315 |
roken in bos, duin dan wel andere dergelijke gebieden op tijd en plaats waarop dit niet is toegestaan |
Pl.V |
100 |
||||||||
|
H |
320 |
in de openlucht vuur aanleggen, stoken of hebben |
Pl.V |
200 |
||||||||
|
als eigenaar of houder van een hond er niet voor zorgen dat deze hond zich niet van uitwerpselen ontdoet |
Pl.V |
|||||||||||
|
H |
325 |
a |
– een weggedeelte (mede) bestemd voor voetgangers |
100 |
||||||||
|
H |
325 |
b |
– een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide |
100 |
||||||||
|
H |
325 |
c |
– een andere (dan) door het College aangewezen plaats |
100 |
Afdeling
D
Wetboek van strafrecht
Categorie-indeling B:
1 – Bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brommobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft;
2 – Bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen;
3 – Bromfietsers en snorfietsers;
4 – Fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor;
5 – Voetgangers;
6 – Overige weggebruikers;
7 – Gezagvoerders/schippers;
8 – Eenieder.
NB De categorieën 1 tot en met 4 gelden in voorkomend geval mede voor bestuurders van één van de op die categorieën betrekking hebbende voertuigen, indien daarmee een aanhangwagen wordt voortbewogen
|
Nummers D 505 – D 537: Boek 3 Wetboek van Strafrecht (WvSr) |
||||||||||||
|
D |
530 |
zich in kennelijke staat van dronkenschap op de openbare weg bevinden |
453 WvSr |
70 |
||||||||
|
D |
515 |
door het bevoegd gezag naar zijn identiteitsgegevens gevraagd, een valse naam, voornaam, geboortedatum, geboorteplaats, adres waarop hij in de basisadministratie persoonsgegevens als ingezetene staat ingeschreven, of woon- of verblijfplaats opgeven |
435, onder 4 WvSr |
270 |
||||||||
|
zonder daartoe gerechtigd te zijn zich bevinden |
460 WvSr |
|||||||||||
|
D |
535 |
i |
– op grond die bezaaid, bepoot of beplant is, of ter bezaaiing, bepoting of beplanting is gereedgemaakt |
100 |
100 |
70 |
70 |
70 |
70 |
70 |
||
|
D |
535 |
j |
– gedurende de maanden mei tot en met oktober op enig wei- of hooiland |
100 |
100 |
70 |
70 |
70 |
70 |
70 |
||
|
D |
537 |
zonder daartoe gerechtigd te zijn zich bevinden op eens anders grond, waarvan de toegang hem op voor hem blijkbare wijze verboden is |
461 WvSr |
70 |
Afdeling
E
Bijzondere wetten
Categorie-indeling B:
1 – Bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brommobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft;
2 – Bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen;
3 – Bromfietsers en snorfietsers;
4 – Fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor;
5 – Voetgangers;
6 – Overige weggebruikers;
7 – Gezagvoerders/schippers;
8 – Eenieder.
NB De categorieën 1 tot en met 4 gelden in voorkomend geval mede voor bestuurders van één van de op die categorieën betrekking hebbende voertuigen, indien daarmee een aanhangwagen wordt voortbewogen
|
Nummers E 100 – E 162: Wet personenvervoer 2000 (Wp 2000), Besluit personenvervoer 2000 (Bp 2000), Spoorwegwet (Spww) en Algemeen Reglement Vervoer (ARV), Reglement Dienst Hoofd en Lokaalspoorwegen (RDHL) |
||||||||||||
|
Vervoerder/bestuurder |
||||||||||||
|
Noot: |
||||||||||||
|
1. Categorie 8 betreft bij deze feitcodeserie de vervoerder; |
||||||||||||
|
2. Indien de verdachte onder een andere categorie valt dan bij de betreffende feitcode is aangegeven en deze is normadressaat volgens de Wp 2000 dan moet proces-verbaal worden opgemaakt. |
||||||||||||
|
geen geldig vergunningbewijs aanwezig hebben in bus of auto waarmee openbaar vervoer, besloten busvervoer of taxivervoer wordt verricht, te weten |
5a lid 1 Wp 2000 |
|||||||||||
|
E |
106 |
a |
– door hiervoor als bestuurder geen zorg te dragen |
95 |
||||||||
|
E |
106 |
b |
– door hiervoor als vervoerder geen zorg te dragen |
200 |
||||||||
|
in de auto waarmee taxivervoer wordt verricht geen voor de reiziger zichtbaar vergunningbewijs aanwezig hebben, te weten |
5a lid 2 Wp 2000 |
|||||||||||
|
E |
107 |
a |
– door hiervoor als bestuurder geen zorg te dragen |
95 |
||||||||
|
E |
107 |
b |
– door hiervoor als vervoerder geen zorg te dragen |
200 |
||||||||
|
E |
110 |
a |
een bestuurder met besturen van een bus belasten die niet in het bezit is van een niet ouder dan vijf jaar zijnde geneeskundige verklaring waaruit blijkt dat hij geen lichamelijke of geestelijke afwijkingen heeft welke hem zouden beletten een bus naar behoren te besturen en dat hij beschikt over voldoende gehoor– en gezichtsvermogen |
74 lid 1 Bp 2000 |
290 |
|||||||
|
als bestuurder van een bus |
74 lid 3 BP 2000 |
|||||||||||
|
E |
111 |
a |
– geen geneeskundige verklaring bij zich hebben |
95 |
||||||||
|
E |
111 |
b |
– niet in het bezit zijn van een geneeskundige verklaring |
200 |
||||||||
|
E |
112 |
als vervoerder taxivervoer verrichten zonder er voor zorg te dragen dat terstond voor aanvang en na beëindiging van de rit volledig en naar waarheid een controledocument (rittenstaat) wordt ingevuld |
127 lid 1 onderdeel d Bp 2000 |
950 |
||||||||
|
E |
113 |
a |
als bestuurder van een auto waarmee taxivervoer wordt verricht niet in het bezit zijn van een geldige, behoorlijk leesbare chauffeurspas |
75 lid 3 Bp 2000 |
200 |
|||||||
|
E |
113 |
aa |
een bestuurder belasten met het besturen van een auto, waarmee taxivervoer wordt verricht, zonder dat die bestuurder in het bezit is van een geldige, behoorlijk leesbare chauffeurspas of chauffeurspas onder beperkingen |
75 lid 1 en 2 Bp 2000 |
200 |
|||||||
|
als bestuurder van een auto waarmee taxivervoer wordt verricht |
75 lid 3 Bp 2000 |
|||||||||||
|
E |
113 |
b |
– de chauffeurspas niet bij zich hebben |
95 |
||||||||
|
E |
113 |
c |
– de chauffeurspas niet voor de reiziger zichtbaar aanwezig houden in de auto |
95 |
||||||||
|
E |
114 |
als vervoerder ten tijde van het aanbieden van het taxivervoer het te hanteren tarief niet duidelijk leesbaar tonen zowel aan de buitenzijde van als binnen in de auto waarmee dat vervoer wordt verricht |
73 Bp 2000 |
95 |
||||||||
|
Een ieder |
||||||||||||
|
de orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang verstoren door het verhinderen of belemmeren van |
72 Wp 2000 jo. 52, lid 1a Bp 2000 |
|||||||||||
|
E |
120 |
a |
– de bediening en het gebruik van voorzieningen |
180 |
||||||||
|
E |
120 |
b |
– de bediening en het gebruik van een vervoermiddel |
180 |
||||||||
|
E |
120 |
c |
– de taakuitoefening van het personeel van de vervoerder |
180 |
||||||||
|
de orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang verstoren door voorzieningen te gebruiken |
72 Wp 2000 jo. 52, lid 1b Bp 2000 |
|||||||||||
|
E |
121 |
a |
– op een tijdstip waarop deze niet voor gebruik beschikbaar zijn |
70 |
||||||||
|
E |
121 |
b |
– op een andere dan de daarvoor bestemde wijze |
70 |
||||||||
|
E |
121 |
c |
de orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang verstoren door misbruik te maken van voorzieningen |
72 Wp 2000 jo. 52, lid 1b Bp 2000 |
70 |
|||||||
|
de orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang verstoren door een vervoermiddel te gebruiken |
72 Wp 2000 jo. 52, lid 1b Bp 2000 |
|||||||||||
|
E |
122 |
a |
– op een tijdstip waarop deze niet voor gebruik beschikbaar is |
70 |
||||||||
|
E |
122 |
b |
– op een andere dan de daarvoor bestemde wijze |
70 |
||||||||
|
E |
123 |
de orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang verstoren door stoffen of voorwerpen uit een vervoermiddel te werpen |
72 Wp 2000 jo. 52, lid 1c Bp 2000 |
70 |
||||||||
|
de orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang verstoren door zich |
72 Wp 2000 jo. 52, lid 1d Bp 2000 |
|||||||||||
|
E |
124 |
a |
– in kennelijke staat van dronkenschap te bevinden |
70 |
||||||||
|
E |
124 |
b |
– onder kennelijke invloed van verdovende middelen te bevinden |
70 |
||||||||
|
E |
125 |
a |
de orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang verstoren door te roken in, een gedeelte van, een vervoermiddel, waarvan de vervoerder heeft aangegeven dat dit niet is toegestaan |
72 Wp 2000 jo. 52, lid 1i Bp 2000 |
70 |
|||||||
|
E |
125 |
b |
de orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang verstoren door te roken in, een gedeelte van, een station, waarvan de vervoerder heeft aangegeven dat dit niet is toegestaan |
72 Wp 2000 jo. 52, lid 1i Bp 2000 |
70 |
|||||||
|
E |
126 |
de orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang verstoren door zich te bevinden op een, gedeelte van een, station of halte op een tijdstip dat deze gesloten dan wel niet toegankelijk is |
72 Wp 2000 jo. 52, lid 1j Bp 2000 |
70 |
||||||||
|
E |
127 |
de orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang verstoren door zich op een station of halte te begeven langs een andere dan de daarvoor bestemde weg |
72 Wp 2000 jo. 52, lid 1k Bp 2000 |
70 |
||||||||
|
E |
128 |
niet opvolgen van de aanwijzingen betreffende de orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang, die door of vanwege de vervoerder duidelijk kenbaar zijn gemaakt |
73 Wp 2000 |
70 |
||||||||
|
de orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang verstoren door |
72 Wp 2000 jo. 52, |
|||||||||||
|
E |
129 |
a |
– zodanig geluid voort te brengen dat anderen daarvan hinder ondervinden |
lid 1e Bp 2000 |
100 |
|||||||
|
E |
129 |
b |
– het uitoefenen van een beroep, bedrijf of het aanbieden van diensten |
lid 1f Bp 2000 |
100 |
|||||||
|
E |
129 |
c |
– het tentoonstellen van voorwerpen, maken van reclame of propaganda |
lid 1g Bp 2000 |
70 |
|||||||
|
E |
129 |
d |
– het verspreiden van drukwerken (uitsluitend handelsreclame) |
lid 1g Bp 2000 |
70 |
|||||||
|
E |
129 |
f |
– hinder, gevaar, verontreiniging of beschadiging te veroorzaken of te kunnen veroorzaken door dieren, stoffen of voorwerpen in een vervoermiddel mee te nemen |
lid 1h Bp 2000 |
70 |
|||||||
|
E |
129 |
g |
– het op andere wijze veroorzaken of kunnen veroorzaken van hinder, gevaar, verontreiniging of beschadiging |
lid 1l Bp 2000 |
70 |
|||||||
|
E |
138 |
het niet opvolgen van de aanwijzingen betreffende de orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang, die door of vanwege de spoorweg duidelijk kenbaar zijn gemaakt |
7 ARV |
70 |
||||||||
|
E |
145 |
op of langs de spoorweg rijden of lopen |
43 jo. 63 Spww |
100 |
||||||||
|
E |
146 |
paarden, vee of andere dieren op of langs de spoorweg drijven of laten lopen |
44 jo. 63 Spww |
100 |
||||||||
|
E |
149 |
zich op of langs gedeelten van een hoofdspoorweg, met uitzondering van een perron, die niet zijn gelegen in een gelijkvloerse kruising met een weg of in een voor het openbaar verkeer openstaande weg, bevinden of daarop of daarlangs dieren drijven of laten lopen |
22 lid 1 onderdeel c Spww (nieuw) |
100 |
||||||||
|
Nummer E 320: Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV) |
||||||||||||
|
E |
320 |
a |
niet voldoen aan vordering van toezichthouder |
34 lid 1, onderdeel a WAHV |
180 |
|||||||
|
E |
320 |
b |
onjuiste gegevens opgeven, na vordering van toezichthouder |
34 lid 1, onderdeel b WAHV |
180 |
|||||||
|
E |
320 |
c |
niet voldoen aan de vordering van de officier van justitie het rijbewijs op een bepaalde tijd en aangewezen plaats in te leveren |
34 lid 1, onderdeel c WAHV |
180 |
|||||||
|
Nummers E 801 – E 837: Vreemdelingenwet 2000 (VrW 2000) en Vreemdelingenbesluit 2000 (VB 2000) |
||||||||||||
|
E |
801 |
als vreemdeling die Nederland in- of uitreist zich niet begeven langs een doorlaatpost, binnen de tijd dat deze is opengesteld, en zich niet aldaar vervoegen bij een ambtenaar, belast met de grensbewaking |
4 lid 1 SGC |
70 |
||||||||
|
E |
803 |
zich op of nabij een plaats bevinden, waar een grensdoorlaatpost is gevestigd, zonder zich te houden aan de aldaar door de ambtenaren, belast met de grensbewaking, in het belang van de uitoefening van hun taak gegeven aanwijzingen |
4.6 VB 2000 |
180 |
||||||||
|
E |
805 |
d |
als gezagvoerder van een zeeschip of in diens plaats de natuurlijke of rechtspersoon die de reder in al zijn functies als reder vertegenwoordigd, bij aankomst in de Nederlandse haven niet onmiddellijk aan grenswachters een bemanningslijst dan wel passagierslijst in tweevoud afgeven |
3.1.2. bijlage VI SGC |
100 |
|||||||
|
E |
808 |
als gezagvoerder van een zeeschip niet tijdig van het voorgenomen vertrek van zijn schip uit Nederland kennis geven aan het hoofd van de grensdoorlaatpost |
4.13 lid 1 VB 2000 |
100 |
||||||||
|
als vreemdeling niet op vordering van de korpschef van het regionale politiekorps waarin de gemeente is gelegen waar de vreemdeling verblijft, namens de Minister van Justitie, binnen de in de vordering aangegeven tijd |
||||||||||||
|
E |
817 |
a |
– de gevraagde gegevens verstrekken |
4.38 lid 1 VB 2000 |
70 |
|||||||
|
E |
817 |
b |
– de gevraagde gegevens in persoon verstrekken |
4.38 lid 2 VB 2000 |
70 |
|||||||
|
als vreemdeling, die geen rechtmatig verblijf heeft als bedoeld in artikel 8 van de Vreemdelingenwet 2000, niet onmiddellijk van zijn aanwezigheid mededeling doen aan de korpschef van de gemeente waar hij verblijft |
4.39 VB 2000 jo. 108 VrW 2000 |
|||||||||||
|
E |
822 |
a |
– gedurende een illegaal verblijf van 1 tot 15 dagen |
100 |
||||||||
|
E |
822 |
b |
– gedurende een illegaal verblijf van 15 dagen tot 3 maanden |
200 |
||||||||
|
E |
822 |
c |
– gedurende een illegaal verblijf van 3 tot 6 maanden |
300 |
||||||||
|
E |
822 |
d |
– gedurende een illegaal verblijf van 6 maanden tot 1 jaar |
420 |
||||||||
|
E |
822 |
e |
– gedurende een illegaal verblijf van 1 jaar tot 2 jaar |
550 |
||||||||
|
E |
822 |
f |
– gedurende een illegaal verblijf langer dan 2 jaar |
1000 |
||||||||
|
E |
825 |
als vreemdeling aan wie het krachtens artikel 12 van de Vreemdelingenwet 2000 is toegestaan in Nederland te verblijven en die naar Nederland is gekomen voor een verblijf langer dan drie maanden, zich niet binnen drie dagen na zijn binnenkomst in Nederland in persoon melden bij de korpschef van de gemeente waar hij verblijft |
4.47 VB 2000 |
70 |
||||||||
|
E |
827 |
als vreemdeling te zijner identificatie op vordering van een ambtenaar, belast met de grensbewaking of met het toezicht op vreemdelingen, niet een goedgelijkende pasfoto ter beschikking stellen of vingerafdrukken van zich laten nemen indien daartoe in het belang van het toezicht op vreemdelingen gegronde reden bestaat |
4.45 VB 2000 |
180 |
||||||||
|
E |
830 |
als vreemdeling aan wie het krachtens artikel 12 van de Vreemdelingenwet 2000 is toegestaan in Nederland te verblijven en die naar Nederland is gekomen voor een verblijf van ten hoogste drie maanden, zich niet binnen drie dagen na zijn binnenkomst in Nederland in persoon melden bij de korpschef van de gemeente waar hij verblijft |
4.48 VB 2000 |
70 |
||||||||
|
E |
832 |
als vreemdeling die houder is van een visum of een document voor grensoverschrijding waarin door de daartoe bevoegde autoriteit een aantekening is gesteld omtrent aanmelding bij een vreemdelingendienst in Nederland, zich niet binnen drie dagen na binnenkomst in Nederland in persoon aanmelden bij de korpschef van de in deze aantekening vermelde gemeente |
4.49 VB 2000 |
70 |
||||||||
|
niet voldoen aan de verplichting tot wekelijkse aanmelding bij de korpschef van de gemeente van verblijf, behoudens door deze verleende ontheffing |
||||||||||||
|
E |
836 |
a |
– als vreemdeling die geen rechtmatig verblijf heeft, in afwachting van de feitelijke mogelijkheid tot vertrek of uitzetting |
4.51 lid 1 sub a VB 2000 |
70 |
|||||||
|
E |
836 |
b |
– als vreemdeling die rechtmatig verblijf heeft als bedoeld in artikel 8, onder f, g of h van de Vreemdelingenwet 2000 |
4.51 lid 1 sub b VB 2000 |
70 |
Afdeling
F
Overige overtredingen
Categorie-indeling B:
1 – Bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brommobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft;
2 – Bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen;
3 – Bromfietsers en snorfietsers;
4 – Fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor;
5 – Voetgangers;
6 – Overige weggebruikers;
7 – Gezagvoerders/schippers;
8 – Eenieder.
NB De categorieën 1 tot en met 4 gelden in voorkomend geval mede voor bestuurders van één van de op die categorieën betrekking hebbende voertuigen, indien daarmee een aanhangwagen wordt voortbewogen
|
Nummers F 050 – F 310: Plaatselijk geldende verordeningen (Pl.V) |
||||||||||||
|
F |
070 |
a |
zonder vergunning van de burgemeester op of aan de weg een evenement, feest of wedstrijd geven of houden |
Pl.V |
70 |
|||||||
|
F |
070 |
b |
zonder vergunning van de burgemeester een georganiseerde dropping houden of daaraan deelnemen op een ander terrein dan een daarvoor bestemd sportterrein |
Pl.V |
70 |
|||||||
|
F |
095 |
zonder vergunning op of aan de weg als dienstverlener optreden of zijn diensten als zodanig aanbieden |
Pl.V |
140 |
||||||||
|
F |
100 |
als straatartiest, straatfotograaf, tekenaar, filmoperateur of gids voor publiek optreden op of aan door de burgemeester aangewezen (gedeelte van een) weg, waar dit niet is toegestaan |
Pl.V |
140 |
||||||||
|
F |
101 |
zonder vergunning of anders dan de daarin gestelde voorwaarden de weg of weggedeelte gebruiken anders dan overeenkomstig de bestemming (bijv. terrasverbod, reclameborden) |
Pl.V |
180 |
||||||||
|
F |
105 |
als houder van een horecabedrijf, dit voor bezoekers geopend hebben of aldaar bezoekers toelaten of laten verblijven, buiten de vastgestelde openingstijden |
Pl.V |
200 |
||||||||
|
F |
110 |
a |
de weg of dat gedeelte van een onroerend goed dat vanaf de weg zichtbaar is bekrassen of bekladden |
Pl.V |
100 |
|||||||
|
F |
110 |
b |
de weg of dat gedeelte van een onroerend goed dat vanaf de weg zichtbaar is, zonder schriftelijke toestemming van de rechthebbende een aanplakbiljet of ander geschrift, afbeelding of aanduiding dan wel met enigerlei stof enige afbeelding, letter, cijfer of teken hierop aanplakken of op andere wijze aanbrengen |
Pl.V |
100 |
|||||||
|
F |
111 |
op of aan door het College aangewezen wegen of gedeelten daarvan gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen onder publiek verspreiden dan wel openlijk aanbieden, aanbevelen of bekendmaken |
Pl.V |
100 |
||||||||
|
F |
114 |
de weg of op of aan de weg een voertuig, woonwagen, tent of soortgelijk ander onderkomen als slaapplaats gebruiken |
Pl.V |
100 |
||||||||
|
F |
115 |
tijdens uren waarop het niet is toegestaan op de weg of openbaar water enig aanplakbiljet, aanplakdoek, kalk, teer, kleur- of verfstof of verfgereedschap te vervoeren of bij zich te hebben |
Pl.V |
100 |
||||||||
|
F |
118 |
op de weg (binnen een door het College aangewezen gebied) skaten of skateboarden |
Pl.V |
70 |
||||||||
|
F |
120 |
a |
op of aan de weg klimmen of zich bevinden op een beeld, monument, overkapping, constructie, openbare toiletgelegenheid, voertuig, hek, heining of andere afsluiting, verkeersmeubilair en daarvoor niet bestemd straatmeubilair |
Pl.V |
70 |
|||||||
|
F |
120 |
b |
op of aan de weg zich zodanig ophouden dat voor weggebruikers of bewoners van nabij de weg gelegen woningen onnodige overlast of hinder wordt veroorzaakt |
Pl.V |
100 |
|||||||
|
F |
121 |
a |
op de weg (binnen een door de het College aangewezen gebied) alcoholhoudende drank nuttigen |
Pl.V |
70 |
|||||||
|
F |
121 |
b |
op de weg (binnen een door het College aangewezen gebied) aangebroken flessen, blikjes e.d. met alcoholhoudende drank bij zich hebben |
Pl.V |
70 |
|||||||
|
F |
125 |
a |
zonder redelijk doel in een portiek of poort ophouden of in, op of tegen een raamkozijn of een drempel van een gebouw zitten of liggen |
Pl.V |
70 |
|||||||
|
F |
125 |
b |
– zich anders dan als bewoner of gebruiker van flatgebouwen, appartementsgebouwen en soortgelijke meergezinshuizen of van publiek toegankelijke gebouwen bevinden in een voor gemeenschappelijk gebruik bestemde ruimte |
Pl.V |
70 |
|||||||
|
F |
126 |
op de weg vervoeren, bij zich dragen of anderszins voorhanden hebben van kerstbomen, autobanden en andere voorwerpen of stoffen, met het kennelijk doel deze op de weg te verbranden |
Pl.V |
70 |
||||||||
|
F |
130 |
a |
(in of op) een voor het publiek toegankelijk portaal, telefooncel, wachtlokaal voor een openbaar vervoermiddel, parkeergarage, rijwielstalling of een andere soortgelijke ruimte zich zonder redelijk doel en op een voor anderen hinderlijke wijze ophouden |
Pl.V |
100 |
|||||||
|
F |
130 |
b |
(in of op) een voor het publiek toegankelijk portaal, telefooncel, wachtlokaal voor een openbaar vervoermiddel, parkeergarage, rijwielstalling of een andere soortgelijke ruimte verontreinigen |
Pl.V |
100 |
|||||||
|
F |
130 |
c |
(in of op) een voor het publiek toegankelijk portaal, telefooncel, wachtlokaal voor een openbaar vervoermiddel, parkeergarage, rijwielstalling of een andere soortgelijke ruimte voor een ander doel bezigen dan waarvoor de ruimte bestemd is |
Pl.V |
70 |
|||||||
|
F |
131 |
op of aan de weg een fiets, snorfiets of bromfiets plaatsen of laten staan tegen een raam, een raamkozijn, een deur, de gevel van een gebouw of in de ingang van een portiek, waardoor de doorgang wordt versperd, dan wel in strijd met de uitdrukkelijk verklaarde wil van de gebruiker van dat gebouw of portiek |
Pl.V |
25 |
||||||||
|
F |
133 |
een motorvoertuig, bromfiets of fiets op of aan de weg laten staan, anders dan deugdelijk afgesloten of onder behoorlijk toezicht |
Pl.V |
35 |
||||||||
|
F |
135 |
zich met een fiets of bromfiets bevinden op een terrein waar een markt, kermis, uitvoering, bijeenkomst of plechtigheid wordt gehouden, welke publiek trekt |
Pl.V |
35 |
||||||||
|
F |
136 |
zich met een winkelwagentje op of aan de weg bevinden op meer dan de toegestane afstand van het bedrijf dat het winkelwagentje ter beschikking heeft gesteld |
Pl.V |
70 |
||||||||
|
F |
140 |
a |
zich in de nabijheid van een persoon, gebouw, woonwagen of woonschip ophouden met de kennelijke bedoeling deze persoon of een zich daarin bevindende persoon te bespieden |
Pl.V |
100 |
|||||||
|
F |
140 |
b |
een persoon in een gebouw, woonwagen of woonschip door middel van een verrekijker bespieden |
Pl.V |
100 |
|||||||
|
F |
145 |
a |
als eigenaar of houder van een hond, deze laten verblijven of laten lopen op een weg gelegen binnen de bebouwde kom zonder dat de hond is aangelijnd |
Pl.V |
70 |
|||||||
|
F |
145 |
b |
als eigenaar of houder van een hond, deze laten verblijven of laten lopen op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak, speelweide of andere door het College aangewezen plaats |
Pl.V |
100 |
|||||||
|
F |
145 |
c |
als eigenaar of houder van een hond, deze laten verblijven of laten lopen op een weg zonder dat de hond is voorzien van een halsband of een door middel van tatoeage aangebracht identificatiemerk, die de eigenaar of houder van de hond duidelijk doet kennen |
Pl.V |
70 |
|||||||
|
F |
145 |
d |
als eigenaar of houder van een hond, deze laten verblijven of laten lopen op een weg zonder een deugdelijk middel dat is bestemd voor het verwijderen van uitwerpselen bij zich te dragen en/of dit middel niet op eerste vordering tonen aan de met het toezicht belaste ambtenaar |
Pl.V |
70 |
|||||||
|
F |
150 |
a |
als eigenaar of houder van een hond deze laten verblijven/lopen op of aan de weg of op een terrein van een ander, terwijl na schriftelijke aanzegging van het College deze hond niet op of aan de weg of op een terrein van een ander, terwijl na schriftelijke aanzegging van het College deze hond niet kort is aangelijnd |
Pl.V |
180 |
|||||||
|
F |
150 |
b |
als eigenaar of houder van een hond deze laten verblijven/lopen op of aan de weg of op een terrein van een ander, terwijl na schriftelijke aanzegging van het College deze hond niet op of aan de weg of op een terrein van een ander, terwijl na schriftelijke aanzegging van het College deze hond niet kort is aangelijnd en gemuilkorfd |
Pl.V |
180 |
|||||||
|
F |
151 |
als degene die één of meer dieren onder zijn hoede heeft, niet door voorzorgsmaatregelen die van hem mogen worden verwacht, voorkomen dat deze dieren voor de omgeving hinderlijk zijn |
Pl.V |
100 |
||||||||
|
F |
155 |
als rechthebbende er niet voor zorgen dat zodanige maatregelen worden getroffen dat het vee/pluimvee in een aan een weg liggend weiland of terrein, die weg niet kan bereiken |
Pl.V |
100 |
||||||||
|
F |
171 |
a |
op de weg of weggedeelte (binnen een door het College aangewezen gebied) softdrugs gebruiken of voorhanden hebben |
Pl.V |
70 |
|||||||
|
F |
180 |
a |
de weg niet (doen) reinigen na een verontreiniging ontstaan bij het laden, lossen of vervoeren van stoffen of voorwerpen of bij andere werkzaamheden terstond, bij gevaar voor de verkeersveiligheid of bij gevaar voor beschadiging van het wegdek |
Pl.V |
180 |
|||||||
|
F |
180 |
b |
de weg niet (doen) reinigen na een verontreiniging ontstaan bij het laden, lossen of vervoeren van stoffen of voorwerpen of bij andere werkzaamheden na het beëindigen van de werkzaamheden (iedere dag) in overige situaties |
Pl.V |
100 |
|||||||
|
F |
185 |
binnen de bebouwde kom buiten een daarvoor bestemde inrichting/plaats op of aan de weg zijn natuurlijke behoefte doen |
Pl.V |
100 |
||||||||
|
F |
190 |
een geparkeerd voertuig op een aangewezen weg of weggedeelte, waar dit niet is toegestaan, te koop aanbieden of verhandelen |
Pl.V |
140 |
||||||||
|
F |
195 |
een defect voertuig op een weg, langer dan de vastgestelde termijn |
Pl.V |
70 |
||||||||
|
F |
205 |
een kampeerwagen, caravan, magazijnwagen, keetwagen, aanhangwagen of ander dergelijk voertuig op een aangewezen weg waar dit niet is toegestaan, langer dan de vastgestelde termijn doen of laten staan |
Pl.V |
70 |
||||||||
|
F |
210 |
een voertuig dat is voorzien van een aanduiding van handelsreclame op een weg parkeren met als doel handelsreclame te maken |
Pl.V |
140 |
||||||||
|
F |
212 |
a |
een recreatiegebied gebruiken in strijd met de bepalingen geldend voor dat gebied door het parkeren of aanwezig hebben van een voertuig of vaartuig |
Pl.V |
70 |
70 |
45 |
25 |
25 |
70 |
70 |
|
|
F |
212 |
b |
een recreatiegebied gebruiken in strijd met de bepalingen geldend voor dat gebied anders dan tot doel van dagrecreatie |
Pl.V |
100 |
|||||||
|
F |
212 |
c |
een recreatiegebied gebruiken in strijd met de bepalingen geldend voor dat gebied door met geluid voortbrengende apparatuur overlast te veroorzaken |
Pl.V |
100 |
|||||||
|
F |
212 |
d |
een recreatiegebied gebruiken in strijd met de bepalingen geldend voor dat gebied door te graven of te spitten of doen graven of spitten op buiten het strand, de zandhelling, speelkuilen of zandbakken gelegen gedeelten |
Pl.V |
100 |
|||||||
|
F |
212 |
e |
een recreatiegebied gebruiken in strijd met de bepalingen geldend voor dat gebied door anders dan in de aanwezige afvalbakken wegwerpen, neerleggen en/of achterlaten van afval, vuilnis, resten van levensmiddelen, papier, blikken, flessen of verpakkingsmateriaal |
Pl.V |
100 |
|||||||
|
F |
212 |
f |
een recreatiegebied gebruiken in strijd met de bepalingen geldend voor dat gebied door een afvalmand, -bak of soortgelijk voorwerp op andere wijze te gebruiken dan tot het deponeren van klein afval |
Pl.V |
100 |
|||||||
|
F |
212 |
g |
een recreatiegebied gebruiken in strijd met de bepalingen geldend voor dat gebied door zich als eigenaar of houder van een hond zich met die hond in een vastgestelde periode te bevinden buiten een aangewezen gebied, waar het verblijf van de hond is toegestaan |
Pl.V |
70 |
|||||||
|
F |
216 |
een voertuig parkeren of enig ander voorwerp plaatsen of laten staan op een weggedeelte waarvan door het bevoegde gezag is bekend gemaakt dat dit niet is toegestaan op de in die bekendmaking genoemde dagen en tijden (markt, evenement, kermis enz) |
Pl.V |
70 |
70 |
45 |
25 |
25 |
70 |
|||
|
F |
235 |
met of voor een vaartuig een ligplaats innemen, hebben of beschikbaar stellen op een gedeelte van een openbaar water waar dit niet is toegestaan |
Pl.V |
70 |
70 |
|||||||
|
F |
236 |
a |
het zonder ontheffing van het College varen, doen of laten varen met enig vaartuig |
Pl.V |
70 |
70 |
||||||
|
F |
237 |
a |
het varen, doen of laten varen zonder dat de ontheffing in het vaartuig aanwezig is of zonder dat de corresponderende sticker op de juiste wijze is bevestigd |
Pl.V |
70 |
70 |
||||||
|
F |
240 |
als bader of zwemmer in openbaar water zich zodanig gedragen dat het scheepvaartverkeer daarvan hinder of gevaar kan ondervinden |
Pl.V |
100 |
||||||||
|
F |
245 |
zich zonder redelijk doel aan, op, of in een vaartuig in openbaar water vasthouden, klimmen, begeven of bevinden |
Pl.V |
70 |
||||||||
|
F |
250 |
a |
zich in/op voor publiek toegankelijke natuurgebieden, bossen, parken, plantsoenen of recreatieterreinen bevinden ten aanzien waarvan door het bevoegde gezag is verklaard dat het gebruik van een motorvoertuig, bromfiets, fiets, rij- of trekdier overlast kan veroorzaken of schade kan berokkenen aan milieuwaarden, te weten met een vervoermiddel in gesloten tijd of gesloten gebied |
Pl.V |
100 |
100 |
70 |
40 |
40 |
|||
|
F |
250 |
b |
zich in/op voor publiek toegankelijke natuurgebieden, bossen, parken, plantsoenen of recreatieterreinen bevinden ten aanzien waarvan door het bevoegde gezag is verklaard dat het gebruik van een motorvoertuig, bromfiets, fiets, rij- of trekdier overlast kan veroorzaken of schade kan berokkenen aan milieuwaarden, te weten met een motorvoertuig, bromfiets, fiets of paard buiten de (onverharde) wegen of gemarkeerde paden |
Pl.V |
100 |
100 |
70 |
40 |
40 |
|||
|
F |
250 |
c |
zich in/op voor publiek toegankelijke natuurgebieden, bossen, parken, plantsoenen of recreatieterreinen bevinden ten aanzien waarvan door het bevoegde gezag is verklaard dat het gebruik van een motorvoertuig, bromfiets, fiets, rij- of trekdier overlast kan veroorzaken of schade kan berokkenen aan milieuwaarden, te weten met een rij- of trekdier buiten de daarvoor bestemde paden |
Pl.V |
40 |
|||||||
|
F |
260 |
a |
met een motorrijtuig gebruik maken van een weg in strijd met de verordening tot het bevorderen van ongestoord wetenschappelijk onderzoek van de RadioSterrenWacht (storingsvrije zone), te weten rijdend |
Pl.V |
100 |
100 |
70 |
40 |
||||
|
F |
260 |
b |
met een motorrijtuig gebruik maken van een weg in strijd met de verordening tot het bevorderen van ongestoord wetenschappelijk onderzoek van de RadioSterrenWacht (storingsvrije zone), te weten parkeren danwel laten staan |
Pl.V |
70 |
70 |
45 |
25 |
Afdeling
G
Misdrijven
Categorie-indeling B:
1 – Bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brommobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft;
2 – Bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen;
3 – Bromfietsers en snorfietsers;
4 – Fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor;
5 – Voetgangers;
6 – Overige weggebruikers;
7 – Gezagvoerders/schippers;
8 – Eenieder.
