Artikel
1
Voor de toepassing van deze regeling wordt aangesloten bij de terminologie van de Regeling GLB-inkomenssteun 2006.
Besluit:
Voor de toepassing van deze regeling wordt aangesloten bij de terminologie van de Regeling GLB-inkomenssteun 2006.
Indien in strijd wordt gehandeld met de verplichtingen, bedoeld in artikel 3 van de Regeling GLB-inkomenssteun 2006, wordt de inkomenssteun, behoudens overmacht, gekort met een percentage dat afhankelijk is gesteld van het aantal geconstateerde overtredingen en het beleidsterrein waartoe de overtreden besluiten of normen behoren.
De te onderscheiden beleidsterreinen van randvoorwaarden, bedoeld in artikel 2 zijn:
volksgezondheid, diergezondheid en gezondheid van planten;
milieu;
dierenwelzijn;
goede landbouw- en milieuconditie.
Kortingen worden toegepast op steunaanvragen die in de loop van het kalenderjaar waarin de niet-naleving is geconstateerd, zijn of worden ingediend.
Bij vaststelling van meerdere niet-nalevingen ten aanzien van verschillende besluiten of normen die tot hetzelfde terrein van de randvoorwaarden behoren worden die gevallen voor de vaststelling van de korting beschouwd als één niet-naleving.
Bij opzettelijke niet-nalevingen bedraagt de korting voor die niet-naleving van een eis of norm in de regel 20%.
Op basis van beoordeling op de 4 criteria, bedoeld in artikel 2, tweede lid, kan de minister adviseren het kortingspercentage op het niveau van een randvoorwaardenterrein te verlagen tot niet minder dan 15% of te verhogen tot ten hoogste 100%.
Indien de opzettelijke niet-naleving betrekking heeft op één welbepaalde steunregeling als bedoeld in artikel 2 van de Regeling GLB-inkomenssteun 2006, wordt de landbouwer hiervoor voor het betrokken kalenderjaar uitgesloten.
De minister beoordeelt de ernst van een niet-naleving aan de hand van het belang van de gevolgen van de niet-naleving, gelet op de doelstelling van de betrokken eis of norm.
De minister houdt bij de bepaling van de omvang van een niet naleving rekening met de al dan niet verstrekkende invloed van de niet-naleving, waarbij met name bepalend is of de uitstraling van de niet-naleving tot het landbouwbedrijf zelf beperkt blijft.
De minister beoordeelt het permanent karakter van een niet-naleving aan de hand van de duur van de periode waarin de effecten van de niet naleving blijven bestaan, en aan de hand van de mogelijkheden om die effecten te beëindigen.
De minister beoordeelt aan de hand van de criteria, bedoeld in artikel 2, tweede lid, of er sprake is van een extreem geval van niet-naleving.
Deze regeling wordt aangehaald als: Beleidsregels normenkader randvoorwaarden GLB.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
|
Vogelrichtljn (Richtlijn 79/409/EEG) |
Het verbod op doden, verstoren, in bezit hebben, verkopen etc. van beschermde inheemse vogels |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
||
|
Vogelrichtljn (Richtlijn 79/409/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op opzettelijk verstoren van beschermde inheemse vogels |
milieu |
2 |
1 |
0 |
ja |
|
|
Vogelrichtljn (Richtlijn 79/409/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op het verstoren of vernielen van nesten van beschermde inheemse vogels |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Vogelrichtljn (Richtlijn 79/409/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op het rapen of bezitten van eieren van beschermde inheemse vogelsoorten |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Vogelrichtljn (Richtlijn 79/409/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op het in bezit hebben van en handel in (producten van) beschermde inheemse of uitheemse vogels |
milieu |
3 |
1 |
0 |
nee |
|
|
Vogelrichtljn (Richtlijn 79/409/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op het uitzetten van vogels en eieren in de vrije natuur |
milieu |
3 |
1 |
0 |
nee |
|
|