NB De categorieën 1 tot en met 4 gelden in voorkomend geval mede voor bestuurders van één van de op die categorieën betrekking hebbende voertuigen, indien daarmee een aanhangwagen wordt voortbewogen
|
Nummers G 050 – G 100: Boek 2 Wetboek van Strafrecht (WvSr) |
||||||||||||
|
goederen uit een winkel/vanaf een benzinestation wegnemen/toe-eigenen waarde van het ontvreemde goed |
310/321 WvSr |
|||||||||||
|
G |
100 |
a |
– t/m € 50 |
150 |
||||||||
|
G |
100 |
b |
– meer dan € 50 en t/m € 120 |
250 |
Bijlage
1
bij de Richtlijn voor strafvordering tarieven en feitomschrijvingen enz. per 1/1/2011
Afdeling
A
Verkeer te land
Categorie-indeling B:
1 – Bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brommobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft;
2 – Bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen;
3 – Bromfietsers en snorfietsers;
4 – Fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor;
5 – Voetgangers;
6 – Overige weggebruikers;
7 – Gezagvoerders/schippers;
8 – Een ieder.
NB De categorieën 1 tot en met 4 gelden in voorkomend geval mede voor bestuurders van één van de op die categorieën betrekking hebbende voertuigen, indien daarmee een aanhangwagen wordt voortbewogen
|
Nummers K 006 – K 175: Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994); Reglement Rijbewijzen (RR) |
||||||||||||
|
als bestuurder van een motorrijtuig rijden terwijl krachtens de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften |
9 lid 8 WVW 1994 |
|||||||||||
|
K |
006 |
b |
– het rijbewijs is gevorderd |
* |
* |
* |
||||||
|
als bestuurder van een motorrijtuig rijden, terwijl het kentekenbewijs is ingevorderd |
36 lid 3 sub c WVW 1994 |
|||||||||||
|
K |
020 |
b |
– zonder reparatie |
cat 1, 2 en 3: dagvaarden: eis; geldboete vanaf € 180+o.a.v. |
||||||||
|
K |
024 |
een voertuig dat ingevolge art. 21 lid 1 WVW 1994 dient te zijn goedgekeurd voor toelating tot het verkeer op de weg laten staan of daarmee rijden terwijl dit voertuig niet is goedgekeurd voor toelating tot het verkeer op de weg (geldt niet voor een voertuig waarvoor een geldig kentekenbewijs is afgegeven) |
33 WVW 1994 |
280 ma |
280 ma |
190 ma |
280 ma |
|||||
|
een motorrijtuig of een aanhangwagen, waarvoor een kenteken(bewijs) ingevolge de WVW 1994 is vereist, laten staan of daarmee rijden, terwijl voor dat voertuig geen kenteken is opgegeven, geen kentekenbewijs is afgegeven of het kentekenbewijs zijn geldigheid heeft verloren |
36 lid 1/3 WVW 1994 |
|||||||||||
|
K |
026 |
a |
– een motorrijtuig, niet zijnde een bromfiets |
280 |
280 |
280 |
||||||
|
K |
026 |
aa |
– zijnde een bromfiets |
190 |
190 |
|||||||
|
K |
026 |
b |
– een aanhangwagen met een toegestane maximummassa van meer dan 750 kg tot en met 3500 kg |
140 |
140 |
|||||||
|
K |
026 |
c |
– een aanhangwagen met een toegestane maximummassa van meer dan 3500 kg |
280 |
280 |
|||||||
|
K |
055 |
als bestuurder van een motorrijtuig rijden zonder rijbewijs voor de categorie waartoe dat motorrijtuig behoort (alleen van toepassing op bestuurders vanaf 18 jaar (categorie 1 en 2) of 16 jaar (categorie 3)) |
107 lid 1 WVW 1994 |
270 |
270 |
180 |
||||||
|
als bestuurder van een motorrijtuig rijden terwijl het rijbewijs |
||||||||||||
|
K |
060 |
f |
– zijn geldigheid heeft verloren door het verstrijken van de geldigheidsduur, waarbij de geldigheidsduur meer dan één jaar is verstreken (recidive: zie 4.2 recidiveregeling rijden zonder rijbewijs, richtlijn voor strafvordering tarieven en feitomschrijvingen voor misdrijven, overtredingen en gedragingen als bedoeld in de WAHV) |
107 lid 2 sub b WVW 1994 |
270 |
270 |
180 |
|||||
|
K |
065 |
b |
als bestuurder beneden de 18 jaar een motorrijtuig besturen |
110 lid 1 WVW 1994 |
270 |
270 |
||||||
|
K |
110 |
als houder van een ongeldig verklaard rijbewijs, dat rijbewijs niet inleveren zodra de ongeldigverklaring van kracht is geworden |
124 lid 4 WVW 1994 |
180 |
||||||||
|
K |
115 |
als bestuurder van een motorrijtuig niet op eerste vordering het aan hem afgegeven rijbewijs overgeven terwijl ten aanzien van hem het vermoeden bestaat dat hij niet langer rijvaardig dan wel ongeschikt is |
130 lid 2 WVW 1994 |
180 |
180 |
|||||||
|
K |
125 |
als houder van een ongeldig verklaard rijbewijs dat rijbewijs niet inleveren, zodra de ongeldigverklaring van kracht is |
132 lid 5 WVW 1994 |
180 |
||||||||
|
K |
170 |
zich zodanig gedragen dat gevaar op de weg wordt veroorzaakt of kan worden veroorzaakt of dat het verkeer op de weg wordt gehinderd of kan worden gehinderd |
5 WVW 1994 |
* |
* |
* |
* |
* |
* |
* |
||
Nummers S 005 – S 026, VA 004 – RV 101: Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
Categorie-indeling C: (maximum snelheid)
1 – motorvoertuigen (uitgezonderd categorie 2: vrachtauto’s, autobussen en motorvoertuigen met aanhangwagen);
2 – vrachtauto’s, autobussen, als bedrijfsauto aangemerkte kampeerauto’s met een toegestane maximum massa van meer dan 3500 kg en motorvoertuigen met aanhangwagen;
3 – bromfietsen, brommobielen, snorfietsen en gehandicaptenvoertuigen met motor;
4 – land- of bosbouwtrekkers en motorvoertuigen met beperkte snelheid.
|
Hoofdstuk 2. Verkeersregels |
||||||||||||
|
VIII. Maximum snelheid |
||||||||||||
|
A. Algemeen |
||||||||||||
|
als bestuurder niet in staat zijn, zijn voertuig tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij de weg kan overzien en waarover deze vrij is 19 RVV 1990 |
||||||||||||
|
S |
005 |
c |
– bij snelheden van meer dan 80 km/h en tot en met 100 km/h, onderlinge afstand 3 meter of meer |
310 |
310 |
210 |
|
|
||||
|
S |
005 |
d |
– bij snelheden van meer dan 80 km/h en tot en met 100 km/h, onderlinge afstand minder dan 3 meter |
440 |
440 |
300 |
|
|
||||
|
S |
005 |
e |
– bij snelheden van meer dan 100 km/h en tot en met 120 km/h, onderlinge afstand 3 meter of meer |
440 |
440 |
300 |
|
|
||||
|
S |
005 |
f |
– bij snelheden van meer dan 100 km/h en tot en met 120 km/h, onderlinge afstand minder dan 3 meter |
550 |
550 |
390 |
|
|
||||
|
S |
005 |
g |
– bij snelheden van meer dan 120 km/h, ongeacht de onderlinge afstand |
* |
* |
* |
||||||
|
|
|
|
|
|||||||||
|
als bestuurder niet in staat zijn, zijn voertuig tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij de weg kan overzien en waarover deze vrij is, immers met behulp van een Videocontrole systeem (VCS) is waargenomen dat bij een snelheid van meer dan 80 km/h en tot en met 100 km/h de onderlinge afstand tussen de voertuigen overeenkomt met een tijd |
19 RVV 1990 |
|
|
|
|
|||||||
|
S |
016 |
a |
– van 0,5 seconde tot en met 0,2 seconde |
310 |
310 |
|
|
|
||||
|
S |
016 |
b |
– van minder dan 0,2 seconde |
440 |
440 |
|
|
|
||||
|
|
|
|
|
|||||||||
|
als bestuurder niet in staat zijn, zijn voertuig tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij de weg kan overzien en waarover deze vrij is, immers met behulp van een Videocontrole systeem (VCS) is waargenomen dat bij een snelheid van meer dan 100 km/h en tot en met 120 km/h de onderlinge afstand tussen de voertuigen overeenkomt met een tijd |
19 RVV 1990 |
|
|
|
|
|||||||
|
S |
021 |
a |
– van 0,5 seconde t/m 0,1 seconde |
440 |
440 |
|
|
|
||||
|
S |
021 |
b |
– van minder dan 0,1 seconde |
560 |
560 |
|
|
|
||||
|
S |
026 |
a |
als bestuurder niet in staat zijn, zijn voertuig tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij de weg kan overzien en waarover deze vrij is, immers met behulp van een Videocontrole systeem (VCS) is waargenomen dat bij een snelheid van meer dan 120 km/h de onderlinge afstand tussen de voertuigen overeenkomt met een tijd van 0,5 seconde of minder |
19 RVV 1990 |
* |
* |
|
Snelheidsoverschrijdingen |
||||||||
|
Noot (snelheidsovertredingen algemeen) |
||||||||
|
Indien een feitcode van toepassing is waarbij de snelheidsoverschrijding per kilometer is aangegeven en er wordt een waarde achter de komma gemeten, dan moet deze te allen tijde naar beneden worden afgerond op een hele kilometer. |
||||||||
|
b. Binnen de bebouwde kom |
||||||||
|
Noot: |
||||||||
|
* = recidiveregeling snelheid (zie punt 4.3.1 Richtlijn voor strafvordering tarieven en feitomschrijvingen); bij staandehouding wordt bij overschrijding vanaf 50 km/h of 30 km/h (cat. 3) het rijbewijs ingevorderd en dient het proces-verbaal met het proces-verbaal van invordering te worden ingezonden naar het openbaar ministerie |
||||||||
|
overschrijding van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom (gedragsregel) |
20 sub a RVV 1990 (cat 1/2), 20 sub b en c RVV 1990 (cat 3), 22 sub d en e RVV 1990 (cat 3), 22 sub c RVV 1990 (cat 4) |
|||||||
|
VA |
030 |
a |
– met 30 km/h |
240 obm |
||||
|
VA |
035 |
a |
– van 31 tot 35 km/h |
290 obm |
||||
|
VA |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
288 |
360 |
288 |
|||
|
VA |
040 |
a |
– van 35 tot 40 km/h |
350 obm |
||||
|
VA |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
350 |
440 |
350 |
|||
|
VA |
045 |
a |
– van 40 tot 45 km/h |
420 obm |
||||
|
VA |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
420 |
520 |
420 |
|||
|
VA |
050 |
a |
– van 45 tot 50 km/h |
500 obm |
||||
|
VA |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
500 |
630 |
500 |
|||
|
VA |
055 |
a |
– van 50 tot 55 km/h |
590 obm |
||||
|
VA |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
590 |
730 |
590 |
|||
|
VA |
060 |
a |
– van 55 tot 60 km/h |
700 obm |
||||
|
VA |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
700 |
870 |
700 |
|||
|
VA |
065 |
a |
– van 60 tot 65 km/h |
810 obm |
||||
|
VA |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
810 |
1000 |
810 |
|||
|
VA |
070 |
a |
– van 65 tot 70 km/h |
930 obm |
||||
|
VA |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
930 |
1100 |
930 |
|||
|
VA |
075 |
– van 70 tot 75 km/h (De bij de feitcodes VA 075 t/m VA 100 vermelde tarieven betreffen de eis ter zitting voor de eerste overtreding. Naast deze boete dient een OBM ovw conform de recidiveregeling snelheidsovertredingen te worden geëist) |
1000 obm |
1250 obm |
1000 obm |
1000 obm |
||
|
VA |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1200 obm |
1400 obm |
1200 obm |
1200 obm |
||
|
VA |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1300 obm |
1550 obm |
1300 obm |
1300 obm |
||
|
VA |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1450 obm |
1650 obm |
1450 obm |
1450 obm |
||
|
VA |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1600 obm |
1850 obm |
1600 obm |
1600 obm |
||
|
VA |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
1800 obm |
2100 obm |
1800 obm |
1800 obm |
||
|
VA |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
* |
* |
* |
||
|
overschrijding van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom (verkeersbord A1) |
62 jo. bord A1 RVV 1990 |
|||||||
|
VB |
030 |
a |
– met 30 km/h |
240 obm |
||||
|
VB |
035 |
a |
– van 31 tot 35 km/h |
290 obm |
||||
|
VB |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
288 |
360 |
288 |
|||
|
VB |
040 |
a |
– van 35 tot 40 km/h |
350 obm |
||||
|
VB |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
350 |
440 |
350 |
|||
|
VB |
045 |
a |
– van 40 tot 45 km/h |
420 obm |
||||
|
VB |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
420 |
520 |
420 |
|||
|
VB |
050 |
a |
– van 45 tot 50 km/h |
500 obm |
||||
|
VB |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
500 |
630 |
500 |
|||
|
VB |
055 |
a |
– van 50 tot 55 km/h |
590 obm |
||||
|
VB |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
590 |
730 |
590 |
|||
|
VB |
060 |
a |
– van 55 tot 60 km/h |
700 obm |
||||
|
VB |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
700 |
870 |
700 |
|||
|
VB |
065 |
a |
– van 60 tot 65 km/h |
810 obm |
||||
|
VB |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
810 |
1000 |
810 |
|||
|
VB |
070 |
a |
– van 65 tot 70 km/h |
930 obm |
||||
|
VB |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
930 |
1100 |
930 |
|||
|
VB |
075 |
– van 70 tot 75 km/h (De bij de feitcodes VB 075 t/m VB 100 vermelde tarieven betreffen de eis ter zitting voor de eerste overtreding. Naast deze boete dient een OBM ovw conform de recidiveregeling snelheidsovertredingen te worden geëist) |
1000 obm |
1250 obm |
1000 obm |
1000 obm |
||
|
VB |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1200 obm |
1400 obm |
1200 obm |
1200 obm |
||
|
VB |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1300 obm |
1550 obm |
1300 obm |
1300 obm |
||
|
VB |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1450 obm |
1650 obm |
1450 obm |
1450 obm |
||
|
VB |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1600 obm |
1850 obm |
1600 obm |
1600 obm |
||
|
VB |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
1800 obm |
2100 obm |
1800 obm |
1800 obm |
||
|
VB |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
* |
* |
* |
||
|
overschrijding van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom (verkeersbord A3) |
62 jo. bord A3 RVV 1990 |
|||||||
|
VC |
030 |
a |
– met 30 km/h |
240 obm |
||||
|
VC |
035 |
a |
– van 31 tot 35 km/h |
290 obm |
||||
|
VC |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
288 |
360 |
288 |
|||
|
VC |
040 |
a |
– van 35 tot 40 km/h |
350 obm |
||||
|
VC |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
350 |
440 |
350 |
|||
|
VC |
045 |
a |
– van 40 tot 45 km/h |
420 obm |
||||
|
VC |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
420 |
520 |
420 |
|||
|
VC |
050 |
a |
– van 45 tot 50 km/h |
500 obm |
||||
|
VC |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
500 |
630 |
500 |
|||
|
VC |
055 |
a |
– van 50 tot 55 km/h |
590 obm |
||||
|
VC |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
590 |
730 |
590 |
|||
|
VC |
060 |
a |
– van 55 tot 60 km/h |
700 obm |
||||
|
VC |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
700 |
870 |
700 |
|||
|
VC |
065 |
a |
– van 60 tot 65 km/h |
810 obm |
||||
|
VC |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
810 |
1000 |
810 |
|||
|
VC |
070 |
a |
– van 65 tot 70 km/h |
930 obm |
||||
|
VC |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
930 |
1100 |
930 |
|||
|
VC |
075 |
– van 70 tot 75 km/h (De bij de feitcodes VC 075 t/m VC 100 vermelde tarieven betreffen de eis ter zitting voor de eerste overtreding. Naast deze boete dient een OBM ovw conform de recidiveregeling snelheidsovertredingen te worden geëist) |
1000 obm |
1250 obm |
1000 obm |
1000 obm |
||
|
VC |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1200 obm |
1400 obm |
1200 obm |
1200 obm |
||
|
VC |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1300 obm |
1550 obm |
1300 obm |
1300 obm |
||
|
VC |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1450 obm |
1650 obm |
1450 obm |
1450 obm |
||
|
VC |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1600 obm |
1850 obm |
1600 obm |
1600 obm |
||
|
VC |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
1800 obm |
2100 obm |
1800 obm |
1800 obm |
||
|
VC |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
* |
* |
* |
||
|
overschrijding van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom bij wegwerkzaamheden (verkeersbord A1) |
62 jo. bord A1 RVV 1990 |
|||||||
|
VD |
025 |
a |
– met 25 km/h |
360 |
||||
|
VD |
026 |
a |
– met 26 km/h |
370 |
||||
|
VD |
027 |
a |
– met 27 km/h |
390 |
||||
|
VD |
028 |
a |
– met 28 km/h |
410 |
||||
|
VD |
029 |
a |
– met 29 km/h |
420 |
||||
|
VD |
030 |
a |
– met 30 km/h |
440 |
||||
|
VD |
030 |
b |
– met 30 km/h |
310 obm |
||||
|
VD |
035 |
a |
– van 31 tot 35 km/h |
360 obm |
||||
|
VD |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
360 |
500 |
360 |
|||
|
VD |
040 |
a |
– van 35 tot 40 km/h |
440 obm |
||||
|
VD |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
440 |
590 |
440 |
|||
|
VD |
045 |
a |
– van 40 tot 45 km/h |
520 obm |
||||
|
VD |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
520 |
710 |
520 |
|||
|
VD |
050 |
a |
– van 45 tot 50 km/h |
630 obm |
||||
|
VD |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
630 |
850 |
630 |
|||
|
VD |
055 |
a |
– van 50 tot 55 km/h |
730 obm |
||||
|
VD |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
730 |
980 |
730 |
|||
|
VD |
060 |
a |
– van 55 tot 60 km/h |
870 obm |
||||
|
VD |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
870 |
1100 |
870 |
|||
|
VD |
065 |
a |
– van 60 tot 65 km/h |
1000 obm |
||||
|
VD |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
1000 |
1250 |
1000 |
|||
|
VD |
070 |
a |
– van 65 tot 70 km/h |
1100 obm |
||||
|
VD |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
1100 |
1400 |
1100 |
|||
|
VD |
075 |
– van 70 tot 75 km/h (De bij de feitcodes VD 075 t/m VD 100 vermelde tarieven betreffen de eis ter zitting voor de eerste overtreding. Naast deze boete dient een OBM ovw conform de recidiveregeling snelheidsovertredingen te worden geëist) |
1250 obm |
1550 obm |
1250 obm |
1250 obm |
||
|
VD |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1400 obm |
1650 obm |
1400 obm |
1400 obm |
||
|
VD |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1550 obm |
1850 obm |
1550 obm |
1550 obm |
||
|
VD |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1650 obm |
2100 obm |
1650 obm |
1650 obm |
||
|
VD |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1850 obm |
2300 obm |
1850 obm |
1850 obm |
||
|
VD |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
2100 obm |
2500 obm |
2100 obm |
2100 obm |
||
|
VD |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
* |
* |
* |
||
|
overschrijding van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom bij wegwerkzaamheden (verkeersbord A3) |
62 jo. bord A3 RVV 1990 |
|||||||
|
VE |
025 |
a |
– met 25 km/h |
360 |
||||
|
VE |
026 |
a |
– met 26 km/h |
370 |
||||
|
VE |
027 |
a |
– met 27 km/h |
390 |
||||
|
VE |
028 |
a |
– met 28 km/h |
410 |
||||
|
VE |
029 |
a |
– met 29 km/h |
420 |
||||
|
VE |
030 |
a |
– met 30 km/h |
440 |
||||
|
VE |
030 |
b |
– met 30 km/h |
310 obm |
||||
|
VE |
035 |
a |
– van 31 tot 35 km/h |
360 obm |
||||
|
VE |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
360 |
500 |
360 |
|||
|
VE |
040 |
a |
– van 35 tot 40 km/h |
440 obm |
||||
|
VE |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
440 |
590 |
440 |
|||
|
VE |
045 |
a |
– van 40 tot 45 km/h |
520 obm |
||||
|
VE |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
520 |
710 |
520 |
|||
|
VE |
050 |
a |
– van 45 tot 50 km/h |
630 obm |
||||
|
VE |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
630 |
850 |
630 |
|||
|
VE |
055 |
a |
– van 50 tot 55 km/h |
730 obm |
||||
|
VE |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
730 |
980 |
730 |
|||
|
VE |
060 |
a |
– van 55 tot 60 km/h |
870 obm |
||||
|
VE |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
870 |
1100 |
870 |
|||
|
VE |
065 |
a |
– van 60 tot 65 km/h |
1000 obm |
||||
|
VE |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
1000 |
1250 |
1000 |
|||
|
VE |
070 |
a |
– van 65 tot 70 km/h |
1100 obm |
||||
|
VE |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
1100 |
1400 |
1100 |
|||
|
VE |
075 |
– van 70 tot 75 km/h (De bij de feitcodes VE 075 t/m VE 100 vermelde tarieven betreffen de eis ter zitting voor de eerste overtreding. Naast deze boete dient een OBM ovw conform de recidiveregeling snelheidsovertredingen te worden geëist) |
1250 obm |
1550 obm |
1250 obm |
1250 obm |
||
|
VE |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1400 obm |
1650 obm |
1400 obm |
1400 obm |
||
|
VE |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1550 obm |
1850 obm |
1550 obm |
1550 obm |
||
|
VE |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1650 obm |
2100 obm |
1650 obm |
1650 obm |
||
|
VE |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1850 obm |
2300 obm |
1850 obm |
1850 obm |
||
|
VE |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
2100 obm |
2500 obm |
2100 obm |
2100 obm |
||
|
VE |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
* |
* |
* |
||
|
c. (Auto)wegen buiten de bebouwde kom |
||||||||
|
Noot: |
||||||||
|
* = recidiveregeling snelheid (zie punt 7.2.1 Richtlijnen voor strafvordering tarieven en feitomschrijvingen); bij staandehouding wordt bij overschrijding vanaf 50 km/h het rijbewijs ingevorderd en dient het proces-verbaal te worden ingezonden naar het openbaar ministerie |
||||||||
|
overschrijding van de maximumsnelheid op (auto)wegen buiten de bebouwde kom (gedragsregel) |
21 sub a RVV 1990 (cat 1), 22 sub a, b, f en g RVV 1990 (cat 2), 21 sub b en c RVV 1990 (cat 3), 22 sub d en e RVV 1990 (cat 3), 22 sub c RVV 1990 (cat 4) |