Vogelrichtljn (Richtlijn 79/409/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op het in bezit hebben van of handelen in niet toegestane jachtmiddelen |
milieu |
1 |
0 |
0 |
nee |
|
|
Vogelrichtljn (Richtlijn 79/409/EEG) |
Flora- en faunawet* |
De verplichting goed jachthouder te zijn |
milieu |
2 |
1 |
0 |
nee |
|
|
Vogelrichtljn (Richtlijn 79/409/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op het zich voor de jacht in het veld bevinden met niet toegestane jachtmiddelen en doden van beschermde vogels |
milieu |
2 |
0 |
0 |
nee |
|
|
Vogelrichtljn (Richtlijn 79/409/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op de jacht met niet toegestane middelen, op niet toegestane dagen en tijdstippen en op niet toegestane plaatsen |
milieu |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
|
Vogelrichtljn (Richtlijn 79/409/EEG) |
Flora- en faunawet* |
art. 72 lid 5 en juncto art. 5, 6, 7 en 9 van Besluit beheer en schadebestrijding dieren |
Het verbod op jacht in strijd met vergunningsvoorwaarden of met niet toegestane (niet diervriendelijke) jachtmiddelen |
milieu |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
Grondwaterbescherming (Richtlijn 80/68/EEG) |
Het verbod op het lozen van niet huishoudelijk afvalwater of koelwater in of op de bodem zonder geldige vergunning |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
||
|
Zuiveringsslib (Richtlijn 86/278/Eeg) |
Het verbod op gebruik van zuiveringsslib op landbouwgrond, tenzij voldaan aan toetsingswaarden na bemonstering en analyse |
milieu |
3 |
0 |
1 |
nee |
||
|
Zuiveringsslib (Richtlijn 86/278/Eeg) |
Besluit kwaliteit en gebruik overige organische meststoffen |
Het verbod op het gebruik van vloeibaar zuiveringsslib als de maximaal toegestane hoeveelheid droge stof per hectare wordt overschreden |
milieu |
2 |
0 |
1 |
nee |
|
|
Zuiveringsslib (Richtlijn 86/278/Eeg) |
Besluit kwaliteit en gebruik overige organische meststoffen |
Het verbod op het gebruik van steekvast zuiveringsslib als de maximaal toegestane hoeveelheid droge stof per hectare wordt overschreden |
milieu |
2 |
0 |
1 |
nee |
|
|
Zuiveringsslib (Richtlijn 86/278/Eeg) |
Besluit kwaliteit en gebruik overige organische meststoffen |
Het verbod op het gebruik van zuiveringsslib op andere grond dan landbouwgrond of natuurterrein |
milieu |
3 |
0 |
1 |
nee |
|
|
Zuiveringsslib (Richtlijn 86/278/Eeg) |
Besluit kwaliteit en gebruik overige organische meststoffen |
Het verbod op het gebruik van zuiveringsslib op bevroren of besneeuwde grond |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Zuiveringsslib (Richtlijn 86/278/Eeg) |
Besluit kwaliteit en gebruik overige organische meststoffen |
Het verbod op het gebruik van zuiveringsslib als dit de gezondheid van dieren en mensen schaadt |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Zuiveringsslib (Richtlijn 86/278/Eeg) |
Besluit kwaliteit en gebruik overige organische meststoffen |
Het verbod op het gebruik van zuiveringsslib op natte of ondergelopen grond (waterverzadigde grond) |
milieu |
2 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Zuiveringsslib (Richtlijn 86/278/Eeg) |
Besluit kwaliteit en gebruik overige organische meststoffen |
Het verbod op het gebruik zuiveringsslib tegelijkertijd met het beregenen of bevloeien of infiltreren van de grond. |
milieu |
2 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Zuiveringsslib (Richtlijn 86/278/Eeg) |
Besluit kwaliteit en gebruik overige organische meststoffen |
Het verbod op het gebruik zuiveringsslib van 1 september t/m 31 januari |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Zuiveringsslib (Richtlijn 86/278/Eeg) |
Besluit kwaliteit en gebruik overige organische meststoffen |
De verplichting om zuiveringsslib emissiearm aan te wenden |
milieu |
2 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Zuiveringsslib (Richtlijn 86/278/Eeg) |
Besluit kwaliteit en gebruik overige organische meststoffen |
De verplichting om zuiveringsslib gelijkmatig over het perceel te verspreiden |
milieu |
2 |
0 |
0 |
nee |
|
|
Zuiveringsslib (Richtlijn 86/278/Eeg) |
Besluit kwaliteit en gebruik overige organische meststoffen |
Het verbod op het gebruik van zuiveringsslib op steile hellingen (> 7%) met geulenerosie (geulen > 30 cm diep) |
milieu |
2 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Zuiveringsslib (Richtlijn 86/278/Eeg) |
Besluit kwaliteit en gebruik overige organische meststoffen |
Het verbod op het gebruik van zuiveringsslib op niet beteelde gronden met een hellingspercentage van 7% of meer |
milieu |
2 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Zuiveringsslib (Richtlijn 86/278/Eeg) |
Besluit kwaliteit en gebruik overige organische meststoffen |
Het verbod op het gebruik op bouwland of braakland met een hellingspercentage van 18% of meer |
milieu |
2 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
Het verbod op gebruik van dierlijke meststoffen op natuurterrein en op andere grond dan landbouwgrond of natuurterrein |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
||
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
Besluit gebruik meststoffen |
Het verbod op het gebruik van dierlijke meststoffen of stikstofkunstmest op bevroren of besneeuwde grond |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
Besluit gebruik meststoffen |
Het verbod op het gebruik van dierlijke meststoffen of stikstofkunstmest op natte of ondergelopen grond (waterverzadigde grond) |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
Besluit gebruik meststoffen |
Het verbod op het gebruik van dierlijke meststoffen of stikstofkunstmest tegelijkertijd met het beregen of bevloeien of infiltreren van de grond |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
Besluit gebruik meststoffen |
Het verbod op het gebruik van dierlijke mest van 1 september t/m 31 januari |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
Besluit gebruik meststoffen |
Het verbod op het gebruik van stikstofkunstmest van 16 september t/m 31 januari |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
Besluit gebruik meststoffen |
Het verbod op omploegen van grasland in de gesloten periode |
milieu |
2 |
0 |
0 |
nee |
|
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
Besluit gebruik meststoffen |
De verplichting om de dierlijke mest emissiearm aan te wenden |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
Besluit gebruik meststoffen |
De verplichting om de dierlijke mest of stikstofkunstmest gelijkmatig over het perceel te verspreiden |
milieu |
2 |
0 |
0 |
nee |
|
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
Besluit gebruik meststoffen |
Het verbod op het gebruik van dierlijke mest of stikstofkunstmest op steile hellingen (> 7%) met geulenerosie (geulen > 30 cm diep) |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
Besluit gebruik meststoffen |
Het verbod op het gebruik van dierlijke mest op niet beteelde gronden met een hellingspercentage van 7% of meer |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
Besluit gebruik meststoffen |
Het verbod op het gebruik van stikstofkunstmest op niet beteelde gronden met een hellingspercentage van 7% of meer |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
Besluit gebruik meststoffen |
Het verbod op het gebruik van dierlijke mest of stikstofkunstmest op bouwland of braakland met een hellingspercentage van 18% of meer |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
Besluit gebruik meststoffen |
De verplichting omtrent de volgteelt van maïs op zand- en lössgronden |
milieu |
2 |
0 |
0 |
nee |
|
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
Het verbod op toepassing van meststoffen in de mestvrije zone of de mestvrije zone is niet gelijk aan de teeltvrije zone |
milieu |
3 |
0 |
0 |
nee |
||
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