|||||||
|
VF |
030 |
a |
– met 30 km/h |
220 obm |
||||
|
VF |
035 |
a |
– van 31 tot 35 km/h |
240 obm |
||||
|
VF |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
241 |
320 |
241 |
|||
|
VF |
040 |
a |
– van 35 tot 40 km/h |
320 obm |
||||
|
VF |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
320 |
390 |
320 |
|||
|
VF |
045 |
a |
– van 40 tot 45 km/h |
390 obm |
||||
|
VF |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
390 |
480 |
390 |
|||
|
VF |
050 |
a |
– van 45 tot 50 km/h |
480 obm |
||||
|
VF |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
480 |
570 |
480 |
|||
|
VF |
055 |
a |
– van 50 tot 55 km/h |
560 obm |
||||
|
VF |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
560 |
660 |
560 |
|||
|
VF |
060 |
a |
– van 55 tot 60 km/h |
650 obm |
||||
|
VF |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
650 |
790 |
650 |
|||
|
VF |
065 |
a |
– van 60 tot 65 km/h |
740 obm |
||||
|
VF |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
740 |
920 |
740 |
|||
|
VF |
070 |
a |
– van 65 tot 70 km/h |
870 obm |
||||
|
VF |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
870 |
1000 |
870 |
|||
|
VF |
075 |
– van 70 tot 75 km/h (De bij de feitcodes VF 075 t/m VF 100 vermelde tarieven betreffen de eis ter zitting voor de eerste overtreding. Naast deze boete dient een OBM ovw conform de recidiveregeling snelheidsovertredingen te worden geëist) |
980 obm |
1200 obm |
980 obm |
980 obm |
||
|
VF |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1050 obm |
1300 obm |
1050 obm |
1050 obm |
||
|
VF |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1250 obm |
1450 obm |
1250 obm |
1250 obm |
||
|
VF |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1350 obm |
1600 obm |
1350 obm |
1350 obm |
||
|
VF |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1450 obm |
1750 obm |
1450 obm |
1450 obm |
||
|
VF |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
1650 obm |
1950 obm |
1650 obm |
1650 obm |
||
|
VF |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
* |
* |
* |
||
|
overschrijding van de maximumsnelheid op (auto)wegen buiten de bebouwde kom (verkeersbord A1) |
62 jo. bord A1 RVV 1990 |
|||||||
|
VG |
030 |
a |
– met 30 km/h |
220 obm |
||||
|
VG |
035 |
a |
– van 31 tot 35 km/h |
240 obm |
||||
|
VG |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
241 |
320 |
||||
|
VG |
040 |
a |
– van 35 tot 40 km/h |
320 obm |
||||
|
VG |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
320 |
390 |
||||
|
VG |
045 |
a |
– van 40 tot 45 km/h |
390 obm |
||||
|
VG |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
390 |
480 |
||||
|
VG |
050 |
a |
– van 45 tot 50 km/h |
480 obm |
||||
|
VG |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
480 |
570 |
||||
|
VG |
055 |
a |
– van 50 tot 55 km/h |
560 obm |
||||
|
VG |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
560 |
660 |
||||
|
VG |
060 |
a |
– van 55 tot 60 km/h |
650 obm |
||||
|
VG |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
650 |
790 |
||||
|
VG |
065 |
a |
– van 60 tot 65 km/h |
740 obm |
||||
|
VG |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
740 |
920 |
||||
|
VG |
070 |
a |
– van 65 tot 70 km/h |
870 obm |
||||
|
VG |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
870 |
1000 |
||||
|
VG |
075 |
– van 70 tot 75 km/h (De bij de feitcodes VG 075 t/m VG 100 vermelde tarieven betreffen de eis ter zitting voor de eerste overtreding. Naast deze boete dient een OBM ovw conform de recidiveregeling snelheidsovertredingen te worden geëist) |
980 obm |
1200 obm |
980 obm |
|||
|
VG |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1050 obm |
1300 obm |
1050 obm |
|||
|
VG |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1250 obm |
1450 obm |
1250 obm |
|||
|
VG |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1350 obm |
1600 obm |
1350 obm |
|||
|
VG |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1450 obm |
1750 obm |
1450 obm |
|||
|
VG |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
1650 obm |
1950 obm |
1650 obm |
|||
|
VG |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
* |
* |
|||
|
overschrijding van de maximumsnelheid op (auto)wegen buiten de bebouwde kom (verkeersbord A3) |
62 jo. bord A3 RVV 1990 |
|||||||
|
VH |
030 |
a |
– met 30 km/h |
220 obm |
||||
|
VH |
035 |
a |
– van 31 tot 35 km/h |
240 obm |
||||
|
VH |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
241 |
320 |
||||
|
VH |
040 |
a |
– van 35 tot 40 km/h |
320 obm |
||||
|
VH |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
320 |
390 |
||||
|
VH |
045 |
a |
– van 40 tot 45 km/h |
390 obm |
||||
|
VH |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
390 |
480 |
||||
|
VH |
050 |
a |
– van 45 tot 50 km/h |
480 obm |
||||
|
VH |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
480 |
570 |
||||
|
VH |
055 |
a |
– van 50 tot 55 km/h |
560 obm |
||||
|
VH |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
560 |
660 |
||||
|
VH |
060 |
a |
– van 55 tot 60 km/h |
650 obm |
||||
|
VH |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
650 |
790 |
||||
|
VH |
065 |
a |
– van 60 tot 65 km/h |
740 obm |
||||
|
VH |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
740 |
920 |
||||
|
VH |
070 |
a |
– van 65 tot 70 km/h |
870 obm |
||||
|
VH |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
870 |
1000 |
||||
|
VH |
075 |
– van 75 tot 80 km/h |
980 obm |
1200 obm |
980 obm |
|||
|
VH |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1050 obm |
1300 obm |
1050 obm |
|||
|
VH |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1250 obm |
1450 obm |
1250 obm |
|||
|
VH |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1350 obm |
1600 obm |
1350 obm |
|||
|
VH |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1450 obm |
1750 obm |
1450 obm |
|||
|
VH |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
1650 obm |
1950 obm |
1650 obm |
|||
|
VH |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
* |
* |
|||
|
overschrijding van de maximumsnelheid op (auto)wegen buiten de bebouwde kom bij wegwerkzaamheden (verkeersbord A1) |
62 jo. bord A1 RVV 1990, 22 sub a, f en g RVV 1990 (cat 2) |
|||||||
|
VI |
029 |
a |
– met 29 km/h |
360 |
||||
|
VI |
030 |
b |
– met 30 km/h |
370 |
||||
|
VI |
030 |
a |
– met 30 km/h |
230 obm |
||||
|
VI |
035 |
a |
– van 31 tot 35 km/h |
320 obm |
||||
|
VI |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
320 |
420 |
||||
|
VI |
040 |
a |
– van 35 tot 40 km/h |
390 obm |
||||
|
VI |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
390 |
510 |
||||
|
VI |
045 |
a |
– van 40 tot 45 km/h |
480 obm |
||||
|
VI |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
480 |
600 |
||||
|
VI |
050 |
a |
– van 45 tot 50 km/h |
570 obm |
||||
|
VI |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
570 |
720 |
||||
|
VI |
055 |
a |
– van 50 tot 55 km/h |
660 obm |
||||
|
VI |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
660 |
850 |
||||
|
VI |
060 |
a |
– van 55 tot 60 km/h |
790 obm |
||||
|
VI |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
790 |
960 |
||||
|
VI |
065 |
a |
– van 60 tot 65 km/h |
920 obm |
||||
|
VI |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
920 |
1050 |
||||
|
VI |
070 |
a |
– van 65 tot 70 km/h |
1000 obm |
||||
|
VI |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
1000 |
1200 |
||||
|
VI |
075 |
– van 75 tot 80 km/h |
1200 obm |
1350 obm |
1200 obm |
|||
|
VI |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1300 obm |
1550 obm |
1300 obm |
|||
|
VI |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1450 obm |
1650 obm |
1450 obm |
|||
|
VI |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1600 obm |
1800 obm |
1600 obm |
|||
|
VI |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1750 obm |
2000 obm |
1750 obm |
|||
|
VI |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
1950 obm |
2200 obm |
1950 obm |
|||
|
VI |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
* |
* |
|||
|
overschrijding van de maximumsnelheid op (auto)wegen buiten de bebouwde kom bij wegwerkzaamheden (verkeersbord A3) |
62 jo. bord A3 RVV 1990, 22 sub a, f en g RVV 1990 (cat 2) |
|||||||
|
VK |
029 |
a |
– met 29 km/h |
360 |
||||
|
VK |
030 |
b |
– met 30 km/h |
370 |
||||
|
VK |
030 |
a |
– met 30 km/h |
230 obm |
||||
|
VK |
035 |
a |
– van 31 tot 35 km/h |
320 obm |
||||
|
VK |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
320 |
420 |
||||
|
VK |
040 |
a |
– van 35 tot 40 km/h |
390 obm |
||||
|
VK |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
390 |
510 |
||||
|
VK |
045 |
a |
– van 40 tot 45 km/h |
480 obm |
||||
|
VK |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
480 |
600 |
||||
|
VK |
050 |
a |
– van 45 tot 50 km/h |
570 obm |
||||
|
VK |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
570 |
720 |
||||
|
VK |
055 |
a |
– van 50 tot 55 km/h |
660 obm |
||||
|
VK |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
660 |
850 |
||||
|
VK |
060 |
a |
– van 55 tot 60 km/h |
790 obm |
||||
|
VK |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
790 |
960 |
||||
|
VK |
065 |
a |
– van 60 tot 65 km/h |
920 obm |
||||
|
VK |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
920 |
1050 |
||||
|
VK |
070 |
a |
– van 65 tot 70 km/h |
1000 obm |
||||
|
VK |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
1000 |
1200 |
||||
|
VK |
075 |
– van 70 tot 75 km/h (De bij de feitcodes VK 075 t/m VK 100 vermelde tarieven betreffen de eis ter zitting voor de eerste overtreding. Naast deze boete dient een OBM ovw conform de recidiveregeling snelheidsovertredingen te worden geëist) |
1200 obm |
1350 obm |
1200 obm |
|||
|
VK |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1300 obm |
1550 obm |
1300 obm |
|||
|
VK |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1450 obm |
1650 obm |
1450 obm |
|||
|
VK |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1600 obm |
1800 obm |
1600 obm |
|||
|
VK |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1750 obm |
2000 obm |
1750 obm |
|||
|
VK |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
1950 obm |
2200 obm |
1950 obm |
|||
|
VK |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
* |
* |
|||
|
d. Autosnelwegen |
||||||||
|
Noot |
||||||||
|
* = recidiveregeling snelheid (zie punt 7.2.1 Richtlijnen voor strafvordering tarieven en feitomschrijvingen); bij staandehouding wordt bij overschrijding vanaf 50 km/h het rijbewijs ingevorderd en dient het proces-verbaal te worden ingezonden naar het openbaar ministerie |
||||||||
|
overschrijding van de maximumsnelheid op autosnelwegen buiten de bebouwde kom (gedragsregel) |
21 sub a RVV 1990 (cat 1), 22 sub a, b, f en g RVV 1990 (cat 2) |
|||||||
|
VL |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
310 |
|||||
|
VL |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
370 |
|||||
|
VL |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
440 |
|||||
|
VL |
045 |
a |
– van 41 tot 45 km/h |
360 |
||||
|
VL |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
430 |
520 |
||||
|
VL |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
510 |
630 |
||||
|
VL |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
590 |
720 |
||||
|
VL |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
700 |
850 |
||||
|
VL |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
800 |
950 |
||||
|
VL |
075 |
– van 70 tot 75 km/h (De bij de feitcodes VL 075 t/m VL 100 vermelde tarieven betreffen de eis ter zitting voor de eerste overtreding. Naast deze boete dient een OBM ovw conform de recidiveregeling snelheidsovertredingen te worden geëist) |
890 obm |
1050obm |
||||
|
VL |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1000obm |
1200obm |
||||
|
VL |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1100obm |
1300obm |
||||
|
VL |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1250obm |
1400obm |
||||
|
VL |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1350obm |
1600obm |
||||
|
VL |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
1550obm |
1750obm |
||||
|
VL |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
* |
||||
|
overschrijding van de maximumsnelheid op autosnelwegen buiten de bebouwde kom (verkeersbord A1) |
62 jo. bord A1 RVV 1990 |
|||||||
|
VM |
045 |
a |
– van 41 tot 45 km/h |
360 |
||||
|
VM |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
310 |
|||||
|
VM |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
370 |
|||||
|
VM |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
440 |
|||||
|
VM |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
430 |
520 |
||||
|
VM |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
510 |
630 |
||||
|
VM |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
590 |
720 |
||||
|
VM |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
700 |
850 |
||||
|
VM |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
800 |
950 |
||||
|
VM |
075 |
– van 70 tot 75 km/h (De bij de feitcodes VM 075 t/m VM 100 vermelde tarieven betreffen de eis ter zitting voor de eerste overtreding. Naast deze boete dient een OBM ovw conform de recidiveregeling snelheidsovertredingen te worden geëist) |
890 obm |
1050obm |
||||
|
VM |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1000obm |
1200obm |
||||
|
VM |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1100obm |
1300obm |
||||
|
VM |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1250obm |
1400obm |
||||
|
VM |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1350obm |
1600obm |
||||
|
VM |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
1550obm |
1750obm |
||||
|
VM |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
* |
||||
|
overschrijding van de maximumsnelheid op autosnelwegen buiten de bebouwde kom (verkeersbord A3) |
62 jo. bord A3 RVV 1990 |
|||||||
|
VN |
045 |
a |
– van 41 tot 45 km/h |
360 |
||||
|
VN |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
310 |
|||||
|
VN |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
370 |
|||||
|
VN |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
440 |
|||||
|
VN |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
430 |
520 |
||||
|
VN |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
510 |
630 |
||||
|
VN |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
590 |
720 |
||||
|
VN |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
700 |
850 |
||||
|
VN |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
800 |
950 |
||||
|
VN |
075 |
– van 70 tot 75 km/h (De bij de feitcodes VN 075 t/m VN 100 vermelde tarieven betreffen de eis ter zitting voor de eerste overtreding. Naast deze boete dient een OBM ovw conform de recidiveregeling snelheidsovertredingen te worden geëist) |
890 obm |
1050obm |
||||
|
VN |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1000obm |
1200obm |
||||
|
VN |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1100obm |
1300obm |
||||
|
VN |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1250obm |
1400obm |
||||
|
VN |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1350obm |
1600obm |
||||
|
VN |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
1550obm |
1750obm |
||||
|
VN |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
* |
||||
|
overschrijding van de maximumsnelheid op autosnelwegen buiten de bebouwde kom bij wegwerkzaamheden (verkeersbord A1) |
62 jo. bord A1 RVV 1990, 22 sub a, f en g RVV 1990 (cat 2) |
|||||||
|
VO |
030 |
a |
– met 30 km/h |
360 |
||||
|
VO |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
310 |
390 |
||||
|
VO |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
370 |
490 |
||||
|
VO |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
440 |
630 |
||||
|
VO |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
520 |
670 |
||||
|
VO |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
630 |
800 |
||||
|
VO |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
720 |
920 |
||||
|
VO |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
850 |
1000 |
||||
|
VO |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
950 |
1200 |
||||
|
VO |
075 |
– van 70 tot 75 km/h (De bij de feitcodes VO 075 t/m VO 100 vermelde tarieven betreffen de eis ter zitting voor de eerste overtreding. Naast deze boete dient een OBM ovw conform de recidiveregeling snelheidsovertredingen te worden geëist) |
1050obm |
1300obm |
||||
|
VO |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1200obm |
1450obm |
||||
|
VO |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1300obm |
1600obm |
||||
|
VO |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1450obm |
1750obm |
||||
|
VO |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1600obm |
1950obm |
||||
|
VO |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
1750obm |
2100obm |
||||
|
VO |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
* |
||||
|
overschrijding van de maximumsnelheid op autosnelwegen buiten de bebouwde kom bij wegwerkzaamheden (verkeersbord A3) |
62 jo. bord A3 RVV 1990, 22 sub a, f en g RVV 1990 (cat 2) |
|||||||
|
VP |
030 |
a |
– met 30 km/h |
360 |
||||
|
VP |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
310 |
390 |
||||
|
VP |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
370 |
490 |
||||
|
VP |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
440 |
630 |
||||
|
VP |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
520 |
700 |
||||
|
VP |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
630 |
800 |
||||
|
VP |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
720 |
920 |
||||
|
VP |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
850 |
1000 |
||||
|
VP |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
950 |
1200 |
||||
|
VP |
075 |
– van 70 tot 75 km/h (De bij de feitcodes VP 075 t/m VP 100 vermelde tarieven betreffen de eis ter zitting voor de eerste overtreding. Naast deze boete dient een OBM ovw conform de recidiveregeling snelheidsovertredingen te worden geëist) |
1050obm |
1300obm |
||||
|
VP |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1200obm |
1450obm |
||||
|
VP |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1300obm |
1600obm |
||||
|
VP |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1450obm |
1750obm |
||||
|
VP |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1600obm |
1950obm |
||||
|
VP |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
1750obm |
2100obm |
||||
|
VP |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
* |
||||
|
Maatregel na ernstige verstoring olie-aanvoer |
||||||||
|
overschrijding van de door de Minister van Verkeer en Waterstaat vastgestelde maximumsnelheid op autosnelwegen bij ernstige verstoring van de olieaanvoer |
86b jo. 86a RVV 1990 |
|||||||
|
VR |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
288 |
|||||
|
VR |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
350 |
|||||
|
VR |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
420 |
|||||
|
VR |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
500 |
|||||
|
VR |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
590 |
|||||
|
VR |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
700 |
|||||
|
VR |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
810 |
|||||
|
VR |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
930 |
|||||
|
VR |
075 |
– van 70 tot 75 km/h (De bij de feitcodes VR 075 t/m VR 100 vermelde tarieven betreffen de eis ter zitting voor de eerste overtreding. Naast deze boete dient een OBM ovw conform de recidiveregeling snelheidsovertredingen te worden geëist) |
1000obm |
|||||
|
VR |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1200obm |
|||||
|
VR |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1300obm |
|||||
|
VR |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1450obm |
|||||
|
VR |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1600obm |
|||||
|
VR |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
1800obm |
|||||
|
VR |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
Nummers R 301 – R 631: Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
Categorie-indeling B:
1 – Bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brommobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft;
2 – Bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen;
3 – Bromfietsers en snorfietsers;
4 – Fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor;
5 – Voetgangers;
6 – Overige weggebruikers;
7 – Schippers;
8 – Een ieder.
NB De categorieën 1 tot en met 4 gelden in voorkomend geval mede voor bestuurders van één van de op die categorieën betrekking hebbende voertuigen, indien daarmee een aanhangwagen wordt voortbewogen
|
Hoofdstuk 2. Verkeersregels |
||||||||||||
|
I. Plaats op de weg |
||||||||||||
|
R |
302 |
als bestuurder van een motorvoertuig tegen het verkeer inrijden op een autoweg of autosnelweg (spookrijden) |
3 lid 1 RVV 1990 |
cat 1 en 2: dagvaarden; eis € 420 en 6 maanden OBM OV |
||||||||
|
X. Parkeren |
||||||||||||
|
als bestuurder van een motorvoertuig op meer dan twee wielen parkeren op plaatsen die zijn voorzien van een blauwe streep, terwijl dat motorvoertuig |
||||||||||||
|
R |
400 |
ad |
– is voorzien van een parkeerschijf met een mechanisme dat het tijdstip van de aankomst automatisch verschuift |
270 |
||||||||
|
XII. Signalen |
||||||||||||
|
R |
420 |
als bestuurder van een motorvoertuig blauw zwaai– of knipperlicht voeren terwijl dat niet is toegestaan |
31 RVV 1990 |
100ma |
100ma |
|||||||
|
Hoofdstuk 3. Verkeerstekens |
||||||||||||
|
II. Verkeersborden |
||||||||||||
|
als bestuurder een weg gebruiken in strijd met bord C2 (eenrichtingsweg, in deze richting gesloten voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij-, trekdieren of vee) |
62 jo. bord C2 RVV 1990 |
|||||||||||
|
R |
551 |
a |
– op autoweg of autosnelweg (spookrijden) |
dagvaarden; eis: € 420 en 6 maanden OBM OV |
||||||||
|
als bestuurder van een voertuig een weg gebruiken in strijd met bord C20 (geslotenverklaring voor voertuigen waarvan de aslast hoger is dan op het bord C20 is aangegeven) met een overschrijding van |
62 jo. bord C20 RVV 1990 |
|||||||||||
|
R |
567 |
d |
– 31 tot en met 40% |
330 |
130 |
|||||||
|
R |
567 |
e |
– 41 tot en met 50% |
500 |
200 |
|||||||
|
R |
567 |
f |
– meer dan 50% |
750 |
300 |
|||||||
|
als bestuurder van een voertuig een weg gebruiken in strijd met bord C21 (geslotenverklaring voor voertuigen en samenstellen van voertuigen waarvan de totaalmassa hoger is dan op het bord C21 is aangegeven) met een overschrijding van |
62 jo. bord C21 RVV 1990 |
|||||||||||
|
R |
568 |
d |
– 31 tot en met 40% |
330 |
130 |
|||||||
|
R |
568 |
e |
– 41 tot en met 50% |
500 |
200 |
|||||||
|
R |
568 |
f |
– meer dan 50% |
750 |
300 |
|||||||
|
als bestuurder van een samenstel van voertuigen een weg gebruiken in strijd met bord C21 (geslotenverklaring voor voertuigen en samenstellen van voertuigen waarvan de totaalmassa hoger is dan op het bord C21 is aangegeven) met een overschrijding van |
62 jo. bord C21 RVV 1990 |
|||||||||||
|
R |
569 |
d |
– 31 tot en met 40% |
330 |
130 |
|||||||
|
R |
569 |
e |
– 41 tot en met 50% |
500 |
200 |
|||||||
|
R |
569 |
f |
– meer dan 50% |
750 |
300 |
|||||||
|
Nummers K 805 – K 825: Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 (WRM 1993) |
||||||||||||
|
K |
805 |
rijonderricht geven zonder in het bezit te zijn van het vereiste certificaat (bedrijfsmatig) (bij recidive dagvaarden) |
7 lid 1 WRM 1993 |
500 |
||||||||
|
Nummers A 901 – A 922: Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (WAM) |
||||||||||||
|
Bromfietsen |
||||||||||||
|
als bezitter, als houder of als degene aan wie het kenteken is opgegeven, zonder dat voor dat motorrijtuig, zijnde een bromfiets, de vereiste verzekering is gesloten en in stand is gehouden, daarmee |
30 lid 1 WAM |
|||||||||||
|
A |
901 |
a |
– op een weg doen rijden of toelaten dat op een weg wordt gereden |
310 |
||||||||
|
A |
901 |
b |
– op een weg laten staan of toelaten dat op een weg wordt gestaan |
310 |
||||||||
|
A |
901 |
c |
– buiten een weg deelnemen aan het verkeer op een terrein |
310 |
||||||||
|
A |
901 |
d |
– buiten een weg toelaten dat wordt deelgenomen aan het verkeer op een terrein |
310 |
||||||||
|
A |
902 |
als bezitter, als houder of als degene aan wie het kenteken is opgegeven, voor een motorrijtuig, zijnde een bromfiets, waarvoor een kenteken is opgegeven niet de vereiste verzekering sluiten en in stand houden |
30 lid 2 WAM |
310 |
||||||||
|
als bestuurder van een motorrijtuig, zijnde een bromfiets, zonder dat daarvoor de vereiste verzekering is gesloten en in stand is gehouden, daarmee |
30 lid 4 WAM |
|||||||||||
|
A |
903 |
a |
– rijden |
310 |
||||||||
|
A |
903 |
b |
– staan op een weg |
310 |
||||||||
|
A |
903 |
c |
– buiten een weg deelnemen aan het verkeer op een terrein |
310 |
||||||||
|
A |
904 |
als degene aan wie het kenteken voor een motorrijtuig, zijnde een bromfiets, is opgegeven niet voldoen aan de vordering aan te tonen dat het motorrijtuig is/was verzekerd |
34 lid 3 WAM |
310 |
||||||||
|
Gehandicaptenvoertuigen met motor |
||||||||||||
|
als bestuurder van een gehandicaptenvoertuig rijden |
||||||||||||
|
A |
919 |
a |
– en niet op eerste vordering van een bevoegde opsporingsambtenaar het verzekeringsbewijs ter inzage afgeven |
2 Uitvoeringsbesluit WAM (16-09-1965) jo. 14 WAM jo. 31 WAM |
70 |
|||||||
|
A |
919 |
b |
– terwijl op dat voertuig geen geldige verzekeringsplaat op de voorgeschreven wijze is bevestigd of de letters en cijfers van de verzekeringsplaat niet goed zichtbaar zijn |
9 Uitvoeringsbesluit WAM (16-09-1965) jo. 35 WAM |
70 |
|||||||
|
A |
920 |
een gehandicaptenvoertuig laten rijden, terwijl op dat voertuig geen geldige verzekeringsplaat op de voorgeschreven wijze is bevestigd of de letters en cijfers van de verzekeringsplaat niet goed zichtbaar zijn |
9 Uitvoeringsbesluit WAM (16-09-1965) jo. 35 WAM |
70 |
||||||||
|
A |
921 |
als bestuurder van een gehandicaptenvoertuig rijden, terwijl voor dat voertuig geen verzekering van kracht is |
30 WAM |
310 |
||||||||
|
A |
922 |
een gehandicaptenvoertuig laten rijden, terwijl voor dat voertuig geen verzekering van kracht is |
30 WAM |
310 |
||||||||
|
motorrijtuigen, niet zijnde bromfietsen of gehandicaptenvoertuigen |
||||||||||||
|
als bezitter, als houder of als degene aan wie het kenteken is opgegeven, zonder dat voor dat motorrijtuig, niet zijnde een bromfiets, de vereiste verzekering is gesloten en in stand is gehouden, daarmee |
30 lid 1 WAM |
|||||||||||
|
A |
914 |
a |
– op een weg doen rijden of toelaten dat op een weg wordt gereden |
440 |
||||||||
|
A |
914 |
b |
– op een weg laten staan of toelaten dat op een weg wordt gestaan |
440 |
||||||||
|
A |
914 |
c |
– buiten een weg deelnemen aan het verkeer op een terrein |
440 |
||||||||
|
A |
914 |
d |
– buiten een weg toelaten dat wordt deelgenomen aan het verkeer op een terrein |
440 |
||||||||
|
A |
915 |
als bezitter, als houder of als degene aan wie het kenteken is opgegeven, voor een motorrijtuig, niet zijnde een bromfiets niet de vereiste verzekering sluiten en in stand houden |
30 lid 2 WAM |
390 |
||||||||
|
als bestuurder van een motorrijtuig, niet zijnde een bromfiets, zonder dat daarvoor de vereiste verzekering is gesloten en in stand is gehouden, daarmee |
30 lid 4 WAM |
|||||||||||
|
A |
917 |
a |
– rijden |
440 |
440 |
|||||||
|
A |
917 |
b |
– staan op een weg |
440 |
440 |
|||||||
|
A |
917 |
c |
– buiten een weg deelnemen aan het verkeer op een terrein |
440 |
440 |
|||||||
|
A |
918 |
als degene aan wie het kenteken voor een motorrijtuig, niet zijnde een bromfiets, is opgegeven niet voldoen aan de vordering aan te tonen dat het motorrijtuig is/was verzekerd |
34 lid 3 WAM |
440 |
Nummers N 010 – P 600: Besluit voertuigen (BV) en Regeling voertuigen (RV)
Categorie-indeling A: (Besluit en Regeling voertuigen)
2 – personenauto’s;
3 – bedrijfsauto’s;
3a – bussen;
4 – motorfietsen;
5 – driewielige motorrijtuigen;
6 – bromfietsen;
7 – motorrijtuigen met beperkte snelheid;
8 – land- of bosbouwtrekkers;
9 – fietsen en gehandicaptenvoertuigen zonder motor (o.g.v. art. 5.1.4 RV m.u.v. afmetingen genoemd in 5.9.6 RV);
10 – gehandicaptenvoertuigen voorzien van een gesloten carrosserie en gehandicaptenvoertuigen die zijn uitgerust met een verbrandingsmotor en niet voorzien van een gesloten carrosserie en t.a.v. de afmetingen genoemd in 5.10.6 RV de gehandicaptenvoertuigen zonder motor;
11 – gehandicaptenvoertuigen, uitgerust met een elektromotor en niet voorzien van een gesloten carrosserie;
12 – aanhangwagens met een toegestane maximum massa van meer dan 750 kg achter personenauto’s, bedrijfsauto’s, bussen en driewielige motorrijtuigen;
13 – aanhangwagens met een toegestane maximum massa van niet meer dan 750 kg achter personenauto’s, bedrijfsauto’s, bussen en driewielige motorrijtuigen;
14 – aanhangwagens en verwisselbare getrokken machines achter landbouw– of bosbouwtrekkers en achter motorrijtuigen met beperkte snelheid;
15 – aanhangwagens achter motorfietsen (15a) of bromfietsen (15b);
16 – aanhangwagens achter fietsen op twee wielen;
17 – wagens.
Noot Regeling Voertuigen (RV):
-
–
De feiten met betrekking tot de Regeling Voertuigen zijn in 17 categorieën onderverdeeld en deze categorieën zijn genummerd van 2 t/m 17. Deze categorie-indeling komt overeen met de indeling van de Regeling Voertuigen.
-
–
Bij categorie 15 kan het trekkende voertuig verschillend zijn (motor of bromfiets). Voor deze voertuigen gelden verschillende tarieven. Achter de categorie-aanduiding moet daarom voor de motorfiets een A en voor de bromfiets een B worden vermeld.
categorie: 15A – motorfiets
categorie: 15B – bromfiets
-
–
Indien bij ‘artikel’ een ‘*’ staat vermeld, dan dient dit teken te worden vervangen door het nummer van de categorie waarop de feitcode betrekking heeft, om zo het op die categorie betrekking hebbende artikel van de Regeling Voertuigen te verkrijgen.
-
–
De feiten in deze afdeling die betrekking hebben op de massa of de last onder wiel of as gelden uitsluitend voor particulieren. Indien sprake is van beroepsmatig vervoer is de Wet op de economische delicten van toepassing. Zie hiervoor de feitcodeserie E 850 t/m E 856.
-
–
Op de kennisgeving/aankondiging moet een nadere toelichting Op het feit worden vermeld omdat de bepalingen van de Regeling Voertuigen in algemene feitomschrijvingen zijn weergegeven.
-
–
Voor feiten gebaseerd op de Regeling Voertuigen geldt dat deze feiten niet slechts op kenteken kunnen worden geconstateerd. (Dit volgt uit de voor de eerste feitcode geplaatste tekst geldend voor de gehele Regeling voertuigen: 'Als bestuurder rijden terwijl...’.)
|
N |
010 |
n |
als bestuurder van een voertuig rijden terwijl in of aan het motorvoertuig een radarontvangstapparaat aanwezig is, dat geschikt is om de aanwezigheid aan te tonen van een apparaat dat tot doel heeft om een overschrijding van de maximumsnelheid vast te stellen (bij recidive binnen 2 jaar na onherroepelijke afdoening van de eerste, OM– strafbeschikking/-transactie € 420) |
3 BV |
340 ma |
340 ma |
340 ma |
340 ma |
340 ma |
||||||||||||
|
Als bestuurder van een voertuig rijden (terwijl): |
|||||||||||||||||||||
|
2 – Afmetingen en massa’s |
|||||||||||||||||||||
|
Hoogte |
|||||||||||||||||||||
|
het voertuig hoger is dan 4 m (cat 5 in gebruik voor 01-11-1997) een overschrijding |
5.*.6 RV |
||||||||||||||||||||
|
N |
062 |
b |
– van meer dan 0,10 m t/m 0,20 m |
500 |
500 |
500 |
500 |
500 |
500 |
500 |
500 |
500 |
200 |
||||||||
|
N |
062 |
c |
– van meer dan 0,20 m |
750 |
750 |
750 |
750 |
750 |
750 |
750 |
750 |
750 |
300 |
||||||||
|
Massa |
|||||||||||||||||||||
|
de toegestane asdruk, massa of som van de aslasten (cat 5 ingebruikname na 01-02-1999) wordt overschreden met |
5.*.7 RV |
||||||||||||||||||||
|
N |
070 |
c |
– meer dan 50% |
450 |
450 |
450 |
450 |
450 |
450 |
||||||||||||
|
N |
070 |
d |
– meer dan 75% |
650 |
650 |
650 |
600 |
650 |
650 |
||||||||||||
|
de toegestane wieldruk, massa of som van de aslasten wordt overschreden met (massa of som van de aslasten betreft uitsluitend cat 7) |
5.*.7 RV |
||||||||||||||||||||
|
N |
070 |
g |
– meer dan 50% |
450 |
450 |
180 |
|||||||||||||||
|
N |
070 |
h |
– meer dan 75% |
650 |
650 |
270 |
|||||||||||||||
|
van het rijdende werktuig de toegestane maximum last van enig(e) as of asstel wordt overschreden met |
5.3.7 lid 1 RV |
||||||||||||||||||||
|
N |
072 |
a |
– 10 tot 15% |
250 |
|||||||||||||||||
|
N |
072 |
b |
– 15 tot 20% |
370 |
|||||||||||||||||
|
N |
072 |
c |
– 20 tot 25% |
550 |
|||||||||||||||||
|
N |
072 |
d |
– vanaf 25% |
* |
|||||||||||||||||
|
van het rijdende werktuig de toegestane maximummassa of som van de aslasten wordt overschreden met |
5.3.7 lid 2 RV |
||||||||||||||||||||
|
N |
073 |
a |
– 5 tot 10% |
250 |
|||||||||||||||||
|
N |
073 |
b |
– 10 tot 15% |
370 |
|||||||||||||||||
|
N |
073 |
c |
– 15 tot 20% |
550 |
|||||||||||||||||
|
N |
073 |
d |
– vanaf 20% |
* |
|||||||||||||||||
|
3 – Motor |
|||||||||||||||||||||
|
de bromfiets de op het kentekenbewijs of in het kentekenregister vermelde maximum constructiesnelheid, vermeerderd met 5 km/h overschrijdt |
5.6.8 lid 1 RV |
||||||||||||||||||||
|
N |
083 |
c |
– meer dan 15 en t/m 20 km/h |
110 |
|||||||||||||||||
|
N |
083 |
d |
– meer dan 20 en t/m 25 km/h |
160 |
|||||||||||||||||
|
N |
083 |
e |
– meer dan 25 en t/m 30 km/h |
240 |
|||||||||||||||||
|
N |
083 |
f |
– meer dan 30 km/h |
320 |
|||||||||||||||||
|
N |
084 |
het voertuig is voorzien van een voorziening, die kennelijk is bedoeld om de controle op de maximumconstructiesnelheid te bemoeilijken of te beïnvloeden |
5.6.8 lid 2 RV |
180 ma |
270 ma |
270 ma |
100 ma |
100 ma |
|||||||||||||
|
het voertuig de in artikel 1.1. van de Regeling Voertuigen vermelde maximum constructiesnelheid vermeerderd met 5 km/h overschrijdt |
5.*.8 lid 1 RV |
||||||||||||||||||||
|
N |
085 |
c |
– meer dan 15 en t/m 20 km/h |
150 |
150 |
60 |
60 |
||||||||||||||
|
N |
085 |
d |
– meer dan 20 en t/m 25 km/h |
230 |
230 |
90 |
90 |
||||||||||||||
|
N |
085 |
e |
– meer dan 25 en t/m 30 km/h |
350 |
350 |
140 |
140 |
||||||||||||||
|
N |
085 |
f |
– meer dan 30 km/h |
460 |
460 |
180 |
180 |
||||||||||||||
|
Meting geluidsniveau |
|||||||||||||||||||||
|
Noot |
|||||||||||||||||||||
|
Indien geen waarde (op het kentekenbewijs of) het kentekenregister is vermeld dan moeten onderstaande waarden worden gehanteerd: |
|||||||||||||||||||||
|
Bromfiets |
|||||||||||||||||||||
|
Constructiesnelheid Maximum toegestane waarde |
|||||||||||||||||||||
|
Max 25 km/h 90 dB(A) |
|||||||||||||||||||||
|
> 25 km/h 97dB(A) |
|||||||||||||||||||||
|
Motorfiets |
|||||||||||||||||||||
|
Cylinderinhoud t/m Maximum toegestane waarde |
|||||||||||||||||||||
|
80 cm3 91 dB(A) |
|||||||||||||||||||||
|
1253 92 dB(A) |
|||||||||||||||||||||
|
3503 95 dB(A) |
|||||||||||||||||||||
|
5003 97 dB(A) |
|||||||||||||||||||||
|
7503 100 dB(A) |
|||||||||||||||||||||
|
10003 103 dB(A) |
|||||||||||||||||||||
|
>10003 106 dB(A) |
|||||||||||||||||||||
|
Personen-/bedrijfsauto/bus/driewielig motorrijtuig |
|||||||||||||||||||||
|
benzinemotor max 3500 kg bij 3500 toeren max 95 dB(A) |
|||||||||||||||||||||
|
dieselmotor max 3500 kg bij 2000 toeren max 95 dB(A) |
|||||||||||||||||||||
|
> 3500 kg bij 1500 toeren max 95 dB(A) |
|||||||||||||||||||||
|
het (op het kentekenbewijs of) in het kentekenregister vermelde geluidsniveau, vermeerderd met 2 dB(A), wordt overschreden |
5.*.11 RV |
||||||||||||||||||||
|
N |
110 |
o |
– vanaf 4 dB(A) |
300 ma |
300 ma |
300 ma |
300 ma |
300 ma |
210 ma |
||||||||||||
|
het toegestane geluidsniveau van het voertuig, waarvoor geen waarde (op het kentekenbewijs of) in het kentekenregister is vermeld, wordt overschreden |
5.*.11 RV |
||||||||||||||||||||
|
N |
110 |
q |
– vanaf 4 dB(A) |
300 ma |
300 ma |
300 ma |
300 ma |
300 ma |
210 ma |
||||||||||||
|
10 – Verlichting |
|||||||||||||||||||||
|
Noot |
|||||||||||||||||||||
|
1.Bij het ontbreken of niet branden van dim-/kop- of achterlicht moeten de bepalingen uit het RVV 1990 worden toegepast; 2. Bij de feitcodes zijn alle data vermeld van verlichting die na 1 januari 1980 verplicht is geworden; 3. Er is geen sprake van verlichting in de zin van de Regeling Voertuigen als de armatuur niet is aangesloten en niet is voorzien van een lampje. |
|||||||||||||||||||||
|
N |
652 |
het niet bij één van de in de artikelen 29, 1e lid of 30b van het RVV 1990 bedoelde diensten in gebruik zijnde voertuig is voorzien van een lichtarmatuur voor een blauw zwaai-, flits– of knipperlicht |
5.*.65 RV |
100 ma |
100 ma |
100 ma |
100 ma |
100 ma |
70 ma |
100 ma |
100 ma |
40 ma |
40 ma |
40 ma |
100 ma |
100 ma |
100 ma |
100 ma/ 70 ma |
40 ma |
40 ma |
|
|
12 – Diversen |
|||||||||||||||||||||
|
N |
710 |
e |
het is voorzien van andere geluidssignaalinrichtingen dan is toegestaan |
5.*.71 RV |
100 ma |
100 ma |
100 ma |
100 ma |
100 ma |
70 ma |
100 ma |
100 ma |
40 ma |
40 ma |
|||||||
|
Gebruikseisen voertuigen |
|||||||||||||||||||||
|
Als bestuurder van een (motor)voertuig of samenstel van (motor)voertuigen rijden (terwijl): |
|||||||||||||||||||||
|
0 – Algemeen |
|||||||||||||||||||||
|
P |
010 |
aa |
met de bedrijfsauto meer dan één aanhangwagen wordt voortbewogen |
5.18.1 lid 1 RV |
650 |
||||||||||||||||
|
de lading of delen daarvan niet of zodanig zijn gezekerd dat deze onder normale verkeerssituaties waaronder begrepen volle remmingen, plotselinge uitwijkmanoeuvres en slecht wegdek niet van het voertuig kunnen vallen, te weten |
5.18.6 lid 1 RV |
||||||||||||||||||||
|
P |
060 |
b |
– overige lading |
* |
* |
* |
* |
* |
* |
* |
* |
* |
* |
* |
* |
* |
* |
*/* |
* |
* |
|
|
1 – Afmetingen en massa’s |
|||||||||||||||||||||
|
Noot afmetingen: Als bij ondeelbare lading meer dan één afmeting wordt overschreden, dan wordt uitsluitend proces-verbaal opgemaakt terzake de afmeting die het meest wordt overschreden. |
|||||||||||||||||||||
|
De overige overschrijdingen worden als bevinding eveneens in het proces-verbaal vermeld. |
|||||||||||||||||||||
|
Lengte samenstel (onbeladen), c.q. indien geen sprake is van uitstekende lading |
|||||||||||||||||||||
|
Noot: Lengte trekker met oplegger max. 16,50 m; bedrijfsauto/bus met aanhangwagen max.18,75 m; personenauto/ driewielig motorvoertuig met aanhangwagen max. 18 m; samenstel kermis- /circusvoertuigen max. 24 m; rijdend werktuig met aanhangwagen 20 m; land- bosbouwtrekker/motorrijtuig beperkte snelheid met één of meer aanhangwagens en/of verwisselbare getrokken machines 18 m |
|||||||||||||||||||||
|
de maximum toegestane lengte van het samenstel van voertuigen wordt overschreden, met een overschrijding |
5.18.11 en 5.18.20 RV |
||||||||||||||||||||
|
P |
111 |
e |
– van meer dan 1,00 m |
1000 |
1000 |
1000 |
1000 |
1000 |
1000 |
||||||||||||
|
Lengte deelbaar; uitstekende lading achterzijde |
|||||||||||||||||||||
|
de lading meer dan 1 m achter het voertuig en/of meer dan 5 m achter de achterste as van het voertuig uitsteekt en/of de vereiste stootbalk, voor het na 01-01-1996 in gebruik genomen voertuig, meer dan 0,60 m van de uiterste achterzijde is aangebracht, terwijl de afstand van de lading tot het wegdek meer bedraagt dan 0,55 m (categorie 12 bedrijfsmatig gebruik), een overschrijding |
5.18.12 RV |
||||||||||||||||||||
|
P |
121 |
e |
– van meer dan 1,00 m |
1000 |
1000 |
||||||||||||||||
|
de uitsteek van de afneembare bovenbouw of gestandaardiseerde laadstructuur achter het hart van de achterste as meer dan 0,5 maal de lengte van het voertuig bedraagt en/of meer dan 5 m bedraagt of bij een oplegger de uitsteek van de afneembare bovenbouw of gestandaardiseerde laadstructuur achter het hart van de achterste as meer bedraagt dan 0,5 maal de afstand van hart koppeling tot de achterzijde en/of meer dan 5 m bedraagt |
5.18.12a RV |
||||||||||||||||||||
|
P |
122 |
c |
– van meer dan 0,50 m en t/m 0,75 m |
450 |
450 |
||||||||||||||||
|
P |
122 |
d |
– van meer dan 0,75 m en t/m 1,00 m |
650 |
650 |
||||||||||||||||
|
P |
122 |
e |
– van meer dan 1,00 m |
1000 |
1000 |
||||||||||||||||
|
een beladen samenstel van bedrijfsauto en aanhangwagen, niet zijnde een oplegger, dat is ingericht voor het vervoer van voertuigen, langer is dan 20,75 m, een overschrijding |
5.18.13 lid 2 RV |
||||||||||||||||||||
|
P |
130 |
m |
– van meer dan 1,00 m |
1000 |
1000 |
||||||||||||||||
|
Lengte; ondeelbare lading |
|||||||||||||||||||||
|
de in lengte ondeelbare lading aan de voorzijde van een bedrijfsauto met een toegestane maximum massa van meer dan 3500 kg, niet zijnde een kermis- of circusvoertuig, meer dan 4,30 m voor het hart van de voorste as uitsteekt, een overschrijding |
5.18.13 RV |
||||||||||||||||||||
|
P |
130 |
r |
– van meer dan 1,00 m |
1000 |
|||||||||||||||||
|
P |
130 |
e |
het met in lengte ondeelbare lading beladen samenstel van trekker en oplegger langer is dan 22 m |
5.18.13 RV |
300 |
||||||||||||||||
|
de uitsteek van de in lengte ondeelbare lading achter het hart van de achterste as meer dan 0,5 maal de lengte van een bedrijfsauto met een toegestane maximummassa van meer dan 3500 kg of een aanhangwagen en/of meer dan van 5 m bedraagt of bij een oplegger de uitsteek van de lading achter het hart van de achterste as meer bedraagt dan 0,5 maal de afstand van hart koppeling tot de achterzijde en/of meer dan 5 m bedraagt (categorie 12 en 13 bedrijfsmatig gebruik), een overschrijding |
5.18.13 RV |
||||||||||||||||||||
|
P |
131 |
e |
– van meer dan 1,00 m |
1000 |
1000 |
1000 |
|||||||||||||||
|
Breedte; lading |
|||||||||||||||||||||
|
Noot: De feitcodeserie P 141 geldt voor de categorieën 7, 8 en 14 voor alle lading. Bij deze categorieën wordt geen onderscheid gemaakt tussen deelbare en ondeelbare lading. Voor de overige categorieën betreft het uitsluitend deelbare lading. |
|||||||||||||||||||||
|
het voertuig met inbegrip van de (deelbare) lading (of verwisselbaar uitrustingsstuk) de maximum toegestane breedte overschrijdt, een overschrijding |
5.18.14 lid 1 en 5.18.22 RV |
||||||||||||||||||||
|
P |
141 |
c |
– van meer dan 0,45 m en t/m 0,70 m |
450 |
450 |
450 |
450 |
450 |
450 |
450 |
450 |
450 |
|||||||||
|
P |
141 |
d |
– van meer dan 0,70 m |
650 |
650 |
650 |
650 |
650 |
650 |
650 |
650 |
650 |
|||||||||
|
Breedte; ondeelbare lading |
|||||||||||||||||||||
|
het voertuig met inbegrip van de ondeelbare lading de maximum toegestane breedte overschrijdt, een overschrijding |
5.18.14 lid 2 RV |
||||||||||||||||||||
|
P |
142 |
c |
– van meer dan 0,50 m |
750 |
750 |
750 |
|||||||||||||||
|
Hoogte |
|||||||||||||||||||||
|
het voertuig met inbegrip van de lading hoger is dan 4 m, een overschrijding |
5.18.15 en 5.18.23 RV |
||||||||||||||||||||
|
P |
150 |
b |
– van meer dan 0,10 m en t/m 0,20 m |
500 |
500 |
500 |
500 |
500 |
500 |
500 |
500 |
||||||||||
|
P |
150 |
c |
– van meer dan 0,20 m |
750 |
750 |
750 |
750 |
750 |
750 |
750 |
750 |
Afdeling
B
Verkeer te water
Categorie-indeling E (scheepvaartwetgeving)
1 – gezagvoerder/schipper;
2 – bestuurder;
3 – bemanningslid;
4 – waterskiër;
5 – werkgever;
6 – exploitant;
7 – eigenaar of houder;
8 – een ieder.
NB Categorie bemanningslid of een ieder geldt in voorkomend geval mede voor een bemanningslid of ieder ander persoon die tijdelijk zelfstandig koers en snelheid schip bepaalt (1.03 lid 3 BPR/RPR)
|
Nummers W 500 – W 530; W 065 – W 182: Binnenvaartpolitiereglement (BPR), Besluit administratieve bepalingen scheepvaartverkeer (BABS), Scheepvaartreglement Eemsmonding (SRE), Plaatselijk geldende verordeningen (Pl.V) |
||||||||||||
|
Snelheidsovertredingen |
||||||||||||
|
als schipper van een snelle motorboot sneller varen dan 20 km/h, waar dat verboden is, met een overschrijding |
8.06 lid 1 BPR |
|||||||||||
|
W |
065 |
d |
– van 25 tot 35 km/h |
230 |
||||||||
|
W |
065 |
e |
– van 35 tot 45 km/h |
350 |
||||||||
|
W |
065 |
f |
– van 45 km/h of meer |
500 |
||||||||
|
als schipper van een klein schip sneller varen dan toegestaan, met een overschrijding |
5.01 BPR ivm verkeersteken B6 of bekendmaking 13 BABS |
|||||||||||
|
W |
075 |
d |
– van 25 tot 35 km/h |
230 |
||||||||
|
W |
075 |
e |
– van 35 tot 45 km/h |
350 |
||||||||
|
W |
075 |
f |
– van 45 km/h of meer |
500 |
||||||||
|
Overige |
||||||||||||
|
W |
171 |
als bestuurder van een motorboot varen met ingeschakelde motor in een gedeelte van een gebied waar dat verboden is |
5.01 BPR jo. bekendmaking 13 BABS |
180 |
||||||||
|
W |
172 |
varen met een luchtkussenvoertuig (hovercraft), een jetski, een waterscooter of een soortgelijk apparaat |
5.01 BPR jo. bekendmaking 13 BABS |
270 |
270 |
|||||||
|
W |
173 |
een snelheidswedstrijd houden met motorboten |
5.01 BPR jo. bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
|||||||
|
W |
174 |
onnodig hoge hekgolven veroorzaken |
5.01 BPR jo. bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
|||||||
|
W |
175 |
als bestuurder van een motorboot, deze boot binnen het gebied gebruiken voor het voorttrekken van één of meer personen, die zich verbonden met de boot, voortbewegen door de lucht aan een parachute, een vlieger of een soortgelijk voorwerp |
5.01 BPR jo. bekendmaking 13 BABS |
180 |
180 |
|||||||
|
Nummers W 300 – W 310: Binnenvaartwet (BVW), Rijnvaartpolitiereglement 1995 (RPR), Binnenvaartpolitiereglement (BPR) |
||||||||||||
|
als schipper van een schip op binnenwateren varen zonder in het bezit te zijn van een geldig |
25 lid 4 BVW jo. 17 BVB |
|||||||||||
|
W |
300 |
a |
– vaarbevoegdheidsbewijs; groot vaarbewijs of groot Rijnpatent |
800 |
Afdeling
C
Milieu
Categorie-indeling B:
1 – Bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brommobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft;
2 – Bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen;
3 – Bromfietsers en snorfietsers;
4 – Fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor;
5 – Voetgangers;
6 – Overige weggebruikers;
7 – Gezagvoerders/schippers;
8 – Een ieder.