art. 7 juncto artikelen 8 sub a en b, 9 en 10 en juncto artikelen 24, 25, 26 en 27 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet |
Het verbod in enig kalenderjaar op een bedrijf meststoffen op of in de bodem te brengen, tenzij de gebruiksnormen voor (dierlijke) mest en – indien van toepassing – de derogatiebepalingen in acht zijn genomen |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Nitraatrichtlijn (Richtlijn 91/676/EEG) |
art. 28 juncto artikelen 27, 29, 30 en juncto art. 36 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet |
De verplichting voldoende opslagcapaciteit voor dierlijke mest op het bedrijf te hebben die in de periode september t/m februari wordt geproduceerd |
milieu |
1 |
0 |
0 |
nee |
|
|
Habitatrichtlijn (Richtlijn 92/43/EEG) |
Het verbod op plukken, vernielen, in bezit hebben, verkopen, etc. van beschermde inheemse planten |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
||
|
Habitatrichtlijn (Richtlijn 92/43/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op doden, verstoren, in bezit hebben, verkopen etc. van beschermde inheemse diersoorten |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Habitatrichtlijn (Richtlijn 92/43/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op opzettelijk verstoren van beschermde inheemse diersoorten |
milieu |
2 |
1 |
0 |
ja |
|
|
Habitatrichtlijn (Richtlijn 92/43/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op het verstoren of vernielen van rustplaatsen of holen van beschermde inheemse dieren |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Habitatrichtlijn (Richtlijn 92/43/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op het rapen of bezitten van eieren van beschermde inheemse diersoorten. |
milieu |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Habitatrichtlijn (Richtlijn 92/43/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op het in bezit hebben van en handel in (producten van) beschermde inheemse of uitheemse dieren en planten |
milieu |
3 |
1 |
0 |
nee |
|
|
Habitatrichtlijn (Richtlijn 92/43/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op het in de vrije natuur uitzetten van dieren of het planten of uitzaaien van planten |
milieu |
3 |
1 |
0 |
nee |
|
|
Habitatrichtlijn (Richtlijn 92/43/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op het in bezit hebben van of handelen in niet toegestane jachtmiddelen |
milieu |
1 |
0 |
0 |
nee |
|
|
Habitatrichtlijn (Richtlijn 92/43/EEG) |
Flora- en faunawet* |
De verplichting goed jachthouder te zijn |
milieu |
2 |
1 |
0 |
nee |
|
|
Habitatrichtlijn (Richtlijn 92/43/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op het zich voor de jacht in het veld bevinden met niet toegestane jachtmiddelen en doden van beschermde dieren |
milieu |
2 |
0 |
0 |
nee |
|
|
Habitatrichtlijn (Richtlijn 92/43/EEG) |
Flora- en faunawet* |
Het verbod op de jacht met niet toegestane middelen, op niet toegestane dagen en tijdstippen en op niet toegestane plaatsen |
milieu |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
|
Habitatrichtlijn (Richtlijn 92/43/EEG) |
Flora- en faunawet* |
art. 72 lid 5 en juncto art. 5, 6, 7 en 9 van Besluit beheer en schadebestrijding dieren |
Het verbod op jacht in strijd met vergunningsvoorwaarden of met niet toegestane (niet diervriendelijke) jachtmiddelen |
milieu |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
I&R Dieren (Richtlijn 92/102/Eeg) |
art. 5 lid 1 sub a |
De verplichting varkens te merken voordat ze het bedrijf waar zij geboren zijn verlaten |
gezondheid |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
|
I&R Dieren (Richtlijn 92/102/Eeg) |
Het voldoen aan verplichte registratie als houder van dieren (geen of onjuist UBN) |
gezondheid |
3 |
0 |
0 |
nee |
||
|
I&R Dieren (Richtlijn 92/102/Eeg) |
Regeling identificatie en registratie van dieren |
De verplichting tijdig UBN mutaties te melden |