NB De categorieën 1 tot en met 4 gelden in voorkomend geval mede voor bestuurders van één van de op die categorieën betrekking hebbende voertuigen, indien daarmee een aanhangwagen wordt voortbewogen
|
Nummers H 002 – H 110: Wet Milieubeheer (Wm), Wet Bodembescherming (WBB), Wet verontreiniging oppervlakte wateren (WVO), de Model-Algemene plaatselijke verordening of Modelafvalstoffenverordening (Pl. V) |
||||||||||||
|
Handelingen verrichten met betrekking tot een voertuig waardoor de bodem kan worden verontreinigd |
||||||||||||
|
zich door afgifte aan een ander ontdoen van bedrijfsafvalstoffen of van ingezamelde of afgegeven huishoudelijke afvalstoffen |
10.37 Wm |
|||||||||||
|
H |
511 |
a |
– 1 m3 |
160 |
||||||||
|
H |
511 |
b |
– 2 m3 |
340 |
||||||||
|
H |
511 |
c |
– 3 m3 |
500 |
||||||||
|
H |
511 |
d |
– 4 m3 |
650 |
||||||||
|
H |
511 |
e |
– 5 m3 |
800 |
||||||||
|
H |
511 |
f |
– 6 m3 |
1000 |
||||||||
|
H |
511 |
g |
– 7 m3 |
1100 |
||||||||
|
zich als particulier door afgifte aan een ander ontdoen van gevaarlijke afvalstoffen |
10.37 Wm |
|||||||||||
|
H |
512 |
a |
– 1 m3 |
360 |
||||||||
|
H |
512 |
b |
– 2 m3 |
650 |
||||||||
|
H |
512 |
c |
– 3 m3 |
1000 |
||||||||
|
gevaarlijke afvalstoffen buiten een inrichting bewaren, bewerken, verwerken en/of vernietigen; |
10.54 Wm |
|||||||||||
|
H |
516 |
a |
– 1 m3 |
360 |
||||||||
|
H |
516 |
b |
– 2 m3 |
650 |
||||||||
|
H |
516 |
c |
– 3 m3 |
1000 |
||||||||
|
niet voldoen aan de lozingsvoorschriften gesteld bij of krachtens |
||||||||||||
|
H |
528 |
d |
Bijlage 3, voorschrift 1, 2, 9 en 15 |
1000 |
||||||||
|
handelingen verrichten, met betrekking tot een hoeveelheid niet gevaarlijk afval, waardoor de bodem wordt/kan worden verontreinigd of aangetast zonder maatregelen te nemen die verontreiniging of aantasting te voorkomen, te beperken of ongedaan te maken; |
13 WBB |
|||||||||||
|
H |
550 |
a |
– 1 m3 |
360 |
||||||||
|
H |
550 |
b |
– 2 m3 |
650 |
||||||||
|
H |
550 |
c |
– 3 m3 |
1000 |
||||||||
|
Nummers H 295 – H 298: Besluit gebruik meststoffen (BGM) |
||||||||||||
|
dierlijke meststoffen op of in de bodem brengen van |
2 lid 1 BGM |
|||||||||||
|
H |
295 |
a |
– natuurterrein |
1100 |
||||||||
|
H |
295 |
b |
– overige grond |
800 |
||||||||
|
dierlijke meststoffen op of in de bodem brengen van bouwland (, braakland, niet beteelde grond) of grasland |
||||||||||||
|
H |
296 |
a |
– gedurende de periode van 1 september tot en met 31 januari |
4 lid 1BGM |
800 |
|||||||
|
H |
296 |
b |
– niet emissie-arm aangewend |
5 lid 1 ivm bijlage I BGM |
800 |
|||||||
|
H |
298 |
op of in de bodem van landbouwgrond zuiveringsslib brengen zonder voorafgaande bemonstering en analyse van de bodem waarop het zuiveringsslib wordt gebruikt |
1c BGM |
800 |
||||||||
|
Nummers H 454 – H 463: Flora- en faunawet (FFW), Regeling zoeken, rapen en beschermen van kievitseieren Flora- en Faunawet (RZRBKE) |
||||||||||||
|
beschermde inheemse dieren doden, verwonden, vangen, bemachtigen of met het oog daarop opsporen |
9 FFW |
|||||||||||
|
H |
451 |
a |
– 1 dier |
200 |
||||||||
|
H |
451 |
b |
– 2 dieren |
420 |
||||||||
|
H |
451 |
c |
– 3 dieren |
650 |
||||||||
|
H |
451 |
d |
– 4 dieren |
800 |
||||||||
|
H |
451 |
e |
– 5 dieren |
1000 |
||||||||
|
H |
451 |
f |
– 6 dieren |
1100 |
||||||||
|
H |
451 |
g |
– 7 dieren |
1300 |
||||||||
|
H |
451 |
h |
– 8 dieren |
1600 |
||||||||
|
eieren van beschermde inheemse dieren zoeken, rapen, uit het nest nemen, beschadigen of vernielen, te weten |
12 FFW jo. 2 en 4 RZRBKE |
|||||||||||
|
H |
454 |
a |
– kievitseieren (geldt niet voor het zoeken en rapen in de periode van 1 maart t/m 8 april voor zover toestemming is verleend door erkend verband van weidevogelbeschermers en betreft max. 15 eieren) |
120 ma |
||||||||
|
eieren van beschermde inheemse dieren zoeken, rapen, uit het nest nemen, beschadigen of vernielen |
12 FFW |
|||||||||||
|
H |
456 |
a |
– niet roofvogeleieren (1 ei) |
70 |
||||||||
|
H |
456 |
b |
– niet roofvogeleieren (2 eieren) |
140 |
||||||||
|
H |
456 |
c |
– niet roofvogeleieren (3 eieren) |
200 |
||||||||
|
H |
456 |
d |
– niet roofvogeleieren (4 eieren) |
290 |
||||||||
|
H |
456 |
e |
– niet roofvogeleieren (5 eieren) |
340 |
||||||||
|
H |
456 |
f |
– niet roofvogeleieren (6 eieren) |
420 |
||||||||
|
H |
456 |
g |
– niet roofvogeleieren (7 eieren) |
490 |
||||||||
|
H |
456 |
h |
– niet roofvogeleieren (8 eieren) |
550 |
||||||||
|
H |
456 |
i |
– niet roofvogeleieren (9 eieren) |
650 |
||||||||
|
H |
456 |
j |
– niet roofvogeleieren (10 eieren) |
700 |
||||||||
|
H |
456 |
k |
– roofvogeleieren (1 ei) |
140 |
||||||||
|
H |
456 |
l |
– roofvogeleieren (2 eieren) |
290 |
||||||||
|
H |
456 |
m |
– roofvogeleieren (3 eieren) |
420 |
||||||||
|
H |
456 |
n |
– roofvogeleieren(4 eieren) |
550 |
||||||||
|
H |
456 |
o |
– roofvogeleieren (5 eieren) |
650 |
||||||||
|
H |
456 |
p |
– roofvogeleieren (6 eieren) |
800 |
||||||||
|
H |
456 |
q |
– roofvogeleieren (7 eieren) |
950 |
||||||||
|
H |
456 |
r |
– roofvogeleieren (8 eieren) |
1000 |
||||||||
|
H |
456 |
s |
– roofvogeleieren (9 eieren) |
1100 |
||||||||
|
H |
456 |
t |
– roofvogeleieren (10 eieren) |
1300 |
||||||||
|
ten verkoop voorhanden of in voorraad hebben, verkopen of ten verkoop aanbieden, vervoeren, ten vervoer aanbieden, afleveren gebruiken voor commercieel gewin, huren of verhuren, ruilen of in ruil aanbieden, uitwisselen of tentoonstellen voor handelsdoeleinden, binnen of buiten het grondgebied van Nederland brengen of onder zich hebben van beschermde in- of uitheemse vogels |
13 lid 1a FFW |
|||||||||||
|
H |
455 |
a |
– particulier (1vogel) |
70 |
||||||||
|
H |
455 |
b |
– particulier (2 vogels) |
140 |
||||||||
|
H |
455 |
c |
– particulier (3 vogels) |
200 |
||||||||
|
H |
455 |
d |
– particulier (4 vogels) |
290 |
||||||||
|
H |
455 |
e |
– particulier (5 vogels) |
340 |
||||||||
|
H |
455 |
f |
– particulier (6 vogels) |
420 |
||||||||
|
H |
455 |
g |
– particulier (7 vogels) |
490 |
||||||||
|
H |
455 |
h |
– particulier (8 vogels) |
550 |
||||||||
|
H |
455 |
i |
– particulier (9 vogels) |
650 |
||||||||
|
H |
455 |
j |
– particulier (10 vogels) |
700 |
||||||||
|
H |
455 |
k |
– tentoonstelling (1vogel) |
100 |
||||||||
|
H |
455 |
l |
– tentoonstelling (2 vogels) |
200 |
||||||||
|
H |
455 |
m |
– tentoonstelling (3 vogels) |
310 |
||||||||
|
H |
455 |
n |
– tentoonstelling (4 vogels) |
420 |
||||||||
|
H |
455 |
o |
– tentoonstelling (5 vogels) |
500 |
||||||||
|
H |
455 |
p |
– tentoonstelling (6 vogels) |
600 |
||||||||
|
H |
455 |
q |
– tentoonstelling (7 vogels) |
700 |
||||||||
|
H |
455 |
r |
– tentoonstelling (8 vogels) |
800 |
||||||||
|
H |
455 |
s |
– tentoonstelling (9 vogels) |
900 |
||||||||
|
H |
455 |
t |
– tentoonstelling (10 vogels) |
1000 |
||||||||
|
H |
463 |
niet verhinderen dat een dier dat hem toebehoort of onder zijn toezicht staat in het veld dieren opspoort |
16 lid 3 FFW |
180 |
||||||||
|
Vellen of doen vellen houtopstand |
||||||||||||
|
H |
470 |
b |
vellen of doen vellen van houtopstand, anders dan bij wijze van dunning zonder vergunning van het College |
Pl.V |
* |
|||||||
|
Nummers H 631 – H 670: Visserijwet 1963 (ViW), Besluit verbod gebruik van levende aasvis (BLVA), Reglement voor de Binnenvisserij 1985 (RB) en Reglement minimummaten en gesloten tijden 1985 (RMGT) |
||||||||||||
|
Noot: De op de visserijwetgeving betrekking hebbende feitcodes zijn uitsluitend van toepassing op door particulieren gepleegde overtredingen. Indien sprake is van beroepsmatig handelen dan moet proces-verbaal worden opgemaakt |
||||||||||||
|
Kustvisserij |
||||||||||||
|
Documenten |
||||||||||||
|
de kustvisserij uitoefenen zonder schriftelijke toestemming van de rechthebbende op het visrecht van dat water, met |
7 lid 1 ViW |
|||||||||||
|
H |
631 |
b |
– overige toegestane vistuigen |
390 |
||||||||
|
Binnenvisserij |
||||||||||||
|
Vistuigen |
||||||||||||
|
H |
648 |
vissen met een niet toegestaan vistuig |
2 RB |
* |
||||||||
|
vissen met een toegestaan vistuig dat niet aan de vereiste voorwaarden voldoet, bij |
4 RB |
|||||||||||
|
H |
650 |
b |
– meer dan 2 toegestane vistuigen |
* |
||||||||
|
IJsselmeer |
||||||||||||
|
H |
658 |
b |
op of in de onmiddellijke nabijheid van het IJsselmeer een hoeveelheid van meer dan 30 stuks baars dan wel 5 stuks snoekbaars voorhanden of in voorraad hebben of vervoeren indien niet kan worden aangetoond dat deze op de voorgeschreven wijze is gevangen |
8 lid 3 RB |
* |
|||||||
|
Voorhanden hebben |
||||||||||||
|
een vistuig voorhanden hebben op of in de nabijheid van enig binnenwater |
10 lid 1 RB |
|||||||||||
|
H |
662 |
e |
– te weten een niet toegestaan vistuig |
* |
||||||||
|
Minimummaten en gesloten tijden (vis) |
||||||||||||
|
H |
666 |
ondermaatse vis niet onmiddellijk nadat deze is opgehaald weer in hetzelfde water terugzetten (niet beroepsmatige visserij) |
1 RMGT |
100ma |
||||||||
|
H |
668 |
vis niet onmiddellijk nadat deze is opgehaald tijdens de voor die vissoort geldende gesloten tijd, weer in hetzelfde water terugzetten (niet beroepsmatige visserij) |
2 RMGT |
100ma |
||||||||
|
H |
670 |
gerookte aal kleiner dan 25 cm in voorraad hebben, vervoeren, te koop aanbieden, vervreemden, afleveren, bewerken of verwerken (niet beroepsmatige visserij) |
4 RMGT |
200ma |
||||||||
|
Nummers H 161 – H 176: Vuurwerkbesluit (Vb) |
||||||||||||
|
vuurwerk voorhanden hebben dat niet voldoet aan de gestelde eisen (uitgezonderd handel) |
1.2.2 Vb |
|||||||||||
|
H |
161 |
a |
– strijkers 1 t/m 100 stuks |
130ma |
||||||||
|
H |
161 |
b |
– strijkers 101 t/m 300 stuks |
210ma |
||||||||
|
H |
171 |
vuurwerk afsteken buiten de toegestane tijden (31-12 10.00 uur tot 01-01 02.00 uur) |
2.3.6 Vb |
90ma |
||||||||
|
H |
176 |
als particulier vuurwerk voorhanden hebben buiten een inrichting als bedoeld in artikel 1.1.4, 2.2.1, 2.2.2 of 3.2.1 van het Vuurwerkbesluit |
1.2.4 lid 1 Vb |
90ma |
Afdeling
D
Wetboek van strafrecht
Categorie-indeling B:
1 – Bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brommobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft;
2 – Bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen;
3 – Bromfietsers en snorfietsers;
4 – Fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor;
5 – Voetgangers;
6 – Overige weggebruikers;
7 – Gezagvoerders/schippers;
8 – Eenieder.
NB De categorieën 1 tot en met 4 gelden in voorkomend geval mede voor bestuurders van één van de op die categorieën betrekking hebbende voertuigen, indien daarmee een aanhangwagen wordt voortbewogen
|
Nummers D 505 – D 537: Boek 3 Wetboek van Strafrecht (WvSr) |
||||||||||||
|
D |
505 |
op openbare weg dan wel op voor publiek toegankelijke plaatsen tegen personen of goederen baldadigheid plegen (straatschenderij) |
424 WvSr |
180 |
||||||||
|
D |
510 |
in staat van dronkenschap in het openbaar het verkeer belemmeren, de orde verstoren dan wel de veiligheid van een ander bedreigen |
426 WvSr |
180 |
||||||||
|
D |
511 |
zich buiten een door de gemeenteraad als geschikt voor ongeklede openbare recreatie aangewezen plaats ongekleed bevinden op of aan een voor het openbaar verkeer bestemde plaats, die voor ongeklede recreatie niet geschikt is |
430a WvSr |
70 |
||||||||
|
D |
514 |
zonder daartoe gerechtigd te zijn voeren van de in dit artikelonderdeel bedoelde titels |
435 aanhef, sub 3 WvSr |
cat 8 strafbeschikking (of dagvaarden eis) € 280 |
||||||||
|
D |
517 |
niet voldoen aan de verplichting om een identiteitsbewijs ter inzage aan te bieden, die is opgelegd bij artikel 2 van de Wet op de identificatieplicht |
447e WvSr |
70 |
||||||||
|
D |
520 |
als persoon genoemd in dit artikel geen doorlopend register houden, daarin niet onverwijld aantekeningen houden van gekochte of andere in dit artikel genoemde goederen, van de koopprijs of van de namen en woonplaatsen van wie verkregen is dan wel niet op eerste aanvraag dit register tonen |
437 WvSr |
150 |
||||||||
|
D |
525 |
beroepshalve nachtverblijf verschaffend geen doorlopend register houden of nalaten in dat register onverwijld bij aankomst van nachtverblijvers de namen en andere in dit artikel genoemde gegevens aan te tekenen of te doen aantekenen, dan wel nalaten register op aanvraag te tonen |
438 WvSr |
100 |
||||||||
|
D |
526 |
handelen in strijd met een algemeen voorschrift van politie, krachtens de Gemeentewet in buitengewone omstandigheden uitgevaardigd en afgekondigd door de burgemeester of de commissaris van de Koningin in de provincie |
443 WvSr |
* |
||||||||
|
D |
527 |
als wettelijk opgeroepen getuige wederrechtelijk wegblijven |
444 WvSr |
180 |
||||||||
|
D |
528 |
als in dit artikel genoemd persoon voor de rechter geroepen om gehoord te worden, zonder geldige reden niet verschijnen |
445 WvSr |
180 |
||||||||
|
D |
529 |
niet op tijd voldoen aan de wettelijke verplichting van geboorteaangifte |
448 WvSr |
70 |
Afdeling
E
Bijzondere wetten
Categorie-indeling B:
1 – Bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brommobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft;
2 – Bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen;
3 – Bromfietsers en snorfietsers;
4 – Fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor;
5 – Voetgangers;
6 – Overige weggebruikers;
7 – Gezagvoerders/schippers;
8 – Eenieder.
NB De categorieën 1 tot en met 4 gelden in voorkomend geval mede voor bestuurders van één van de op die categorieën betrekking hebbende voertuigen, indien daarmee een aanhangwagen wordt voortbewogen
|
Nummers E 100 – E 162: Wet personenvervoer 2000 (Wp 2000), Besluit personenvervoer 2000 (Bp 2000), Spoorwegwet (Spww) en Algemeen Reglement Vervoer (ARV), Reglement Dienst Hoofd en Lokaalspoorwegen (RDHL) |
||||||||||||
|
De reiziger |
||||||||||||
|
E |
100 |
a |
zonder geldig vervoersbewijs gebruik maken van het openbaar vervoer |
70 Wp 2000 jo. 101 Wp 2000 |
85 |
|||||||
|
E |
101 |
als reiziger, die de leeftijd van 14 jaar nog niet heeft bereikt, zonder geldig vervoersbewijs gebruik maken van het openbaar vervoer en niet op eerste vordering een aangewezen identificatiebewijs ter inzage verstrekken (het bij deze feitcode vermelde tarief moet worden gehalveerd) |
70 Wp 2000 en 92 Wp 2000 jo. 101 Wp 2000 |
100 |
||||||||
|
Een ieder |
||||||||||||
|
de orde, rust, veiligheid of een goede bedrijfsgang verstoren door |
72 Wp 2000 jo. 52, |
|||||||||||
|
E |
129 |
e |
– te bedelen of houden van inzamelingen |
lid 1g Bp 2000 |
70 |
|||||||
|
E |
144 |
op de spoorweg enig voorwerp, dat het verkeer belemmeren kan, neerleggen |
42 jo. 63 Spww |
* |
||||||||
|
E |
147 |
anders dan als rechtmatige gebruiker in te grijpen in de bediening of de werking van installaties van de hoofdspoorweginfrastructuur |
22 lid 1 onderdeel a Spww (nieuw) |
* |
||||||||
|
E |
148 |
de hoofdspoorweginfrastructuur of delen daarvan beschadigen, vernielen, verwijderen, afbreken, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen |
22 lid 1 onderdeel b Spww (nieuw) |
* |
||||||||
|
E |
150 |
enige handeling op of nabij de hoofdspoorweg verrichten waardoor het beheer van de hoofdspoorweginfrastructuur kan worden gehinderd of belemmerd |
22 lid 1 onderdeel d Spww (nieuw) |
* |
||||||||
|
E |
162 |
a |
op enigerlei wijze ingrijpen in de bediening of werking van spoorweginstallaties |
16 lid 1a RDHL |
* |
|||||||
|
E |
162 |
b |
de spoorweg en de daartoe behorende terreinen, werken en inrichtingen beschadigen of door het storten van vuil of deponeren van afval verontreinigen |
16 lid 1b RDHL |
* |
|||||||
|
Nummers E 801 – E 837: Vreemdelingenwet 2000 (VrW 2000) en Vreemdelingenbesluit 2000 (VB 2000) |
||||||||||||
|
als gezagvoerder van een schip desgevorderd door een ambtenaar belast met de grensbewaking |
4.9 VB 2000 |
|||||||||||
|
E |
806 |
a |
– geen vaart verminderen |
180 |
||||||||
|
E |
806 |
b |
– zijn schip niet zodanig op- of bijdraaien dat een dienstvaartuig behoorlijk langszij kan komen |
180 |
||||||||
|
E |
806 |
c |
– ambtenaren belast met de grensbewaking niet toelaten aan boord |
180 |
||||||||
|
E |
806 |
d |
– zijn schip niet tot stilstand brengen |
180 |
||||||||
|
E |
806 |
e |
– zijn schip niet aanleggen |
180 |
||||||||
|
E |
815 |
als vreemdeling die rechtmatig in Nederland verblijft, zoals bedoeld in artikel 8, onder a tot en met h van de Vreemdelingenwet 2000, niet aan zijn verplichting voldoen om in geval van: – verandering van adres binnen de gemeente waar hij woont of verblijft, daarvan binnen vijf dagen kennis te geven aan de korpschef aldaar; – verandering van woon- of verblijfplaats binnen Nederland of bij vertrek naar het buitenland, daarvan, zo mogelijk onder opgave van het nieuwe adres, voor zijn vertrek kennis te geven aan de korpschef van de gemeente waaruit hij vertrekt; – verandering van woon- of verblijfplaats binnen Nederland daarvan, onder opgave van het nieuwe adres, binnen vijf dagen na aankomst in de nieuwe woon- of verblijfplaats in persoon kennis te geven aan de korpschef |
4.37 VB 2000 jo. 54 VrW 2000 |
70 |
||||||||
|
E |
820 |
als vreemdeling, die geen rechtmatig verblijf heeft als bedoeld in artikel 8 van de Vreemdelingenwet 2000, niet onmiddellijk van zijn aanwezigheid mededeling doen aan de korpschef van de gemeente waar hij verblijft (feitcode wordt alleen gebruikt voor projectmatige aanpak in overleg met lokaal OM) |
4.39 VB jo. 108 VrW 2000 |
* |
||||||||
|
als vreemdeling, die geen rechtmatig verblijf heeft als bedoeld in artikel 8 van de Vreemdelingenwet 2000, niet onmiddellijk van zijn aanwezigheid mededeling doen aan de korpschef van de gemeente waar hij verblijft |
4.39 VB 2000 jo. 108 VrW 2000 |
|||||||||||
|
E |
822 |
g |
– periode van illegaal verblijf onbekend |
* |
||||||||
|
E |
821 |
als persoon die nachtverblijf verschaft aan een vreemdeling van wie hij/zij weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat diens verblijf in Nederland niet rechtmatig is, niet onverwijld mededeling doen aan de korpschef van de regiopolitie waarin de gemeente is gelegen waar de vreemdeling verblijft |
4.40 VB 2000 |
cat 8 strafbeschikking (of dagvaarden eis) € 210 per persoon |
||||||||
|
E |
834 |
als vreemdeling die naar Nederland is gekomen om als zeeman werk te zoeken aan boord van een zeeschip, zich niet binnen drie dagen na binnenkomst in Nederland in persoon aanmelden bij de korpschef van de gemeente waar hij werk zoekt |
4.50 VB 2000 |
70 |
||||||||
|
E |
837 |
als vreemdeling, die rechtmatig verblijf geniet op grond van artikel 8, onder f van de Vreemdelingenwet 2000 zich niet, in verband met het onderzoek naar de inwilligbaarheid van de aanvraag om verblijfsvergunning beschikbaar heeft gehouden op een door de Minister van justitie aangewezen plaats, overeenkomstig hem daartoe door de bevoegde autoriteit gegeven aanwijzingen |
55 lid 1 VrW 2000 |
70 |
||||||||
|
Nummers E 850 – E 856: Wet Wegvervoer Goederen (WWG), Regeling Wegvervoer Goederen (RWG) |
||||||||||||
|
eigen vervoer of beroepsvervoer (doen) verrichten, terwijl de op het Nederlandse kentekenbewijs of de in het kentekenregister vermelde toegestane maximum last van enige as of asstel wordt overschreden, een overschrijding met |
2.6 WWG jo. 18 RWG ivm 5.18.17d en e beide lid 1 RV |
|||||||||||
|
E |
850 |
ee |
– met 10 tot 15% |
250 |
||||||||
|
E |
850 |
ff |
– met 15 tot 20% |
370 |
||||||||
|
E |
850 |
gg |
– met 20 tot 25% |
550 |
||||||||
|
E |
850 |
hh |
– vanaf 25% |
* |
||||||||
|
eigen vervoer of beroepsvervoer (doen) verrichten, terwijl geen waarde op het kentekenbewijs of in het kentekenregister is vermeld dan wel het voertuig niet in Nederland is geregistreerd en de last van enige as of asstel meer bedraagt dan voor zover van toepassing één van de in de artikelen 5.18.17 d lid 2 en 3 en 5.18.17 e lid 2 RV vermelde waarden, een overschrijding |
2.6 WWG jo. 18 RWG ivm 5.18.17 d lid 2 en 3 en e lid 2 RV |
|||||||||||
|
E |
850 |
i |
– met 10 tot 15% |
250 |
||||||||
|
E |
850 |
j |
– met 15 tot 20% |
370 |
||||||||
|
E |
850 |
k |
– met 20 tot 25% |
550 |
||||||||
|
E |
850 |
l |
– vanaf 25% |
* |
||||||||
|
eigen vervoer of beroepsvervoer (doen) verrichten, terwijl de op het Nederlandse kentekenbewijs of in het kentekenregister vermelde toegestane maximum massa (van het samenstel) wordt overschreden of de som van de aslasten in beladen toestand meer bedraagt dan de vermelde toegestane maximummassa (van het samenstel) een overschrijding |
2.6 WWG jo. 18 RWG ivm 5.18.17a en b beide lid 1 RV |
|||||||||||
|
E |
851 |
e |
– met 5 tot 10% |
250 |
||||||||
|
E |
851 |
f |
– met 10 tot 15% |
370 |
||||||||
|
E |
851 |
g |
– met 15 tot 20% |
550 |
||||||||
|
E |
851 |
h |
– vanaf 20% |
* |
||||||||
|
eigen vervoer of beroepsvervoer (doen) verrichten, terwijl geen toegestane maximummassa op het Nederlandse kentekenbewijs of de in het kentekenregister is vermeld, voertuig niet in Nederland is geregistreerd en de massa of de som van de aslasten meer bedraagt dan:a. 50.000 kg; b. de technisch toegestane maximum massa; c. vijf maal de toegestane maximum last onder de aangedreven as(sen); d. de uitkomst van de som: het vermogen van de motor in kW, gedeeld door 0,00368 kW/kg, een overschrijding |
2.6 WWG jo. 18 RWG ivm 5.18.17a en b beide lid 2 en 3 RV |
|||||||||||
|
E |
851 |
i |
– met 5 tot 10% |
250 |
||||||||
|
E |
851 |
j |
– met 10 tot 15% |
370 |
||||||||
|
E |
851 |
k |
– met 15 tot 20% |
550 |
||||||||
|
E |
851 |
l |
– vanaf 20% |
* |
||||||||
|
eigen vervoer of beroepsvervoer (doen) verrichten, terwijl de op het Nederlandse kentekenbewijs of de in het kentekenregister vermelde toegestane maximum massa dan wel de som van de aslasten van de middenasaanhangwagen of oplegger vermeerderd met de last onder de koppeling van het voertuig in beladen toestand dan wel de som van de aslasten van de aanhangwagen in beladen toestand (uitgezonderd de aslasten van autonome aanhangwagens), meer bedraagt dan de toegestane maximum massa, een overschrijding |
2.6 WWG jo. 18 RWG ivm 5.18.17c lid 1 RV |
|||||||||||
|
E |
851 |
m |
– met 5 tot 10% |
|||||||||
|
E |
851 |
n |
– met 10 tot 15% |
370 |
||||||||
|
E |
851 |
o |
– met 15 tot 20% |
550 |
||||||||
|
E |
851 |
p |
– vanaf 20% |
* |
||||||||
|
eigen vervoer of beroepsvervoer (doen) verrichten, terwijl op het Nederlandse kentekenbewijs van de middensasaanhangwagen of in het kentekenregister geen toegestane maximum massa is vermeld dan wel de middenasaanhangwagen niet in Nederland is geregistreerd en de massa of de som van de aslasten vermeerderd met de last onder de koppeling in beladen toestand meer bedraagt dan 20.000 kg of meer bedraagt dan 24.000 kg bij een middenasaanhangwagen die voorzien is van gasvering of als gelijkwaardig aangemerkte vering en is voorzien van drie assen, een overschrijding |
2.6 WWG jo. 18 RWG ivm 5.18.17c lid 2 RV |
|||||||||||
|
E |
851 |
r |
– met 5 tot 10% |
250 |
||||||||
|
E |
851 |
s |
– met 10 tot 15% |
370 |
||||||||
|
E |
851 |
t |
– met 15 tot 20% |
550 |
||||||||
|
E |
851 |
u |
– vanaf 20% |
* |
||||||||
|
eigen vervoer of beroepsvervoer (doen) verrichten, terwijl de op het Nederlandse kentekenbewijs of de in het kentekenregister vermelde toegestane maximum te trekken massa van de aanhangwagen wordt overschreden of de som van de aslasten bedraagt meer dan de vermelde toegestane maximum te trekken massa, een overschrijding |
2.6 WWG jo. 18 RWG ivm 5.18.17g lid 1 RV |
|||||||||||
|
E |
855 |
a |
– met 10 tot 15% |
250 |
||||||||
|
E |
855 |
b |
– met 15 tot 20% |
370 |
||||||||
|
E |
855 |
c |
– met 20 tot 25% |
550 |
||||||||
|
E |
855 |
d |
– vanaf 25% |
* |
||||||||
|
eigen vervoer of beroepsvervoer (doen) verrichten, terwijl geen waarde op het Nederlands kentekenbewijs of in het kentekenregister is vermeld dan wel het voertuig niet in Nederland is geregistreerd en de getrokken massa of de som van de aslasten van de aanhangwagen meer bedraagt dan in één van de in artikel 5.18.17g lid 2 en 3 RV vermelde waarden, een overschrijding |
2.6 WWG jo. 18 RWG ivm 5.18.17g lid 2 en 3 RV |
|||||||||||
|
E |
855 |
e |
– met 10 tot 15% |
250 |
||||||||
|
E |
855 |
f |
– met 15 tot 20% |
370 |
||||||||
|
E |
855 |
g |
– met 20 tot 25% |
550 |
||||||||
|
E |
855 |
h |
– vanaf 25% |
* |
||||||||
|
eigen vervoer of beroepsvervoer (doen) verrichten, terwijl de totale massa of de som van de aslasten van het beladen samenstel van landbouw– of bosbouwtrekker of motorrijtuig met beperkte snelheid en één of meer aanhangwagens meer bedraagt dan 50. 000 kg, een overschrijding |
2.6 WWG jo. 18 RWG ivm 5.18.25 lid 1 en 4 RV |
|||||||||||
|
E |
856 |
e |
– met 5 tot 10% |
250 |
||||||||
|
E |
856 |
f |
– met 10 tot 15% |
370 |
||||||||
|
E |
856 |
g |
– met 15 tot 20% |
550 |
||||||||
|
E |
856 |
h |
– vanaf 20% |
* |
||||||||
|
eigen vervoer of beroepsvervoer (doen) verrichten, terwijl de last onder enige as van het beladen samenstel van de landbouw-/bosbouwtrekker of motorrijtuig met beperkte snelheid en één of meer aanhangwagens bedraagt meer dan 10.000 kg dan wel de aangedreven as van een landbouw-/bosbouwtrekker meer bedraagt dan 11.500 kg, een overschrijding met |
||||||||||||
|
E |
856 |
i |
– met 10 tot 15% |
250 |
||||||||
|
E |
856 |
j |
– met 15 tot 20% |
370 |
||||||||
|
E |
856 |
k |
– met 20 tot 25% |
550 |
||||||||
|
E |
856 |
l |
– vanaf 25% |
* |
||||||||
|
Nummer E 868: Wet op de Kansspelen (Wodk) |
||||||||||||
|
zonder vergunning van de burgemeester één of meer kansspelautomaten aanwezig hebben |
||||||||||||
|
E |
868 |
a |
– op of aan de openbare weg of een voor het publiek toegankelijke plaats |
30b WodK |
* |
|||||||
|
E |
868 |
b |
– in een niet voor het publiek toegankelijke inrichting, waarvoor een vergunning ingevolge artikel 3 van de Drank- en Horecawet is vereist of waarvan de ondernemer inschrijfplichtig is bij het Bedrijfschap Horeca |
30b WodK |
* |
|||||||
|
Nummers E 900: Wet wapens en munitie (Wwm) |
||||||||||||
|
E |
900 |
een voorwerp, zijnde een wapen in de zin van artikel 2, lid 1 categorie IV onder 7 van de Wet wapens en munitie dragen |
27 lid 1 Wwm |
* |
Afdeling
F
Overige overtredingen
Categorie-indeling B:
1 – Bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brommobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft;
2 – Bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen;
3 – Bromfietsers en snorfietsers;
4 – Fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor;
5 – Voetgangers;
6 – Overige weggebruikers;
7 – Gezagvoerders/schippers;
8 – Een ieder.