gezondheid |
2 |
0 |
0 |
nee |
|
|
I&R Dieren (Richtlijn 92/102/Eeg) |
Regeling identificatie en registratie van dieren |
Het gebruik van toegelaten oormerken voor varkens, runderen, schapen en/of geiten |
gezondheid |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
|
I&R Dieren (Richtlijn 92/102/Eeg) |
Regeling identificatie en registratie van dieren |
Het verbod op afname van oormerken voor varkens, runderen, schapen en/of geiten van een niet toegelaten leverancier |
gezondheid |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
|
I&R Dieren (Richtlijn 92/102/Eeg) |
Regeling identificatie en registratie van dieren |
Het verbod op zelf merken van varkens, runderen, schapen en/of geiten, tenzij is voldaan aan specifieke voorschriften |
gezondheid |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
|
I&R Dieren (Richtlijn 92/102/Eeg) |
Regeling identificatie en registratie van dieren |
De voorschriften ten aanzien van het (her)merken van varkens, runderen, schapen en/of geiten |
gezondheid |
2 |
0 |
0 |
nee |
|
|
I&R Dieren (Richtlijn 92/102/Eeg) |
Regeling identificatie en registratie van dieren |
Het verbod op het aanbieden, aannemen of in bezit hebben van merken van derden voor varkens, runderen, schapen en/of geiten |
gezondheid |
2 |
1 |
0 |
nee |
|
|
I&R Dieren (Richtlijn 92/102/Eeg) |
Regeling identificatie en registratie van dieren |
De verplichting in het bedrijfsregister oormerkverlies op te nemen o.v.v. oormerknummer en datum van verlies |
gezondheid |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
|
I&R Dieren (Richtlijn 92/102/Eeg) |
Regeling identificatie en registratie van dieren |
art. 31 lid 1 sub b, met uitzondering van onderdeel ‘soort varkens’ (3e gedachtenstreepje) en onderdeel ‘het certificeringnummer van het transportmiddel’ (7e gedachtenstreepje) |
De verplichting in het bedrijfsregister aan- en afvoer van varkens van het bedrijf op te nemen, m.u.v. soort varkens en certificeringnummer van het transportmiddel |
gezondheid |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
I&R Dieren (Richtlijn 92/102/Eeg) |
Regeling identificatie en registratie van dieren |
De verplichting om vervoersdocumenten bij het register te bewaren en het register drie jaar op het bedrijf te bewaren |
gezondheid |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
|
I&R Dieren (Richtlijn 92/102/Eeg) |
De verplichting om een dier waarvan vermoed kan worden dat het besmet is met een besmettelijke dierziekte of hier drager van kan zijn aan te melden bij de bevoegde ambtenaar |
gezondheid |
3 |
1 |
1 |
nee |
||
|
I&R Dieren (Richtlijn 92/102/Eeg) |
Gezondheids- en welzijnswet voor dieren |
Het verbod op verwijderen, vernietigen, beschadigen of onleesbaar maken van oormerken bij varkens, runderen, schapen en/of geiten |
gezondheid |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Uitvoering I&R runderen (Verordening (EG) 911/2004) |
Het verbod op export van runderen zonder geldig gezondheidscertificaat |
gezondheid |
3 |
1 |
0 |
nee |
||
|
I&R runderen (Verordening (EG) 1760/2000) |
art. 19 lid 1 tot en met de zinsnede ‘van verordening 911/2004’ |
De verplichting en termijnen die aangehouden moeten worden in het bedrijfsregister ten aanzien van de verplaatsing, geboorte en sterfte van runderen |
gezondheid |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
|
I&R runderen (Verordening (EG) 1760/2000) |
Regeling identificatie en registratie van dieren |
De verplichting om het bedrijfsregister schriftelijk of elektronisch bij te houden en ter plekke de gegevens per rund overzichtelijk te kunnen printen en het bedrijfsregister 3 jaar te bewaren |
gezondheid |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
|
I&R runderen (Verordening (EG) 1760/2000) |
art. 4 leden 1, 2 en 3 |