NB De categorieën 1 tot en met 4 gelden in voorkomend geval mede voor bestuurders van één van de op die categorieën betrekking hebbende voertuigen, indien daarmee een aanhangwagen wordt voortbewogen
|
Nummers F 050 – F 310: Plaatselijk geldende verordeningen (Pl.V) |
||||||||||||
|
F |
050 |
zich bevinden of begeven op een weg, een gedeelte van een weg of een terrein die/dat door of vanwege het bevoegde gezag in het belang van de openbare veiligheid of ter voorkoming van wanordelijkheden was afgezet |
Pl.V |
180 |
||||||||
|
F |
055 |
op of aan de weg of een voor het publiek toegankelijke plaats deelnemen aan een samenscholing, onnodig opdringen of door uitdagend gedrag aanleiding geven tot wanordelijkheden |
Pl.V |
* |
||||||||
|
F |
060 |
niet voldoen aan de verplichting tot het opvolgen van een bevel van een politieambtenaar gedaan in het kader van samenscholing, volksoploop en/of (dreigende) wanordelijkheden |
Pl.V |
180 |
||||||||
|
F |
070 |
c |
zonder vergunning van de burgemeester onverminderd het bepaalde in artikel 30 van de Wet op de Kansspelen een speelgelegenheid, zoals in de algemene plaatselijke verordening is omschreven, te exploiteren of te doen exploiteren (kansspelautomaat) |
Pl.V |
* |
|||||||
|
F |
116 |
op een tijdstip gelegen binnen een door het bevoegde gezag vastgestelde periode, op de weg vervoeren of bij zich hebben van enig gereedschap, voorwerp of middel, dat ertoe kan dienen zich onrechtmatig de toegang tot een gebouw of erf te verschaffen, onrechtmatig sluitingen te openen of te verbreken, diefstal door middel van braak te vergemakkelijken of het maken van sporen te voorkomen |
Pl.V |
70 |
||||||||
|
F |
119 |
(binnen een door het College aangewezen gebied) op of aan de weg of in een voor het publiek toegankelijk gebouw bedelen om geld of andere zaken |
Pl.V |
70 |
||||||||
|
F |
121 |
c |
op of aan de weg of op het openbaar water, dan wel in een voor het publiek toegankelijk gebouw, alcoholhoudende drank nuttigen terwijl dit gepaard gaat met gedragingen die de openbare orde verstoren, het woon- en leefklimaat aantasten, of anderszins overlast veroorzaken |
Pl.V |
100 |
|||||||
|
F |
122 |
in een inrichting / horecabedrijf de orde verstoren |
Pl.V |
180 |
||||||||
|
F |
123 |
op door het College aangewezen wegen, met inbegrip van daaraan gelegen voor het publiek toegankelijke gebouwen, messen of andere voorwerpen, die als steekwapen kunnen worden gebruikt, bij zich hebben |
Pl.V |
* |
||||||||
|
F |
124 |
van het openbaar vervoer en de daarbij behorende voorzieningen gebruik maken op zodanige wijze dat redelijkerwijze kan worden aangenomen dat dit geschiedt met het oogmerk wederrechtelijk een aan een ander behorend goed weg te nemen |
Pl.V |
* |
||||||||
|
F |
170 |
onverminderd het bepaalde in de Opiumwet, op of aan de weg, al dan niet met een voertuig, drugs of daarop gelijkende waar, afleveren, aanbieden, vervoeren, verwerven of daarbij bemiddelen of behulpzaam zijn |
Pl.V |
180 |
||||||||
|
F |
171 |
op of aan de openbare weg of een voor het publiek toegankelijke plaats of gebouw, harddrugs gebruiken, toedienen of voorbereidingen daartoe verrichten en/of ten behoeve van dat gebruik stoffen en/of voorwerpen voorhanden te hebben |
Pl.V |
180 |
||||||||
|
F |
172 |
op of aan de openbare weg dan wel in afvalbakken achterlaten van injectiespuiten of onderdelen daarvan met het kennelijke doel om afstand van het voorwerp te doen |
Pl.V |
180 |
||||||||
|
F |
173 |
op of aan wegen, die door het College zijn aangewezen, omdat de openbare orde dat i.v.m. het openlijk gebruik van of handel in middelen als bedoeld in de artikelen 2 en 3 van de Opiumwet dan wel heling naar hun oordeel noodzakelijk maakt deel te nemen aan een verzameling van personen waarvan redelijkerwijze kan worden aangenomen dat de verzameling verband houdt met het gebruik van of de handel in drugs dan wel heling |
Pl.V |
180 |
||||||||
|
F |
174 |
op of aan een weg of een gedeelte van een weg anders dan op een straatprostitutielocatie, gedurende de uren daarbij door het College vastgesteld, door houding, woord, gebaar of op andere wijze, handelingen te verrichten waarvan redelijkerwijs kan worden aangenomen dat deze worden verricht om een ander tot prostitutie aan te lokken of daartoe uit te nodigen |
Pl.V |
180 |
||||||||
|
F |
175 |
op of aan de weg, op een andere publiek toegankelijke plaats of op een plaats, zichtbaar vanaf de weg of vanaf een andere voor publiek toegankelijke plaats iemand door woord, houding, gebaar of op enigerlei andere wijze tot prostitutie bewegen, uitnodigen dan wel aanlokken |
Pl.V |
180 |
||||||||
|
F |
176 |
als degene aan wie dit door of namens het College in het belang van de openbare orde of zedelijkheid is bekendgemaakt, zich anders dan in een openbaar middel van vervoer, bevinden op of aan de door het College aangewezen wegen en/of plaatsen gedurende de uren daarbij genoemd |
Pl.V |
180 |
||||||||
|
F |
177 |
zich bevinden op of in een door het College openbaar bekend gemaakt(e) en aangewezen tijd, weg of gebied, terwijl deze weg of dit gebied op genoemd tijdstip werd gebezigd voor een ander doel dan waarvoor dit gebied bestemd was, dan wel deze weg en/of dit gebied heeft verontreinigd of zich zonder redelijk doel op een voor anderen hinderlijke wijze heeft opgehouden op een door het College aangewezen tijd, weg of gebied |
Pl.V |
100 |
||||||||
|
F |
220 |
zonder vergunning een openbare inzameling van geld of goederen houden of daartoe een intekenlijst aanbieden |
Pl.V |
100 |
||||||||
|
F |
225 |
zonder vergunning, in de uitoefening van de handel, op of aan de weg of aan een openbaar water, aan een huis dan wel op een andere voor het publiek toegankelijke en in de open lucht gelegen plaats goederen te koop aanbieden, verkopen of afgeven |
Pl.V |
100 ma |
||||||||
|
F |
226 |
op of aan de weg fietsen, bromfietsen en scooters te koop aanbieden, verkopen of kopen, anders dan direct vanuit een aan de weg gevestigd detailhandelsbedrijf voor rijwielen |
Pl.V |
cat 8 € 100 ma (ingeval van malafide praktijken dagvaarden) |
||||||||
|
F |
230 |
zonder vergunning op of aan de weg of aan een openbaar water dan wel op een andere voor het publiek toegankelijke en in de open lucht gelegen plaats een standplaats innemen of hebben teneinde in de uitoefening van de handel goederen te koop aan te bieden, te verkopen of te verstrekken, dan wel diensten aan te bieden |
Pl.V |
100 ma |
||||||||
|
F |
236 |
b |
het zonder vergunning van het bevoegd gezag varen, doen of laten varen met enig motorvaartuig |
Pl.V |
70 |
70 |
||||||
|
F |
237 |
b |
het varen, doen of laten varen zonder dat de vergunning in het motorvaartuig aanwezig is of zonder dat de corresponderende sticker op de juiste wijze is bevestigd op dat vaartuig |
Pl.V |
70 |
70 |
||||||
|
bij Algemene Plaatselijke Verordening aangewezen paddestoelen van hun groeiplaats in aangewezen natuurgebied verwijderen, onder zich hebben, te koop aanbieden |
Pl.V |
|||||||||||
|
F |
270 |
a |
– tot 1000 gram |
* |
||||||||
|
F |
270 |
b |
– van 1000 tot 4000 gram |
* |
||||||||
|
F |
270 |
c |
– 4000 gram of meer |
* |
||||||||
|
F |
280 |
één of meer bij Algemene Plaatselijke Verordening aangewezen planten van hun groeiplaats in aangewezen natuurgebied verwijderen, onder zich hebben of te koop aanbieden |
Pl.V |
* |
||||||||
|
F |
290 |
meer dan 1 dm2 van een bij Algemene Plaatselijke Verordening aangewezen mos van de groeiplaats in aangewezen natuurgebied verwijderen, onder zich hebben of te koop aanbieden |
Pl.V |
* |
||||||||
|
F |
300 |
op of aan de weg of op een voor het publiek toegankelijke plaats vechten |
Pl.V |
* |
||||||||
|
F |
301 |
in het openbaar iemand uitjouwen, naschreeuwen of met aanstoot gevende taal lastig vallen of op andere wijze overlast aandoen |
Pl.V |
* |
||||||||
|
F |
305 |
op een begraafplaats nodeloos rumoer maken of zich anderszins onbetamelijk gedragen |
Pl.V |
* |
||||||||
|
F |
310 |
zich op of aan de weg of op een vanaf die weg af waarneembare plaats bevinden in een houding, toestand of kleding, die uit het oogpunt van openbare zedelijkheid kennelijk kwetsend is of redelijker wijze kan worden geacht |
Pl.V |
* |
Afdeling
G
Misdrijven
Categorie-indeling B:
1 – Bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brommobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft;
2 – Bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen;
3 – Bromfietsers en snorfietsers;
4 – Fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor;
5 – Voetgangers;
6 – Overige weggebruikers;
7 – Gezagvoerders/schippers;
8 – Een ieder.
NB De categorieën 1 tot en met 4 gelden in voorkomend geval mede voor bestuurders van één van de op die categorieën betrekking hebbende voertuigen, indien daarmee een aanhangwagen wordt voortbewogen
|
Nummers G 050 – G 100: Boek 2 Wetboek van Strafrecht (WvSr) |
||||||||||||
|
G |
050 |
een woning bij een ander in gebruik wederrechtelijk binnendringen of wederrechtelijk aldaar vertoevende zich niet op de vordering van of vanwege de rechthebbende aanstonds verwijderen |
138 WvSr |
* |
||||||||
|
G |
051 |
een besloten lokaal of erf bij een ander in gebruik wederrechtelijk binnendringen of wederrechtelijk aldaar vertoevende zich niet op de vordering van of vanwege de rechthebbende aanstonds verwijderen |
138 WvSr |
* |
||||||||
|
G |
052 |
een voor de openbare dienst bestemd lokaal wederrechtelijk binnendringen of wederrechtelijk aldaar vertoevende zich niet op de vordering van de bevoegde ambtenaar aanstonds verwijderen |
139 WvSr |
* |
||||||||
|
G |
075 |
opzettelijke belediging, die niet het karakter van smaad of smaadschrift draagt, mondeling en/of door feitelijkheden, iemand aangedaan in diens tegenwoordigheid |
266 lid 1 WvSr |
* |
||||||||
|
G |
076 |
opzettelijke belediging, die niet het karakter van smaad of smaadschrift draagt, mondeling en/of door feitelijkheden, iemand aangedaan in diens tegenwoordigheid, in het openbaar |
266 lid 1 WvSr |
* |
||||||||
|
G |
077 |
belediging, schriftelijk in het openbaar |
266 lid 1 WvSr |
* |
||||||||
|
G |
078 |
opzettelijke belediging, die niet het karakter van smaad of smaadschrift draagt, in het openbaar, schriftelijk en/of bij afbeelding |
266 lid 1 WvSr |
* |
||||||||
|
G |
079 |
opzettelijke belediging van een ambtenaar tijdens de rechtmatige uitoefening van diens functie, in het openbaar, mondeling of door feitelijkheden |
266 lid 1 jo. 267 lid 2 WvSr |
* |
||||||||
|
als reiziger opzettelijk a. valse, vervalste of wederrechtelijk vervaardigde merken, b. waren, die zelf of op hun verpakking valselijk zijn voorzien van de handelsnaam van een ander of van het merk waarop een ander recht heeft, c. waren, die ter aanduiding van herkomst, valselijk van de naam van een bepaalde plaats, met bijvoeging van een verdichte handelsnaam, zijn voorzien, d. waren, waarop of op de verpakking waarvan een handelsnaam van een ander of een merk waarop een ander recht heeft, zij het dan ook met een geringe afwijking, is nagebootst of e. waren of onderdelen daarvan die valselijk hetzelfde uiterlijk vertonen als een tekening of model waarop een ander recht heeft, dan wel daarmede slechts ondergeschikte verschillen vertonen, in-, door- of uitvoeren, te weten |
337 lid 1 WvSr |
|||||||||||
|
G |
110 |
a |
– 1 t/m 3 horloges |
cat. 8: uitsluitend maatregel |
||||||||
|
G |
110 |
b |
– 4 t/m 10 horloges |
250 ma |
||||||||
|
G |
110 |
c |
– 11 t/m 20 horloges |
370 ma |
||||||||
|
G |
110 |
d |
– 21 t/m 50 horloges |
600 ma |
||||||||
|
G |
110 |
e |
– 51 t/m 100 horloges |
1100ma |
||||||||
|
G |
110 |
f |
– 101 t/m 150 horloges |
1400ma |
||||||||
|
G |
110 |
g |
– 151 t/m 200 horloges |
1500ma |
||||||||
|
G |
110 |
h |
– meer dan 200 horloges |
cat 8: ma + dagvaarden |
||||||||
|
als reiziger opzettelijk a. valse, vervalste of wederrechtelijk vervaardigde merken, b. waren, die zelf of op hun verpakking valselijk zijn voorzien van de handelsnaam van een ander of van het merk waarop een ander recht heeft, c. waren, die ter aanduiding van herkomst, valselijk van de naam van een bepaalde plaats, met bijvoeging van een verdichte handelsnaam, zijn voorzien, d. waren, waarop of op de verpakking waarvan een handelsnaam van een ander of een merk waarop een ander recht heeft, zij het dan ook met een geringe afwijking, is nagebootst of e. waren of onderdelen daarvan die valselijk hetzelfde uiterlijk vertonen als een tekening of model waarop een ander recht heeft, dan wel daarmede slechts ondergeschikte verschillen vertonen, in-, door- of uitvoeren, te weten |
337 lid 1 WvSr |
|||||||||||
|
G |
111 |
a |
– 1 t/m 500 ml parfum |
cat. 8: uitsluitend maatregel |
||||||||
|
G |
111 |
b |
– 501 t/m 1000 ml parfum |
250 ma |
||||||||
|
G |
111 |
c |
– 1001 t/m 1500 ml parfum |
500 ma |
||||||||
|
G |
111 |
d |
– 1501 t/m 5000 ml parfum |
1000ma |
||||||||
|
G |
111 |
e |
– 5001 t/m 15000 ml parfum |
1400ma |
||||||||
|
G |
111 |
f |
– meer dan 15000 ml parfum |
cat 8: ma + dagvaarden |
||||||||
|
als reiziger opzettelijk a. valse, vervalste of wederrechtelijk vervaardigde merken, b. waren, die zelf of op hun verpakking valselijk zijn voorzien van de handelsnaam van een ander of van het merk waarop een ander recht heeft, c. waren, die ter aanduiding van herkomst, valselijk van de naam van een bepaalde plaats, met bijvoeging van een verdichte handelsnaam, zijn voorzien, d. waren, waarop of op de verpakking waarvan een handelsnaam van een ander of een merk waarop een ander recht heeft, zij het dan ook met een geringe afwijking, is nagebootst of e. waren of onderdelen daarvan die valselijk hetzelfde uiterlijk vertonen als een tekening of model waarop een ander recht heeft, dan wel daarmede slechts ondergeschikte verschillen vertonen, in-, door- of uitvoeren, te weten |
337 lid 1 WvSr |
|||||||||||
|
G |
112 |
a |
– 1 t/m 50 stuks |
cat. 8: uitsluitend maatregel |
||||||||
|
G |
112 |
b |
– 51 t/m 100 stuks |
450 ma |
||||||||
|
G |
112 |
c |
– 101 t/m 200 stuks |
800 ma |
||||||||
|
G |
112 |
d |
– 201 t/m 300 stuks |
1100ma |
||||||||
|
G |
112 |
e |
– 301 t/m 500 stuks |
1300ma |
||||||||
|
G |
112 |
f |
– 501 t/m 800 stuks |
2100ma |
||||||||
|
G |
112 |
g |
– 801 t/m 1000 stuks |
2400ma |
||||||||
|
G |
112 |
h |
– meer dan 1000 stuks |
cat 8: ma + dagvaarden |
||||||||
|
Nummer G 120: Auteurswet 1912 |
||||||||||||
|
als reiziger opzettelijk een voorwerp waarin met inbreuk op eens anders auteursrecht een werk is vervat in-, door- of uitvoeren, te weten |
31a Auteurswet 1912 |
|||||||||||
|
G |
120 |
a |
– 1 t/m 25 stuks beeld- of geluidsdragers |
cat. 8: uitsluitend maatregel |
||||||||
|
G |
120 |
b |
– 26 t/m 40 stuks beeld- of geluidsdragers |
200 ma |
||||||||
|
G |
120 |
c |
– 41 t/m 50 stuks beeld- of geluidsdragers |
250 ma |
||||||||
|
G |
120 |
d |
– 51 t/m 100 stuks beeld- of geluidsdragers |
650 ma |
||||||||
|
G |
120 |
e |
– 101 t/m 200 stuks beeld- of geluidsdragers |
1100ma |
||||||||
|
G |
120 |
f |
– 201 t/m 300 stuks beeld- of geluidsdragers |
1400ma |
||||||||
|
G |
120 |
g |
– 301 t/m 500 stuks beeld- of geluidsdragers |
1500ma |
||||||||
|
G |
120 |
h |
– meer dan 500 stuks beeld- of geluidsdragers |
cat 8: ma + dagvaarden |
||||||||
|
Nummer G 150: Gezondheids– en welzijnswet voor dieren (GWD) |
||||||||||||
|
G |
150 |
als houder van een dier dit dier de nodige verzorging onthouden |
37 GWD |
cat 8: dagvaarden |
||||||||
|
Nummers G 320 – G 335: Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994) |
||||||||||||
|
als degene die weet of redelijkerwijs moet weten dat hem/haar bij rechterlijke uitspraak de bevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigen is ontzegd, gedurende de tijd dat hem/haar die bevoegdheid is ontzegd, op de weg een motorrijtuig besturen of doen besturen |
9 lid 1 WVW 1994 |
|||||||||||
|
G |
320 |
a |
– met motorrijtuig waarvoor het bezit van een rijbewijs niet is vereist |
* |
* |
|||||||
|
G |
320 |
b |
– met een motorrijtuig waarvoor een rijbewijs is vereist |
* |
* |
* |
||||||
|
G |
325 |
als degene die weet of redelijkerwijs moet weten dat een op zijn/haar naam gesteld rijbewijs voor één of meer categorieën van motorrijtuigen dan wel voor een gedeelte van de geldigheidsduur ongeldig is verklaard, op de weg een motorrijtuig van de categorie of categorieën dan wel gedurende dat gedeelte van de geldigheidsduur besturen of doen besturen |
9 lid 2 WVW 1994 |
* |
* |
* |
||||||
|
G |
330 |
als degene van wie de overgifte van een op zijn/haar naam gesteld rijbewijs is gevorderd ingevolge artikel 130 WVW 1994, dan wel wiens rijbewijs is ingevorderd en aan wie dat rijbewijs nog niet is teruggegeven, op de weg, een motorrijtuig van de categorie of categorieën waarvoor dat rijbewijs was afgegeven besturen of doen besturen |
9 lid 4 WVW 1994 |
* |
* |
* |
||||||
|
G |
331 |
als degene die weet of redelijker wijze moet weten dat de geldigheid van een op zijn naam gesteld rijbewijs ingevolge artikel 131, lid 3, onderdeel a WVW 1994, voor één of meer categorieën van motorrijtuigen is geschorst, op de weg een motorrijtuig van de categorie of categorieën waarop de schorsing betrekking heeft besturen of doen besturen |
9 lid 5 WVW 1994 |
* |
* |
* |
||||||
|
G |
332 |
als degene aan wie ingevolge artikel 164 van de WVW 1994 de overgifte van een op zijn/haar naam gesteld rijbewijs, een hem/haar door het daartoe bevoegde gezag buiten Nederland afgegeven rijbewijs of een internationaal rijbewijs is gevorderd, dan wel van wie zodanig bewijs is ingevorderd en aan wie dat bewijs niet is teruggegeven, op de weg een motorrijtuig van de categorie of categorieën waarvoor dat bewijs was afgegeven besturen of doen besturen |
9 lid 7 WVW 1994 |
* |
* |
* |
||||||
|
G |
333 |
een motorrijtuig of aanhangwagen op de weg laten staan of met een motorrijtuig over de weg rijden dan wel met een motorrijtuig een aanhangwagen over de weg voortbewegen, terwijl op dat motorrijtuig of die aanhangwagen een teken is aangebracht dat, niet zijnde een ingevolge artikel 36 WVW 1994 aan de eigenaar of houder voor dat voertuig opgegeven kenteken, door kan gaan voor een zodanig kenteken dan wel voor een volgens de voorschriften opgegeven buitenlands kenteken of een handelaarskenteken |
41 lid 1 sub d WVW 1994 |
* |
* |
* |
* |
|||||
|
G |
335 |
als degene aan wie een rijverbod is opgelegd als bedoeld in artikel 162 lid 1 WVW 1994 een voertuig besturen of doen besturen gedurende de tijd waarvoor dat rijverbod geldt |
162 lid 3 WVW 1994 |
* |
* |
* |
* |
Afdeling
GA
Misdrijven art 8 WVW 1994
Categorie-indeling G: (rijden onder invloed)
1 – bestuurders van motorrijtuigen (uitgezonderd cat. 2 en 3: bestuurders van vrachtauto’s, autobussen, bromfietsers, brommobielen, snorfietsers en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig met motor);
2 – bestuurders van vrachtauto’s en autobussen;
3 – bromfietsers, brommobielen, snorfietsers en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig met motor;
4 – fietsers en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig zonder motor.
|
Nummers GA 300 – GA 318: Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994) |
||||||||||||
|
als bestuurder van een motorrijtuig rijden, terwijl het alcoholgehalte van de adem, dan wel het bloed te hoog is |
||||||||||||
|
GA |
300 |
a |
– 235 µg/l t/m 350 µg/l (adem) |
8 lid 2 sub a WVW 1994 |
250 |
350 |
||||||
|
GA |
300 |
b |
– 355 µg/l t/m 435 µg/l (adem) |
350 |
450 |
|||||||
|
GA |
300 |
c |
– 440 µg/l t/m 500 µg/l (adem) |
450 |
550 |
|||||||
|
GA |
300 |
d |
– 505 µg/l t/m 570 µg/l (adem) |
550 |
650 |
|||||||
|
GA |
300 |
e |
– vanaf 575 µg/l (adem) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
300 |
f |
– vanaf 235 µg/l in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (adem) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
301 |
a |
– 0,54‰ t/m 0,80‰ (bloed) |
8 lid 2 sub b WVW 1994 |
250 |
350 |
||||||
|
GA |
301 |
b |
– 0,81‰ t/m 1,00‰ (bloed) |
350 |
450 |
|||||||
|
GA |
301 |
c |
– 1,01‰ t/m 1,15‰ (bloed) |
450 |
550 |
|||||||
|
GA |
301 |
d |
– 1,16‰ t/m 1,30‰ (bloed) |
550 |
650 |
|||||||
|
GA |
301 |
e |
– vanaf 1,31‰ (bloed) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
301 |
f |
– vanaf 0,54‰ in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (bloed) |
* |
* |
|||||||
|
als bestuurder van een bromfiets, snorfiets, brommobiel of gehandicaptenvoertuig met motor rijden, terwijl het alcoholgehalte van de adem, dan wel het bloed te hoog is |
||||||||||||
|
GA |
302 |
a |
– 235 µg/l t/m 435 µg/l (adem) |
8 lid 2 sub a WVW 1994 |
120 |
|||||||
|
GA |
302 |
b |
– 440 µg/l t/m 650 µg/l (adem) |
220 |
||||||||
|
GA |
302 |
c |
– vanaf 655 µg/l (adem) |
* |
||||||||
|
GA |
302 |
d |
– vanaf 235 µg/l in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (adem) |
* |
||||||||
|
GA |
303 |
a |
– 0,54‰ t/m 1,00‰ (bloed) |
8 lid 2 sub b WVW 1994 |
120 |
|||||||
|
GA |
303 |
b |
– 1,01‰ t/m 1,50‰ (bloed) |
220 |
||||||||
|
GA |
303 |
c |
– vanaf 1,51‰ (bloed) |
* |
||||||||
|
GA |
303 |
d |
– vanaf 0,54‰ in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (bloed) |
* |
||||||||
|
als bestuurder van een fiets of gehandicaptenvoertuig zonder motor rijden, terwijl het alcoholgehalte van de adem, dan wel het bloed te hoog is |
||||||||||||
|
GA |
304 |
a |
– vanaf 235 µg/l (adem) |
8 lid 2 sub a WVW 1994 |
100 |
|||||||
|
GA |
304 |
b |
– vanaf 235 µg/l in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (adem) |
* |
||||||||
|
GA |
304 |
c |
– vanaf 0,54‰ (bloed) |
8 lid 2 sub b WVW 1994 |
100 |
|||||||
|
GA |
304 |
d |
– vanaf 0,54‰ in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (bloed) |
* |
||||||||
|
Beginnende bestuurders |
||||||||||||
|
als bestuurder van een motorrijtuig, binnen 5 jaren nadat hem voor de eerste maal een rijbewijs is verstrekt, rijden, terwijl het alcoholgehalte van de adem, dan wel het bloed te hoog is (van toepassing op de bestuurder die 18 jaar of ouder was bij verkrijgen eerste rijbewijs) |
||||||||||||
|
GA |
305 |
a |
– 95 µg/l t/m 230 µg/l (adem) |
8 lid 3 WVW 1994 |
250 |
350 |
||||||
|
GA |
305 |
b |
– 235 µg/l t/m 350 µg/l (adem) |
250 |
350 |
|||||||
|
GA |
305 |
c |
– 355 µg/l t/m 435 µg/l (adem) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
305 |
d |
– 440 µg/l t/m 500 µg/l (adem) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
305 |
e |
– 505 µg/l t/m 570 µg/l (adem) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
305 |
f |
– vanaf 575 µg/l (adem) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
305 |
g |
– vanaf 95 µg/l in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (adem) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
306 |
a |
– 0,22‰ t/m 0,53‰ (bloed) |
8 lid 3 WVW 1994 |
250 |
350 |
||||||
|
GA |
306 |
b |
– 0,54‰ t/m 0,80‰ (bloed) |
250 |
350 |
|||||||
|
GA |
306 |
c |
– 0,81‰ t/m 1,00‰ (bloed) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
306 |
d |
– 1,01‰ t/m 1,15‰ (bloed) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
306 |
e |
– 1,16‰ t/m 1,30‰ (bloed) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
306 |
f |
– vanaf 1,31‰ (bloed) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
306 |
g |
– vanaf 0,22‰ in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (bloed) |
* |
* |
|||||||
|
als bestuurder van een bromfiets, snorfiets of brommobiel, binnen 5 jaren nadat hem voor de eerste maal een rijbewijs is verstrekt, rijden, terwijl het alcoholgehalte van de adem, dan wel het bloed te hoog is (van toepassing op de bestuurder die 18 jaar of ouder was bij verkrijgen eerste rijbewijs) |
||||||||||||
|
GA |
309 |
a |
– 95 µg/l t/m 230 µg/l (adem) |
8 lid 3 WVW 1994 |
120 |
|||||||
|
GA |
309 |
b |
– 235 µg/l t/m 435 µg/l (adem) |
120 |
||||||||
|
GA |
309 |
c |
– 440 µg/l t/ m 650 µg/l (adem) |
220 |
||||||||
|
GA |
309 |
d |
– vanaf 655 µg/l (adem) |
* |
||||||||
|
GA |
309 |
e |
– vanaf 95 µg/l in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (adem) |
* |
||||||||
|
GA |
310 |
a |
– 0,22‰ t/m 0,53‰ (bloed) |
8 lid 3 WVW 1994 |
120 |
|||||||
|
GA |
310 |
b |
– 0,54‰ t/m 1,00‰ (bloed) |
120 |
||||||||
|
GA |
310 |
c |
– 1,01‰ t/m 1,50‰ (bloed) |
220 |
||||||||
|
GA |
310 |
d |
– vanaf 1,51‰ (bloed) |
* |
||||||||
|
GA |
310 |
e |
– vanaf 0,22‰ in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (bloed) |
* |
||||||||
|
als bestuurder van een motorrijtuig, die bij afgifte van het eerste rijbewijs de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt, binnen 7 jaar na die afgifte rijden, terwijl het alcoholgehalte van de adem, dan wel het bloed te hoog is (van toepassing op de bestuurder die 16 tot 18 jaar was bij verkrijgen eerste rijbewijs) |
||||||||||||
|
GA |
311 |
a |
– 95 µg/l t/m 230 µg/l (adem) |
8 lid 3 WVW 1994 |
250 |
350 |
||||||
|
GA |
311 |
b |
– 235 µg/l t/m 350 µg/l (adem) |
250 |
350 |
|||||||
|
GA |
311 |
c |
– 355 µg/l t/m 435 µg/l (adem) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
311 |
d |
– 440 µg/l t/m 500 µg/l (adem) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
311 |
e |
– 505 µg/l t/m 570 µg/l (adem) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
311 |
f |
– vanaf 575 µg/l (adem) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
311 |
g |
– vanaf 95 µg/l in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (adem) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
312 |
a |
– 0,22‰ t/m 0,53‰ (bloed) |
8 lid 3 WVW 1994 |
250 |
350 |
||||||
|
GA |
312 |
b |
– 0,54‰ t/m 0,80‰ (bloed) |
250 |
350 |
|||||||
|
GA |
312 |
c |
– 0,81‰ t/m 1,00‰ (bloed) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
312 |
d |
– 1,01‰ t/m 1,15‰ (bloed) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
312 |
e |
– 1,16‰ t/m 1,30 ‰ (bloed) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
312 |
f |
– vanaf 1,31‰ (bloed) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
312 |
g |
– vanaf 0,22‰ in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (bloed) |
* |
* |
|||||||
|
als bestuurder van een bromfiets, snorfiets of brommobiel, die bij afgifte van het eerste rijbewijs de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt, binnen 7 jaar na die afgifte rijden, terwijl het alcoholgehalte van de adem, dan wel het bloed te hoog is (van toepassing op de bestuurder die 16 tot 18 jaar was bij verkrijgen eerste rijbewijs) |
||||||||||||
|
GA |
313 |
a |
– 95 µg/l t/m 230 µg/l (adem) |
8 lid 3 WVW 1994 |
120 |
|||||||
|
GA |
313 |
b |
– 235 µg/l t/m 435 µg/l (adem) |
120 |
||||||||
|
GA |
313 |
c |
– 440 µg/l t/m 650 µg/l (adem) |
220 |
||||||||
|
GA |
313 |
d |
– vanaf 655 µg/l (adem) |
* |
||||||||
|
GA |
313 |
e |
– vanaf 95 µg/l in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (adem) |
* |
||||||||
|
GA |
314 |
a |
– 0,22‰ t/m 0,53‰ (bloed) |
8 lid 3 WVW 1994 |
120 |
|||||||
|
GA |
314 |
b |
– 0,54‰ t/m 1,00‰ (bloed) |
120 |
||||||||
|
GA |
314 |
c |
– 1,01‰ t/m 1,50‰ (bloed) |
220 |
||||||||
|
GA |
314 |
d |
– vanaf 1,51‰ (bloed) |
* |
||||||||
|
GA |
314 |
e |
– vanaf 0,22‰ in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (bloed) |
* |
||||||||
|
Bestuurders zonder rijbewijs |
||||||||||||
|
als bestuurder van een motorrijtuig voor het besturen waarvan een rijbewijs is vereist, zonder rijbewijs rijden, terwijl het alcoholgehalte van de adem, dan wel het bloed te hoog is |
||||||||||||
|
GA |
315 |
a |
– 95 µg/l t/m 230 µg/l (adem) |
8 lid 4 jo. 8 lid 3 WVW 1994 |
250 |
350 |
||||||
|
GA |
315 |
b |
– 235 µg/l t/m 350 µg/l (adem) |
250 |
350 |
|||||||
|
GA |
315 |
c |
– 355 µg/l t/m 435 µg/l (adem) |
350 |
450 |
|||||||
|
GA |
315 |
d |
– 440 µg/l t/m 500 µg/l (adem) |
450 |
550 |
|||||||
|
GA |
315 |
e |
– 505 µg/l t/m 570 µg/l (adem) |
550 |
* |
|||||||
|
GA |
315 |
f |
– vanaf 575 µg/l (adem) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
315 |
g |
– vanaf 95 µg/l in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (adem) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
316 |
a |
– 0,22‰ t/m 0,53‰ (bloed) |
8 lid 4 jo. 8 lid 3 WVW 1994 |
250 |
350 |
||||||
|
GA |
316 |
b |
– 0,54‰ t/m 0,80‰ (bloed) |
250 |
350 |
|||||||
|
GA |
316 |
c |
– 0,81‰ t/m 1,00‰ (bloed) |
350 |
450 |
|||||||
|
GA |
316 |
d |
– 1,01‰ t/m 1,15‰ (bloed) |
450 |
550 |
|||||||
|
GA |
316 |
e |
– 1,16‰ t/m 1,30 ‰ (bloed) |
550 |
* |
|||||||
|
GA |
316 |
f |
– vanaf 1,31‰ (bloed) |
* |
* |
|||||||
|
GA |
316 |
g |
– vanaf 0,22‰ in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (bloed) |
* |
* |
|||||||
|
als bestuurder van een bromfiets, snorfiets of brommobiel, voor het besturen waarvan een rijbewijs is vereist, zonder rijbewijs rijden, terwijl het alcoholgehalte van de adem, dan wel het bloed te hoog is |
||||||||||||
|
GA |
317 |
a |
– 95 µg/l t/m 230 µg/l (adem) |
8 lid 4 jo. 8 lid 3 WVW 1994 |
120 |
|||||||
|
GA |
317 |
b |
– 235 µg/l t/m 435 µg/l (adem) |
120 |
||||||||
|
GA |
317 |
c |
– 440 µg/l t/ m 650 µg/l (adem) |
220 |
||||||||
|
GA |
317 |
d |
– vanaf 655 µg/l (adem) |
* |
||||||||
|
GA |
317 |
e |
– vanaf 95 µg/l in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (adem) |
* |
||||||||
|
GA |
318 |
a |
– 0,22‰ t/m 0,53‰ (bloed) |
8 lid 4 jo. 8 lid 3 WVW 1994 |
120 |
|||||||
|
GA |
318 |
b |
– 0,54‰ t/m 1,00‰ (bloed) |
120 |
||||||||
|
GA |
318 |
c |
– 1,01‰ t/m 1,50‰ (bloed) |
220 |
||||||||
|
GA |
318 |
d |
– vanaf 1,51‰ (bloed) |
* |
||||||||
|
GA |
318 |
e |
– vanaf 0,22‰ in combinatie met gevaarlijk rijgedrag (bloed) |
* |
||||||||
Kmar feiten
Categorie-indeling B:
1 – Bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brommobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft;
2 – Bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen;
3 – Bromfietsers en snorfietsers;
4 – Fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor;
5 – Voetgangers;
6 – Overige weggebruikers;
7 – Gezagvoerders/schippers;
8 – Een ieder.
NB De categorieën 1 tot en met 4 gelden in voorkomend geval mede voor bestuurders van één van de op die categorieën betrekking hebbende voertuigen, indien daarmee een aanhangwagen wordt voortbewogen
|
Nummers KK 006 – KK 175: Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994) |
||||||||||||
|
KK |
010 |
als weggebruiker geen gevolg geven aan een aanwijzing door een opsporingsambtenaar gegeven |
169 WvMSr jo. 12 lid 1 WVW 1994 |
180 |
180 |
120 |
70 |
50 |
70 |
|||
|
het kenteken niet behoorlijk zichtbaar aanwezig hebben op of aan |
169 WvMSr jo. 40 lid 1 WVW 1994 |
|||||||||||
|
KK |
030 |
a |
– het motorrijtuig |
100 |
100 |
70 |
100 |
|||||
|
voor een kentekenplichtig motorrijtuig van 3500 kg of minder |
||||||||||||
|
KK |
045 |
a |
– is geen keuringsbewijs afgegeven |
169 WvMSr jo. 72 lid 1 WVW 1994 |
100 |
100 |
||||||
|
KK |
045 |
b |
– heeft het keuringsbewijs zijn geldigheid verloren |
169 WvMSr jo. 72 lid 2 sub b WVW 1994 |
100 |
100 |
||||||
|
KK |
055 |
als bestuurder van een motorrijtuig rijden zonder rijbewijs voor de categorie waartoe dat motorrijtuig behoort |
169 WvMSr jo. 107 lid 1 WVW 1994 |
270 |
270 |
180 |
||||||
|
als bestuurder van een motorrijtuig rijden terwijl het rijbewijs |
||||||||||||
|
KK |
060 |
c |
– niet behoorlijk leesbaar is |
169 WvMSr jo. 107 lid 2 sub c WVW 1994 |
70 |
70 |
45 |
|||||
|
KK |
060 |
e |
– zijn geldigheid heeft verloren door het verstrijken van de geldigheidsduur, waarbij de geldigheidsduur één jaar of minder is verstreken |
169 WvMSr jo. 107 lid 2 sub b WVW 1994 |
70 |
70 |
45 |
|||||
|
KK |
060 |
f |
– zijn geldigheid heeft verloren door het verstrijken van de geldigheidsduur, waarbij de geldigheidsduur meer dan één jaar is verstreken |
169 WvMSr jo. 107 lid 2 sub b WVW 1994 |
270 |
270 |
180 |
|||||
|
als bestuurder van een motorrijtuig niet op eerste vordering behoorlijk ter inzage afgeven |
169 WvMSr jo. 160 lid 1/2/3 WVW 1994 |
|||||||||||
|
KK |
150 |
a |
– het kentekenbewijs |
35 |
35 |
35 |
||||||
|
KK |
150 |
c |
– het rijbewijs |
70 |
70 |
45 |
||||||
|
KK |
170 |
zich zodanig gedragen dat gevaar op de weg wordt veroorzaakt of kan worden veroorzaakt of dat het verkeer op de weg wordt gehinderd of kan worden gehinderd |
5 WVW 1994 |
* |
* |
* |
* |
* |
* |
* |
||
|
zich zodanig gedragen dat gevaar op de weg wordt veroorzaakt of kan worden veroorzaakt of dat het verkeer op de weg wordt gehinderd of kan worden gehinderd door |
167 WvMSr jo. 5 WVW 1994 |
|||||||||||
|
KK |
175 |
a |
– onvoldoende zicht door de voorruit |
180 |
180 |
120 |
||||||
|
KK |
175 |
d |
– onvoldoende zicht door voor-, achter- en zijruiten |
280 |
190 |
|||||||
|
KK |
175 |
f |
– onvoldoende zicht door de achterruit en/of zijruiten |
100 |
70 |
|||||||
Nummers KR 301 – KR 630: KMAR Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)
Categorie-indeling B:
1 – Bestuurders van motorvoertuigen op meer dan twee wielen, en bestuurders van brommobielen voor zover het de bepalingen van het RVV 1990 betreft;
2 – Bestuurders van motorvoertuigen op twee wielen;
3 – Bromfietsers en snorfietsers;
4 – Fietsers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen met of zonder motor;
5 – Voetgangers;
6 – Overige weggebruikers;
7 – Gezagvoerders/schippers;
8 – Een ieder.
NB De categorieën 1 tot en met 4 gelden in voorkomend geval mede voor bestuurders van één van de op die categorieën betrekking hebbende voertuigen, indien daarmee een aanhangwagen wordt voortbewogen
|
I. Plaats op de weg |
||||||||||||
|
KR |
308 |
als (snor)fietser niet het verplichte fietspad of fiets/bromfietspad gebruiken |
169 WvMSr jo. 5 lid 1 RVV 1990 |
70 |
40 |
|||||||
|
KR |
310 |
als bromfietser niet het fiets/bromfietspad gebruiken |
169 WvMSr jo. 6 lid 1 RVV 1990 |
70 |
||||||||
|
als bestuurder van een motorvoertuig niet de rijbaan gebruiken |
169 WvMSr jo. 10 lid 1 RVV 1990 |
|||||||||||
|
KR |
315 |
a |
– rijdend |
100 |
100 |
|||||||
|
KR |
315 |
b |
– stilstaand |
70 |
70 |
|||||||
|
V. Verlenen van voorrang |
||||||||||||
|
KR |
336 |
als bestuurder op een kruispunt geen voorrang verlenen aan bestuurders van rechts |
169 WvMSr jo. 15 lid 1 RVV 1990 |
180 |
180 |
120 |
70 |
70 |
||||
|
VII. Afslaan |
||||||||||||
|
KR |
346 |
als bestuurder afslaan zonder een teken met de richtingaanwijzer of met de arm te geven |
169 WvMSr jo. 17 lid 2 RVV 1990 |
70 |
70 |
45 |
25 |
25 |
||||
|
IX. Stilstaan |
||||||||||||
|
een voertuig op een zodanige wijze laten staan waardoor op de weg |
167 WvMSr jo. 5 WVW 1994 |
|||||||||||
|
KR |
395 |
een voertuig op een zodanige wijze laten staan waardoor op de weg gevaar wordt/kan worden veroorzaakt, dan wel het verkeer wordt/kan worden gehinderd |
5 WVW 1994 |
100 |
100 |
40 |
||||||
|
als bestuurder een voertuig laten stilstaan |
169 WvMSr jo. 23 lid 1 |
|||||||||||
|
KR |
396 |
d |
– op een oversteekplaats of binnen een afstand van vijf meter daarvan |
sub c RVV 1990 |
70 |
70 |
25 |
|||||
|
KR |
396 |
i |
– langs een gele doorgetrokken streep |
169 WvMSr jo. 62 jo. 23 lid 1 sub g RVV 1990 |
70 |
70 |
25 |
|||||
|
X. Parkeren |
||||||||||||
|
als bestuurder een voertuig parkeren |
169 WvMSr jo. 24 lid 1 |
|||||||||||
|
KR |
397 |
b |
– voor een inrit of uitrit |
sub b RVV 1990 |
70 |
70 |
25 |
|||||
|
KR |
397 |
d |
– op een parkeergelegenheid terwijl blijkens de aanduiding onder het bord, dat voertuig niet behoort tot de aangegeven categorie of groep voertuigen |
sub d RVV 1990 |
70 |
70 |
25 |
|||||
|
KR |
397 |
e |
– op een parkeergelegenheid, terwijl blijkens de aanduiding onder het bord, dat voertuig staat geparkeerd op een andere dan de aangegeven wijze |
sub d RVV 1990 |
70 |
70 |
25 |
|||||
|
KR |
397 |
g |
– langs een gele onderbroken streep |
sub e RVV 1990 |
70 |
70 |
25 |
|||||
|
KR |
397 |
h |
– op een gelegenheid bestemd voor onmiddellijk laden en lossen van goederen |
sub f RVV 1990 |
70 |
70 |
25 |
|||||
|
KR |
397 |
i |
– op een parkeerplaats voor vergunninghouders aangeduid door verkeersbord E9, zonder dat voor dat voertuig een vergunning tot parkeren op die plaats was verleend |
sub g RVV 1990 |
70 |
70 |
25 |
|||||
|
KR |
397 |
j |
– op een parkeergelegenheid (borden E4 tot en met E13 bijlage I), buiten de aangegeven parkeervakken |
169 WvMSr jo. 24 lid 4 RVV 1990 |
70 |
70 |
25 |
|||||
|
KR |
398 |
als bestuurder een voertuig dubbel parkeren |
169 WvMSr jo. 24 lid 3 RVV 1990 |
70 |
70 |
25 |
||||||
|
als bestuurder van een motorvoertuig op meer dan twee wielen parkeren op plaatsen die zijn voorzien van een blauwe streep, terwijl dat motorvoertuig |
||||||||||||
|
KR |
400 |
aa |
– niet is voorzien van een duidelijk zichtbare achter de voorruit geplaatste parkeerschijf, waarop het tijdstip staat aangegeven waarop met parkeren is begonnen |
169 WvMSr jo. 25 lid 2 en 3 RVV 1990 |
70 |
|||||||
|
KR |
402 |
a |
als bestuurder op een gehandicaptenparkeerplaats parkeren anders dan met een gehandicaptenvoertuig |
169 WvMSr jo. 26 lid 1 RVV 1990 |
180 |
180 |
70 |
|||||
|
XII. Signalen |
||||||||||||
|
KR |
419 |
signalen geven in andere gevallen of op andere wijze dan is toegestaan |
169 WvMSr jo. 31 RVV 1990 |
70 |
70 |
45 |
25 |
25 |
70 |
|||
|
XIII. Gebruik van lichten tijdens het rijden |
||||||||||||
|
als bestuurder van een motorvoertuig, bromfiets, snorfiets, een gehandicaptenvoertuig dat is uitgerust met een verbrandingsmotor, of een gehandicaptenvoertuig dat is uitgerust met een elektromotor en voorzien van een gesloten carrosserie, geen dim– of grootlicht voeren |
169 WvMSr jo. 32 lid 1 RVV 1990 |
|||||||||||
|
KR |
421 |
a |
– bij nacht, binnen de bebouwde kom |
70 |
70 |
45 |
25 |
|||||
|
KR |
421 |
b |
– bij nacht, buiten de bebouwde kom |
100 |
100 |
70 |
40 |
|||||
|
KR |
421 |
c |
– bij dag, indien het zicht ernstig wordt belemmerd |
100 |
100 |
70 |
40 |
|||||
|
als bestuurder van een motorvoertuig, bromfietser, snorfietser of als bestuurder van een gehandicaptenvoertuig rijden terwijl niet gelijktijdig met het groot licht, het dimlicht, het stadslicht of het mistlicht, het achterlicht brandt |
169 WvMSr jo. 32 lid 3 RVV 1990 |
|||||||||||
|
KR |
426 |
a |
– bij nacht, binnen de bebouwde kom |
70 |
70 |
45 |
25 |
|||||
|
KR |
426 |
c |
– bij dag, indien het zicht ernstig wordt belemmerd |
100 |
100 |
70 |
35 |
|||||
|
als bestuurder rijden terwijl niet gelijktijdig met het groot licht, het dimlicht, het stadslicht of het mistlicht, de verlichting van de achterkentekenplaat brandt |
||||||||||||
|
KR |
428 |
a |
– van een motorvoertuig |
169 WvMSr jo. 32 lid 3 RVV 1990 |
35 |
35 |
||||||
|
KR |
434 |
als bestuurder van een motorvoertuig of een gehandicaptenvoertuig anders dan bij mist, sneeuwval of regen, die het zicht ernstig belemmert mistlicht(en) aan de voorzijde voeren |
169 WvMSr jo. 34 lid 1 RVV 1990 |
70 |
70 |
45 |
25 |
|||||
|
XV. Bijzondere lichten |
||||||||||||
|
als bestuurder van een motorvoertuig aan de voorzijde naast het dimlicht of het mistlicht andere verlichting voeren dan bermlicht, bochtlicht, hoeklicht, richtlicht, markeringslichten of staaklichten |
169 WvMSr jo. 41 RVV 1990 |
|||||||||||
|
KR |
456 |
a |
– bij nacht |
100 |
100 |
|||||||
|
KR |
456 |
b |
– bij dag, indien het zicht ernstig wordt belemmerd |
100 |
100 |
|||||||
|
XVII. Erven |
||||||||||||
|
KR |
478 |
als bestuurder een motorvoertuig binnen een erf parkeren anders dan op parkeerplaatsen die als zodanig zijn aangeduid of aangegeven |
169 WvMSr jo. 46 RVV 1990 |
70 |
70 |
|||||||
|
XXV. Onnodig geluid |
||||||||||||
|
KR |
522 |
als bestuurder van een motorvoertuig of als bromfietser c.q. snorfietser onnodig geluid veroorzaken |
169 WvMSr jo. 57 RVV 1990 |
180 |
180 |
120 |
||||||
|
XXVII. Autogordels en kinderbeveiligingssystemen |
||||||||||||
|
KR |
533 |
als bestuurder of passagier van een personenauto, bedrijfsauto, een driewielig motorvoertuig met gesloten carrosserie of een brommobiel geen gebruik maken van de voor hen beschikbare autogordel |
169 WvMSr jo. 59 lid 1 RVV 1990 |
100 |
100 |
100 |
||||||
|
XXVIII. Helmen |
||||||||||||
|
KR |
536 |
a |
als bestuurder, passagier van een bromfiets of brommobiel zonder gesloten carrosserie geen goedpassende helm dragen, die middels een sluiting op deugdelijke wijze is bevestigd en die is voorzien van een goedkeuringsmerk |
169 WvMSr jo. 60 lid 1 RVV 1990 |
70 |
70 |
||||||
|
KR |
536 |
c |
als bestuurder, passagier van een motorfiets dan wel driewielig motorvoertuig geen goedpassende helm dragen, die middels een sluiting op deugdelijke wijze is bevestigd en is voorzien van een goedkeuringsmerk |
169 WvMSr jo. 60 lid 1 RVV 1990 |
100 |
100 |
100 |
|||||
|
XXX Gebruik van mobiele telecommunicatieapparatuur |
||||||||||||
|
KR |
545 |
als bestuurder van een motorvoertuig, bromfiets, snorfiets of gehandicaptenvoertuig met motor tijdens het rijden een mobiele telefoon vast houden |
169 WvMSr jo. 61a RVV 1990 |
180 |
180 |
120 |
70 |
|||||
|
Hoofdstuk 3. Verkeerstekens |
||||||||||||
|
II. Verkeersborden KMAR |
||||||||||||
|
als bestuurder in strijd met bord B7 |
169 WvMSr jo. 62 RVV 1990 jo. bord B7 |
|||||||||||
|
KR |
549 |
a |
– niet stoppen |
100 |
100 |
70 |
40 |
40 |
||||
|
als bestuurder een weg gebruiken in strijd met bord C1 (gesloten in beide richtingen voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij-, trekdieren of vee) |
169 WvMSr jo. 62 RVV 1990 jo. bord C1 |
|||||||||||
|
KR |
550 |
a |
– een weg gebruiken |
70 |
70 |
45 |
25 |
25 |
||||
|
KR |
550 |
b |
– een weg(gedeelte) bestemd voor aangewezen categorie(ën) voertuigen gebruiken (doelgroepstroken) |
100 |
100 |
70 |
40 |
40 |
||||
|
als bestuurder een weg gebruiken in strijd met bord C2 (eenrichtingsweg, in deze richting gesloten voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij-, trekdieren of vee) |
169 WvMSr jo. 62 RVV 1990 jo. bord C2 |
|||||||||||
|
KR |
551 |
b |
– op andere weg dan autoweg of autosnelweg |
100 |
100 |
70 |
40 |
40 |
||||
|
als bestuurder een weg gebruiken in strijd met bord |
||||||||||||
|
KR |
552 |
a |
– C3 (eenrichtingsweg) |
169 WvMSr jo. 62 jo. bord C3 RVV 1990 |
100 |
100 |
70 |
40 |
40 |
|||
|
KR |
552 |
b |
– C4 (eenrichtingsweg) |
169 WvMSr jo. 62 jo. bord C4 RVV 1990 |
100 |
100 |
70 |
40 |
40 |
|||
|
KR |
553 |
b |
als bestuurder van een motorvoertuig op meer dan twee wielen in strijd met bord C6 (geslotenverklaring voor motorvoertuig op meer dan twee wielen) een weg gebruiken |
169 WvMSr jo. 62 jo. bord C6 RVV 1990 |
70 |
|||||||
|
KR |
559 |
als bestuurder van een motorvoertuig een weg gebruiken in strijd met bord C12 (geslotenverklaring voor alle motorvoertuigen) |
169 WvMSr jo. 62 jo. bord C12 RVV 1990 |
70 |
70 |
|||||||
|
KR |
574 |
als bestuurder rijden in strijd met de door bord D1 aangegeven rijrichting (rotonde; verplichte rijrichting) |
169 WvMSr jo. 62 jo. bord D1 RVV 1990 |
70 |
70 |
45 |
25 |
25 |
||||
|
KR |
575 |
als bestuurder rijden in strijd met bord D2 aan de andere zijde dan het bord aangeeft (gebod voor alle bestuurders het bord D2 voorbij te gaan aan de zijde die de pijl aangeeft) |
169 WvMSr jo. 62 jo. bord D2 RVV 1990 |
70 |
70 |
45 |
25 |
25 |
||||
|
KR |
576 |
als bestuurder in strijd met bord D4 een andere rijrichting volgen dan op het bord is aangegeven (gebod tot het volgen van de rijrichting die op het bord D4 is aangegeven) |
169 WvMSr jo. 62 jo. bord D4 RVV 1990 |
70 |
70 |
45 |
25 |
25 |
||||
|
KR |
577 |
als bestuurder in strijd met bord D5 een andere rijrichting volgen dan op het bord is aangegeven (gebod tot het volgen van de rijrichting die op het bord D5 is aangegeven) |
169 WvMSr jo. 62 jo. bord D5 RVV 1990 |
70 |
70 |
45 |
25 |
25 |
||||
|
KR |
578 |
als bestuurder in strijd met bord D6 een andere rijrichting volgen dan op het bord is aangegeven (gebod tot het volgen van één van de rijrichtingen die op het bord D6 zijn aangegeven) |
169 WvMSr jo. 62 jo. bord D6 RVV 1990 |
70 |
70 |
45 |
25 |
25 |
||||
|
KR |
584 |
als bestuurder een voertuig parkeren in strijd met (zone) bord E1 (parkeerverbod(szone)) |
169 WvMSr jo. 62 jo. bord E1 RVV 1990 |
70 |
70 |
25 |
||||||
|
KR |
585 |
als bestuurder een voertuig laten stilstaan in strijd met bord E2 (verbod stilstaan) |
169 WvMSr jo. 62 jo. bord E2 RVV 1990 |
70 |
70 |
25 |
||||||
|
KR |
593 |
als bestuurder van een motorvoertuig in strijd met bord F1 een motorvoertuig inhalen (verbod voor motorvoertuigen om elkaar onderling in te halen) |
169 WvMSr jo. 62 jo. bord F1 RVV 1990 |
180 |
180 |
|||||||
|
IV. Verkeerstekens op het wegdek |
||||||||||||
|
KR |
616 |
a |
als bestuurder de zich niet langs de rand van de rijbaanverharding bevindende doorgetrokken streep tussen rijstroken dan wel op paden met verkeer in beide richtingen naar links overschrijden |
169 WvMSr jo. 62 jo. 76 lid 1 sub a RVV 1990 |
180 |
180 |
120 |
70 |
70 |
|||
|
KR |
616 |
b |
als bestuurder zich bevinden links van de zich niet langs de rand van de rijbaanverharding bevindende doorgetrokken streep tussen rijstroken dan wel op paden met verkeer in beide richtingen |
169 WvMSr jo. 62 jo. 76 lid 1 sub a RVV 1990 |
180 |
180 |
120 |
70 |
70 |
|||
|
KR |
617 |
als bestuurder de zich niet langs de rand van de rijbaanverharding bevindende doorgetrokken streep tussen rijstroken dan wel op paden met verkeer in één richting overschrijden |
169 WvMSr jo. 62 jo. 76 lid 1 sub b RVV 1990 |
100 |
100 |
70 |
40 |
40 |
||||
|
KR |
620 |
als bestuurder niet stoppen voor stopstreep daar waar dit op grond van het RVV 1990 verplicht is |
169 WvMSr jo. 62 jo. 79 RVV 1990 |
70 |
70 |
45 |
25 |
25 |
||||
|
KR |
621 |
als bestuurder in strijd met op het wegdek aangebrachte haaietanden geen voorrang verlenen aan bestuurders op de kruisende weg |
169 WvMSr jo. 62 jo. 80 RVV 1990 |
180 |
180 |
120 |
70 |
70 |
Snelheidsoverschrijdingen
Noot (snelheidsovertredingen algemeen)
Categorie-indeling C: (maximum snelheid)
1 – motorvoertuigen (uitgezonderd categorie 2: vrachtauto’s, autobussen en motorvoertuigen met aanhangwagen);
2 – vrachtauto’s, autobussen, als bedrijfsauto aangemerkte kampeerauto’s met een toegestane maximum massa van meer dan 3500 kg en motorvoertuigen met aanhangwagen;
3 – bromfietsen, brommobielen, snorfietsen en gehandicaptenvoertuigen met motor;
4 – land- of bosbouwtrekkers en motorvoertuigen met beperkte snelheid.