De verplichting alle op het bedrijf na 31 december 1997 geboren runderen evenals van buiten de EG ingevoerde dieren te voorzien van een oormerk in beide oren binnen 20 dagen vanaf de geboorte van het rund en in elk geval voordat het dier het bedrijf verlaat |
gezondheid |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
|
I&R runderen (Verordening (EG) 1760/2000) |
art. 7 lid 1, 2e gedachtenstreepje |
De verplichting en termijnen die aangehouden moeten worden voor meldingen aan het I&R-gegevensbestand ten aanzien van de verplaatsingen, geboorte en sterfte van runderen |
gezondheid |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
|
I&R schapen en geiten (Verordening (EG) 21/2004) |
art. 4 lid 1, 1e zin, en lid 4 |
De verplichting dat schapen en geiten geboren ná 9 juli 2005 uiterlijk 6 maanden vanaf de geboorte, doch in elk geval voordat ze het bedrijf waar ze zijn geboren verlaten, met tenminste één oormerk zijn gemerkt |
gezondheid |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
|
I&R schapen en geiten (Verordening (EG) 21/2004) |
art. 36 lid 1 tot aan het woord 'alsmede' |
De verplichting tot het bij- en actueel houden en het bewaren van het bedrijfsregister schapen en geiten |
gezondheid |
2 |
0 |
0 |
nee |
|
|
Gewasbescherming (Richtlijn 91/414/EEG) |
Het verbod andere dan toegelaten of geregistreerde bestrijdingsmiddelen te gebruiken |
gezondheid |
3 |
1 |
1 |
nee |
||
|
Gewasbescherming (Richtlijn 91/414/EEG) |
Bestrijdingsmiddelenwet 1962 |
Het verbod toegelaten of geregistreerde bestrijdingsmiddelen te gebruiken voor een andere doel dan waarvoor het middel is toegelaten of op een andere wijze dan bij toelating is voorgeschreven |
gezondheid |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Gewasbescherming (Richtlijn 91/414/EEG) |
Regeling verwijdering dompelvloeistof bloembollen en bloemknollen |
Het verbod op verwijdering van dompelvloeistoffen, tenzij op een manier dat de dompelvloeistof volledig wordt opgenomen |
gezondheid |
2 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Gewasbescherming (Richtlijn 91/414/EEG) |
De verplichting te beschikken over een gewasbeschermingsplan en een gewasbeschermingslogboek en deze laatste bij te houden |
gezondheid |
1 |
0 |
0 |
nee |
||
|
General Food Law (Verordening (EG) 178/2002) |
Het verbod diervoeders, toevoegingsmiddelen en voormengsels te bereiden, te be- of verwerken, te verpakken, te etiketteren, voorhanden of in voorraad te hebben, te vervoeren of in het verkeer te brengen |
gezondheid |
3 |
1 |
1 |
nee |
||
|
General Food Law (Verordening (EG) 178/2002) |
Kaderwet diervoeders |
De verbod diervoeders - met andere dan bij communautaire maatregel aangewezen bijzondere voedingsdoelen - voorhanden of in voorraad te hebben of in het verkeer te brengen |
gezondheid |
3 |
1 |
0 |
nee |
|
|
General Food Law (Verordening (EG) 178/2002) |
Het verbod om onveilige diervoeders of levensmiddelen in de handel te brengen of te voederen aan landbouwhuisdieren |
gezondheid |
3 |
1 |
1 |
nee |
||
|
General Food Law (Verordening (EG) 178/2002) |
De verplichting om eet- en drinkwaren die in de handel worden gebracht, deze veilig en in alle stadia van productie, verwerking en distributie traceerbaar te laten zijn |
gezondheid |
3 |
1 |
1 |
nee |
||
|
Hormonen & bèta-agonisten Richtlijn 96/22) |
Het verbod een niet geregistreerd diergeneesmiddel te bereiden, voorhanden of in voorraad te hebben, af te leveren of bij dieren toe te passen |
gezondheid |
3 |
1 |
1 |
nee |
||
|
Hormonen & bèta-agonisten Richtlijn 96/22) |
Diergeneesmiddelenwet |
Het verbod om door de minister aangewezen substanties voorhanden of in voorraad te hebben |
gezondheid |
2 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Hormonen & bèta-agonisten Richtlijn 96/22) |
art. 46 juncto art.81 lid 1 en art. 82 Diergeneesmiddelenregeling |
Verbod om genoemde substanties (o.a. met thyreostatische, oestrogene, androgene of gestagene werking of bèta-agonisten) toe te dienen aan landbouwhuisdieren of aquacultuurdieren |