Indien een feitcode van toepassing is waarbij de snelheidsoverschrijding per kilometer is aangegeven en er wordt een waarde achter de komma gemeten, dan moet deze te allen tijde naar beneden worden afgerond op een hele kilometer.
|
overschrijding van de maximumsnelheid op kazerneterrein (bord A1) |
169 WvMSr jo. 62 RVV 1990 jo. bord A1; jo 20 sub 5 RVV 1990; jo 21 sub b RVV 1990; jo. 22 sub c RVV 1990; jo. 22 sub d RVV 1990 |
|||||||
|
KV |
004 |
– met 4 km/h |
22 |
36 |
22 |
22 |
||
|
KV |
005 |
– met 5 km/h |
28 |
44 |
28 |
28 |
||
|
KV |
006 |
– met 6 km/h |
32 |
49 |
32 |
32 |
||
|
KV |
007 |
– met 7 km/h |
38 |
58 |
38 |
38 |
||
|
KV |
008 |
– met 8 km/h |
42 |
65 |
42 |
42 |
||
|
KV |
009 |
– met 9 km/h |
48 |
72 |
48 |
48 |
||
|
KV |
010 |
– met 10 km/h |
55 |
81 |
55 |
55 |
||
|
KV |
011 |
– met 11 km/h |
61 |
89 |
61 |
61 |
||
|
KV |
012 |
– met 12 km/h |
68 |
99 |
68 |
68 |
||
|
KV |
013 |
– met 13 km/h |
75 |
108 |
75 |
75 |
||
|
KV |
014 |
– met 14 km/h |
82 |
117 |
82 |
82 |
||
|
KV |
015 |
– met 15 km/h |
89 |
127 |
89 |
89 |
||
|
KV |
016 |
– met 16 km/h |
98 |
137 |
98 |
98 |
||
|
KV |
017 |
– met 17 km/h |
100 |
149 |
100 |
100 |
||
|
KV |
018 |
– met 18 km/h |
115 |
159 |
115 |
115 |
||
|
KV |
019 |
– met 19 km/h |
123 |
170 |
123 |
123 |
||
|
KV |
020 |
– met 20 km/h |
132 |
181 |
132 |
132 |
||
|
KV |
021 |
– met 21 km/h |
142 |
194 |
142 |
142 |
||
|
KV |
022 |
– met 22 km/h |
152 |
207 |
152 |
152 |
||
|
KV |
023 |
– met 23 km/h |
162 |
218 |
162 |
162 |
||
|
KV |
024 |
– met 24 km/h |
171 |
233 |
171 |
171 |
||
|
KV |
025 |
– met 25 km/h |
183 |
245 |
183 |
183 |
||
|
KV |
026 |
– met 26 km/h |
194 |
260 |
194 |
194 |
||
|
KV |
027 |
– met 27 km/h |
206 |
274 |
206 |
206 |
||
|
KV |
028 |
– met 28 km/h |
217 |
288 |
217 |
217 |
||
|
KV |
029 |
– met 29 km/h |
228 |
302 |
228 |
228 |
||
|
KV |
030 |
a |
– met 30 km/h |
241 obm |
||||
|
KV |
030 |
– met 30 km/h |
241 |
318 |
241 |
|||
|
KV |
035 |
a |
– van 31 tot 35 km/h |
288 obm |
||||
|
KV |
035 |
– van 31 tot 35 km/h |
288 |
360 |
288 |
|||
|
KV |
040 |
a |
– van 35 tot 40 km/h |
350 obm |
||||
|
KV |
040 |
– van 35 tot 40 km/h |
350 |
440 |
350 |
|||
|
KV |
045 |
a |
– van 40 tot 45 km/h |
420 obm |
||||
|
KV |
045 |
– van 40 tot 45 km/h |
420 |
520 |
420 |
|||
|
KV |
050 |
a |
– van 45 tot 50 km/h |
500 obm |
||||
|
KV |
050 |
– van 45 tot 50 km/h |
500 |
630 |
500 |
|||
|
KV |
055 |
a |
– van 50 tot 55 km/h |
590 obm |
||||
|
KV |
055 |
– van 50 tot 55 km/h |
590 |
730 |
590 |
|||
|
KV |
060 |
a |
– van 55 tot 60 km/h |
700 obm |
||||
|
KV |
060 |
– van 55 tot 60 km/h |
700 |
870 |
700 |
|||
|
KV |
065 |
a |
– van 60 tot 65 km/h |
810 obm |
||||
|
KV |
065 |
– van 60 tot 65 km/h |
810 |
1000 |
810 |
|||
|
KV |
070 |
a |
– van 65 tot 70 km/h |
930 obm |
||||
|
KV |
070 |
– van 65 tot 70 km/h |
930 |
1100 |
930 |
|||
|
KV |
075 |
– van 70 tot 75 km/h |
1000 obm |
1250 obm |
1000 obm |
1000 obm |
||
|
KV |
080 |
– van 75 tot 80 km/h |
1200 obm |
1400 obm |
1200 obm |
1200 obm |
||
|
KV |
085 |
– van 80 tot 85 km/h |
1300 obm |
1550 obm |
1300 obm |
1300 obm |
||
|
KV |
090 |
– van 85 tot 90 km/h |
1450 obm |
1650 obm |
1450 obm |
1450 obm |
||
|
KV |
095 |
– van 90 tot 95 km/h |
1600 obm |
1850 obm |
1600 obm |
1600 obm |
||
|
KV |
100 |
– van 95 tot 100 km/h |
1800 obm |
2100 obm |
1800 obm |
1800 obm |
||
|
KV |
101 |
– van 100 km/h of meer |
* |
* |
* |
* |
|
1 |
2 |
3 |
4 |
5 |
6 |
7 |
8 |
|||||
|
Nummers KK 405 – KK 550: KMAR Kentekenreglement (KR) |
||||||||||||
|
Wijziging van de tenaamstelling: overdracht tussen particulieren |
||||||||||||
|
KK |
432 |
deel I afgeven terwijl het vrijwaringsbewijs en het oude deel II of I B nog niet is ontvangen |
169 WvMSr jo. 58b lid 1 sub b Kr |
100 |
||||||||
|
KK |
405 |
de kentekenplaat voldoet niet aan de gestelde eisen |
169 WvMSr jo. 5 lid 1 en 3 Kr |
70 |
||||||||
Nummers KN 004 – KP 600: KMAR Regeling voertuigen (RV)
Categorie-indeling A: (Besluit en Regeling voertuigen)
2 – personenauto’s;
3 – bedrijfsauto’s;
3a – bussen;
4 – motorfietsen;
5 – driewielige motorrijtuigen;
6 – bromfietsen;
7 – motorrijtuigen met beperkte snelheid;
8 – land- of bosbouwtrekkers;
9 – fietsen en gehandicaptenvoertuigen zonder motor (o.g.v. art. 5.1.4 RV m.u.v. afmetingen genoemd in 5.9.6 RV);
10 – gehandicaptenvoertuigen voorzien van een gesloten carrosserie en gehandicaptenvoertuigen die zijn uitgerust met een verbrandingsmotor en niet voorzien van een gesloten carrosserie en t.a.v. de afmetingen genoemd in 5.10.6 RV de gehandicaptenvoertuigen zonder motor;
11 – gehandicaptenvoertuigen, uitgerust met een elektromotor en niet voorzien van een gesloten carrosserie;
12 – aanhangwagens met een toegestane maximum massa van meer dan 750 kg achter personenauto’s, bedrijfsauto’s, bussen en driewielige motorrijtuigen;
13 – aanhangwagens met een toegestane maximum massa van niet meer dan 750 kg achter personenauto’s, bedrijfsauto’s, bussen en driewielige motorrijtuigen;
14 – aanhangwagens achter landbouw- of bosbouwtrekkers en achter motorrijtuigen met beperkte snelheid;
15 – aanhangwagens achter motorfietsen (15a) of bromfietsen (15b);
16 – aanhangwagens achter fietsen op twee wielen;
17 – wagens.
Noot Regeling Voertuigen (RV):
-
–
De feiten met betrekking tot de Regeling Voertuigen zijn in 17 categorieën onderverdeeld en deze categorieën zijn genummerd van 2 t/m 17. Deze categorie-indeling komt overeen met de indeling van de Regeling Voertuigen.
-
–
Bij categorie 15 kan het trekkende voertuig verschillend zijn (motor of bromfiets). Voor deze voertuigen gelden verschillende tarieven. Achter de categorieaanduiding moet daarom voor de motorfiets een A en voor de bromfiets een B worden vermeld.
Categorie: 15A – motorfiets
categorie: 15B – bromfiets
-
–
Indien bij ‘artikel’ een ‘*’ staat vermeld, dan dient dit teken te worden vervangen door het nummer van de categorie waarop de feitcode betrekking heeft, om zo het op die categorie betrekking hebbende artikel van de Regeling Voertuigen te verkrijgen.
-
–
Op de kennisgeving/aankondiging moet een nadere toelichting op het feit worden vermeld, omdat de bepalingen van de Regeling Voertuigen in algemene feitomschrijvingen zijn weergegeven.
-
–
Voor feiten gebaseerd op de Regeling Voertuigen geldt dat deze feiten niet slechts op kenteken kunnen worden geconstateerd. (Dit volgt uit de voor de eerste feitcode geplaatste koptekst, geldend voor de gehele Regeling voertuigen: ‘Als bestuurder rijden terwijl...’.)
|
Als bestuurder van een voertuig rijden (terwijl): |
|||||||||||||||||||||
|
0 – Algemeen |
|||||||||||||||||||||
|
KN |
010 |
a |
het niet in overeenstemming is met de gegevens op het kentekenbewijs of met de in het kentekenregister vermelde gegevens |
169 WvMSr jo. 5.*.1 RV |
180 |
180 |
180 |
180 |
180 |
120 |
180 |
||||||||||
|
KN |
010 |
d |
het kenteken niet goed leesbaar is of de kentekenpla(a)t(en) is/zijn afgeschermd |
169 WvMSr jo. 5.*.1 RV |
100 |
100 |
100 |
100 |
100 |
70 |
100 |
||||||||||
|
KN |
010 |
n |
als bestuurder van een voertuig rijden terwijl in of aan het motorvoertuig een radarontvangstapparaat aanwezig is, dat geschikt is om de aanwezigheid aan te tonen van een apparaat dat tot doel heeft om een overschrijding van de maximumsnelheid vast te stellen (bij recidive binnen 2 jaar na afdoening van de eerste, OM strafbeschikking/ transactie € 420) |
169 WvMSr jo. 3 BV |
340 ma |
340 ma |
340 ma |
340 ma |
340 ma |
||||||||||||
|
3 – Motor |
|||||||||||||||||||||
|
KN |
110 |
a |
deze niet is voorzien van een over de gehele lengte gasdichte uitlaat |
169 WvMSr jo. 5.*.11 lid 1 RV |
200 |
200 |
200 |
200 |
200 |
140 |
200 |
200 |
80 |
||||||||
|
KN |
110 |
c |
het niet voldoet aan de eisen gesteld ten aanzien van luchtverontreiniging, geluidsproductie, geluidsniveau, uitlaatgassen of het stationaire mengsel (geluidsniveau cat. 2 en 4 zie N 110 n t/m q) |
169 WvMSr jo. 5.*.11 RV |
200 |
200 |
200 |
200 |
|||||||||||||
|
6 – Ophanging |
|||||||||||||||||||||
|
een band/de banden beschadigd is/zijn, waarbij het karkas zichtbaar is of de band/banden uitstulpingen vertoont/vertonen |
169 WvMSr jo. 5.*.27 RV |
||||||||||||||||||||
|
KN |
270 |
e |
– 1 band |
100 |
100 |
100 |
70 |
100 |
100 |
40 |
40 |
100 |
100 |
100/70 |
|||||||
|
KN |
270 |
f |
– 2 banden |
150 |
150 |
150 |
100 |
150 |
150 |
60 |
60 |
150 |
150 |
150/100 |
|||||||
|
KN |
270 |
g |
– 3 banden |
220 |
220 |
220 |
150 |
220 |
220 |
90 |
90 |
220 |
220 |
||||||||
|
KN |
270 |
h |
– 4 banden |
330 |
230 |
330 |
330 |
130 |
130 |
330 |
330 |
||||||||||
|
de profilering van een band/de banden niet voldoet aan de gestelde eisen of is/zijn nageprofileerd (naprofilering geldt niet voor cat 3, 3a en 12 i.g.v. opschrift regroovable; cat 2, 5, 13, 3a T 100-bus, cat 3(a) en 12 kleiner of gelijk aan 3500 kg min. 1,6 mm; cat 4 min 1,0 mm; cat 6, 10 en 11 profilering moet aanwezig zijn over de gehele omtrek en breedte) (NB cat 3, 3a en 12 > 3500 kg m.u.v. T 100-bus geen profileringseisen) |
169 WvMSr jo. 5.*.27 RV |
||||||||||||||||||||
|
KN |
270 |
r |
– 1 band |
100 |
100 |
100 |
100 |
100 |
70 |
40 |
40 |
100 |
100 |
||||||||
|
KN |
270 |
s |
– 2 banden |
150 |
150 |
150 |
150 |
150 |
100 |
60 |
60 |
150 |
150 |
||||||||
|
KN |
270 |
t |
– 3 banden |
220 |
220 |
220 |
220 |
220 |
150 |
90 |
90 |
220 |
220 |
||||||||
|
KN |
270 |
u |
– 4 banden |
330 |
330 |
330 |
230 |
130 |
130 |
330 |
330 |
||||||||||
|
8 – Reminrichting |
|||||||||||||||||||||
|
KN |
310 |
a |
(de onderdelen van) de reminrichting niet deugdelijk zijn (bevestigd) |
169 WvMSr jo. 5.*.31 RV |
180 |
180 |
180 |
180 |
180 |
120 |
180 |
180 |
70 |
70 |
180 |
180 |
|||||
|
9 – Carrosserie |
|||||||||||||||||||||
|
KN |
410 |
a |
de deuren en de laadbakkleppen (cat.3(a)) niet goed sluiten of de deuren die direct toegang geven tot de personenruimte niet op normale wijze vanaf de binnenzijde of vanaf de buitenzijde kunnen worden geopend |
169 WvMSr jo. 5.*.41 RV |
100 |
100 |
100 |
100 |
70 |
100 |
100 |
40 |
|||||||||
|
de voorruit, de zijruiten dan wel het windscherm (indien vereist) en bij afwezigheid van een rechterbuitenspiegel de achterruit |
|||||||||||||||||||||
|
KN |
420 |
b |
– is voorzien van onnodige voorwerpen die het uitzicht van de bestuurder belemmeren |
169 WvMSr jo. 5.*.42 RV |
100 |
100 |
100 |
100 |
100 |
100 |
40 |
||||||||||
|
KN |
450 |
b |
het na 26-11-1975 doch voor 17-06-2003 in gebruik genomen voertuig niet is voorzien van een linkerbuitenspiegel die aan de eisen voldoet |
169 WvMSr jo. 5.4.45 RV |
100 |
||||||||||||||||
|
KN |
480 |
e |
gevaar bestaat voor het losraken van enig deel van de buitenzijde |
169 WvMSr jo. 5.*.48 RV |
100 |
100 |
100 |
100 |
100 |
70 |
100 |
100 |
40 |
100 |
100 |
100 |
100/70 |
||||
|
10 – Verlichting |
|||||||||||||||||||||
|
Noot |
|||||||||||||||||||||
|
1. Bij het ontbreken of niet branden van dim-/kop- of achterlicht moeten de bepalingen uit het RVV 1990 worden toegepast |
|||||||||||||||||||||
|
2. Bij de feitcodes zijn alle data vermeld van verlichting die na 1 januari 1980 verplicht is geworden |
|||||||||||||||||||||
|
3.Indien verlichting verplicht is na een bepaalde datum bij voertuigen behorende tot de categorie 2,3,4,5 of 12 en deze is aangebracht op voertuigen, die voor die datum in gebruik zijn genomen, dan moet deze goed werken |
|||||||||||||||||||||
|
het niet is voorzien van goed werkende |
|||||||||||||||||||||
|
KN |
514 |
a |
– richtingaanwijzers (cat 4 na 31-12-96 met zijspan na 31-10-97; cat 6 = 3 of 4 wielig en gesloten carrosserie) |
169 WvMSr jo. 5.*.51-63 RV |
70 |
70 |
70 |
70 |
70 |
45 |
70 |
70 |
25 |
70 |
70 |
70 |
70/- |
||||
|
KN |
514 |
b |
– waarschuwingsknipperlichten (cat 2, 3(a) na 31-12-97; cat 5 na 31-12-96; cat 10 na 01-01-2005) |
169 WvMSr jo. 5.*.51-63 RV |
70 |
70 |
70 |
70 |
70 |
70 |
25 |
||||||||||
|
KN |
514 |
d |
– remlichten (cat. 6: 3 of 4 wielig en 2 wielig voertuig in gebruik na 31-12-2006 en vermogen meer dan 0,5 kW en max. snelheid meer dan 25 km/h) |
169 WvMSr jo. 5.*.51-63 RV |
100 |
100 |
100 |
100 |
100 |
70 |
100 |
100 |
40 |
100 |
100 |
100 |
100/- |
||||
|
KN |
515 |
de verlichting/ retroreflecterende voorzieningen niet de vereiste kleur hebben (cat 9 alleen retroreflectie) |
169 WvMSr jo. 5.*.51-59 RV |
100 |
100 |
100 |
100 |
100 |
70 |
100 |
100 |
40 |
40 |
40 |
100 |
100 |
100 |
100/70 |
40 |
40 |
|
|
KN |
550 |
de glazen van de verlichtingsarmaturen of de retroreflectoren niet aan de gestelde eisen voldoen (cat 9, 11, 16 en 17 alleen eisen rode retroreflectie) |
169 WvMSr jo. 5.*.55 RV |
70 |
70 |
70 |
70 |
70 |
45 |
70 |
70 |
25 |
25 |
25 |
70 |
70 |
70 |
70/45 |
25 |
25 |
|
|
KN |
560 |
de dimlichten niet aan de eisen voldoen |
169 WvMSr jo. 5.*.51 RV jo. 5.*.56 RV |
70 |
70 |
70 |
70 |
70 |
45 |
70 |
70 |
25 |
|||||||||
|
KN |
650 |
het is voorzien van meer lichten of retroreflecterende voorzieningen dan is toegestaan (cat 9 uitsluitend retroreflectie) |
169 WvMSr jo. 5.*.65 RV |
100 ma |
100 ma |
100 ma |
100 ma |
100 ma |
70 ma |
100 ma |
100 ma |
40 ma |
40 ma |
40 ma |
100 ma |
100 ma |
100 ma |
100 ma/ 70ma |
40 ma |
40 ma |
|
|
12 – Diversen |
|||||||||||||||||||||
|
KN |
710 |
a |
het niet is voorzien van een goed werkende geluidssignaalinrichting |
169 WvMSr jo. 5.*.71 RV |
70 |
70 |
70 |
70 |
70 |
70 |
70 |
||||||||||
|
0 – Algemeen |
|||||||||||||||||||||
|
KP |
030 |
hij wordt gehinderd door passagiers, lading of op andere wijze |
169 WvMSr jo. 5.18.3 RV |
180 |
180 |
180 |
180 |
180 |
120 |
180 |
180 |
70 |
70 |
70 |
180 |
180 |
180 |
180/ 120 |
70 |
70 |