gezondheid |
2 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Hormonen & bèta-agonisten Richtlijn 96/22) |
Regeling verbod handel met bepaalde stoffen behandelde dieren en producten** |
Het verbod om landbouwhuisdieren, verwerkte producten of vlees van dieren waaraan op enigerlei wijze stoffen met thyreostatische, oestrogene, androgene of gestagene werking alsmede ß-agonisten zijn toegediend, in de handel te brengen |
gezondheid |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
|
Hormonen & bèta-agonisten Richtlijn 96/22) |
Regeling verbod handel met bepaalde stoffen behandelde dieren en producten** |
De verplichting om alleen landbouwhuisdieren, verwerkte producten of vlees in de handel te brengen die zijn behandeld volgens de regels van de Diergeneesmiddelenwet |
gezondheid |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
|
Hormonen & bèta-agonisten Richtlijn 96/22) |
Verordening PVV Verbod op gebruik van bepaalde stoffen met hormonale werking en van bepaalde stoffen met thyreostatische werking, alsmede bèta-agonisten 1997 (2005-I)** |
art. 2 |
Het verbod om landbouwhuisdieren, verwerkte producten of vlees van dieren waaraan op enigerlei wijze stoffen met thyreostatische, oestrogene, androgene of gestagene werking alsmede ß-agonisten zijn toegediend, in de handel te brengen |
gezondheid |
3 |
0 |
0 |
nee |
|
Hormonen & bèta-agonisten Richtlijn 96/22) |
Verordening PVV Identificatie en registratie van paardachtigen (PVV) 2004 |
art. 2 lid 1 juncto art.4 lid 1 |
Het verbod paardachtigen ouder dan 7 maanden te houden die niet zijn voorzien van een geldig paspoort |
gezondheid |
2 |
1 |
0 |
nee |
|
MKZ (Richtlijn 2003/85/EEG) |
De verplichting (het vermoeden van) de aanwezigheid van MKZ bij runderen terstond te melden |
gezondheid |
3 |
1 |
1 |
nee |
||
|
Varkenspest (Richtlijn 92/119/EEG) |
Gezondheids- en welzijnswet voor dieren |
De verplichting (het vermoeden van) de aanwezigheid van varkenspest bij varkens terstond te melden |
gezondheid |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
Gezondheids- en welzijnswet voor dieren |
De verplichting (het vermoeden van) de aanwezigheid van BSE bij runderen terstond te melden |
gezondheid |
3 |
1 |
1 |
nee |
||
|
Het verbod om eiwitten of daarvan afgeleide producten afkomstig van zoogdieren, aan herhauwers te voeren evenals het verbod om gesmolten vet van herkauwers aan herkauwers te voeren. |
gezondheid |
3 |
1 |
1 |
nee |
|||
|
Bluetongue (Richtlijn 2000/75/EEG) |
De verplichting (het vermoeden van) de aanwezigheid van bluetongue bij varkens terstond te melden |
gezondheid |
3 |
1 |
1 |
nee |
||
|
Bodemerosie (Verordening (EG) 1782/2003) |
De verplichting een meer dan normale erosie te melden onder aangeving van de meest geschikte (combinatie van) landbouwkundige maatregelen om deze adequaat te bestrijden |
GLMC |
2 |
1 |
1 |
nee |
||
|
Bodemerosie (Verordening (EG) 1782/2003) |
Verordening HPA erosiebestrijding landbouwgronden 2003*** |
De verplichting tot uitvoering van maatregelen: – gerichte grondbewerking na elke oogst ter voorkoming van bodemerosie |
GLMC |
2 |
1 |
1 |
nee |
|
|
– wissen trekkersporen bij inzaaien bieten of maïs |
||||||||
|
– verplichte inzaai groenbemester op bouwland na teelt maïs en granen |
||||||||
|
– waterremmende voorziening realiseren aan onderzijde percelen |
||||||||
|
Bodemerosie (Verordening (EG) 1782/2003) |
Verordening HPA erosiebestrijding landbouwgronden 2003*** |
Het verbod op: – het telen van een erosiebevorderend gewas op hellingen met hellingspercentage van 2% of meer, tenzij met toepassing van specifieke voorschriften; |
GLMC |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
– andere exploitatie van de grond dan als grasland op hellingen met hellingspercentage van meer dan 18% |
||||||||
|
Bodemerosie (Verordening (EG) 1782/2003) |
Verordening HPA erosiebestrijding landbouwgronden 2003*** |
art. 6 juncto Besluit HPA voorschriften bedrijfserosieplan 2003 |
De verplichting uitvoering te geven aan een goedgekeurd bedrijfserosieplan, indien een ondernemer daarover beschikt. Bepaalde onderdelen van art. 4 en art. 5 zijn dan niet van toepassing |
GLMC |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
Bodemerosie (Verordening (EG) 1782/2003) |
De verplichting een meer dan normale erosie te melden onder aangeving van de meest geschikte (combinatie van) landbouwkundige maatregelen om deze adequaat te bestrijden |
GLMC |
2 |
1 |
1 |
nee |
||
|
Bodemerosie (Verordening (EG) 1782/2003) |
Verordening PT bestrijding erosie tuinbouwgronden 2004*** |
De verplichting tot uitvoering van maatregelen: – gerichte grondbewerking na elke oogst ter voorkoming van bodemerosie |
GLMC |
2 |
1 |
1 |
nee |
|
|
– wissen trekkersporen bij inzaaien bieten of maïs |
||||||||
|
– verplichte inzaai groenbemester op bouwland na teelt maïs en granen |
||||||||
|
– waterremmende voorziening realiseren aan onderzijde percelen |
||||||||
|
Bodemerosie (Verordening (EG) 1782/2003) |
Verordening PT bestrijding erosie tuinbouwgronden 2004*** |
Het verbod op: – het telen van een erosiebevorderend gewas op hellingen met hellingspercentage van 2% of meer, tenzij met toepassing van specifieke voorschriften; |
GLMC |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
|
– andere exploitatie van de grond dan als grasland op hellingen met hellingspercentage van meer dan 18% |
||||||||
|
Bodemerosie (Verordening (EG) 1782/2003) |
Verordening PT bestrijding erosie tuinbouwgronden 2004*** |
art. 6 juncto Besluit PT voorschriften bedrijfserosieplan 2003 |
De verplichting uitvoering te geven aan een goedgekeurd bedrijfserosieplan, indien een ondernemer daarover beschikt. Bepaalde onderdelen van art. 4 en art. 5 zijn dan niet van toepassing |
GLMC |
3 |
1 |
1 |
nee |
|
Bodemstructuur en organisch stofgehalte (Verordening (EG) 1782/2003) |
art. 7 lid 1 sub a en e, juncto art. 8 en 26 |
De verplichting een groenbemester te hebben op percelen die uit productie zijn genomen in het kader van de bedrijfstoeslagregeling (inzaaien voor 31 mei en niet voor 31 augustus vernietigen) |
GLMC |
2 |
0 |
0 |
nee |
Algemeen: De tekst in kolom ‘onderwerp van controle’ is slechts de verkorte essentie van de artikelen van het betreffende Nederlandse wetgevingskader. Deze kolom heeft daarmee uitsluitend de functie van toelichting. Uiteraard geldt bij controle en toepassen van kortingen de volledige tekst van de in de kolom ‘Artikel(en)’ genoemde artikelen uit de relevante regelgeving.
|
* |
Deze bepalingen zijn alleen van toepassing in de reeds aangewezen (Vogelrichtlijn) en de in de 2006 nog aan te wijzen gebieden (Habitatrichtlijn). |
|
** |
In geval de PVV-verordening niet (langer) van kracht is, gelden de bepalingen van de Regeling verbod handel met bepaalde stoffen behandelde dieren en producten: ze zijn elkaars vangnet. |
|
*** |
Deze verordeningen zijn van toepassing op land- en tuinbouwgronden voorzover deze geheel of gedeeltelijk zijn gelegen in de navolgende gemeenten: Eijsden, Maastricht, Meerssen, Stein, Sittard-Geleen, Beek, Schinnen, Nuth, Voerendaal, Simpelveld, Vaals, Gulpen-Wittem, Margraten, Valkenburg aan de Geul, Onderbanken, Brunssum, Landgraaf, Heerlen, Kerkrade. Deze zijn echter niet van toepassing op de hiervoor bedoelde land- en tuinbouwgronden, voor zover deze zijn gelegen: – in het watervoerend en waterbergend winterbed in het Maasdal; – in de inundatiegebieden van de rivier de Geul; – ten noorden van de wegen Sittard–Wehr en Sittard–Urmond. |
|
Milieu |
0 |
0% |
|
|
1 t/m 70 |
1% |
||
|
71 t/m 141 |
3% |
||
|
142 t/m 211 |
211 |
5% |
|
|
Gezondheid (dier, plant |
0 |
0% |
|
|
en mens) |
1 t/m 48 |
1% |
|
|
49 t/m 97 |
3% |
||
|
98 t/m 146 |
146 |
5% |
|
|
GLMC |
0 |
0% |
|
|
1 t/m 12 |
1% |
||
|
13 t/m 25 |
3% |
||
|
26 t/m 38 |
38 |
5% |
|
|
395 totaal |